Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR744222
Naar de door u bekeken versie
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR744222/1
Beleidsnota Leerplicht 2025 Lochem
Geldend van 25-09-2025 t/m heden
Intitulé
Beleidsnota Leerplicht 2025 Lochem1. Inleiding
Voor u ligt de beleidsnota leerplicht. In dit plan geven we aan hoe we kinderen en jongeren willen stimuleren gebruik te gebruik maken van het recht om onderwijs te volgen. En zich zo kunnen voorbereiden op deelname aan de samenleving, waaronder arbeidsmarktparticipatie. Directe aanleiding van deze beleidsnota is de raadsmotie van juli 2023 om het leerplichtbeleid, dat dateerde van 2011, te actualiseren.
In deze nota hebben we aandacht voor de meest recente Lochemse verzuimcijfers. Ook geven we de maatschappelijke ontwikkelingen weer, zoals meer aandacht voor leerrecht (in plaats van leerplicht) en de focus op schoolaanwezigheid (in plaats van verzuim). We hebben de doelen geactualiseerd met meer aandacht voor preventie en zorg. Deze doelen hebben we opgesteld in samenspraak met onze belangrijkste partners, zoals vertegenwoordigers van scholen en het samenwerkingsverband. Ook hebben we de doelen van ons beleid afgestemd met een vertegenwoordiging van ouders.
Deze nota sluit qua gedachtegoed aan bij het coalitieakkoord 2022-2026 waarin het college aangeeft te werken aan gelijkheid en kansen voor iedereen. In 2025 wordt ook een beleidsplan onderwijskansenbeleid opgeleverd, waarin we daar waar mogelijk is, een koppeling maken met het thema leerplicht/schoolaanwezigheid.
2. Wettelijk kader
Leerplichtwet
In de Leerplichtwet (1969) is vastgelegd dat jongeren tussen de 5 en 18 jaar verplicht zijn om onderwijs te volgen, totdat ze een startkwalificatie hebben. Een startkwalificatie is (minimaal) een diploma havo, vwo of mbo (niveau 2 of hoger). Voor leerlingen van 5 tot 16 jaar heet dit de leerplicht, voor jongeren tussen 16 en 18 jaar heet dit de kwalificatieplicht.
Doorstroompunt
Het Doorstroompunt heeft als doel voortijdig schoolverlaten te voorkomen bij jongeren tussen de 18 en 23 jaar die niet meer onder de leerplicht of kwalificatieplicht vallen. Het Doorstroompunt biedt ondersteuning aan jongeren die dreigen uit te vallen op school; jongeren die zonder startkwalificatie de school hebben verlaten; of jongeren die al langere tijd thuiszitten zonder startkwalificatie. De begeleiding richt zich op het terugkeren naar school, het vinden van een opleiding of werk, en het doorverwijzen naar passende hulp of oplossingen op andere leefgebieden, zoals zorg of schulddienstverlening
Deze aanpak wordt regionaal uitgevoerd binnen de Doorstroompunt-regio’s, voorheen bekend als de Regionale Meld- en Coördinatiefunctie (RMC)-regio’s. De gemeente Lochem maakt deel uit van de Doorstroompuntregio Stedendriehoek en vormt samen met de gemeente Zutphen een subregio binnen deze regio. Zutphen voert de Doorstroompunt-functie uit voor de gemeente Lochem.
De wettelijke taak om voortijdig schoolverlaten tegen te gaan is vastgelegd in de Wet op het voortgezet onderwijs, de Wet op de expertise centra en de Wet op Educatie en Beroepsonderwijs.
Van school naar duurzaam werk
Het wetsvoorstel Wet van school naar duurzaam werk versterkt de bestaande taak van het Doorstroompunt door jongeren niet alleen terug te leiden naar onderwijs, maar ook naar werk. Het doel van de wet is om jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt de juiste begeleiding en ondersteuning te geven richting economische zelfstandigheid. Dit gebeurt met vier samenhangende maatregelen:
- •
Scholen bieden aanvullende loopbaanbegeleiding tot een jaar na diplomering of het verlaten van de school in het beroepsonderwijs, praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs.
- •
De maximumleeftijd van de doelgroep van de Doorstroompunt-functie wordt verhoogd van 23 naar 27 jaar.
- •
Gemeenten krijgen in de Participatiewet een meer preventieve rol bij het ondersteunen van jongeren naar werk.
- •
Het wetsvoorstel stimuleert de samenwerking tussen onderwijs, Doorstroompunten en gemeenten op casusniveau en bij een regionaal programma.
Naar verwachting treedt het wetsvoorstel op 1 januari 2026 in werking.
Passend onderwijs
De Wet Passend Onderwijs zorgt ervoor dat alle leerlingen onderwijs krijgen dat aansluit bij hun kwaliteiten en behoeften. Dit kan op een gewone school of, bij intensieve begeleiding, op een school voor speciaal onderwijs. Scholen bieden basisondersteuning en hebben een zorgplicht, wat betekent dat zij verantwoordelijk zijn voor een passende plek voor elke leerling, binnen of buiten de eigen school. Om passend onderwijs mogelijk te maken, werken scholen binnen een Samenwerkingsverband (SWV) samen om te zorgen voor passend onderwijs. Een consulent Leerplicht kan hierin meedenken en ondersteunen bij het vinden van een passende oplossing.
Terugdringen verzuim
Ondanks alle inspanningen heeft de Wet Passend Onderwijs er niet toe geleid dat het aantal jongeren dat langdurig verzuimt en thuis zit, minder is geworden. Ook het aantal jongeren dat vrijgesteld is van leerplicht vanwege lichamelijke of psychische klachten blijft hoog. Daarom is het wetsvoorstel ‘Terugdringen Verzuim’ opgesteld. Het wetsvoorstel heeft als doel om het verzuim beter in beeld te krijgen, te voorkomen en terug te dringen. Daarnaast is het doel om het aantal vrijstellingen vanwege psychische of lichamelijke klachten terug te dringen. Het wetsvoorstel kent vijf pijlers:
- •
Scholen worden verplicht om een gedegen verzuimbeleid te voeren.
- •
Scholen worden verplicht om geoorloofd en ongeoorloofd verzuim te registreren. En dit te delen met gemeenten, Samenwerkingsverbanden en het Ministerie.
- •
Scholen mogen signalen van zorgelijk ongeoorloofd verzuim eerder delen met de consulent Leerplicht. (Eerder dan de huidige wettelijke grens voor een verplichte melding van 16 uur in vier weken).
- •
Als een arts, pedagoog of psycholoog een verklaring wil afgeven voor een vrijstelling van de leer- of kwalificatieplicht vanwege lichamelijke of psychische gronden is deze verplicht het onderwijskundig perspectief te betrekken.
- •
Bij het afgeven van deze vrijstelling is variatie mogelijk in de duur van de vrijstelling, zodat een jongere niet onnodig (lang) geen onderwijs volgt.
Naar verwachting treedt dit wetsvoorstel op 1 augustus 2025 in werking.
Inclusief onderwijs
De overheid streeft naar inclusief onderwijs, waarbij alle kinderen welkom zijn in het reguliere onderwijs en samen leren in een inclusieve omgeving dichtbij huis. Dit vergroot kansen en bevordert gelijke behandeling. Inclusief onderwijs sluit aan bij de bredere ontwikkeling naar een inclusieve samenleving, zoals vastgelegd in de Nationale strategie voor implementatie van het VN-verdrag handicap en de hervormingsagenda jeugd. Het doel is een sterke sociale basis en collectieve voorzieningen, zodat kinderen zoveel mogelijk kunnen meedoen en de juiste ondersteuning krijgen.
3. Trends en maatschappelijke ontwikkelingen
In Nederland is de leerplichtwet een belangrijk instrument om ervoor te zorgen dat alle kinderen toegang hebben tot onderwijs en zich optimaal kunnen ontwikkelen. De afgelopen jaren hebben diverse verschuivingen plaatsgevonden in het denken en handelen rondom leerplicht en verzuimaanpak. Hierbij is de focus steeds meer verschoven van handhaving naar zorg en preventie, met als uiteindelijk doel: het stimuleren van schoolaanwezigheid in plaats van enkel het bestrijden van verzuim. Hieronder beschrijven wij de belangrijkste trends en maatschappelijke ontwikkelingen.
3.1 Landelijke ontwikkelingen
Maatschappelijke Aanpak Schoolverzuim (MAS)
In 2017 is in samenwerking tussen ketenpartners zoals het Openbaar Ministerie (OM), de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK), Stichting Halt en Ingrado (Vereniging voor Leerplicht en Rmc), de Maatschappelijke Aanpak Verzuim (MAS) ontwikkeld. Deze aanpak legt de nadruk op preventie, vroegtijdige (jeugd)hulp en terug- en toeleiding naar passend onderwijs. In plaats van een puur strafrechtelijke benadering wordt maatwerk geboden: licht waar mogelijk, zwaarder waar nodig. Door ketensamenwerking en een integrale aanpak wordt schoolverzuim effectief aangepakt en de achterliggende oorzaken in beeld gebracht, om zo verdere problemen zoals schooluitval of maatschappelijke achterstand te voorkomen.
Een belangrijke pijler van de MAS is de vroege en intensieve samenwerking tussen ketenpartners Zodra er zorgsignalen worden waargenomen – zoals ziekmeldingen of te laat komen – wordt er zo snel mogelijk ingegrepen, met de nadruk op vrijwillige zorg en begeleiding. Wanneer deze preventieve aanpak niet voldoende blijkt, kunnen zwaardere maatregelen zoals strafrechtelijke of civielrechtelijke procedures worden ingezet, maar alleen als uiterste middel. Hiermee markeert de MAS een verschuiving van een handhavingsgerichte aanpak naar een meer zorggerichte benadering.
Van handhaving naar meer preventie
Een andere ontwikkeling is de verschuiving van handhaving naar meer preventie in de aanpak van schoolverzuim. Consulenten Leerplicht en Doorstroomcoaches worden vaak pas ingeschakeld wanneer verzuim al problematisch is, terwijl vroegtijdige signalen zoals ziekmeldingen of te laat komen eerder kunnen worden opgemerkt. Door hier preventief op in te spelen, kan langdurig verzuim worden voorkomen. Het doel is om schoolaanwezigheid te stimuleren en ervoor te zorgen dat alle kinderen en jongeren zoveel mogelijk aanwezig zijn in een veilige en ondersteunende leeromgeving. Deze aanpak vraagt om nauwe samenwerking tussen scholen, ouders en partners, waarbij preventie en vroegsignalering centraal staan.
Van verzuim naar aanwezigheid
De aanpak van schoolverzuim verschuift steeds meer van het registreren en aanpakken van afwezigheid naar het stimuleren van aanwezigheid. Dit betekent dat de focus niet alleen ligt op het tegengaan van problematisch verzuim, maar juist op het creëren van een schoolomgeving waarin jongeren graag en consequent aanwezig zijn. Het gaat hierbij om een brede benadering waarbij niet alleen de oorzaken van afwezigheid worden aangepakt, maar ook wordt gekeken naar hoe scholen een positief en stimulerend leerklimaat kunnen bieden. Hierbij spelen factoren zoals een veilige sfeer, persoonlijke aandacht en het betrekken van ouders een cruciale rol. De nadruk verschuift van het straffen van verzuim naar het belonen en ondersteunen van aanwezigheid, met als uiteindelijk doel dat leerlingen zich gezien en gewaardeerd voelen en optimaal kunnen leren en ontwikkelen.
3.2 Regionale ontwikkelingen
Regionale uitwerkingen van schoolaanwezigheid
In onze regio zijn er drie samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs waar de gemeente Lochem bij is aangesloten: IJssel | Berkel (voor basisonderwijs), Zutphen e.o. (voor voortgezet onderwijs), en Slinge-Berkel (voor voortgezet onderwijs, waaronder het Staring College). De samenwerkingsverbanden zijn verantwoordelijk voor het realiseren van een samenhangend geheel van voorzieningen voor extra ondersteuning, zodat kinderen een ononderbroken ontwikkelingsproces kunnen doormaken en leerlingen met extra ondersteuningsbehoeften een zo passend mogelijke plaats in het onderwijs krijgen.
Op regionaal niveau is er veel aandacht voor het bevorderen van schoolaanwezigheid.
Binnen het samenwerkingsverband IJssel-Berkel is in 2024 een schoolaanwezigheidspact opgesteld. Dit sluit aan op de nieuwe landelijke verzuimaanpak zoals voorgesteld in het wetsvoorstel ‘Terugdringen Verzuim’. In het pact staan afspraken over preventie van langdurig verzuim, zoals het versterken van een positief pedagogische klimaat op school. Ook het creëren van een gelijkwaardige samenwerking tussen kind, ouder en leerkracht is van belang. Tevens zijn er afspraken gemaakt over een goede verzuimregistratie door scholen. Ook bevat het pact afspraken om de regionale samenwerking te versterken met een duidelijke taakverdeling tussen school, het samenwerkingsverband, consulenten Leerplicht en ander betrokken partijen waaronder ouders.
In 2024 is door het samenwerkingsverband Voortgezet Onderwijs Zutphen een visie op schoolaanwezigheid opgesteld. Hierin staat centraal dat het belangrijk is dat kinderen met plezier naar school gaan en zich daar veilig voelen. De visie wordt nog nader uitgewerkt in concrete acties per sector (primair onderwijs (PO), voortgezet (speciaal) onderwijs (V(S)O) en het middelbaar beroepsonderwijs (MBO).
Het samenwerkingsverband Slinge-Berkel werkt het thema schoolaanwezigheid nog uit.
3.3 Lokale ontwikkelingen
Toepassing van de MAS
In Lochem vinden we het belangrijk om schoolverzuim niet alleen als een signaal van een probleem te zien, maar ook als een kans om passende ondersteuning te bieden. Daarom werken de consulenten Leerplicht volgens de MAS-methode, waarbij de focus ligt op preventie, samenwerking en maatwerk.
Bij een verzuimmelding initieert de consulent Leerplicht een onderzoek en monitort het vervolg, in overleg met de partners. De regie wordt lokaal afgestemd. Afhankelijk van de oorzaak van het verzuim, worden verschillende routes gevolgd, altijd met als doel de jongere terug te leiden naar passend onderwijs. Het gezamenlijke streven is het recht op onderwijs van de jongere, met één plan voor elk kind en gezin.
Preventie
In Lochem zetten we sterk in op een preventieve aanpak om schoolverzuim te voorkomen en schoolaanwezigheid te bevorderen. We geloven in de transitie van leerplicht naar leerrecht, waarbij de focus verschuift naar ondersteuning en het creëren van kansen voor jongeren. In 2024 en 2025 hebben we de formatie voor leerplicht kunnen uitbreiden met 0,67 fte om intensiever in te zetten op preventieve maatregelen, zoals vroegsignalering. Zo hebben we ingezet op informeren van ouders en leerlingen over leerplicht. Daarnaast worden er preventiespreekuren gehouden op middelbare scholen en wordt er gewerkt aan een betere samenwerking met scholen.
Integraal werken
Binnen de gemeente Lochem zetten wij sterk in op integraal werken. Wat de gemeente Lochem onderscheidt, is dat consulenten Leerplicht onderdeel uitmaken van team Jeugd met Gezin. Integraal werken betekent voor ons dat we intern en extern, met scholen en samenwerkingsverbanden, effectief samenwerken om de complexiteit van de vraagstukken van onze inwoners te begrijpen en op te lossen.
4. Lochemse cijfers
In dit hoofdstuk geven we een toelichting op de lokale cijfers rondom schoolverzuim en thuiszitters1 in de gemeente Lochem. Door deze specifieke gegevens in kaart te brengen, krijgen we inzicht in de omvang en aard van het probleem in onze gemeente.
Figuur 1 Aantal leer- en kwalificatieplichtigen in Lochem 2019-2024
Het totaal aantal leer- en kwalificatieplichtige leerlingen was in 2024 4.467. Daarmee is het aantal met 70 gedaald ten opzichte van het jaar daarvoor. Deze daling past in een trend die we al enkele jaren waarnemen. Het contact vanuit leerplicht is in de afgelopen jaren toegenomen. Dit percentage bedroeg in 2019-2020 2,4%; en steeg licht naar 3,2% in 2022-2023. Het betreft hier officiële meldingen van schoolverzuim die geregistreerd zijn door DUO.
Figuur 2: Leerplicht in cijfers 2019-2024
De verzuimcijfers laten enkele belangrijke trends zien. Het absolute verzuim2 blijft laag, met kleine schommelingen tussen 1 en 6 gevallen per jaar. Het relatief verzuim3 vertoonde in 2021-2022 een piek van 123 meldingen, maar is in 2023-2024 gestabiliseerd op 110, vergelijkbaar met jaren daarvoor. De verklaring voor de piek in relatief verzuim in 2021-2022 zou kunnen liggen in de nasleep van de COVID-19-pandemie. Gedurende deze periode ervaarden veel leerlingen onderwijsachterstanden, mentale gezondheidsproblemen en aanpassingsmoeilijkheden bij terugkeer naar fysiek onderwijs. Dit heeft mogelijk geleid tot een tijdelijke toename van afwezigheid.
Een opvallende ontwikkeling is de sterke toename van het aantal thuiszitters, dat in 2023-2024 steeg naar 11, terwijl dit in de jaren ervoor zeer laag bleef (maximaal 2). Dit komt door een betere registratie door de consulenten Leerplicht en het besef bij scholen om verzuim en thuiszitten tijdig en juist te melden.
Er waren het afgelopen schooljaar 20 leerlingen met een vrijstelling. Hiervan zijn er zes met een vrijstelling op basis van een lichamelijke of psychische beperking. Vier leerlingen kregen een vrijstelling omdat ze onderwijs in het buitenland volgen. Voor een aantal leerlingen is vrijstelling van de inschrijvingsplicht verleend omdat zij op een andere wijze voldoende onderwijs ontvangen. Een voorbeeld hiervan is als een jongere een interne bedrijfsopleiding volgt.
Figuur 3: voortijdig schoolverlaten 2018-20224
Uit de cijfers over voortijdige schoolverlaters5 (VSV) in onze gemeente blijkt dat het aantal nieuwe VSV’ers sterk is gedaald van 48 in 2018-2019 naar 24 en 23 in de twee daaropvolgende schooljaren, maar weer is gestegen naar 38 in 2021-2022. Een jaar na het schoolverlaten blijft een deel van deze jongeren VSV’er, met aantallen variërend van 16 in 2018-2019 en 2021-2022 tot 9-10 in de tussenliggende jaren. Deze groep jongeren wordt begeleid naar het Doorstroompunt. De oorzaak van de stijging is onbekend. Het aandeel jongeren dat na een jaar aan het werk is, daalde van 14 in 2018-2019 naar 9 in 2020-2021 en herstelde zich licht naar 11 in 2021-2022. Het aantal dat terugkeert naar school blijft grotendeels stabiel op 11, met uitzondering van 2018-2019, toen dit hoger was (18).
5. Uitgangspunten, visie en beleidsdoelen
Vanuit de wettelijke taken, maatschappelijke ontwikkelingen, lokale cijfers en gesprekken met partners en ouders, komen we tot de volgende uitgangspunten, visie en beleidsdoelen.
5.1 Uitgangspunten
Binnen de gemeente Lochem staan de volgende uitgangspunten centraal:
- •
We werken vanuit het belang van de jongere.
- •
We stimuleren de eigen kracht van de jongere en zijn gezin.
- •
We werken nauw samen met de jongere, ouders en netwerkpartners.
5.2 Visie
Wij vinden dat elk kind en elke jongere het recht heeft op onderwijs. En dat elk kind met plezier naar school gaat. We werken preventief en richten ons op schoolaanwezigheid. Een fijne en ondersteunende sfeer op school zorgt ervoor dat jongeren vaker naar school gaan en zich hier beter thuis voelen. Betrokkenheid van leerlingen bij school vergroot de schoolaanwezigheid en helpt te voorkomen dat leerlingen uitvallen of thuis komen te zitten.
5.3 Beleidsdoelen
Om een effectieve aanpak van schoolaanwezigheid en het voorkomen van voortijdig schoolverlaten te waarborgen, werken we aan het volgende hoofddoel:
Meer jongeren zijn op school aanwezig, minder jongeren verzuimen.
Dit hoofddoel vertalen we in vier subdoelen:
1. We stimuleren het gedachtegoed van schoolaanwezigheid
We stimuleren het omdenken van schoolverzuim naar schoolaanwezigheid. De focus op aanwezigheid in plaats van op verzuim is een cultuurverandering, die tijd kost. Dit vraagt om het creëren van bewustzijn bij scholen, ouders, leerlingen en leerplicht. Ouders moeten zich bewust zijn van het belang dat hun kind op school aanwezig is. Consulenten Leerplicht kunnen hierin een rol spelen door niet alleen te kijken naar de redenen waarom jongeren niet aanwezig zijn die bij de leerling liggen, maar ook naar redenen die in de directe omgeving van de jongere liggen (thuissituatie, pesten op school etc).
Scholen zijn primair zelf verantwoordelijk om te zorgen voor een positieve schoolcultuur waardoor jongeren meer aanwezig zijn. Consulenten Leerplicht kunnen een ondersteunende rol spelen door scholen te adviseren en mee te denken over gerichte interventies om schoolaanwezigheid te stimuleren en verzuim te voorkomen.
Als een jongere toch thuis komt te zitten, willen we dit vroegtijdig in beeld hebben. We streven ernaar dat een thuiszitter binnen drie maanden een passend aanbod van onderwijs en/of zorg ontvangt, conform de ambitie van het landelijk Thuiszitterspact 2020. In het schoolaanwezigheidspact Slinge-Berkel is afgesproken dat een leerling binnen 20 werkdagen een passend aanbod moet hebben. Als dit niet mogelijk is, kijken we naar (tijdelijke) alternatieven voor gewoon onderwijs. Belangrijk is dat de jongere in de tussentijd aangehaakt blijft op school en een alternatief onderwijsprogramma volgt. Overbrugging naar een passende schoolplek is geen reden voor het niet volgen van onderwijs. Uitgangspunt: op school, tenzij echt niet anders kan.
2. Signalen van verzuim worden vroegtijdig opgepakt
We houden een goede verzuimregistratie bij om te voorkomen dat leerlingen uit zicht raken. Door leerlingen in beeld te houden, weten zij dat ze het waard zijn om gezien te worden. Dit komt ten goede aan hun onderwijs en welzijn. Goede samenwerking tussen alle betrokken partijen hierbij is van belang. Allereerst moeten leerlingen (en hun ouders) zich zelf verantwoordelijk voelen om op school aanwezig te zijn. Scholen hebben een taak om met leerlingen (en hun ouders) hierover in gesprek te gaan. Het creëren van bewustzijn bij ouders en leerlingen over het belang van schoolaanwezigheid heeft ook de aandacht; zowel bij scholen als bij consulenten Leerplicht.
Ook blijven de consulenten werken volgens de (preventieve) Methodische Aanpak Schoolverzuim. Dit betekent dat signalen van verzuim snel worden opgepakt en opgevolgd door scholen, consulenten en andere betrokken partners. Consulenten Leerplicht gebruiken het jaarlijkse gesprek met scholen om samen te onderzoeken waar verbetermogelijkheden zijn.
3. We stimuleren scholen om meer aandacht te schenken aan (dreigend) ziekteverzuim
Ziekteverzuim is een onderdeel van geoorloofd verzuim. Dit wordt geregistreerd in de leerlingenadministratie, maar niet geanalyseerd. Gemeenten hebben dus geen beeld van het ziekteverzuim op scholen. Landelijk is er een vermoeden dat er een verband is tussen ziekteverzuim en schooluitval. Om hier meer inzicht in te krijgen, sluiten we aan bij de nieuwe landelijke verzuimaanpak die vanaf het schooljaar 2025-2026 ingaat, waarbij scholen verplicht worden geoorloofd verzuim, waaronder ziekteverzuim te registreren en (geaggregeerd op schoolniveau) te delen met gemeenten. Daarbij voldoen we uiteraard aan de AVG. In het jaarlijkse gesprek dat consulenten Leerplicht hebben met scholen wordt dit een nieuw agendapunt.
Door betere monitoring en registratie van het ziekteverzuim, kan er meer inzicht ontstaan in de oorzaken en gevolgen van het geoorloofd verzuim. Waar nodig kunnen we leerlingen vroegtijdig toeleiden naar (voorliggende voorzieningen voor) jeugdhulp waardoor we voorkomen dat kleinere problemen groter worden. De gezinscoach en consulent Leerplicht spelen hierin een belangrijke rol. Het is daarbij van belang dat scholen op de hoogte zijn van de sociale kaart met vrij toegankelijke jeugdvoorzieningen. En dat de gemeente ervoor zorgdraagt dat de sociale kaart up-to-date is.
We willen dat jongeren weten en voelen dat ze gezien worden bij aanwezigheid en daarmee gemist worden bij afwezigheid. Vanuit betrokkenheid informeert een mentor of aanwezigheidscoördinator naar het (meerdere keren) ziek zijn. Het is belangrijk om vroegtijdig het gesprek aan te gaan. Alleen dan kunnen we het verschil maken. Daarbij is het van belang dat ouders begrijpen dat het belangrijk is dat hun kind waar mogelijk aanwezig is op school. Signalen van verzuim worden vroegtijdig opgepakt
We houden een goede verzuimregistratie bij om te voorkomen dat leerlingen uit zicht raken. Door leerlingen in beeld te houden, weten zij dat ze het waard zijn om gezien te worden. Dit komt ten goede aan hun onderwijs en welzijn. Goede samenwerking tussen alle betrokken partijen hierbij is van belang. Allereerst moeten leerlingen (en hun ouders) zich zelf verantwoordelijk voelen om op school aanwezig te zijn. Scholen hebben een taak om met leerlingen (en hun ouders) hierover in gesprek te gaan. Het creëren van bewustzijn bij ouders en leerlingen over het belang van schoolaanwezigheid heeft ook de aandacht; zowel bij scholen als bij consulenten Leerplicht.
Ook blijven de consulenten werken volgens de (preventieve) Methodische Aanpak Schoolverzuim. Dit betekent dat signalen van verzuim snel worden opgepakt en opgevolgd door scholen, consulenten en andere betrokken partners. Consulenten Leerplicht gebruiken het jaarlijkse gesprek met scholen om samen te onderzoeken waar verbetermogelijkheden zijn.
4. Meer jongeren behalen een startkwalificatie
Dit doel is een afgeleid doel van de eerste drie subdoelen: als we hier succesvol zijn, zullen meer jongeren een startkwalificatie behalen. Om het vierde subdoel te behalen is het van belang om onze samenwerking met het Doorstroompunt te verbeteren. We herijken daarom in 2025 onze afspraken met het Doorstroompunt. We willen vooral dat ze eerder contact hebben met Lochemse jongeren en ze te stimuleren onderwijs te blijven volgen totdat ze een startkwalificatie hebben.
Een aantal jongeren is niet in staat om een startkwalificatie te behalen. Voor deze jongeren is het belangrijk dat zij een passende ondersteuning krijgen om voorbereid te zijn voor de arbeidsmarkt. Onderdeel van de afspraken met het Doorstroompunt wordt daarom een betere samenwerking met team Participatie als een jongere naar werk begeleid moet worden. Daarbij haken we ook aan bij het Wetsvoorstel Van School naar duurzaam werk’ die op 1 januari 2026 in werking zal treden waarbij het Doorstroompunt niet alleen de taak heeft om jongeren terug te leiden naar onderwijs, maar ook naar werk en duurzame economische zelfstandigheid.
We richten ons op middelbare scholen en ouders om leerlingen die niet langer het voortgezet onderwijs willen of kunnen volgen, te motiveren naar het mbo te gaan om zo toch een startkwalificatie te behalen. We zien hier ook een rol voor decanen. Ook kunnen we ouders meer bewust maken van de grote rol die zij spelen om hun kind te motiveren eerst een startkwalificatie te behalen voordat het gaat werken.
6. Organisatie
Om de bovenstaande doelen te realiseren, beschikken we over de volgende middelen:
Huidige formatie
Voor de uitvoering van het leerplichtbeleid beschikt de gemeente Lochem structureel over een formatie van 1,39 fte. Daarmee voldoen we aan de norm van Ingrado. Daarnaast is er tijdelijk, tot en met 2025, 0,67 fte beschikbaar voor een project gericht op preventie en vroegtijdige signalering. De consulenten Leerplicht hebben allemaal de vakopleiding Leerplichtambtenaar gevolgd en werken volgens een vastgestelde ambtsinstructie leerplicht. Daarnaast is een consulent Leerplicht ook Buitengewoon Opsporingsambtenaar (BOA).
De leerplichtadministratie is op orde
We beschikken over een goed leerlingvolgsysteem, waarmee we verzuimgegevens goed monitoren. Dit systeem zorgt voor tijdige meldingen van verzuim en geeft duidelijk inzicht in de oorzaken en frequentie van het verzuim.
Samenwerking en afstemming met partners
De consulenten Leerplicht werken nauw samen met scholen, zorginstanties en andere partners, zoals team Jeugd met Gezin (waaronder gezinscoaches op school) en team Participatie. Regelmatige afstemming en informatie-uitwisseling tussen deze partners zorgt ervoor dat verzuim tijdig wordt opgemerkt en adequaat wordt opgevolgd. Ook wordt er met veel partners in de regio samengewerkt, zoals met andere gemeenten, regionale onderwijsinstellingen, zorg- en welzijnsorganisaties en met het Doorstroompunt in Zutphen.
7. Financiën
Dit beleidsplan wordt uitgevoerd binnen de in de begroting opgenomen middelen voor leerplicht. In de Lochemse begroting zijn middelen opgenomen voor consulenten Leerplicht en middelen voor de uitvoering van de kwalificatieplicht. Voor de kwalificatieplicht ontvangt de gemeente jaarlijks een geoormerkte bijdrage van het rijk. Deze bijdrage was in 2024 € 42.432,74.
8. Monitoring
Ons hoofddoel is dat meer kinderen op school aanwezig zijn en minder kinderen verzuimen. Schoolaanwezigheid wordt echter niet geregistreerd, wel het aantal leerlingen dat verzuimt. Bij het monitoren zijn we afhankelijk van de beschikbare cijfers. We monitoren daarom het volgende:
- •
Het aantal meldingen ziekteverzuim per 1000 leerlingen (nadat het wetsvoorstel is ingetreden per schooljaar 2025/2026; hier is nog geen nulmeting);
- •
Het aantal meldingen relatief verzuim, absoluut verzuim en thuiszitters. We willen dat dit afneemt (aantal respectievelijk 5, 110 en 11, schooljaar 2023-2024);
- •
Het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters per schooljaar. We willen dat dit afneemt (aantal 38 in schooljaar 2021/2022);
We zijn ambitieus en hopen dat door ons beleid meer leerlingen op school aanwezig zijn, maar verbinden hier geen streefcijfers aan. We realiseren ons dat vooral de jongeren zelf, ouders en scholen invloed hebben op schoolafwezigheid en voortijdig schoolverlaten. De rol die de gemeente heeft om schoolaanwezigheid te vergroten, is vooral van stimulerende aard. Daarnaast is de ambtelijke capaciteit beperkt, waarbij we merken dat de complexiteit toeneemt. De zorgvragen nemen toe bij jongeren. En ouders zijn mondiger, hetgeen wij positief waarderen, maar daardoor vraagt dit meer van consulenten.
In 2024 heeft de raad een bedrag van 65.000 euro ter beschikking gesteld voor twee jaar (2024-2025) om meer focus aan te brengen op preventieve activiteiten. Dit project evalueren we in 2025, en we kijken of extra inzet nog nodig is. We informeren de raad over de resultaten.
We informeren de raad jaarlijks over de effecten van ons beleid via het leerplichtverslag en de Raadsmonitor sociaal domein.
Ondertekening
Noot
1Een thuiszitter is een leerplichtige jongere tussen de 5 en 16 jaar of een jongere van 16 of 17 jaar die valt onder de kwalificatieplicht en die ingeschreven staat op een school of onderwijsinstelling en zonder geldige reden meer dan 4 weken verzuimt.
Noot
2Van absoluut verzuim is sprake als een leerplichtige jongere tussen de 5 en 16 jaar of een jongere van 16 of 17 jaar die valt onder de kwalificatieplicht niet is ingeschreven op een school en ook niet vrijgesteld is van de inschrijvingsplicht.
Noot
3Van relatief verzuim is sprake als een op een school ingeschreven leer- of kwalificatieplichtige jongere ongeoorloofd afwezig is.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl