Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen op Zoom inhoudende Beleidsregels individuele inkomenstoeslag Participatiewet gemeente Bergen op Zoom 2025

Geldend van 29-08-2025 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-07-2025

Intitulé

Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen op Zoom inhoudende Beleidsregels individuele inkomenstoeslag Participatiewet gemeente Bergen op Zoom 2025

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen op Zoom;

Overwegende dat het noodzakelijk is regels vast te stellen ten aanzien van de krachten en bekwaamheden van een persoon alsmede de door hem geleverde inspanningen om tot inkomensverbetering te komen in relatie tot het recht op individuele inkomenstoeslag;

gelet op artikel 1: 3 lid 4 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 36 van de Participatiewet en hoofdstuk 7.3 van de Integrale Verordening Sociaal Domein Bergen op Zoom 2025

BESLUIT:

De Beleidsregels individuele inkomenstoeslag Participatiewet gemeente Bergen op Zoom 2025 vast te stellen.

Artikel 1. Begripsbepalingen

1. Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht.

2. In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

a. wet: Participatiewet;

b. verordening: Integrale Verordening Sociaal Domein Bergen op Zoom 2025;

c. het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen op Zoom.

Artikel 2. Recht op individuele inkomenstoeslag

1. Recht op een individuele inkomenstoeslag bestaat bij geen uitzicht op inkomensverbetering en het voldoen aan de overige voorwaarden als gesteld in de wet, de verordening en in deze beleidsregels.

2. Geen recht op een individuele inkomenstoeslag bestaat bij uitzicht op inkomensverbetering dan wel bij onvoldoende inspanningen om tot inkomensverbetering te komen.

3. De criteria als vermeld in lid 1 gelden bij gehuwden voor beiden.

Artikel 3. Geen zicht op inkomensverbetering

Geen uitzicht op inkomensverbetering wordt in ieder geval veronderstelt bij:

a. de persoon die een uitkering levensonderhoud op grond van de Participatiewet, Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) ontvangt en naar het oordeel van het college in de periode van 12 maanden onmiddellijk voorafgaand aan de maand van aanvraag de opgelegde arbeidsverplichtingen en inlichtingenplicht in voldoende mate is nagekomen;

b. de persoon die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is als bedoeld in artikel 9 lid 5 van de wet;

c. de persoon met een volledige arbeidsongeschiktheidsuitkering;

d. de persoon die op de peildatum een ontheffing van de arbeidsverplichting heeft.

Artikel 4. Inspanningen gericht op inkomensverbetering

Er is sprake van onvoldoende inspanningen om tot inkomensverbetering te komen als bedoeld in artikel 36, lid 2, sub b, van de wet, wanneer de persoon binnen 12 maanden voor de peildatum van de individuele inkomenstoeslag een boete of maatregel (verlaging van de uitkering) heeft gekregen op grond van de Participatiewet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers dan wel de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen.

Artikel 5. Onderzoek naar inspanningen in andere gevallen

Een persoon die in de referteperiode een ingezetene van Nederland is en in het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) heeft verbleven, kan in aanmerking komen voor individuele inkomenstoeslag. Ten aanzien van deze persoon wordt over de periode waarin hij of zij in het AZC verbleef geen onderzoek ingesteld naar de inspanningen om tot inkomensverbetering te komen.

Artikel 6. Hardheidsclausule

Door of namens het college kan met toepassing van artikel 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende worden afgeweken van deze beleidsregels, indien toepassing hiervan tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.

Artikel 7. Intrekken oude beleidsregels

De ‘‘beleidsregels individuele inkomenstoeslag Participatiewet’’ vervallen op 1 juli 2025.

Artikel 8. Inwerkingtreding en citeertitel

1. Deze beleidsregels treden in werking met terugwerkende kracht per 1 juli 2025.

2. Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als “Beleidsregels individuele inkomenstoeslag Participatiewet gemeente Bergen op Zoom 2025”.

3. De beleidsregels individuele inkomenstoeslag Participatiewet vervallen per 1 juli 2025.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de vergadering van 29 juli 2025

het college van burgemeester en wethouders van Bergen op Zoom,

secretaris

J. Perfors

burgemeester

drs. M. Mulder MSc.