Beeldkwaliteitsplan Kuinre - Overhavendijk

Geldend van 16-08-2025 t/m heden

Intitulé

Beeldkwaliteitsplan Kuinre - Overhavendijk

De raad van de gemeente Steenwijkerland;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 24-10-2023, nummer 2023-RAAD-00076;

besluit:

  • 1.

    Het Beeldkwaliteitsplan Kuinre - Overhavendijk vast te stellen.

  • 2.

    Dit beeldkwaliteitsplan voor deze specifieke locatie aan te merken als welstandsnota.

Overhavendijk Kuinre Beeldkwaliteitsplan

Plangebied

afbeelding binnen de regeling

Beschrijving

Het Beeldkwaliteitsplan Overhavendijk Kuinre heeft betrekking op het woningbouwplan ten oosten van de sportvelden in Kuinre.

In dit gebied komen rijwoningen, twee onder één kapwoningen en vrijstaande woningen. Het beeldkwaliteitplan geeft richting aan het uiterlijk van de te bouwen woningen.

Kleurgebruik

  • kleurstelling dakbedekking is donker (zwart, antraciet) en niet glimmend;

  • kleurstelling gevels is donker, pallet varieert van donkerrood tot donkerbruin.

afbeelding binnen de regeling

Dakkapel

Mijn dakkapel wordt geplaatst op het voordakvlak

Een dakkapel op het voordakvlak voldoet altijd aan redelijke eisen van welstand, als bij het bouwen van deze dakkapel wordt voldaan aan de welstandsregels voor vormgeving en kleur- en materiaalgebruik.

Vormgeving

  • een dakkapel is een ondergeschikte toevoeging in het voordakvlak;

  • een dakkapel staat minimaal 0,60 meter of minimaal 2 dakpannen uit deonder-, boven- en zijrand van het dakvlak;

  • meerdere dakkapellen op hetzelfde dakvlak van dezelfde woning staanuitsluitend naast elkaar en staan met de boven- en onderkant op dezelfdehoogte;

  • meerdere dakkapellen op hetzelfde dakvlak binnen een blok, rij of complexstaan bij voorkeur met de boven- en onderkant op dezelfde hoogte;

  • de hoogte van een dakkapel bedraagt niet meer dan 1,50 meter.

Kleur- en materiaalgebruik

  • het kleur- en materiaalgebruik van een dakkapel sluit bij voorkeur aan bijhet kleur- en materiaalgebruik zoals bij het gebouw, de rij of het complextoegepast zijn, waarbij:

    • het kleurgebruik van een dakkapel in ieder geval geen felle offluorescerende kleuren kent;

    • het materiaalgebruik van een dakkapel in ieder geval niet uitglimmende of spiegelende materialen, met uitzondering van glas inkozijnen en ramen aan de voorzijde van de dakkapel, en/of materialendie specifiek bedoeld zijn voor industriële bebouwing, zoalsbijvoorbeeld damwandprofielplaat, bestaat;

  • minimaal 50% van het oppervlak van de voorkant van een dakkapel bestaatuit glas.

afbeelding binnen de regeling

Mijn dakkapel wordt geplaatst op het zijdakvlak

Een dakkapel op het zijdakvlak voldoet altijd aan redelijke eisen van welstand, als bij het bouwen van deze dakkapel wordt voldaan aan de welstandsregels voor vormgeving en kleur- en materiaalgebruik.

Vormgeving

  • een dakkapel is een ondergeschikte toevoeging in het zijdakvlak;

  • een dakkapel staat minimaal 0,60 meter of minimaal 2 dakpannen uit deonder-, boven- en zijrand van het dakvlak;

  • meerdere dakkapellen in hetzelfde dakvlak staan uitsluitend naast elkaaren staan met de boven- en onderkant op dezelfde hoogte;

  • de hoogte van een dakkapel bedraagt niet meer dan 1,50 meter.

Kleur- en materiaalgebruik

  • het kleur- en materiaalgebruik van een dakkapel sluit bij voorkeur aan bijhet kleur- en materiaalgebruik zoals bij het gebouw, de rij of het complextoegepast zijn, waarbij:

    • het kleurgebruik van een dakkapel in ieder geval geen felle offluorescerende kleuren kent;

    • het materiaalgebruik van een dakkapel in ieder geval niet uitglimmende of spiegelende materialen, met uitzondering van glas inkozijnen en ramen aan de voorzijde van de dakkapel, en/of materialendie specifiek bedoeld zijn voor industriële bebouwing, zoalsbijvoorbeeld damwandprofielplaat, bestaat;

  • minimaal 50% van het oppervlak van de voorkant van een dakkapel bestaatuit glas.

afbeelding binnen de regeling

Mijn dakkapel wordt geplaatst op het achterdakvlak

Een dakkapel op het achterdakvlak voldoet altijd aan redelijke eisen van welstand, als bij het bouwen van deze dakkapel wordt voldaan aan de welstandsregels voor vormgeving en kleur- en materiaalgebruik.

Vormgeving

  • een dakkapel staat minimaal 0,60 meter of minimaal 2 dakpannen uit deonder-, boven- en zijrand van het dakvlak;

  • meerdere dakkapellen op hetzelfde dakvlak van dezelfde woning staanuitsluitend naast elkaar en staan met de boven- en onderkant op dezelfdehoogte;

  • meerdere dakkapellen op hetzelfde dakvlak binnen een blok, rij of complexstaan bij voorkeur met de boven- en onderkant op dezelfde hoogte;

  • de hoogte van een dakkapel bedraagt niet meer dan 1,75 meter.

Kleur- en materiaalgebruik

  • het kleur- en materiaalgebruik van een dakkapel sluit bij voorkeur aan bijhet kleur- en materiaalgebruik zoals bij het gebouw, de rij of het complextoegepast zijn, waarbij:

    • het kleurgebruik van een dakkapel in ieder geval geen felle offluorescerende kleuren kent;

    • het materiaalgebruik van een dakkapel in ieder geval niet uitglimmende of spiegelende materialen, met uitzondering van glas inkozijnen en ramen aan de voorzijde van de dakkapel, en/of materialendie specifiek bedoeld zijn voor industriële bebouwing, zoals

afbeelding binnen de regeling

Aan- of uitbouw

Een aan- of uitbouw van een hoofdgebouw voldoet altijd aan redelijke eisen van welstand, als bij het bouwen van deze aan- of uitbouw wordt voldaan aan de welstandsregels voor kleur- en materiaalgebruik. In het bestemmingsplan zijn regels opgenomen die de positie en de afmetingen van een aan- of uitbouw bepalen.

Kleur- en materiaalgebruik

  • het kleur- en materiaalgebruik van een aan- of uitbouw sluit bij voorkeuraan bij het kleur- en materiaalgebruik zoals bij het gebouw, de rij of hetcomplex toegepast zijn, waarbij:

    • het kleurgebruik van een aan- of uitbouw geen felle of fluorescerendekleuren kent;

    • het materiaalgebruik van een aan- of uitbouw niet uit glimmende ofspiegelende materialen, met uitzondering van glas in kozijnen, ramenen deuren, en/of materialen die specifiek bedoeld zijn voor industriëlebebouwing, zoals bijvoorbeeld damwandprofielplaat, bestaat.

  • minimaal 50% van het oppervlak van de voorkant van een aan- of uitbouwbestaat uit glas.

afbeelding binnen de regeling

Overkapping

Een overkapping aan een hoofdgebouw voldoet altijd aan redelijke eisen van welstand, als bij het bouwen van deze overkapping wordt voldaan aan de welstandsregels voor kleur- en materiaalgebruik. In het bestemmingsplan zijn regels opgenomen die de positie en de afmetingen van een aan- of uitbouw bepalen.

Kleur- en materiaalgebruik

  • het kleur- en materiaalgebruik van een overkapping aan het hoofdgebouwsluit bij voorkeur aan bij het kleur- en materiaalgebruik zoals bij hetgebouw, de rij of het complex toegepast zijn, waarbij:

    • het kleurgebruik van een overkapping geen felle of fluorescerendekleuren kent;

    • het materiaalgebruik van een overkapping niet uit glimmende ofspiegelende materialen, met uitzondering van glas in kozijnen, ramenen deuren, en/of materialen die specifiek bedoeld zijn voor industriëlebebouwing, zoals bijvoorbeeld damwandprofielplaat, bestaat.

afbeelding binnen de regeling

Bijgebouw of overkapping

Een vrijstaand bijgebouw of overkapping bij een hoofdgebouw voldoet altijd aan redelijke eisen van welstand, als bij het bouwen van dit gebouw wordt voldaan aan de welstandsregels voor kleur- en materiaalgebruik. In het bestemmingsplan zijn regels opgenomen die de positie en de afmetingen van een vrijstaand bijgebouw of overkapping bepalen.

Kleur- en materiaalgebruik

  • het materiaalgebruik van een vrijstaand bijgebouw of overkapping bestaatniet uit glimmende of spiegelende materialen, met uitzondering van glas inkozijnen, ramen en deuren, en/of materialen die specifiek bedoeld zijn voorindustriële bebouwing, zoals bijvoorbeeld damwandprofielplaat;

  • het kleurgebruik van een vrijstaand bijgebouw of overkapping kent geenfelle of fluorescerende kleuren.

afbeelding binnen de regeling

Erfafscheiding

Een erfafscheiding voldoet altijd aan redelijke eisen van welstand, als bij het bouwen van deze erfafscheiding wordt voldaan aan de welstandsregels voor kleur- en materiaalgebruik. In het bestemmingsplan zijn regels opgenomen die de positie en de afmetingen van een erfafscheiding bepalen.

Kleur- en materiaalgebruik

  • het materiaalgebruik van een erfafscheiding bestaat niet uit glimmendeof spiegelende materialen en/of materialen die specifiek bedoeld zijn voorindustriële bebouwing, zoals bijvoorbeeld damwandprofielplaat;

  • het kleurgebruik van een erfafscheiding kent geen felle of fluorescerendekleuren.

Beplanting

  • Erfafscheidingen grenzend aan openbaar gebied uitvoeren in streekeigenbeplanting, of een open hekwerk met klimplanten, zoals bijvoorbeeld beuk,haagbeuk, liguster, meidoorn en veldesdoorn.

afbeelding binnen de regeling

Gevelindeling

Een wijziging van de gevel van een hoofdgebouw voldoet altijd aan redelijke eisen van welstand, als bij het wijzigen van de gevelindeling wordt voldaan aan de welstandsregels voor kleur- en materiaalgebruik.

Kleur- en materiaalgebruik

  • het kleur- en materiaalgebruik van een gevelwijziging sluit bij voorkeuraan bij het kleur- en materiaalgebruik zoals bij het gebouw, de rij of hetcomplex toegepast zijn, waarbij:

    • het kleurgebruik van een van een gevelwijziging geen felle offluorescerende kleuren kent;

    • het materiaalgebruik van een gevelwijziging niet uit glimmende ofspiegelende materialen, met uitzondering van glas in kozijnen, ramenen deuren, en/of materialen die specifiek bedoeld zijn voor industriëlebebouwing, zoals bijvoorbeeld damwandprofielplaat, bestaat.

afbeelding binnen de regeling

Algemene regels

Afwijken van de welstandsregels

Afwijken op inhoudelijke gronden

Het college van burgemeester en wethouders kan op inhoudelijke grond afwijken van de welstandsregels indien zij tot het oordeel komt dat de van toepassing zijnde welstandsregels niet juist zijn geïnterpreteerd, of dat naar het oordeel van het college niet de juiste welstandsregels zijn toegepast. Voordat het besluit tot het verlenen van de omgevingsvergunning wordt genomen, maar binnen de daarvoor geldige afhandelingstermijn, wordt een second-opinion gevraagd bij een (andere) onafhankelijke adviescommissie. Deze second-opinion speelt een zware rol bij de verdere oordeelsvorming van het college van burgemeester en wethouders. Indien het college van burgemeester en wethouders op inhoudelijke grond afwijkt van het welstandsregels wordt dit in de beslissing op de aanvraag van de omgevingsvergunning gemotiveerd.

Afwijken om andere redenen

Het college van burgemeester en wethouders heeft volgens artikel 2.10 lid 1d Wabo de mogelijkheid om bij strijd van een bouwplan met de welstandsregels, toch een omgevingsvergunning te verlenen indien het college van oordeel is dat daarvoor andere redenen zijn, bijvoorbeeld van economische of maatschappelijke aard. Deze afwijking wordt in de beslissing op de aanvraag van de omgevingsvergunning gemotiveerd.

Welstandsregels voor excessen

Voorkomende gevallen

Er is sprake van een exces als een bouwwerk niet voldoet aan met één of meerdere van de volgende welstandsregels:

  • a.

    een bouwwerk sluit zich visueel of fysiek af voor zijn omgeving;

  • b.

    een ingreep in een bestaand bouwwerk ontkent of vernietigt architectonische bijzonderheden van het bestaande bouwwerk;

  • c.

    een bouwwerk doorbreekt doet een te grove inbreuk op wat in de omgeving gebruikelijk is (zie daarvoor de gebiedsgerichte regels);

  • d.

    een bouwwerk is uitgevoerd glimmende of spiegelende materialen of materialen die niet zijn bedoeld als bouwmaterialen;

  • e.

    een bouwwerk is uitgevoerd in felle of fluorescerende kleuren;

  • f.

    het bouwwerk heeft door verwaarlozing en verval een negatieve invloed op de omgeving.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 19 december 2023,

De raad voornoemd,

De griffier,

A. Ten Hoff

de voorzitter,

J.H. Bats