Beleidsregel handhaving verkeerd aanbieden afval

Geldend van 01-09-2025 t/m heden

Intitulé

Beleidsregel handhaving verkeerd aanbieden afval

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Voorschoten

overwegende:

  • dat huishoudelijke afvalstoffen die verkeerd worden aangeboden zorgen voor vervuiling, overlast en verloedering binnen de gemeente;

  • dat het verkeerd aanbieden van afval in strijd is met de Afvalstoffenverordening en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit;

  • dat op grond van artikel 125 van de Gemeentewet en de afdelingen 5.3.1 en 5.3.2 van de Algemene wet bestuursrecht, het college in het kader van de bestuurlijke handhaving bevoegd is tot het opleggen van een last onder bestuursdwang en een last onder dwangsom;

  • dat gezien de negatieve gevolgen van het verkeerd aanbieden van afvalstoffen een spoedeisend belang gemoeid is met de directe verwijdering van verkeerd aangeboden afvalstoffen en de gemeente daarom gebruik maakt van de toepassing van (spoed)bestuursdwang (waarbij de kosten op de overtreder worden verhaald);

  • dat de wens bestaat herhaaldelijke overtreders strenger te straffen door het opleggen van een last onder dwangsom of strafrechtelijke handhaving toe te passen;

  • dat in het kader van de evenredigheid in dit beleidsstuk, indien mogelijk, ook wordt gewerkt met waarschuwingen.

gelet op:

de Gemeentewet, artikelen 125 en 160 eerste lid sub a;

de Algemene wet bestuursrecht, artikel 4:81 en afdeling 5.3.1 en 5.3.2;

de Afvalstoffenverordening gemeente Voorschoten;

het Uitvoeringsbesluit Afvalstoffenverordening gemeente Voorschoten.

besluit:

vast te stellen de Beleidsregel handhaving verkeerd aanbieden afval.

Artikel 1 Toezichthouders en afvalcoach

  • 1.

    Er zijn toezichthouders afval aangewezen op grond van de Algemene wet bestuursrecht.

  • 2.

    Er is een afvalcoach afvalinzameling werkzaam binnen de gemeente. De afvalcoach afvalinzameling heeft een aanvullende rol ten opzichte van de boa’s en richt zich op de preventie, voorlichting en het stimuleren van gewenst gedrag bij inwoners.

Bij het onjuist aanbieden van (huishoudelijke) afvalstoffen wordt de volgende beleidslijn in acht genomen:

Artikel 2 Handhaving heterdaad

  • 1. Indien een overtreding op heterdaad wordt geconstateerd, zal de toezichthouder een waarschuwing geven of bestuursrechtelijk handhaven. Ook kan gekozen worden om strafrechtelijk te handhaven. Dit hangt af van de omstandigheden van het geval en zal door de toezichthouder ter plaatse worden bepaald.

  • 2. Bij bestuursrechtelijke handhaving zal de overtreder eerst de mogelijkheid krijgen om de verkeerd ter inzameling aangeboden afvalstoffen binnen een korte redelijke begunstigingstermijn op de juiste wijze af te voeren.

  • 3. Wanneer de overtreder bij bestuursrechtelijke handhaving weigert om de afvalstoffen binnen de begunstigingstermijn op juiste wijze af te voeren, zal reguliere bestuursdwang worden toegepast. Hierbij wordt een mondelinge zienswijze gevraagd en vervolgens zullen de afvalstoffen spoedig worden verwijderd.

  • 4. Het is ook mogelijk om bij handhaving op heterdaad te kiezen om strafrechtelijk te handhaven.

Artikel 3 Handhaving niet heterdaad

  • 1. Spoedeisende bestuursdwang zal worden toegepast bij het niet op heterdaad constateren van afvalstoffen die onjuist zijn aangeboden. Gelet op het spoedeisend belang worden overtreders bij niet heterdaad situaties niet in de gelegenheid gesteld om vooraf een zienswijze in te dienen en wordt spoedeisende bestuursdwang toegepast zonder begunstigingstermijn. De kosten worden verhaald op de overtreder.

  • 2. Bij recidive wordt er opnieuw spoedeisende bestuursdwang toepast.

  • 3. Voordat spoedeisende bestuursdwang wordt toegepast, wordt eerst gepoogd contact te leggen met de overtreder. Indien contact mogelijk is wordt, afhankelijk van de omstandigheden van het geval, een waarschuwing gegeven of wordt bestuursrechtelijk gehandhaafd. Indien contact niet mogelijk is, wordt direct overgegaan tot de toepassing van spoedeisende bestuursdwang.

  • 4. Dit sluit niet uit dat bij handhaving op niet heterdaad ook strafrechtelijk gehandhaafd kan worden. Dit hangt af van de omstandigheden van het geval.

Artikel 4 Last onder dwangsom

  • 1. Bij recidive binnen twee jaar wordt er, naast de toepassing van spoedeisende bestuursdwang, ook een last onder dwangsom opgelegd van € 500,- per overtreding (met een maximum van € 2.500,-), welke bij een volgende overtreding van rechtswege wordt verbeurd.

  • 2. Bij niet betaling van deze kosten vindt invordering van het bedrag plaats overeenkomstig het bepaalde in titel 4.4 (bestuurlijke geldschulden) van de Algemene wet bestuursrecht.

  • 3. Dit sluit niet uit dat bij de toepassing van een last onder dwangsom ook strafrechtelijk gehandhaafd wordt als dit nodig blijkt. Dit hangt af van de omstandigheden van het geval.

Artikel 5 Toezenden beschikkingen en waarschuwingen

  • 1. De beschikking tot oplegging van (spoedeisende) bestuursdwang en een last onder dwangsom, gebaseerd op een door een toezichthouder opgesteld rapport van bevindingen met daarin opgenomen foto’s van de geconstateerde overtreding, wordt na het ongedaan maken van de overtreding zo spoedig mogelijk door de gemeente aan de overtreder toegezonden.

  • 2. Ook een eventuele waarschuwing, gebaseerd op een door een toezichthouder opgesteld rapport van bevindingen met daarin opgenomen foto’s van de geconstateerde overtreding, wordt op schrift gesteld en wordt na het ongedaan maken van de overtreding zo spoedig mogelijk door de gemeente aan de overtreder toegezonden.

Artikel 6 inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. Deze beleidsregel treedt in werking vanaf 1 september 2025.

  • 2. Deze beleidsregel wordt aangehaald als “handhavingsbeleid afval gemeente Voorschoten”.

Ondertekening

vastgesteld op 15 juli 2025

het college van burgemeester en wethouders van Voorschoten,

E.A. van Wattingen,

gemeentesecretaris

mw. drs. N. Stemerdink,

burgemeester