Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR743188
Naar de door u bekeken versie
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR743188/1
Geldend van 01-08-2025 t/m heden
1. Inleiding
1.1 Een omgevingsvisie
Wat voor gemeente willen we zijn in 2040?
Den Ilp, Landsmeer en Purmerland vormen samen een groen landelijke gemeente in een prachtig oer-Hollands veenweidelandschap. We hechten veel waarde aan het eigen karakter van de drie dorpen. Wel komt er van alles op ons af waar we iets mee moeten. Mens en maatschappij veranderen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de grote woningbehoefte, de bereikbaarheid, het veranderende klimaat, duurzaamheid en veiligheid. We hebben op een aantal gebieden in de fysieke leefomgeving een opgave, waaronder aanpassing aan klimaatverandering, het vergroten en versterken van de biodiversiteit (rijkdom aan planten en dieren), het verbeteren van de mobiliteit en gezondheid. Niets doen is geen optie. Hier moeten we wat mee. Hoe geven we op een Ilper, Landsmeerse en Purmerlandse wijze invulling aan de opgaven waar we voor staan?
In de Omgevingsvisie staan de ambities voor onze gemeente. Niet alleen wat we willen verbeteren, maar ook de bijzondere kwaliteiten waar we trots op zijn en die we zo willen houden en beschermen. De Omgevingsvisie is een integrale visie op hoe we de fysieke leefomgeving van Landsmeer op de langere termijn willen ontwikkelen, gebruiken en beheren. Deze blik op de toekomst geeft de hoofdzaken aan van wat we in Landsmeer willen bereiken. Het gaat over het hele grondgebied van de hele gemeente en over alle ruimtelijke thema’s zoals: wonen en werken, mobiliteit, recreëren en sport, natuur en erfgoed. Maar ook over de grote opgaven van deze tijd zoals: sociale vraagstukken, duurzaamheid, klimaat, veiligheid en gezondheid.

Waarom nu een nieuwe Omgevingsvisie?
Onze vorige stip op de horizon staat in de Toekomstvisie uit 2013. Na ruim 10 jaar was het een goed moment om opnieuw vooruit te kijken. Er is nieuw beleid en er zijn trends en ontwikkelingen waar we rekening mee moeten houden. Gemeenten zijn bovendien verplicht om een Omgevingsvisie (voorheen structuurvisie) op te stellen. Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Deze wet vervangt alle regels en wetten voor ruimtelijke ordening, bouwen, milieu, water en infrastructuur. De Omgevingsvisie is één van de instrumenten van de Omgevingswet.
In artikel 1.3 van de Omgevingswet staat: “Deze wet is, met het oog op duurzame ontwikkeling, de bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het leefmilieu, gericht op het in onderlinge samenhang:
-
a.
bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit, en
-
b.
doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften.”
Het gaat dus niet alleen om (inrichten van) ruimte maar ook om de maatschappelijke en economische doelen. We willen ruimte voor maatschappelijke ontwikkelingen in Landsmeer, voor wonen, recreëren, werken, et cetera. De belangrijkste vraagstukken zijn de woningbehoefte, de bereikbaarheid, onze recreatieve rol in de regio en hoe we onze opgaven op een gezonde, groene, klimaatadaptieve en dorpse landelijke manier invullen.

1.2 Hoe ziet de visie eruit en wat moet hij doen?
De visie vertelt het verhaal van de gemeente Landsmeer. We geven aan waar we trots op zijn en wat we zo willen houden – onze identiteit en kernkwaliteiten, ofwel ons DNA. Naast beschermen, geven we ook aan wat we willen aanpassen of transformeren en ontwikkelen. We stemmen ons beleid af op ander beleid en projecten. We starten niet blanco en Landsmeer is geen eiland.
We hebben de visie thematisch en gebiedsgericht uitgewerkt en kijken daarbij door naar 2040. Het thematische deel geldt voor meerdere gebieden of het hele grondgebied van onze gemeente. Het gebiedsgerichte deel doet beleidsuitspraken die voor specifieke gebieden of locaties gelden en geven we aan op de visiekaart. We stellen onszelf de vraag wat we in de verschillende gebieden (dorpen, lint, centrum, natuurgebied, et cetera) willen bereiken. En ook hoe we deze doelen en ambities op een gezonde en dorpse manier willen realiseren.
Uit het thematische beleid en het beleid voor de verschillende gebieden volgt waar opgaven en ambities kunnen landen. Hiermee willen we duidelijkheid geven over wat we willen beschermen en wat we willen ontwikkelen. Tot slot geven we in een uitvoeringsparagraaf aan hoe we onze ambities willen realiseren en hoe we met initiatieven omgaan.
De Omgevingsvisie doet beleidsuitspraken op hoofdlijnen; het is een kaderstellend document. Verdere uitwerking van de visie staat al in bestaand actueel beleid of nemen we op in nieuw op te stellen beleid of programma’s of in het omgevingsplan.

1.3 Hoe is de omgevingsvisie tot stand gekomen
Algemeen
Het opstellen van de Omgevingsvisie ging in drie stappen:
-
a.
Uitgangspositie en focus aanbrengen
-
b.
Participatie Focusdocument
-
c.
Uitbouwen Focusdocument naar Omgevingsvisie en vaststellingsprocedure
Bij alle stappen hebben we inwoners en belangenvertegenwoordigers, onze ketenpartners, de ambtelijke organisatie en het gemeentebestuur betrokken.
Uitgangspositie en focus aanbrengen
We zijn gestart met het updaten van onze uitgangspositie. Er zijn bestaande dorpen en een lint in een waardevol oer-Hollands landschap. Er zijn regionale afspraken en er is al het nodige beleid en nieuw beleid in ontwikkeling. We weten op hoofdlijnen wat de inwoners, belangengroepen en onze ketenpartners belangrijk vinden. Dit hebben we op basis van een diverse bijeenkomsten vanaf eind 2020 verzameld en in de toenmalige ‘Tussenversie Omgevingsvisie‘ opgeschreven. Daarna heeft het proces enige tijd stilgelegen maar de tijd heeft niet stilgestaan. Zo zijn bijvoorbeeld de kernkwaliteiten van Landsmeer op 23 februari 2023 door de gemeenteraad vastgesteld en komen er nieuwe opgaven op ons af.
Voor de opstelling van het Focusdocument hebben we samen met de gemeenteraad, een ambtelijke werkgroep en onze ketenpartners onderzocht of alle actuele opgaven, belangen, trends en ontwikkelingen goed in beeld zijn. Dit diende als basis voor het vervolg van het proces, omdat het duidelijk maakte waar nog discussie nodig was en wat al vastlag.
Gezien de vele opgaven waar Landsmeer voor staat, moesten keuzes worden gemaakt en prioriteiten worden gesteld. Niet alles is overal mogelijk of even belangrijk. We hebben hierover gesprekken gevoerd met de gemeenteraad, de ambtelijke organisatie en onze ketenpartners.
Participatie Focusdocument
De belangrijkste onderwerpen zijn op een rij gezet in het zogeheten Focusdocument, dat op 30 mei 2024 door de gemeenteraad is vrijgegeven voor participatie. Het doel van de participatie over het Focusdocument was om bij de verschillende doelgroepen te checken of de voorgestelde keuzes uit het Focusdocument op voldoende draagvlak kunnen rekenen. We hebben op diverse manieren geparticipeerd om daarmee iedereen de mogelijkheid te bieden mee te denken en de meningen te peilen. Wat hebben we gedaan:
-
Een digitale enquête voor alle inwoners die door ruim 1.000 mensen is ingevuld. Om de jeugd actief te betrekken bij de participatie is elke jongere in de leeftijd van 15 tot 25 jaar met een persoonlijke brief aangeschreven. Hierbij zijn zij gevraagd de digitale enquête in te vullen en uitgenodigd bij de pizza-sessie. Dit verklaart het relatief hoog aantal respondenten in de groep 15 tot 25-jarigen;
-
Goed bezochte inloopbijeenkomsten in de drie kernen (in Den Ilp, in Purmerland en twee keer in Landsmeer);
-
Een korte enquête onder ruim 100 mensen bij een marktkraam tijdens de vrijdagmarkt;
-
Lessen met enquête onder groepen 8 binnen de gemeente (11-12 jaar);
-
Jeugd bevragen tijdens een pizza-sessie (15-25 jaar);
-
Drie themasessies met belanghebbenden: maatschappelijke organisaties, ondernemers en (sport)verenigingen.
We hebben door deze uitgebreide participatieronde een scherper beeld gekregen van wat onze inwoners belangrijk vinden. De uitkomsten staan in bijlage 1. De belangrijkste hoofdlijnen uit de participatie zijn als volgt samengevat:
Breed gedragen visie op woningbouw
Uit de inloopbijeenkomsten en digitale enquête blijkt dat de inwoners van Landsmeer,
Den Ilp en Purmerland overwegend positief staan tegenover woningbouw, met name aan
de randen van de dorpen en bij de entree van Landsmeer.
De meningen over verplaatsing van het sportveld in Purmerland zijn verdeeld. Er is
weerstand tegen het verplaatsen van sportvelden in Landsmeer ten behoeve van woningbouw.
Over de verplaatsing van de sporthal in Landsmeer zijn de meningen verdeeld. Sportverenigingen
geven aan dat de huidige locatie niet ideaal is.
Er is een duidelijke voorkeur voor betaalbare woningen voor starters, gezinnen en
ouderen. Echter, hoger bouwen (meer dan vier verdiepingen) wordt door een meerderheid
afgewezen, vanwege zorgen over behoud van het dorpse karakter. De voorkeur gaat uit
naar rijwoningen en appartementen met een lichte voorkeur voor huurwoningen.
Verbetering mobiliteit en bereikbaarheid
De meningen over mobiliteit zijn verdeeld. Er is positieve steun voor maatregelen die meer ruimte geven aan fietsers en voetgangers ten koste van de auto, maar een deel van de inwoners blijft bezorgd over parkeerproblemen. De toevoeging van een extra ontsluiting bij de kern Landsmeer krijgt brede steun. Er is ook een wens voor meer controle op snelheidsovertredingen en uitbreiding van de 30 km/u-zones.
Recreatie, toerisme en natuur
De uitbreiding van dagrecreatie en recreatieve routes binnen de gemeente wordt overwegend positief ontvangen. Toch bestaat er weerstand tegen extra recreatieve activiteiten die tot meer drukte kunnen leiden. Voor veel inwoners heeft woningbouw prioriteit boven andere functies, zoals overnachtingsmogelijkheden voor toeristen, hoewel ondernemers hier genuanceerder over denken. Daarnaast zien bewoners kansen om de biodiversiteit in de gemeente te vergroten, wat goed aansluit bij de ambities op het gebied van duurzaamheid en natuurinclusief bouwen.
Duurzaamheid en klimaatadaptatie
De participanten geven aan dat de gemeenschap gezamenlijk meer moet doen op het gebied van duurzaamheid, zoals het verminderen van fossiele brandstoffen en het verduurzamen van de leefomgeving. Dit wordt breed ondersteund, met de verwachting dat de gemeente Landsmeer een actieve rol speelt in het aanpakken van duurzaamheidsuitdagingen.
Jeugd en jongeren
Jeugd en jongeren uiten vooral wensen voor betere sport- en recreatiefaciliteiten, zoals voetbalvelden en visplekken. Ook worden meer winkels gewenst. Er is geen meerderheid onder jongeren voor het verplaatsen van sportvelden zodat daar woningen kunnen worden gebouwd.
Algemene conclusie
In het algemeen kunnen we concluderen dat er een brede steun is voor dorpse woningbouw, mits dit zorgvuldig wordt ingepast met aandacht voor ruimtelijke kwaliteit, bereikbaarheid en leefbaarheid. Ook duurzaamheid en dagrecreatie worden gezien als belangrijke pijlers voor de toekomstige ontwikkeling van Landsmeer.
Uitbouwen Focusdocument naar ontwerp Omgevingsvisie en vaststellingsprocedure
De participatie heeft geleid tot waardevolle inzichten die als basis dienden voor de uitwerking van het Focusdocument naar de ontwerp Omgevingsvisie. We hebben het concept ontwerp met de gemeenteraad besproken, de reacties verwerkt en hebben het ontwerp vervolgens zes weken ter inzage gelegd. Iedereen kon hierop een zienswijze indienen.
De zienswijzen zijn beantwoord en samen met een voorstel ter vaststelling aan de gemeenteraad aangeboden. De gemeenteraad stelt vervolgens de Omgevingsvisie – al dan niet gewijzigd – vast. Tenslotte wordt de Omgevingsvisie via het Digitaal Stelsel Omgevingswet(DSO) en op onze website gepubliceerd.
1.4 Leeswijzer
Hoofdstuk 2 Identiteit gaat over de identiteit van de gemeente Landsmeer: onze kernkwaliteiten, onze plek in de regio en waar we naartoe willen op hoofdlijnen; onze algemene ambitie voor 2040. Ook geven we aan wat er op ons afkomt. Deze uitgangspunten zijn vervolgens in hoofdstuk 3. Visie thematisch en 4. Visie gebieden respectievelijk per thema en per gebied uitgewerkt. Tot slot gaat hoofdstuk 5. Uitvoering in op de uitvoering. Hier staat hoe we onze doelen en ambities samen willen realiseren.

2 Identiteit
2.1 Inleiding
In dit hoofdstuk beschrijven we wat kenmerkend is voor de identiteit van de gemeente Landsmeer en hoe we die willen beschermen:
-
De kwaliteiten van de gemeente Landsmeer, ons DNA;
-
Hoe we die kwaliteiten beschermen;
-
Onze plek in de regio en onze stip op de horizon; en
-
De opgaven die we met behoud van onze identiteit moeten invullen.

2.2 Kernkwaliteiten (DNA) van de gemeente Landsmeer
Algemeen
Kernkwaliteiten, kernwaarden en ambities zijn de fundering van de visie en het handelingsperspectief voor de lange termijn. Wie zijn wij als gemeente Landsmeer? Wat vinden we belangrijk? Wat zijn onze ambities? De beantwoording van deze vragen is de basis voor onze keuzes en aanpak voor de toekomst. Met het verhaal van Landsmeer en de kernkwaliteiten die in het participatietraject zijn opgehaald is hiervoor een mooie aanzet gegeven.
Kernkwaliteiten
Landsmeer onderscheidt zich in de Metropoolregio Amsterdam als ‘oer-Hollandse’ gemeente waar water, historie en natuur samen komen. Van oudsher waren veel gebieden moerassig en niet geschikt om te wonen of voor landbouw in te zetten. Hierdoor heeft de natuur altijd veel ruimte gekregen en kronkelen watergangen door het landschap. Het lint met de dorpen loopt hier als een ruggengraat doorheen.
De kernkwaliteiten zijn op 23 februari 2023 door de gemeenteraad vastgesteld. Deze willen we behouden en versterken. Dat betekent dat nieuwe ontwikkelingen hieraan geen afbreuk mogen doen en bij voorkeur een bijdrage daaraan moeten leveren:
-
De kernkwaliteiten zijn de optelsom van de kwaliteiten van de drie individuele kernen;
-
Door de eeuwen heen hebben het landschap, de inwoners en de samenleving in dit gebied een ontwikkeling doorgemaakt die de gemeente maakt tot wat ze vandaag de dag is;
-
Den Ilp, Landsmeer en Purmerland kennen ieder hun eigen historie, hebben hun eigen karakter en kennen historisch bepaalde, soms vergelijkbare kwaliteiten.
Ruimtelijke kwaliteiten gemeente
-
Groen: dorpskernen tussen natuur. Het groengebied Purmerland in het noorden (onderdeel van Natuurnetwerk Nederland), het Ilperveld en het Twiske (natuur- en recreatiegebied, onderdeel van Natura 2000). En in het zuiden het Landsmeerderveld.
-
Waterrijk: het Ilperveld is een uniek veenweidegebied met honderden eilanden trilveen, rust en weidevogels. Het Twiske is een geliefde plek voor ontspanning en recreatie. We hebben te maken met een spanningsveld tussen bodemdaling en het agrarisch landgebruik. Een voortdurende zoektocht in de strijd met water op een ecologisch, economisch en maatschappelijk verantwoorde manier.
-
Dorps en landelijk karakter: dorps in ruimtelijke en sociale zin, in een bijzonder landschap (open zichtlijnen en zichtbare geschiedenis in strijd met het water).
-
Een lint van dorpen: een langgerekt lint, onregelmatige strookverkaveling, doorzichten/vergezichten, authentieke huizen, stolpen, rust en ruimte: grote cultuurhistorische en landschappelijke waarde. Ontwikkelingen zijn mogelijk die daarin passen.
Economische kwaliteiten
-
Belangrijke voorzieningen zijn dichtbij. Er is essentiële detailhandel en kleinschalige horeca in het centrum van Landsmeer. Inwoners van de kleine kernen zijn meer gericht op de voorzieningen in Purmerend. De bestaande voorzieningen worden gekoesterd (bedrijven, verenigingen, speelvelden). Werk is ‘om de hoek’.
-
De economie is kleinschalig en innovatief: in de kern Landsmeer is detailhandel, horeca en de eierfabriek. Er is sprake van een sterke binding tussen het bedrijfsleven en de samenleving. We hebben een kleine vitale agrarische sector die ook een rol vervult in natuurbeheer. Er is weinig fysieke ruimte voor nieuwe bedrijvigheid.
-
Landsmeer drijft op rust, kleinschalige recreatie en kwaliteitstoerisme: toegang tot natuur en rustige recreatie, de charme is regionaal bekend (veel fietsers, wandelaars, waterrecreanten en natuurliefhebbers). Het bewaken van de balans tussen rust en recreatie is een uitdaging.
Sociaal culturele kwaliteiten
-
Een hechte gemeenschap die voor elkaar zorgt en naar elkaar omziet (mantelzorg, vrijwilligers, snel gehecht aan de omgeving, veilig, geringe overlastmeldingen, mogelijkheden om mee te doen).
-
Een rijk en gevarieerd verenigingsleven (veel sport- en cultuurverenigingen).
-
Een rijke en interessante historie (lintbebouwing, langgerekte kavels, het veenweidegebied, een kleinschalige en innovatieve economie, de gemeenschapszin en bedrijvigheid, een aantal Rijks- en gemeentelijke monumenten aan m.n. Noordeinde en Dorpsstraat).
-
Een hoge arbeidsparticipatie. Er zijn veel zelfstandig ondernemers.
Ruimtelijke kwaliteiten kern Purmerland
-
Een dorp met een weids, dorps, groen en plattelands karakter. Met ruimte en rust (bijvoorbeeld door het inrijverbod in de spits), en tractoren.
-
Dorpse voorzieningen: voetbalvereniging SC Purmerland, speelgelegenheden voor kinderen, de begraafplaats, het pontje bij Ilpendam, het aanzicht (de kerkklok).
Ruimtelijke kwaliteiten kern Den Ilp
-
Rustig, landelijk wonen in de nabijheid van de stad. Het dorps karakter, het lint, geen grote woonwijken erbij, ontmoetingsplekken, een mentaliteit om van elkaar te willen leren kennen en elkaar gedag zeggen.
-
Dorpse voorzieningen: dorpshuis De Wije Ilp, basisschool De Fuik, (sport)verenigingen, café de Drie Zwanen, het groen, het Ilperveld en Het Twiske, de Speelsloot.
Ruimtelijke kwaliteiten kern Landsmeer
-
Vele voorzieningen en verenigingsleven, het dorps karakter met eigen dialect, de ligging dichtbij Amsterdam en Purmerend. Het groen en blauw wordt erg gewaardeerd, met name Het Twiske en Ilperveld.
-
De dorpse en gemeentelijke voorzieningen: het zwembad, sport- en cultuurverenigingen, ontmoetingsplek SamenMeer in Landsmeer, de markt op vrijdag, de bibliotheek, de gemeentewerf, het zorgloket (Middelpunt), de Lokale Omroep Landsmeer.

2.3 Bescherming van kwaliteiten: speelveld / beleidskader
De Omgevingsvisie is niet op een leeg vel papier opgesteld. We hebben te maken met vastgesteld beleid van andere overheden waar we rekening mee moeten houden. Ook hebben we zelf beleid opgesteld dat relevant is voor de Omgevingsvisie. Dat hebben we betrokken bij het opstellen van de Omgevingsvisie. Daarbij geldt dat wij ons lokaal richten op die zaken waar we lokaal het verschil kunnen maken en dat we overige taken vooral regionaal organiseren.
In de provinciale Omgevingsverordening zijn specifieke gebiedsgerichte kaders aangegeven waar we ons aan moeten houden. De kern Landsmeer en Den Ilp worden door de provincie beschouwd als stedelijk gebied. De rest van het grondgebied is aangemerkt als landelijk gebied. Het lint is grotendeels omringd door natuur (natuurnetwerk). Er komt vanuit de provincie vanaf januari 2025 meer beleidsmatige ruimte voor woningbouw. Onder voorwaarden is er ruimte aan de randen van de dorpen en kernen om de leefbaarheid, vitaliteit en het voorzieningenniveau te versterken. Uitbreidingen moeten passen bij de identiteit en omvang van de gemeente en regio en moeten inspelen op de regionale woonbehoefte. Ook langs de dorpslinten ontstaat ruimte voor maatwerk. Het gaat om hoogwaardige ruimtelijke inpassing met oog voor de landschappelijke kwaliteit van het gebied. Specifieke waarden, zoals water, groen en biodiversiteit, moeten terugkomen in de uitwerking van het initiatief. Als je waarden weghaalt, dan moet je deze compenseren.
In het Regionaal Waterprogramma geeft de provincie aan hoe zij zich inzet voor een goede waterkwaliteit, het op peil houden van de watervoorraad en de bescherming tegen overstromingen. In het Waterplan voor de middellange termijn staat de koers en de opgaven waar het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier zelf en met anderen aan werkt. De Waterschapsverordening bevat de regels die het hoogheemraadschap hanteert om de watergangen, waterkeringen en wegen binnen het beheergebied te beschermen. Landsmeer heeft te maken met slappe veenbodems en een hoge waterstand. Dat vraagt om aangepaste nieuwbouw en inrichting van de openbare ruimte.
Water en bodem zijn randvoorwaardelijk bij nieuwe ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving. Door het Rijk, de provincie en het Hoogheemraadschap zijn hiervoor richtlijnen uitgewerkt in bodem- en landschapskaarten. Deze kaarten geven aan waar het handig en verstandig is om te bouwen en waar je dat beter niet kunt doen. In de gemeente Landsmeer vragen water, bodem en klimaatverandering om een flinke inspanning waarbij meerdere partijen zich moeten inzetten om tot een klimaatadaptieve ontwikkeling te komen.
Landsmeer heeft regionaal afspraken gemaakt over gemeente-overstijgende thema’s, zoals goed wonen, recreatie, mobiliteit, de klimaatadaptatie en de energie- en warmtetransitie. Landsmeer werkt bijvoorbeeld nauw samen met het hoogheemraadschap op het gebied van klimaatadaptatie.
Onze gemeentelijke beleidsfocus ligt op het behoud van het dorpse en landelijke karakter. Dat gaat bijvoorbeeld over de bebouwingsstructuur en de groenstructuur in de dorpen en linten en de zichtbare verbinding met het veenweidegebied. En het gaat over mensen. Dat wil zeggen dat er veel aandacht is voor ontmoeting en sociale infrastructuur. Ook ligt de focus op de woningbehoefte van onze inwoners. Daar zijn nu te weinig mogelijkheden voor. Verder wordt ingezet op het verduurzamen van de gemeente: energietransitie en klimaatadaptatie. Daarnaast is integrale veiligheid een overkoepelend beleidspunt.
2.4 Onze plek in de regio

Landsmeer is een landelijke gemeente met een prachtig oer-Hollands veenweidelandschap, een waardevol lint en daarin kleinschalige dorpen waar je prettig en rustig kan wonen. We hechten veel waarde aan behoud van deze eigenheid. Een groot deel van het gebied is beschermd als cultuurlandschap of als natuur. Het nadeel van onze ligging in de groeiende metropool en het mooie landschap is dat het voor starters nu vrijwel onmogelijk is om in Landsmeer te blijven wonen. Er zijn bijna geen mogelijkheden voor woningbouw en de sturingsmogelijkheden om te bouwen voor eigen inwoners zijn beperkt. Hiermee komt de leefbaarheid en vitaliteit onder druk te staan. Wij hebben ook weinig ruimte voor werkgelegenheid, maar er is veel werk in de buurt. Landsmeer ligt op een steenworp afstand van de grootste stad van Nederland. In Amsterdam zijn alle grootstedelijke voorzieningen en werkgelegenheid voor handen. Ook is de OV-bereikbaarheid met metrostation Noord sterk verbeterd. Landsmeerders doen hun voordeel met deze voorzieningen en kunnen tegelijkertijd wonen in een rustige landelijke omgeving. Landmeer is dus niet voor niets een zeer populaire woongemeente.
Andersom zijn er veel inwoners uit de stad die net als de Landsmeerders graag in onze omgeving ontspannen en recreëren. Als je vanuit Amsterdam onder de A10 doorgaat, kom je in een andere wereld. Een landelijke wereld met meer uitzicht en dorpse bebouwing, ruimte om te fietsen, wandelen en varen in een mooie groene en cultuurhistorisch aantrekkelijke omgeving. Dit enorme contrast is zeer waardevol.
Landsmeer vervult van oudsher al een functie als regionaal recreatiegebied. Hiervoor is destijds bijvoorbeeld Het Twiske aangelegd, dat inmiddels een dubbele rol heeft als recreatie- en natuurgebied met een belangrijke functie binnen de metropoolregio. Dit recreatiegebied delen we met de gemeente Oostzaan en maken binnen het recreatieschap Twiske-Waterland afspraken over het evenredig verdelen van de toenemende recreatieve druk. Wij vinden het belangrijk dat er ruimte is voor recreatie, maar ook rustige gebieden waar de natuur het belangrijkste is. Omdat de vraag naar recreatie toeneemt, gaan we met alle partners in gesprek over het geleiden daarvan op een zodanige manier dat recreatie en natuur in balans blijven. Hierbij denken we aan het optimaliseren van fiets-, wandel- en vaarroutes en een betere ontsluiting met het OV die recreanten naar geschikte gebieden leidt.
De randen van het dorp zijn vaak zoekgebied voor functies die niet (meer) in het dorp passen, maar ook voor nieuwe infrastructuur en voorzieningen die nodig zijn voor de energietransitie of het verminderen van de netcongestie. Zo hebben we al te maken met geluidsoverlast van de A10 en twee hoogspanningsverbindingen (ten noorden van de A10 en bij Purmerland). Als nieuwe infrastructuur onvermijdelijk is, dan moet dit op een zodanige plek en een landschappelijke manier worden ingepast dat het de mogelijkheden voor woningbouw bij de entree van niet (verder) beperkt. Wij zien in Landsmeer gelet op het waardevolle landschap en de functie als regionaal recreatiegebied geen mogelijkheden voor windturbines, zonnevelden, nieuwe hoogspanningsverbindingen of grote hoogspanningsstations.

2.5 Stip op de horizon
Een aantrekkelijke en vitale landelijke woongemeente
Onze stip op de horizon is dat wij een aantrekkelijke en vitale landelijke woongemeente willen blijven. Dit willen wij bereiken door verduurzaming, energietransitie, dorpse woningbouw (kwaliteitsverbetering, herstructurering, intensivering, in- en uitbreiding op een dorpse schaal en maat). Hierbij moet ruimte zijn om voorzieningen mee te laten groeien. Het contrast met Amsterdam willen we behouden en benutten. Tegelijkertijd streven we naar een goede verbinding met de voorzieningen en werkgelegenheid in de stad, terwijl we een aantrekkelijke, rustige recreatieve omgeving bieden die in balans is met de natuur. Bij nieuwe ontwikkelingen moet sprake zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Dat betekent dat we ons richten op het versterken van een sociaal en fysiek veilige en gezonde leefomgeving. Met gezond bedoelen we bijvoorbeeld schoon, groen, biodivers, beweegvriendelijk en ontmoeting bevorderend.
Conclusie op basis van onze identiteit: samen komen we verder
De fysieke en sociale opgaven van Landsmeer zijn verbonden met de regio en daar liggen
ook kansen. Als kleine gemeente hebben we daarom onze buurgemeenten en onze samenwerkingspartners
in de regio Zaanstreek-Waterland en de Metropoolregio Amsterdam hard nodig. We werken
constructief samen en benutten kennis en kunde van al onze partners. Wij onderzoeken
sinds een aantal jaren de mogelijkheden om te fuseren met omliggende gemeenten. Het
is voor een kleine gemeente namelijk lastig om het almaar groter wordende takenpakket
uit te voeren. Aan de andere kant heeft een kleine gemeente ook voordelen, zoals korte
lijntjes tussen inwoners en bestuur. Versterking is nodig om de wettelijke taken en
ambities waar te maken.

2.6 Behoud identiteit bij invullen opgaven
Er is veel moois om te behouden en te beschermen. Tegelijkertijd komen er verschillende opgaven op de gemeente Landsmeer af, zoals de woningbouwopgave en de toenemende behoefte aan recreatie. Daarnaast spelen ook opgaven waar alle gemeenten in Nederland mee te maken hebben en waarvoor de gemeente Landsmeer een integrale afweging moet maken. Het gaat onder andere om de omschakeling naar een klimaatadaptieve leefomgeving, de energietransitie en gezondheid. Landsmeer is een groenlandelijke gemeente dicht bij de grote stad. De ruimte is kostbaar en ontwikkelingen moeten goed worden afgewogen, zeker ook om de bestaande kwaliteit en daarmee onze identiteit te behouden.
Hoe kunnen we op een Landsmeerse wijze invulling geven aan de opgaven die op ons afkomen? De belangrijkste opgaven zijn benoemd in het Focusdocument. Deze kwamen voort uit de notitie Kernkwaliteiten Landsmeer en de actualiteiten zijn daarna opgehaald tijdens bijeenkomsten met de gemeenteraad, de ambtelijke organisatie en ketenpartners.
Hoe zien wij bijvoorbeeld de balans tussen de woningbouwopgave (vooral betaalbare woningen voor starters en senioren uit de gemeente Landsmeer) in relatie tot natuurgebieden en het bijzondere veenweidelandschap? Hoe kunnen we woningen in de linten en dorpen bouwen waarbij het knusse en gemoedelijke dorpse karakter gewaarborgd wordt en er voldoende ruimte voor groen en water overblijft? Hoe houden we Landsmeer verkeersveilig en bereikbaar voor inwoners en bezoekers? Waar zijn uitbreidingslocaties mogelijk en hoe doen we dat op een gezonde en Landsmeerse wijze? Hoe zorgen we dat de toenemende behoefte aan ontspanning en recreatie goed wordt ingepast en niet ten koste gaat van de rust? Hoe bevorderen we gezondheid? Hoe zorgen we dat voorzieningen meegroeien met de behoefte van onze inwoners en bereikbaar blijven? Hoe behouden we onze eigenheid, maar verhouden we ons wel in de regio? Hoe borgen we duurzaam beheer van ons bijzondere veenweidelandschap?
Kortom, een groot aantal opgaven komt op de gemeente af. Er moeten keuzes worden gemaakt en prioriteiten worden gesteld. Maar niet alles is overal mogelijk of even belangrijk. Hoe we hiermee omgaan is voor verschillende thema’s en gebieden uitgewerkt in hoofdstuk 3. Visie thematisch en 4. Visie gebieden.

3. Visie thematisch
3.1 Inleiding thema's
Onze visie is een blik op de toekomst. We hebben de thema’s die voor de gemeente Landsmeer
belangrijk zijn in dit hoofdstuk op een rij gezet. Deze thema’s gelden voor het hele
grondgebied van de gemeente. Sommige thema’s komen natuurlijk in bepaalde gebieden
meer tot uiting dan in andere gebieden.
Per thema geven we aan waar we mee te maken hebben, wat we willen bereiken en hoe
we dat willen doen. De uitwerking voor specifieke gebieden en locaties staat in hoofdstuk
4. Visie gebieden.

3.2 Goed wonen voor alle Landsmeerders
Waar hebben we mee te maken?
-
Onze gemeente is een populaire landelijke, dorpse woongemeente binnen de Metropoolregio Amsterdam. Landsmeerders zijn bovengemiddeld tevreden met hun leefomgeving.
-
Er is een grote en veranderende woningbehoefte (grote regionale vraag naar woningen en vergrijzing). Het is bijna onmogelijk voor starters om zich in Landsmeer te vestigen en het is lastig om je hele leven in de gemeente te blijven wonen.
-
Er is dringende behoefte aan meer betaalbare woningen voor inwoners van de gemeente Landsmeer, vooral voor starters, kleine gezinnen en ouderen. Hiervan zouden zoveel mogelijk woningen eerst aan inwoners van de gemeente Landsmeer moeten worden aangeboden. De sturingsmogelijkheden voor de gemeente zijn echter beperkt.
-
De kernkwaliteiten (rust, natuur, groen, water) behouden is belangrijk, maar er zijn ook voldoende (betaalbare) woningen en doorstroming op de woningmarkt nodig.
-
Binnen de dorpen en aan de linten is maar beperkt ruimte om woningen te bouwen.
-
Uitbreiden kan op draagvlak rekenen, maar ook hiervoor zijn maar beperkt mogelijkheden door de ligging van natuur en ons waardevolle veenweidelandschap.
-
Er is brede steun voor dorpse woningbouw, mits dit zorgvuldig wordt ingepast met aandacht voor ruimtelijke kwaliteit, bereikbaarheid en leefbaarheid.
-
De bestaande woningvoorraad is deels verouderd en niet passend bij de huidige woonwensen. We missen op dit moment vooral levensloopbestendige woningen voor ouderen en (kleine) starterswoningen voor jongeren.
-
De gemeente heeft weinig eigen grond in en aangrenzend aan de dorpen en is daarom ook afhankelijk van initiatiefnemers.
Wat willen we bereiken?
-
We willen dat onze inwoners de kans krijgen om hun hele leven in Landsmeer te blijven wonen, in een duurzame woning die aansluit bij hun woonsituatie en budget.
-
De vitaliteit van de dorpen, van de inwoners en de voorzieningen behouden.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Actief inzetten op het verbeteren van de kwaliteit van bestaande bouw. Zowel voor koop- als huurwoningen. Een kwalitatief goede woning heeft direct invloed op energieprestatie, maar ook gezondheid (bijvoorbeeld vocht en schimmelproblematiek) en wooncomfort.
-
Versneld nieuwbouw realiseren en initiatiefnemers snel duidelijkheid bieden over de wenselijkheid van bouwplannen.
-
Mogelijkheden onderzoeken voor inbreiding en uitbreiding (van de bebouwde omgeving).
-
Bouwen met focus op meer (betaalbare) woningen voor jongeren, starters en senioren.
-
Voorrang verlenen aan lokale woningzoekenden binnen de (wettelijke) mogelijkheden die er zijn.
-
De omvang van de sociale woningvoorraad behouden en waar mogelijk uitbreiden. In samenspraak met de woningcorporaties Eigen Haard en Rochdale aan de slag met de herontwikkeling en verduurzaming van de bestaande woningvoorraad om op die manier een substantieel aantal sociale huurwoningen toe te voegen in onze gemeente en het woningaanbod beter te laten aansluiten op de vraag.
-
Een nieuwe woon(zorg)visie voor de gemeente Landsmeer opstellen. De woon(zorg)visie is een beleidsplan waarin we ons woonbeleid voor de komende vijf jaar vastleggen. Het gaat over woningbouw inclusief de gewenste segmentering en prijsklassen, de kwaliteit van bestaande wijken, de verdeling van beschikbare woonruimte en de organisatie van zorg- en welzijnsvoorzieningen. Een goed onderbouwde visie helpt ons om voor iedereen – van jonge starters tot senioren – een leefbare en toekomstbestendige woonomgeving te creëren.
-
Woningen bouwen op enkele uitbreidingslocaties aan de randen van de dorpen. Een “straatje erbij” kan de leefbaarheid bevorderen.
-
Woningen bouwen op transformatielocaties in de linten, gekoppeld aan kwaliteitsverbetering.
-
Woningen bouwen op herstructureringslocaties in de dorpen, mits zorgvuldig ingepast en rekening houdend met het dorpse en landelijke karakter.
-
Woningen bouwen bij de entree van Landsmeer, op locaties waar dit op een gezonde manier mogelijk is. We gaan een Gebiedsvisie voor de entree opstellen.
-
Bij woningbouw rekening houden met andere thema’s zoals gezondheid, behoud van voldoende voorzieningen, bereikbaarheid en voldoende groen.

3.3 Mobiel en verkeersveilig
Waar hebben we mee te maken?
-
Mobiliteit is een basisbehoefte: bereikbaarheid van voorzieningen en werk en de mogelijkheid om elkaar te ontmoeten. Die mobiliteit wordt steeds duurder en daardoor moet een steeds grotere groep mensen soms keuzes maken.
-
Er moet wat gebeuren aan de ontsluiting van Landsmeer. De gemeente Landsmeer heeft maar één hoofdontsluiting voor alle verkeer en dat is onwenselijk bij calamiteiten. Vrijwel al het verkeer gaat over het lint en dit levert onveilige situaties op voor langzaam verkeer. Vooral het zuidelijk deel van het lint is erg druk. Dit heeft effect op de verkeersveiligheid en het veiligheidsgevoel voor fietsers en wandelaars.
-
Landsmeer is een forensengemeente.
-
Het autobezit neemt nog steeds toe, ook in Landsmeer. Auto’s worden steeds groter en nemen daardoor meer plek in. Er is nauwelijks ruimte voor uitbreiding van het aantal parkeerplaatsen.
-
Het openbaar vervoer van en naar Amsterdam kan betrouwbaarder, frequenter en sneller. Het aantal fietsers en wandelaars in de gemeente zal verder toenemen omdat het aantal inwoners in de Metropoolregio Amsterdam sterk toeneemt.
Wat willen we bereiken?
-
Een veilige en bereikbare gemeente voor onze inwoners en bezoekers.
-
Zo gezond mogelijke mobiliteit. Mobiliteit beschikbaar en betaalbaar voor alle doelgroepen.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Het ‘STOMP-principe’ uitwerken op een voor Landsmeer passende manier. Vertrekpunt is de voorkeursvolgorde: Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, Mobility as a service, Particuliere auto. De fiets- en voetgangersvriendelijke bereikbaarheid van de gemeente daarmee versterken. Verbeteren van OV-mogelijkheden (ook vraagafhankelijk vervoer).
-
Inzetten op meer ruimte voor de voetganger en fietser en aandacht geven voor stoepen, fietspaden, bus en veerponten. Onderzoek naar de mogelijkheden en verkeersaanpassingen, waaronder deelmobiliteit. Ook als dit kan betekenen dat autoverkeer in sommige gevallen minder ruimte krijgt. Wel voldoende ruimte houden voor het parkeren van auto’s.
-
De verkeersveiligheid in de hele gemeente vergroten en met name op het lint.
-
Onderzoek naar een extra of andere ontsluiting aan de oostzijde van de kern Landsmeer. Daarbij kansen benutten die de gebiedsontwikkeling van de Entree van Landsmeer biedt om het zuidelijk deel van het lint te ontlasten en de veiligheid op het lint mogelijk te vergroten.
-
Meekoppelkansen aangrijpen bij huidige projecten voor kleine verkeersaanpassingen.
-
Optimaliseren recreatieve fiets/OV-route voor Het Twiske waarmee het recreatieve fietsverkeer niet meer over het zuidelijk deel van het lint hoeft.
-
Wegen verkeersveilig en als 30km-zone inrichten, zeker bij groot onderhoud in het kader van de energietransitie en klimaatadaptatie.
-
Onderzoeken uitbreiding van de 30 km/u-zones. Inzetten op bewustwording en voorlichting.
-
Slechts beperkt extra woningen toevoegen in het lint ten noorden van de kern Landsmeer. Alleen op plekken waar ruimtelijke kwaliteitswinst te behalen is.
-
De verbinding met metrostation Noord verder versterken (fiets, ov). Ook voldoende ruimte houden voor auto’s.
-
De OV-verbinding met Purmerend verbeteren.
-
OV-knooppunt Vorticellaweg beter benutten.
-
Het aantal parkeerplaatsen voor elektrische auto’s aan laten sluiten bij de werkelijke behoefte aan laadplaatsen.
-
Uitbreiding blauwe zones overwegen.
3.4 Dorps en landelijk karakter behouden
Waar hebben we mee te maken?
-
De gemeente Landsmeer bestaat uit een aantrekkelijk lint met een grotere kern Landsmeer en twee kleine kernen Den Ilp en Purmerland. De nabijheid van Amsterdam maakt het dorpse en landelijke karakter des te unieker.
-
De kernen in de gemeente Landsmeer hebben nu een gevarieerd dorps karakter met voornamelijk laagbouw. In het centrum van de kern Landsmeer is iets hoger gebouwd (tot vier lagen), zodat de doelgroep senioren optimaal kan profiteren van voorzieningen op loopafstand.
Wat willen we bereiken?
-
Het dorpse karakter en het karakter van de drie kernen behouden.
-
Het landelijke contrast met Amsterdam behouden en uitbouwen.
-
Voorzien in voldoende woningen, basisvoorzieningen en werkgelegenheid.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Herstructureringslocaties optimaal benutten met behoud van de dorpse maat en schaal.
-
Voldoende groen in de dorpen en linten behouden. Behouden van waardevolle doorzichten naar het buitengebied.
-
Dicht bij het karakter van de kern blijven. Liever niet meer dan vier lagen bouwen en vaak ook minder, omdat hoger bouwen het dorpse karakter kan aantasten. Dit speelt het meeste in de linten, maar ook in bestaande wijken. Wellicht is er wel iets meer mogelijk bij de Entree van Landsmeer en op specifieke (herontwikkel)locaties in het dorpscentrum.
-
De schaarse ruimte zorgvuldig gebruiken, dus meervoudig ruimtegebruik stimuleren.
-
De sociale structuur in de kernen ondersteunen door behoud van basisvoorzieningen zoals ontmoetingsplekken, onderwijs, werkgelegenheid.

3.5 Groen en natuur in de dorpen en linten
Waar hebben we mee te maken?
-
Groen is onderdeel van het dorpse en landelijke karakter in de wijken en linten.
-
Er is nu vooral veel groen buiten de linten en kernen.
-
Groen in de dorpen en linten is belangrijk voor de leefbaarheid en voor de gezondheid van onze inwoners. Groen nodigt uit om te bewegen en ontmoeten. Groen draagt ook bij aan klimaatadaptatie.
-
Flora en faunabescherming zijn fundamenteel voor de leefomgeving. Het gaat niet goed met de biodiversiteit en dat raakt planten, dieren en mensen. We zijn onderdeel van het ecosysteem. Dit geldt ook voor alle stedelijke gebieden.
Wat willen we bereiken?
-
Bescherming en versterking van de hoofdgroenstructuur.
-
Aandacht voor de hoofdgroenstructuur.
-
Behoud van structureel groen en volkstuinen in de dorpen.
-
Vergroenen waar mogelijk.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Liever niet bouwen in de hoofdgroenstructuur. Eventueel verlies aan waarden compenseren. Onderzoeken hoe en waar een eventueel verlies aan groen gecompenseerd kan worden.
-
Onderzoeken waar uitbreiding van het structurele groen mogelijk is.
-
Verbinden van sport, spelen en bewegen in de (groene) openbare ruimte.
-
Meer bomen planten.
-
Bij het planten van bomen en de aanplant van groen rekening houden met de toekomst. Bomen krijgen optimale groeiplaatsen. Nieuw groen versterkt de biodiversiteit en past binnen het lokale ecosysteem. Rekening houden met reserveringen voor kabels en leidingen.
-
Uitvoering van het SoortenManagementsPlan, ter bescherming van flora en fauna.

3.6 Leefbaarheid bevorderen
Waar hebben we mee te maken?
-
Een hechte gemeenschap die voor elkaar zorgt en naar elkaar omziet (mantelzorg, vrijwilligers, weinig eenzaamheid, snel gehecht, veilig, weinig overlast, mogelijkheden om mee te doen).
-
Een rijk en gevarieerd verenigingsleven (er zijn veel sport- en cultuurverenigingen).
-
Scholen vervullen een belangrijke rol ten aanzien van de leefbaarheid van de dorpen: lesgeven en sociale functie.
-
We hebben te maken met vergrijzing en jongeren die niet in Landsmeer kunnen wonen. Hierdoor komen voorzieningen onder druk te staan en hebben inwoners meer moeite om regie op hun leven te houden. Mensen stellen hun levenskeuzen vaker uit zoals gezinsvorming en kinderen, als niet aan de basisvoorwaarden wordt voldaan. Een dak boven je hoofd is een eerste levensbehoefte, waarin nu onvoldoende kan worden voorzien.
-
Ook onze gemeente heeft te maken met ondermijning en verharding in de maatschappij.
-
De druk om meer woningen te bouwen is groot, wat ten koste zou kunnen gaan van fysieke ruimte voor werkgelegenheid en voorzieningen.
Wat willen we bereiken?
-
Behoud van de leefbaarheid.
-
Behoud van de sociale veiligheid (zie thema veiligheid).
-
Zelfredzame mensen en een samen redzame samenleving.
Hoe willen we dat bereiken?
-
De dorpen actief betrekken bij de toekomst van hun lokale gemeenschap.
-
Behoud van voldoende (goed onderhouden) openbare voorzieningen m.b.t. onderwijs, zorg, groen, sporten en spelen, bewegen en ontspannen.
-
Goede duurzame onderwijshuisvesting met een gezond binnenklimaat. Uitvoeren Integraal Huisvestingsplan.
-
Zorgen voor voldoende sport- en speelplaatsen.
-
Zorgen voor voldoende huisvesting voor opgroeiende jeugd en jongeren.
-
Tegengaan van eenzaamheid, bijvoorbeeld door een jongerenhuiskamer of andere locaties waar activiteiten voor jongeren georganiseerd kunnen worden en ontmoetingsplekken voor ouderen. Kansen benutten om vereenzaming tegen te gaan in combinatie met maatschappelijke instellingen.
-
Een proactieve houding ten aanzien van onze sport- en cultuurverenigingen, samen optrekken en – indien nodig – gericht ondersteunen. Opstellen sport/beweegbeleid.
-
Zorgen dat er voldoende woningen zijn voor doelgroepen, waaronder senioren en jongeren. Ook alternatieve woonvormen onderzoeken.
-
Goede internetverbindingen in de hele gemeente faciliteren.
3.7 Behoud aantrekkelijk veenweidelandschap
Waar hebben we mee te maken?
-
Landsmeer is een aantrekkelijk oer-Hollands landschap met grote cultuur- en natuurwaarden.
-
Voor het behoud van het landschap kunnen we niet zonder boeren en andere landschapsbeheerders, zoals het recreatieschap, Landschap Noord-Holland en het Hoogheemraadschap.
-
Natuurbescherming, het beschermen van onze flora en fauna, is fundamenteel voor de leefomgeving. Het gaat slecht met de biodiversiteit en dat raakt niet alleen planten en dieren, maar ook de mens. We zijn onderdeel van het ecosysteem. Herstel en behoud van biodiversiteit is noodzakelijk voor ons voortbestaan.
-
Het Twiske en Ilperveld maken onderdeel uit van een Natura 2000-gebied. Het is een uniek laaggelegen veenweidegebied. Ook het Landsmeerderveld en het buitengebied Purmerland zijn bijzondere natuurgebieden. Het Ilperveld is ook een stiltegebied.
-
We hebben een kleine vitale agrarische sector die ook een rol vervult in natuurbeheer. In het landelijke gebied daalt de bodem, doordat het waterpeil laag wordt gehouden om agrarisch gebruik mogelijk te maken. Op de lange termijn is dit waarschijnlijk niet houdbaar.
-
Het Twiske is een recreatie- en natuurgebied met een regionale functie.
-
Er komen steeds meer mensen recreëren in ons aantrekkelijke landschap omdat het aantal inwoners in de Metropoolregio Amsterdam sterk toeneemt.
-
Recreatie is een middel om landschapsbeheer te bekostigen.
Wat willen we bereiken?
-
Behoud van ons aantrekkelijke rustige oer-Hollandse landschap met grote cultuur- en natuurwaarden.
-
Recreatief medegebruik op plekken waar dit qua natuur kan.
-
Verlagen emissies veenweidegebied.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Tegengaan van bodemdaling, door het niet verder verlagen van dewaterstand. Het gebied benutten als proeftuin voor onderzoek naarbodemdaling en stikstofuitstoot. Op termijn wordt het uitgangspunt:“functie volgt peil”.
-
De biodiversiteit binnen de dorpskernen, de bebouwingslinten en hetlandelijk gebied bevorderen (waaronder behoud van de geschiktheidals weidevogelgebied en behoud aanwezige lokale beschermdesoorten en hun essentieel leefgebied).
-
Open houden van het landschap door het faciliteren vanlandschapsbeheer. Ruimte voor onze partners om te experimenterenmet alternatieve vormen van landbouw.
-
Recreatieve routes in de hele gemeente verbeteren en uitbreiden opplekken waar dit qua natuur kan.
-
Kansen voor biodiversiteit benutten. De waterkwaliteit verbeteren.
3.8 Inzet op recreatie voor inwoners en gasten
W aar hebben we mee te maken?
-
Landsmeer is een aantrekkelijk oer-Hollands landschap en de charme is bekend in de regio.
-
Het Twiske is een aantrekkelijk en groot regionaal recreatie- en natuurgebied.
-
Er komen veel dagrecreanten naar Landsmeer om er te fietsen, wandelen of te varen.
-
Er is een toenemende vraag naar evenementen.
-
Er is een spanningsveld tussen rust en de toenemende recreatie.
Wat willen we bereiken?
Hoe willen we dat bereiken?
-
Meer mogelijkheden voor dagrecreatie, zoals het optimaliseren van wandel- en fietsroutes. Bewegen en recreëren is goed voor de gezondheid van onze inwoners en voor onze gasten.
-
Niet meer voorzieningen en activiteiten die drukte opleveren.
-
Toerisme en recreatie bevorderen die passen bij de schaal van Landsmeer, zolang dit de rust niet verstoort. Kleinschalig en van hoge kwaliteit. In samenwerking met lokale en regionale partners initiatieven ontwikkelen op het gebied van recreatie (locaties, verbindingen, activiteiten) en toerisme (promotie, verblijfsaccommodaties, bereikbaarheid), passend bij de groene en waterrijke omgeving van onze gemeente.
-
De recreatieve verdeling tussen rustige en drukkere delen in Het Twiske behouden en de bereikbaarheid van gebieden waar dit qua natuur kan, verbeteren.
-
Dagrecreatie en evenementen in Het Twiske. Kleinschalige overnachtingsmogelijkheden in het lint. Alleen grootschaliger verblijfsrecreatie op plekken waar wonen niet voor de hand ligt.

3.9 Gezonde economie, werk en zelfredzaamheid
Waar hebben we mee te maken?
-
Landsmeer is een forensengemeente. In Landsmeer kan je rustig wonen en werk is ‘om de hoek’.
-
In Landsmeer zijn vrij veel kleine zelfstandigen.
-
De ruimte voor werkgelegenheid neemt af ten gunste van wonen. Vooral in het lint is een aantal bedrijven gestopt en deze locaties worden veelal getransformeerd tot woningen.
-
Het hebben van werk is een basisbehoefte (ook vanuit zingeving).
-
Werk in de buurt is voor een deel van onze inwoners van belang.
-
Het winkelcentrum voorziet in de noodzakelijke voorzieningen en dagelijkse boodschappen. Ook is hier de weekmarkt.
-
Nederland moet een omslag maken van een lineaire economie waarin veel afval wordt geproduceerd, naar een circulaire economie die van afval nieuwe grondstoffen maakt. Dat betekent dat we meer afval moeten gaan recyclen en dat we minder grondstoffen moeten gaan gebruiken die belastend zijn voor het milieu, zoals fossiele grondstoffen, metalen en grind. Het doel is dat in 2050 afvalstromen volledig worden hergebruikt.
Wat willen we bereiken?
-
Zorgen dat iedereen naar eigen vermogen mee kan doen in de samenleving. Iedereen telt mee. Werk en ontmoeting zijn hiervoor basisrandvoorwaarden.
-
Bereikbare en toegankelijke eigentijdse voorzieningen voor onze inwoners. Behoud van een basisvoorzieningenniveau voor de gemeente.
-
Zorgen voor een goed ondernemersklimaat. De lokale economie en werkgelegenheid versterken.
-
Landsmeer gaat meedoen in de circulaire economie en doet daarmee recht aan de volgende generatie die willen wonen in een schone en gezonde leefomgeving. We verminderen de hoeveelheid restafval per inwoner en per bedrijf en stimuleren het scheiden van recyclebaar afval.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Ruimte voor ondernemen en behoud van de werkgelegenheid. Ruimte bieden om innovatieve mogelijkheden te realiseren, zodat de economische sector sterk blijft. Bijvoorbeeld door bedrijfsruimte met praktijkruimte, een bedrijfsverzamelgebouw en mogelijkheden voor biobased produceren.
-
Behoud van ontmoetingsruimte binnen en buiten.
-
Een aantrekkelijk centrum in de kern Landsmeer, waardoor er meer bezoekers komen en meer koopkracht (zie thema centrum Landsmeer).
-
In alle dorpen mogelijkheden voor commerciële ruimte, werk en horeca bieden.
-
Toerisme en recreatie versterken, waaronder kleinschalige verblijfsrecreatie in de linten.
-
Kansen benutten voor nieuwe werklocaties in het Entreegebied Landsmeer West.
-
Versterken van de arbeidsmarkt door mee te doen aan regionale samenwerkingsverbanden.
-
Initiatieven van ondernemers ondersteunen, korte lijnen met het bedrijfsleven.
-
Inzetten op afvalscheiding en bewustwording. Door het verbeteren van onze inzamelstructuur en door voorlichtingscampagnes krijgt iedere inwoner de gelegenheid om bij te dragen aan een schoon en gezond Landsmeer.
3.10 Trots op erfgoed
Waar hebben we mee te maken?
-
Landsmeer is een gebied met een grote cultuurhistorische en landschappelijke waarde. Een uniek veenweidegebied met open zichtlijnen en een zichtbare geschiedenis van de strijd met het water, een langgerekt lint met diverse monumenten, een onregelmatige strookverkaveling, doorzichten/vergezichten, authentieke huizen, stolpen, Twiskemolen, Museum Grietje Tump en Anton Heyboer Gallery en zwembad de Breek.
Wat willen we bereiken?
-
Beschermen van het zichtbare en onzichtbare (cultureel) erfgoed dat onderdeel is van onze identiteit. Benutten van erfgoed voor versterking van de beleefbaarheid van het oer-Hollandse landschap voor inwoners en recreanten.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Monumentenbeleid in stand houden en stimuleren. Mogelijkheden voor verbetering van de bescherming van erfgoed onderzoeken.
-
Landschapsbeheer stimuleren door onze (keten)partners zoals het recreatieschap, Landschap Noord-Holland hiervoor de ruimte te blijven geven.
-
Beleefbaar houden van beeldbepalende en cultuurhistorisch waardevolle elementen en monumenten in het oer-Hollands landschap die onderdeel zijn van onze identiteit, door het herstellen, versterken en vergroten van de mogelijkheid om ervan te kunnen genieten. Bijvoorbeeld door het opzetten van een kunst/cultuur route door de gemeente.
-
Passende duurzame (vervolg)functies die de erfgoedwaarden niet aantasten mogelijk maken om behoud te kunnen bekostigen.

3.11 Gezondheid bevorderen
Waar hebben we mee te maken?
-
We vinden het belangrijk dat onze inwoners zo gezond mogelijk zijn.
-
Vergrijzing en daarmee samenhangende zorgkosten. De menskracht en mogelijkheden worden juist minder. Hier hangt van alles mee samen, bijvoorbeeld: mantelzorg, eenzaamheid en bereikbaarheid. Denk hierbij bijvoorbeeld aan scheefliggende stoeptegels en stoepranden als je wereld steeds kleiner wordt.
-
Mensen maken hun eigen keuzes, ook als het gaat om hun gezondheid, maar zijn wel op een positieve manier te stimuleren.
-
Negatieve gezondheidseffecten door geluidsoverlast en fijnstof van de A10 en de hoogspanningsverbinding.
-
De hoeveelheid afvalwater en de vraag naar drinkwater nemen toe door het groeiende aantal inwoners.
-
In de Omgevingswet staan de maatschappelijke doelen van de wet. Een van die doelen is een gezonde fysieke leefomgeving. Een gezonde leefomgeving ervaren bewoners als prettig, nodigt uit tot gezond gedrag en biedt bescherming tegen negatieve omgevingsinvloeden.
Wat willen we bereiken?
-
Beheersbaar houden van de zorgkosten.
-
De (mentale en fysieke) gezondheid van onze inwoners en bezoekers bevorderen. Vitale inwoners vitaal houden, gezondheidsachterstanden verkleinen. Een preventief gezondheidsbeleid en Health in All Policies (HiAP): gezondheidsongelijkheid verkleinen, gezondheidsvaardigheden vergroten en oog voor maatschappelijke kwetsbaarheid als onderdeel van gezondheidsproblematiek.
-
Schoon water zo schoon mogelijk houden.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Gezondheidsproblemen voorkomen door middel van een gezonde buitenruimte. Behalen van gezondheidswinst voor de inwoners via de inrichting van de leefomgeving: het concept van ‘Het Bewegende Dorp’ in plaats van ‘De Bewegende Stad’. Helpen gezonde keuzes te maken. De fysieke inrichting en sociale structuren zodanig inrichten dat we daarmee mensen verleiden tot een gezonde leefstijl (ruimte om te bewegen en te spelen, gezonde keuzes te maken, te ontspannen of elkaar te ontmoeten).
-
Bevorderen van een gezonde leefstijl en het inrichten van de ruimtelijke omgeving waarbij beweging en ontmoeting gestimuleerd worden. Verbinden van sport, spelen en bewegen in de openbare ruimte. We investeren in bijvoorbeeld het op orde houden van speelplaatsen, beweeg- en sportlocaties, veilige wandel- en fietsroutes en bankjes. Bereikbaarheid van sportvoorzieningen is heel belangrijk, zeker voor jonge kinderen. Bij nieuwe plekken en herinrichting van bestaande plekken wordt ontmoeting en breed gebruik door meerdere doelgroepen meegenomen.
-
Het behouden en indien mogelijk uitbreiden van groen in de wijk.
-
Meer structurele aandacht voor gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving. Gezondheid meewegen bij beleidsbeslissingen op andere beleidsdomeinen.
-
Zorgen dat iedereen naar vermogen mee kan blijven doen (sociaal vangnet, mogelijkheden voor werk, kinderopvang, ontmoeting).
-
Verduurzamen en vergroenen van scholen.
-
Sportaccommodaties openstellen voor meerdere gebruikers; ook niet-leden.
-
Inzetten op wandelen en fietsen ten behoeve van de gezondheid.
-
Bij vervanging van riolering scheiden van vuilwater en regenwater.
-
Zo doelmatig en duurzaam mogelijk beheren en ontwikkelen van onze afvalwater-, regenwater- en grondwater voorzieningen. Voldoende ruimte (in de ondergrond) reserveren voor een duurzaam drinkwaternetwerk.
3.12 Fysieke en sociale veiligheid bewaken
Waar hebben we mee te maken?
-
Vrijheid, veiligheid en welvaart zijn niet vanzelfsprekend.
-
Openbare orde en veiligheid is een van de kerntaken van de gemeente.
-
Overlastproblematiek zoals vaaroverlast, vuurwerkoverlast, drugs en afval zijn belangrijke aandachtpunten onder de inwoners.
-
Ook wij hebben te maken met ondermijning en verharding in de samenleving.
Wat willen we bereiken?
-
Een sociaal en fysiek veilige woon- en leefomgeving. De (ervaren) veiligheid van inwoners beschermen.
-
Het dorpse gevoel behouden.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Veiligheidsrisico’s op een acceptabel niveau houden.
-
De huidige basis op orde houden en intensiveren op veiligheidsvraagstukken die een grote impact op de samenleving in de gemeente (kunnen) hebben.
-
De weerbaarheid vergroten (aanpak jeugd, ondermijning). Ondermijning bestrijden en incidenten oppakken. Aanpak cybercriminaliteit.
-
Toezicht en handhaving gericht in te zetten op de genoemde veiligheidsrisico’s en het bevorderen van een gevoel van veiligheid.
-
Bij ruimtelijke ontwikkelingen de fysieke en sociale veiligheid meewegen: overzichtelijkheid en verlichting, verkeersveiligheid, brandveiligheid, externe veiligheid (de risico's voor mens en milieu bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen), rampenbestrijding en crisisbeheersing.
-
Stimuleren van ontmoeten: dit draagt bij aan het versterken van de sociale samenhang/voorkomen vereenzaming. Bijvoorbeeld voorzieningen voor jongeren om overlast door bijvoorbeeld hangjongeren te voorkomen.

3.13 Aanpassen aan veranderend klimaat
Waar hebben we mee te maken?
-
Extremer weer (hittestress en droogte, extreme regenval).
-
Bodemdaling in het kwetsbare veenweidegebied en daarmee meer CO2 uitstoot.
Wat willen we bereiken?
-
Beperking van wateroverlast in de toekomst en ontwrichting voorkomen.
-
Verminderen van de effecten van verdroging en hittestress door een duurzame- en klimaatadaptieve leefomgeving.
-
De CO2 uitstoot verminderen.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Voorbereiden op de weersextremen van de toekomst. Uitvoering regionaal Uitvoeringsplan klimaatadaptatie Zaanstreek-Waterland.
-
Bouwen met het oog op de toekomst. Als we nu iets ontwikkelen, hebben we al nagedacht over het klimaat van de toekomst.
-
De waterveiligheid vergroten door verbetering van het watersysteem, een klimaatbestendige inrichting, crisisbeheersing bij calamiteiten, klimaatbestendig herstel en bewustwording.
-
Faciliteren van dijkversterkingen. Anticiperen op gevolgbeperkingen van overstromingen.
-
De water-robuuste inrichting integreren met andere ruimtelijke ontwikkelingen.
-
Behoud specifieke habitats en leefgebieden binnen het bebouwd gebied. Dit door te vergroenen. Als het kappen van bomen nodig is, deze dan vervangen. Meer ruimte voor groene beleving binnen het bebouwd gebied wat bijdraagt aan flora en fauna, meer bomen en water, minder verstening, bodemdaling beperken. Het ontwikkelen en versterken van essentiële leefgebieden, groen/blauwe structuren van koelte en wateropvang zijn leidend bij elke ruimtelijke herinrichting in stedelijk gebied.
-
Het watersysteem op orde krijgen. Ernaar streven dat nieuwe ontwikkelingen een regulier peil hebben en geen onderbemaling.
3.14 Energietransitie (duurzame opwek) en warmtetransitie (van het gas af)
Waar hebben we mee te maken?
-
De landelijke afspraak en noodzaak om af te stappen van fossiele brandstoffen. We moeten aardgasvrij worden in een relatief landelijke gemeente in een context met netcongestie: het elektriciteitsnetwerk zit nu al vol terwijl de vraag naar elektriciteit enorm toeneemt.
-
Binnen onze gemeente is weinig ruimte voor de opwek van hernieuwbare energie en geen mogelijkheden voor windenergie. De verantwoordelijkheid voor het besparen van CO2-uitstoot ligt bij de gemeente, inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties.
-
De openbare ruimte moet op de schop bij de verduurzaming van alle wijken. Ook moeten nog veel bestaande gebouwen worden verduurzaamd. Onze gebouwde omgeving is nog niet geschikt om van het gas af te gaan.
-
Alle ambities hebben een energievraag en er is nu geen ruimte op het elektriciteitsnet. Netverzwaring kost een aantal jaren. Veel straten moeten open voor de netverzwaring en de transformatorhuisjes moeten worden verdubbeld. Daarvoor moet ruimte worden gemaakt zowel boven- als ondergronds.
-
We hebben te maken met netcongestie en er moet in Noord-Holland een nieuw aanlandingspunt komen voor de elektriciteit van windparken op zee. Er moet ook een nieuwe 380kv-verbinding komen en een groot hoogspanningsstation. Het Landsmeerderveld is een van de plekken waar naar gekeken wordt.
-
De ondergrondse beschikbare ruimte is beperkt en moet worden herverdeeld om maatregelen te kunnen nemen.
Wat willen we bereiken?
-
Ruimte voor versterken en uitbreiden van het elektriciteitsnet, rekening houdend met mogelijkheden voor woningbouw.
-
Alleen maatregelen die in te passen zijn in ons waardevolle landschap en die passen bij ons dorpse, landelijke en recreatieve karakter.
-
Een gebiedsgerichte omgevingsvergunning flora- en faunaactiviteit onder de Omgevingswet voor het bebouwd gebied en de lintbebouwing van gemeente Landsmeer.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Uitgaan van een actieve rol van de gemeente in de gezamenlijke aanpak met de samenleving van verduurzaming en klimaatadaptatie.
-
De CO2-uitstoot verminderen door energie te besparen, duurzaam op te wekken en alternatieve warmte te stimuleren. Ook inzetten op elektrische werken en werktuigen (vrachtwagens, trekkers, pompen et cetera). Wat betreft het peil in het veenweidegebied wordt op termijn het uitgangspunt: “functie volgt peil”.
-
In regionaal verband voorkomen van grote windturbines, grote zonnevelden en een groot transformatorstation. Geen nieuw hoogspanningstracé en -station laten landen in Landsmeer omdat dat niet past. Als het echt niet anders kan, dan moet de impact zo klein mogelijk worden en moeten de waarden worden gecompenseerd.
-
Het gebruik van (kleinschalige) wind- en zonne-energie stimuleren.
-
Meewerken aan regionale initiatieven middels de Regionale Energie Strategie (RES). Langs de A10 is een zoekgebied aangewezen voor de opwek van zonne-energie, waaraan wij mee willen werken.
-
Er moet meer gebeuren aan energietransitie en isoleren. Uitvoering van het nationaal isolatie programma blijft in volle gang. We ontwikkelen een omgevingsprogramma warmte waarbij voor het gehele grondgebied van de gemeente Landsmeer duidelijk wordt wat de voorkeursoplossing is en op welke termijn dit bereikt gaat worden. Uitvoering van de transitievisie warmte. Bestaande gebouwen isoleren en van het gas af. De mogelijkheden voor all-electric, individuele geothermie of (kleine) bronnetten per buurt onderzoeken.
-
Inwoners stimuleren groener te denken (bijvoorbeeld isoleren, zonnepanelen, minder verharding in tuinen). De gemeente heeft hierin een voorbeeldfunctie.
-
Een soortenmanagementplan opstellen om de energietransitie snelleren soepel te laten verlopen (met behoud van de biodiversiteit).


4. Visie gebieden
4.1 Inleiding gebieden
De Omgevingsvisie geeft aan wat we willen bereiken. Het is een visie waarin onderscheid wordt gemaakt in thema’s die voor het hele grondgebied gelden (zie hoofdstuk 3. Visie thematisch) en in dit hoofdstuk voor deelgebieden, met ieder hun eigen kwaliteiten, kansen, ambities en opgaven, die weer leiden tot verschillende ontwikkelmogelijkheden
De kenmerken en activiteiten in een gebied zijn bepalend voor wat we in een gebied belangrijk vinden en wat we met een gebied willen in de toekomst. We beschrijven de hoofdlijnen van ons beleid voor de verschillende gebieden met verschillende functies en ambities. De gebieden en locaties komen overeen met de legenda van de visiekaart.

4.2 Dorpsgebied
Waar hebben we mee te maken?
-
Een deel van de historische linten is uitgegroeid tot dorpen.
-
De ontstaansgeschiedenis is leesbaar in de bebouwde en onbebouwde omgeving.
-
De druk op de woningmarkt is groot en er zijn weinig mogelijkheden voor het toevoegen van woningen.
-
Het dorpsgebied moet worden aangepast aan het veranderende klimaat en de energie- en warmtetransitie.
Wat willen we bereiken?
-
Versterken van een aantrekkelijke, veilige en gezonde leefomgeving.
-
Een levensloopbestendige klimaatadaptieve inrichting.
-
Behoud van de vitaliteit en leefbaarheid.
-
Behoud van het dorps karakter.
-
Behoud van structureel groen.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Ruimte voor wonen, werken, voorzieningen, sport(park) en cultuuraccommodaties op een dorpse schaal.
-
Ruimte voor stedelijke ontwikkelingen, deels via herstructurering, transformatie en inbreiding, deels via uitbreiding. Binnen de dorpen willen we het dorpse karakter behouden. Dat betekent dat er maar beperkt verdichtingsmogelijkheden zijn.
-
De woningvoorraad kwantitatief en kwalitatief afstemmen op de behoeftes van de verschillende doelgroepen.
-
Naar klimaatadaptieve gebouwen en inrichting met voldoende ruimte voor groen en water.

Uitsnede: dorpen
4.3 Bebouwingslint in veenpolderlandschap
Waar hebben we mee te maken?
-
In de linten zijn diverse locaties waar de ruimtelijke kwaliteit te wensen overlaat.
-
Er is veel vraag naar nieuwe woningen, ook in de linten.
-
Transformatie naar wonen wordt beleidsmatig mogelijk als sprake is van kwaliteitsverbetering.
-
Veel woningen toevoegen raakt ook de verkeersveiligheid op het lint.
Wat willen we bereiken?
-
Behoud en versterking van het karakteristiek kleinschalig en gevarieerd dorpslint.
-
Een aantrekkelijk en leefbaar lint.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Kwaliteitsverbetering in het lint. Mogelijkheden voor het toevoegen van woningen benutten als dit probleemlocaties kan oplossen door middel van “speldenknopingrepen”. Dit is altijd maatwerk.
-
Een visie op het lint opstellen, gericht op behoud van het cultuurhistorisch waardevolle patroon, bebouwing, waardevolle doorzichten, de onregelmatige strookverkaveling, et cetera. Voorwaarden opnemen voor bouwmogelijkheden mits sprake is van kwaliteitsverbetering. Haaks op het lint of bouwen in de tweede lijn alleen op enkele plekken waar kwaliteitsverbetering mogelijk is. Geen parkeerterreinen in de eerste lijn in het lint. Doorzichten naar het groene landschap openlaten.

4.4 Centrum Landsmeer
Waar hebben we mee te maken?
-
Het hebben van voldoende bereikbare voorzieningen is belangrijk voor de leefbaarheid in onze dorpen.
-
Er is essentiële detailhandel en kleinschalige horeca in het centrum van Landsmeer.
-
Inwoners van Purmerland zijn meer gericht op de voorzieningen in Purmerend.
-
Door de digitalisering verschuift het accent van het dorpscentrum van place to buy naar place to be. De behoefte aan winkelruimte neemt af. De behoefte aan ontmoeting blijft.
-
Buiten het centrum zijn vrijwel geen commerciële voorzieningen.
Wat willen we bereiken?
-
Een levendig en vitaal centrum.
-
Behoud van een sterke centrumfunctie voor de hele gemeente.
-
Behoud van basisvoorzieningen en de ontmoetingsfunctie in het centrum van de kern Landsmeer.
-
Een aantrekkelijk verblijfsgebied.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Onze gemeentelijke basisvoorzieningen op orde houden door verduurzaming, efficiënt ruimtegebruik, functiecombinaties en een goede bereikbaarheid.
-
Ruimte voor de markt behouden.
-
De aantrekkingskracht van het centrum behouden door gratis parkeren.
-
Leegstand in het winkelcentrum tegengaan. Een compact centrumgebied. Ruimte voor voorzieningen behouden, in ieder geval in de plinten. Schuifruimte voor verplaatsing van voorzieningen naar het centrum.
-
Draagvlak voor voorzieningen en verenigingsleven toevoegen door de bouw van woningen.
-
Behoud en versterking van ontmoetingsruimte/kleinschalige horeca. Hiermee kan de huiskamerfunctie en de recreatieve functie versterken.

Uitsnede: centrum
4.5 Woonzorg-servicegebied
Waar hebben we mee te maken?
-
Door het beleid van zo lang mogelijk thuis wonen is het concept verzorgingstehuis verdwenen, maar er zijn nog onvoldoende nultredenwoningen met zorg en voorzieningen in de buurt en een voor senioren geschikte openbare ruimte. Er is behoefte aan collectieve woonvormen, waar mensen elkaar kunnen helpen en de kans op eenzaamheid vermindert.
-
De bevolking vergrijst waardoor de behoefte aan zorg toeneemt. De groep mensen die minder mobiel is (vooral 75+ers) neemt toe. Er is een grotere vraag naar voorzieningen op loopafstand en zorg op afroep aan huis.
-
De noodzaak om de zorg zo efficiënt mogelijk in te richten omdat er minder mensen zijn die zorg verlenen.
-
In de kern Landsmeer bevinden zich voorzieningen voor ouderen, waardoor het logisch is om hier woonzorgservicegebieden te creëren. In Purmerland en Den Ilp zijn geen voorzieningen voor ouderen.
Wat willen we bereiken?
-
Een grotere zelfredzaamheid en een samenleving die meer naar elkaar omziet.
-
Goede zorg voor ouderen en andere aandachtsgroepen, zodat zij langer zelfstandig in hun woonomgeving kunnen blijven wonen.
-
Zorgmogelijkheden die aan huis worden geleverd.
-
Zo efficiënt mogelijke zorg voor iedereen.
-
Zo optimaal mogelijk profiteren van voorzieningen zoals ontmoetingsplek en beweegruimte op loopafstand.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Het uitbouwen van gebieden in de kern Landsmeer rond bijvoorbeeld de M.L. Kingstraat, het Marktplein en Oude Keern waar specifieke zorg geconcentreerd wordt.
-
Zorgen dat de doelgroep senioren met een zorgvraag zoveel mogelijk in de buurt van zorg-, welzijns- en detailhandelsvoorzieningen woont door daar in te zetten op levensloopgeschikte woningen.
-
Mogelijkheden bieden voor collectieve woonvormen, zoals bijvoorbeeld een Knarrenhof concept dat inzet op het tegengaan van eenzaamheid en de gezondheid en het naar elkaar omzien bevordert.
-
Een openbare ruimte die rollatortoegankelijk is voor senioren en uitnodigt tot bewegen en ontmoeten, met voldoende groen. Dat bevordert de gezondheid en vergroot de leefbaarheid.
-
Inzetten op dagactiviteiten tegen vereenzaming van ouderen.

Uitsnede: woonzorg-servicegebied
4.6 Werklocatie
Waar hebben we mee te maken?
Wat willen we bereiken?
-
Behoud van ruimte voor bedrijven die niet goed te mengen zijn met de woonfunctie.
-
Bereikbare werkgelegenheid, ook voor praktijkgeschoolden.
-
Een gezonde, veilige, goed bereikbare en op termijn circulaire werklocatie met voldoende werkgelegenheid.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Ruimte voor bedrijfsactiviteiten door het tegengaan van wonen op de werklocatie.
-
Ruimte voor initiatieven die de werkgelegenheid en of circulariteit vergroten.
-
Kansen benutten voor extra werklocaties in Entreegebied Landsmeer West.

4.7 Sportgebied - Zoekgebied intensivering
Waar hebben we mee te maken?
-
De stedelijke sport-, en recreatiegebieden zijn van groot belang voor de leefbaarheid en de gezondheid van onze inwoners.
-
Het sportpark in de kern Landsmeer wordt nu niet optimaal benut. Intensiever gebruik en het toevoegen van functies is wenselijk.
-
Er is geen draagvlak voor verplaatsing van sportvelden in de kern Landsmeer ten behoeve van woningbouw.
-
De huidige ijsbaan wordt weinig gebruikt en door klimaatverandering wordt dit alleen maar minder.
-
De huidige locatie van de sporthal ICL is niet ideaal.
Wat willen we bereiken?
-
Behoud van voldoende eigentijdse toegankelijke speel-, beweeg- en sportruimte, verenigingsleven, maatschappelijke voorzieningen.
-
Zorgvuldig en intensief ruimtegebruik. De ruimte in de dorpen is immers beperkt. Optimaal benutten van sport- en recreatiegebieden door multifunctionele inzet en deelgebruik.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Stimuleren en faciliteren intensiever ruimtegebruik door passende functiecombinaties of extra sport-, dagrecreatie-, of maatschappelijke voorzieningen.
-
Het is denkbaar om het sportpark in de kern Landsmeer intensiever te gebruiken door andere maatschappelijke-, sport- en recreatievoorzieningen naar het sportpark te verplaatsen. Op de vrijkomende plekken in het dorp komt dan ruimte vrij voor woningen.
-
Onderzoek naar het verplaatsen van sporthal ICL ten behoeve van woningbouw. Het is bijvoorbeeld denkbaar om de sporthal ICL naar de Entree van Landsmeer te verplaatsen. Op de vrijgekomen locatie kunnen dan woningen (appartementen) worden gerealiseerd. Hierbij moet wel rekening gehouden worden met toegankelijkheid voor gymlessen voor de basisscholen.
-
Onderzoek naar het verplaatsen van de ijsbaan ten behoeve van woningbouw of voorzieningen. Het is denkbaar om de ijsbaan te verplaatsen en de vrijkomende plek te benutten voor woningbouw of voorzieningen.

Uitsnede: sportgebied zoekgebied intensivering
4.8 Herstructurerings- / inbreidingslocatie
Waar hebben we mee te maken?
-
Op diverse locaties laat de ruimtelijke kwaliteit te wensen over, is sprake van een vrijkomende locatie of zijn er kansen voor een betere benutting.
-
In de dorpen en linten is slechts beperkt ruimte voor het toevoegen van stedelijke functies.
-
Van een aantal locaties is bekend dat deze in aanmerking komen voor herontwikkeling. Ook nieuwe locaties kunnen in beeld komen.
Wat willen we bereiken?
-
Zorgvuldig en intensief ruimtegebruik op herstructurerings- en inbreidingslocaties.
-
Kwaliteit verbeteren.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Zorgvuldig en intensief ruimtegebruik op herstructureringslocaties in de linten, zoals, bijvoorbeeld Noordeinde 8A (voormalig Wafelfabriek), Den Ilp 14-16 (Sneek Houthandel) of Den Ilp 187A.
-
Inbreiding met wonen en voorzieningen door middel van herontwikkeling/verdichting. De nu bekende locaties zijn op de kaart aangegeven (o.a. M.L. Kingstraat, Marktplein, Oude Keern/Calkoenstraat, Breekoever fase 3, diverse locaties aan het Zuideinde (nrs. 34, 40-42, 63, 81A, 99), Brandweerkazerne, voormalig buurthuis De Burcht in Purmerland).
-
Nieuwe kansen in het dorpsgebied en de linten benutten als de kansen voor kwaliteitsverbetering en beter ruimtegebruik zich voordoen.

Uitsnede: herstructurerings- inbreidingslocaties
4.9 Uitbreiding wonen - Violierweg
Waar hebben we mee te maken?
-
De locatie Violierweg in de kern Landsmeer is nu tijdelijk in gebruik voor de opvang van vluchtelingen.
-
Deze locatie is een van de weinige plekken waar permanente uitbreiding van de kern Landmeer nu al mogelijk is.
-
De locatie is een voormalig gronddepot en is eigendom van de gemeente.
Wat willen we bereiken?
-
Zorgen dat Landsmeerders in Landsmeer kunnen blijven wonen.
-
Er is veel vraag naar betaalbare woningen voor starters, senioren en kleine gezinnen.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Samen met een woningcorporatie ontwikkelen van een permanente woningbouwlocatie met betaalbare woningen.
-
Optimaal ruimtegebruik ten behoeve van betaalbare woningen, goed landschappelijk ingepast.

4.10 Entreegebied Landsmeer West
Waar hebben we mee te maken?
-
De Entree van Landsmeer is een landelijk maar rommelig gebied. Het karakter is sterk onderscheidend ten opzichte van Amsterdam ten zuiden van de A10.
-
In en rond het Zuideinde worden al diverse kansen benut voor herstructurering- en inbreiding. De nu bekende locaties zijn op de visiekaart aangegeven.
-
Wij zien in dit gebied mogelijkheden om woningen in te passen, rekening houdend met alle beperkingen in het gebied (beleidsmatig, aandachtsgebied gezondheid).
Wat willen we bereiken?
-
Een aantrekkelijke entree van de gemeente.
-
Behoud van het onderscheid met het stedelijk gebied ten zuiden van de A10.
-
Vooral ruimte voor dorps wonen. Ook ruimte voor verkeersontsluiting, recreatieve routes en eventueel (sport-)voorzieningen.
-
De verkeersveiligheid op het zuidelijk deel van het lint verbeteren.
Hoe willen we dat bereiken?
-
We gaan een Gebiedsvisie Entree opstellen:
-
Onderzoek naar de mogelijkheden voor een gezonde woonomgeving, ook in relatie tot het aandachtsgebied gezondheid (verzwaring elektriciteitsnet, externe veiligheid, fijnstof en geluid A10).
-
Locaties waar woningbouw niet mogelijk is, gebruiken voor andere functies en (sport-)voorzieningen die de lokale economie en het basisvoorzieningenniveau versterken. Voorrang geven aan functies die verplaatst kunnen worden, waarbij de huidige locatie ruimte biedt voor woningbouw.
-
Onderzoek naar een extra ontsluiting van de kern Landsmeer om het zuidelijk deel van het lint te ontlasten, de veiligheid op het lint mogelijk te vergroten en een alternatief te bieden voor de gemeente bij calamiteiten en werkzaamheden op het Zuideinde.
-
Contrast met de stad bewaken: groene dorpse buffer, ecologische waarden inpassen of compenseren.
-
Onderzoek naar een betere benutting van openbaar vervoer en de mogelijkheid van een transferium.
-

Uitsnede: entreegebied Landsmeer Oost
4.11 Entreegebied Landsmeer West
Waar hebben we mee te maken?
-
De Entree van Landsmeer is een landelijk maar rommelig gebied. Het karakter is sterk onderscheidend ten opzichte van Amsterdam ten zuiden van de A10.
-
Wij zien hier vooral mogelijkheden om werkfuncties en diverse voorzieningen in te passen. Voor wonen is dit gebied nauwelijks geschikt vanwege de vele beperkingen.
Wat willen we bereiken?
-
Een aantrekkelijke entree van de gemeente.
-
Behoud van het onderscheid met het stedelijk gebied ten zuiden van de A10.
-
Ruimte voor werkfuncties en sport- en recreatieve voorzieningen die de economie en het basisvoorzieningenniveau versterken.
-
Ook ruimte voor verkeersontsluiting, recreatieve routes en groen.
-
De verkeersveiligheid op het zuidelijk deel van het lint verbeteren.
Hoe willen we dat bereiken?
-
We gaan een Gebiedsvisie Entree opstellen:
-
Onderzoek naar de mogelijkheden voor voorzieningen die de economie en het basisvoorzieningenniveau versterken. Voorrang geven aan functies die verplaatst kunnen worden, waarbij de huidige locatie ruimte biedt voor woningbouw.
-
Contrast met de stad bewaken: groene dorpse buffer, ecologische waarden inpassen of compenseren.
-
Onderzoek naar een betere benutting van openbaar vervoer en de mogelijkheid van een transferium.
-
Onderzoek mogelijkheden gezonde leefomgeving. Rekening houden met ligging in aandachtsgebied gezondheid.
-

4.12 Studiegebied Purmerland Oost
Waar hebben we mee te maken?
-
Als in kleine kernen geen woningen worden gebouwd kunnen voorzieningen onder druk komen te staan door vergrijzing.
-
De behoefte aan woningen is zo groot dat we dit niet alleen in de dorpen op kunnen lossen.
Wat willen we bereiken?
-
De leefbaarheid en vitaliteit in Purmerland verbeteren.
-
Behoud van (sport)voorzieningen en verenigingsleven in Purmerland.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Onderzoeken of we woningen mogelijk kunnen maken door een kleine uitbreiding aan de oostzijde van Purmerland.
-
Onderzoek of het verschuiven/verplaatsen van het sportveld Purmerland kansen biedt voor woningbouw.

Uitsnede: studiegebied Purmerland Oost
4.13 Uitbreiding voorzieningen - De Marsen
Waar hebben we mee te maken?
-
Een bestaande zorgboerderij in Het Twiske.
-
Meer vraag naar huisvesting voor mensen met een beperking.
Wat willen we bereiken?
Hoe willen we dat bereiken?
4.14 Netwerk elektriciteitsvoorziening / hoogspanningsverbinding
Waar hebben we mee te maken?
-
Binnen de gemeente zijn twee bestaande bovengrondse hoogspanningsverbindingen: direct ten noorden van de A10 en bij Purmerland.
-
Het huidige elektriciteitsnetwerk is onvoldoende om in de energievraag te kunnen voorzien. Alle ambities hebben een energievraag en er is nu geen ruimte op het elektriciteitsnet. Netverzwaring kost een aantal jaren. Veel straten moeten open voor de netverzwaring en alle middenspanning transformatorhuisjes moeten worden verdubbeld. Hier moet actief ruimte voor gemaakt worden en ruimte voor behouden worden, waar die keuze er nog is. Dit voorkomt dat transformatorhuisjes de ruimtelijke kwaliteit sterk beïnvloeden achteraf.
-
Er wordt in Noord-Holland Noord gezocht naar een nieuwe route voor een 380kv-verbinding en een groot transformatorstation. Het Landsmeerderveld is een van de plekken waar naar gekeken wordt.
Wat willen we bereiken?
-
Ontwikkelen van een duurzaam elektriciteitsnetwerk ten behoeve van de energietransitie, rekening houdend met mogelijkheden voor woningbouw.
-
Noodzakelijke ingrepen die passen in ons waardevolle cultuurlandschap.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Mogelijkheden voor lokale opwek en opslag van duurzame energie.
-
Zonnepanelen en opslag bij gemeentelijk vastgoed.
-
Onderzoek mogelijkheden voor zonnepanelen boven parkeerterreinen, zonnepanelen in het talud van de A10 (RES zoekgebied A10) en aardwarmte/aquathermie.
-
Geen nieuwe hoogspanningsverbindingen.
4.15 Aandachtsgebied gezondheid (A10, hoogspanningsverbindingen)
Waar hebben we mee te maken?
-
Het gebied direct ten noorden van de A10 is aandachtsgebied voor geluid, fijnstof en externe veiligheid.
-
De hoogspanningsverbindingen zijn aandachtsgebied in verband met magneetvelden.
Wat willen we bereiken?
Hoe willen we dat bereiken?

(Aandachtsgebied gezondheid (A10, hoogspanningsverbindingen)
4.16 Veenweidegebied
Waar hebben we mee te maken?
-
We hebben een prachtig oer-Hollands veenweidelandschap.
-
Behoud van dit unieke landschap is niet vanzelfsprekend door bodemdaling (veenoxidatie).
-
Behoud van het waardevolle landschap gaat niet altijd goed samen met de belangen van de agrarische sector.
-
Het waterpeil wordt laag gehouden om agrarisch gebruik mogelijk te maken. Op de lange termijn is dit waarschijnlijk niet houdbaar.
Wat willen we bereiken?
-
Behoud van een beleefbaar cultuurlandschap met natuurlijke veenwaterlopen, onregelmatige strookverkaveling, open ruimte en vergezichten, habitat voor weidevogels, met het langgerekte bebouwingslint als ruimtelijke drager.
-
Behoud van een landbouwvorm die het landschap open houdt en extensieve recreatie.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Vergroten van het financieel draagvlak voor landschapsbeheer, door het toestaan van nevenfuncties die passen bij het gebied.
-
Op termijn wordt het uitgangspunt: “functie volgt peil”.
-
Faciliteren van experimenten met alternatieve landbouwvormen.
-
Behouden en uitbouwen van de rustige recreatieve aantrekkelijkheid van de gemeente voor inwoners en bezoekers.
-
Functiewijziging van vrijkomende agrarische bouwpercelen naar wonen en andere in het landschap passende functies faciliteren.

4.17 Hoofdgroenstructuur in de dorpen en linten (indicatief)
Waar hebben we mee te maken?
-
Groen is onderdeel van het dorpse en landelijke karakter in de wijken en linten.
-
Er is nu vooral veel groen buiten de linten en kernen.
-
Groen in de dorpen en linten is belangrijk voor de leefbaarheid en voor de gezondheid van onze inwoners. Groen nodigt uit om te bewegen en ontmoeten. Groen draagt ook bij aan klimaatadaptatie.
-
Flora en faunabescherming zijn fundamenteel voor de leefomgeving. Het gaat niet goed met de biodiversiteit en dat raakt planten, dieren en mensen. We zijn onderdeel van het ecosysteem. Dit geldt ook voor alle stedelijke gebieden.
Wat willen we bereiken?
-
Behoud van structureel groen in de dorpen. Het structureel groen is opgenomen in het Beleidsplan Groenbeheer. De hoofdlijnen daarvan staan indicatief op de visiekaart.
-
Vergroenen waar mogelijk.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Bescherming en versterking van de hoofdgroenstructuur, zoals opgenomen in het Beleidsplan groenbeheer.
-
Meer bomen planten.
-
Bij het planten van bomen en de aanplant van groen rekening houden met de toekomst. Bomen krijgen optimale groeiplaatsen. Nieuw groen versterkt de biodiversiteit en past binnen het lokale ecosysteem. Rekening houden met reserveringen voor kabels en leidingen.
-
Eventueel verlies aan hoofdgroenstructuur compenseren.
-
Uitvoering van het SoortenManagementsPlan, ter bescherming van flora en fauna.

Uitsnede: hoofdgroenstructuur
4.18 Natuurgebied / Natura 2000
Waar hebben we mee te maken?
-
Het Twiske en Ilperveld maken onderdeel uit van een Natura 2000-gebied. Het is een uniek laaggelegen veenweidegebied. Ook het Landsmeerderveld en het buitengebied van Purmerland zijn bijzondere natuurgebieden.
-
Flora en faunabescherming zijn fundamenteel voor de leefomgeving. Het gaat niet goed met de biodiversiteit en dat raakt planten, dieren en mensen. We zijn onderdeel van het ecosysteem.
-
Natuurgebieden hebben ook een belangrijke functie als recreatiegebied.
Wat willen we bereiken?
-
In stand houden van een beleefbaar open cultuur- en natuurlandschap.
-
Een gezond en stabiel ecosysteem met een grote diversiteit aan flora en fauna.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Kansen voor herstel en vergroten biodiversiteit benutten.
-
Zorgen dat ontwikkelingen in natuurgebieden en in de omgeving daarvan geen belangrijke negatieve effecten hebben op de natuur. Daarbij gaat het in het bijzonder om het voorkomen van de mogelijke gevolgen van de grotere gebiedsontwikkelingen voor de stikstofdepositie binnen Natura 2000-gebieden.

4.19 Recreatie- en natuurgebied Het Twiske - intensief / extensief
Waar hebben we mee te maken?
-
Een gebied ingericht als regionaal recreatie- en natuurgebied met een zonering ten behoeve van intensieve recreatie, extensieve recreatie en natuur.
-
Er is meer vraag naar recreatie en evenementen.
-
Evenementen zijn onderdeel van onze regionale recreatieve rol en zijn ook nodig om het landschapsbeheer in Het Twiske te bekostigen.
Wat willen we bereiken?
-
Behoud van de regionale functie als recreatie- en natuurgebied.
-
Een goede verdeling tussen rustige en drukkere plekken, ook als er meer recreanten naar het gebied komen.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Recreatie als een middel om het beheer van het recreatie- en natuurgebied te bekostigen.
-
Verbeteren van de bereikbaarheid per fiets en met het openbaar vervoer.
-
Voorkomen van ontwikkelingen met belangrijke negatieve effecten voor de natuur.
-
Iets meer evenementen toestaan in Het Twiske en de huidige mogelijkheden goed planologisch inrichten. Evenementen maken deel uit van onze regionale recreatieve functie en leveren ook een bijdrage aan het financieren van landschapsbeheer. De voorwaarden zijn dat ze passen bij ons karakter, niet te frequent zijn, buiten het broedseizoen plaatsvinden en geen overlast veroorzaken door teveel lawaai.

Uitsnede: Twiske intensief en extensief
(Recreatie- en natuurgebied Het Twiske extensief, Recreatie- en natuurgebied Het Twiske intensief)
4.20 Vrijetijdsbesteding / recreatie
Waar hebben we mee te maken?
-
Steeds meer mensen recreëren in ons gebied, zowel onze eigen inwoners als bezoekers uit de regio. We spelen dan ook een belangrijke rol in de regionale dagrecreatie.
-
Recreatie is een kans voor de lokale economie en werkgelegenheid.
Wat willen we bereiken?
-
Balans tussen rust en recreatie.
-
Een aantrekkelijk recreatief gebied voor zowel onze inwoners als het groeiende aantal bezoekers.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Behouden en uitbouwen van de rustige recreatieve aantrekkelijkheid van de gemeente voor inwoners en bezoekers.
-
Behoud en versterking van de kleinschalige recreatieve voorzieningen en overnachtingsmogelijkheden.
-
Kansen voor kleinschalige nieuwe verblijfsrecreatie en andere recreatieve voorzieningen benutten als reguliere woningen op die plek niet logisch zijn.
4.21 Recreatief netwerk
Waar hebben we mee te maken?
-
Het aantal fietsers en wandelaars in het gebied zal verder toenemen omdat het aantal inwoners in de Metropoolregio Amsterdam sterk toeneemt.
-
De recreatieve potentie van het gebied wordt niet optimaal benut, mede door belemmeringen in de bereikbaarheid, verkeersveiligheid, doorgankelijkheid en belemmeringen door te beschermen natuurwaarden.
Wat willen we bereiken?
-
Vergroten van de recreatieve aantrekkelijkheid en toegankelijkheid en stimuleren van bewegen.
-
Balans tussen rust en recreatie en tussen natuur en recreatie.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Indeling van rustige en drukkere recreatiegebieden. In de delen die qua natuur meer reuring kunnen hebben, meer voorzieningen en een betere bereikbaarheid. In de rustige delen geen extra voorzieningen of bereikbaarheid.
-
Ontbrekende verbindingen in het recreatief netwerk aanleggen en verbeteren bestaande verbindingen waar dit mogelijk is qua natuur, zoals de verbinding onder de A10 naar Het Twiske.
-
Verbeteren van de bereikbaarheid van Het Twiske per fiets en met het openbaar vervoer.
4.22 Natuurverbinding
Waar hebben we mee te maken?
-
Natuurgebieden zijn versnipperd.
-
De verbinding van natuurgebieden biedt kansen voor het vergroten van de biodiversiteit.
Wat willen we bereiken?
Hoe willen we dat bereiken?
-
Behoud van bestaande natuurverbindingen.
-
Faciliteren van de aanleg van nieuwe verbindingen tussen natuurgebieden en zo mogelijk meekoppelen met recreatieve ambities, zoals bijvoorbeeld wandelroutes.

4.23 Onderzoek extra ontsluiting
Waar hebben we mee te maken?
-
De gemeente heeft maar één hoofdontsluiting voor alle verkeer. Dit is onwenselijk omdat er geen alternatieven zijn bij calamiteiten of onderhoud.
-
Er moet te veel verkeer over het lint en dit levert onveilige situaties op voor langzaam verkeer. Vooral het zuidelijk deel van het lint is erg druk. Dit heeft effect op de verkeersveiligheid, de leefbaarheid en het veiligheidsgevoel voor fietsers en wandelaars.
-
Een gebiedsontwikkeling in het entreegebied Landsmeer Oost biedt kansen voor het koppelen van nieuwe infrastructuur aan de bestaande kern Landsmeer.
Wat willen we bereiken?
-
Goede bereikbaarheid met alle vervoersvormen.
-
Vergroten van de veiligheid.
-
Vergroten van de verkeersveiligheid en verbeteren van de leefbaarheid.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Onderzoek naar een extra/andere ontsluiting van de kern Landsmeer en een alternatieve route voor (recreatieve) fietsers waarmee het (auto)verkeer op het Zuideinde kan verminderen en de veiligheid voor de hele gemeente toeneemt.

Uitsnede: ontsluiting
4.24 Pontveren
Waar hebben we mee te maken?
-
Er zijn twee pontveren aan de oostzijde van de gemeente die het mogelijk maken om het Noordhollandsch Kanaal over te steken.
Wat willen we bereiken?
Hoe willen we dat bereiken?

4.25 Landmark / erfgoed
Waar hebben we mee te maken?
-
Erfgoed is onderdeel van het DNA van het gebied.
-
We hebben diverse monumenten en andere beeldbepalende elementen.
Wat willen we bereiken?
-
Beschermen van het zichtbare en onzichtbare (cultureel) erfgoed dat onderdeel is van onze identiteit. Benutten van erfgoed voor versterking van de beleefbaarheid van het oer-Hollandse landschap voor inwoners en recreanten.
Hoe willen we dat bereiken?
-
Beleefbaar houden van beeldbepalende en cultuurhistorisch waardevolle elementen en monumenten in het oer-Hollands landschap die onderdeel zijn van onze identiteit, door het herstellen, versterken en vergroten van de mogelijkheid om ervan te kunnen genieten.
-
Passende duurzame (vervolg)functies die de erfgoedwaarden niet aantasten mogelijk maken om behoud te kunnen bekostigen.
5. Uitvoering
5.1 Inleiding
De Omgevingsvisie is zelfbindend. Dit betekent dat wij ons verbinden aan de ambities en opgaven die in deze Omgevingsvisie zijn beschreven. Het is belangrijk dat de beleidsambities ook worden uitgevoerd. Wij vervullen verschillende rollen en maken gebruik van diverse instrumenten om de ontwikkeling uit te voeren. We hebben de inzet van verschillende partijen nodig. Daarom besteden we aandacht aan de samenwerking met de regio en initiatiefnemers. We hebben spelregels voor initiatieven opgesteld en zullen het beleid monitoren om te kijken of het werkt, en waar nodig bijsturen.

5.2 Samen werken aan de uitvoering: rollen en instrumenten
Rollen
Wij hebben verschillende rollen bij het uitvoeren van de visie. Welke rol we kiezen, hangt af van verschillende factoren. Dit kan bijvoorbeeld samenhangen met het uitvoeren van wettelijke taken, wie eigenaar is van de grond, de opgave in het gebied en de hoeveelheid invloed die we als gemeente hebben.
We onderscheiden de volgende rollen:
-
De regisserende gemeente: We vinden samenwerking met andere partijen belangrijk, maar houden wel de regie.
-
De faciliterende gemeente: We maken ontwikkelingen mogelijk voor inwoners en bedrijven. Dit kan bijvoorbeeld door het wijzigen van het omgevingsplan, het verstrekken van vergunningen, het geven van subsidies en het meedenken in de beginfase van projecten.
-
De kaderstellende gemeente: We stellen regels en kaders op, bijvoorbeeld via het omgevingsplan of verordeningen. Dit kan bijvoorbeeld gaan over het beschermen van monumenten of bomen.
-
De uitvoerende gemeente: We zorgen ervoor dat de basis in de openbare ruimte op orde is. Dit betekent het aanleggen, beheren en onderhouden van bijvoorbeeld groen, wegen, openbare ruimtes, parken en (fiets)parkeervoorzieningen.
Instrumenten
We maken gebruik van verschillende instrumenten om onze taken uit te voeren. Onder de Omgevingswet kunnen wij gebruik maken van omgevingsprogramma’s, het omgevingsplan en omgevingsvergunningen.

Figuur: Instrumenten Omgevingswet: van visie naar uitvoering
Omgevingsprogramma
Het is mogelijk om voor een specifiek gebied of thema een omgevingsprogramma te maken.
Een programma bevat concrete stappen die de gemeente neemt om haar doelen te bereiken.
Het gaat om maatregelen, een planning en de benodigde capaciteit. In de Omgevingswet
is een aantal verplichte programma’s benoemd. Daarnaast mag de gemeente vrijwillige
omgevingsprogramma’s vaststellen.
Naast thematische programma’s, zoals bijvoorbeeld een programma voor de luchtkwaliteit
of voorzieningen, kan de gemeente gebruik maken van gebiedsprogramma’s voor specifieke
gebieden waar grotere ontwikkelingen worden verwacht, zoals bijvoorbeeld voor de Entree
van Landsmeer. In deze programma’s zorgen we voor gebiedsgericht maatwerk, een integrale
benadering en het verbinden van sociale en ruimtelijke opgaven. Bij het opstellen
van programma’s worden de uitgangspunten uit de Omgevingsvisie verder uitgewerkt.
Het omgevingsprogramma is een instrument van het college van burgemeester en wethouders.
Het opstellen van een programma is vormvrij.
Omgevingsplan en omgevingsvergunning
Andere instrumenten die we gebruiken zijn het omgevingsplan en omgevingsvergunningen. Deze instrumenten bevatten regels (het omgevingsplan) of officiële toestemming (de omgevingsvergunning) voor activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving. Bijvoorbeeld voor het bouwen van een gebouw of het kappen van een boom. Het omgevingsplan is bindend voor iedereen. De omgevingsvergunning is de toestemming van de overheid voor de uitvoering van bepaalde activiteiten in de fysieke leefomgeving.
5.3 Samenwerking in de regio
De regio wordt steeds belangrijker. Wij hechten waarde aan onze eigenheid, maar kijken ook naar de wereld om ons heen en we verhouden ons daarin. Binnen de verschillende samenwerkingen (zoals Zaanstreek-Waterland, Metropoolregio Amsterdam, provincie, Hoogheemraadschap, Gemeenschappelijke Regelingen en de buurgemeenten) zorgen wij er voor dat onze gemeente aangehaakt is op regionaal niveau, zodat we onze taken goed uit kunnen voeren en onze gebiedsoverschrijdende doelen samen kunnen halen.

5.4 Samenwerking met initiatiefnemers
Algemeen
De visie geeft duidelijkheid over de ontwikkelingen die wel of niet wenselijk zijn (waar beschermen, waar ontwikkelen) en de visie stuurt op hoofdlijnen. Hierbij betrekken we de instrumenten (regels in het omgevingsplan, uitvoering in projecten of programma’s) en de rol van initiatiefnemers.
Algemene spelregels voor nieuwe ontwikkelingen: sturen op kwaliteit
Behoud en versterken van de bijzondere kwaliteiten van onze gemeente staat centraal in deze Omgevingsvisie. Aan deze aspecten (kernkwaliteiten) mag geen afbreuk worden gedaan. Nieuwe initiatieven moeten bijdragen aan het behoud en de versterking van de relevante thematische doelen en doelen voor het deelgebied waarin het initiatief ligt.
De gemeente heeft de wettelijke taak om te zorgen voor een goede omgevingskwaliteit, dat wil zeggen voor een leefomgeving die veilig, gezond en aantrekkelijk is. Ruimtelijke kwaliteit gaat over gebruikswaarde, belevingswaarde en toekomstwaarde. Ruimtelijke kwaliteit krijgt betekenis door deze waarden te koppelen aan maatschappelijke belangen op het gebied van economie, ecologie, cultuur en sociale verhoudingen.
Onze belangrijkste ruimtelijke kwaliteiten staan in hoofdstuk 2: “Groen”, “Waterrijk”, “Dorps en landelijk karakter” en “Een lint van dorpen”. Om onze ambities te bereiken, is het belangrijk de omgevingskwaliteiten die daar onder vallen te beschermen en te versterken. Binnen de dorpen is de ruimte beperkt. Daarom gaan we slim, strategisch en zorgvuldig om met de ruimte die we hebben. Nieuwe initiatieven dragen, zowel boven de grond als eronder, bij aan de ambitie en opgaven van Landsmeer. In het omgevingsplan nemen we regels op die ervoor zorgen dat nieuwe initiatieven bijdragen aan de omgevingskwaliteiten.
We willen als gemeente zo vroeg mogelijk in het planproces duidelijkheid geven over de kans van slagen van een initiatief. We beoordelen tijdens de intake van een initiatief de wenselijkheid ervan. Dat is het geval als het initiatief past in het omgevingsplan (voorheen bestemmingsplan), of bijdraagt aan de doelen en ambities van de Omgevingsvisie en ander beleid. Een initiatief moet bijdragen aan het behoud en de versterking van de relevante thematische doelen en doelen voor het deelgebied waarin het initiatief ligt.
Ruimtelijke ontwikkelingen moeten in balans zijn met een groene en gezonde leefomgeving, die fysiek veilig, klimaatadaptief en toekomstbestendig is. Voor elke ontwikkeling onderzoekt de initiatiefnemer welke thema’s en gebiedsaanduidingen relevant zijn en wordt aangegeven hoe hier in het initiatief mee wordt omgegaan. Per ruimtelijke ontwikkeling maken wij de integrale afweging tussen de doelen en de randvoorwaarden.
Daarnaast beoordelen wij initiatieven op haalbaarheid. Een initiatiefnemer onderzoekt hiervoor of een ontwikkeling uitvoerbaar is voor wat betreft de omgevingsaspecten (zoals ruimtelijke kwaliteit en milieunormen) en de relevante instructieregels van andere overheden. Zo mag een nieuwe ontwikkeling bijvoorbeeld geen belangrijke negatieve effecten hebben op de natuur.
Bij het beoordelen van een initiatief houden we met alle belangen rekening. Initiatiefnemers zijn zelf verantwoordelijk voor de participatie met de omgeving. De participatie moet op de juiste manier hebben plaatsgevonden en de inbreng heeft zo mogelijk geleid tot een beter plan. We wegen het draagvlak af tegen het maatschappelijk belang van het initiatief.
Een initiatief moet uiteraard ook financieel uitvoerbaar zijn. Het kostenverhaal en de eventuele vrijwillige financiële bijdrage gebiedsontwikkeling moeten geregeld zijn.
Hoe groter het maatschappelijke belang, hoe groter de inzet van de gemeente. Wij stellen daarbij gelet op onze beperkte ambtelijke capaciteit prioriteiten en gaan graag de samenwerking met initiatiefnemers aan om samen de doelen te bereiken.

5.5 Beoordeling potentiële milieueffecten
Bij het voorbereiden van een Omgevingsvisie moet rekening worden gehouden met een mogelijke verplichting tot het doorlopen van een milieueffectrapportage (m.e.r.). De Omgevingsvisie is namelijk kaderstellend voor ruimtelijke ontwikkelingen die milieugevolgen met zich mee kunnen brengen. Daarbij gaat het met name om de uitbreidings-, herstructurerings- en inbreidingslocaties waarbij in veel gevallen sprake is van een ‘stedelijk ontwikkelingsproject’ zoals bedoeld in de m.e.r.-regelgeving. Gezien de aard en omvang van de mogelijke ontwikkelingen binnen onze gemeente is geen sprake van een directe m.e.r.-plicht, maar moet worden beoordeeld of er belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden die aanleiding geven tot het doorlopen van een m.e.r. Daarbij moet rekening worden gehouden met de criteria uit de Europese m.e.r.-richtlijn (die samenhangen met de locatie, de kenmerken en de potentiële milieugevolgen van de projecten die mogelijk zijn binnen de kaders van de Omgevingsvisie).
Waar het gaat om de locaties van de stedelijke ontwikkelingen is van belang dat in de Omgevingsvisie wordt ingezet op zorgvuldig, intensief en multifunctioneel ruimtegebruik. Vanwege de grote landschappelijke en cultuurhistorische waarden binnen de gemeente en de aanwezigheid van het Twiske en Ilperveld (Natura 2000) is in veel gevallen maatwerk nodig om te komen tot inpassing van nieuwe functies. Op de visiekaart zijn de mogelijke ontwikkelingslocaties aangeduid. De grotere ontwikkelingslocaties zijn gelegen binnen en aansluitend aan de kern Landsmeer. Op beperkte schaal zijn ook ontwikkelingen in het bebouwingslint in het veenpolderlandschap mogelijk. In de Omgevingsvisie worden geen gedetailleerde programmatische uitgangspunten vastgelegd. De mogelijke milieugevolgen kunnen daarom slechts op hoofdlijnen worden beoordeeld. De Omgevingsvisie legt de ambities en randvoorwaarden voor nieuwe ontwikkelingen binnen de verschillende gebieden vast. Alle relevante omgevingsaspecten spelen nadrukkelijk een rol in de visie op de gebieden (hoofdstuk 4). Zo is er aandacht voor bereikbaarheid voor alle vervoersvormen, de verkeersveiligheid, de milieubelasting (geluid, luchtkwaliteit, veiligheid, magneetveldzones hoogspanningsverbindingen) en daarmee samenhangende gezondheidseffecten. Deze omgevingsaspecten zijn met name van belang bij de toekomstige ontwikkelingen in de entreegebieden tussen de A10 en de kern Landsmeer. De aanwezigheid van de A10 en hoogspanningsverbinding en de daarmee samenhangende milieubelasting zullen van invloed zijn op de ruimtelijke en programmatische uitwerking. Verder wordt in de Omgevingsvisie ingezet op kwaliteitsverbetering, behoud en versterking van cultuurhistorische, landschappelijke en natuurwaarden. Onderdeel daarvan is ook het voorkomen van een toename van stikstofdepositie binnen Natura 2000-gebieden. De toetsing aan de Omgevingsvisie en de geldende wet- en regelgeving vraagt om maatwerk dat pas geleverd kan worden op het moment dat sprake is van een concreet initiatief. Gezien de uitgangspunten en kaders die in onze Omgevingsvisie zijn vastgelegd voor toekomstige ontwikkelingen, kunnen op het niveau van de Omgevingsvisie belangrijke nadelige milieugevolgen worden uitgesloten. Om die reden is het doorlopen van een (plan)m.e.r.-procedure niet nodig.
Uiteraard zijn er de nodige aandachtspunten bij de verdere uitwerking van de plannen en de onderzoeksopgave in het kader van de benodigde vervolgbesluiten. Gedetailleerd onderzoek vindt plaats op het moment dat sprake is van een concreet initiatief. In het kader van de benodigde wijziging van het omgevingsplan (of afwijking van het omgevingsplan) is in veel gevallen op projectniveau een m.e.r.-beoordeling nodig is. Bij meerdere ontwikkelingen op korte afstand van elkaar dient dan ook aandacht te worden besteed aan mogelijke cumulatie van milieugevolgen, bijvoorbeeld waar het gaat om de verkeersgerelateerde effecten. Dat speelt met name binnen het zuidelijke deel van de gemeente, waar op voorhand niet is uit te sluiten dat ruimtelijke ontwikkelingen binnen de kern Landsmeer en de entreegebieden cumulatief gevolgen hebben voor de verkeerssituatie (verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid) en daarmee samenhangende milieusituatie. Bij alle toekomstige ontwikkelingen is specifiek aandacht nodig voor de mogelijke gevolgen voor de stikstofdepositie binnen natura 2000-gebieden, waaronder het Twiske en Ilperveld. In veel gevallen is maatwerk nodig om een depositietoename uit te kunnen sluiten (zowel tijdens de realisatiefase als de gebruiksfase).

5.6 Financiering
Het realiseren van de ambities en doelen uit deze Omgevingsvisie kost geld. Er zijn grote investeringen nodig van de gemeente, bedrijven, maatschappelijke organisaties, ontwikkelaars en ook van de inwoners zelf. Wij zijn als gemeente bijvoorbeeld verantwoordelijk voor de inrichting van een veilige, duurzame en klimaatadaptieve openbare ruimte. Bij inwoners denken wij aan investeringen in en rondom het huis, zoals isoleren, het plaatsen van zonnepanelen en het groener en minder stenig maken van tuinen. De investeringen dragen bij aan verschillende opgaven op het gebied van klimaat, duurzame energie, duurzame bereikbaarheid, leefbaarheid, veiligheid, passend woningaanbod en voorzieningen. Het is niet mogelijk om bij het vaststellen van de Omgevingsvisie een compleet beeld te hebben van alle uitvoeringskosten die voortkomen uit de ambities en stedelijke opgaven. De financiering wordt vooral gekoppeld aan programma’s en projecten.
Initiatiefnemers die bouwen in de gemeente en daarmee inkomsten verdienen, dragen op twee manieren bij aan de gemeenschap. Direct door via de ontwikkeling invulling te geven aan de opgaven en indirect via financiering van kwaliteitsimpulsen die de gemeente geeft aan onze leefomgeving. Hiervoor hebben we verschillende mogelijkheden. Via (bouw)leges en anterieure overeenkomsten worden de kosten van het ambtelijk apparaat gedekt (dit wordt ‘kostenverhaal’ genoemd). Daarnaast wordt op deze manier bijgedragen aan het verbeteren van de kwaliteit van bijvoorbeeld de openbare ruimte in de directe omgeving van een project.
De Omgevingswet verplicht overheden om de kosten voor werken, werkzaamheden en maatregelen naar evenredigheid te verhalen op de initiatiefnemers die profijt hebben van de aan te leggen openbare voorzieningen. Naast het kostenverhaal kan ook een vrijwillige financiële bijdrage gebiedsontwikkeling worden afgesproken. Dat is een bijdrage voor ontwikkelingen die niet onder het kostenverhaal vallen, maar wel bijdragen aan de kwaliteit van een gebied. Denk hierbij aan een bijdrage aan bijvoorbeeld het netwerk van wegen, groen, gezonde luchtkwaliteit en andere openbaar toegankelijke gemeentebrede voorzieningen. Dit zijn investeringen waar de hele gemeenschap voordeel van heeft en die nodig zijn om de leefomgeving leefbaar en gezond te houden. Zo sturen we op onze ruimtelijke en maatschappelijke doelstellingen en maken we maximaal gebruik van de instrumenten die beschikbaar zijn.
Onze visie op het grondbeleid staat in de Nota grondbeleid. Wij voeren in het algemeen een passief en faciliterend grondbeleid waarbij de werkwijze aansluit op de Omgevingswet. Het is niet uitgesloten dat we in specifieke gevallen actief gronden verwerven in het geval dit noodzakelijk is, om maatschappelijke doelstellingen te realiseren en/of de haalbaarheid van een ontwikkeling te bevorderen. Via ons vastgoedbeleid dragen we bij aan diverse opgaven en beleidsdoelen, zoals sportvoorzieningen, onderwijshuisvesting en gebouwen voor cultuur en welzijn.
5.7 Monitoring
We houden goed in de gaten hoe de gemeente zich ontwikkelt en monitoren de omgevingswaarden. Dit helpt ons om ervoor te zorgen dat we op de juiste koers blijven met onze plannen.
De Omgevingsvisie biedt een stip op de horizon, maar is nooit helemaal af. We bekijken regelmatig of we nog op de juiste weg zitten en of aanpassingen in beleid op opgaven nodig zijn. Daarom plannen we minstens elke vijf jaar een herijking om te controleren of we onze ambities nog steeds kunnen halen of dat we ze moeten aanpassen. We gebruiken hiervoor de beleidscyclus van de Omgevingswet. Op deze manier zorgen we ervoor dat onze visie blijft aansluiten bij de behoeften en ontwikkelingen op ons afkomen.

Figuur beleidscyclus Omgevingswet
Bijlage I Overzicht Informatieobjecten
- Participatieverslag omgevingsvisie Landsmeer 2024
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/3pdf2d49bd80-fa74-4fe5-83f8-c06aa7ecdc98/nld@2025‑08‑01;18
- aandachtsgebied gezondheid (a10, hoogspanningsverbindingen)
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/giod7b1ddf8-ee56-4a8b-beb2-73526653a9ae/nld@2025‑08‑01;16
- bebouwingslint in veenpolderlandschap
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gioc8991bc7-6547-4792-b4d0-c25b4dec0142/nld@2025‑08‑01;32
- centrum landsmeer
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio303c9751-50ac-4d8a-a86f-e5817af18207/nld@2025‑08‑01;5
- dorpsgebied
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio2f4a8246-abde-4d83-82ee-944d403e6218/nld@2025‑08‑01;3
- entreegebied landsmeer oost
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio417c3e08-a57b-4de5-83d1-7e7f55a501ab/nld@2025‑08‑01;11
- entreegebied landsmeer west
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gioaeb2b19c-fa5c-4934-b429-5a16b8231d8e/nld@2025‑08‑01;12
- herstructurerings- inbreidingslocatie
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gioe662caa4-d821-4937-8b1e-d5bdde852809/nld@2025‑08‑01;9
- hoofdgroenstructuur in de dorpen en linten (indicatief)
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio36a696a3-42a1-4132-a51f-3cdb008aaf2b/nld@2025‑08‑01;18
- landmark erfgoed
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio79a223a5-393e-4db6-bac2-44f7fad5aeb2/nld@2025‑08‑01;26
- natuurgebied natura 2000
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio74614cf4-2c93-4aef-b787-ca5d7efbe5f3/nld@2025‑08‑01;19
- natuurverbinding
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/giof1aae656-a4d6-446e-9e28-8389109e7a56/nld@2025‑08‑01;23
- netwerk elektriciteitsvoorziening hoogspanningsverbinding
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/giobbc27c8b-d15c-44ce-bd08-e2eebba63ad9/nld@2025‑08‑01;15
- onderzoek extra ontsluiting
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio5706a98c-35e4-4e80-897c-c3f221bf10f1/nld@2025‑08‑01;24
- pontveren
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/giod72a608e-f419-43ad-9a7f-369bc8b3835e/nld@2025‑08‑01;25
- recreatie- en natuurgebied het twiske extensief
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio529cae51-e049-471b-8929-453273d60cd8/nld@2025‑08‑01;28
- recreatie- en natuurgebied het twiske intensief
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio71866587-bcc6-45e7-bc4f-802558748a59/nld@2025‑08‑01;27
- recreatief netwerk
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio33890f81-9031-466a-995a-880a7a4dfa95/nld@2025‑08‑01;22
- sportgebied - zoekgebied intensivering
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio05fae30d-f9fe-4571-878c-90e115795278/nld@2025‑08‑01;36
- studiegebied purmerland oost
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gioe18b24a4-a14d-411e-96c9-fd8c0a0a0fff/nld@2025‑08‑01;13
- uitbreiding voorzieningen - de marsen
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/giofbf9864c-8273-4452-bcf0-bc346b5f4b15/nld@2025‑08‑01;14
- uitbreiding wonen - violierweg
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio64ae542e-22cf-4a69-8948-0c5151451ae1/nld@2025‑08‑01;10
- veenweidegebied
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio2ebe04e2-061e-4787-a12a-8a710b65e5b4/nld@2025‑08‑01;30
- vrijetijdsbesteding recreatie
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/giobc3b3215-d2b8-4279-bcda-872dfd76da9d/nld@2025‑08‑01;34
- werklocatie
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/gio07f7a22f-4023-4fdd-919a-b5083b9b6ff2/nld@2025‑08‑01;7
- woonzorg-servicegebied
-
/join/id/regdata/gm0415/2025/giof0afb472-d8e3-45f2-b3c6-f0e3c9f88e46/nld@2025‑08‑01;6
Bijlage 3 Begrippenlijst
Begrippenlijst
|
Begrip |
Uitleg |
|
Omgevingsvisie
|
Strategisch beleidsdocument van de gemeente waarin staat hoe de fysieke leefomgeving
zich moet ontwikkelen en beschermen tot 2040. |
|
Fysieke leefomgeving
|
Alles wat je in je omgeving kunt zien en gebruiken, zoals gebouwen, wegen, water,
natuur en lucht. |
|
Kernkwaliteiten (DNA)
|
Unieke eigenschappen van Landsmeer die behouden of versterkt moeten worden, zoals
het veenweidelandschap, het lintdorp-karakter en natuurwaarden. |
|
Omgevingswet
|
Nieuwe wet die sinds 2024 geldt en regels bundelt voor ruimtelijke ordening, bouwen,
milieu, water en infrastructuur. |
|
Omgevingsplan
|
Vervanger van het bestemmingsplan; bevat regels voor het gebruik van de ruimte in
een gebied. |
|
Omgevingsvergunning
|
Toestemming van de overheid voor activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de leefomgeving
(bijv. bouwen, kappen). |
|
Ruimtelijke kwaliteit
|
Waarde van de inrichting van een gebied, gemeten naar gebruikswaarde, belevingswaarde
en toekomstwaarde. |
|
Inbreiding
|
Bouwen binnen bestaande bebouwing, bijvoorbeeld op open plekken in een dorp of stad. |
|
Herstructurering
|
Het vernieuwen of herindelen van bestaande bebouwing of gebieden. |
|
Stedelijke ontwikkeling
|
Nieuwe plannen voor wonen, werken of voorzieningen die impact hebben op de omgeving,
vaak binnen dorps- of stadsgrenzen. |
|
Plan-m.e.r.
|
Plan-milieueffectrapportage. Onderzoek naar mogelijke milieueffecten van beleidsplannen. |
|
Natura 2000
|
Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. |
|
Stikstofdepositie
|
Neerslaan van stikstof uit de lucht op de bodem, wat schadelijk kan zijn voor natuurgebieden. |
|
Klimaatadaptatie
|
Aanpassingen in de leefomgeving om beter om te gaan met klimaatverandering, zoals
wateropvang of groenvoorzieningen. |
|
Energietransitie
|
Overgang van fossiele energie naar duurzame energiebronnen zoals zon en wind. |
|
Gebiedsgericht maatwerk
|
Specifieke maatregelen of beleid voor een bepaald gebied, passend bij de unieke situatie
daar. |
|
Kwaliteitsimpuls
|
Verbetering van de ruimtelijke of sociale kwaliteit van een gebied. |
|
Participatie
|
Betrokkenheid van inwoners en andere belanghebbenden bij het maken van beleid of plannen. |
|
Kostenverhaal
|
Regeling waarbij initiatiefnemers meebetalen aan publieke voorzieningen die nodig
zijn vanwege hun project. |
|
Speldenknopingreep
|
Kleine, nauwkeurige ingreep in de bestaande bebouwing of ruimte, vaak om iets te verbeteren. |
|
Structuurvisie (verouderd)
|
De voorloper van de Omgevingsvisie. |
|
Basisvoorzieningen
|
De belangrijkste voorzieningen die mensen dagelijks nodig hebben, zoals scholen, huisartsen,
winkels, openbaar vervoer, sportlocaties en ontmoetingsplekken. Zonder deze voorzieningen
wordt het moeilijker om prettig en zelfstandig te wonen. |
|
Woningbouwopgaven
|
De opdracht of uitdaging van een gemeente om voldoende (en passende) woningen te bouwen
voor de huidige en toekomstige bewoners. Denk aan betaalbare huizen voor starters,
gezinnen en ouderen. |
|
Ruimtelijke kwaliteitswinst
|
Een verbetering van hoe een gebied eruitziet of functioneert. Bijvoorbeeld door mooiere
gebouwen, meer groen, betere bereikbaarheid of een betere aansluiting bij de omgeving.
Het betekent: “er komt iets nieuws, en dat maakt het gebied duidelijk beter dan het
was.” |
|
Landelijk rommelig gebied
|
Een buitengebied waar veel verschillende functies door elkaar heen lopen (zoals wonen,
bedrijvigheid, opslag, recreatie), zonder duidelijke ordening of visie. Het oogt vaak
ongepland en onsamenhangend. |
|
Kwaliteitstoerisme
|
Toerisme dat goed past bij het karakter van een gebied. In Landsmeer betekent dit:
kleinschalig, rustig, duurzaam en met respect voor natuur en omgeving – dus géén massatoerisme
of drukke attracties, maar bijvoorbeeld wandelen, fietsen of een natuurbezoek. |
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl