Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR737595
Naar de door u bekeken versie
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR737595/1
Verordening rechtspositie Raads- en plaatsvervangende commissieleden gemeente Woudenberg 2025
Geldend van 05-04-2025 t/m heden
Intitulé
Verordening rechtspositie Raads- en plaatsvervangende commissieleden gemeente Woudenberg 2025De raad van de Gemeente Woudenberg,
Gelezen het voorstel van het Presidium van 30-01-2025;
gelet op de artikelen 96, eerste en tweede lid, en 99 van de Gemeentewet en de artikelen 3.1.1, vijfde lid, 3.1.3, eerste lid, 3.1.4, eerste lid, 3.1.5, eerste lid, 3.3.2, 3.3.3, tweede lid, 3.4.1, eerste lid, en 3.4.2 en 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers;
besluit:
Vast te stellen de:
Verordening rechtspositie Raads- en plaatsvervangende commissieleden gemeente Woudenberg 2025
Artikel 1 Begripsbepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
- a.
plaatsvervangend commissielid: lid van een van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 of 84 van de Gemeentewet, dat niet tevens raadslid is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd;
- b.
griffier: de griffier, bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet.
- c.
raadslid: lid van de gemeenteraad.
- d.
fractievoorzitter: raadslid waarvan door de voorzitter is vastgesteld dat dit lid fractievoorzitter is dan wel enig lid van een fractie.
Artikel 2 Toelage raadslid onderzoekscommissie en bijzondere commissie
-
1. Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend van maximaal driemaal de maandelijkse vergoeding van werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1., eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers per maand.
Artikel 3 Toelage fractievoorzitter
-
1. De vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, wordt voor de fractievoorzitters voor de duur van de uitoefening van het fractievoorzitterschap verhoogd met een maandelijkse toelage, vermeerderd met een bedrag voor elk raadslid dat de fractie telt, de fractievoorzitter zelf niet meegerekend, zoals vermeld in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
-
2. Voor zover het fractievoorzitterschap in de loop van de maand begint of eindigt, wordt de toelage, bedoeld in het eerste lid, voor die maand naar evenredigheid van de duur van het fractievoorzitterschap toegekend.
Artikel 4 Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raads- en plaatsvervangende commissieleden
-
1. Een raads- of plaatsvervangend commissielid dat wil deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier.
-
2. Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.
-
3. De maximale vergoeding van de scholing bedraagt:
- a.
€ 450 per jaar per raadslid;
- b.
€ 450 per jaar per plaatsvervangend commissielid.
- a.
-
4. De griffie beoordeelt de aanvraag, bij twijfel beslist het presidium over de aanvraag op basis van de overlegde stukken.
Artikel 5 Informatie- en communicatievoorzieningen raads- en commissieleden
Een raadslid of plaatsvervangend commissielid krijgt voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking. Hiervoor wordt een bruikleenovereenkomst getekend met de gemeente Woudenberg.
- 1.
Onder informatie- en communicatievoorzieningen wordt ook verstaan de daarbij behorende abonnementen.
- 2.
Een raads- of plaatsvervangend commissielid levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente.
Artikel 6 Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel
-
1. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
-
2. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.
Artikel 7 Betaling vaste vergoedingen
Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van de vergoeding van plaatsvervangende raadscommissieleden, bedoeld in artikel 3.4.1 het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers maandelijks plaats met inachtneming van een vergoeding per bijgewoonde vergadering.
Artikel 8 Betaling en declaratie van onkosten
-
1. Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:
- a.
betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur,
- b.
betaling vooruit uit eigen middelen.
- a.
-
2. Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken.
-
3. Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden binnen twee maanden na factuurdatum of betaling door raads- of commissieleden ingediend bij de griffier.
-
4. Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan raads- of commissieleden binnen één maand na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.
Artikel 9 Inwerkingtreding en intrekking oude verordening
Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking onder gelijktijdige intrekking van de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden gemeente Woudenberg 2015.
Artikel 10 Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Woudenberg 2025.
Ondertekening
Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van: 27 maart 2025.
S.E. Lenderink
Griffier
M. Jansen-van Harten
voorzitter
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl