Subsidieregeling Gemeentelijke Monumenten Rotterdam

Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 05-04-2025

Intitulé

Subsidieregeling Gemeentelijke Monumenten Rotterdam

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam,

gelezen het voorstel van de directeur Bestaande Stad van het cluster Stadsontwikkeling van 26 november 2024, kenmerk: (24bo008542);

gelet op de artikelen 3, 4, 6 en 12a van de Subsidieverordening Rotterdam 2014;

overwegende, dat het wenselijk is eigenaren-gebruikers van Rotterdams cultureel erfgoed te stimuleren tot het treffen van voorzieningen aan monumenten en tot instandhouding daarvan en daartoe een subsidieregeling vast te stellen;

besluit:

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • -

    monument: bouwwerk dat krachtens de Erfgoedverordening 2020 als gemeentelijk monument is ingeschreven in het gemeentelijk erfgoedregister.

Artikel 2 Toepassingsbereik

Deze regeling is van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 3 bedoelde activiteiten.

Artikel 3 Activiteiten

  • 1. Een subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor restauratie of onderhoud van monumenten, het doen van een duurzaamheidsonderzoek voor monumenten of het doen van een bouwhistorisch onderzoek.

  • 2. De subsidie wordt uitsluitend verstrekt indien:

    • a.

      geen schade wordt toegebracht aan de monumentale waarde van het monument; en

    • b.

      de werkzaamheden worden uitgevoerd op een passende wijze met toepassing van in de stijl passende materialen.

  • 3. Onder onderhoud wordt verstaan het aanbrengen van voorzieningen, treffen van maatregelen en verrichten van werkzaamheden die bijdragen aan instandhouding;

  • 4. Onder restauratie wordt verstaan het aanbrengen van voorzieningen, treffen van maatregelen en verrichten van werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor de instandhouding van de cultuurhistorische waarden.

  • 5. Onder een duurzaamheidsonderzoek voor monumenten wordt verstaan een onderzoek naar de mogelijkheden voor het verduurzamen van het monument, zonder hierbij schade toe te brengen aan de monumentale waarde.

  • 6. Onder een bouwhistorisch onderzoek wordt verstaan een onderzoek naar de bouw- en gebruiksgeschiedenis van het monument.

Artikel 4 Doelgroep

  • 1. Een subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan eigenaren van monumenten in Rotterdam.

  • 2. Onder eigenaar wordt verstaan een natuurlijk persoon of rechtspersoon die het monument zelf gebruikt als woon- of werkruimte en op het monument het recht van eigendom of een ander zakelijk recht heeft.

  • 3. Als het monument is gesplitst in appartementsrechten, wordt onder eigenaar uitsluitend verstaan: de Vereniging van Eigenaren, waarin de houders van de appartementsrechten zijn vertegenwoordigd.

Artikel 5 Subsidiabele kosten

  • 1. De subsidiabele kosten zijn:

    • a.

      de redelijk gemaakte kosten die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van de in artikel 3 bedoelde activiteiten;

    • b.

      in ieder geval de kosten van werkzaamheden, maatregelen en voorzieningen, genoemd in de bijlage.

  • 2. De in het eerste lid bedoelde kosten zijn sober en doelmatig, technisch noodzakelijk en zijn gericht op maximaal behoud van aanwezige monumentale waarden.

  • 3. Als in de subsidieaanvraag de totale kosten minder bedragen dan € 2.000 komen de kosten niet in aanmerking voor subsidie.

Artikel 6 Hoogte van de subsidie

  • 1. Een subsidie bedraagt ten hoogste 100 % van de subsidiabele kosten na aftrek van bijdragen van derden, met een maximumbedrag van € 20.000 per aanvrager.

  • 2. De hoogte van de subsidie voor een duurzaamheidsonderzoek voor monumenten bedraagt ten hoogste € 2.500.

  • 3. De hoogte van de subsidie voor een bouwhistorisch onderzoek bedraagt ten hoogste € 2.500.

Artikel 7 Subsidieplafond

  • 1. Vanaf 1 januari 2025 geldt een subsidieplafond van € 200.000 per kalenderjaar, onder voorbehoud dat voldoende middelen door de gemeenteraad op de gemeentebegroting beschikbaar worden gesteld.

Artikel 8 Wijze van verdeling

  • 1. Subsidieverlening vindt plaats op volgorde van ontvangst van volledige aanvragen, totdat het subsidieplafond is bereikt.

  • 2. Als de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van ontvangst van de aanvraag de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen.

  • 3. Als de volgorde van ontvangst niet kan worden bepaald, wordt de volgorde bepaald door loting.

Artikel 9 Aanvraag

  • 1. Een aanvraag wordt ingediend via www.rotterdam.nl/subsidies door middel van het daarvoor ter beschikking gestelde digitale aanvraagformulier.

  • 2. Bij de aanvraag wordt een begroting, zijnde een raming van de subsidiabele kosten, gevoegd, met daarin opgenomen de financiële middelen die door derden worden bijgedragen.

  • 3. Een subsidie wordt uiterlijk op 30 november van het lopende kalenderjaar aangevraagd.

  • 4. Per aanvrager wordt per kalenderjaar slechts eenmaal subsidie verleend.

  • 5. De aanvrager aan wie in de periode van 5 jaar voorafgaand aan de aanvraag een subsidie is verleend ingevolge deze regeling doet de aanvraag tussen 1 november en 30 november.

Artikel 10 Aanvullende weigeringsgronden

De subsidie kan geheel of gedeeltelijk worden geweigerd als:

  • a.

    met het uitvoeren van de activiteiten is begonnen voordat de aanvrager een beschikking inhoudende de verlening van de subsidie heeft ontvangen;

  • b.

    op het monument waarop de aanvraag betrekking heeft, beslag is gelegd.

Artikel 11 Aanvullende verplichtingen ontvanger van de subsidie

  • 1. Aan de subsidieverlening worden de volgende verplichtingen verbonden:

    • a.

      de aanvang van de activiteiten wordt ten minste twee weken daaraan voorafgaand gemeld bij het college;

    • b.

      binnen 52 weken na de subsidiebeschikking worden de werkzaamheden voltooid;

    • c.

      binnen zes weken na beëindiging van de activiteiten wordt van de beëindiging een melding gedaan op het daarvoor door het college vastgestelde formulier;

  • 2. het college kan besluiten af te wijken van de termijnen, bedoeld in a, b of c;

  • 3. activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, worden niet verricht in strijd met het bij of krachtens de wet bepaalde;

  • 4. van de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, wordt een kostenoverzicht overgelegd, vergezeld van de facturen en betalingsbewijzen ervan;

  • 5. de door het college met controle belaste personen krijgen tijdens de werkzaamheden toegang tot het monument waarvoor de subsidie is verleend.

Artikel 12 Vaststelling hoogte van subsidie

De subsidie wordt direct bij subsidieverlening vastgesteld.

Artikel 13 Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2025.

Artikel 14 Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Gemeentelijke Monumenten Rotterdam.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de vergadering van 26 november 2024.

De secretaris,

De burgemeester,

Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010 -267 25 14 of bir@rotterdam.nl

Bijlage als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Subsidieregeling Gemeentelijke Monumenten Rotterdam

  • ALGEMEEN

  • 01 VOOR HET WERK GELDENDE VOORWAARDEN

  • 01.02 ADMINISTRATIEVE BEPALINGEN

Keuring van materialen, bouwstoffen en grond:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het keuren van te verwerken materialen, bouwstoffen (zoals natuursteen en leien) en grond, mits de keuring noodzakelijk is en wordt uitgevoerd door een bekwaam keuringsinstituut.

  • 01.04 VERREKENING WIJZIGING KOSTEN EN PRIJZEN

Aannemerskosten:

De subsidiabele aannemerskosten zijn onder te verdelen naar:

    • o

      de te verwerken materialen op grond van deze regeling,

    • o

      de loonkosten van het aannemerspersoneel

    • o

      de werkzaamheden uitgevoerd door onderaannemers,

    • o

      in geval van ingrijpende werkzaamheden, de opslagkosten voor een bouwplaats (algemene bouwplaatskosten ABK, algemene kosten AK en winst en risico W&R) tot een maximum van 20%, stelposten en verrekenposten,

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      precario en andere gemeentelijke heffingen,

    • o

      heffingen voortkomend uit onder andere milieuverordeningen,

    • o

      renteverlies, financiering, notaris, afsluitprovisie en dergelijke.

Zelfwerkzaamheid:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de te verwerken materialen,

    • o

      de afschrijving dan wel huur van het benodigde materieel,

    • o

      de arbeidsuren van de eigenaar en/of zijn personeel, mits die ten behoeve van werkzaamheden aan zijn monument zijn gemaakt in het kader van een door hem gedreven onderneming en ze achteraf kunnen worden aangetoond (bijvoorbeeld door middel van een accountantsverklaring).

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de arbeidsuren van de eigenaar en/of vrijwilliger die zelf instandhoudingswerkzaamheden verricht (de ‘doe-het-zelf’-uren van de eigenaar en/of vrijwilliger).

Overige kosten:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      specialistische werkzaamheden door derden, zoals voor:

      • beeldhouwwerk,

      • bijzonder schilderwerk,

Legeskosten:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      leges betreffende de omgevingsvergunning tot een maximum van 1,5% van de subsidiabele kosten.

Omzetbelasting/btw:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de omzetbelasting/btw tot een maximum van 21%, tenzij deze fiscaal verrekenbaar is.

Tussentijdse aanpassing van de btw-percentages wordt in deze beschouwd als meer- of minderwerk.

  • 01.05 TEKENINGEN EN BEREKENINGEN

Aanvullende tekeningen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het vervaardigen van aanvullende detail- en/of uitvoerings-/werktekeningen tot een maximum overeenkomstig de tabel, bedoeld in hoofdstuk 2, paragraaf 3, mits dergelijke tekeningen nodig zijn voor de beoordeling van de aanvraag dan wel voor de correcte uitvoering van het plan.

  • 01.06 ARBEIDSOMSTANDIGHEDEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      aanleg en onderhoud van Arbo-voorzieningen van meer permanente aard ten behoeve van veilig inspecteren en uitvoeren van werkzaamheden.

Hiervoor wordt verwezen naar de paragrafen 32, 33, 70 en 84. Tijdelijke Arbo-voorzieningen op de bouwplaats vallen onder de verantwoordelijkheid van de aannemer.

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      Arbo-voorzieningen welke verband houden met het verkrijgen en/of behouden van een gebruiksvergunning (zoals afscheidingen, hekken, trappen en verlichting).

  • 05 BOUWPLAATSVOORZIENINGEN

  • 05.00 ALGEMEEN

Groot materieel:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het inzetten van groot materieel (zoals bij voorbeeld damwanden, hijskranen, rijplaten en steigers),

    • o

      het inzetten van paardentractie.

  • 10 STUT- EN SLOOPWERK

  • 10.00 ALGEMEEN

Saneringen en verwijderingen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het (tijdelijk) verwijderen van materialen c.q. onderdelen, inclusief het daarvoor in te zetten materieel (zoals containers).

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het maken van doorbraken en overige werkzaamheden voor zover voortvloeiend uit comfortverbetering en/of veranderd gebruik.

Stut en stempelwerk:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      stut- en stempelwerk tijdens de werkzaamheden.

Beschermende voorzieningen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      beschermende voorzieningen voor monumentale onderdelen (zoals het voor en/of tijdens de uitvoering van de werkzaamheden dichtleggen van een dak, afdekken van een vloer en inpakken van het orgel en meubilair, of het beschermen van bomen).

  • 12 GRONDWERK

  • 12.00 ALGEMEEN

Civiele werken, uitgezonderd groene monumenten:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het schoon en op diepte houden van grachten, watergangen en vijvers (zie ook paragraaf 17),

    • o

      de instandhouding van aard- en waterwerken (zie ook paragraaf 17).

Voor werkzaamheden aan hierbij behorende onderdelen van bouwkundige en/of werktuigbouwkundige aard wordt verwezen naar de desbetreffende paragrafen.

  • 14 BUITENRIOLERING EN DRAINAGE

  • 14.00 ALGEMEEN

Riolering en drainage;

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding en zo nodig vernieuwing van de aansluitingen van de hemelwaterafvoeren op de (hoofd)riolering, tot maximaal één meter uit de gevel van het monument,

    • o

      de instandhouding en zo nodig vernieuwing van de riolering, voor zover ten behoeve van de hemelwaterafvoeren, tot maximaal één meter uit de gevel van het monument,

    • o

      aanleg en onderhoud van drainage ten behoeve van een adequate waterafvoer.

  • 15 TERREINVERHARDINGEN

  • 15.00 ALGEMEEN

Bestrating:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van bestrating, (zoals straten, paden en stoepen), en het periodiek voorzien van een nieuwe top- of verhardingslaag (keien, klinkers, en dergelijke),

    • o

      het herstel van de bestrating na werkzaamheden aan hemelwaterafvoeren, riolering en drainage als genoemd in paragraaf 14.

  • 17 TERREININRICHTING

  • 17.00 ALGEMEEN

Deze paragraaf betreft diverse bouwkundige en weg- en waterbouwkundige elementen. Deze kunnen zelfstandig beschermd zijn.

Bouwkundige elementen (geen gebouw zijnde):

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van bouwkundige elementen zoals grafzerken, hekwerken, lantaarns, pergola’s, standbeelden, veeroosters, veewering, vlonders en zonnewijzers,

    • o

      vervanging van dergelijke bouwkundige elementen indien herstel niet meer mogelijk is.

Voor omvangrijke metsel-, smeed- en timmerwerkzaamheden aan bouwkundige elementen wordt verwezen naar de paragrafen 22, 43 en 45.

Bruggen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van bruggen die deel uitmaken van de aanleg (bijvoorbeeld de wandeling),

    • o

      vervanging van bestaande bruggen indien herstel niet meer mogelijk is,

    • o

      het aanbrengen van een eenvoudige houten loopbrug, indien de verbinding van belang is voor de aanleg en de voorganger geheel verdwenen is.

Civiele werken:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van aardwerken zoals greppels, heuveltjes, taluds, terrassen, vliedbergen en dergelijke,

    • o

      de instandhouding van molenbergen, molenerven en molenwerven voor zo ver gelegen binnen een cirkel met het hart van de molen als middelpunt en een middellijn die gelijk is aan die van het wieken-kruis dan wel tot maximaal zes meter uit de buitengevel van de watergedreven molen,

    • o

      het opvullen van gaten, ontgravingen en rijsporen.

Voor werkzaamheden aan hierbij behorende onderdelen van bouwkundige en/of werktuigbouwkundige aard wordt verwezen naar de paragrafen 21, 22, 24, 25, 43 en 90.

Waterpartijen en waterlopen inclusief bijbehorende stuwen en duikers, waterpeilen en waterkwaliteit:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van waterlopen van poldermolens en watergedreven molens met de vanouds daarbij behorende elementen en onderdelen (zoals krooshekken, lossluizen, beschoeiingen, stuwen en wachtdeuren) binnen een cirkel met het hart van de molen als middelpunt en een middellijn die gelijk is aan die van het wiekenkruis dan wel tot maximaal zes meter uit de buitengevel van de watergedreven molen,

    • o

      de instandhouding van duikers en stuwen.

  • 20 FUNDERINGSPALEN EN DAMWANDEN

  • 20.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van funderingspalen en/of damwanden (hout, beton of staal),

    • o

      de vervanging dan wel het aanbrengen van funderingspalen en/of damwanden (hout, beton of staal).

  • 21 BETONWERK

  • 21.00 ALGEMEEN

Betonconstructies:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van betonconstructies (zoals wanden, vloeren, daken, kolommen, liggers, portalen, consoles, balkons, klokkenstoelen en dergelijke),

    • o

      de instandhouding van betonnen onderdelen (zoals balusters, cementrustiek, dorpels, hekwerken, gevelbanden en -ornamenten),

    • o

      de instandhouding van civiele en militaire werken (zoals sluis- en kademuren, forten en schuilplaatsen).

Funderingen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      herstel van betonnen funderingsconstructies,

    • o

      de vervanging van betonnen funderingsconstructies indien herstel niet meer mogelijk is.

Behandelingen en voorzieningen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het behandelen van betonwerk tegen gevolgschade door roestende wapening,

    • o

      het behandelen van betonnen onderdelen en/of constructies, indien overlast van vocht/water niet door drainage alleen kan worden weggenomen (zoals het waterdicht maken van een kelder),

  • 22 METSELWERK

  • 22.00 ALGEMEEN

Metselwerk:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van (dragend) metselwerk zoals van gevels, wanden, gewelven, kolommen, molenrompen, fabrieksschoorstenen, tuinmuren en dergelijke,

    • o

      het herstel van scheuren en het vervangen van kapotte stenen (inboeten).

Voegwerk:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van het voegwerk inclusief het op bijpassende manier opnieuw aanbrengen van uitgevallen voegwerk,

    • o

      het op bijpassende manier vervangen van voegwerk, doch uitsluitend omdat de waterkerende werking van het metselwerk van de gevel niet meer voldoende is.

Funderingen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      herstel van gemetselde funderingsconstructies,

    • o

      de vervanging van gemetselde funderingsconstructies indien herstel niet meer mogelijk is.

Afdekkingen en bekledingen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding of het vervangen van houten, metalen of (natuur-)stenen afdekkingen en bekledingen van opgaand metselwerk, geveltoppen, kroonlijsten en dergelijke.

Behandelingen en voorzieningen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het met water (onder lage druk en temperatuur, zonder toegevoegde materialen als zand of chemicaliën) reinigen van metselwerk ter verwijdering en bestrijding van mos, algen en dergelijke,

    • o

      het om bouwfysische redenen behandelen van metselwerk, indien overlast van vocht/water niet door drainage alleen kan worden weggenomen (zoals het waterdicht maken van een kelder,

    • o

      het schoonmaken van de bovenkant van stenen gewelven

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het impregneren van gevelmetselwerk.

  • 24 RUWBOUWTIMMERWERK

  • 24.00 ALGEMEEN

Houtconstructies:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van houten draag-, gewelf-, kap- en vakwerkconstructies zoals balken, gootconstructies, gordingen, hijsbalken, kapspanten, muurstijlen en sporen,

    • o

      de instandhouding van het staande werk van molens,

    • o

      de instandhouding van het gaande werk van molens (zie ook paragraaf 90),

    • o

      de instandhouding van ingebouwde en vrijstaande klokkenstoelen en klokkentorens/dakruiters met alle daarbij behorende onderdelen als onderslagbalken, vlonders en trappen (zie ook paragraaf 91),

    • o

      de instandhouding van orgelbalkons, balgstoelen en andere houten orgelconstructies (zie ook paragraaf 91),

    • o

      de instandhouding van houten elementen en onderdelen (zoals balustrades, hekwerken, spalieren, schuttingen, luifels, stellingen en veranda’s),

    • o

      het versterken of gedeeltelijk dan wel geheel vervangen van de hiervoor bedoelde houtconstructies.

Funderingen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van houten funderingsconstructies,

    • o

      het gedeeltelijk of geheel vervangen van houten funderingsconstructies indien herstel niet meer mogelijk is.

Beschietingen, bekledingen en betimmeringen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding en het gedeeltelijk of geheel vervangen van dakbeschot, gewelfbeschot, vloerdelen en dergelijke,

    • o

      de instandhouding en het gedeeltelijk of geheel vervangen van bijbehorende betimmeringen (zoals rachels, tengels, panlatten, roeflatten en klossen)

    • o

      de instandhouding van balgen- en uurwerkkamers (zie voor orgels en uurwerken ook paragraaf 91).

Behandelingen en voorzieningen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      een curatieve behandeling tegen houtaantasters als insecten, schimmels en zwammen,

    • o

      een bescherming tegen vocht/water door middel van vochtwerende, dampremmende lagen,

    • o

      een conserverende behandeling van het gaande en staande werk van molens,

    • o

      het schoonmaken van de bovenkant van houten gewelven.

  • 25 METAALCONSTRUCTIEWERK

  • 25.00 ALGEMEEN

Metaalconstructies:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van gietijzeren, smeedijzeren en/of stalen constructies.

Behandelingen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      een roestwerende behandeling en/of beschermlaag.

    • o

      het, al dan niet conform brandpreventievoorschriften, aanbrengen van brandwerende en/of brand-isolerende voorzieningen.

  • 26 BOUWKUNDIGE KANAALELEMENTEN

  • 26.00 ALGEMEEN

Schoorstenen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van schoorstenen met bijbehorende schoorsteenkanalen,

    • o

      de instandhouding van schoorsteenkappen en roosters.

Schachten en kokers:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding en de gedeeltelijke dan wel gehele vervanging van schachten en kanalen (zoals ventilatie- en rookgasafvoerkanalen) en stortkokers.

  • 30 KOZIJNEN, RAMEN EN DEUREN

  • 30.00 ALGEMEEN

Kozijnen, ramen, deuren en dergelijke:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van kozijnen, ramen en deuren (zoals stijlen aanscherven, onderdorpels vervangen),

    • o

      de instandhouding van vensteronderdelen (zoals schuiframen, raamluiken en dergelijke),

    • o

      de instandhouding van daklichten, dakkoepels en dakstraten,

    • o

      de instandhouding van elementen zoals galmborden, dakluiken en dergelijke,

    • o

      het gedeeltelijk dan wel geheel vervangen van hiervoor genoemde onderdelen en elementen

Hang- en sluitwerk:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van hang- en sluitwerk van ramen, deuren en luiken (zoals deurkloppers, deurkrukken, gehengen, scharnieren en sloten),

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het aanbrengen van extra veiligheidsvoorzieningen zoals bij voorbeeld dievenklauwen,

    • o

      het periodiek nalopen en smeren van hang- en sluitwerk.

  • 31 SYSTEEMBEKLEDINGEN

  • 31.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van systeembekledingen (zoals felsplaat- en profielplaatbekledingen).

  • 32 TRAPPEN EN BALUSTRADEN

  • 32.00 ALGEMEEN

Trappen en balustraden:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van trappen en traponderdelen (zoals trapbomen, traptreden, balustraden, leuningen, traphekken en trapluiken).

Arbo-voorzieningen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      aanleg en onderhoud van voorzieningen, conform de Arbo-wet- en regelgeving, ten behoeve van veilig inspecteren en uitvoeren van werkzaamheden (zoals loopbruggen, trappen, ladders, hekken en trapluiken).

  • 33 DAKBEDEKKINGEN

  • 33.00 ALGEMEEN

Dak- en gevelbedekkingen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van dakbedekkingen (zoals riet, pannen, leien, zink en bitumineuze dakbedekking),

    • o

      de instandhouding en/of het aanbrengen van ventilatiepannen en –roosters,

    • o

      de instandhouding van afdekkingen en bedekkingen (zoals van koper, zink, leien, natuursteen en dergelijke) van onder andere gevels, zijwangen van dakkapellen, ornamenten, dakranden en –daklijsten,

    • o

      het gedeeltelijk dan wel geheel vervangen van dak- en gevelbedekkingen.

Voor het saneren en verwijderen van asbesthoudende onderdelen zie paragraaf 10.

Balkons, luifels en dergelijke:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van afdekkingen en bekledingen (zoals van koper, zink, bitumineuze afdekking en dergelijke) van en op balkons, luifels, galerijen, veranda’s en dergelijke,

    • o

      het gedeeltelijk dan wel geheel vervangen van dergelijke afdekkingen en bekledingen.

Behandelingen en voorzieningen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      een bescherming tegen vocht/water door middel van vochtwerende, dampremmende lagen.

Arbo-voorzieningen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      aanleg en onderhoud van voorzieningen, conform de Arbo-wet- en regelgeving, ten behoeve van veilig inspecteren en uitvoeren van werkzaamheden (zoals ladderhaken en dakluiken; bij monumentale constructies dient het aantal tot een minimum beperkt te blijven en de bevestigingsplaatsen zorgvuldig gekozen te worden).

  • 34 BEGLAZING

  • 34.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van glas-in-lood ramen, al dan niet gebrandschilderd,

    • o

      het gedeeltelijk dan wel geheel vervangen van de beglazing, mits dit geschiedt op een bijpassende wijze c.q. met een in stijl passende glassoort,

    • o

      het vanvangen van enkele beglazing voor isolerende beglazing, mits die geschiedt op een bijpassende wijze c.q. met een in stijl passende glassoort.

    • o

      het aanbrengen van tegen teloorgang en vandalisme beschermende voorzetbeglazing bij bijzonder ontworpen glas-in-loodramen, waaronder gebrandschilderd glas.

    • o

  • 35 NATUUR- EN KUNSTSTEEN

  • 35.00 ALGEMEEN

Natuursteenwerken en -beeldhouwwerken:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van natuursteenwerken (zoals balustraden, bordessen, dorpels, gevelbanden, kolommen, neuten, plinten, stoeppalen, traptreden en vloeren),

    • o

      de instandhouding van natuurstenen beeldhouwwerken (decoratieve elementen en ornamenten zoals klauwstukken, kruisbloemen, pinakels en voluten),

    • o

      het gedeeltelijk dan wel geheel vervangen van natuursteenwerken en natuurstenen beeldhouwwerken.

Behandelingen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het conserverend behandelen van natuursteenwerken (bijvoorbeeld met de ‘Ibach-methode’).

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het impregneren van natuur- en kunststeenwerk.

  • 36 VOEGVULLING

  • 36.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van voegvullingen/mortels ten behoeve van de noodzakelijke afwerking c.q. afdichting (zoals dilatatievoegen),

    • o

      het vervangen dan wel aanbrengen van voegvullingen/mortels ten behoeve van afwerking c.q. afdichting mits dit geschiedt op een bijpassende wijze c.q. met een in stijl passende voegvulling.

  • 37 NA-ISOLATIE

  • 37.00 ALGEMEEN

Isolatie:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van aanwezig isolatiemateriaal.

Na-isolatie:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het (na-)isoleren van een monumentale waterinstallatie om bevriezing daarvan te voorkomen.

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het aanbrengen van overig isolatiemateriaal.

  • 38 GEVELSCHERMEN

  • 38.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van gevelschermen (zoals wind- en zonneschermen).

  • 40 STUKADOORWERK

  • 40.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van binnen- en buitenstucwerk,

    • o

      de instandhouding van stucwerk ornamenten, zowel binnen als buiten,

    • o

      het gedeeltelijk dan wel geheel vervangen van het stucwerk,

    • o

      het gebruiken van stucwerkdragers en stucwerkprofielen.

  • 41 TEGELWERK

  • 41.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van tegelwerk (zoals vloer- en wandtegels, tegeltableaus in/op schouwen en mozaïekwerk),

    • o

      het vervangen van kapotte tegels.

  • 42 DEKVLOEREN EN VLOERSYSTEMEN

  • 42.00 ALGEMEEN

Vloerafwerkingen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van vloerafwerkingen (zoals terrazzo-, granito-, parket- en stalvloeren),

    • o

      het aanbrengen van vloerbeschermende voorzieningen.

Voor de instandhouding van geschilderde vloerdecoraties zie paragraaf 46.

  • 43 METAAL- EN KUNSTSTOFWERK

  • 43.00 ALGEMEEN

Metaalwerken en metalen ornamenten:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van metaalwerken (zoals gietijzeren/smeedijzeren/stalen hekwerken, balusters, kolommen en molenassen),

    • o

      de instandhouding van decoratieve metalen ornamenten (zoals bol, haantje, kruis, windvaan, wijzerplaat en zonnewijzer).

Roosters en dergelijke:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van vloerluiken en -roosters,

    • o

      de instandhouding van ventilatieroosters (zoals gevelroosters voor de ventilatie van de kruipruimte),

    • o

      het aanbrengen en instandhouden van gaasramen en roosters ter bescherming van monumentale onderdelen,

    • o

      de instandhouding van blad- en sneeuwroosters in goten,

    • o

      het vervangen en/of aanbrengen van roosters en/of luiken,

Hijs- en ankerwerken:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van hijswerken (zoals hijsankers, hijshaken, hijskatrollen en dergelijke),

    • o

      de instandhouding van ankerwerken en bevestigingen (zoals gevelankers, bevestigingshaken en ophangstangen),

    • o

      het aanbrengen van ankers en bevestigingen.

  • 44 PLAFOND- EN WANDSYSTEMEN

  • 44.00 ALGEMEEN

Plafonds en wanden:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van plafonds en wanden van onder andere glas, hout, leem, leer, metaal en textiel, al dan niet bevestigd op tengel- en rachelwerk, riet, steengaas en dergelijke,

    • o

      de instandhouding van al dan niet geschilderde plafond- en wanddecoraties en ornamenten (zie hiervoor ook de paragrafen 46, 47 en 48).

  • 45 AFBOUWTIMMERWERK

  • 45.00 ALGEMEEN

Aftimmerwerk:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van aftimmerwerk buiten (zoals gevelbetimmeringen, dakkapellen, frontons, boei- en gootlijsten, windveren, dak- en gevellijsten, pilasters, dakluiken, schoorsteenborden en uilenborden),

    • o

      de instandhouding van aftimmerwerk binnen (zoals architraven, dagbetimmeringen, deurlijsten, koplijsten, lambriseringen, orgelkassen, plinten, raamblinden, vensterbanken en vloerluiken),

    • o

      de instandhouding van decoratieve houten elementen (zoals festoenen en sierlijstwerk).

Behandelingen en voorzieningen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      een curatieve behandeling tegen houtaantasters als insecten, schimmels en zwammen, mits deze aantoonbaar actief zijn en de behandeling wordt uitgevoerd door een ter zake deskundige,

    • o

      een bescherming tegen vocht/water door middel van vochtwerende, dampremmende lagen.

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      een preventieve behandeling tegen houtaantasters.

  • 46 SCHILDERWERK

  • 46.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      schilderwerk buiten,

    • o

      schilderwerk binnen voor zover het de binnenzijde van kozijnen, ramen en deuren in de buitengevel betreft,

    • o

      de instandhouding van bijzonder schilderwerk binnen en/of geschilderde decoraties (zoals muur-, wand-, plafond- en vloerschilderingen).

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het periodiek wassen/reinigen van schilderwerk.

  • 47 BINNENINRICHTING

  • 47.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van interieurs en interieurelementen voor zover die hecht met het gebouw verbonden zijn zoals bedsteden, grafzerken, haarden, hekwerken, kasten, kerkbanken, orgelkassen, schouwen en tochtportalen,

    • o

      specialistisch schoonmaakwerk,

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      werkzaamheden ten behoeve van de instandhouding van losse interieurelementen (zoals boeken, gebruiksvoorwerpen, gordijnen, kandelaars, los meubilair, rouwborden en schilderijen),

    • o

      regulier schoonmaakwerk (zoals afstoffen, boenen, poetsen en stofzuigen).

  • 48 BEHANGWERK, VLOERBEDEKKING EN STOFFERING

  • 48.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van interieurafwerkingen als behangwerk, vaste vloerbedekking en stoffering (zoals geschilderde behangsels, goudleer en textiele bespanningen; tapijten en lopers; bovendeur- en schoorsteenstukken),

    • o

      het aanbrengen van interieurbeschermende voorzieningen (zoals vocht-/klimaatbeheersing).

  • 50 DAKGOTEN EN HEMELWATERAFVOEREN

  • 50.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van (onder andere gietijzeren, koperen, natuurstenen en zinken) goten c.q. gootbekledingen, vergaarbakken en hemelwaterafvoeren,

    • o

      het gedeeltelijk dan wel geheel vervangen van goten c.q. gootbekledingen, vergaarbakken en hemelwaterafvoeren.

  • 51 BINNENRIOLERING

  • 51.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van binnenriolering met bijbehorende onderdelen (zoals appendages, pompen en putten).

  • 52 WATERINSTALLATIES

  • 52.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van waterinstallaties met bijbehorende onderdelen (zoals appendages, pompen en verdelers).

  • 53 SANITAIR

  • 53.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van sanitair met bijbehorende onderdelen (zoals kranen, toiletpotten en wastafels).

  • 61 VENTILATIE- EN LUCHTBEHANDELINGSINSTALLATIES

  • 61.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van onder andere binnen- en buitenroosters, ventilatie- en dakkappen,

    • o

      aanleg en onderhoud van ventilatie- en bevochtigingsinstallaties ter bescherming van interieurs.

  • 80 LIFTINSTALLATIES

  • 80.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van personen- en goederenliftinstallaties.

  • 81 ROLTRAPPEN EN ROLPADEN

  • 81.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van roltrappen en rolpaden.

  • 82 HEF- EN HIJSINSTALLATIES

  • 82.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van hef- en hijsinstallaties (zoals hefplateaus, hijsbalken en hijsankers).

  • 83 GOEDERENTRANSPORT- EN -DISTRIBUTIESYSTEMEN

  • 83.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van goederentransport- en distributiesystemen.

  • 84 GEVELONDERHOUDINSTALLATIES

  • 84.00 ALGEMEEN

Arbo-voorzieningen:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      aanleg en onderhoud van voorzieningen, conform de Arbo-wet- en regelgeving, ten behoeve van veilig inspecteren en uitvoeren van werkzaamheden (zoals veiligheidsogen en –ankers; bij monumentale constructies dient het aantal tot een minimum beperkt te blijven en de bevestigingsplaatsen zorgvuldig gekozen te worden).

  • 90 WERKTUIGBOUWKUNDIGE INSTALLATIES

  • 90.00 ALGEMEEN

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van werktuigbouwkundige installaties en onderdelen aan/in/van bij voorbeeld:

      • civiele monumenten (zoals brug- en sluisbedieningswerken),

      • industriële monumenten (zoals machinerieën en werktuigen),

      • molens (zoals de onderdelen van het gaande werk).

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van later aangebrachte/toegevoegde installaties (zoals een modernere maalderij-installatie, een mechanische bemaling, een elektrisch bewegingswerk en dergelijke) en bijbehorende werken, tenzij deze expliciet in de registeromschrijving van het monument zijn opgenomen.

  • 91 KLINKENDE ONDERDELEN VAN MONUMENTEN (luidklokken, beiaarden, orgels, uurwerken, e.d.)

  • 91.00 ALGEMEEN

Algemeen:

Omdat veel werkzaamheden voor met name de functionele instandhouding van klinkende onderdelen van monumenten specifiek en specialistisch van aard zijn, is ervoor gekozen hier een aparte paragraaf voor op te nemen. Voor subsidie komen alleen in aanmerking werkzaamheden aan klinkende onderdelen van monumenten die een monumentale waarde hebben.

Luidklokken:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van de luidklokken (werkzaamheden zoals het opvullen van slagplekken, het herstel van kronen en dergelijke),

    • o

      de instandhouding van de klokophanging (werkzaamheden aan onder andere stroppen en kloklagers),

    • o

      de instandhouding van klepels en slaghamers (werkzaamheden zoals het uitgloeien van klepels, de revisie en afstelling van de klepelophanging)

    • o

      de instandhouding van de luidinrichting (werkzaamheden aan onder andere luidassen, luidwielen, luidarmen, luidtouwen/-kettingen en luidmotoren).

Voor de klokkenstoel c.q. klokkentoren/dakruiter en bijbehorende onderdelen zie paragraaf 24.

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de vervanging van een historisch verantwoorde klepel en/of klepelophanging door een moderne uitvoering,

    • o

      de vervanging van mechanische slaghamers door magneethamers,

    • o

      het buiten gebruik stellen en/of vervangen door een nieuwe luidklok.

Beiaarden:

Zie onder luidklokken. Daarnaast:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van de tractuur van het handspel en automatisch spel,

    • o

      de instandhouding van de speeltrommel, de (gewichts-)aandrijving van de speeltrommel en noten,

    • o

      de instandhouding van mechanische speelhamers,

    • o

      de instandhouding van het klavier,

Voor de klokkenstoel c.q. klokkentoren/dakruiter en bijbehorende onderdelen zie paragraaf 24.

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de vervanging van de gewichtsaandrijving van een speeltrommel door een elektromotor,

Orgels:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van het instrument (werkzaamheden aan onder andere windvoorziening, windladen, tractuur, claviatuur, pijpwerk, klankgeving en stemming),

    • o

      schilderwerk in het kader van een algeheel herstel van het instrument,

    • o

      de functionele instandhouding van het instrument (periodieke werkzaamheden zoals stemwerk door een ervaren orgelstemmer, het schoonmaken en bijregelen van mechanieken en het afregelen van de windvoorziening),

    • o

      aanleg en onderhoud van klimaatbeheersingsapparatuur in of nabij het instrument (zoals bij voorbeeld luchtvochtigheidsmeter, luchtbevochtiger en klimaatregelaar.

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      wijziging van de klankgeving (intonatie),

    • o

      een stemhulp,

    • o

      herstelwerk als gevolg van onoordeelkundig stemwerk.

Uurwerken:

Subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      de instandhouding van het uurwerk en zijn aandrijving (werkzaamheden aan onder andere uurwerkframe, gewichten, draden/kabels/kettingen/touwen, katrollen, valkisten, opwindsysteem, gelijkloop-inrichting, slaghamers en bijbehorende afhoudveren),

    • o

      schilder- en verguldwerk aan uurwerk en wijzerplaat (conservering van de aangetroffen toestand of herstel van de uit onderzoek gebleken oorspronkelijke toestand),

    • o

      de instandhouding van de wijzerring- en wijzerplaatverlichting,

Niet subsidiabel zijn de kosten van:

    • o

      het ombouwen/wijzigen van mechanisch uurwerk naar elektrisch uurwerk,

    • o

      werkzaamheden aan moederklokken en afstandgestuurde elektronica.

  • 92 GROENE MONUMENTEN

Zie onder 17: Terreininrichtingen

Daarnaast zijn subsidiabel de kosten van:

    • o

      instandhouding van de aangelegde elementen van een groen monument, zoals beplanting en padenstructuur.

Toelichting

Algemeen deel

De Subsidieregeling Gemeentelijke Monumenten Rotterdam regelt de verstrekking van subsidie aan eigenaren van gemeentelijke monumenten als geldelijke bijdrage in de kosten van restauratie of van onderhoud van hun monument. Deze subsidieregeling heeft de vorm van nadere regels als bedoeld in artikel 3 van de Subsidieverordening Rotterdam 2014 (SVR).

Rotterdam is een stad met een rijke geschiedenis. Deze geschiedenis komt tot leven in gebouwen en plekken in de stad die daar onderdeel van geweest zijn. Om te zorgen dat deze geschiedenis tastbaar en zichtbaar blijft, heeft de gemeente gemeentelijke monumenten aangewezen. Het is in het belang van de stad en de kenbaarheid van haar verhaal dat de gemeentelijke monumenten goed onderhouden zijn en dat hun monumentale waarden goed tot hun recht komen. Deze regeling heeft tot doel de eigenaren van gemeentelijke monumenten daarbij te helpen door een financiële bijdrage te leveren in het restaureren en onderhouden van het monument dat in hun eigendom is.

Door deze regeling krijgen eigenaren maximaal € 20.000 vergoed van de kosten van werkzaamheden voor onderhoud of restauratie aan hun monument. Binnen dit bedrag kunnen ook (deels) de kosten worden gedekt van bouwhistorisch onderzoek of van onderzoek naar verduurzaming van het monument. Deze beide onderzoeken kunnen belangrijk zijn voor het behoud van het monument in de toekomst.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1. Begripsbepalingen

  • -

    Monument: de regeling is specifiek bedoeld voor gemeentelijke monumenten.

Artikel 3. Activiteiten

  • De subsidie is beschikbaar voor voorzieningen, maatregelen of werkzaamheden in het kader van onderhoud en restauratie van het monument.

    Met onderhoud wordt bedoeld dat het alle werken betreft die nodig zijn om het monument in constructieve zin te behouden. Bijvoorbeeld het bijhouden van schilderwerk.

    Restauratie is niet primair gericht op de instandhouding in bouwfysische zin, maar richt zich op het herstel van elementen van het monument die medebepalend zijn voor het cultuurhistorische karakter ervan. Het is denkbaar dat onderhoud en restauratie elkaar overlappen. Reconstructie van elementen die in zijn geheel verdwenen zijn, valt niet onder restauratie en komt ook niet in aanmerking voor subsidie in het kader van deze regeling.

    Subsidie kan worden verleend voor zowel onderhoud als restauratie. Voorzieningen zijn elementen die een vast onderdeel zijn van het monument. Bijvoorbeeld een deur, een kozijn of dakgoot. Bij een maatregel kan worden gedacht aan concrete ingreep, zoals het vervangen van een vloerbalk, of aan een tijdelijke maatregel, zoals het stutten van een muur, of het afdekken met plastic om lekkage tegen te gaan. Onder werkzaamheden kan bijvoorbeeld het herstellen van voegwerk worden begrepen.

    Er is ook subsidie beschikbaar voor een bouwhistorisch onderzoek. Dat is een onderzoek naar de bouw-, verbouwings- en gebruiksgeschiedenis van het monument, of onderdelen van een monumentaal complex in hun ruimtelijke samenhang. Hierbij wordt gekeken naar onder meer de historische context, ontwerp, (bouw)vorm, constructies, gebruikte materialen, en afwerkingen. Het onderzoek brengt in kaart hoe de oorspronkelijke situatie bij de bouw was en welke veranderingen er in de loop der tijd hebben plaatsgevonden, gerelateerd aan het (veranderende) functie/gebruik en de ruimere context. De bestaande situatie wordt beschreven als uitkomst van die eerdere processen.

    Hiernaast kan de subsidie ook worden verstrekt voor het uitvoeren van een op monumenten toegespitst duurzaamheidsonderzoek. Dit zijn onderzoeken naar de mogelijkheden van het verduurzamen van het monument, zonder dat daarbij schade wordt toegebracht aan de monumentale waarden. Een voorbeeld van een dergelijk onderzoek is de verkenning van welke energiebesparende maatregelen getroffen kunnen worden.

    De reden dat deze onderzoeken ook voor subsidie in aanmerking komen is dat niet alleen onderhoud en restauratie belangrijk zijn voor de instandhouding van het monument en haar monumentale waarden, maar dat het ook belangrijk is dat er aandacht is voor welke ingrepen er noodzakelijk zijn om het monument te kunnen laten voortbestaan op de langere termijn.

Artikel 4. Doelgroep

  • De regeling is alleen bedoeld voor particuliere eigenaren. Dat wil zeggen eigenaren die het monument zelf gebruiken en niet verhuren aan derden. Voorbeelden zijn eigenaar-bewoners van woonhuizen, verenigingen van eigenaren en kerkgenootschappen. Het is niet de bedoeling dat eigenaren worden gesubsidieerd die een monument commercieel herontwikkelen om te verkopen of te verhuren als woningen of bedrijfsruimte.

Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen

  • 1.

    Bij de subsidieaanvraag dient de eigenaar een begroting van alle kosten in. Deze kosten dienen aangemerkt te kunnen worden als “redelijk gemaakte kosten”, dat wil zeggen dat alles erop wijst dat de prijsvorming marktconform tot stand is gekomen.

    Bovendien dienen de kosten gemaakt te worden in het kader van onderhoud of restauratie en of deze zich richten op maximaal behoud van de monumentale waarden. In een bijlage van deze subsidieregeling wordt een opsomming gegeven van de ingrepen die in ieder geval als zodanig worden aangemerkt. Met het oog op een eenduidige toepassing is deze bijlage opgezet volgens de STABU-bestekssystematiek. Deze opsomming stemt grotendeels overeen met de bijlage bij de Subsidieregeling Instandhouding Monumenten van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (SIM).

  • 2.

    Bij beoordeling van de begroting wordt beoordeeld of de voorgestelde ingrepen sober en doelmatig en technisch noodzakelijk zijn.

  • 3.

    Een aanvraag die minder kosten omvat dan € 2.000 komt niet voor subsidie in aanmerking. De achtergrond hiervan is dat deze regeling beoogt om ingrepen te subsidiëren die met enige significantie bijdragen aan het behoud van het monument en haar monumentale waarde.

Artikel 6. Hoogte van de subsidie

  • 1.

    De hoogte van de subsidie is gelijk aan de hoogte van de kosten, tot een maximum van € 20.000. Als de kosten voor de eigenaar dit bedrag te boven gaan, zal de eigenaar het meerdere zelf moeten financieren. Hiervoor is gekozen omdat het doel van de regeling is het stimuleren van doelmatig onderhoud van het monument en daarbij een financiële steun in de rug te geven aan eigenaren. Door het maximeren van het subsidiebedrag per aanvrager is het mogelijk meer eigenaren te stimuleren dan als er geen (of een hoger) maximum subsidiebedrag zou zijn.

  • 2.

    Voor een bouwhistorisch onderzoek en een duurzaamheidsonderzoek geldt een maximum bijdrage per onderzoek. Dat betekent dat de kosten voor deze onderzoeken onderdeel uitmaken van de begroting en dat voor deze onderzoeken per onderzoek maximaal € 2.500 subsidie wordt uitgekeerd.

    Indien er € 2.500 subsidie wordt verleend voor een dergelijk onderzoek, kan er nog slechts maximaal € 17.500 subsidie worden verleend voor (de kosten voor) onderhoud of restauratie van het monument. Het maximale subsidiebedrag is immers € 20.000 per aanvrager.

Artikel 7. Subsidieplafond

  • 1.

    Voor de subsidie wordt jaarlijks budget gereserveerd op de begroting van de gemeente Rotterdam. Voorafgaand aan een besluit tot subsidieverstrekking wordt nagegaan of er in het budget van het jaar waarin tot subsidieverstrekking wordt besloten, nog voldoende budget is om de subsidie te verstrekken. Een subsidie kan immers alleen verstrekt worden, als er, na aftrek van in dat jaar verstrekte subsidies, nog voldoende budget is.

Artikel 8. Wijze van verdeling

  • 1.

    Subsidieaanvragen worden in behandeling genomen op volgorde van binnenkomst. De volgorde van behandeling wordt bepaald door het moment van ontvangst van de volledige aanvraag.

  • 2.

    Mocht het niet mogelijk zijn om onderscheid te maken in het moment van ontvangst, bijvoorbeeld doordat alleen de datum van ontvangst te achterhalen is en niet het tijdstip, dan wordt de volgorde van behandeling bepaald door loting.

    Het is van belang de volgorde van aanvragen te bepalen, omdat het goed voorstelbaar is dat er meer subsidieaanvragen worden gedaan dan, gezien het beperkte budget, gehonoreerd kunnen worden. Als na het verstrekken van een subsidie minder dan € 20.000 ruimte is (het maximaal te verstrekken bedrag) wordt er eerst gekeken of er voldoende budget beschikbaar is om de eerste in behandeling genomen aanvraag te honoreren. Als dit niet zo is, dan wordt deze aanvraag slechts gehonoreerd voor zover er middelen beschikbaar zijn binnen het budget. Vervolgens is het niet meer mogelijk andere (volgende) subsidieaanvragen te honoreren.

Artikel 9. Aanvraag

  • 3.

    Vanaf 1 januari kan een subsidieaanvraag worden ingediend tot en met 30 november van het betreffende jaar. Gedurende december is het niet mogelijk om een aanvraag in te dienen omdat het anders praktisch onmogelijk wordt om de aanvragen in het betreffende kalenderjaar te behandelen en te beoordelen of er voldoende ruimte in het budget beschikbaar is.

  • 5.

    Een aanvrager die subsidie heeft ontvangen op basis van deze regeling, kan in de periode van vijf jaar na dit verleningsbesluit, pas vanaf 1 november subsidie aanvragen. Zo krijgen eerst aanvragers die niet in de afgelopen jaren subsidie hebben ontvangen de kans een aanvraag in te dienen. Mocht er echter op 1 november nog ruimte zijn in het budget voor verlening van aanvragen, dan betekent het verlenen van subsidie dat het budget alsnog wordt aangewend binnen haar doelstelling. Deze eigenaren worden immers (weer) geholpen bij restauratie of onderhoud aan hun monument.

11. Verplichtingen van de ontvanger van de subsidie

Aan verstrekking van de subsidie worden verplichtingen verbonden voor de ontvanger van de subsidie. Het niet nakomen van deze verplichtingen, kan leiden tot terugvordering van subsidie.

  • 1.

    De ontvanger van de subsidie dient binnen een jaar na verstrekking de werkzaamheden waarvoor de subsidie verstrektis, te hebben voltooid. Hij dient vervolgens binnen zes weken melding te doen van het gereedkomen van de werkzaamheden.

  • 3.

    De ontvanger dient voor het uitvoeren van de werkzaamheden over de benodigde vergunningen te beschikken, zoals de omgevingsvergunning.

12. Vaststellen hoogte subsidie

De hoogte van de subsidie wordt direct bij verlening vastgesteld