Omgevingsvisie gemeente Hillegom

Geldend van 04-04-2025 t/m heden

Titelblad

afbeelding binnen de regeling

Voorwoord

Voor u ligt de tweede Actualisatie Omgevingsvisie Heerlijk Hillegom, duurzame (proef)tuin van Holland. Een document waar ik als wethouder Omgevingsbeleid en Duurzaamheid trots op ben. Een visie om gezamenlijk te komen tot Heerlijk Hillegom, waarbij duurzaamheid in al haar facetten ons leidend principe is.

Hillegom heeft een lange traditie als het gaat om pionieren en ondernemen: denk aan de familie Six, de eerste zandafgravingen en de bollenteelt. Internationale handel en innovatie zijn van oudsher hier te vinden.
Ook met onze omgevingsvisie blijven wij pionieren. Landelijk behoren we bij de koplopers met de omgevingsvisie en het onlangs vastgestelde omgevingsplan voor het Buitengebied en de Zanderij.
We willen continu ons omgevingsbeleid actueel houden en verbeteren om te zorgen voor een gezonde en veilige fysieke leefomgeving in Hillegom. Belangrijke input voor de actualisatie van de omgevingsvisie is het resultaat van de jaarlijkse terugkoppeling, ofwel: monitoring en evaluatie. Daarnaast kunnen nieuwe (beleids)ontwikkelingen en signalen vanuit de samenleving aanleiding zijn voor de aanpassing van een omgevingsvisie.
De belangrijkste wijzigingen van de vastgestelde actualisatie omgevingsvisie in 2021 zijn:

‘In de Hollandse Weides geen zoekgebieden voor windturbines en zonnevelden te realiseren, anders dan langs infrastructuur om de openheid te bewaren en de natuurwaarden van het gebied te versterken.
Voorkeur gaat uit naar clustering van Greenportwoningen aan de kern van Hillegom passend naar aard en schaal. Uiterst terughoudend te zijn bij het realiseren van Greenportwoningen in de lintbebouwing, zodat de openheid van het landschap zoveel mogelijk wordt behouden.

Streven naar 100% emissieloze en residuvrije teelt in 2030 met een duurzaam bodemgebruik.

De duurzaamheidsambitie ‘Energieneutraal in 2030’ wijzigen in ‘Energie- en Klimaatneutraal in 2050’.’

We werken met de omgevingsvisie op basis van het “ja,mits-principe”. Dit betekent dat een initiatief mogelijk is als er een bijdrage geleverd wordt aan de ambities van de Omgevingsvisie.

Onze intentie is samen met u op een duurzame manier vorm te geven aan ontwikkelingen van de fysieke leefomgeving die een bijdrage leveren aan de kwaliteiten van Hillegom, zodat duurzaamheid in de zin van de zorg voor mens, planeet en welvaart in balans is. Met u, voor u en voor de generaties die na ons komen, willen wij gezamenlijk rentmeesterschap tonen.

Namens het college van burgemeester en wethouders,

Karin Hoekstra
Wethouder Omgevingsbeleid en Duurzaamheid

1. Inleiding

afbeelding binnen de regeling
afbeelding binnen de regeling

1.1 Een kompas voor Hillegom

De gemeente Hillegom heeft een rijke geschiedenis, die zich uit in een historisch hart en een zeer gevarieerd landschap. Toeristen van over de hele wereld komen zich hier vergapen aan de bloeiende bollenvelden. Maar ook de economie floreert, alle woonmilieus zijn er te vinden en Hillegom beschikt over goede OV-verbindingen. Kortom, Hillegom is een heerlijke plek om te wonen, te werken en te ontspannen in een unieke omgeving. Dat is een grote kwaliteit, zeker in combinatie met de ligging van onze gemeente nabij steden als Haarlem, Amsterdam, Den Haag en Leiden.

In deze visie worden de verschillende belangen vanuit landschap, het dorp, recreatie en toerisme, de agrarische sector en de gemeenschap samengesmolten tot een integrale ontwikkelingsrichting voor de periode tot 2030. We benoemen onze identiteit en zetten in op het behouden en verbeteren hiervan aan de hand van toekomstige ontwikkelingen: behoud door ontwikkeling.

De kaders worden zo helder mogelijk geschetst, maar de verre tijdshorizon maakt het onmogelijk en onwenselijk om nu alles exact vast te leggen. De complexiteit van een toekomstvisie maken is in de afgelopen maanden nog maar eens gebleken. In 2018 had niemand voorzien dat we binnen twee jaar geteisterd zouden worden door een pandemie.

Er heerst veel onzekerheid: Hoe crisisbestendig is onze samenleving? Wat zijn de gevolgen voor de langetermijn? Juist in deze tijd is het belangrijk om vast te houden aan een toekomstvisie en aan een cultuur van samenwerken.

Deze visie is dan ook veel meer een route of een richting dan een hard einddoel op zichzelf, een uitnodiging om bij te dragen aan het behoud en de verbetering van onze omgeving. Voor een stevig fundament is op de achtergrond natuurlijk gewerkt met diverse prognoses.

Ons kompas is ingesteld op een heerlijke gemeente met behoud en versterking van de karakteristieke landschappen, waar voor de bewoners en bezoekers voldoende te beleven is. Maar bovenal is ons vizier gericht op een goede woon- en verblijfskwaliteit in ons dorp en het buitengebied, ondernemersomgeving met een duurzame inrichting.

Wij hebben de huidige en gewenste kernkwaliteiten gevangen in de titel van deze omgevingsvisie: ‘Heerlijk Hillegom; duurzame (proef)tuin van Holland’. Dit beeld van de duurzame proeftuin willen wij met de visie versterken en verder uitbouwen. Met deze gedachte nemen wij u graag mee op onze toekomstreis. Wij hopen u met deze omgevingsvisie te enthousiasmeren, te verleiden en te inspireren en u daarbij uit te nodigen te komen met passende initiatieven en investeringen.

Omgevingswet

Momenteel is de Omgevingswet in voorbereiding. Deze nieuwe wet is in het voorjaar van 2016 door de Eerste Kamer aangenomen en treedt naar verwachting in 2022 in werking. De Omgevingswet – die vele wetten over de leefomgeving vervangt – moet meer snelheid, flexibiliteit en samenhang brengen.

Integrale visie

In de Omgevingswet wordt het oude instrument ‘structuurvisie’ vervangen door de ‘omgevingsvisie’, waarin bijvoorbeeld ook het beleid voor water, milieu, natuur, verkeer en vervoer, landschap, erfgoed en sociaal-maatschappelijke aspecten wordt opgenomen. De omgevingsvisie is dus een integrale visie, die de lange termijn-keuzes voor de leefomgeving vastlegt en een beleidsmatige basis biedt voor de uitwerking in het omgevingsplan (de opvolger van het bestemmingsplan) en eventueel een of meerdere programma’s. De Omgevingswet verplicht elke gemeente één omgevingsvisie op te stellen voor het gehele eigen grondgebied. Tot de inwerkingtreding van de wet (naar verwachting in 2022) heeft deze omgevingsvisie echter juridisch gezien de status van structuurvisie ingevolge de Wet ruimtelijke ordening. Vooruitlopend op de Omgevingswet heeft de gemeenteraad de omgevingsvisie vastgesteld op basis van artikel 7h Besluit Uitvoering Crisis- en herstelwet.

De belangrijkste verandering die de Omgevingswet beoogt met de omgevingsvisie ten opzichte van de structuurvisie is echter niet zo zeer het product, als wel de manier van werken van gemeenten in de toekomst en de houding die daarbij wordt aangenomen.

Met de voorliggende omgevingsvisie voor Hillegom lopen we – geheel passend bij de pioniersmentaliteit van Hillegommers – vooruit op de komst van de Omgevingswet. De visie nodigt vooral uit, is flexibel en geen harnas. Bovendien is de visie samen met de bevolking, ondernemers en maatschappelijke partijen opgesteld. Gemeenten moeten integraal in plaats van sectoraal werken. Dit betekent dat er beter gekeken wordt hoe verschillende beleidsvelden elkaar beïnvloeden. Ook wordt van gemeenten verwacht dat ze meer vanuit uitnodigende ambities/kwaliteiten (bijvoorbeeld ‘bij de omgeving passende hoogte’) werkt dan vanuit normen en regels (bijvoorbeeld ‘niet meer dan x meter hoog’). Bovendien verschuift de rol van gemeenten van uitvoerende partij naar ondersteunend aan de maatschappij. Daarbij hoort ook het vereenvoudigen en versnellen van procedures.

1.2 Waarom een omgevingsvisie?

Koers uitzetten

Met de omgevingsvisie zetten we de koers uit op weg naar 2030. Bij het uitzetten van die koers hebben we ons afgevraagd ‘welke kwaliteiten van Hillegom zijn belangrijk en hoe kunnen we die koesteren?’ Het behouden van die verschillende kwaliteiten maakt het soms noodzakelijk te veranderen. Door verandering ontstaat immers ook de mogelijkheid voor verbetering.
Er zijn allerlei omgevingsfactoren die invloed hebben op onze visie en missie. Ook spelen er complexe vraagstukken waar we in de omgevingsvisie een antwoord op moeten formuleren. Daarbij gaat het om landelijke trends zoals vergrijzing, gezinsverdunning, schaalvergroting, milieu- en klimaatproblematiek en individualisering, maar ook om lokale aandachtspunten als de bereikbaarheid, de herstructurering van de bollensector, het behoud van een aantrekkelijk centrumgebied en de verhoging van natuur- en recreatieve waarden.

Er spelen in de gemeente verschillende opgaven, gedachten, initiatieven en ontwikkelingen die soms al heel concreet zijn, maar soms ook nog abstract of misschien nog wel helemaal niet bekend. Daarbij vinden wij het belangrijk dat er volop ruimte wordt gegeven aan initiatieven van inwoners en ondernemers. Dit doen we vanuit de gedachte dat we als gemeente plannen en ideeën faciliteren, op voorwaarde dat ze bijdragen aan onze visie.

Een zorgvuldige afstemming tussen al deze opgaven is cruciaal. De gemeente moet zich niet ad hoc gaan ontwikkelen, maar juist steeds - met de visie in de hand - blijven zoeken naar meerwaarde door het versterken van de leefbaarheid, de economie, het landschap en de natuur in Hillegom.

Onze gemeente kan niet los gezien worden van de grotere verbanden en is op het vlak van bijvoorbeeld de woningmarkt, verkeer, voorzieningen, de woningmarkt, de bollensector, recreatie, natuur en de boven- en ondergrondse infrastructuur (3D-ordening) onlosmakelijk verbonden met omliggende gemeenten en andere bestuurslagen. Bovendien zijn er naast buurgemeenten, regio, provincie en Rijk nog vele andere partijen betrokken bij het beheer en de verdere ontwikkeling van specifieke onderdelen van de gemeente, zoals het Hoogheemraadschap van Rijnland, Dunea, Greenport Duin- en Bollenstreek, de Greenport Ontwikkelingsmaatschappij Duin- en Bollenstreek (GOM) en ondernemers in de agrarische of recreatiesector of andere sectoren evenals inwoners en maatschappelijke organisaties. Gezamenlijk dragen al deze partijen een steentje bij aan de fysieke omgeving en het functioneren van de gemeente Hillegom.

Wij willen met een heldere visie aangeven waar we met onze gemeente naar toe willen. Zo kunnen we onze positie bepalen en - waar dat nodig is - stelling nemen. De omgevingsvisie is daarbij de kapstok voor het toekomstig beleid en initiatieven.

Daarnaast is de omgevingsvisie een integrale ruimtelijke vertaling van relevant bestaand beleid (lokaal, regionaal, provinciaal, Rijk); de visie begint niet op nul, maar bouwt verder op eerder opgestelde beleidsstukken zoals de regionale woonvisie, de centrumplannen, het Groenbeleidsplan en de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek 2016 (ISG2016). Tegelijkertijd vormt deze visie de basis voor het omgevingsplan en gemeentelijke programma’s.

Omgevingsvisie als dynamisch actieplan

Om ervoor te zorgen dat de visie niet in de kast beland maar echt tot uitvoering van projecten leidt, hebben we een hoofdstuk ‘Op weg naar uitvoering’ opgenomen (Hoofdstuk 6. Uitvoering). In dit hoofdstuk geven we aan hoe we onze ambities gaan verwezenlijken. Belangrijk element daarin is de ‘beleidscyclus’. Dit houdt in dat beleid in een continu proces wordt gemaakt, geëvalueerd en weer wordt aangepast. Daarom is de relatie van de omgevingsvisie met andere instrumenten uit de Omgevingswet, zoals het omgevingsplan en programma’s, belangrijk. De bedoeling is om al het beleid voor de fysieke leefomgeving in deze instrumenten op te nemen. Dit zorgt voor een flinke afname in de hoeveelheid beleid (dit wordt ook wel ‘ontslakken’ genoemd).

In de uitvoeringsparagraaf staan ook de resultaten van de milieueffectrapportage (m.e.r.). In het Milieueffectrapport (MER) zijn de mogelijke milieueffecten van de in deze visie beschreven ambities en beleidsvoornemens beschreven. Verder gaan we voor de verschillende (prioritaire) projecten in op aspecten (voor zover deze op dit moment bekend zijn) als:

  • de rol die we als gemeente innemen;

  • wie er betrokken worden;

  • of er budgetten beschikbaar zijn;

  • de planning.

Zoals eerder al is aangegeven, is de omgevingsvisie niet af na vaststelling, maar is de visie een groeimodel waaraan we blijven werken. Dat geldt in het bijzonder voor het uitvoeringshoofdstuk. Voor een aantal projecten kunnen we nu nog niet zo diep ingaan op (sommige van) bovengenoemde aspecten. In beginsel gaan we het uitvoeringshoofdstuk jaarlijks herzien, waarbij we de projectplannen steeds verder uitwerken en updaten. De omgevingsvisie wordt zo een dynamisch actieplan en een visie die ‘altijd vers’ is, zoals wordt beoogd met de Omgevingswet.

De aanvullingswet Grondeigendom is door de Eerste Kamer op 10 maart 2020. aangenomen. De uitwerking in het Aanvullingsbesluit Grondeigendom en de Aanvullingsregeling Grondeigendom vindt op dit moment plaats. Dit aspect wordt nader uitwerkt in de ‘updates’ van de omgevingsvisie.

Op dit moment is ook het omgevingsplan voor het Buitengebied en de Zanderij opgesteld. Met het opstellen van dit plan wordt, zoals eerder benoemd, vooruitgelopen op de werkwijze onder de Omgevingswet. Voor sommige aspecten zijn in het omgevingsplan al regels opgenomen, hier wordt in deze omgevingsvisie naar verwezen.

1.3 Luisteren, praten en debatteren

Voor een echt integrale en breed gedragen visie is participatie door en communicatie met bevolking, belangenorganisaties en de politiek essentieel. Daarom hebben we gedurende het opstellen van de visie in 2018 een tal aan participatiemiddelen ingezet. Er zijn dialoogavonden georganiseerd en er is een open uitnodiging geweest om ideeën en gedachten over de leefomgeving van Hillegom in te dienen. Daarnaast is er met een denktank – bestaande uit belanghebbende partijen uit het maatschappelijk middenveld – een aantal maal van gedachten gewisseld. Er is een enquête uitgezet onder het burgerpanel en ook de jeugd is uitgedaagd om mee te denken over de toekomst van onze gemeente. We hebben een pop-upstore ingericht tijdens de tervisielegging met kaartmateriaal en om inwoners en ondernemers persoonlijk te woord te staan. Ten slotte is deze visie mede tot stand gekomen aan de hand van interactieve bijeenkomsten met de gemeenteraad(scommissie).

In de omgevingsvisie uit 2018 is de ambitie uitgesproken om een permanente dialoog met de samenleving te onderhouden. De aanpassingen van de actualisatie 2019 waren van zeer geringe aard. We hebben hiervoor geen aparte dialoogavonden gehouden. Wel konden inwoners en andere betrokkenen een zienswijze indienen, waar in beperkte mate gebruik van is gemaakt.

In voorliggende actualisatie hebben we verbeteringen doorgevoerd in de structuur en leesbaarheid van de visie. Er zijn enkele beleidsmatige aanpassingen doorgevoerd. Het Woonprogramma heeft een aparte (participatie)procedure doorlopen en is reeds vastgesteld. De mogelijkheden voor duurzame opwek in de deelgebieden Hollandse weides en Duurzame bloementuin zijn een gevolg op de gesprekken over het opstellen van de Regionale Energie Strategie 1.0. De clustering van Greenport-woningen komt voort uit de maatschappelijke discussies over het bouwen van Greenport-woningen. Tijdens de inspraakprocedure van voorliggende actualisatie krijgen alle inwoners en andere betrokkenen nog de mogelijkheid een formele reactie te geven op de actualisatie van deze visie.

Voorstaande betekent niet dat elke opmerking uit het voortraject in de visie herkenbaar is, want er moeten keuzes worden gemaakt. Zonder de inbreng van de vele betrokkenen in het proces had de omgevingsvisie er anders uitgezien. Door de constructieve en zeer positieve manier waarop we het gesprek over de omgevingsvisie hebben kunnen voeren, hebben ook wij als gemeente een goede stap kunnen maken naar een integrale visievorming zoals de Omgevingswet die van ons gaat vragen. Op deze plek spreken wij dan ook graag een dankwoord uit aan alle personen en instanties die een bijdrage hebben geleverd aan deze visie.

Met de omgevingsvisie dragen wij bij aan ons uitgangspunt om te denken vanuit de ‘hoe kan het’-houding. In de voorbereiding hebben we veel gesproken over de manier waarop we initiatieven kunnen ondersteunen en er tegelijkertijd een bijdrage wordt geleverd aan de kwaliteit van de leefomgeving in Hillegom. Met deze visie als onderlegger gaan we daar de komende tijd concreet mee aan de slag.

1.4 Duurzaamheid als leidend principe

Klimaatakkoord Parijs

In december 2015 is mondiaal het klimaatakkoord van Parijs tot stand gekomen. Hierin is onder meer opgenomen, dat de temperatuurstijging niet meer dan 2 °C mag zijn, waarbij gestreefd wordt naar een temperatuurstijging van niet meer dan 1,5 °C. De afspraken in het klimaatakkoord van Parijs vragen een vergaande vermindering van de uitstoot van broeikasgassen, ook in Nederland. Dat kan met energiezuinige processen, meer hernieuwbare energie en minder aardgas, emissievrij vervoer, groene brandstoffen, en afvang en opslag van CO2. Dit zijn veelal nieuwe technieken, waarbij ook nieuwe infrastructuur, aangepaste regels, andere organisaties en soms zelfs andere gewoonten nodig zijn. Zonder krachtig beleid gaat dat niet lukken.

De mondiale vraagstukken krijgen steeds meer hun weerslag op regionaal en lokaal niveau. De vraagstukken gaan ook meer en meer spelen in Hillegom. Onze ambitie is: Hillegom energieneutraal en klimaatneutraal in 2050. Daarmee sluiten wij aan bij de doelstelling in de RES 1.0 van Holland Rijnland. Om energieneutraal te worden, willen we conform het Energieakkoord Holland Rijnland 80% van de energie die in de gemeente wordt verbruikt lokaal/regionaal opwekken. In Holland-Rijnland-verband gaan we op zoek om de overige 20% buiten de regio op te wekken. Om klimaatneutraal te worden, willen we onze impact op het klimaat terugbrengen naar nul en waar mogelijk willen we bijdragen aan het verminderen van de schade die we al hebben veroorzaakt, door het treffen van compenserende maatregelen. Het stellen van deze doelstellingen is een begin. Die besluiten komen voort uit het mondiaal en landelijk besef dat we met zijn allen anders moeten gaan denken en doen, willen we de wereld leefbaar doorgeven aan volgende generaties. Dat vraagstuk is groot en voor velen nog een niet bestaand of een ‘ver van mijn bed’ probleem. Maar uiteindelijk raakt het systeem ons eigen dagelijks leven en de keuzes die we maken. Het is aan de ene kant een vraagstuk over ‘grote systemen’ en aan de andere kant is duurzaamheid ook heel persoonlijk: iedereen kan elke dag besluiten om andere keuzes te maken.

De klimaatdoelstellingen kan en wil de overheid niet alleen bereiken. Betrokkenheid van iedereen is hard nodig: burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Het gaat niet langer om meer, maar om beter, slimmer en samen. In Nederland verandert het denken van de overheid en de samenleving over hoe wij de vraagstukken van vandaag het beste kunnen oplossen.

Naast richting en kader vanuit de overheid, is er ook behoefte aan ruimte, aan eigen initiatief en aan minder regels voor de burger. Deze transitie is een landelijk verschijnsel. De overheid erkent deze ontwikkeling, treedt meer terug en legt de verantwoordelijkheid zo laag mogelijk in de samenleving neer, vanuit de gedachte dat de overheid anders moet sturen: meer decentraal en faciliterend in plaats van centraal vanuit regie. De transitie gaat op een afstand gezien heel geleidelijk, maar als je inzoomt snel met horten en stoten. De provinciale en lokale overheden bereiden zich nu voor op deze transitie.

People, planet, profit

Duurzaamheid is tijdens de participatie in 2017 een belangrijk thema geweest. Tijdens deze bijeenkomsten hebben Hillegommers zelf aangegeven wat zij belangrijk vinden voor de toekomst van onze gemeente. Daarbij kwam duidelijk naar voren dat het in de omgevingsvisie niet alleen om de fysieke aspecten van de gemeente (ruimte, natuur, milieu, klimaat en energie, verkeer, water) moet gaan maar ook om actuele economische en sociale vraagstukken: om werkgelegenheid, maatschappelijk verantwoord ondernemen, de circulaire economie, om gezondheid en de notie ‘iedereen doet mee’ - de inclusieve samenleving.

Om hier gehoor aan te geven is duurzaamheid in brede zin als leidend principe gekozen in deze omgevingsvisie. In de omgevingsvisie denken en handelen we vanuit het principe van de drie P’s, waardoor sociale duurzaamheid, fysieke duurzaamheid en economische duurzaamheid samenkomen:

  • People: sociale duurzaamheid;

  • Planet: fysieke duurzaamheid;

  • Profit: economische duurzaamheid.

De 3 P’s voor People, Planet, Profit zijn gebaseerd op de definitie die de Commissie Brundtland al in 1987 presenteerde:

Een duurzame samenleving is een samenleving:

  • waarin ieder kan voorzien in zijn of haar behoeften;

  • die zorgdraagt dat ook toekomstige generaties in hun behoeften kunnen voorzien;

  • en waarbij ieder de mogelijkheid heeft zich in vrijheid te ontwikkelen, binnen een stabiele samenleving, in harmonie met zijn of haar omgeving.

De gemeente blijft een belangrijke rol spelen bij het beter en slimmer doorgeven van onze wereld aan de volgende generaties. Met instrumenten als de omgevingswet en de omgevingsvisie kunnen wij sturen op belangrijke doelen voor de maatschappij. Het is niet meer alleen zaak dat de inrichting van de ruimte ordelijk en volgens van tevoren vastgestelde kaders verloopt. Het belangrijkste is dat wij kansen signaleren en dat wat wij samen creëren een duurzame bijdrage levert op sociaal, economisch en ecologisch niveau. Daarom is deze omgevingsvisie zo ontzettend belangrijk, voor Hillegom, voor u en voor iedereen die na u komt. Het is de basis voor anders denken en anders doen, op groot en op klein niveau.

Voorgaande komt misschien erg serieus over, en dat is het ook: de urgentie is groot. Maar de situatie in de wereld, in Nederland en Hillegom biedt ook kansen: kansen voor innovatieve ondernemers en mensen die met oplossingen komen! En laten we daar in Hillegom nu net al een lange traditie in hebben.

1.5 Leeswijzer

In dit hoofdstuk hebben we de aanleiding voor en het proces naar de omgevingsvisie beschreven. In hoofdstuk 2. De kracht van Hillegom vindt u een beschrijving van de kracht van Hillegom. Wat maakt Hillegom tot Hillegom en waarom is dat bijzonder? In dit hoofdstuk beschrijven we een aantal karakteristieke elementen die de belangrijkste kwaliteiten vormen van onze leefomgeving. Deze kwaliteiten willen we behouden en vormen daarom het vertrekpunt op weg naar de toekomst.

In hoofdstuk 3. Maatschappelijk krachtenveld geven we een beschrijving van het maatschappelijk krachtenveld zoals we dat in Hillegom ervaren. Welke veranderingen zien we in onze samenleving, welke aandachtspunten zien we voor onze gemeente en welke krachten kunnen we nu misschien nog onvoldoende inschatten? Dit doen we aan de hand van acht thema’s: mens en maatschappij, toerisme en recreatie, milieu afwegingsruimte, landschap en natuur, energie en klimaat, water, bereikbaarheid en economie.

In hoofdstuk 4. Omgevingsvisie Hillegom beschrijven we vervolgens de feitelijke visie op de koers voor Hillegom voor de lange termijn, de stip op de horizon op weg naar het jaar 2030. In dit hoofdstuk beschrijven we eerst onze belangrijkste ambities per thema en vervolgens werken wij deze uit voor de verschillende deelgebieden met een eigen karakter. Van elk deelgebied duiden we de kenmerken die de huidige identiteit vormen en geven we aan hoe we de koers richting 2030 vorm kunnen geven en welke ontwikkelingen daar op welke wijze aan bij kunnen dragen.

In hoofdstuk 5. Omgevingsvisiekaart Hillegom vindt u de omgevingsvisiekaart. Op deze kaart ziet u de belangrijkste ambities, kansen en uitdagingen voor onze gemeente.

Tot slot vindt u in hoofdstuk 6. Uitvoering een toelichting op de manier waarop we onze visie kunnen realiseren. Welke mogelijkheden geven we als gemeente? Waar vragen we u over na te denken? In dit laatste hoofdstuk vindt u ook een toelichting op aspecten die nog moeten worden uitgewerkt of waar we al mee bezig zijn. Dit kan een concreet project zijn, een onderzoeksagenda of soms alleen maar een thema of onderwerp. Tot slot vindt u hier een eerste aanzet voor de manier waarop we deze visie gaan verwerken in het omgevingsplan (de opvolger van het bestemmingsplan).

2. De kracht van Hillegom

afbeelding binnen de regeling

Een belangrijk doel van de omgevingsvisie is om de kracht van Hillegom in de toekomst te behouden en waar mogelijk te versterken. In de volgende paragrafen van dit hoofdstuk beschrijven we de belangrijkste kwaliteiten van onze gemeente. Deze kwaliteiten vormen de fundering voor de koers van Hillegom op weg naar 2030.

2.1 Cultuurhistorie

Hillegom is in de vroege middeleeuwen ontstaan rond de Maartenskerk, het Hof van Hillegom en de Houttuin. Dit was op de plek waar de Hillegommerbeek de oostelijke strandwal kruiste. De Hoofdstraat was een onderdeel van het lint tussen Leiden en Haarlem dat over de oude en hoger gelegen strandwal liep. De Hoofdstraat is de historische drager van Hillegom waarlangs de eerste functies en gebouwen werden gevestigd. Hier zijn verschillende beeldbepalende historische gebouwen te vinden. Dit zijn bijvoorbeeld de Maartenskerk, de Martinuskerk, de watertoren en diverse villa’s aan de Sixlaan.

Van oorsprong hielden de bewoners zich vooral bezig met akkerbouw en veeteelt. In 1657 is in acht maanden tijd de Leidsevaart gegraven als vaarverbinding tussen Haarlem en Leiden. Bij Hillegom is deze vaart toentertijd dwars door de strandwal gegraven. In de zeventiende en achttiende eeuw werden verschillende buitenplaatsen gebouwd in de regio in opdracht van bestuurders en kooplieden uit Amsterdam en Den Haag. In de achttiende eeuw begon het verval van deze buitenplaatsen waarna ze veelal gesloopt zijn. De heer Jan Six kocht in 1749 het Hof van Hillegom, dat tot 1822 in bezit van de familie Six zou blijven.

2.2 Gunstige ligging

Hillegom bevindt zich in de westflank van de Randstad in de buurt van Haarlem, Leiden, Den Haag Schiphol en de Metropoolregio Amsterdam (MRA). De nabijheid van deze steden zorgt enerzijds voor een gunstig vestigingsklimaat in Hillegom en anderzijds voor veel werkgelegenheid in de omgeving van onze gemeente. Ook recreatief gezien heeft Hillegom een aantrekkelijke ligging in de buurt van de kust en de Keukenhof. Bovendien hebben we natuurlijk de weidse bollenvelden en ons eigen jaarlijkse Bloemencorso die veel internationale aandacht trekken.

Onze gemeente is als onderdeel van de Greenport Duin- & Bollenstreek van grote economische waarde voor Nederland. Door de voortdurende schaalvergroting neemt het aantal bedrijven in deze sector af, maar de omvang en intensiteit van het grondgebruik en de daarbij horende handel en export blijft onverminderd hoog. Dankzij de hoge werkgelegenheid in en rondom Hillegom is er een hoge arbeidsparticipatie onder de inwoners.

2.3 Bijzonder landschap

De omgeving van Hillegom bestaat uit een divers landschap met een rijke cultuurhistorie en veel natuurwaarden. Duinen, deels afgegraven strandwallen (zanderijen), strandvlaktes en open weidegebieden worden afgewisseld met diverse bebouwingslinten, oude bollenschuren en –bedrijven. Het landschap langs de historische Leidsche Trekvaart, ook bekend als de Leidsevaart, kenmerkt zich door de weidse open bollenvelden. In de visie ‘Recreëren tussen het Erfgoed’ is deze omgedoopt tot ‘Trekvaart Haarlem - Leiden’.

Onder leiding van de heer Jan Six werd begonnen met het afgraven van de duinen. Aanvankelijk was dit met het oog op akkerbouwdoeleinden. De bloembollencultuur zoals we die nu hebben dateert uit de negentiende eeuw. Deze groei van de bloembollenteelt hangt samen met de zandafgravingen. De onderliggende geestgronden vormden een goede bodem voor deze teeltvorm. Na het voltooien van de drooglegging van het Haarlemmermeer in 1852 ontstond de huidige situatie waar Hillegom ingeklemd ligt tussen de kustduinen in het westen en de Haarlemmermeerpolder in het oosten. Dit open landschap vormt bovendien een aantrekkelijk leefgebied voor diverse akkervogels (‘bollenvogels’).

2.4 Vrij breed voorzieningenniveau

Het historische centrum van Hillegom heeft nog altijd een vrij breed winkelaanbod maar staat wel onder druk, de laatste jaren zijn er winkels verdwenen. Daarnaast heeft Hillegom een breed aanbod aan maatschappelijke voorzieningen zoals de middelbare school Fioretti College, diverse basisscholen, de bibliotheek, kerken, de moskee, zwembad en sporthal De Vosse en sportpark De Zanderij, St. Cultuur Beleving, muziekschool en diverse andere culturele en cultuurhistorische instellingen.

2.5 Hechte samenleving

Wij zijn trots op onze hechte samenleving die zich kenmerkt door een actief verenigingsleven en veel lokaal georganiseerde evenementen. De Hillegommers zijn betrokken, iets dat zich uit in de hoeveelheid actieve vrijwilligers en de brede participatie bij het opstellen van deze omgevingsvisie.

2.6 Dorps wonen

Bovengenoemde kwaliteiten maken Hillegom tot een aantrekkelijke plek om te wonen. In onze gemeente kan men ‘dorps’ wonen, goed bereikbaar en met alle voorzieningen dichtbij. Het woningaanbod is bovendien aantrekkelijk en gedifferentieerd. Er is een divers aanbod van verschillende stijlen uit verschillende periodes. Dit zorgt ervoor dat er plek is voor alle leeftijden en inkomensgroepen. We hebben ook veel groene buurtparken zoals park Elsbroek, Cerespark, park De Vosse, Beltpark, Burgemeester van Nispenpark, de Heemtuin en het Wilhelminapark. Er komen bovendien steeds meer bewonersinitiatieven, zoals voor het Julianapark, waar de bewoners gezamenlijk in overleg met de gemeente een park/ groene leefomgeving en ontmoetingsplek creëren. Verder is de milieukwaliteit over het algemeen goed, dankzij de relatief geringe luchtvervuiling, de beperkte geluidoverlast door Schiphol en de lage geurbelasting.

2.7 Verbinden van verleden, heden en toekomst

We willen duurzame verbindingen in de meer figuurlijke betekenis leggen door verleden, heden en toekomst met elkaar in verband te brengen. We trekken de lijnen uit het verleden door naar de toekomst. Het rijke verleden van Hillegom willen we gebruiken als inspiratie voor keuzes omtrent de fysieke leefomgeving, zoals bij het vormgeven van woongebieden of recreatieve invullingen. We willen goed voorbereid zijn op de toekomst. We doen dit onder meer door in te zetten op duurzaamheid in het algemeen en energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie en 3D-ordening in het bijzonder.

3. Maatschappelijk krachtenveld

afbeelding binnen de regeling

3.1 Behoud door ontwikkeling

Het vorige hoofdstuk toont dat onze gemeente veel belangrijke kwaliteiten heeft die zorgen voor een goede leefomgeving. Het is belangrijk om deze kwaliteiten te waarborgen, en waar mogelijk te versterken en uit te breiden. Bestaande aandachtspunten, autonome ontwikkelingen en maatschappelijke trends vormen het speelveld waarbinnen er gewerkt wordt aan de kwaliteit en leefbaarheid van Hillegom. Deze kunnen namelijk bedreigingen vormen, maar ook kansen bieden.

Om deze reden willen we binnen de omgevingsvisie vroegtijdig hierop inspelen en ervoor zorgen dat we voorbereid de toekomst ingaan. Daarbij nemen we ook de onderscheidende kwaliteiten van Hillegom binnen de regio expliciet mee en reageren we proactief op mogelijke uitdagingen.

3.2 Positie in de regio

De positie van Hillegom binnen de regio is een belangrijk uitgangspunt voor de omgevingsvisie. Door de ligging van Hillegom in de westflank van de Randstad zijn grote steden zoals Haarlem en Leiden, maar ook Schiphol en feitelijk de hele Metropoolregio Amsterdam (MRA) en Metropoolregio Den Haag (MRDH) snel te bereiken. We liggen niet aan de rand van Zuid-Holland of net buiten Noord-Holland, maar midden in Holland. Er is een goede infrastructurele ontsluiting in noord-zuidrichting met een eigen treinstation. Hillegom vervult tevens een boodschappenplus functie voor de omliggende plaatsen De Zilk, Beinsdorp en Vogelenzang.

Kijkend naar de natuur zien we dat Hillegom onderdeel uitmaakt van het Nationaal Park Hollandse Duinen. Het weidegebied in de Elsbroekerpolder en het Park Lokhorsterduin aan de noordzijde van Hillegom zijn bovendien onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland (voormalige ecologische hoofdstructuur of EHS).

Binnen de regio werken wij samen met veel verschillende partners. Met 13 gemeenten in Holland Rijnland hebben we de gezamenlijke ambities op het gebied van Maatschappij, Economie en Leefomgeving concreet gemaakt in een aantal speerpunten. Gemeente Hillegom heeft de Strategische Agenda Ruimte Duin- en Bollenstreek vastgesteld als inbreng van de Regionale Omgevingsagenda Holland Rijnland. In Holland Rijnland verband wordt daarnaast gewerkt aan de Regionale Energie Strategie 1.0 en de Regionale Strategie Mobiliteit Deze agenda’s en visies hebben tot doel om de positie van de regio in relatie tot de Metropoolregio Amsterdam (MRA) en Metropoolregio Den Haag (MRDH) te versterken voor de gezamenlijke ambities op het gebied van ruimte, mobiliteit, wonen, economie en energie.

Samen met Katwijk, Noordwijk, Lisse en Teylingen, vormt Hillegom de Greenport Duin- en Bollenstreek. Een groot deel van de wereldhandelsstromen in de bollensector loopt via deze Greenport. De combinatie van handel en de toeristische waarde van de bollenvelden vormen een belangrijke economische motor voor onze gemeente. De greenportgemeenten hebben in 2010 samen de Greenport Ontwikkelingsmaatschappij (GOM) opgericht ten behoeve van de herstructurering van de Duin- en Bollenstreek. In 2019 is de stichting Greenport Duin- en Bollenstreek opgericht. Binnen deze stichting werken ondernemers, onderwijs en overheid samen aan de versterking van de economische positie van de Greenport. Daarnaast werken we sinds 2017 ambtelijk samen met Lisse en Teylingen onder de noemer ‘Werkorganisatie HLTsamen’.

In 2018 hebben de vijf gemeenten de stichting Economic Board Duin en Bollenstreek opgericht, om de samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen te versterken en de Economische Agenda op de gebieden Greenport, Space, Zorg en Toerisme uit te voeren.

Er zijn ook diverse ontwikkelingen gaande in de Haarlemmermeer die van invloed kunnen zijn op Hillegom. Zo wordt gewerkt aan woningbouwplannen onder de noemer ‘Parels aan de Ringvaart’, waarbij Beinsdorp als één van de parels wordt ontwikkeld. Verder komt er woningbouw bij Nieuw-Vennep en is er een groot recreatiegebied gepland tussen Nieuw-Vennep en Hoofddorp: Park21.

Het Nationaal Park Hollandse Duinen heeft eind 2020 de officiële status van nationaal park aangevraagd bij het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Het omvat het brede Zuid-Hollandse kustgebied van Hoek van Holland tot Hillegom. Het park bestaat uit zee, strand en duinen en ook de meer landinwaarts gelegen strandwallen en strandvlakten horen erbij.

Afhankelijk van thema, onderwerp of moment in de tijd varieert de positie van Hillegom in deze verschillende zaken. Dit vraagt om een flexibele houding in processen en een bewustzijn van onze eigen positie en kracht binnen de regio.

3.3 Aandachtspunten, maatschappelijke trends en autonome ontwikkelingen

3.3.0 Inleiding

In deze paragraaf geven we een overzicht van de belangrijkste aandachtspunten, trends en autonome ontwikkelingen die van invloed (kunnen) zijn op de ontwikkeling van Hillegom. Ook hierin wordt vastgehouden aan het leidende principe van de drie P’s: People, Planet en Profit. De sociale, fysieke en economische duurzaamheid vormt de rode draad door de thema’s die in de volgende paragraaf behandeld worden.

In 2019 is er een monitoring uitgevoerd door Telos. De uitkomsten van deze monitor zijn gebaseerd op dataverzameling, vergelijkingen in de tijd en vergelijkingen met andere gemeenten. De data is afkomstig van publiek beschikbare bronnen zoals het CBS, de GGD, Nationaal Bodemsaneringsonderzoek, Biodiversiteitsnetwerk, Klimaatmonitor etc. Deze monitoring is ingezet om te kijken of we als gemeente op koers liggen en is onderdeel van de evaluatie en actualisatie van de omgevingsvisie. De resultaten van de monitor zijn een momentopname en constant in beweging, waardoor ze op dit moment nog niet zijn opgenomen in de omgevingsvisie. In de toekomst wordt er gestreefd naar een herkenbare link tussen de conclusies uit de monitoring en de koersen uit de omgevingsvisie. De resultaten uit de Telos-monitor worden als bijlage aan deze omgevingsvisie toegevoegd.

3.3.1 Mens en maatschappij

Leefbaarheid

De leefbaarheidssituatie binnen Hillegom is volgens de ‘Leefbaarometer’ uit 2018 (zie leefbaarometer.nl) voldoende tot goed ten opzichte van het Nederlands gemiddelde, maar in omliggende gemeenten ligt deze score vaak nog (beduidend) hoger. De gemiddelde WOZ-waarde in Hillegom is aanmerkelijk gestegen, waardoor er sprake is van een verminderd verschil ten opzichte van de omliggende gemeenten. Voldoende (betaalbare) woningen voor starters blijven hierin een aandachtspunt. Ook de vergrijzing, die landelijk haar hoogtepunt bereikt rond 2040, heeft gevolgen voor het behouden van een dynamische samenleving.

Wonen en zorg

De gemeenteraad heeft in 2020 het “Woonprogramma 2020 – 2024: naar een duurzaam evenwicht” vastgesteld. Daarnaast is in Holland Rijnland-verband de regionale woonagenda opgesteld. Hierbij is de ambitie om de ruimtelijke kwaliteit te vergroten, een toekomstbestendige woningvoorraad en woonomgeving te creëren en de leefbaarheid te versterken. In aanvulling op het bestaande woningaanbod is er met name behoefte aan betaalbare woningen in zowel de koop- als de huursector. Daarnaast dient er enige ruimte te worden geboden voor de bouw van woningen in het dure segment. Om deze ontwikkelingen aan te laten sluiten bij de regionale plannen stemt de gemeente alle ontwikkelingen goed af met andere regiogemeenten. Op basis van afstemming met andere gemeenten in de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek 2016 (ISG2016) is een reservelocatie voor woningbouw benoemd (Pastoorslaan-Zuid).Naast het algemene woningaanbod dient er ook nagedacht te worden over de (tijdelijke) huisvesting van arbeidsmigranten, statushouders en andere bijzondere doelgroepen (tijdelijke woningen voor alleenstaanden, maatschappelijke zorg) en het nog uitsluitend Greenportwoningen te faciliteren in clusters aan de rand van Hillegom. We willen inwoners in staat stellen om langer zelfstandig thuis te wonen.

Het aantal arbeidsmigranten in Hillegom neemt al verschillende jaren toe. Het gaat hierbij om seizoenarbeiders, langdurige arbeidsmigranten en een groep ‘vestigers’. Dit legt extra druk op de woningmarkt. Iedere groep vraagt om een andere aanpak.

Gezondheid en veiligheid

Uit gegevens van de GGD (2016) blijkt dat er in Hillegom een groter risico is op angst en depressies, een negatievere waardering van de eigen gezondheid en een relatief hoog alcoholgebruik. Het blijkt ook dat Hillegom in hogere mate hangjongeren aantrekt dan de omliggende gemeenten. De invloed van de leefomgeving en mogelijke oplossingen worden nader onderzocht.

In vergelijking met de regio Hollands Midden wonen er in Hillegom relatief veel mensen nabij land- en tuinbouwgebieden en natuurlijk vooral bollenteelt-gebieden. Daarnaast wonen veel mensen in Hillegom in de buurt van drukke wegen, bedrijventerreinen en industrie, als gevolg van de sterke verweving van woonwijken en bedrijventerreinen in ons dorp. Hierdoor zijn er verschillende woongebieden waar de situatie qua veiligheid en gezondheid nog verbeterd kan worden. Dit geldt onder meer voor de gebieden in de buurt van risicobronnen (bedrijven, buisleidingen) en woongebieden naast bedrijventerreinen (onder andere wegens geluid) en nabij doorgaande wegen (wegens geluid en luchtkwaliteit). Voor wat betreft geur zijn er weinig knelpunten bekend. Er is een bedrijf met een geurcirkel en voor de (nieuwe) manege is een geurverordening vastgesteld.

Hillegom ligt buiten de aanvliegroutes van Schiphol en heeft hierdoor beperkt geluidsoverlast van vlieg-bewegingen. Er is wel sprake van ultrafijnstof, veroorzaakt door vliegtuigen.

3.3.2 Toerisme en recreatie

Onze omgeving staat internationaal bekend om de kleurrijke bollenvelden en heeft daardoor een grote toeristische potentie. Er zijn nog veel ontwikkelings-kansen. Zo kan de recreatieve functie van het historische centrum voor regionale en internationale recreanten nog verder worden ontwikkeld. De verblijfs-recreatie mogelijkheden binnen de gemeente zijn momenteel beperkt. We zetten in op kleinschalige verblijfsrecreatie. Een visie op verblijfsrecreatie (als onderdeel van de omgevingsvisie) moet antwoord geven op de behoeften, wensen en ambities op dit vlak. Daarom werken we aan het versterken van de recreatieve fiets-, wandel- en sloeproutes om recreanten beter door de gemeente te leiden, met aandacht voor een goede balans tussen recreatiedruk en natuur-waarden. Daarbij leveren cultuur en beeldende kunst-werken in de openbare ruimte een belangrijke bijdrage aan een prettige leefomgeving voor zowel recreanten, toeristen als inwoners. Kunst en cultuur creëert en verbindt.

3.3.3 Milieu afwegingsruimte

De staat van het milieu is een van de belangrijkste pijlers onder een leefbare en prettige leefomgeving. Wat betreft milieuwetgeving staat met de inwerkingtreding van de Omgevingswet veel te veranderen. Voorheen werd een groot deel van de milieuwetgeving opgelegd door het Rijk. Onder de Omgevingswet krijgen gemeenten meer taken en bevoegdheden dan voorheen het geval was. Dit zorgt ervoor dat gemeenten regels kunnen stellen die meer zijn afgestemd op de lokale omstandigheden. Voor bijvoorbeeld het ‘milieuaspect’ geluid mag een gemeente per gebied bepalen welke geluidsregels er gelden, mits dit goed wordt gemotiveerd. Of een gemeente gebruik maakt van deze zogenoemde afwegingsruimte, komt voort uit de koers die voor een gebied is uitgestippeld. Zo kan er bijvoorbeeld voor het aspect geluid in het centrumgebied meer worden toegestaan dan bijvoorbeeld in het buiten-gebied. Deze afweging wordt vervolgens in het omgevingsplan verankerd door middel van regels. Er kan echter ook gekozen worden om aan te sluiten bij de standaard-waarden uit het Besluit Kwaliteit Leefomgeving. In paragraaf 4.2.3 Milieu afwegingsruimte wordt de afwegingsruimte voor de verschillende milieuaspecten beschreven. Hierbij maken wij het voorbehoud dat nog niet voor ieder milieuaspect een (volledige) afweging is gemaakt. De lokale afwegingsruimte zal de komende jaren verder worden ingevuld en in de actualisaties van de omgevingsvisie worden opgenomen.

3.3.4 Landschap en natuur

Erfgoed en archeologie

Hillegom heeft naast veel waardevolle cultuurhistorische elementen en structuren ook een rijk bodemarchief. Ons beleid is erop gericht de archeologische bronnen zo goed mogelijk te beschermen. Dit betekent dat bij bouwwerkzaamheden verstoring van de diepere ondergrond uit archeologisch oogpunt zoveel mogelijk dient te worden vermeden. Waar dit niet mogelijk is, zal in die gebieden waar waardevolle, informatieve archeologische resten verloren dreigen te gaan, voorafgaand aan de geplande bodemingreep verantwoord onderzoek moeten plaatsvinden.

Gemeente Hillegom is wettelijk verplicht om bij het opstellen van ruimtelijke plannen, zoals een omgevingsplan, de erfgoedwaarden te inventariseren en aan te geven hoe met deze waarden wordt omgegaan. De cultuurhistorische waardenkaart van Hillegom bundelt de kennis die er binnen de gemeente is. Op deze wijze biedt de kaart een inhoudelijke onderlegger voor de gemeente voor het maken van beleidskeuzes over hoe hieraan vorm en inhoud te geven.

Biodiversiteit, groen(voorzieningen) en parken

Groenstructuren hebben een positief effect op de biodiversiteit (laanbeplanting kan gunstig zijn voor vleermuizen, bijenvriendelijke beplanting, broedplaatsen voor vogels), klimaatadaptatie (onder meer het voorkomen van hittestress) en ook op de gezondheid. Bovendien zorgen robuuste groenstructuren voor een sterke/heldere ruimtelijke opbouw en ze kunnen kernen met buitengebieden verbinden. Hillegom heeft relatief weinig van dergelijke doorlopende (volgroeide) groenstructuren. Bij nieuwe ontwikkelingen en bij het herinrichten van bijvoorbeeld het Van Nispenpark is rekening gehouden met het versterken van groenstructuren en de daarbij behorende biodiversiteit en worden maatregelen getroffen in het kader van klimaatadaptatie. Bij de herinrichting van het van Nispenpark is ruimte gemaakt om elkaar te ontmoeten.

Daarnaast is er relatief weinig openbaar groen nabij de woongebieden in het dorp. De vaak wat eenzijdige architectuur van sommige buurten en de wat rommelige stedenbouwkundige uitstraling van dorpsentrees doen afbreuk aan de ruimtelijke kwaliteit van de kern. Ook is de kwaliteit van het beheer van de openbare ruimte gedifferentieerd, wat niet bijdraagt aan de eenheid van de omgeving. Er zijn op verschillende gebieden kansen om de uitstraling te verbeteren. Waar wel rekening mee moet worden gehouden is dat het aanleggen van nieuw groen ten koste gaat van andere functies (zoals parkeren). Er zal dus per situatie een afweging moeten worden gemaakt waar de meeste behoefte aan is. Hiervoor wordt voortgebouwd op de koers die bepaald is in het Groenbeleidsplan 2015-2024.

3.3.5 Energie en klimaat

Duurzame energie

Het klimaat staat steeds meer in de politieke en maatschappelijke belangstelling. Daarom heeft Hillegom het regionaal energieakkoord ondertekend. Onze ambitie is: Hillegom energie- en klimaatneutraal in 2050. Tegelijkertijd met de omgevingsvisie is het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2018-2022 vastgesteld waarin de verschillende acties staan beschreven. De impact van deze ontwikkelingen op de uitstraling van de leefomgeving en belevingswaarde van bewoners zal altijd moeten worden meegenomen in de afwegingen.

Daarnaast wordt er een Regionale Energiestrategie (RES) opgesteld, welke voortkomt uit het nationale Klimaatakkoord. De RES is een regionaal document waarin voor 2030, met een doorkijk naar 2050, doelen worden gesteld ten aanzien van energiebesparing, duurzame energieopwekking (waaronder windenergie en zonnevelden), warmte en duurzame mobiliteit. De RES 1.0 is tot stand gekomen door een samenwerking tussen de gemeenten van Holland Rijnland, de provincie Zuid-Holland en het Hoogheemraadschap van Rijnland. Het Energieakkoord Holland Rijnland (2017) vormt de basis van de RES.

De gemeenteraad heeft op 25 maart 2021 de uitgangspuntennotitie van de LES en de TVW vastgesteld. Hierbij is besloten de volgende uitgangspunten in de omgevingsvisie op te nemen:

De gestelde doelen van de energietransitie zijn hoog. Dit betekent dat we alle mogelijkheden onderzoeken waarmee we onze ambitie mogelijk kunnen invullen. Het open landschap van de ‘Hollandse weides’ blijft echter uitgesloten als zoekgebied voor zonneweides en windturbines. In de ‘Duurzame bloementuin’ kunnen wel initiatieven ontwikkeld worden voor energieopwekking op incourant geworden percelen voor bollenteelt, mits landschappelijk goed ingepast en slechts na besluitvorming door de gemeenteraad.

Dit betekent dat de gemeenteraad:

  • a.

    openstaat voor initiatieven voor de opwekking binnen de deelgebieden ‘Heerlijke Woonplaats’ en de ‘Werkplaats Hillegom’ zoals genoemd in de omgevingsvisie, en op gebouwen en (langs) infrastructuur die liggen in de deelgebieden ‘HollandseWeides’ en ‘Duurzame Bloementuin’.

  • b.

    wil dat initiatieven voor duurzame energieopwekking anders dan zonnepanelen op daken van de Duurzame Bloementuin, ter besluitvorming worden voorgelegd aan de gemeenteraad.

  • c.

    wil dat grootschalige energie-opwek binnen gebieden realistisch, milieutechnisch, maatschappelijk (draagvlak) en financieel (lokaal eigenaarschap) haalbaar is. We voeren hiervoor een maatschappelijke kosten/batenanalyse en/of een omgevingseffectrapportage (OER) uit.

De insteek in deze is om inwoners zo goed mogelijkte informeren en hierbij vooral ook ruimte te bieden voor eigen inbreng. We kunnen het als gemeente niet alleen en verwelkomen in die hoedanigheid dan ookinitiatieven uit de samenleving.

Klimaatadaptatie

Het klimaat in Nederland verandert. Het KNMI verwacht hogere temperaturen, nattere winters, hevigere regenbuien en kans op drogere zomers. Dit heeft gevolgen voor de stedelijke omgeving, bijvoorbeeld door meer wateroverlast, grondwaterproblemen en hittestress. Dit zijn problemen waar iedereen in Hillegom en Nederland in het algemeen mee te maken kan gaan krijgen en waarbij de verantwoordelijkheid vaak verder reikt dan van de gemeente alleen.

Om de eerste stap te zetten voor het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) hebben de samenwerkende gemeenten Hillegom, Lisse en Teylingen in 2019 een stresstest klimaatbestendigheid laten uitvoeren voor het stedelijke gebied van de drie gemeenten voor de vier thema’s benoemd in het DPRA. Hiermee hebben de 3 gemeenten op hoofdlijnen inzicht in de effecten van klimaatverandering ten aanzien van wateroverlast door hevige neerslag, droogte, hitte en waterveiligheid. Het landelijke gebied is in een paralleltraject met Provincie Zuid-Holland en Hoogheemraadschap van Rijnland uitgevoerd.

De resultaten van de stresstest vormen de basis voor de volgende stap: Het voeren van een brede risicodialoog als gemeente en de belangrijkste stakeholders van het gebied om het ambitieniveau te bepalen. Binnen deze risicodialoog worden de knelpunten en kansen geïnventariseerd voor de vier klimaatthema’s (wateroverlast door hevige neerslag, hitte, droogte en overstromingen) en worden concrete klimaatambities geformuleerd.

In de stap daarna wordt een adaptatiestrategie opgesteld met daarin de mogelijke oplossingsrichtingen en maatregelen voor korte en lange termijn. De adaptatiestrategie wordt uiteindelijk verankerd in het omgevingsbeleid, zoals het omgevingsplan en/of programma.

3.3.6 Water

De gemeentelijke watertaken komen voort uit drie zorgplichten, te weten afvalwater, hemelwater en grondwater. De gemeentelijke zorgplichten hebben inhoudelijk een sterke samenhang met de zorgplichten voor het zuiveren van afvalwater en die voor het regionaal watersysteem van de waterbeheerder, in dit geval Hoogheemraadschap van Rijnland.

Zorgplicht afvalwater

De gemeente is verantwoordelijk voor aanleg enbeheer van openbare vuilwaterriolen (of gelijkwaardige voorzieningen) binnen de bebouwde kom en transport van het afvalwater naar een zuiveringtechnischwerk (bijvoorbeeld de RWZI). Bij de invulling van de zorgplicht afvalwater wordt onderscheid gemaakt tussen de bebouwde kom en het buitengebied, en tussen huishoudelijk afvalwater en bedrijfsafvalwater.

Zorgplicht hemelwater

De gemeente is verantwoordelijk voor inzameling van afstromend hemelwater van percelen, waarvan de eigenaren niet zelf kunnen voorzien in afvoer naar oppervlaktewater of bodem. Als de gemeente hemelwater inzamelt, is ze ook verantwoordelijk voor de verdere omgang, inclusief de lozing op oppervlaktewater of in de bodem. Zij kan het zowel gescheiden van als gemengd met afvalwater inzamelen. De gekozen route bepaalt de betrokkenheid van de waterbeheerder. Het waterschap kan betrokken zijn als beheerder van de ontvangende zuivering of van het ontvangende oppervlaktewater, soms van beide.

Zorgplicht grondwater

De gemeente is verantwoordelijk voor het nemen van maatregelen in de openbare ruimte om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstanden voor de aan die grond gegeven bestemming zo veel mogelijk te voorkomen. Althans, voor zover de maatregelen doelmatig zijn en niet tot de zorg van het waterschap of de provincie behoren. Vaak zal het gaan om het aanbieden van inzamelvoorzieningen voor overtollig grondwater. Als de gemeente inzamelt, is ze ook verantwoordelijk voor de verdere omgang met het grondwater. Ook is zij aanspreekpunt bij grondwaterproblemen: zij heeft de regie bij het onderzoeken van oorzaken en oplossingen.

Het algemene uitgangspunt dat de gemeente hanteert, is dat eigenaren van gebouwen en percelen zelf verantwoordelijk zijn voor de verwerking van overtollig grondwater, tenzij dit in het belang van de leefbaarheid of volksgezondheid niet haalbaar en niet doelmatig is. Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt naar gebiedstypen. Dat geldt dus ook voor de gemeente zelf als gebouw- en perceeleigenaar. Bij nieuwbouw dient rekening te worden gehouden met de grondwaterstand, zodat er bij deze nieuwbouw geen nadelige gevolgen ontstaan, maar er ook niet wordt afgewenteld op de omgeving.

Zorgplicht drinkwater

Naast de gemeentelijke zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater heeft de gemeente net als de andere overheden een zorgplicht drinkwater. Deze zorgplicht heeft inhoudelijk een sterke samenhang met de zorgplichten voor het zuiveren van afvalwater en die voor het regionaal watersysteem van de waterbeheerder, in dit geval Hoogheemraadschap van Rijnland.

De provincie is leidend in de bescherming van grondwater dat bestemd is voor de openbare drinkwatervoorziening. De gemeente volgt het beleid dat hiervoor in de provinciale omgevingsvisie wordt opgenomen. Waar nodig neemt de gemeente regels op in het omgevingsplan om de kwaliteit van het grondwater in grondwaterbeschermingsgebieden te beschermen.

Onder de zorgplicht valt ook het beschermen van de infrastructuur die nodig is voor de levering van drinkwater aan inwoners.

3.3.7 Bereikbaarheid

De automobiliteit neemt nog toe. Dit is ongunstig voor de woon- en leefkwaliteit langs de doorgaande wegen zoals de N208 en de N442 in verband met toename van geluidsbelasting en gevolgen voor de luchtkwaliteit. De noord-zuidontsluiting voor autoverkeer (via de N208) en openbaar vervoer is redelijk, maar de oostwestverbinding is matig. Naar aanleiding van het Verkeers- en Vervoersplan (3 augustus 2009) is de N208 reeds heringericht, met de Van den Endelaan als ruime parkeerlaan, waarmee de ontsluiting van het centrum is verbeterd. Ook de verbindingen met regionale voorzieningen (zoals het Spaarne ziekenhuis) kunnen beter. Om de lokale bereikbaarheid te verbeteren, zijn in het verleden diverse alternatieve tracés onderzocht voor een nieuwe oost-westverbinding.

Bepaalde landelijke trends zullen ook invloed hebben op de regionale uitdagingen. Zo zorgt de vergrijzing voor een groeiende groep die minder mobiel is. Dit hangt samen met een toename van scootmobielen, elektrische fietsen en rollators.

Ontwikkelingen zoals duurzame mobiliteit door elektrisch rijden en deelauto’s stellen nieuwe eisen in relatie tot bijvoorbeeld parkeren. De elektrische fiets is niet meer de voorkeursfiets voor alleen senioren. Er is een sterke toename van snelle, elektrische fietsen te zien bij forensen en scholieren met bijbehorende infrastructuur. Een toename van gebruik en snelheid vraagt om aanpassing van de fietsinfrastructuur, kruispunten en verbindingen.

Het doel is om op korte termijn (2020/2021) te komen tot een nieuw mobiliteitsplan. Het vigerend verkeer en vervoerplan Hillegom (HVVP) is voortgekomen uit eerdere traditionele verkeersplannen. Op basis van dit verkeers- en vervoersplan zijn korte, middellange en lange termijn oplossingsrichtingen uitgestippeld. Het hoofddoel van het vigerende HVVP is het optimaliseren van de leefbaarheid, verkeersveiligheid en bereikbaarheid in Hillegom. Het stimuleren van het openbaar vervoer was destijds ook al een ambitie die nog steeds van toepassing is om zo de rol van automobiliteit te reduceren.

De strategische opgaven op het gebied van mobiliteit worden opgenomen in de toekomstige actualisaties van de omgevingsvisie. Hoe wil de gemeente zich in de toekomst ontwikkelen en welke keuzes worden er gemaakt, want niet alles is mogelijk met de beschikbare middelen en ruimte.

3.3.8 Economie

Bedrijvigheid

De bedrijven(terreinen) liggen verspreid door de gemeente, waardoor een deel gelegen is nabij of in woongebieden. Vooral bedrijventerrein Hillegommerbeek ligt nagenoeg geheel ingeklemd tussen woonwijken. We zetten ons in op het behouden van vitale bedrijventerreinen, ook als hier transformatie voor nodig is.

Daarnaast richten we ons op het verduurzamen van (bestaande) bedrijventerreinen. Op regionaal niveau is een kwalitatieve analyse van de bedrijventreinen beschikbaar. Ook is de klimaatstresstest beschikbaar. Beide analyses geven meer inzicht in de behoeften en wensen ten aanzien van de toekomstige ontwikkeling van bedrijventerreinen in de regio. We maken voor onze gemeente de vertaling wat deze analyses betekenen in relatie tot onze ambities, en welke inspanningen nodig zijn om deze te verwezenlijken. We kijken hoe de bedrijventerreinen aantrekkelijker, groener, duurzamer en leefbaarder ingericht kunnen worden.

Verbinden van mensen en bedrijven

Het verbinden gaat verder dan de fysieke leefomgeving. Het verbinden van mensen is ook een belangrijke doelstelling. Daarbij gaat het erom de samenwerking van maatschappelijke organisaties te bevorderen, de sociale cohesie te versterken en de eenzaamheid te bestrijden. We hebben aandacht voor (de mogelijkheden voor) mensen met een beperking. Ook de economische samenwerking en kruisbestuiving vinden we van groot belang. Goede verbindingen tussen bedrijfsleven en werknemers - een goed functionerende arbeidsmarkt - is een cruciale factor voor een economisch florerende gemeente. Door overheden, bedrijven en kennisinstellingen optimaal met elkaar te verbinden (dit wordt ook wel ‘triple helix’ genoemd) kunnen we hier maximaal aan bijdragen.

Het lokale bedrijfsleven en de gemeente hebben in 2019 de intentieovereenkomst ‘Heerlijk Hillegom op weg naar de toekomst’ afgesloten. Hierin is afgesproken op welke manier wij allemaal kunnen bijdragen aan het succesvol verwezenlijken van initiatieven op thema’s als bereikbaarheid, duurzaamheid, aantrekkelijkheid, gezondheid en arbeidsparticipatie.

Centrumvoorzieningen

Ondanks het relatief complete voorzieningenaanbod van het centrum, is de leegstand van winkelpanden de laatste jaren redelijk hoog. Deze trend hangt deels samen met de voorzettende digitalisering en online consumptie. Daarnaast vloeit er koopkracht weg naar de omgeving. Wel is onlangs de uitstraling van het centrum verhoogd door de nieuwe herinrichting van de Hoofdstraat en het realiseren van ontmoetingsplekken in het centrum. Het is belangrijk dat er een goed winkelaanbod blijft bestaan voor Hillegommers en bezoekers, er kansen worden geboden voor werkgelegenheid en ondernemerschap en dat het centrum de kwaliteit biedt die hoort bij de centrale verblijfs- en ontmoetingsplek van het dorp. Het centrum van Hillegom wordt steeds meer een boodschappencentrum, aangevuld met een aanbod voor doelgerichte aankopen. Deze ontwikkeling is een landelijke trend voor vergelijkbare gemeenten en vraagt om een andere opzet van het centrum.

Om de uitstraling en verblijfskwaliteit van het centrum te verbeteren wordt het beleid van de vastgestelde centrumplannen voortgezet. In de centrumplannen zijn er reeds duidelijke ontwikkelingen vastgelegd en uitgevoerd om de uitstraling en verblijfskwaliteit van het centrum te versterken. De kwaliteitsimpuls voor de Hoftuin en de Molenstraat zijn inmiddels afgerond. Het Van Nispenpark en omgeving is opnieuw ingerichten heeft hiermee eveneens een kwaliteitsimpuls gekregen, waarbij ontmoeting centraal staat. Ook volgt uit de centrumplannen dat het belangrijk blijft te zorgen voor een aantrekkelijke inrichting van de openbare ruimte, een goede bereikbaarheid, een reclamebeleid dat past bij de historische kwaliteiten, een goed technisch en functioneel beheer en de aanwezigheid van diverse grote en kleine evenementen. Het elkaar ontmoeten staat centraal.

Greenport Duin- en Bollenstreek

Al in 1996 hebben de bollengemeenten en maatschappelijke organisaties de handen ineengeslagen en het ‘Pact van Teylingen’ opgesteld om de aantasting en verrommeling van het buitengebied tegen te gaan. In 2004 is dit uitgebreid met het ‘Offensief van Teylingen’ om gewenste ontwikkelingen die vertraagd werden, alsnog te kunnen realiseren. Dit is vertaald in de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin-en Bollenstreek (ISG) waarin op tal van terreinen beleid is geformuleerd. Met het oog op de uitvoering is de Greenport Ontwikkelingsmaatschappij (GOM) opgericht. In 2016 is de ISG geactualiseerd en dit document vormt voor het buitengebied de basis voor de omgevingsvisie. De ISG2016 blijft voor Hillegom van kracht tot het moment, dat het beleid van de ISG2016 Omgevingswet-proof is gemaakt. In Bijlage Bijlage II Continuering ISG-beleid onder de Omgevingswet is de uitwerking van het strategische beleid van de ISG2016opgenomen voor de gehele Duin- en Bollenstreeken voor Hillegom specifiek. Daarnaast wordt naar verwachting door de gemeenten een gezamenlijk Programma ISG opgesteld.

In 2019 is tevens de stichting Greenport Duin- en Bollenstreek opgericht. Binnen deze stichting werken ondernemers, onderwijs en overheid samen aan de versterking van de economische positie van de Greenport. De stichting wordt gefinancierd vanuit de Greenport gemeenten en vanuit een subsidie van de provincie Zuid-Holland. Voor de uitvoering van projecten worden samenwerkingspartners gezocht. En projecten van derden die bijdragen aan de economische positie van de Greenport worden ondersteund.

4. Omgevingsvisie Hillegom

afbeelding binnen de regeling

4.4.0 Inleiding

Heerlijk Hillegom

We hebben in 2017 uitvoerig gesproken met bewoners, ondernemers en (andere) belanghebbende partijen (zie paragraaf 1.3 Luisteren, praten en debatteren). Daarbij kwam duidelijk naar voren dat het belangrijk is de identiteit van de gemeente als uitgangspunt te nemen voor de ontwikkelrichting voor de komende jaren, met als streven die identiteit zoveel mogelijk te behouden en te versterken. Maar wat is nu die identiteit van Hillegom? Uit de verschillende gesprekken is gebleken dat de huidige identiteit van Hillegom niet alleen wordt gevormd door de bestaande kwaliteiten (zie hoofdstuk 2. De kracht van Hillegom) maar ook door de rijke ontstaansgeschiedenis die tot deze kwaliteiten heeft geleid. We vatten de identiteit samen in twee woorden: ‘Heerlijk Hillegom’ (zie paragraaf 4.1 Heerlijk Hillegom).

Duurzame (proef)tuin van Holland

Om de zo gewaardeerde identiteit in de toekomst te kunnen behouden en waar mogelijk te versterken, is het nodig op adequate wijze in te spelen op maatschappelijke trends en ontwikkelingen (zie hoofdstuk 3. Maatschappelijk krachtenveld). Over de manier waarop we dat zouden moeten doen, hebben we eveneens uitvoerig gediscussieerd met inwoners, ondernemers en maatschappelijke partijen. Ook tijdens de bijeenkomsten met de raads- en burgerleden is uitvoerig gediscussieerd over de uit te zetten koers op weg naar 2030. Dit alles heeft geresulteerd in een toekomstperspectief dat we het motto ‘Duurzame (proef)tuin van Holland’ hebben gegeven (zie paragraaf 4.2 Duurzame (proef)tuin van Holland). Met dit toekomstperspectief zetten we de lijnen vanuit het verleden naar het heden door in de toekomst.

Koersen op karakter per deelgebied

Binnen ‘Heerlijk Hillegom’ zijn duidelijk verschillende deelgebieden te onderscheiden die alle hun eigen identiteit hebben. In paragraaf 4.3 Koersen op karakter per deelgebied beschrijven we per deelgebied steeds eerst het bestaande karakter en vervolgens de koers/ontwikkelingsrichting op weg naar 2030. Ook voor de koers voor de deelgebieden geldt dat deze gericht is op het behouden en versterken van de bestaande kwaliteiten van het deelgebied en tegelijkertijd op het realiseren van het gemeentebrede toekomstperspectief ‘Duurzame (proef)tuin van Holland’.

4.1 Heerlijk Hillegom

Zoals hierboven aangegeven wordt de huidige identiteit van Hillegom niet alleen gevormd door de bestaande kwaliteiten maar ook door de ontstaansgeschiedenis waardoor deze kwaliteiten zijn ontstaan. ‘Heerlijk Hillegom’ geeft in twee woorden onze identiteit weer. Hieronder leggen we uit waar ‘Heerlijk Hillegom’ voor staat.

Heer

Met heerlijk verwijzen we allereerst naar de Heer van Hillegom, in het bijzonder het geslacht Jan Six (vanaf 1722). Jan Six investeerde enorm in Hillegom met het oog op de toekomst. Hij zette het afgraven van de duinen voor de teelt van groente en later bloembollen in gang, hij zorgde voor het bestraten van zandwegen en hij regelde een waterpomp, drie stenen bruggen en een armen- en weeshuis. Hij toonde daarmee rentmeesterschap.

Heerlijkheid

Met heerlijk verwijst de gemeente Hillegom naar haar historie als Heerlijkheid. In 1722 kocht toenmalig burgemeester van Amsterdam Jan Six de Heerlijkheid Hillegom. Deze rijke historie geeft een adellijk en voornaam tintje aan Hillegom. Hieruit kan de Hillegommer een zekere trots ontlenen. En … ‘noblesse oblige’: Hillegom moet daar dan ook naar handelen en zich richten op een kwaliteit die recht doet aan haar blauwe inborst.

De rijke historie is echt zichtbaar in het dorp en het buitengebied. Het Hof van Hillegom, waar in de Middeleeuwen de Graven van Holland al samenkwamen, is een mooi voorbeeld van een voormalige buitenplaats van de familie Jan Six.

Hille-g-om

Het woordje Hille, waar Hillegom voor een deel zijn naam aan te danken heeft, staat waarschijnlijk voor ‘sterk’ of ‘strijdbaar’, maar mogelijk ook voor ‘heuvel’ of ‘vluchtplaats (op de strandwal)’. Zeker is dat de ‘-om’ in de naam Hillegom een afgekorte vorm van ‘heem’ is, wat zoveel als ‘woonplaats’ betekent. Al in de zestiende en zeventiende eeuw was Hillegom een toevluchtsoord voor stedelingen die de drukte van de stad graag verruilden voor de lommerrijke, gezonde en rustige omgeving die Hillegom bood. Nu is dat weer het geval: mensen komen vanuit Haarlem en Amsterdam naar Hillegom voor het dorpse karakter, in combinatie met een goede bereikbaarheid van de omliggende steden en van Schiphol. Zij waarderen net als de bestaande Hillegommers ook het dorpse wonen met goede voorzieningen en een actief verenigingsleven. Hillegommers zelf blijven hier doorgaans graag wonen of keren na een periode in hun leven weer terug op het oude nest.

Heerlijk

De letterlijke betekenis van ‘heerlijk’ (in de Dikke van Dale) is ‘prachtig’ of ‘verrukkelijk’. Heerlijk verwijst zodoende naar mooi. Heerlijk is een teken van (ruimtelijke) kwaliteit, maar dit begrip kan naar tal van terreinen vertaald worden: een fraai landschap, een levendig centrum, een goede ligging, rustig wonen, mooie recreatiemogelijkheden in de buurt, zorgeloos groen en prachtige sportaccommodaties. Zo kunnen de bollenvelden een verrukkelijk panorama opleveren. Verrukkelijk verwijst ook naar de potentie van het historisch centrum om horecagelegenheden en ontmoetingsplekken te huisvesten. Verrukkelijk zijn ook de lekkere producten uit Hillegom zoals chocolade, bier en delicatessen.

Eerlijk

Het woord ‘eerlijk’ is onderdeel van ‘Heerlijk’. Eerlijk betekent (aldus de Dikke van Dale) ‘betrouwbaar’ of ‘openhartig’. Deze betekenissen zijn zeker van toepassing op Hillegom. Hillegom is namelijk een betrouwbare gemeente voor alle inwoners en wil dat blijven. Daarom zorgt Hillegom ervoor dat aan de voorkant openheid geboden wordt en duidelijk is waar zij voor staat en waaraan initiatiefnemers moeten voldoen om medewerking te krijgen. Dit past goed in de geest van de Omgevingswet (zie hoofdstuk 1. Inleiding). Verder past eerlijk bij Hillegom omdat de gemiddelde Hillegommer op zijn of haar manier eerlijk is: recht voor zijn raap en betrokken. Het is belangrijk dat Hillegom de potentie en de wens heeft om eerlijke, pure en duurzame producten te leveren.

4.2 Duurzame (proef)tuin van Holland

4.2.0 Inleiding

Feitelijk zijn we allemaal heer van Hillegom. Het is daarom belangrijk dat we rentmeesterschap tonen en in deze omgevingsvisie aangeven waar we ons de komende jaren voor (blijven) inzetten.

Wij vinden het belangrijk om de lijnen uit het verleden naar het heden door te trekken in de toekomst. Dit betekent niet dat we geen nieuwe wegen inslaan en nieuwe verhalen toevoegen aan de canon van Hillegom. Maar door de gewenste ontwikkelingsrichting te koppelen aan de geschiedenis en de daaruit voortgevloeide kwaliteiten geven we deze een stevig en herkenbaar Hillegoms fundament. ‘Duurzame (proef)tuin van Holland’ is de nieuwe stip op de horizon.

Duurzaamheid bestaat uit sociale, fysieke, en economische duurzaamheid, ook wel bekend als People, Planet, Profit (de drie P’s; zie ook paragraaf 1.4 Duurzaamheid als leidend principe). Als deze drie vormen van duurzaamheid in evenwicht zijn is er sprake van een echt duurzame ontwikkeling. Naast het feit dat we geld willen verdienen en van de welvaart willen genieten is het ook onze taak om goed voor de mensen en het milieu te zorgen. Wij hebben nu een verantwoordelijkheid voor de toekomstige generaties, Hillegom wil een duurzame gemeente zijn.

4.2.1 Mens en maatschappij

Maatschappelijke betrokkenheid

Bij sociale duurzaamheid staat het welzijn van de mens met gelijke rechten centraal. We vinden sociale samenhang, sociaal vertrouwen en participatie belangrijk: de betrokkenheid van mensen met elkaar en met de samenleving; het gaat om prettig samenleven, ook daar waar sprake is van sociaaleconomische en culturele diversiteit.

De Omgevingsvisie kan als inspiratiedocument dienen om initiatiefnemers uit te nodigen om bij te dragen aan de koers van de visie. Hierin staan wij open voor inbreng vanuit de samenleving (zie hiervoor hoofdstuk 6. Uitvoering). Daarnaast stimuleren we bedrijven om maatschappelijk verantwoord te ondernemen.

Gezondheid

Hillegommers wonen graag in een gezonde leefomgeving met een goede lucht- en waterkwaliteit, een geschikte bodemkwaliteit en geen noemenswaardige geluids-, licht- en geuroverlast. We streven naar verbetering van de luchtkwaliteit door onder meer:

  • 100% emissieloze en residuvrije teelt van bloemen, bollen, knollen en vaste planten te stimuleren;

  • stimuleren van het gebruik van openbaar vervoer en fiets;

  • terugdringen van het vrachtverkeer;

  • weren van bedrijvigheid met een sterk verkeersaantrekkende werking uit de kern;

  • behouden en ontwikkelen van groenstructuren, zowel in de kern als in de linten en het buitengebied.

Onze ambitie is het woon- en leefklimaat te verbeteren door bijvoorbeeld te zorgen dat bedrijven die nu niet passen binnen de koers hun bedrijfsvoering zodanig aanpassen dat ze in de toekomst wel passen binnen de koers. Als dit niet mogelijk blijkt, kan uitplaatsing overwogen worden. Nieuwe bedrijven met een grote milieubelasting (bijvoorbeeld qua geluid, geur en verkeer) worden alleen op bedrijventerrein Hillegom-Zuid toegelaten. Bedrijven moeten voldoen aan de normen die passen bij het betreffende gebied.

Daarnaast is veiligheid van belang voor de leefbaarheid. Risicovolle activiteiten worden daarom niet toegelaten op plaatsen waar ze conflicteren met de leefbaarheid. We willen bovendien dat bestaande risicovolle activiteiten binnen hun huidige risicocontouren blijven. Andersom passen gevoelige functies (zoals scholen en kinderdagverblijven) bijvoorbeeld minder goed in de nabijheid van N-wegen/hoofdwegen vanwege gezondheidsrisico’s. Het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen willen we terugdringen door emissieloze en residuvrije teelt van bloemen, bollen, knollen en vaste planten te stimuleren.

Onder een gezonde leefomgeving valt ook de aanwezigheid van voldoende groen en een goede bodemkwaliteit. Contact met groen en bodem heeft positieve effecten op de gezondheid. Contact met de bodem is goed voor het ontwikkelen van generieke weerstand, vooral bij kinderen.

Wij gaan uit van het bevorderen van positieve gezondheid. Daarbij gaat het om het voorkomen van ziekte en het versterken van een gezond gevoel. Een positieve gezondheid en een gezonde leefomgeving kunnen op verschillende manieren gerealiseerd worden. Hierbij denken we onder andere aan het creëren van een beweegvriendelijke omgeving, het realiseren van een groene omgeving en het versterken van sociale cohesie.

Healthy Hillegom

De nota “Hillegom Positief Gezond!” is vertaald naar een plan welke een gezondheidsbeweging op gang kan brengen. Het doel hiervan is om de gezondheid van de inwoners van Hillegom te bevorderen door een positieve leefstijl aantrekkelijker te maken en hierin de leefomgeving te betrekken. De nota en dit plan sluiten aan en lopen vooruit op de ‘Landelijke Nota Gezondheidsbeleid 2020-2024’ waarin de ambitie wordt genoemd om bij decentrale beleidsontwikkeling meer verbinding te leggen tussen het fysieke en sociale beleidsdomein.

Healthy Hillegom heeft een verbindende rol en brengt bestaande partijen, projecten en initiatieven die gezondheid stimuleren binnen Hillegom samen. Het geeft partijen uit het gezondheidsveld de mogelijkheid zich aan te sluiten bij een grotere boodschap. Op deze manier kunnen we zichtbaarheid en daadkracht vergroten.

Healthy Hillegom is de aanjager van een gezondheidsbeweging in Hillegom. De gemeente gaat samen met ondernemers, sportverenigingen, zorgverleners en andere die een rol spelen in het gezondheidsveld onderzoeken hoe de gezonde keuze in Hillegom steeds makkelijker, leuker en zichtbaarder wordt.

Door de gezonde keuze de makkelijke keuze te maken creëren we samen een plek om gezond en gelukkig te wonen, werken en op te groeien. Daarnaast heeft Healthy Hillegom de potentie om bij te dragen aan de cohesie binnen de gemeenschap omdat we samen willen werken aan een gezond Hillegom.

Het creëren van gezondheid in een gemeenschap is een lang traject en vergt daarom ook een lange adem van de betrokken partijen. Het zou mooi zijn als de gemeente Hillegom een voorloper kan zijn wat betreft preventieve gezondheid in Nederland.

4.2.2 Toerisme en recreatie

Hillegom heeft een unieke ligging wat betreft toerisme en recreatie, onderdeel van het Nationaal Park Hollandse Duinen, de stranden en de zee, de Keukenhof en het bollenlandschap en bruisende steden. De vindbaarheid van bestaande recreatieve functies en toeristische trekkers in het buitengebied vanuit het centrum kan beter. Lokhorsterduin heeft de potentie om kwalitatief hoogwaardig recreatiegebied te worden. Het versterken van de uitstraling van de entrees van Hillegom aan de N208 draagt bij aan de recreatieve ervaring en vindbaarheid van de regio. Hiermee werken we het thema ‘beleving’ uit het gebiedsprogramma B(l)oeiende Bollenstreek verder uit, door het realiseren van bloemrijke bermen en ecologische verbindingszones.

Deze versterking kan gecombineerd worden met het realiseren van een Toeristisch Overstappunt (TOP) in het noorden van de gemeente. De zichtbaarheid van de trekvaart Haarlem – Leiden wordt vergroot door het realiseren van informatievoorzieningen. Op deze manier kan het verhaal van de trekvaart Haarlem – Leiden beter beleefd worden en wordt dit bekend bij een groter publiek.

4.2.3 Milieu afwegingsruimte

Nu wij als gemeente onder de Omgevingswet meer zeggenschap krijgen over welke (milieu)regels wij stellen voor activiteiten in de leefomgeving, wordt dit een belangrijk onderdeel binnen de omgevingsvisie. De omgevingsvisie vormt immers de basis voor de regels in het omgevingsplan. Hoe wij als gemeente omgaan met deze afwegingsruimte hangt af van de lokale omstandigheden. Onderstaande aspecten worden bij de volgende actualisaties van de omgevingsvisie nog nader uitgewerkt. Hieronder worden de belangrijkste onderdelen kort besproken.

Wij vinden een goed milieu een wezenlijk onderdeel van een goede fysieke leefomgeving. Daarom hechten wij grote waarde aan een goede bodemkwaliteit, weinig geluidhinder, een goede luchtkwaliteit, weinig geurhinder, een hoge externe veiligheid en weinig lichthinder. Dit komt ook de woonkwaliteit en de recreatie ten goede.

Bodem

Op basis van een verplichting op grond van het Besluit bodemkwaliteit artikel 55, lid 1 hebben we een nieuwe bodemfunctieklassenkaart opgesteld. De bodemfunctieklassenkaart is van belang voor de bepaling van terugsaneerwaarden bij bodemsaneringen (terugbrengen van de bodemkwaliteit naar een acceptabel niveau) en als toepassingnormering bij grondverzet. In de bodemfunctieklassenkaart is de gemeente ingedeeld in de functies wonen, industrie en achtergrondwaarde (landbouw, natuur). Een bodemfunctieklassenkaart geeft géén beeld van de actuele bodemkwaliteit. De bodemfunctie-klassenkaart wordt opgenomen als onderdeel van het omgevingsplan 2.0, evenals de nadere uitwerking van dit aspect.

Geluid

Geluidhinder heeft een grote invloed op het woongenot en de beleving van de leefkwaliteit. Het behouden van de huidige geluidsituatie en waar nodig het verbeteren hiervan is hierbij het uitgangspunt in Hillegom. Voor het buitengebied geldt dat de grenswaarde voor geluid door activiteiten niet wordt overschreden. Voor geluid door spoor- en wegverkeer worden nog nadere regels opgesteld.

Geur

Geur kan hinder veroorzaken en de gezondheid schaden. Soms zijn activiteiten die geur veroorzaken toch nodig voor het functioneren van de samenleving. Door kritisch te kijken naar geurveroorzakende bedrijfs- en hobbyactiviteiten kan hinder in veel gevallen voorkomen of verminderd worden. De komende jaren wordt de geursituatie in de gemeente opnieuw bekeken omdat de regelgeving onder de Omgevingswet zal veranderen.

Externe veiligheid

Externe veiligheid of omgevingsveiligheid gaat over de risico’s die sommige functies of activiteiten met zich meebrengen. Zoals eerder benoemd is veiligheid van belang voor de leefbaarheid en moeten bedrijven en activiteiten passen bij de koers van het gebied waarin zij liggen of plaatsvinden. Vanzelfsprekend streven wij naar een hoge mate van veiligheid. Voor bestaande functies die risico’s met zich meebrengen, en waar aanpassing van de bedrijfsvoering niet mogelijk is, wordt bekeken of het mogelijk is om een andere, meer geschikte locatie te vinden.

Luchtkwaliteit

De Europese grens- en streefwaarden voor de luchtkwaliteit van buitenlucht zijn omgezet naar omgevingswaarden voor de Rijksoverheid. Dat betekent dat het Rijk ervoor moet zorgen dat deze waarden gehaald worden, eventueel met hulp van provincie en gemeenten. Een goede luchtkwaliteit moet worden bereikt door onder andere de verduurzaming van de teelt, het stimuleren van OV- en fietsgebruik, het terugdringen van vrachtverkeer en het zorgen voor een goede doorstroming. Tevens worden er in principe geen nieuwe gevoelige functies (als scholen en kinderdagverblijven) nabij drukke wegen gerealiseerd. Voor de N-wegen in de gemeente geldt hiervoor een afstand van 50 meter.

4.2.4 Landschap en natuur

Hillegom heeft vier verschillende landschapstypen.In het noorden bevindt zich het laatste restant niet afgegraven strandwal. Ten westen van de N208 en de Zandlaan ligt de afgegraven strandwal waarop de bollenvelden zijn ontstaan (zanderijen). Ten westen van de Loosterwegen ligt de strandvlakte, die ook voor de bollenteelt geschikt is gemaakt. Ten slotte liggen in het oosten de veenweidegebieden.

De kwaliteiten en karakteristieken van de verschillende landschapstypen in de gemeente zijn leidend bij alle ontwikkelingen. Deze zijn per deelgebied verder uitgewerkt in de volgende paragraaf.

Cultuurhistorie en archeologie

Wij willen cultuurhistorische elementen en structuren behouden en beter zichtbaar maken. Eigenschappen die bijdragen aan het cultuurhistorisch waardevolle Hillegomse landschap zijn onder andere de verkavelingsrichting, openheid, bebouwingsstructuur en het profiel van kades, wegen, linten en waterlopen. Belangrijke elementen zijn onder andere de Maartenskerk, het Hof van Hillegom en de Houttuin.

Onder cultuurhistorie vallen monumenten en cultureel erfgoed. Cultureel erfgoed is opgedeeld in de categorieën ‘middel beschermd’ en ‘licht beschermd’. Er wordt dus onderscheid gemaakt in de mate van bescherming. Bij het verrichten van activiteiten waarbij cultureel erfgoed is betrokken geldt, ongeacht de mate van bescherming, altijd de specifieke zorgplicht. Deze zorgplicht is erop gericht dat een ieder die activiteiten onderneemt die raken aan cultureel erfgoed, wordt geacht maatregelen te nemen tegen de beschadiging of vernieling hiervan.

Daarnaast streven wij naar een goede bescherming van de archeologische waarden van Hillegom. Bij voorkeur gebeurt dit in de bodem (in situ). Wanneer dit niet mogelijk is, dient er een archeologisch onderzoek plaats te vinden. Hier geldt dat de verstoorder betaalt voor het onderzoek. Het versterken van de afleesbaarheid en beleefbaarheid van de geschiedenis van Hillegom kan bijvoorbeeld door verschillen te accentueren en kenmerken met bebording duidelijk te maken. Ook kunstobjecten in de openbare ruimte kunnen een bijdrage leveren aan een fijne leefomgeving.

Ecologische verbindingen

De Elsbroekerpolder en Park Lokhorsterduin zijn onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland (NNN; de voormalige ecologische hoofdstructuur of EHS).

De Trekvaart Haarlem-Leiden vormt een ecologische verbindingszone binnen het NNN, die Park Lokhorsterduin verbindt met de delen van het NNN ten westen van de Keukenhof. Daarnaast vormen de Ringvaart, de spoordijk en de Hillegommerbeek lange lijnvormige structuren waardoor ze kunnen functioneren als natuurlijke corridors voor planten en dieren. Zoals reeds ingezet in het gemeentelijke Groenbeleidsplan stimuleren wij natuurlijke ontwikkelingen in deze gebieden die passen binnen het open karakter van het landschap. Het wensbeeld bestaat uit natuurvriendelijke en bloemrijke oevers en bermen, in combinatie met ruigten en struwelen. Door het creëren van natuurvriendelijke oevers langs watergangen in het bollengebied kan het ecologisch netwerk verder worden versterkt en wordt de biodiversiteit ook op lokaal niveau verhoogd.

Verbinden van boven- en ondergrond

Als het gaat om duurzame verbindingen moeten we ook rekening houden met de niet direct zichtbare ondergrond. Het duurzaam veilig en efficiënt gebruik van bodem en ondergrond staat ook wel bekend als 3D-Ordening. In bodem en ondergrond ligt niet alleen bestaande infrastructuur, zoals kabels en leidingen, maar er liggen ook veel ruimteclaims voor de toekomst. Zeker bij vraagstukken als energietransitie, klimaatadaptatie en circulaire economie kunnen we gebruik maken van de kwaliteiten van de ondergrond,maar moeten we ook rekening houden met de kenmerken van die ondergrond. Het behalen van de in deze visie beoogde ambities van energiebesparing en opwekking van duurzame energie kan immers consequenties hebben voor de ondergrond. De aanleg van een warmtenet vanuit de noordelijke of zuidelijke Randstad is waarschijnlijk niet mogelijk. Andere oplossingen worden momenteel onderzocht.

Hillegom is in 2020 aangesloten op de Basisregistratie Ondergrond en hiermee komt steeds meer informatie over de ondergrond beschikbaar, die meer inzicht geeft in de bodem en (diepe) ondergrond. Gelet op de ruimteclaims en maatschappelijke opgaven is het van belang dat in een omgevingsvisie slimme keuzes worden gemaakt voor combinaties van robuuste bodem- en (ondergrondse) watersystemen en een duurzaam gebruik van de bodem en ondergrond. Hierbij is het van belang dat de identiteit van het gebied en de daarbij behorende de geologische en aardkundige waarden in stand blijft. De komende jaren vindt in overleg met de partners steeds meer 3D-ordening plaats en vindt de vertaling plaats in de omgevingsvisie en het omgevingsplan.

Het is interessant voor de inwoners en recreanten om de ondergrond zichtbaarder te maken. Met name de verschillen in bodemopbouw, die door de afgravingen een belangrijk onderdeel van het DNA van Hillegom zijn, willen we beter afleesbaar maken. Ook kunnen ondergrondse voorzieningen ingezet worden voor het ‘bollentoerisme’.

In het kader van 3D-Ordening is verder een aantal acties relevant:

  • Om 3D-Ordening in de omgevingsvisie en omgevingsplan met een afwegingskader te verankeren gaan we in overleg met onze partners Hoogheemraadschap Rijnland, Dunea, Nutsbedrijven, Provincie Zuid-Holland, Ministerie Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties, buurgemeenten en Omgevingsdienst West-Holland;

  • om de doelstelling 100% emissieloze en residuvrijeteelt te halen en een betere bodemkwaliteit en grondwater- en oppervlaktewaterkwaliteit te behalen, participeren we in de initiatieven die voortkomen uit de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport (ISG; Duin- en Bollenstreek, 2016) en die moeten leiden tot een ‘duurzame bollenteelt’;

  • ook om een robuust klimaatbestendig watersysteem te realiseren nemen we deel aan initiatieven die voortkomen uit de ISG2016;

  • om de natuurwaarden in de Hollandse weides te versterken en bodemdaling tegen te gaan, gaan we in gesprek met het Hoogheemraadschap van Rijnland en de gemeente Haarlemmermeer om een hogere waterstand en vernatting van de polders te realiseren. Door het realiseren van een ‘tussenpeil’ in de Haarlemmermeer kan voorkomen worden dat de lagergelegen gronden in de Haarlemmermeer grondwater blijven onttrekken aan de polders.

4.2.5 Energie en klimaat

Wij nemen deel aan het Energieakkoord van Holland Rijnland om gezamenlijk bij te dragen aan de energietransitie. Uit onderzoek naar de mogelijkheden voor de opwekking van duurzame energie in Holland Rijnland (‘Gebiedstrategie Duurzame Energie Holland Rijnland’, november 2016) blijkt dat alles op alles moet worden gezet om voldoende duurzame energie op te kunnen wekken, willen we aan onze energie- en klimaatdoelstellingen kunnen voldoen: Hillegom energie- enklimaatneutraal in 2050.

Het energieakkoord Holland Rijnland streeft ernaar dat 80% van de regionale energiebehoefte in de eigen regio duurzaam wordt opgewekt en 20% van buiten de regio komt. Daar zal Hillegom zijn steentje aan bij moeten dragen. Om ervoor te zorgen dat Hillegom haar energie- en klimaatdoelstellingen gaat halen, stimuleert de gemeente een breed spectrum aan activiteiten die schone energie produceren en bijdragen aan de veerkracht en het klimaatadaptieve vermogen van onze gemeente. Dit doen wij graag samen met inwoners, ondernemers en regionale partners.

Duurzaam ruimtegebruik

Uit de bijeenkomsten met bewoners is gebleken dat Hillegom het dorps karakter moet blijven houden en dat grootschalige uitbreidingen niet gewenst zijn. We willen daarom duurzaam omgaan met onze ruimte, ook bij woningbouw. Ontwikkeling van nieuwe woningen zal daarom zo veel mogelijk binnenstedelijk plaatsvinden.

Hierbij sluiten we aan bij de ladder voor duurzame ontwikkeling en is ons stappenplan als volgt: Allereerst worden de reeds ingezette ontwikkelingen afgerond (stap 1). Vervolgens worden projecten/fasen die al in voorbereiding zijn ontwikkeld (stap 2); daarbij is het wel belangrijk dat de ‘inbreiding’ met woningbouw niet ten koste gaat van de leefbaarheid en het groene, dorpse karakter van Hillegom. Alleen als blijkt dat er in regionaal verband een kwantitatieve dan wel kwalitatieve behoefte is aan extra ruimte voor nieuwe woningen buiten het bestaand stedelijk gebied, dan komen locaties zoals de reservelocatie tussen de Pastoorslaan en de Stationsweg (locatie ‘Pastoorslaan-Zuid’) in beeld (stap 3).

Woningen

Wij zetten in op het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad en op duurzame nieuwbouw. Hierbij kan gedacht worden aan energieleverende of -neutrale woningen, woningen zonder gasleiding, afkoppeling van hemelwater, het indikken van rioolwater, realisatie van extra waterberging, vergroening van versteende oppervlaktes (bij voorkeur ook in private tuinen) om de waterbergende capaciteit te vergroten, groene daken, zongerichte daken/woonkamer en natuur-inclusief bouwen (bijvoorbeeld huismussenkasten meenemen in het ontwerp). Deze ambitie geldt ook voor het realiseren van (Greenport)woningen in het buitengebied. Tevens spelen we in op het verduurzamen van oudere, bestaande woningen. Hillegom heeft een behoorlijk aandeel oudere woningen in particulier eigendom. Het is een uitdaging om deze woningen geschikt te maken voor de energietransitie. Dit doen we in de Lokale Energie Strategie en de Transitivisie Warmte en in samenhang met het opstellen van de Regionale Energiestrategie (RES) in Holland Rijnland.

Bedrijven en bedrijventerreinen

We willen dat bedrijven en bedrijventerreinen voldoen aan de milieuwetgeving en bijdragen aan het minimaal gelijk houden en zo mogelijk verbeteren van de bestaande milieukwaliteit om de milieuhinder voor omwonenden zoveel mogelijk te beperken. We zetten daarnaast in op het verduurzamen van bedrijven en bedrijventerreinen. Bij nieuwbouw of verbouw van een bedrijf is duurzaamheid een belangrijke factor om medewerking aan een initiatief te kunnen verlenen.

Circulaire economie

De gemeentelijke organisatie zelf streeft reeds naar een 100% duurzaam inkoopbeleid van materialen en een optimale grondstoffenkringloop voor afval. In de eerste helft van 2019 hebben we gesproken met inwoners, deskundigen op het gebied van afval en met de gemeenteraad om te horen hoe zij denken over een betere afvalinzameling, wat de mogelijkheden zijn en wat hun wensen en behoeften zijn. In een enquête en in groepsgesprekken geven inwoners aan al goed te scheiden, maar dat zij zeker nog meer kunnen doen. In het beleidsplan ‘Van Afval naar Grondstof’ is vervolgens een nieuw afvalbeleid vastgesteld om zo het restafval te verminderen en meer afval beschikbaar te maken voor recycling. Zo draagt Hillegom bij aan het landelijk afvalscheidingsdoel en aan een circulaire economie. Dit doel ligt op 100 kilogram restafval per inwoner per jaar. Hillegom scoort momenteel 186 kilogram restafval per inwoner per jaar. Het beleidsplan is een uitvoeringsprogramma onder deze omgevingsvisie.

4.2.6 Bereikbaarheid

Vervoersverbindingen

In lijn met de landschappelijke opbouw langs de kust is Hillegom vooral in noord-zuidrichting goed ontsloten. Dit geldt zowel voor het wegverkeer als voor het openbaar vervoer. Wij zijn trots op het feit dat we een NS-station hebben.

Het bereikbaarheidsprobleem voor het wegverkeer en het openbaar vervoer in oost-westrichting, een vlotte doorstroming van de N208, de bereikbaarheid van regionale voorzieningen en het terugdringen van de overlast van het vrachtverkeer moeten worden aangepakt.

In 2020 heeft Provinciale Staten van Noord-Holland besloten om alleen in de gemeente Haarlemmermeer aanpassingen te doen aan het bestaande wegennet. Om de oost-westverbindingen en de regionale bereikbaarheid in de Noordelijke Duin- en Bollenstreek te verbeteren zijn we in gesprek met de provincie Zuid-Holland, de regio Holland Rijnland en gemeenten voor fiets, OV en auto. Het terugdringen van vrachtverkeer door het dorp is daarbij belangrijk om te komen tot een veiliger en gezondere leefomgeving.

Autoluwe of autovrije woonstraten en schoolomgevingen dragen bij aan de lokale leefbaarheid en veiligheid. Om die reden is het wenselijk dat doorgaand gemotoriseerd verkeer zo veel mogelijk om de wijken heen gaat, terwijl wandel- en fietsverkeer juist in de wijken passen. Wij willen het autogebruik ontmoedigen en gebruik van openbaar vervoer en het fietsgebruik stimuleren als alternatief. Hiervoor is een veilig, comfortabel, groen/aantrekkelijk en bereikbaar fietsnetwerk binnen Hillegom noodzakelijk:

  • tussen alle woongebieden (via de parken);

  • tussen de woongebieden en het centrum;

  • binnen het centrum;

  • tussen het centrum en het treinstation;

  • naar de omliggende gemeenten (waarbij rekening wordt gehouden met snelle (elektrische) fietsen).

Deze verbindingen zijn belangrijk voor het dagelijks gebruik, maar we willen ook de recreatieve infrastructuur verbeteren. Verder zetten we in op het creëren van meer aantrekkelijke ommetjes, recreatieve vaarroutes (bijvoorbeeld een vaarverbinding tussen de Leidsche Vaart en de Ringvaart via het centrum van Hillegom) en doorgaande lange-afstandsroutes, onder meer naar het strand en de duinen.

Ook een goed, bereikbaar en toegankelijk openbaar vervoernetwerk ontmoedigt het autogebruik. Daarom is het belangrijk om de sterke verbindingen met Hoofddorp/Schiphol/Amsterdam, Haarlem en Leiden te behouden en verbeteren. Bij de aanbesteding van personenvervoer laten we het aandeel elektrisch en op waterstof rijden meewegen. Het aanbod P+R-plaatsen en fietsenstallingen bij het NS-station moet bovendien aansluiten bij de vraag. Er kan ook gekeken worden naar de mogelijkheid voor een groter (onbetaald) parkeeraanbod, extra fietsenstallingen en een (frequent rijdende) pendelbus van het centrum naar het NS-station. In het kader van het verduurzamen kunnen er zonnepanelen geplaatst worden op bijvoorbeeld de fietsenstallingen en (parkeer)voorzieningen bij het NS-station.

Om de leefbaarheid en gezondheid nabij de wegen te verbeteren, willen wij de overlast die veroorzaakt wordt door vrachtverkeer terugdringen, het aantal autoverplaatsingen en optrekbewegingen verminderen, deelauto’s stimuleren, een stiller wegdek realiseren en schonere en stillere (elektrische) motorvoertuigen stimuleren. Wij willen dat het aantal ongevallen afneemt. Ook moeten wij kunnen garanderen dat hulpdiensten de wettelijke aanrijdtijd kunnen halen. Dit willen we bereiken door wegen in te richten conform de landelijke richtlijnen en aanbevelingen ten aanzien van een verkeersveilige weginrichting (Duurzaam Veilig Verkeer). Dit is een overheidsinitiatief bedoeld om de verkeersveiligheid te vergroten en ongevallen te voorkomen. Ook moet de inrichting van de gehele openbare ruimte een bijdrage leveren aan de doelstellingen op het gebied van energie en klimaat. Klimaatbestendigheid en het leveren van een bijdrage aan de energietransitie worden dan ook leidende inrichtingsprincipes voor de openbare ruimte.

4.2.7 Economie

Economische duurzaamheid is het welzijn voor de economie. Het welzijn voor de economie is geen doel op zichzelf, maar moet een bijdrage leveren aan de sociale en fysieke duurzaamheid. De ondernemers van Hillegom maken de economie. Daarom willen wij de tevredenheid, het vertrouwen, en de investeringsbereidheid van de ondernemers in Hillegom vergroten. Een goed vestigingsklimaat dat gebruikt maakt van bestaande kwaliteiten is hierbij van belang. Dit geldt voor alle gebieden in de gemeente en zeker voor het centrum en het buitengebied. De gemeente wil een regiegemeente zijn die waar mogelijk private initiatieven faciliteert en stuurt op kwaliteitsimpulsen. Het bieden van ruimte voor economische ontwikkelingen die eveneens bijdragen aan het realiseren van de sociale en fysieke duurzaamheids-ambities, staat hierin centraal. Maatschappelijk verantwoord ondernemen - met als kernwaarden arbeidsparticipatie, vergroening en eerlijkheid - speelt hierin een belangrijke rol. Wij willen een goede verbinding en kruisbestuiving tussen het bedrijfsleven, overheden, kennisinstellingen, de arbeidsmarkt en de maatschappij stimuleren en ondersteunen.

(Proef)tuin

De inspiratie voor het lonkend perspectief van een proeftuin is geïnspireerd op het feit dat in Hillegom in de loop der jaren heel wat is gepionierd. Zo was ’t Hof 800 jaar geleden al de plek waar de Graven van Holland bij elkaar kwamen, de kiem vormend van het latere Nederland. De grootschalige zandafgravingen en (in tweede instantie) daaraan gekoppelde bollenteelt vond voor het eerst in Hillegom plaats. Ook het droogleggen van de Haarlemmermeer begon vanuit Hillegom. Verder stamt de eerste corsowagen en het eerste bloemencorso van de Bollenstreek uit Hillegom (geïnitieerd door een Hillegomse bollenkweker).

We willen nog steeds - net als vroeger - pionieren en vooroplopen. Het feit dat we nu reeds als één van de eerste gemeenten in Nederland zowel een omgevingsvisie als omgevingsplan (samen onderdeel van de pilot ‘Van omgevingsvisie naar omgevingsplan’ voor het Ministerie van Infrastructuur en Milieu) opstellen, vooruitlopend op de komst van de Omgevingswet, past mooi bij deze ambitie.

Hillegom zien wij ook als (proef)tuin in letterlijke zin: ons buitengebied wordt verder ontwikkeld tot de voortuin van Holland, waar recreanten uit binnen- en buitenland naar toekomen om te genieten van de vele kwaliteiten. Ook voor de Hillegommers zelf is het een gebied om te ontspannen en te genieten. Ook in dit verband gaan we uit van ‘positieve gezondheid’: we stimuleren een gezonde leefstijl, een gezonde leefomgeving (zorgeloos groen en zo min mogelijk vervuiling en overlast) en een goede mentale gezondheid. We zijn daarom al druk bezig met opwaardering van het groen. Bij het verbeteren van de fysieke leefomgeving willen we inspiratie halen uit de historische landgoederen en buitenplaatsen. We willen bovendien toe naar 100% emissieloze en residuvrije teelt van bloemen, bollen, knollen en vaste planten in 2030, met een duurzaam gebruik van de bodem.

Holland

Holland verwijst naar de rijke historie van de Graven van Holland. Dit geeft kansen om het historische erfgoed op te waarderen, bijvoorbeeld door de parken onderling te verbinden en door het oude centrum aantrekkelijker te maken. Ook willen we de toeristisch-recreatieve potenties van het internationaal bekende bollengebied en de oer-Hollandse weides beter benutten. In het buitenland doet het merk ‘Holland’ het goed.

Verder is de verwijzing naar Holland relevant omdat Hillegom op de grens ligt tussen Zuid- en Noord-Holland: we liggen dus midden in Holland! Onze vele samenwerkingsverbanden die over die grens heengaan bewijzen dit. We willen deze gunstige ligging nog beter benutten door in te zetten op goede verbindingen met de regio, omliggende steden en Schiphol.

Ondersteunen van initiatieven

De gemeente kan en wil de in deze visie beschreven doelen samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties verwezenlijken. We willen juist de energie van de samenleving gebruiken om dit op te pakken. De gemeente zal dus van harte die initiatieven ondersteunen die op een of andere manier bijdragen aan de gezamenlijke doelen, zoals die in deze omgevingsvisie zijn weergegeven.

In het integrale afwegingskader zijn de doelen weergegeven, die voortvloeien uit de voorgaande paragraaf. Per gebiedsdeel zijn er nog aanvullende doelen weergegeven. Zo kan iedere initiatiefnemer aan de voorkant zien waarop zijn of haar voorstel wordt beoordeeld. Natuurlijk zal een initiatief in de praktijk niet op alle onderdelen maximaal ‘scoren’, maar het is wel wenselijk dat er geen hele slechte scores tussen zitten. Het gaat hier overigens om een kwalitatieve en niet om een normatieve inschatting. Vervolgens gaat het erom dat er een gemiddeld positieve score uitkomt. Dan is sprake van een maatschappelijke meerwaarde. Daarbij is ook van belang dat de initiatiefnemer in overleg treedt met omwonenden en eventuele andere belanghebbenden en daarbij op zoek gaat naar draagvlak voor het initiatief. De gezamenlijk gestelde doelen zijn ook de basis geweest voor het beschrijven van de beleidsdoestellingen uit deze visie en voor het formuleren van nieuw thematisch of sectoraal beleid. Deze manier van denken past geheel in de Omgevingswet.

Afwegingskaders

Sociale duurzaamheid

Maatschappij

  • Versterken van sociale samenhang en vertrouwen en daarmee een meerwaarde voor de samenleving/maatschappij

  • Gelijke rechten en participatie in de maatschappij

Gezondheid, veiligheid en milieu

  • Nieuwe risicovolle bedrijfsactiviteiten weren

  • Risicovolle transporten door woonkernen voorkomen

  • Risicovolle activiteiten blijven binnen risicocontouren

  • Kwetsbare objecten buiten risicocontouren plaatsen

  • Gebruik van gewasbeschermingsmiddelen terugdringen en emissieloze en residuvrije teeltvan bloemen, bollen, knollen en vaste planten bevorderen

  • Leefomgeving beweegvriendelijker en groener inrichten

  • Geen gevoelige functies nabij bollenteeltgrond waar nog gewasbeschermingsmiddelenworden toegepast

  • Gevoelige bestemmingen niet nabij drukke wegen realiseren

  • Behoud of verbeteren woon- en leefkwaliteit

  • Behoud of verbeteren chemische bodemkwaliteit

  • Behoud of verbeteren geluidssituatie

  • Voorkomen en beperken van lichthinder

  • Maatregelen ter bescherming van de riolering

  • Verbinden van boven- en ondergrond

Fysieke duurzaamheid

Landschap en natuur

  • Behouden of versterken van de herkenbaarheid/zichtbaarheid van de opbouw van hetlandschap (verkavelingspatroon e.d.)

  • Behouden of versterken gebiedskenmerken

  • Behoud of toename van biodiversiteit

  • Versterken ecologische verbindingen

Cultuurhistorie, archeologie en aardkundige waarden

  • Behouden of versterken cultuurhistorische, archeologische en aardkundige waarden

  • Afleesbaarheid en beleefbaarheid verbeteren

  • Verbinden van verleden, heden en toekomst

3D-Ordening

  • Duurzaam veilig en efficiënt gebruik van bodem en ondergrond

Energie en klimaat

  • Energieneutraal in 2030 en klimaatneutraal in 2050

  • Waterberging en retentie verbeteren

  • Hittestress mitigeren

  • Duurzame energieopwekking (ook tijdelijk) en besparingen realiseren

Duurzaam ruimtegebruik bij woningbouw

  • Nieuwbouw zoveel mogelijk via inbreiding

  • Compact/multifunctioneel bouwen/beperkte hoogbouw

  • Autoluw/-vrije woonomgeving

  • Eerst ingezette en in ontwikkeling zijnde projecten realiseren

  • Bestaande en nieuwe woningen verduurzamen

  • Natuur-inclusief bouwen

Bedrijven en bedrijventerreinen

  • Verduurzamen bestaande en nieuwe bedrijven(terreinen)

  • Voldoen aan milieuwetgeving en overlast zoveel mogelijk beperken

  • Bedrijven dragen bij aan de ambities voor het deelgebied

  • Bedrijven passen de best beschikbare technieken toe

  • De woon- en/of leefklimaat wordt behouden en/of versterkt

Toerisme en recreatie

  • Vindbaarheid van bestaande recreatieve functies en toeristische trekkers versterken

  • Versterken van de uitstraling van de entrees van Hillegom aan de N208, eventueel gecombineerd met een Toeristisch Overstappunt (TOP)

  • Versterken nieuwe vormen van toerisme en recreatie

Economische duurzaamheid

Economisch

  • Stimuleren maatschappelijk verantwoord ondernemen

  • Streven naar circulaire economie (grondstoffen, materialen en afval)

  • Streven naar volwaardige arbeidsparticipatie bij bedrijven, ketens en samenleving (inclusief social return)

  • Versterken goede verbinding en kruisbestuiving tussen het bedrijfsleven, overheden, kennisinstellingen, de arbeidsmarkt en de maatschappij

  • Gemeente koopt 100% duurzaam in (MVI)

Mobiliteit

  • Stimuleren openbaar vervoer en versterken hoogwaardige verbindingen

  • Fiets- en wandelverkeer versterken (onder andere door efficiënte shortcuts en fiets- en voetgangersvriendelijke kruispunten)

  • Verbindingen met omliggende dorpen en steden versterken

  • Rondom kwetsbare functies (scholen) autoluwe gebieden instellen

  • Faciliteren autodelen

  • Alternatief vervoer naar attracties

  • Versterken P+R stationsgebied

  • Verkeersveiligheid blijft ten minste gelijk

  • Verbeteren recreatieve infrastructuur

  • Stimuleren alternatief vervoer (stillere/elektrische/waterstofauto's)

  • Terugdringen overlast vrachtverkeer

  • Verbeteren doorstroming

  • Realiseren stiller wegdek

  • Geen toename van/verminderen van parkeeroverlast

GPR Gebouw

Bij nieuwbouw van woningen in de zes deelgebieden (zie paragraaf 4.3 ) worden onderstaande streefwaardes (GPR Gebouw) gehanteerd:

  • DuurzaamheidsPrestatie Gebouwen (DPG, combinatie van milieu en energie) minimaal een 8;

  • gezondheid en gebruikskwaliteit minimaal een 8;

  • toekomstwaarde minimaal een 7 (of bij de keuze voor een ander instrument vergelijkbare streefwaardes te formuleren)

4.3 Koersen op karakter per deelgebied

Kaart

afbeelding binnen de regeling

Inleiding

Verschil in karakter

Het vertrekpunt van onze koers op weg naar de ‘Duurzame (proef)tuin van Holland’ wordt gevormd door de verschillen in sfeer en karakter binnen onze gemeente. We onderscheiden de volgende zes deelgebieden met elk een eigen karakter:

  • Duurzame bloementuin

  • Hollandse weides

  • Historisch hart

  • Heerlijke woonplaats

  • Werkplaats Hillegom

  • Levendige linten

In de volgende paragrafen beschrijven we de karakters van de verschillende deelgebieden. Per deelgebied geven we vervolgens op basis van dat karakter een visie op hoofdlijnen op de toekomst: hoe willen we de bestaande kwaliteiten behouden en versterken en welke typen ontwikkelingen kunnen daaraan bijdragen? Daarbij is van belang op te merken dat de ‘Levendige linten’ dwars door andere deelgebieden heen lopen. Daarom geldt naast de koers voor het bebouwingslint ook de koers voor het deelgebied waarin het lint is gelegen. Het omgekeerde geldt natuurlijk ook: als ontwikkelingen in een bepaald deelgebied plaatsvinden in een bebouwingslint, dan moet ook gekeken worden naar de koers voor het betreffende lint.

De kaart met alle deelgebieden samen vormt een ruimtelijk raamwerk dat dient als kapstok voor (nieuwe) ontwikkelingen. Ontwikkelingen kunnen hieraan worden opgehangen, mits ze passen bij de sfeer/ het karakter van het deelgebied. Zo dragen ze bij aan het behoud of de versterking van de kwaliteit.

De grenzen tussen de diverse gebieden hebben we logisch gelegd. Hierdoor zijn deze grenzen ‘hard’ en is duidelijk zichtbaar welke visie voor welk gebied geldt. Soms kan het echter voorkomen dat een specifieke locatie op de grens van twee gebieden ligt. Ook dan biedt de visie voldoende aanknopingspunten om het gesprek over een bepaalde ontwikkeling of initiatief op de juiste manier te kunnen voeren.

4.3.1 Duurzame bloementuin

Gebiedskaart
afbeelding binnen de regeling

Duurzame bloementuin

afbeelding binnen de regeling
Karakter

De identiteit van Hillegom wordt voor een belangrijk deel bepaald door de kleuren, geuren en structuren van het bollengebied dat het grootste deel van ons buitengebied beslaat. De meeste bollengronden liggen - met uitzondering van enkele percelen aan de noordzijde van Hillegom - ten westen van de N208. Dit deelgebied beslaat de zanderijen (op een afgegraven strandwal) en de open strandvlakte langs de Trekvaart Haarlem-Leiden. Dat het gebied van de zanderijen vroeger een hoge strandwal was, is nog goed zichtbaar aan de verhoogde ligging van de Veenenburgerlaan, de Bethlehemlaan en de Winterrustlaan, die niet zijn afgegraven en daardoor op een soort zandige ‘dijken’ in het landschap liggen.

De open bollenvelden vormen in het voorjaar een prachtige bloementuin die vele toeristen uit binnen- en buitenland trekt. Oude bollenschuren zijn waardevolle cultuurhistorische elementen in dit unieke landschap. Het gebied herbergt bovendien specifieke natuurwaarden, waaronder verschillende soorten ‘bollenvogels’ zoals de patrijs en gele kwikstaart, maar ook bijen en andere insecten.

Het bollengebied is als onderdeel van de Greenport Duin- & Bollenstreek van grote economische waarde voor Nederland. Bedrijven uit deze regio verzorgen bijna tweederde van de mondiale handel en export van bloembollen. Behalve de wereldberoemde bollenteelt vindt hier ook teelt van bloemen, knollen en vaste planten plaats.

In het uiterste noorden van onze gemeente ligt nog een klein niet afgegraven restant van de oude beboste strandwal. Ten noorden van de Nieuweweg is het hoogteverschil goed te zien: langs de rand van de zanderijen ligt een steilrand en daar bovenop begint het bos Lokhorsterduin op de strandwal. Dit is het enige overgebleven bos van het vroeger zo bosrijke Hillegom. Het bos is eigendom van het psychiatrisch ziekenhuis GGZ inGeest - gelegen op de grens van Hillegom met Bennebroek - en is ook bekend onder de oude naam ‘Vogelenzang’. In de beginjaren was dit enorme complex met verschillende monumentale panden in de stijl van de Amsterdamse School een dorp op zichzelf, met eigen voorzieningen. Een eigen veestapel voorzag in het vlees, de groente kwam uit de moestuin. Voor de patiënten, allen van gereformeerde huize, werd in 1932 op het terrein een eigen kerk gebouwd. Tegenwoordig is het terrein (inclusief het bos) openbaar wandelgebied. GGZ inGeest heeft een eigen begraafplaats in het zuidwestelijke deel van het bosterrein.

Koers

In onze Duurzame bloementuin staat de verbetering van de landschappelijke kwaliteit en de economische vitaliteit voorop. We willen ons bollengebied de komende jaren transformeren tot een proeftuin voor duurzame en vitale teelt van bloemen, bollen, knollen en vaste planten. Hiervoor bouwen wij voort op de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport (ISG2016), zoals beschreven in de vorige paragraaf. De gemeente faciliteert in samenwerking met de partners in de Duin- en Bollenstreek innovatie en kennisontwikkeling op dit gebied. Hierin onderschrijven wij de ‘ambitie plantgezondheid 2030’ van de Land- en Tuinbouworganisatie (LTO) voor gezonde planten, leefomgeving en markt. Dit breiden wij uit met het streven dat de teelt in Hillegom in 2030 100% emissieloos en residuvrij is met een duurzaam bodemgebruik.
De gemeente faciliteert de schaalvergroting, intensivering en herstructurering die noodzakelijk zijn voor een rendabele bedrijfsvoering indien per saldo kwaliteitsverbetering optreedt door bijdrage te leveren aan:

  • een 100% emissieloze en residuvrije teelt met een duurzaam bodemgebruik;

  • landschappelijke kwaliteitsverbetering met behoud of versterking van de gebiedskarakteristieken, waaronder (de beleving/zichtbaarheid van) cultuurhistorische elementen, openheid en structuren;

  • het realiseren van een robuust klimaatbestendigwatersysteem;

  • het verhogen van de karakteristieke natuurwaarden;

  • het bollentoerisme;

  • energiebesparing en/of de opwekking van duurzame energie.

Ook andere initiatieven die bijdragen aan bovenstaande punten kunnen rekenen op een positieve grondhouding van de gemeente. Zo verandert ons bollengebied geleidelijk in een duurzame bloementuin die aantrekkelijk is voor duurzame ondernemers, de inwoners van het buitengebied en voor heel Hillegom. Met deze Duurzame bloementuin kunnen we bovendien beter inspelen op de (inter)nationale bekendheid van ons bollengebied en de toeristisch-recreatieve potenties nog meer benutten.

Overigens volgt uit de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport (ISG2016) dat nieuwe vestiging van bedrijven niet mogelijk is in de Duurzame bloementuin. Nieuwvestiging van bedrijven met aantoonbare emissieloze en residuvrije teelt is echter wel mogelijk indien het Overlegplatform Greenport RO Duin- en Bollenstreek hierover een positief advies afgeeft (maatwerkadviesprocedure).

Landschappelijke kwaliteit

De bouw van nieuwe woningen is in de Duurzame Bloementuin in principe niet toegestaan, met uitzondering van zogenaamde Greenport woningen. Bij de ontwikkeling van Greenportwoningen dient een financiële bijdrage te worden geleverd aan de GOM. De GOM realiseert hiermee kwaliteitsverbetering ergens in het buitengebied van de bollenstreek. Naast de bijdrage aan de GOM is ook uitgangspunt dat op de ontwikkellocatie zelf door de bouw van de Greenportwoningen de kwaliteit van de fysieke leefomgeving ten minste gelijk blijft. De Greenport woningen kunnen onder voorwaarden worden gerealiseerd in het buitengebied.

De voorkeur gaat uit naar de clustering van Greenport woningen aan de kern van Hillegom, passend naar de aard en schaal. Uiterst terughoudend bij het realiseren van Greenport woningen in de lintbebouwing, zodat de openheid van het landschap zoveel mogelijk wordt behouden en met inachtneming van de uitgangspunten die voor de verschillende linten gelden (zie paragraaf 4.3.6 ).

Bij voorkeur wordt met zo een ontwikkeling een bestaand ruimtelijk probleem aangepakt (bijvoorbeeld het transformeren van een rommelige dorpsrand tot een fraaie overgang tussen dorp en buitengebied). De ontwikkeling van Greenportwoningen dient de kwaliteit van de fysieke leefomgeving in stand te houden of te versterken (zichtlijnen, cultuurhistorisch, duurzaamheid e.d.) en mogen geen negatieve invloed hebben op de milieukwaliteit.

Het toekennen van een woonfunctie of passende bedrijfsfunctie aan vrijkomende cultuurhistorisch waardevolle gebouwen, zoals een monumentale bollenschuur, is onder voorwaarden mogelijk. Verder is er geen woningbouw toegestaan in het buitengebied.

De openheid van de bollenvelden in combinatie met het karakteristieke slotenpatroon van de zanderijen is een gewaardeerde karakteristiek die wij willen behouden. Het is daarom belangrijk om ‘verrommeling’ tegen te gaan. Dit betekent onder meer dat wij ernaar streven dat (grootschalige) kassencomplexen uitgeplaatst worden, dat vervallen schuren en verwaarloosde bedrijven worden gesaneerd of opgeknapt en dat nieuwe en bestaande bebouwing goed wordt ingepast. Maatwerkoplossingen voor bedrijfssanering of -verplaatsing zijn mogelijk onder de voorwaardendat zo een actie bijdraagt aan een (ruimtelijke)kwaliteitsverbetering en de duurzaamheidsambities.

Verhogen natuurwaarden

Emissieloze en residuvrije teelt van bloemen, bollen, knollen en vaste planten zorgt voor een verhoging van de biodiversiteit. Kansen voor het verhogen van de natuurwaarden in de bloementuin liggen daarnaast in het aanleggen van natuurvriendelijke oevers langs de brede watergangen en het terugbrengen van de karakteristieke beukenhagen in het gebied. Het is belangrijk om steeds te blijven zoeken naar een balans tussen de productieve en ecologische waarde om zo ook de lokale natuurwaarden te versterken. Huidige en nieuwe landbouwactiviteiten dienden voorheen conform het Programma Aanpak Stikstof (PAS) uitgevoerd te worden. Met de vernietiging van het PAS (Programma Aanpak Stikstof) is stikstofdepositie op dit moment een belangrijk aandachtspunt bij ruimtelijke ontwikkelingen. Vanwege de invloed van stikstof op het nabijgelegen Natura 2000-gebied Kennermerland-Zuid zullen toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen, in Hillegom en de rest van Nederland, voorlopig meer onder een vergrootglas liggen dan voorheen het geval was.

Toeristisch-recreatieve waarde

In de bloementuin wordt kleinschalig toerisme gefaciliteerd (bijvoorbeeld een bloemenpluktuin, rondleidingen op een bollenbedrijf, een boeren(mini)camping of een bed & breakfast in een oude bollenschuur). Ontbrekende schakels in het recreatieve routenetwerk pakken we aan om zodoende een betere ontsluiting voor voetgangers, fietsers en kleinschalige recreatievaart te realiseren. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om het recreatief ontwikkelen en onderling verknopen van de Trekvaart Haarlem-Leiden met Lokhorsterduin en de Oosteinderpolder.

Wij zien de N208 veranderen in een parelsnoer dat een groot deel van de toeristische attracties in het buitengebied verbindt met het centrum. Langs de N208 is plek voor wat grootschaliger recreatieve ontwikkelingen, gericht op het bollentoerisme. De nadruk ligt op het toevoegen van commerciële en toeristische functies in het centrum van Hillegom. Indien dit niet past of de gewenste functie niet aansluit bij het centrum, dan worden locaties bekeken elders aan de N208. Door het versterken van de entrees en het realiseren van een Toeristisch Overstappunt (TOP) aan de noordkant van de gemeente wordt Hillegom duidelijker herkenbaar en recreatief toegankelijker gemaakt.

Duurzame energie

Wij stimuleren het duurzaam opwekken van energie in de duurzame bloementuin. We stimuleren het plaatsen van zonnepanelen op schuren en woningen en het gebruik maken van bodemenergie. Dit heeft mogelijk wel negatieve gevolgen voor de natuurwaarden/biodiversiteit. Uitgangspunt is dat deze negatieve gevolgen worden voorkomen, verzacht en/of gecompenseerd. In de duurzame bloementuin kunnen de meer incourante/ kleine percelen met bollenteelt, mits landschappelijk goed ingepast, tijdelijk ingezet worden als ‘zonneakkers’.

4.3.2 Hollandse weides

Gebiedskaart
afbeelding binnen de regeling

Hollandse weides

afbeelding binnen de regeling
Karakter

Het deel van ons buitengebied tussen de Ringvaart en de N208 bestaat grotendeels uit open weidelandschap. Hoewel de ontstaansgeschiedenis anders is dan die van de klassieke veenweides in het Groene Hart, hebben met name de Oosteinderpolder en Vosse- en Weerlanerpolder en in mindere mate de Elsbroekerpolder het karakter van een echt veenweidegebied. In werkelijkheid liggen deze polders op een vochtige strandvlakte waar op een aantal plekken veen is ontstaan. Door de strokenverkaveling, de groene open weides met koeien en in het voorjaar het geluid van karakteristieke Hollandse weidevogels als grutto en tureluur, ademt dit gebied een oer-Hollandse sfeer uit. De Vosse- en Weerlanerpolder vormt door de aan-wezigheid van wandelpaden bovendien een recreatief uitloopgebied aan de noordrand van Hillegom.

Koers

Natuurwaarden

We willen de geschiktheid van ons weidegebied voor weidevogels en andere natuurwaarden verder vergroten, in de eerste plaats door er de rust te bewaren en het weidelandschap open te houden. Het gaat niet goed met de Nederlandse weidevogels, terwijl ons land internationaal gezien van groot belang is voor een soort als grutto. Bescherming van weidevogelgebieden - zelfs als ze relatief klein zijn zoals de Hillegomse polders - is daarom belangrijk. Het realiseren van extra waterberging kan bijdragen aan de natuurwaarde van het gebied, waarbij van belang is dat de karakteristieke structuren in stand blijven. Ook agrarisch natuurbeheer kan bijdragen aan de bescherming van de natuur in de polders en de weidevogels in het bijzonder.

Cultuurhistorisch-landschappelijke kwaliteit

We vinden het ook belangrijk dat in het weidegebied landschappelijke kwaliteitsverbetering plaatsvindt met behoud of versterking van de gebiedskarakteristieken, waaronder behoud van de openheid en van de aanwezige cultuurhistorische elementen en structuren. De cultuurhistorie moet bovendien zoveel mogelijk zichtbaar blijven of worden.

De agrarische functie staat onder druk in de Hollandse weides, mede door de kleinschaligheid en door voortgaande bodemdaling. Als de agrarische functie verdwijnt zal gezocht moeten worden naar nieuwe functies die het karakteristieke open weidelandschap en de bijbehorende natuurwaarden in stand houden.

Om de uitstraling van het gebied verder te verbeteren, is het van belang dat verrommeling in de linten (vooral langs de N208, de Oosteinderlaan en de Oude Weerlaan) wordt teruggedrongen en de randen van Hillegom transformeren tot aantrekkelijke overgangszones tussen dorp en buitengebied. Zo worden de weides een aantrekkelijke omgeving om een ommetje te maken vanuit het dorp.

In de Oosteinderpolder liggen nog enkele percelen bollengrond die grenzen aan het weidegebied. Naar verwachting zal de waarde van deze gronden voor bollenteelt op termijn verdwijnen omdat ze te kleinschalig zijn voor een duurzame bedrijfsvoering. Als de kans zich voordoet, stimuleren we hier de ontwikkeling van open natuurtypen en extensieve/kleinschalige recreatieve nevenfuncties. Deze vormen van kleinschalige recreatie mogen geen negatieve impact hebben op de (bestaande en te ontwikkelen) natuurwaarde en milieukwaliteit van het gebied. Voor initiatieven ter plaatse van deze percelen bollengrond geldt dat deze in beginsel een bijdrage moeten leveren aan de ambities voor de Duurzame bloementuin; als een initiatief hier niet aan voldoet kan toch op medewerking van de gemeente worden gerekend als het wel een bijdrage levert aan de ambities voor de Hollandse weides (overigens is dan wel bollengrondcompensatie aan de orde). In het laatste geval worden de betreffende percelen na uitvoering van het initiatief onderdeel van deelgebied Hollandse weides.

Greenportwoningen

De bouw van nieuwe woningen is in de Hollandse weides in principe niet toegestaan, met uitzondering van zogenaamde Greenport woningen. Bij de ontwikkeling van Greenportwoningen dient een financiële bijdrage te worden geleverd aan de GOM. De GOM realiseert hiermee kwaliteitsverbetering ergens in het buitengebied van de bollenstreek. Naast de bijdrage aan de GOM is ook uitgangspunt dat op de ontwikkellocatie zelf door de bouw van de Greenportwoningen de kwaliteit van de fysieke leefomgeving ten minste gelijk blijft. De Greenportwoningen kunnen onder voorwaarden worden gerealiseerd in het buitengebied.

De voorkeur gaat uit naar de clustering van Greenportwoningen aan de kern van Hillegom, passend naar de aard en schaal. Uiterst terughoudend bij het realiseren van Greenport woningen in de lintbebouwing, zodat de openheid van het landschap zoveel mogelijk wordt behouden en met inachtneming van de uitgangspunten die voor de verschillende linten gelden (zie paragraaf 4.3.6 ).

Bij voorkeur wordt met zo een ontwikkeling een bestaand ruimtelijk probleem aangepakt (bijvoorbeeld het transformeren van een rommelige dorpsrand tot een fraaie overgang tussen dorp en buitengebied). De ontwikkeling van Greenportwoningen dient de kwaliteit van de fysieke leefomgeving in stand te houden of te versterken (zichtlijnen, cultuurhistorisch, duurzaamheid e.d.) en mogen geen negatieve invloed hebben op de milieukwaliteit. De ontwikkeling van Greenportwoningen binnen de begrenzing van het NatuurNetwerk Nederland (NNN) en de ‘Beschermde graslanden in de Bollenstreek’ is niet mogelijk. Dit betreft de Elsbroekerpolder (en ook het Park Lokhorsterduin in de Duurzame bloementuin).

Het toekennen van een woonfunctie aan vrijkomende cultuurhistorisch waardevolle gebouwen, zoals een monumentale schuur, is onder voorwaarden mogelijk. Voor de huisvesting van arbeidsmigranten verwijzen we naar het regionaal geldende beleid.

Toeristisch-recreatieve waarde

In de Hollandse weides kunnen kleinschalige recreatieve ontwikkelingen een plek krijgen, zolang ze plaatsvinden op de bestaande erven (bijvoorbeeld een bed & breakfast of een theetuin). We zetten ook in op het verhogen van de beleefbaarheid van de Oosteinderpolder, Vosse- en Weerlanerpolder en Elsbroekerpolder. Daarbij is het uitgangspunt wel dat dit niet ten koste gaat van de aanwezige natuurwaarden, waaronder de weidevogelpopulatie. Dit kan door een goede zonering in ruimte en/of tijd (bijvoorbeeld wandelpaden alleen op afstand van de broedvogels en/of alleen toegang buiten het broedseizoen).

Duurzame energie

‘Hollandse weides’ worden uitgesloten voor energie-opwekking anders dan zon op daken en/of energieopwekking op en rond infrastructuur; initiatieven voor duurzame energieopwekking in de ‘Duurzame bloementuin’ worden voorgelegd voor goedkeuring aan de gemeenteraad, als het geen zonnepanelen op daken betreft of initiatieven op en rond infrastructuur.

Intensief of extensief?
Recreatie is een breed begrip en omvat veel activiteiten met een divers karakter die niet altijd overal even goed passen. Bij extensieve recreatie staat de beleving van het landschap centraal, is het aantal recreanten beperkt en wordt het landschap niet verstoord (geluid, licht, intensieve betreding). Intensieve recreatie brengt een actievere belasting mee voor het landschap in de vorm van verstoring of hoeveelheid bezoekers.

4.3.3 Historisch hart

Gebiedskaart
afbeelding binnen de regeling

Historisch hart

afbeelding binnen de regeling
Karakter

Karakter

Het dorp Hillegom is in de vroege middeleeuwen ontstaan op de meest oostelijke strandwal. De oudste delen van het dorp liggen aan het historische lint van de Hoofdstraat ter hoogte van de kruising met de Hillegommerbeek, een deels gegraven watergang tussen de (inmiddels afgegraven) strandwal en het vroegere Haarlemmermeer. De Hoofdstraat was onderdeel van het oude lint tussen Leiden en Haarlem, waaraan ook de Maartenskerk, de Houttuin en de historische buitenplaatsen waren gesitueerd. Het middeleeuwse Hof van Hillegom (een Heerlijkheid) is een fraai voorbeeld van een buitenplaats. Het Hof deed namelijk dienst als pleisterplaats van de Graven van Holland.

Het centrum van Hillegom is met andere woorden het duidelijke historische hart van onze gemeente. Pas in de afgelopen eeuw zijn de omliggende woonwijken en bedrijventerreinen ontwikkeld. De waardevolle oude gebouwen, parken en structuren in het centrum vormen van oudsher een belangrijke ontmoetingsplek waar de Hillegommers samenkomen. Die functie is mede door de historische uitstraling ook nu nog van belang en we willen deze verder versterken. Het historische karakter maakt het centrum tot een aantrekkelijk woon-, winkel- en horecagebied. Niet voor niets zijn het Kerkplein en de omgeving Sixlaan-Mariastraat aangewezen als beschermd dorpsgezicht.

De landelijke trend van een teruglopend winkelaanbod en optredende leegstand speelt ook in Hillegom. Toch is er in Hillegom nog steeds een relatief breed (winkel)voorzieningenniveau aanwezig, zeker vergeleken met plaatsen van vergelijkbare omvang.

Koers

Cultuurhistorische waarde

De aanwezigheid van cultuurhistorisch waardevolle gebouwen, parken en structuren vormt het unieke pluspunt van ons centrum. De functie van centrale ontmoetingsplaats die het historisch hart van oudsher vervult, willen we versterken. Dat kan door herschikking en toevoeging van bestaande en nieuwe functies en herinrichting van de openbare ruimte en parken (van Jozefpark tot Van Nispenpark).

Vooral de laatste eeuw hebben in en rond het centrum van Hillegom allerlei veranderingen plaatsgevonden, waardoor de oude structuur wat minder zichtbaar is geworden. Toch is het historische karakter van het centrum nog altijd een belangrijke kwaliteit waarmee Hillegom zich onderscheidt in de regio. We willen de historische waarden weer beter zichtbaar maken en inzetten als troefkaart bij de opwaardering van het centrum. De plannen voor het centrumgebied zijn daarbij het vertrekpunt voor de gewenste (en reeds ingezette) kwaliteitsverbetering. Bij nieuwe ontwikkelingen en renovaties dient er inspiratie gehaald te worden uit het verleden waardoor er een betere aansluiting ontstaat met het historische karakter. Het zichtbaar maken en gebruiken van historische structuren zoals de Hillegommerbeek, de Hoftuin, de kerken en bijbehorende tuinen, de historische linten en de Houttuin dragen bij aan een aantrekkelijk en karakteristiek centrumgebied.

Naast het beschermen en herkenbaar houden van ons cultuurhistorisch erfgoed, willen we ook dat het beter beleefbaar wordt. Een betere toegankelijkheid, die rekening houdt met de kwetsbaarheid van bijzondere elementen, is daarom een belangrijk streven. Maar ook een betere informatievoorziening die de cultuurhistorie van Hillegom plaatst in de regionale en nationale context, draagt bij aan de beleefbaarheid voor Hillegommers en bezoekers.

Toeristisch-recreatieve waarde

We willen ons historisch hart op deze wijze nog beter op de kaart zetten, ook als cultureel-toeristisch-recreatieve trekker. Een fraai, veilig en over weg en water goed bereikbaar centrum biedt kansen voor horeca en (andere) toeristische, recreatieve en economische functies. We streven daarbij naar voldoende parkeergelegenheid.

Het organiseren van nieuwe evenementen gaan we faciliteren door regels en richtlijnen te verminderen. Uiteraard besteden we daarbij aandacht aan de impact van evenementen op de leefomgeving. Wij zien de N208 veranderen in een parelsnoer dat vrijwel alle toeristische attracties in het buitengebied verbindt met het centrum. De nadruk ligt op het toevoegen van commerciële en toeristische functies in het historisch hart. Indien een functie niet aansluit bij het historische karakter van het centrum, dan worden locaties bekeken elders aan de N208.

Winkelaanbod en voorzieningen

Het is belangrijk dat er een goed winkelaanbod blijft bestaan voor Hillegommers en bezoekers, er kansen worden geboden voor werkgelegenheid en ondernemerschap en dat het centrum de kwaliteit biedt die hoort bij de centrale verblijfs- en ontmoetingsplek van het dorp, met behoud van de historische kwaliteit. De structuur en inrichting van het centrum moeten zodanig zijn dat horecaondernemers, ondernemers voor de detailhandel en andere initiatiefnemers nieuwe kansen zien (en kunnen benutten) voor het creëren van aangename verblijfplekken op mooie locaties in het centrum. Wij bouwen hiervoor verder op de ontwikkelingen die al zijn ingezet met de gemeentelijke centrumplannen. Zo wordt ons centrum ook voor de Hillegommers een ontmoetingsplek met allure.

Een aantrekkelijk centrum is een belangrijke voorwaarde voor een veelzijdig en onderscheidend voorzieningenniveau, met kwaliteitswinkels waarvoor mensen speciaal naar het centrum komen. Een lokaal winkelaanbod is ook belangrijk voor senioren die langer thuis blijven wonen. In de aanloopstraten is er ook ruimte voor nieuwe functies die een bijdrage leveren aan de ambities.

Duurzame energie en besparingen

We stimuleren het verduurzamen van het centrum en innovatieve toepassingen. Ook bij het opwekken van duurzame energie houden we rekening met de cultuurhistorische waarde van het centrum.

4.3.4 Heerlijke woonplaats

Gebiedskaart
afbeelding binnen de regeling

Heerlijke woonplaats

afbeelding binnen de regeling
Karakter

Hillegom is door zijn landelijke, dorpse karakter met zijn afwisselende bebouwing met overwegend grondgebonden woningen en een ontspannen, groene inrichting van de openbare ruimte, een aantrekkelijke plek om te wonen. Ook de gunstige ligging draagt daar aan bij. De nabijheid van het strand en de duinen vormt een belangrijke kwaliteit. Voor wie niet (meer) in de stad wil wonen maar wel in de westflank van de Randstad, dicht bij alle stedelijke voorzieningen en plekken met veel werkgelegenheid, is Hillegom een voor de hand liggende keuze. Haarlem, Amsterdam en Leiden liggen op een steenworp afstand en Hillegom is goed bereikbaar per trein. Ook Schiphol is dichtbij, terwijl Hillegom geen noemenswaardige hinder ondervindt van het vliegverkeer.

Bovendien is in Hillegom sprake van een hechte samenleving. Het actieve verenigingsleven, het aantal evenementen en het relatief grote aantal (maatschappelijke) voorzieningen dragen er ook aan bij dat Hillegom een Heerlijke woonplaats is.

Koers

Wonen

In het Woonprogramma 2020-2024 “Naar een duurzaam evenwicht” zijn de volgende ambities geformuleerd:

  • Ambitie 1: ruimte bieden aan een gevarieerde woningvraag

    • Voldoende en divers aanbod in woningbouw

    • Inzet voor woningzoekenden in de knel

  • Ambitie 2: woonwijken en woningen klaar voor de toekomst

    • Toekomstbestendig woonaanbod in de wijken

  • Ambitie 3: lang zelfstandig wonen als onderdeel van de gemeenschap

    • Passend woonaanbod bij iedere levensfase

Voldoende en divers aanbod in woningbouw

De vraag naar nieuwe woningen is groot in Hillegom en naar verwachting zal dit de komende jaren zo blijven. We willen zo veel mogelijk in deze behoefte te voorzien binnen het bestaand stads- en dorpsgebied (BSD). Daarbij is wel belangrijk dat de ‘inbreiding’ met woningbouw niet ten koste gaat van de leefbaarheid en het groene, dorpse karakter van Hillegom. We voeren hiervoor een locatieonderzoek uit, waar uit moet blijken in hoeverre binnen BSD aan de woningbehoefte voor Hillegom kan worden voldoen. (Alleen) als blijkt dat er in regionaal verband een (kwantitatieve dan wel kwalitatieve) behoefte is aan extra ruimte voor nieuwe woningen buiten het bestaand stedelijk gebied, dan komt uitsluitend het gebied tussen de Pastoorslaan en de Stationsweg in beeld (locatie ‘Pastoorslaan-Zuid’), nabij het station. Hier treedt dan feitelijk ‘transformatie’ op, waardoor deze locatie dan niet langer onderdeel is van de Duurzame bloementuin, maar onderdeel wordt van de Heerlijke woonplaats.

Inzet voor woningzoekenden in de knel

Hillegom is voor iedereen! Daarom moeten nieuwbouw en bestaande woongebieden alle leefstijlen en inkomensgroepen bedienen. Hiertoe werken wij samen met Lisse en Teylingen en met de subregio Holland Rijnland Noord. Dit doen we onder andere door behoeftegericht te ontwikkelen in relatie tot andere regionale plannen, een voldoende woningvoorraad voor de laagste inkomensgroepen beschikbaar te houden en een passend woningaanbod voor alle doelgroepen te hebben. De woningprijzen in Hillegom zijn in vergelijking met omliggende steden relatief aantrekkelijk. Door bouwplannen zo goed mogelijk te laten aansluiten bij de woningbehoefte proberen we dit zo te houden. Bij nieuwbouwprojecten gelden hierbij de normen van minimaal 25% sociale huurwoningen en 35% middeldure huur- en sociale koopwoningen (tot €250.000) (allen als bedoeld in de Bro artikel 1.1.1.). Als bij projecten met meer dan 8 woningen niet aan de eis van 25% sociale huurwoningen wordt bestaat de mogelijkheid om dit percentage af te kopen via een bijdrage in het vereveningsfonds sociale woningbouw (een zgn. bestemmingsreserve). Met dit geld kan het fonds sociale woningbouwprojecten faciliteren door bijvoorbeeld op andere locaties grond te kopen of corporaties te helpen bij een sluitende exploitatie.

Toekomstbestendig woningaanbod in de wijken

Uitgangspunt is dat nieuwe woningen zijn voorbereid op de toekomstige eisen en wensen ten aanzien van klimaatverandering, zoals hernieuwde energie-voorziening. Zo dienen alle nieuwe woningen per saldo energie op te leveren. Maar om de aantrekkelijkheid van Hillegom als woonplaats de komende jaren verder te vergroten, blijven we ook werken aan kwaliteitsverbetering van de bestaande woongebieden. Deze kwaliteitsverbetering dient hand in hand te gaan met een verduurzamingsslag binnen de bestaande woningvoorraad door corporaties en particulieren. We zullen de corporaties en huizenbezitters verleiden en stimuleren om tot actie over te gaan. Maar het gaat ook om het toevoegen van (ruimtelijke) accenten op strategische plekken (‘acupunctuur’), bijvoorbeeld in de vorm van een gebouw met een bijzondere architectuur. De nu nog eenzijdige architectuur van sommige buurten en de wat rommelige stedenbouwkundige uitstraling van dorpsentrees doen afbreuk aan de ruimtelijke kwaliteit van Hillegom. Ontwikkelingen die passen binnen de gebiedskenmerken en waar mogelijk een relatie leggen met Oud Hillegom en die kwaliteit toevoegen aan de omgeving, worden gestimuleerd om zo de uitstraling te versterken. Ontwikkelingen aan de (dorps)randen dienen bij te dragen aan een aantrekkelijk karakter dat past binnen de gebiedseigen kenmerken. Het wensbeeld is dat de randen een heldere, groene en informele overgangszone naar het buitengebied gaan vormen.

Gezonde en veilige leefomgeving

Hillegommers moeten in een gezonde en veilige omgeving kunnen wonen. Dit betekent dat de huidige leefkwaliteit niet achteruit mag gaan en dat waar mogelijk een verbetering wordt nagestreefd. Vanuit het oogpunt van gezondheid is het ook van belang dat de doorstroming van verkeer (in het bijzonder op de N208) verbetert en dat bedrijven (vooral nabij woongebieden) met een hoge milieucategorie en/of veel vrachtverkeer ofwel hun bedrijfsvoering aanpassen ofwel een andere locatie zoeken. Er dienen geen nieuwe gevoelige functies gevestigd te worden nabij drukke wegen.

Leefbaarheid

We gaan de leefbaarheid vergroten door de verblijfskwaliteit in de openbare ruimte te verhogen. Belangrijk is dat er voldoende en kwalitatief hoog-waardige parken en andere groenstructuren aanwezig zijn, met genoeg speelplekken en ruimte om te bewegen/sporten. Deze groenstructuren gaan we zoveel mogelijk onderling verbinden, waardoor ze de kapstok kunnen zijn voor aantrekkelijke en (verkeers)veilige verbindingen voor voetgangers en fietsers. Bestaande (potentieel) waardevolle en monumentale bomen vormen een belangrijke kwaliteit in de openbare ruimte en worden in beginsel behouden bij ruimtelijke ontwikkelingen. Bij de aanleg en renovatie van groen dient er rekening gehouden te worden met beleefbaarheid (geur en kleur), gezondheid (nabijheid van groen, maar ook rekening houden met allergieën), biodiversiteit (bijvoorbeeld bijenvriendelijke beplanting, laanbeplanting die door vleermuizen gebruikt kan worden als vliegroute), veiligheid, klimaat (voldoende schaduw, voorkomen van hittestress en waterberging) en bruikbaarheid. Daarnaast is het belangrijk een bijdrage te leveren aan de energietransitie. Braakliggende terreinen zouden, indien mogelijk, ook ingezet kunnen worden voor tijdelijke functies zoals tuinieren, verblijven en spelen. Bij herinrichting van de openbare ruimte moeten klimaatbestendigheid en het leveren van een bijdrage aan de energietransitie de leidende inrichtingsprincipes worden.

De wijken van Hillegom moeten voldoen aan een bepaalde ‘groennorm’. In groene wijken (meer dan 75 m2 groen per woning) en basiswijken (50 tot 75m2 groen per woning) dient het groenareaal minimaal gelijk te blijven. Het vergroten van de bruikbaarheid en bereikbaarheid van het groen in deze wijken is wenselijk. In zogeheten ‘grijze’ wijken (minder dan 50 m2 groen per woning) dient elke ruimtelijke ontwikkeling te leiden tot toename van het groenareaal.

Voor het behoud van de sterke gemeenschapszin in Hillegom is het van belang dat we blijven beschikken over een passend maatschappelijk voorzieningenniveau.

Daarbij gaat het onder meer om de aanwezigheid van toekomstbestendige onderwijsvoorzieningen, sport- en culturele accommodaties. Bovendien willen we ruimte blijven bieden aan bijzondere doelgroepen zoals mensen met een fysieke of verstandelijke beperking, zorgbehoevenden, arbeidsmigranten en statushouders. Daarnaast willen wij tijdelijke en nieuwe inwoners stimuleren mee te doen aan het maatschappelijk leven en onderdeel te worden van de Hillegomse samenleving. Hier is een belangrijke rol weggelegd voor het actieve verenigingsleven binnen onze gemeente.

Passend woningaanbod bij iedere levensfase

We gaan ervoor zorgen dat Hillegom ook leefbaar blijft voor het vergrijzende deel van onze samenleving. Dat betekent dat er rekening gehouden moet worden met voldoende woon-, zorg- en recreatiefuncties voor senioren. Daarom is levensbestendig bouwen belangrijk, maar dit moet ook verder worden uitgewerkt in relatie tot de fysieke leefomgeving en de ambities op het gebied van klimaat en energie.

Om de afname van het percentage jonge mensen tegen te gaan is het van belang dat er gezorgd wordt voor een voor hen aantrekkelijk vestigingsklimaat. Dat betekent dat er gekeken moet worden naar de ontwikkeling van het lokale voorzieningenniveau, het woningaanbod en de woonkwaliteit, alsmede de bereikbaarheid met de auto en met het openbaar vervoer. Er dient dus ook de mogelijkheid te zijn de verschillende stappen van de ‘wooncarrière’ binnen Hillegom te doorlopen (van startersstudio naar een eigen huis). Ter bevordering van de sociale cohesie is het wenselijk verschillende leeftijdsgroepen binnen woonwijken te verbinden door een differentiatie binnen woonwijken te bewerkstelligen en voorzieningen ook te richten op jonge mensen.

4.3.5 Werkplaats Hillegom

Gebiedskaart
afbeelding binnen de regeling

Werkplaats Hillegom

afbeelding binnen de regeling
Karakter

Hillegom kent met Hillegom-Zuid, Hillegommerbeek en Horst ten Daal een gedifferentieerd aanbod aan bedrijventerreinen. Er is relatief veel groot- en detailhandel aanwezig, alsmede autogarages en bedrijven in de bouwnijverheid.

Door de gunstige ligging van Hillegom in de westflank van de Randstad, nabij Haarlem, Leiden, Schiphol en de Metropoolregio Amsterdam (MRA), is Hillegom voor veel bedrijven een aantrekkelijke vestigingsplaats. Toch zijn niet alle drie de bedrijventerreinen even goed ontsloten of logisch gesitueerd. Het (vracht)verkeer van en naar Horst ten Daal en Hillegommerbeek rijdt nu via de N208 of de Weerlaan/Meerlaan, door de bebouwde kom (woongebieden) van Hillegom. Bovendien liggen de beide werkplaatsen zelf ook te midden van woongebied. Bedrijvenpark Hillegom-Zuid daarentegen is veel gunstiger gelegen door de goede rechtstreekse ontsluiting via de N207 naar de A4.

Koers

Divers aanbod aan werkplaatsen

Bedrijventerrein Hillegom-Zuid is door zijn goede ontsluiting zeer geschikt voor bovenlokale bedrijvigheid, ook voor bedrijven die het nodige (vracht)verkeer genereren. Gezien de ligging tussen woongebieden geldt dat niet voor de bedrijventerreinen Hillegommerbeek en Horst ten Daal. Daarom willen we deze werkplaatsen geleidelijk laten transformeren naar aantrekkelijke woon-werkgebieden. Op de terreinen - en vooral aan de randen langs de aangrenzende woongebieden - faciliteren we de komst van woon-werkwoningen (voor zzp’ers die van huis uit willen werken) en bedrijfsverzamelgebouwen voor zzp’ers en ‘lichte’ bedrijven die passen bij de woonfunctie en de nabijheid van het centrum. Bedrijven met een sterk verkeersaantrekkende werking zijn hier in de toekomst niet wenselijk. De leefkwaliteit van deze woon-werkgebieden moet passend zijn bij de functie van het gebied. Ter plaatse van deze woningen kan bijvoorbeeld een ander geluidsniveau worden toegestaan dan ter plaatse van woningen in een woonwijk.

De ontwikkeling van passende bedrijvigheid is overigens ook afhankelijk van de eventuele komst van nieuwe weg- en waterverbindingen. Dat geldt ook voor de eventuele ontwikkeling van de locatie Pastoorslaan-Noord - die als reservelocatie staat opgenomen in de ISG 2016 - tot duurzaam bedrijventerrein. Gezien de huidige functie als bollengrond dient de ontwikkeling van de Pastoorslaan-Noord overigens altijd gepaard te gaan met bollengrondcompensatie aan de Greenport Ontwikkelingsmaatschappij (GOM). Hier treedt dan feitelijk ‘transformatie’ op, waardoor deze locatie dan niet langer onderdeel is van de Duurzame bloementuin, maar onderdeel wordt van de Werkplaats Hillegom.

Omdat bedrijventerrein Horst ten Daal is gesitueerd tussen Patrimonium en het in ontwikkeling zijnde woongebied in Hillegom-Noord enerzijds en het centrum van Hillegom anderzijds, is het belangrijk dat er veilige en aantrekkelijke (langzaamverkeers)routes komen door Horst ten Daal. Op bedrijventerrein Hillegommerbeek zetten we bovendien in op opwaardering van de zone langs deze oude beek, waar we de toeristisch-recreatieve potenties van de historische haven willen benutten in samenhang met de toeristische impulsen in het centrum.

Vergroening, kwaliteitsverbetering en verduurzaming

We zetten overal op onze werkplaatsen in op vergroening, kwaliteitsverbetering en verduurzaming. Vergroening en (ruimtelijke) kwaliteitsverbetering zullen bijdragen aan een aantrekkelijk werkklimaat op onze bedrijventerreinen.

Op de werkplaatsen moet daarnaast een belangrijke deel van onze duurzaamheidsambities worden verwezenlijkt, bijvoorbeeld door plaatsing van zonnepanelen op platte bedrijfsdaken, maar ook door andere vormen van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Nieuwe bedrijven en bedrijven die willen uitbreiden kunnen hierin, mits ze bijdragen aan deze uitgangspunten, door de gemeente worden voorzien onder voorwaarde dat ze passen binnen het profiel van het betreffende bedrijventerrein.

Het leveren van een bijdrage aan onze ambities ten aanzien van de ruimtelijke kwaliteit en een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving is steeds voorwaarde voor medewerking aan bedrijfsuitbreidingen en de komst van nieuwe bedrijven. Van belang is ook dat de verkeersveiligheid op het betreffende terrein en in de rest van Hillegom ten minste gelijk blijft. Nieuwe risicovolle bedrijven zijn niet welkom.

Bedrijven die buiten de aangewezen bedrijventerreinen vallen, dienen te voldoen aan de uitgangspunten voor het deelgebied waarbinnen ze liggen. De gemeente gaat waar nodig in gesprek met bedrijven om te bespreken hoe de gewenste situatie bereikt kan worden.

4.3.6 Levendige linten

Gebiedskaart
afbeelding binnen de regeling

Levendige linten

afbeelding binnen de regeling
afbeelding binnen de regeling
Karakter

In onze gemeente is een grote verscheidenheid aan typen bebouwingslinten aanwezig. De karakteristieken van de linten vertellen veelal het verhaal van de cultuurhistorisch-landschappelijke ontstaansgeschiedenis van Hillegom.

De linten lopen door verschillende deelgebieden, maar hebben een eigen karakter. In het buitengebied zijn doorzichten tussen de bebouwing aan de linten door van grote waarde om vanaf de weg het landschap te kunnen ervaren. Dergelijke doorzichten zijn niet in alle linten evenveel aanwezig: sommige zijn heel open met veel onbebouwde kavels en andere zijn juist heel gesloten. Omdat - in het buitengebied - de bebouwing aan de achterzijde aan het open landschap grenst, zijn de linten vaak aantrekkelijke woon- en leefmilieus.

Ook binnen de linten is er veel variatie, zowel in aanwezige functies (bijvoorbeeld wonen, bollenbedrijven, maar ook andersoortige bedrijven), als in bebouwingstypologieën die bovendien afkomstig zijn uit verschillende bouwperiodes. Zo staan er vrijstaande tuinderswoningen, korte rijtjes arbeiderswoningen en twee-onder-een-kapwoningen. Ook de karakteristieke bollenschuren staan vaak in het lint. Sommige linten zijn aan één zijde bebouwd en andere aan twee zijden.

Omdat de linten door andere deelgebieden lopen, geldt naast de koers voor het bebouwingslint ook de koers voor het deelgebied waarin het lint is gelegen.

Koers

Kwaliteitsverbetering

De levendigheid van onze linten - waar verschillende functies samenkomen - moet behouden blijven. Daarom bieden we ruimte aan initiatieven mits die zorgen voor een kwaliteitsverbetering (cultuurhistorisch-landschappelijk, ecologisch, recreatief en/of op het gebied van duurzaamheid, gezondheid, zorg, enz.). Een belangrijk ruimtelijk uitgangspunt is dat ontwikkelingen bijdragen aan het versterken van de karakteristieken en kwaliteiten van het betreffende type lint. Dat betekent dus ook dat ontwikkelingen moeten passen binnen de maat en schaal van de linten. Grootschalige verblijfsrecreatieparken zijn bijvoorbeeld niet wenselijk, maar een bed & breakfast in een bestaande schuur, een passende nieuwe functie in een oude bollenschuur en een minicamping gekoppeld aan het lint wel.

Verhogen cultuurhistorisch-landschappelijke waarde

Het versterken van de cultuurhistorisch-landschappelijke karakteristiek draagt bij aan het eigen karakter en de uitstraling van de verschillende typen linten. Dit resulteert in een groter woongenot, maar het maakt het ook prettiger om er te werken of een ommetje te maken. De linten zijn de primaire routes binnen onze gemeente. Ze vormen voor veel bezoekers de entrees (met doorzichten) naar het landschap. Het is vanuit dat perspectief belangrijk in te zetten op een hoge ruimtelijke kwaliteit zodat de identiteit van de bollenstreek op een goede manier wordt uitgedragen. Hierin maken wij onderscheid in vijf typen linten. Hieronder beschrijven we per type de uitgangspunten bij ruimtelijke ontwikkelingen. We sluiten hiermee aan op de systematiek uit het provinciale ‘Gebiedsprofiel Duin- en Bollenstreek’. Daarnaast hebben we bij nieuwe initiatieven in het buitengebied gemerkt, dat de beschrijving van verschillende linten een goed ruimtelijk kader biedt om een bijdrage te leveren aan de koers van het gebied. Dit heeft er in geresulteerd, dat we alle wegen in het buitengebied als lint in de omgevingsvisie aanmerken, zodat ontwikkelingen bijdragen aan het versterken van de karakteristieken en kwaliteiten van het betreffende typelint. We willen bovendien de kenmerkende openheid en doorzichten naar de bollenvelden in de linten behouden. Op de omgevingsvisiekaart hebben we een aanduiding gezet voor ‘behoud open vensters bollenlandschap’, overeenkomstig de kaart van de ISG2016. Deze open vensters willen we benutten als toeristische uitzichtpunten.

Zanderijlinten:

  • zichtbaar houden van de hoogteverschillen tussen hoge wegen en het afgegraven zanderijenlandschap;

  • de hoog liggende linten behouden hun karakteristiekprofiel;

  • terughoudend met het realiseren van Greenportwoningen als lintbebouwing;

  • nieuwe ontwikkelingen respecteren maat en hoogteligging van de hoger liggende weg en bebouwing;

  • bij enkelzijdig bebouwde linten geen nieuwe bebouwing tegenover de bestaande bebouwingplaatsen;

  • linten langs lokale wegen beplanten met een enkele bomenrij en beukenhagen.

Zandnederzettingslinten:

  • in stand houden en versterken van de grote variatie aan bebouwingstypen en -structuren;

  • in stand houden van de relatie met het landschap en de zicht op de bollenvelden door het koesteren van onbebouwde kavels of doorzichten tussen de lintbebouwing;

  • koesteren van kenmerkende bebouwing zoals oude bollenschuren en arbeiderswoningen;

  • de doorgaande linten op de voormalige strandwallen beplanten met laanbeplanting;

  • linten langs lokale wegen beplanten met een enkele bomenrij en hagen.

Ingesloten zandnederzettingslinten:

  • in stand houden en versterken van het doorgaande karakter (visueel) van het lint;

  • rekening houden met de maat en functie van het centrum en de lintbebouwing;

  • de doorgaande linten op de voormalige strandwallen (N208) beplanten met laanbeplanting.

Tuinderslinten:

  • behouden van de openheid en de verspreide bebouwingsstructuur;

  • de linten beplanten met hagen: hagen zorgen voor aankleding van het landschap zonder de openheid van de strandvlaktes aan te tasten;

  • stimuleren van erfbeplanting met streekeigen beplanting: erfbeplanting versterkt het ensemble van tuinderswoning en bedrijfsgebouwen en zorgt voor een groene uitstraling van het erf;

  • behouden van het overwegend agrarische karakter van de bebouwing;

  • bij nieuwe ontwikkelingen de woonbebouwing voorop de kavel plaatsen - evenwijdig aan de kavelgrens - en bedrijfsgebouwen achter de rooilijn van de woonbebouwing plaatsen.

Boezemlinten:

  • behouden van de verspreide bebouwingsstructuur;

  • behoud en versterking van het zicht op het water;

  • behouden van de asymmetrie: slechts aan één zijde bebouwing.

Zoals gezegd is het (in het buitengebied) belangrijk dat doorzichten naar het achterliggende landschap worden behouden. Het clusteren van Greenportwoningen (achter het lint) is daarom niet toegestaan, tenzij dit aansluitend aan de kern Hillegom plaatsvindt en hierbij geen waardevolle zichtlijnen worden weggenomen.Zie voor de uitgangspunten ten aanzien van de realisatie van Greenportwoningen de paragrafen 4.3.1 Duurzame bloementuin en 4.3.2 Hollandse weides.

Verbeteren leefbaarheid

We willen de woon- en leefkwaliteit van de linten in de toekomst ook verder verbeteren door het terugdringen van overlast en onveilige situaties als gevolg van (vracht)verkeer en bedrijfsactiviteiten. Daarvoor is het van belang dat bedrijven die niet passen binnen het deelgebied (zoals transportbedrijven in de Duurzame bloementuin of de Hollandse weides), maar die wel veel verkeersbewegingen genereren, zoveel mogelijk worden uitgeplaatst naar een locatie op een bovenlokaal bedrijventerrein.

Door in te zetten op 100% emissieloze en residuvrije teelt van bloemen, bollen, knollen en vaste planten, willen we mogelijke gezondheidsrisico’s door spuitnevels voor omwonenden terugdringen en lokale kennisontwikkeling en innovatie stimuleren. Ook dit zal de leefbaarheid in de linten ten goede komen.

5. Omgevingsvisiekaart Hillegom

Kaart

afbeelding binnen de regeling

Legenda

afbeelding binnen de regeling

Inleiding

In hoofdstuk 4. Omgevingsvisie Hillegom hebben we op basis van bestaande karakters/sferen een ruimtelijk raamwerk opgesteld met verschillende deelgebieden. Voor elk deelgebied hebben we een koers geformuleerd, aan de hand waarvan we richting hebben gegeven aan toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen, die passen bij het karakter van het deelgebied.

Het ruimtelijk raamwerk en de verschillende ontwikkelingen vormen samen de integrale omgevingsvisie. De visie op de verschillende deelgebieden met de belangrijkste ontwikkelingen en opgaven voor de periode tot 2030 is verbeeld op de integrale omgevingsvisiekaart.

De omgevingsvisiekaart is gebaseerd op bestaande kwaliteiten, vigerend beleid en lopende plannen (vlakken) en voegt daaraan enkele nieuwe keuzes toe (symbolen, pijlen en arceringen). Het is belangrijk vast te stellen dat de omgevingsvisiekaart geen bestemmingsplan-/omgevingsplankaart is en dat deze geen ontwikkelingen onwrikbaar vastlegt. Het gaat om de hoofdlijnen van beleid, die verder worden uitwerkt in het omgevingsplan en programma’s. De raad kan periodiek (bijvoorbeeld ieder jaar) het uitvoeringsprogramma opnieuw vaststellen. Dit kan mede op basis van woningbouwmonitoring en ontwikkelingen in de uitvoering.

6. Uitvoering

afbeelding binnen de regeling

6.1 Inleiding

In dit hoofdstuk beschrijven we hoe we de visie denken te realiseren. Hierbij dragen we een aantal concrete projecten aan die we als gemeente graag gerealiseerd willen zien. Omdat we daarbij ook afhankelijk zijn van andere initiatiefnemers beschrijven we in sommige gevallen ook wat er moet gebeuren om een project of ontwikkeling van de grond te krijgen, zodat dit betrokken kan worden in gesprekken over initiatieven.

In dit hoofdstuk beschrijven we verder de diverse uitwerkingen die we bij de visie gaan opstellen en geven we aan hoe we omgaan met het actualiseren van de visie. Dit laatste hoofdstuk van de visie sluit af met een projectenmatrix. In deze matrix hebben we inzichtelijk gemaakt welke acties voortvloeien uit de visie, wat de rol van de diverse betrokken partijen is en hoe we deze projecten denken te realiseren. Dit samenvattende overzicht is uiteraard samengesteld op basis van de huidige kennis en stand van zaken van initiatieven en kan daarom herzien worden wanneer dat nodig is.

afbeelding binnen de regeling

6.2 Monitoring, aanvulling en herziening

6.2.1 Elke dag vers

Met deze omgevingsvisie lopen we vooruit op de werkwijze die straks onder de Omgevingswet de norm zal worden. We hebben daarmee geen blauwdruk waarmee we tot 2030 vooruit kunnen. Op enig moment zullen we tot de conclusie komen dat een bepaald thema nog onvoldoende is uitgewerkt of dat de situatie voor een gebied dusdanig is veranderd dat een herziening van de visie nodig is. In de geest van de Omgevingswet moet de omgevingsvisie ‘elke dag vers’ gehouden worden. Het college rapporteert halfjaarlijks aan de gemeenteraad over de ontwikkelingen. Dit kan ertoe leiden, dat de raad wordt voorgesteld om de omgevingsvisie op onderdelen aan te passen.

Een belangrijk ijkpunt is het jaar 2022. Op dat moment treedt naar verwachting de Omgevingswet in werking en is ook het omgevingsplan voor het buitengebied vastgesteld. Als Hillegom hebben we dan een actueel planologisch kader en kennen we de finesses van de Omgevingswet. De komende jaren gebruiken we om te kijken of de omgevingsvisie op onderdelen aangevuld of juist ingeperkt moet worden. De verdere integratie van de ‘niet-traditionele’ ruimtelijke beleidsvelden binnen de kaders van de omgevingsvisie vraagt daarbij bijzondere aandacht.

Vooral voor de integratie van de sociaalmaatschappelijke thema’s ligt er een opgave voor ons als gemeente. We gaan hier de komende jaren mee aan de slag.

m.e.r.

De m.e.r. bestaat uit de volgende stappen:

1. Openbare kennisgeving

Het bevoegd gezag publiceert een openbare kennisgeving van het voornemen om de omgevingsvisie op te stellen en hiervoor een plan-m.e.r.-procedure te doorlopen.

2. Notitie en reikwijdte

Na de bekendmaking worden de reikwijdte en het detailniveau van het planMER bepaald. Dit kan in de vorm van een Notitie reikwijdte en detailniveau, maar dat hoeft niet. Een advies van de Commissie m.e.r. over de Notitie reikwijdte en detailniveau is facultatief. In dit geval is hierom niet gevraagd. De bestuursorganen worden ook in deze fase geraadpleegd.

3. Opstellen PlanMER

Het planMER wordt opgesteld op basis van de bepaalde reikwijdte en detailniveau zoals aangegeven in de vorige stap, bij voorkeur met medeneming van de opmerkingen van de Commissie en de geconsulteerde bestuursorganen. Op basis van het planMER wordt in de ontwerp-omgevingsvisie de motivering van de keuzen opgenomen. De resultaten van het planMER wordt opgenomen in de ontwerp-omgevingsvisie.

4. Terinzagelegging en zienswijzen

Het planMER en de ontwerp-omgevingsvisie worden ingevolge afdeling 3.4 van de Awb gezamenlijk zes weken ter inzage gelegd. Parallel daaraan wordt advies gevraagd aan de Commissie m.e.r. Dit toetsingsadvies is ook onder de Omgevingswet verplicht. In het Omgevingsbesluit zal worden aangegeven dat uiterlijk op het moment van terinzagelegging van het milieueffectrapport het bevoegd gezag de Commissie voor de milieueffectrapportage in de gelegenheid stelt over het milieueffectrapport te adviseren. De Commissie voor de milieueffectrapportage brengt advies uit binnen zes weken nadat zij hiertoe in de gelegenheid is gesteld.

5. Motiveren in de definitieve omgevingsvisie

In de definitieve omgevingsvisie moeten de resultaten van de het planMER worden verwerkt en moet worden gemotiveerd hoe met de resultaten van het planMER en de zienswijzen is omgegaan.

6. Bekendmaking en mededeling van het plan

Conform afdeling 3.4 Awb wordt de definitieve omgevingsvisie bekend gemaakt.

7. Evaluatie van de effecten na realisatie

Het is verplicht om de daadwerkelijk optredende milieugevolgen van de uitvoering van de omgevingsvisie in kaart te brengen en te evalueren. In het planMER wordt aangegeven welke aspecten van de visie voor evaluatie in aanmerking komen.

6.2.2 Plan-m.e.r.

Het proces en de procedure wordt een milieueffectrapportage genoemd, wat wordt afgekort als m.e.r.. Het milieueffectrapport zelf wordt afgekort als MER. Een MER brengt op voorgeschreven wijze de milieugevolgen van een plan of project in beeld voordat het besluit wordt genomen of het plan wordt vastgesteld. Zo kan het bevoegd gezag de milieugevolgen bij haar afwegingen betrekken en krijgt het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming over projecten en plannen met mogelijk aanzienlijke gevolgen voor het milieu. In drie gevallen is een plan-m.e.r. wettelijk verplicht voor een omgevingsvisie:

  • a.

    De omgevingsvisie stelt kaders voor activiteiten in het plangebied waar de wet voorschrijft dat er een plan-m.e.r. moet komen.

  • b.

    De omgevingsvisie stelt kaders voor activiteiten waarbij er op grond van de wet sprake is van een m.e.r.-beoordelingsplicht.

  • c.

    De activiteiten in de omgevingsvisie leiden mogelijk tot significante gevolgen voor Natura 2000-gebieden (Passende beoordeling).

In dit geval lijkt van 1 en mogelijk 3 sprake te zijn. Hieronder zijn de resultaten van de m.e.r. weergegeven.

Resultaten MER

In het MER is op een kwalitatieve manier onderzocht of met de voorgestelde oplossingsrichtingen uit de omgevingsvisie het doel voor 2030 bereikt wordt. Nog belangrijker is dat ook is beschreven wat de effecten van deze koers voor de fysieke leefomgeving zijn. De mate waarin het doel uit de visie bereikt wordt en de effecten die hierbij optreden, kunnen aanleiding geven om voor het betreffende onderwerp een concreet uitgewerkt programma op te stellen.

Naast gemeentebrede doelen en ambities bevat de omgevingsvisie ook een onderverdeling in deelgebieden. Voor deze deelgebieden zijn eveneens doelen en ambities geformuleerd, die kunnen bestaan uit het behouden of versterken van de huidige kwaliteiten en/of het ruimte bieden aan nieuwe ontwikkelingen voor het gebied. In het MER is onderzocht wat de impact van deze ambities op de fysieke leefomgeving is. Deze kwalitatieve analyse geeft inzicht in de voorwaarden en spelregels die uiteindelijk vastgelegd moeten worden in het omgevingsplan. Dit MER vormt hiermee als het ware een opstap naar de invulling en beoordeling van het omgevingsplan. De doelen en ambities van de deelgebieden vormen randvoorwaarden en aanwijzingen voor de ontwikkelingen in het betreffende gebied. In dit MER wordt daarom allereerst een effectbeoordeling van de koers en ambitie per deelgebied opgesteld. Deze effectbeoordeling geeft zicht op de randvoorwaarden en regels in het toekomstige omgevingsplan en vormen daarmee ook de randvoorwaarden en regels voor ontwikkelingen op het gebied van de energietransitie en woningbouw. Met de effectbeoordeling per deelgebied kan bepaald worden waar en hoe de opgaven voor deze thema’s gerealiseerd kunnen worden en wat de effecten hiervan zijn op de kernkwaliteiten van het deelgebied. Als er zicht is op de realisatiemogelijkheden en de effecten hiervan, kan er ook getoetst worden op het ‘doelbereik’.

De omgevingsvisie bevat een kwalitatieve beschrijving van de kwaliteiten en ambities van de gemeente voor verschillende deelgebieden. Hiermee wordt inzicht geboden in de voorwaarden die bepalend zullen zijn bij nieuwe ontwikkelingen, zonder dat hier harde kaders voor gesteld worden. Deze kaders worden vastgelegd in het omgevingsplan. Dit MER sluit aan bij het abstractieniveau van de omgevingsvisie en dient daarom voornamelijk als kwalitatieve verkenning van de leefomgevingseffecten. Voor de effecten op de leefomgeving zijn in de conclusie aanbevelingen gedaan om negatieve effecten te beperken door bijvoorbeeld regels plannen op te stellen waar ontwikkelingen aan getoetst moeten worden. Voor het waarmaken van de ambities zijn aanbevelingen gedaan om ontwikkelingen mogelijk te maken en te stimuleren.

De Commissie m.e.r. heeft op 4 december 2017 een toetsingsadvies uitgebracht over het MER. Naar aanleiding van dit advies van de Commissie en een reactie van de omgevingsdienst is in december 2017 een aanvulling op het MER opgesteld.

In deze aanvulling op het MER (zie losse bijlage bij deze omgevingsvisie) is allereerst een beknopte samenvatting gegeven van de analyses uit het MER. Waar in het MER per deelgebied de betreffende kernkwaliteiten, knelpunten en ambities besproken zijn, wordt in de aanvulling meer gekeken naar de overkoepelende aspecten op gemeenteniveau. Hierin wordt ook gekeken naar de rol van autonoom beleid met betrekking tot deze aspecten.

Voor de thema’s duurzame energie en woningbouw is in de aanvulling nadrukkelijk de doorvertaling gemaakt naar de uitwerking in respectievelijk het programma en het omgevingsplan. Hiervoor worden allereerst de opgaven geanalyseerd en is onderzocht welke ambities deze opgaven moeten vervullen en hoe de opgaven ingevuld kunnen worden. De invulling van de opgaven is vervolgens beoordeeld op de mogelijke effecten op de leefomgeving en vooral op de kernkwaliteiten en ambities. Hierbij is ook gekeken naar kansen om op andere leefomgevingsaspecten een positief effect te behalen.

Uit deze analyse blijkt dat opgaven en ambities elkaar kunnen bijten of dat het behalen van een ambitie twijfelachtig is. In deze aanvulling wordt daarom ook aangegeven op welke terreinen dit mogelijk op kan treden en hoe hiermee omgegaan kan worden bij de uitwerking van het programma of het omgevingsplan. Het inzichtelijk maken van deze effecten en het wel of niet bereiken van de gestelde doelen kan vervolgens meegenomen worden in de monitoring.

De aanvankelijk uitgesproken ambitie in 2030 energieneutraal te zijn, is niet eenvoudig haalbaar, zo blijkt uit (de aanvulling op) het MER. De mogelijkheden voor duurzame vormen van energieopwekking zijn binnen de eigen gemeentegrenzen beperkt, gezien onder meer de wettelijke beperkingen. Vandaar dat wij de ambitie nu bijstellen naar energieneutraal in 2050, overeenkomstig de energiedoelstellingen in de RES 1.0 van Holland Rijnland.

De mogelijkheden voor duurzame vormen van energieopwekking zijn binnen de eigen gemeentegrenzen beperkt, gezien onder meer de wettelijke beperkingen. We pakken deze opgave daarom op in regionaal verband. Bij het meewerken aan initiatieven voor opwekking van duurzame energie zal steeds een afweging moeten worden gemaakt ten aanzien van de impact op de kernkwaliteiten en de ambities op het gebied van bijvoorbeeld landschap, natuur en woonkwaliteit.

Uit het MER en de aanvulling blijkt ten slotte dat het heel belangrijk is de in de omgevingsvisie genoemde uitgangspunten voor ontwikkelingen ook echt in de praktijk te hanteren bij het beoordelen van initiatieven. Zo kan het meewerken aan (kleinschalige) recreatieve ontwikkelingen in de Hollandse weides alleen als zeker is dat ze niet ten koste gaan van de aanwezige natuurwaarden. Anders staan dergelijke ontwikkelingen op gespannen voet met de ambitie de Hollandse weides te versterken als weidevogelgebied.

En het toevoegen van Greenport-woningen zoveel mogelijk in clusters aansluitend aan de kern Hillegom, passend naar aard en schaal. Losse Greenport-woningen moeten goed ingepast worden, zodat de zichtlijnen op de bollenvelden behouden blijven. Greenport-woningen mogen niet ten koste gaan van de karakteristieken van de Levendige linten en/of de Duurzame bloementuin of de Hollandse weides en dragen bij aan de voor deze deelgebieden genoemde ambities. Als deze uitgangspunten niet gehanteerd worden, leidt de ontwikkeling van Greenportwoningen bijvoorbeeld tot aantasting van de landschappelijke kernkwaliteit en de ambitie het landschap beter zichtbaar en beleefbaar te maken.

afbeelding binnen de regeling

6.2.3 Omgevingsplan

Een belangrijke bepaling in de Omgevingswet is dat een gemeente één omgevingsplan kent. Dit betekent in principe dat het systeem zoals we dat nu kennen met verschillende bestemmingsplannen voor de dorpen en het buitengebied, niet meer aan de orde zal zijn. Het Omgevingsplan Buitengebied en de Zanderij zal naar verwachting begin 2021 vastgesteld worden door de gemeenteraad. Eind 2020 wordt gestart met het omgevingsplan voor het hele grondgebied. Na vaststelling van de omgevingsvisie Heerlijk Hillegom in 2018 is tegelijkertijd het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid vastgesteld.

6.2.4 Omgevingswaarden/programma

De Omgevingswet biedt de mogelijkheid om in het omgevingsplan voor de gehele gemeente omgevingswaarden vast te leggen. Bijvoorbeeld ten aanzien van de uitstoot van schadelijke stoffen, de productie van geluid of andere vormen van hinder of mogelijke overlast. In dat geval is ook een programma verplicht. Vooralsnog zien wij geen noodzaak om ter uitvoering van deze visie concrete waarden te stellen. Wel zullen we of voor de vaststelling van de omgevingsvisie of in het omgevingsplan de huidige kwaliteit (minimale kwaliteit) en de streefkwaliteit bepalen. De bestaande situatie in onze gemeente is niet van dien aard dat er nu sprake is van acute actiepunten. Mocht in de toekomst blijken dat bepaalde ‘doelen’ niet worden gehaald dan kunnen we alsnog overwegen om in het omgevingsplan omgevingswaarden vast te stellen en deze te koppelen aan een programma. Dit is ook een aspect wat aan bod komt bij de monitoring en evaluatie van deze eerste omgevingsvisie.

6.2.5 Integrale beleidsvorming

De Omgevingswet is één samenhangende wet die ontwikkelingen stimuleert en de kwaliteit van de leefomgeving waarborgt. De wet regelt voor burgers, bedrijven en overheden het doelmatige en duurzame beheer, gebruik, behoud en ontwikkeling van een veilige en gezonde leefomgeving.

Ingevolge de Omgevingswet is een omgevingsvisie een integrale visie, die de lange termijn-keuzes voor die leefomgeving laat zien en die de beleidsmatige basis biedt voor de overige kerninstrumenten van de wet. Officieel vervangt de omgevingsvisie de structuurvisie, het waterplan, het milieubeleidsplan, het verkeers- en vervoerplan en de ruimtelijke aspecten van de natuurvisie uit de Wet natuurbescherming. Gelet op de doelstelling van de wet gaat deze omgevingsvisie niet alleen in op deze documenten, maar op de volle breedte van de leefomgeving. Dit betekent dat deze feitelijk (de strategische onderdelen van) alle beleidsdocumenten op het gebied van de fysieke leefomgeving (inclusief de genoemde documenten) vervangt en dat resterend beleid in een van de andere kerninstrumenten van de Omgevingswet - omgevingsplan of programma - moet worden opgenomen (zie het schema ‘relatie omgevingsvisie met andere kerninstrumenten; de stippellijn bij bestaand beleid geeft aan dat alleen het strategische deel is overgenomen). Deze omgevingsvisie vervangt vooralsnog niet de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport (ISG; Duin- en Bollenstreek, 2016). Tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet blijven de ISG en de omgevingsvisie naast elkaar bestaan, waarbij we ten opzichte van de ISG in de omgevingsvisie een aantal ambities hebben toegevoegd, zoals op het gebied van duurzaamheid (waaronder emissieloze en residuvrije bollenteelt), gezondheid en openheid en andere karakteristieken van het landschap. Zo gelden voor de komst van GOM-woningen de uitgangspunten van de ISG, maar is het uitgangspunt ook dat deze woningen bijdragen aan de specifieke ambities en uitgangspunten voor het deelgebied waarin eventuele woningen beoogd zijn (zie paragraaf 4.3 Koersen op karakter per deelgebied).

Als het resterende beleid geen plek krijgt in het omgevingsplan of in het programma/de programma’s en het is niet (meer) relevant, dan vervalt het. De doelstelling is dat er op termijn (circa 2021) verder geen andere beleidsstukken, die de fysieke leefomgeving betreffen, meer overblijven. In de nieuwe wettelijke overgangsperiode (2021 tot 2031) kan los beleid nog worden opgenomen in de omgevingsvisie, in een programma en/of een omgevingsplan. Wijzigingen in het fysieke domein lopen in beginsel via de omgevingsvisie. Door de drempels op te werpen en te streven naar 2021 beperken we de hoeveelheid beleidsstukken.

6.3 Financiën

We gaan ervan uit dat budget voor eventuele concrete projecten die voortvloeien uit deze visie per project wordt uitgewerkt. De omgevingsvisie gaat uit van realisatie van projecten door eenieder die in Hillegom woont, werkt of recreëert of er op een andere manier betrokken is. Budget voor de realisatie van nieuwe initiatieven moet worden opgebracht door eenieder die bij een project betrokken is. Waar dit nodig is sluit de gemeente vooraf een overeenkomst met de betrokken initiatiefnemers. In deze overeenkomst worden de afspraken over het project vastgelegd, evenals de rechten en plichten wederzijds. Een onderdeel daarvan is hoe met de kosten van een project wordt omgegaan. Voor projecten waar de plicht tot kostenverhaal geldt, wordt in principe in een anterieure exploitatieovereenkomst (het vastleggen van afspraken tussen een gemeente en een particuliere partij over het ontwikkelen van een bepaald perceel) vastgelegd dat deze kosten door de initiatiefnemer aan de gemeente worden vergoed.

Daarnaast gaat de gemeente deze omgevingsvisie gebruiken als onderbouwing in subsidie- en cofinancieringstrajecten. In de visie hebben we de koers voor Hillegom op weg naar 2030 uitgezet. Het koppelen en verbinden van geldstromen aan de realisatie van deze koers is waar de gemeente zich hard voor maakt. Daarbij gebruikt de gemeente de brede inbedding van eigen projecten in grotere structuren ook om de financiering van ambities beter mogelijk te maken. Daarnaast kan de visie wellicht ook door andere initiatiefnemers worden gebruikt in de motivering van subsidieaanvragen.

6.4 Nadere uitwerking

Het eerste concrete ruimtelijke plan waarin de omgevingsvisie wordt uitgewerkt naar individuele percelen is de algehele herziening van de diverse bestemmingsplannen voor het landelijk gebied. De gemeente streeft ernaar een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte/omgevingsplan op te stellen dat voldoet aan de doelstelling van de Omgevingswet. Zolang de Omgevingswet nog niet in werking is getreden, kunnen de milieuregels daaruit nog niet worden toegepast. Wel kunnen de milieunormen uit de Crisis en herstelwet worden toegepast. Naar verwachting wordt het nieuwe plan in 2021 vastgesteld. Op welke manier de omgevingsvisie in dit plan wordt verwerkt is onder andere afhankelijk van de initiatieven die gedurende de planvoorbereiding concreet worden gemaakt. De omgevingsvisie zal daarbij echter steeds als beleidskader worden gebruikt in de motivering enuitwerking van het initiatief. Opstelling van het nieuwe omgevingsplan Buitengebied Hillegom is tegelijkertijd een goede test om te kijken of de omgevingsvisie werkt zoals we dat voor ogen hebben. Vooral om die reden benoemen we het omgevingsplan dan ook als uitwerking van de voorliggende visie. Voor de vaststelling voegen we hier mogelijk nog andere uitwerkingen aan toe. Hieronder zijn een groot aantal programma’s en projecten opgenomen die voortvloeien uit de omgevingsvisie, waaronder de al genoemde prioritaire projecten. De projecten zijn gerangschikt naar een aantal thema’s.

afbeelding binnen de regeling

Bijlage I Overzicht Informatieobjecten

Bijlage II Continuering ISG-beleid onder de Omgevingswet

De Duin- en Bollenstreek geniet internationale bekendheid vanwege de Keukenhof en het bollen- en sierteeltcomplex. Economie en landschap zijn hier van oudshernauw verbonden. Het bollencomplex is bepalend voor de bollenteelt en het karakteristieke landschap dat is ontstaan in de binnenduinrand. In 2005 wees het kabinet de Duin- en Bollenstreek aan als één van de vijf Greenports in Nederland. Daarmee erkent het Rijk het economisch belang van het totale bollen- en sierteeltcomplex in de Bollenstreek, met zijn productie, handel, distributie, onderzoek en promotie. Ook in het opvolgend rijksbeleid is het economisch belang van de Duin- en Bollenstreek bekrachtigd. Tegelijkertijd kent de streek - mede door de ligging op het schakelpunt van de Noord- en Zuidvleugel van de Randstad - een hoge ruimtedruk.

Al in 1996 hebben overheden, marktpartijen en maatschappelijke organisaties de handen ineengeslagen en het ‘Pact van Teylingen’ vastgesteld om de aantasting en verrommeling van het gebied tegen te gaan en de bijzondere landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten te behouden. In 2004 is dit uitgebreid met het ‘Offensief van Teylingen’ om gewenste ontwikkelingen die vertraagd werden, alsnog gebiedsgewijs te kunnen realiseren. Dit beleid is in 2009 vertaald in de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek (ISG); een wettelijk bindend planologisch kader waarin de gemeenschappelijke ambities van de Greenportgemeenten zijn geformuleerd. Om de omvangrijke economische en landschappelijke vitaliseringsopgave voortvarend ter hand te nemen hebben de Greenportgemeenten de Greenport Ontwikkelingsmaatschappij (GOM) opgericht. Het is voor de uitvoering van het beleid van groot belang dat deze gemeentelijke ambities geborgd blijven, ook na de inwerkingtreding van de Omgevingswet.

In de afzonderlijke omgevingsvisies van greenportgemeenten zijn de gezamenlijke doelstellingen opgenomen, die in de omgevingsplannen worden vertaald naar planregels. Daarnaast zal een Intergemeentelijk uitvoeringsprogramma Greenport Duin- en Bollenstreek worden vastgesteld waarin de doelstellingen, het beleid voor de ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming en de uitvoering worden uitgewerkt.

Doelstellingen

  • a.

    De primaire doelstelling voor de fysieke leefomgeving in het buitengebied van de Duin- en Bollenstreek is een gemeenschappelijke inzet voor het herstructureren en revitaliseren van het bollen- en sierteeltcomplex in samenhang met de verbetering van de natuurlijke, landschappelijke en recreatieve kwaliteiten: een vitale economie in een vitaal landschap.

    De Greenport Duin- en Bollenstreek ontwikkelt zich tot het internationale kenniscentrum voor innovatie, handel en wetenschap voor bloemen, bollen, knollen en vaste planten. Een gebied met een hoge landschappelijkekwaliteit met natuurwaarde en voldoende recreatiemogelijkhedenwaarin het economisch complex vanbloemen, bollen, vasten planten en toerisme op eenduurzame manier samengaat met de ontwikkeling vansociaaleconomisch vitale kernen.

  • b.

    Behoud van ten minste 2625 hectare 1e klasbollengrond. Het teeltareaal blijft qua omvang minimaal gelijk, wordt in kwaliteit verbeterd en qua verkaveling gemoderniseerd en geschiktgemaakt voor schaalvergroting.

    Uitgangspunt is dat per saldo 2625 ha eerste klasbollengrond (grond geschikt voor hyacintenteelt)gehandhaafd moet blijven. Omzetten van deze bollengrond naar andere functies is slechts mogelijk, indien dit passend is binnen het beleid en als dit gecompenseerd wordt door het produceren van nieuwe 1e klas bollengrond. Primair vindt deze compensatie plaats door het opruimen van verrommeling en het verbeteren van de kwaliteit van tweede klas bollengrond en in laatste instantie door het omzetten van daarvoor aangewezen graslanden. Deze regel is een harde garantie voor het behoud van productiegrond en voor het behoud van open ruimte. Omdat de integrale uitvoering van de bollengrondcompensatie van groot belang is wordt deze uitgevoerd door GOM en kan een grondeigenaar het onttrekken van areaal niet zelf compenseren. (Zie intergemeentelijk uitvoeringsprogramma)

  • c.

    Het landschap wordt open(er) gemaakt conform het landschapsperspectief. Nieuwe woonfuncties zijn in het buitengebied uitsluitend toegestaan als deze als greenportwoning bijdragen aan de herstructureringsopgave.

    De basis om tot verbetering van de landschapskwaliteitenin de Duin- en Bollenstreek te komen, is gebaseerdop het Landschapsperspectief uit de ISG. In hetlandschap zijn verschillende ‘kamers’ te onderscheiden.Grofweg ontstaan op deze manier drie bollenzones: debinnenduinrandzone (actief open maken), het centralegebied (open houden) en enkele specifieke gebieden(selectief ruimte bieden voor verdichting). (Zie intergemeentelijkuitvoeringsprogramma)

    De bouw van nieuwe woningen is niet toegestaan, met uitzondering van de bouw van zogenaamde Greenportwoningen. Om het herstructureringsproces en de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit te financieren is in de ‘Gebiedsuitwerking Haarlemmermeer- Bollenstreek’ afgesproken om 500 ‘Offensiefwoningen’ (‘dun en duur’) en 100 zogenaamde ‘landgoedwoningen’(‘heel dun en duur’) in het buitengebied van de regio te bouwen. Deze twee categorieën zijn samengevoegd tot 600 Greenportwoningen en ook als zodanig opgenomen in de ‘Regionale Woonagenda’. Binnen de vijf gemeenten wordt gekeken naar geschikte locaties voor deze Greenportwoningen, waarbij gestreefd wordt naar een zo goed mogelijke landschappelijke inpassing. Bij de ontwikkeling van Greenportwoningen dient een financiële bijdrage te worden geleverd aan de GOM. GOM realiseert hiermee de kwaliteitsverbetering, dan wel op de locatie zelf of elders in het buitengebied van de Duin- en Bollenstreek, waarbij de openheid wordt hersteld zodat er per saldo landschapswinst optreedt.

  • d.

    De landschapskwaliteit en het landschapsbeeld worden verbeterd; ontbrekende groene schakels worden gerealiseerd, cultuurhistorisch erfgoed c.q. elementen worden ingepast en versterkt, het kenmerkende landschappelijke karakter van de Duin- en Bollenstreek blijft behouden.

    In de Duin- en Bollenstreek zijn grote en kleine natuurgebieden zoals Natura 2000 gebieden en gebieden die deel uit maken van het Nationaal Natuur Netwerk (NNN), vroeger de Ecologische Hoofd Structuur (EHS) genoemd. Belangrijk in het NNN zijn de ecologische verbindingszones die geïsoleerd liggen de gebieden verbinden met grotere natuurgebieden. Deze verbindingen verhogen de natuurkwaliteit en bevorderen de biodiversiteit. Bovendien dragen ze bij aan verbetering van de landschapskwaliteit en ook kunnen ze van belang zijn bij bepaalde recreatieve ontwikkelingen. Naast de agrarische- en natuurgebieden zijn ook landgoederen een belangrijk element in het landschap van de Duin- en Bollenstreek. Historische structuren zoals waterlopen, lanen of zicht-assen moeten we actief versterken of herstellen.

  • e.

    Bedrijven die bijdragen aan de versterking van de Greenport krijgen de ruimte om zich te ontwikkelen mits wordt voldaan aan de dubbeldoelstelling voor economische vitaliteit en landschappelijke kwaliteit en de ontwikkeling bijdraagt aan het landschappelijk karakter van de Duin- en Bollenstreek.

    Het bollen- en bloemencomplex, gericht op de teelt, broeierij en handel, inclusief vaste plantenteelt en sierteeltonder glas, is als onderdeel van de Greenport Duin- & Bollenstreek van grote economische waarde voor Nederland. Een groot deel van de wereldhandelstromen loopt via deze greenport. Voorkomen moet worden dat sterke en innoverende spelers in de knel komen. Het gaat er daarbij vooral om ruimte te bieden aan bedrijven die greenportgerelateerd zijn, waarbij investeringen die onmiskenbaar bijdragen aan de kwaliteit van de Greenport mogelijk gemaakt kunnen worden en gevestigde greenportbedrijven zich op een goede wijze kunnen doorontwikkelen. Nieuwvestiging van niet-grondgebonden bedrijvigheid in het buitengebied dient te worden voorkomen.

    Schaalvergroting is noodzakelijk om meer ruimte te kunnen bieden aan groei van het bollencomplex met behoud van de landschappelijke kwaliteit van de Duin- en Bollenstrek die gebaseerd is op het landschapsperspectief van de ISG. Groeiende, moderne bedrijven worden op adequate wijze ruimtelijk ingepast in het landschap c.q. geclusterd gevestigd op moderne bedrijfslocaties.

    Om de gewenste schaalvergroting binnen de Greenport op de juiste wijze te faciliteren moet ingespeeld worden op de behoefte van kwekers die in de nabije toekomst hun teeltareaal uitbreiden. Maatwerkoplossingen voor bedrijfssanering of -verplaatsing zijn onder voorwaarden mogelijk. Daarbij is naast de grondgebondenheid ook de duurzaamheid van de bedrijfsmatige activiteiten relevant. Een onafhankelijk agrarisch deskundige kan daarover in individuele gevallen advies geven zodat maatwerk toegepast kan worden. Het uitgangspunt daarbij is dat gronden buiten de Greenport niet meegerekend mogen worden.

    Het sierteeltcluster in Rijnsburg is één van de belangrijke pijlers onder de Greenport. Het cluster is een nauwsamenhangend geheel van kwekers, veredelaars, (groot)handelaren, logistieke dienstverleners, toeleveranciers en veiling Flora Holland. Het cluster strekt zich uit over de gehele Duin- en Bollenstreek.

    De aanwezigheid van verspreid gelegen glastuinbouwbedrijvenin het buitengebied leidt tot een aantasting van de kwaliteit van het landschap, waardoor de aantrekkelijkheid vermindert. Inzet blijft om bestaande gespecialiseerde glasbedrijven te verplaatsen naar Kloosterschuur-Trappenberg in gemeente Katwijk. Kwaliteitsverbetering van het landschap, onder andere ten behoeve van toerisme en recreatie gaat hand in hand met de vanuit bedrijfseconomische gronden gewenste herstructurering van gespecialiseerde glastuinbouw.

  • f.

    Er wordt gewerkt aan een in alle opzichten duurzame Greenport. Naast vermindering van emissies in bodem, lucht en water en van het gebruik van schaarse grondstoffen en energie is het stimuleren van een leefbare woon-, werk- en leefomgeving van groot belang.

    Specifieke aandacht hebben de kwaliteit en kwantiteit van water in gebieden waar teelt in open grond plaatsvindt. Rekening houdend met klimaatverandering, zeespiegelstijging, bodemdaling en beschikbaarheid van voldoende zoet water moet we het watersysteem duurzaam worden ingericht, waarbij wateroverlast geminimaliseerd wordt met voldoende waterberging. De nadruk ligt verder op het voorkomen en verminderen van emissies naar het oppervlaktewater en het ecologisch inrichten van oevers.