Beleidsregels voor het verbranden van snoeiafval buiten een installatie gemeente Rijssen-Holten 2024

Geldend van 03-04-2025 t/m heden

Intitulé

Beleidsregels voor het verbranden van snoeiafval buiten een installatie gemeente Rijssen-Holten 2024
  • 1.

    De raad voor te stellen het omgevingsplan gemeente Rijssen-Holten, eerste wijziging vervat in bestandenset https://rx-base.nl/viewer/4109f293-6c44-4887-a525-bdbdacc5481e/decisi ongewijzigd vast te stellen.

  • 2.

    De raad voor te stellen dat het omgevingsplan gemeente Rijssen-Holten, eerste wijziging in werking treedt direct na afloop van de beroepstermijn;

  • 3.

    De raad voor te stellen:

    • a.

      het 'Parapluplan risicobronnen in de vorm van opslagtanks' met identificatie NL.IMRO.1742.BP2022001-0401 in te trekken;

    • b.

      hoofdstuk 3 van het 'Chw parapluplan implementatie Omgevingswet Rijssen-Holten' met identificatie NL.IMRO.1742.BP2023001-0401 in te trekken;

    • c.

      het 'Parapluplan parkeernormen met identificatie NL.IMRO.1742.BP2018001-0402 in te trekken;

    • d.

      het de 'Parapluregeling Evenemententerreinen' met identificatie NL.IMRO.1742.BPP2012001-0401 in te trekken;

    • e.

      de 'Verordening strafbepalingen fysieke leefomgeving gemeente Rijssen-Holten 2024 (eerste wijziging)' in te trekken;

    • f.

      de 'Kapverordening gemeente Rijssen-Holten 2024' in te trekken;

    • g.

      de 'Doelgroepenverordening gemeente Rijssen-Holten 2024' in te trekken;

    • h.

      de 'Verordening op de afvoer hemelwater en grondwater 2024' in te trekken; en

    • i.

      de 'Erfgoedverordening gemeente Rijssen-Holten 2024' in te trekken;

  • 4.

    De raad voor te stellen de regelingen genoemd onder punt 3a tot en met i in te trekken op het moment van inwerkingtreding van het omgevingsplan;

  • 5.

    De raad voor te stellen:

    • a.

      de 'Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Rijssen-Holten 2025, eerste wijziging' vast te stellen;

    • b.

      de 'Lijst met bindend adviesrecht Buitenplanse omgevingsplanactiviteit gemeente Rijssen – Holten 2025' vast te stellen;

    • c.

      de lijst met 'Delegatie omgevingsplan gemeente Rijssen-Holten 2025' vast te stellen; en

    • d.

      de 'Lijst met onderwerpen met een verplichting tot participatie bij ruimtelijke besluiten 2025' vast te stellen;

  • 6.

    De 'Beleidsregels voor het verbranden van snoeiafval buiten een installatie gemeente Rijssen-Holten 2025' vast te stellen;

  • 7.

    De 'Beleidsregels voor het verbranden van snoeiafval buiten een installatie gemeente Rijssen-Holten 2024' in te trekken;

  • 8.

    Het 'Mandaatbesluit gemeente Rijssen-Holten' gewijzigd vast te stellen;

  • 9.

    De 'Beleidsregel uitwegen gemeente Rijssen-Holten' (2011) in te trekken op het moment van

  • 10.

    inwerkingtreding van het omgevingsplan; en Het 'Uitvoeringsbeleid voor dakkapellen en dakopbouwen Rijssen-Holten 2017' in te trekken op het moment van inwerkingtreding van het omgevingsplan.

Op grond van artikel 10.2, eerste lid, van de Wet milieubeheer is het verboden zich van huishoudelijke afvalstoffen te ontdoen door deze te storten, anderszins op of in de bodem te brengen of te verbranden.

Op grond van artikel 10.63 en 10.64 Wet milieubeheer kan het college van burgemeester en wethouders ontheffing van dit verbod verlenen, mits het geen gevaarlijke afvalstoffen betreft.

Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet is er een duidelijker onderscheid tussen het verbranden van niet ingezameld huishoudelijk afval en bedrijfsafval. Onder die laatste categorie valt ook ingezameld huishoudelijk afval. Voor het verbranden van bedrijfsafval geldt een vergunningplicht op basis van het Besluit activiteiten leefomgeving. Daarvoor zijn beoordelingsregels opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving en het omgevingsplan van de gemeente Rijssen - Holten. Voorliggende beleidsregel ziet op overige vormen van verbranden.

Voor het gebruik maken van deze bevoegd stelt het college de volgende beleidsregels vast.

Regels

  • a.

    Begripsbepaling

  • Voor toepassing van de regels wordt onder snoeiafval verstaan: afval afkomstig na onderhoudswerkzaamheden in tuinen, parken, plantsoenen en bosgebieden dat alleen bestaat uit takken, blad of stammen

  • b.

    De regeling bebouwde kom:

    • aanvragen voor het verbranden van snoeiafval hebben in beginsel betrekking op het gebied buiten de bebouwde kom;

    • Vreugdevuren kunnen binnen de bebouwde kom gehouden worden als de Veiligheidsregio Twente een positief advies gegeven heeft over de brandveiligheid.

  • c.

    De regeling particulieren:

    • er wordt ontheffing verleend voor het verbranden van niet van derden afkomstig snoeiafval;

    • het minimale volume van de brandstapel bedraagt 5 m³

    • per stookseizoen wordt per locatie maximaal 25 m³ verbrand;

    • alleen voor de maanden november tot en met maart worden ontheffingen verleend;

    • de ontheffing is twee jaar geldig.

  • d.

    De regeling landschapsonderhoud:

    • er wordt ontheffing verleend voor het verbranden van niet van derden afkomstig snoeiafval;

    • het minimale volume van de brandstapel bedraagt 5 m³;

    • er worden alleen voor de maanden november tot en met april ontheffingen verleend;

    • de ontheffing is twee jaar geldig.

  • e.

    De regeling vreugdevuren:

    • ontheffing is alleen mogelijk voor niet vergunningplichtige milieubelastende activiteiten zoals bedoeld in artikel 3.40 e Besluit activiteiten leefomgeving;

    • er wordt ontheffing verleend voor het verbranden van snoeiafva of ander onbehandeld houtl;

    • eventuele vreugdevuren hebben een traditionele achtergrond en vinden plaats met Pasen of de jaarwisseling;

    • Vreugdevuren zijn niet groter dan 50 m3; en

    • De ontheffing geldt per verbranding.

  • f.

    De regeling verbranden van door ziekte aangetast hout:

    • er wordt ontheffing verleend voor het verbranden van niet van derden afkomstig ziek snoeiafval en overig door ziekte aangetast, onbehandeld, plantaardig afval;

    • vooruitlopen op de ontheffing is vanwege de noodzaak de ziekte te bestrijden bespreekbaar, mits een aanvraag is ingediend en de milieuvoorschriften voor het verbranden van afval worden nageleefd;

    • de ontheffing geldt per verbranding.

Ondertekening