Verordening [W.W.] Wijk 00, 23-05-28-30, Montfoort

Geldend van 03-04-2025 t/m heden

Intitulé

Verordening [W.W.] Wijk 00, 23-05-28-30, Montfoort

De raad van de gemeente Montfoort;

- gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 25 april 2023;

- gelet het bepaalde in artikel 222 van de Gemeentewet en het bekostigingsbesluit '[W.W.] Wijk 00, 23-05-28-30 ,

Montfoort', vastgesteld bij raadsbesluit van 30 mei 2023;

- gelet op de Modelverordening baatbelasting GVR Gemeente Montfoort2021 en het Model Bekostigingsbesluit GVR gemeente Montfoort2021;

besluit:

Vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van baatbelasting [W.W.] Wijk 00, 23-05-28-30 , Montfoort.

Artikel 1 Belastbaar feit en belastingobject

1 Onder de naam '[W.W.] Wijk 00, 23-05-28-30 , Montfoort' wordt in de vorm van een heffing ineens een directe belasting geheven ter zake van de onroerende zaken gelegen in het gebied binnen de gemeente zoals aangeduid in de bij deze verordening behorende gewaarmerkte kaart, die op 30 augustus 2023 zijn gebaat door de in het tweede lid genoemde voorzieningen die tot stand zijn of worden gebracht door of met medewerking van het gemeentebestuur.

2 De voorzieningen die tot stand zijn of worden gebracht ten behoeve van het terugdringen van de warmte- en energievraag in de wijk Wijk 00 omvatten: Zonnepanelen, Spouwmuurisolatie, Bodemisolatie, en Glasisolatie.

Artikel 2 Belastingplicht

1 De belasting wordt geheven van degene die van de onroerende zaak als bedoeld in artikel 2, eerste lid, het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht.

2 Voor de toepassing van het eerste lid wordt als genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt degene die op het tijdstip van ingang van de heffing dan wel, indien de belasting wordt geheven in de vorm van een jaarlijkse belasting, bij de aanvang van het belastingjaar als zodanig in de basisregistratie kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is.

Artikel 3 Maatstaf van heffing

1 De maatstaf van heffing betreft de uitkomst van onderstaande omslagregel, berekend per onroerende zaak:

G( wPV + wS + wB + wV + wGL + wBK + wRK + wOK) + F(PK / A).

ii Waarin:

w = De onroerende zaak;

F = omslagfactor ten behoeve van profijt A;

G = omslagfactor ten behoeve van profijt B;

PV = Zonnepanelen;

S = Spouwmuurisolatie;

B = Bodemisolatie;

V = Vloerisolatie;

GL = Glasisolatie;

BK = Kosten voor inspectie- / begeleidings- /

afsluitkosten;

RK = Rentekosten;

OK = Operationele kosten;

PK = Gemeentelijke projectkosten;

A = het aantal onroerende zaken in het gebate

gebied;

2 Omslagfactor

a. Als gevolg van de voorzieningen die namens het gemeentebestuur tot stand zijn gebracht in het gebied

binnen de gemeentegrenzen, zoals aangeduid in de bij deze verordening behorende gewaarmerkte kaart,

worden twee vormen van profijt onderscheiden:

i. A-profijt

Alle onroerende zaken in de wijk hebben aanwijsbaar en meetbaar profijt van de voorzieningen die tot

stand zijn gebracht. Dit als gevolg van de teruggedrongen warmte- en energievraag in het gebied om

de wijk beter geschikt te maken om aan te sluiten op een alternatieve warmtevoorziening. Elke in de

wijk gelegen onroerende zaak wordt als gevolg daarvan in een voordeliger positie gebracht en dan ook

beter geschikt om aan te sluiten op een alternatieve warmtevoorziening.

ii. B-profijt

Van de voorzieningen die tot stand zijn gebracht heeft een aantal onroerende zaken in de wijk nog

eens extra profijt. Dit profijt ontstaat doordat de voorzieningen specifiek aan deze onroerende zaken

tot stand zijn gebracht en deze onroerende zaken als gevolg hiervan zelfstandig een lagere warmte en/

of energievraag genereren.

b. De omslagfactor wordt als volgt bepaald:

i. De omslagfactor (F) voor onroerende zaken die het A-profijt hebben als gevolg van de tot stand

gebrachte voorzieningen is 0;

ii. De omslagfactor (G) voor onroerende zaken die het B-profijt hebben als gevolg van de tot stand

gebrachte voorzieningen is 1.

Artikel 4 Belastingtarief

a. De belasting voor onroerende zaken die zowel het A-profijt als het B-profijt hebben als gevolg van de tot stand gebrachte voorzieningen, gesplitst per hierna genoemde onroerende zaak bedraagt:

- Kleverplantsoen 13, 3417 VG MONTFOORT € 27.039,60

- Jonker Fransstraat 26, 3417 AV MONTFOORT € 47.131,20

- Jan de Rijkelaan 31, 3417 AW MONTFOORT € 25.542,00

- Godfried van Rhenenlaan 31, 3417 AM MONTFOORT € 42.465,60

- Lieve Vrouwegracht 29A, 3417 HM MONTFOORT € 37.742,40

- Tiendweg 11, 3417 VJ MONTFOORT € 32.097,60

- Heeswijk 1, 3417 GP MONTFOORT € 51.134,40

- Van Rooijen-plein 48, 3417 BM MONTFOORT € 27.943,20

- Schoutstraat 1, 3417 SN MONTFOORT € 22.694,40

- De Bleek 11, 3417 TR MONTFOORT € 32.976,00

b. De belasting voor onroerende zaken die uitsluitend het A-profijt hebben als gevolg van de tot stand gebrachte

voorzieningen is nihil.

Artikel 5 Regeling inzake heffing in de vorm van een jaarlijkse belasting

1 In afwijking van het bepaalde in artikel 4 wordt op verzoek van de belastingplichtigen de belasting geheven in de

vorm van een jaarlijkse belasting gedurende 30 jaren.

2 Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

3 De jaarlijkse belasting bedraagt het totaal verschuldigde, verspreid over een periode van 30 jaren.

4 De belasting over de nog niet aangevangen belastingjaren kan elk jaar bij aanvang van het belastingjaar worden afgekocht. De afkoopsom wordt bepaald op de contante waarde van de op 01 januari van het belastingjaar, waarin de afkoop plaatsvindt, nog te verschijnen belastingbedragen.

5 a. Ingeval de belasting wordt geheven in de vorm van een jaarlijkse heffingen de belastingplicht in de

loop van het belastingtijdvak als bedoeld in het eerste lid eindigt of wijzigt als gevolg van het

overdragen van eigendom, bezit of beperkt recht, wordt de nieuwe genothebbende krachtens

eigendom, bezit of beperkt recht, met ingang van het eerstvolgende belastingjaar een aanslag ineens

opgelegd voor de resterende belastingjaren van het belastingtijdvak, overeenkomstig het voor het

betreffende jaar opgenomen bedrag in de bij deze verordening opgenomen tarieventabel.

b. In afwijking van het bepaalde in onderdeel a, wordt op verzoek van de in dat onderdeel bedoelde

belastingplichtige de jaarlijkse heffing overeenkomstig het eerste lid gecontinueerd overeenkomstig

het bepaalde in lid 3 en lid 4.

Artikel 6 Wijze van heffing

De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.

Artikel 7 Termijnen van betaling

1 In afwijking van het bepaalde in artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden

betaald binnen twee maanden na dagtekening van het aanslagbiljet.

2 In afwijking van het bepaalde in het eerste lid moet de ingevolge artikel 5 omgezette jaarlijkse aanslag

baatbelasting door middel van een automatische betalingsincasso worden afgeschreven, verdeeld over gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de dagtekening van het aanslagbiljet en iedere van de volgende termijnen telkens één maand later.

3 De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van de baatbelasting wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 9 Nadere regels door het college

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de baatbelasting.

Artikel 10 Inwerkingtreding

1 Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van bekendmaking.

2 De datum van ingang van de heffing is 01 januari 2024.

Artikel 11 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: '[W.W.] Wijk 00, 23-05-28-30 , Montfoort'.

Aldus besloten door de raad van de gemeente Montfoort in de openbare raadsvergadering van 30 mei 2023.

De voorzitter, De griffier,