Risicomanagementbeleid Vervoerregio Amsterdam 2024

Geldend van 27-03-2025 t/m heden

Intitulé

Risicomanagementbeleid Vervoerregio Amsterdam 2024

AFKORTINGEN

AVG Algemene Verordening Gegevensbescherming

BIO Baseline Informatiebeveiliging Overheid

CISO Beveiligingsfunctionaris (Chief Information Security Officer)

CSB Cyber Security Board

FG Functionaris Gegevensbescherming

IBD InformatieBeveiligingsDienst

ISMS Information Security Management System

ISO Information Security Officer

MCS Management Control Systeem

NIS2 Network and Information Security Directive

P&C Planning en Control

PDCA Plan - Do - Check – Act

1 INLEIDING

Dit document geeft sturing aan de wijze waarop de Vervoerregio met risicomanagement moet omgaan. Een gedocumenteerd beleid zorgt dat iedereen dezelfde informatie heeft en zodoende op dezelfde wijze handelt. Achter een beleid gaan eisen schuil. Eisen die voortkomen uit afspraken en verplichtingen (al dan niet voortvloeiend uit de verschillende normenkaders). Dit document helpt om de uitvoering daarvan te borgen en te verbeteren.

De directie onderschrijft in haar beleidsplan het belang van interne beheersing en risicomanagement en stelt zich ten doel aantoonbaar in control te zijn en daarvoor te willen groeien naar sturing vanuit een lerende organisatie.

Dit document gaat over risicomanagement, de betekenis en de toepassing daarvan. Het heeft betrekking op alle soorten risico’s binnen de Vervoerregio. Het is belangrijk om met risico’s rekening te houden want ze helpen ons als organisatie om schadelijke onzekerheden te ontdekken, te borgen en te verbeteren ten dienste van onszelf en onze betrokkenen. De kwaliteit van de interne beheersing gaat omhoog. We hebben er dus voordeel bij.

Een risico is een effect van onzekerheid op de realisatie van doelstellingen en kan positief of negatief zijn. Risicomanagement helpt interne beheersing naar een hoger volwassenheidsniveau en zorgt ervoor dat de (bedrijfs)doelstellingen behaald kunnen worden. Interne beheersing heeft betrekking op verschillende dimensies binnen de organisatie: wet- en regelgeving, efficiency & effectiviteit van processen, integriteit, betrouwbare rapportages, informatiebeveiliging en dergelijke.

Dit beleid beschrijft op hoofdlijnen het zogenaamde risicomanagementproces. De gevolgde methode is de die van de ISO31000, een generieke risiomanagementmethodiek volgens internationale standaarden.

Risico’s worden beheerd in het Management Control Systeem (MCS) waarvoor gebruik gemaakt wordt van Key2Control. Dit geldt ook voor de normenkaders en beheersmaatregelen (key controls).

Een meer gedetailleerde uitwerking is opgenomen in de risicoprocedure van het betreffende domein waarin de verschillende stappen onder verantwoordelijkheid van de risico eigenaar worden doorlopen.

2 ALGEMEEN

2.1 CONTEXT

Dit beleid beschrijft het integrale risicomanagement voor de gehele Vervoerregio. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de internationale standaard ISO 31000 en het 3 Lines Model. Het eerste beschrijft een volledig model van risicomanagement; de tweede zoomt meer in op het ontwerp van de governance en de focus op de interne organisatie (taken, bevoegdheden & verantwoordelijkheden).

afbeelding binnen de regeling

De eerstelijnsrollen worden vervuld door de managers die in hun hoedanigheid verantwoordelijk zijn voor het normenkader, risicomanagement en de implementatie van beheersmaatregelen. De tweedelijnsrollen worden vervuld door de controllers (hele organisatie, financieel), de CISO (Informatiebeveiliging), FG (Privacy), juristen, inkopers en anderen die hiervoor binnen het domein zijn aangesteld. Zij richten zich op de checks & balances. De derde lijn vervult een onafhankelijke rol en toetst de effectiviteit van de werkzaamheden door de eerste en tweede lijn. Het is belangrijk op te merken dat risicomanagement een integraal onderdeel dient te zijn van de bedrijfsvoering binnen de Vervoerregio en geborgd moet zijn in de cultuur en werkwijze van de organisatie.

2.2 DEFINITIE

De internationale Standaard ISO 31000 definieert een risico als ‘het effect van onzekerheid op doelstellingen’. Een effect is een afwijking van het verwachte en kan (dus) negatief of positief zijn. In een negatieve situatie is dit een bedreiging (bijv. de kans op diefstal), in een positieve situatie een kans (bijv. de kans op winnen van een loterij).

In een formule wordt het risico gezien als het product van kans en impact.

Omdat de kans van optreden van een risico vaak nogal abstract is wordt ook wel gebruik gemaakt van inzicht in een dreiging waardoor de definitie uitgebreid kan worden: een risico is de kans dat een dreiging een kwetsbaarheid uitbuit waardoor er (negatieve of positieve) gevolgen zijn.

2.3 RISICOCRITERIA

Binnen de procedure wordt gebruikt gemaakt van zogenaamde risicocriteria. Deze zijn opgenomen in tabellen die voor alle domeinen binnen de Vervoerregio gebruikt worden. Ze zijn opgebouwd uit 5-puntsschalen en zijn als bijlage A opgenomen. Hierin is tevens de legenda opgenomen. Met deze tabellen kan de risicoscore voor een bepaald risico vastgesteld worden. Hierbij gelden de volgende uitgangspunten:

  • Het niveau waarop een risico acceptabel is, is de zogenaamde risicobereidheid en wordt vastgesteld op alle score beneden de 401 punten.

  • Er kunnen risico’s gedefinieerd worden die ondanks hun lage risicoscore toch behandeld dienen te worden. Risico’s met een brutorisicoscore lager dan de risicobereidheid maar die te maken hebben met het overtreden van een wet of regelgeving moeten worden voorgelegd aan de directie. Deze zal besluiten om deze risico’s wel dan niet te accepteren.

  • Voor risico’s die behandeld worden maar waarvoor de kosten voor de maatregel(en) erg hoog uitvallen, kan in voorkomende gevallen besloten worden het (rest)risico te accepteren. De risico’s waarvan de kosten van de te nemen maatregel(en) hoger of gelijk zijn aan de kosten van de impact bij optreden van het risico, zullen voorgelegd worden aan de directie.

  • Kosten van maatregelen die het bedrag van € 25.0002 te boven gaan dienen voorgelegd te worden aan de directie.

2.4 UITVOERINGSCRITERIA

Het proces van risicomanagement is niet een proces dat eenmalig doorlopen kan worden. Er zijn verschillende criteria die de uitvoering van risico assessment en -behandeling noodzakelijk maken. Deze criteria kunnen tijd- of gebeurtenis gebonden zijn en zijn in dit beleid als volgt vastgesteld:3

  • In het jaarverslag en de begroting moet over risico’s worden gerapporteerd in de paragraaf risicobeheersing & weerstandsvermogen.

  • Minstens eenmaal per jaar dienen alle risico’s opnieuw beoordeeld te worden.

  • Wanneer een incident is voorgevallen dat vermoedelijk opnieuw kan gebeuren.

  • Een (significante) verandering in de externe en interne invloedsfactoren4.

  • Een verandering in de interne of externe stakeholders en hun vereisten, zoals

    • Een verandering in de organisatiestructuur met inbegrip van processen, verantwoordelijkheden en informatiesystemen

    • Een verandering in leveranciers- of klantrelatie met contractuele overeenkomsten

    • Elke andere verandering die als belangrijk wordt gezien om risico assessment op te starten.

2.5 TAKEN EN VERANTWOORDELIJKHEDEN

Binnen de Vervoerregio zijn de managers aangesteld als risico eigenaren indien het risico binnen de processen vallen waarvoor zij verantwoordelijk zijn. Indien het risico betrekking heeft op meerdere processen / teams wordt een eigenaar door de directie aangewezen. De risico eigenaren zullen voor hun verantwoordingsgebied de risico’s in kaart (laten) brengen en zorgdragen dat de juiste maatregel(en) hiervoor gedefinieerd én uitgevoerd worden.

2.6 HERBEOORDELEN EN GOEDKEUREN VAN DIT BELEID

Elk jaar zal dit beleid herbeoordeeld moeten worden door de Concerncontroller en eventueel worden geactualiseerd en vastgesteld door het Dagelijks Bestuur. Eventuele aanpassingen zullen worden opgenomen met betrokkenen zoals het CSB, managers, CISO e.d.

Aanpassingen in de risicotabellen zullen eveneens moeten worden vastgesteld door het DB.

3 RISICOMANAGEMENT PROCES

Het risicoproces ziet er schematisch als volgt uit:

afbeelding binnen de regeling

De te nemen stappen worden toegelicht in de risicoprocedure. In het kort zijn ze:

  • 1.

    Vaststellen van de scope: om welk domein gaat het? Welke processen en/of informatiesystemen?

  • 2.

    Risico assessment met daarin de volgende substappen:

    • a.

      Risico identificatie.

      Welke risico’s kunnen bepaald worden?

    • b.

      Risicoanalyse.

      In deze stap worden de risico’s geanalyseerd zodat de risico’s gekwantificeerd kunnen worden.

    • c.

      Risico evaluatie.

      Wanneer bekend is wat het bruto risico is kan bepaald worden of een risico behandeld moet worden en wat de meest geschikte behandeling is.

  • 3.

    Risicobehandeling.

  • In deze substap wordt de netto risico bepaald aan de hand van de gekozen behandeling. Mogelijk zit hier een iteratie in net zolang totdat het netto risico onder de vastgestelde risicobereidheid valt van de Vervoerregio.

  • 4.

    Beoordeling en bewaking.

  • Deze stap kan periodiek gepland worden of ad-hoc uitgevoerd worden. Risico’s dienen namelijk opnieuw beoordeeld te worden of periodiek of bij significante veranderingen (zie par. 2.4).

  • 5.

    Rapportage.

  • Risico’s en hun mitigerende maatregelen worden bijgehouden in Key2Control. De eerste lijn bepaalt op basis van haar risicoanalyse welke mitigerende maatregelen nodig zijn en ziet toe op implementatie daarvan. De tweelijnsverantwoordelijke houdt toezicht op deze risico’s en bewaakt dat deze volgens plan worden gemitigeerd. Rapportage en verantwoording afleggen hierover, monitoring en evaluatie van het risicomanagementproces geven vorm aan de PDCA-cyclus en een lerende organisatie.

Ondertekening

BIJLAGE A: RISICOTABELLEN

afbeelding binnen de regeling

afbeelding binnen de regeling


Noot
1

In de tabel is dit weergegeven als een risicoscore beneden de 40 punten maar dit is nog ter besluitvorming

Noot
2

Hoogte van het bedrag is ter besluitvorming

Noot
3

Dit betekent dat risicomanagement geïntegreerd moet worden in de verschillende bedrijfsprocessen, zoals incidentmanagementproces, inkoopproces e.d.

Noot
4

Externe invloedsfactoren zijn de factoren uit bijvoorbeeld de DESTEP: demografische, economische, sociaal/culturele, technologische, ecologische en politiek/juridische factorenInterne invloedsfactoren kunnen de factoren zijn uit het 7S-model van McKinsey: structuur, strategie, systemen, staf/personeel, (kern)vaardigheden, stijl en gedeelde waarden/cultuur