Horecabeleid Capelle aan den IJssel

Geldend van 28-03-2025 t/m heden

Intitulé

Horecabeleid Capelle aan den IJssel

Het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van de gemeente

Capelle aan den IJssel, elk voor zover het haar/zijn bevoegdheden betreft;

overwegende dat:

  • in het coalitieakkoord ‘Voor vandaag en morgen’ een speerpunt is opgenomen ten aanzien van een actieplan om bij te dragen aan de toekomstbestendige Capelse horeca;

  • in het ‘Actieplan horeca’ is opgenomen dat het wenselijk is om horecabeleid op te stellen;

gelet op de bepalingen van:

  • de Algemene plaatselijke verordening Capelle aan den IJssel 2018;

  • de Alcoholwet;

  • de Wet op de kansspelen;

  • de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur;

b e s l u i t e n :

  • vast te stellen het Horecabeleid Capelle aan den IJssel;

  • dit besluit in werking te laten te treden de dag na de bekendmaking.

Waarom dit horecabeleid?

De gemeente Capelle aan den IJssel wil bijdragen aan een toekomstbestendige horeca. In het coalitieakkoord ‘Voor vandaag en morgen’ uit 2022 is afgesproken om samen met horecaondernemers te kijken hoe de gemeente hierbij kan helpen. Na gesprekken met ondernemers en Koninklijke Horeca Nederland is in 2023 het ‘Actieplan horeca’ opgesteld. Hieruit bleek dat duidelijke regels en processen nodig zijn. Daarom is dit horecabeleid opgesteld.

Wat staat er in het horecabeleid?

Dit beleid geeft informatie over:

  • 1.

    Dienstverlening: welke diensten de gemeente aanbiedt en hoe de gemeente samenwerkt met horecaondernemers.

  • 2.

    Regels en vergunningen: welke regels gelden en hoe vergunningen worden aangevraagd en beoordeeld.

  • 3.

    Toezicht en handhaving: hoe de gemeente controleert en optreedt bij overtredingen.

Doel van het beleid

Het beleid zorgt voor duidelijke regels over het vestigen en bestaan van horecabedrijven. Dit biedt ondernemers helderheid en draagt bij aan een veilige, eerlijke en aantrekkelijke horecabranche in Capelle aan den IJssel.

1. Dienstverlening

1.1 Vast aanspreekpunt

De accountmanager economische zaken is het eerste aanspreekpunt voor horecaondernemers.

De accountmanager:

  • Helpt startende ondernemers met hun plannen.

  • Houdt kennismakingsgesprekken met nieuwe exploitanten.

  • Legt de regels en processen uit, zoals over vergunningen en controles.

  • Biedt een informatiemap aan met alle belangrijke informatie.

  • Brengt ondernemers in contact met de juiste afdelingen binnen de gemeente.

De gemeente staat open voor creatieve ideeën en kijkt per aanvraag wat mogelijk is. Dit maakt ruimte voor unieke concepten en oplossingen.

1.2 Horecaoverleg

De gemeente organiseert vaste overlegmomenten met lokale horecabedrijven. Twee keer per jaar sluiten de burgemeester en wethouder Economie aan. Koninklijke Horeca Nederland is hier ook bij betrokken en kan advies geven.

1.3 Vergunningaanvraag

Horecaondernemers kunnen de volgende vergunningen digitaal aanvragen via de gemeentelijke website:

  • Exploitatievergunning

  • Terrasvergunning

  • Alcoholwetvergunning

  • Aanwezigheidsvergunning voor kansspelautomaten

De aanvragen worden zoveel mogelijk tegelijk behandeld. Hierdoor doorloopt de ondernemer maar één aanvraagprocedure. Met een digitale handtekening via e-Herkenning kunnen ondernemers de aanvraag invullen, benodigde documenten toevoegen en indienen. Na het indienen krijgt de ondernemer een bevestiging van ontvangst.

Bij complexe aanvragen kan de gemeente een persoonlijk gesprek aanvragen om extra uitleg of aanvullende informatie te krijgen.

Behandeltermijn

De gemeente beoordeelt of de aanvraag volledig is en alle documenten aanwezig zijn. De behandeling van een aanvraag duurt maximaal 12 weken. Als meer tijd nodig is, kan de gemeente de termijn met nog eens 12 weken verlengen. Dit wordt schriftelijk aan de ondernemer gemeld.

Advies en controle

Bij de beoordeling vraagt de gemeente advies bij verschillende diensten:

  • Stadsontwikkeling (bijvoorbeeld over het omgevingsplan en het terras).

  • Veiligheid (toetsing aan integriteitsregels).

  • Politie (controle van openbare orde en persoonlijke achtergrond).

1.4 Kosten

De gemeente rekent kosten (leges) voor het behandelen van een vergunningaanvraag. Deze kosten moeten altijd betaald worden, ook als de vergunning niet wordt verleend. De hoogte van de leges is vastgesteld in de gemeentelijke legesverordening en kan jaarlijks wijzigen.

De kosten zijn afhankelijk van de activiteiten waarvoor een vergunning wordt aangevraagd.

2. Vergunningen

2.1 Vrijstelling van vergunningplicht

Een horecabedrijf heeft geen exploitatievergunning nodig als:

  • Er geen Alcoholwetvergunning nodig is.

  • De openingstijden tussen 07:00 en 22:00 uur zijn.

  • De activiteiten passen binnen het omgevingsplan.

  • Er geen kansspelen of amusement wordt aangeboden.

  • Alleen achtergrondmuziek wordt afgespeeld.

  • Het terras maximaal twee statafels heeft.

  • Er geen overlast is voor de omgeving of de openbare orde.

2.2 Exploitatievergunning

Een exploitatievergunning is bedoeld om ervoor te zorgen dat horecabedrijven bijdragen aan een veilige en prettige omgeving. Het helpt om openbare orde, leefbaarheid, volksgezondheid en milieu te beschermen en draagt bij aan een goed ondernemersklimaat in Capelle aan den IJssel.

Aanvraag en vereisten

Bij het aanvragen van een exploitatievergunning moet de ondernemer de volgende documenten en informatie aanleveren:

  • Beschrijving van de activiteiten van het bedrijf.

  • Bewijs van eigendom, huurovereenkomst of toestemming van de eigenaar.

  • Kamer van Koophandel-nummer.

  • Bedrijfsvorm en type horecabedrijf.

  • Plattegrond van het horecabedrijf en eventueel terras.

  • Exploitatieplan (indien nodig).

  • Arbeidsovereenkomsten of payroll-contracten (alleen van leidinggevenden).

  • Burgerservicenummer van exploitant en leidinggevenden.

Toetsing van de aanvraag

De gemeente beoordeelt de aanvraag op:

  • De betrouwbaarheid van exploitant en leidinggevenden (levensgedrag).

  • Integriteitseisen volgens de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (hierna: Wet Bibob).

  • De horecacategorie zoals vastgelegd in het omgevingsplan.

  • Mogelijke overlast en effecten op de openbare orde.

  • Eisen voor terrassen (indien van toepassing).

  • Regels uit de Alcoholwet en de Wet op de Kansspelen (indien van toepassing).

Daarnaast moet het horecabedrijf voldoen aan bouw- en brandveiligheidseisen volgens het Besluit bouwwerken leefomgeving. De ondernemer is zelf verantwoordelijk voor deze controle. De gemeente kan meedenken en vragen over wet- en regelgeving beantwoorden.

Reclame

Voor het maken van reclame op of bij het pand zijn geen regels opgenomen in dit beleid. Hiervoor geldt de Nota Buitenreclame.

Wijzigingen doorgeven

Een wijziging in de exploitatievergunning moet worden doorgegeven als:

  • Er nieuwe leidinggevenden worden aangesteld.

  • Het oppervlak van het horecapand verandert.

Een nieuwe vergunning is nodig als:

  • De rechtsvorm van het bedrijf verandert.

  • Een nieuw terras wordt toegevoegd of een bestaand terras wordt uitgebreid.

  • Er nieuwe activiteiten worden uitgevoerd die de manier van exploitatie veranderen.

Activiteiten en omgevingsplan

Een horecabedrijf kan verschillende activiteiten uitvoeren. In het omgevingsplan zijn die activiteiten verdeeld in categorieën waarbij rekening wordt gehouden met de effecten op de leefomgeving, zoals aard, omvang en parkeerdruk.

In de exploitatievergunning wordt vastgelegd welke activiteiten zijn toegestaan.

Als de activiteiten van een horecabedrijf niet passen binnen het omgevingsplan, dan wordt de aanvraag afgewezen.

Horeca-activiteiten zijn ingedeeld van licht naar zwaar. Lichte activiteiten hebben veelal weinig invloed op de omgeving. Zwaardere activiteiten kunnen juist veel invloed hebben.

Aan horecabedrijven die veel invloed hebben op de omgeving worden zwaardere eisen of voorwaarden gesteld. Zo moet het bedrijf bijvoorbeeld een exploitatieplan inleveren.

Lunchroom

IJssalon

Koffiebar

Koffie-/theehuis

Een horecabedrijf gericht op het serveren van eten en drinken, vaak in combinatie met een winkelgebied. De activiteiten ondersteunen de functie van dat gebied.

  • Het aanbod bestaat uit koffie, thee, ijs, lichte maaltijden of snacks.

  • Daghoreca houdt zich aan de openingstijden voor winkels, volgens de Winkeltijdenwet en gemeentelijke regels.

Restaurant

Bistro

Crêperie

Een horecabedrijf waar de focus ligt op het serveren van maaltijden die gasten ter plekke opeten. Als nevenactiviteit worden ook alcoholische en niet-alcoholische dranken verstrekt. Dansen is niet toegestaan na restauranttijden.

Het accent ligt op de verstrekking van etenswaren voor consumptie ter plaatse.

Cafetaria

Snackbar

Grill-room

Fastfoodrestaurant

Automatiek

Snelbuffet

Een horecabedrijf gericht op het verstrekken van bereide etenswaren, zoals snacks of fastfood. Dit kan ter plaatse worden gegeten of worden meegenomen. Als nevenactiviteit kunnen ook licht-alcoholische en niet-alcoholische dranken worden verstrekt.

Het accent ligt op de verstrekking van al dan niet voor consumptie ter plaatse bereide, kleine etenswaren.

Café́

Bar

Brasserie

Een horecabedrijf dat tot hoofddoel heeft het verstrekken van (alcoholhoudende) drank voor consumptie ter plaatse. Als nevenactiviteit kunnen maaltijden worden verstrekt.

De focus ligt op de verstrekking van drank.

Hotel / Logies

Een bedrijf waar gasten kunnen overnachten.

Zaalverhuur

Een horecabedrijf dat zalen verhuurt voor (grote), besloten feesten zoals bruiloften. Dit kan met of zonder muziek, drank en eten.

Discotheek

Bardancing

Een horecabedrijf waar muziek centraal staat en waar mensen kunnen dansen. Dit kan met of zonder live muziek en met of zonder de verkoop van (alcoholhoudende) drank of kleine hapjes.

Het accent ligt op het ten gehore brengen van muziek en de gelegenheid geven tot dansen.

Exploitatieplan

Een exploitatieplan laat zien hoe een horecabedrijf wordt geëxploiteerd en welke maatregelen de ondernemer neemt om overlast te voorkomen.

Een exploitatieplan wordt gevraagd bij:

  • Aanvragen voor activiteiten zoals discotheken, bardancing en zaalverhuur.

  • Situaties waarbij verwacht wordt dat de activiteiten meer overlast geven dan gemiddeld.

De burgemeester kan ook tijdens een lopende vergunning verplichten een exploitatieplan op te stellen als dit nodig is om problemen in de omgeving aan te pakken.

Inhoud van het exploitatieplan

Het plan beschrijft hoe de exploitant de veiligheid en leefbaarheid waarborgt.

Alle horecabedrijven die een exploitatieplan moeten indienen, nemen hierin de volgende onderwerpen op:

  • 1.

    Voorkomen van overlast

    Het plan moet beschrijven welke maatregelen worden genomen om de openbare orde en het woon- en leefklimaat te beschermen, zoals:

    • Toezicht in en rondom de horecagelegenheid.

    • Begeleiding van parkeergedrag.

    • Instructies aan personeel.

    • Aanpak van mogelijke overlast.

  • 2.

    Geluidsoverlast voorkomen

    Het plan moet duidelijk maken welke maatregelen worden genomen om geluidsoverlast te voorkomen.

  • 3.

    Tegengaan van illegale activiteiten

    Het exploitatieplan moet aangeven hoe wapenbezit, drugshandel, drugsgebruik en andere illegale of ongewenste activiteiten in of rondom de horecagelegenheid worden voorkomen.

  • 4.

    Aanpak bij incidenten

    Beschrijving van de maatregelen die worden genomen als zich toch illegale of ongewenste activiteiten voordoen.

  • 5.

    Cameratoezicht

    Camerabewaking moet worden beschreven, inclusief:

    • Locaties van camera’s

    • Bewaartermijn van beelden (minimaal 14 dagen).

    • Beschikbaarheid van beelden voor bevoegde instanties bij calamiteiten.

  • Voor onder andere discotheken, bardancing en zaalverhuur gelden ook:

  • 6.

    Inzet van portiers

    Bij de inzet van portiers moet een plan worden opgesteld met:

    • Inzettijden en het aantal portiers.

    • Een duidelijke taakomschrijving van de beveiligers.

  • 7.

    Deurbeleid

    Het deurbeleid moet schriftelijk worden vastgelegd en voldoen aan de gestelde criteria. Dit beleid moet:

    • Zichtbaar zijn aan de buitenkant van het horecabedrijf.

    • De huisregels bevatten.

2.3 Geldigheidsduur exploitatievergunning

In Capelle aan den IJssel wordt een exploitatievergunning voor onbepaalde tijd afgegeven.

In sommige gevallen kan de burgemeester een vergunning voor een bepaalde tijd verlenen, bijvoorbeeld:

  • Bij de start van een horecabedrijf met een andere exploitatie dan het laatst gevestigde bedrijf of bij een nieuwbouwlocatie. Vooraf is namelijk niet altijd duidelijk wat het effect van het bedrijf op de omgeving zal zijn. De exploitatievergunning geldt maximaal drie jaar. Na deze periode wordt de situatie opnieuw beoordeeld. Als aan alle voorwaarden is voldaan, kan een vergunning voor onbepaalde tijd worden verleend.

  • Bij een voorlopige exploitatievergunning (zie 2.4).

2.4 Voorlopige exploitatievergunning

Als een horecabedrijf wordt overgenomen, kan een voorlopige exploitatievergunning worden aangevraagd. Dit is alleen mogelijk als het horecabedrijf dezelfde activiteiten blijft uitvoeren.

De ondernemer kan hierdoor snel starten in afwachting van de definitieve exploitatievergunning.

De aanvraag wordt beoordeeld op:

  • De nieuwe exploitant en leidinggevenden.

  • De laatst afgegeven exploitatievergunning.

Een voorlopige exploitatievergunning wordt binnen twee weken beoordeeld en is maximaal zes maanden geldig. Deze vergunning kan niet worden verlengd en vervalt zodra de reguliere exploitatievergunning is verleend of de aanvraag wordt ingetrokken. De overige regels voor exploitatievergunningen blijven gelden.

Een voorlopige exploitatievergunning wordt niet afgegeven als:

  • Er sprake is van bestaande overlastklachten.

  • Er lopende bestuurlijke maatregelen of juridische procedures zijn.

  • Het horecabedrijf langer dan een jaar niet actief is geweest.

  • Het gaat om een speelautomatenhal of seksbedrijf.

2.5 Alcoholwetvergunning

Om alcohol te mogen schenken, is een Alcoholwetvergunning vereist. Deze vergunning is voor onbepaalde tijd geldig en wordt vaak samen met de exploitatievergunning aangevraagd en afgegeven.

2.6 Aanwezigheidsvergunning voor kansspelautomaten

Voor kansspelautomaten is een aanwezigheidsvergunning nodig die maximaal vijf jaar geldig is.

Voorwaarden:

  • Alleen toegestaan in horecabedrijven zoals bijvoorbeeld een bar, restaurant of café met een Alcoholwetvergunning (hoogdrempelige inrichting).

  • Maximaal twee kansspelautomaten per bedrijf.

2.7 Terrasvergunning

Voor het exploiteren van een terras is een vergunning vereist.

Het terras wordt ook getoetst aan het omgevingsplan. Hierin staat beschreven waar horeca is toegestaan en waarom het vanuit ruimtelijk oogpunt toegelaten kan worden.

Overkappingen of andere bouwsels op het terras vereisen meestal een aparte omgevingsvergunning.

De vergunning is voor onbepaalde tijd, maar kan beperkt worden als dit nodig is voor openbare orde, veiligheid of om overlast te voorkomen.

Bij een terras op gemeentegrond wordt via een huurovereenkomst jaarlijks terrashuur in rekening gebracht.

Uitgangspunten voor een terrasvergunning

Bij het verlenen van een terrasvergunning gelden de volgende regels:

  • Onderdeel van horecabedrijf: een terras is een onderdeel van het horecabedrijf en telt mee bij de totale oppervlakte van het bedrijfsvloeroppervlak (bvo). Bij uitbreiding van het terras moet de ondernemer aantonen dat er voldoende parkeermogelijkheden zijn op eigen terrein of in de omgeving, volgens het parkeerbeleid van de gemeente.

  • Jaarlijks gebruik: terrassen mogen het hele jaar door worden gebruikt.

  • Ruimte voor voetgangers: er moet een doorgang van minimaal 1,5 meter vrij blijven voor voetgangers en rolstoelgebruikers.

  • Toegang voor hulpdiensten: hulpdiensten moeten altijd een vrije doorgang van minimaal 3,5 meter hebben. Brandkranen en nooduitgangen moeten toegankelijk blijven.

  • Plaatsing: het terras mag worden geplaatst op het terrein dat bestemd is voor horeca. Daarbij mag het terras niet voor of tegen de gevel van een ander gebouw worden geplaatst.

Inrichtingseisen voor terrassen

De gemeente hecht waarde aan de kwaliteit van de buitenruimte. De ondernemer heeft veel vrijheid in de inrichting van het terras, maar er gelden wel de volgende eisen:

  • Demontabel: alle terrasvoorzieningen in de openbare ruimte moeten makkelijk te verwijderen zijn, zodat de ruimte toegankelijk blijft voor publiek.

  • Brandveilig: alle materialen moeten brandvertragend zijn.

  • Servieskast: moet verplaatsbaar zijn, geen reclame bevatten, en niet als terrasafscheiding dienen. Mag maximaal 1,20 meter hoog zijn en een oppervlakte hebben van maximaal 2 vierkante meter.

  • Kleur en aankleding: de voorkeur gaat uit naar natuurlijke en rustige kleuren. Het terras mag worden aangekleed met parasols, bloembakken of terrasschotten, mits deze binnen de terrasgrenzen blijven.

  • Opslag: parasols, meubels en andere voorzieningen moeten binnen worden opgeslagen als ze niet worden gebruikt. Als dat niet mogelijk is, moet het terras beveiligd worden tegen vandalisme, bijvoorbeeld door afdekking of vastzetten met kettingen.

Geluidsregels voor terrassen

  • Normen: De geluidsnormen voor terrassen zijn vastgelegd in het Besluit kwaliteit leefomgeving en het omgevingsplan.

  • Geen muziek: Het is niet toegestaan om muziek af te spelen of andere geluidsdragers te gebruiken op het terras. Dit voorkomt geluidsoverlast in de omgeving.

  • Stemgeluid: Het geluid van pratende gasten telt niet mee bij de normen, behalve op binnenterreinen.

2.8 Sluitingstijden

Horecabedrijven

Voor horecabedrijven met een exploitatievergunning zijn er geen sluitingstijden. De burgemeester kan echter sluitingstijden opleggen als een horecabedrijf bijvoorbeeld regelmatig (geluids)overlast veroorzaakt in een woonwijk.

Vrijgestelde horecabedrijven

Horecabedrijven die geen exploitatievergunning nodig hebben (zie 2.1) houden dezelfde openingstijden aan als winkels, zoals vastgesteld in de Winkeltijdenwet en de Verordening Winkeltijden Capelle aan den IJssel.

2.9 Paracommerciële instellingen

Een paracommerciële instelling is een vereniging of stichting die zich bezighoudt met activiteiten, zoals sport, recreatie, cultuur, educatie of religie. Vaak wordt er ook eten en drinken aangeboden.

Om oneerlijke concurrentie met reguliere horeca te voorkomen, gelden de volgende regels bij het verstrekken van alcoholhoudende drank.

Schenktijden

  • Zondag tot en met donderdag: van 12.00 tot 23.00 uur.

  • Vrijdag en zaterdag: van 12.00 tot 01.00 uur.

Bijeenkomsten

Paracommerciële instellingen mogen maximaal 12 bijeenkomsten per jaar organiseren die niets te maken hebben met hun doelstellingen en waarbij alcohol wordt geschonken. Dit zijn bijvoorbeeld:

  • Bruiloften

  • Recepties

  • Verjaardagen

  • Bedrijfsfeesten

  • Condoleances

  • Verhuur van ruimtes

Deze bijeenkomsten moeten minimaal vijf werkdagen van tevoren bij de gemeente worden gemeld.

De burgemeester kan een bijeenkomst verbieden als:

  • Er veel bijeenkomsten tegelijk in een gebied worden gehouden.

  • Een bijeenkomst commercieel wordt georganiseerd, bijvoorbeeld door entreegeld te vragen, reclame te maken of kaarten te verkopen.

  • De bijeenkomst niet op tijd is aangemeld.

  • Er al 12 bijeenkomsten zijn geweest.

  • Er alcohol is geschonken aan iemand onder de 18 jaar.

Eigen activiteiten

Voor bijeenkomsten die direct te maken hebben met de doelen van de paracommerciële instelling, zoals een afsluiting van het sportseizoen of een kampioenschapsviering, geldt geen maximumaantal. Wel kunnen regels uit de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van toepassing zijn, zoals bepalingen over evenementen en geluid.

2.10 Melding incidentele festiviteit (geluid)

Horecabedrijven en paracommerciële instellingen mogen maximaal 12 keer per jaar in hun gebouw harder geluid maken dan normaal:

  • 1.

    Maximaal 50 dB(A) tussen 07.00 en 19.00 uur.

  • 2.

    Maximaal 45 dB(A) tussen 19.00 en 23.00 uur.

Hiervoor moet minimaal twee weken van tevoren een melding worden gedaan. De gemeente stuurt een reactie op de melding.

Toetsing incidentele festiviteit

De gemeente beoordeelt of een incidentele festiviteit geen grote negatieve invloed heeft op het woon- en leefklimaat. Bij deze beoordeling wordt ook gekeken naar het verleden van het horecabedrijf of de instelling, zoals klachten over overlast. Het college kan besluiten om incidentele festiviteiten (tijdelijk) niet toe te staan.

In het Kontakt IJssel en Lekstreek (lokale krant) staat wanneer een incidentele festiviteit plaatsvindt.

Regels bij gebruik van een incidentele festiviteit

Het geluidsniveau mag niet hoger zijn dan:

  • 65 dB(A) tussen 07.00 en 19.00 uur

  • 60 dB(A) tussen 19.00 en 23.00 uur

  • 55 dB(A) tussen 23.00 en 01.00 uur

Het geluid wordt gemeten op de gevel van gevoelige gebouwen op 1,5 meter hoogte.

Voor buitenactiviteiten gelden de regels voor evenementen.

2.11 Collectieve festiviteiten

Voor collectieve festiviteiten, zoals Koningsdag, hoeft geen melding te worden gemaakt om meer geluid te mogen maken. Voor de dagen waarop meer geluid is toegestaan geldt een algemene ontheffing, opgenomen in een aanwijzingsbesluit. Het aanwijzingsbesluit is te vinden op www.overheid.nl en op de gemeentelijke website.

3. Toezicht en handhaving

3.1 Toezicht

Toezicht gebeurt op verschillende manieren.

Er worden reguliere controles uitgevoerd op basis van klachten en meldingen van overlast.

Daarnaast worden maximaal drie keer per jaar integrale controles gehouden. Daarbij wordt samengewerkt met verschillende partijen, zoals politie, Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond, de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, Stedin, DCMR Milieudienst Rijnmond, Sociale Zaken en de Nederlandse Arbeidsinspectie.

Om de controlelast voor ondernemers te beperken, stemmen de verschillende toezichthouders controles zo veel mogelijk op elkaar af en sluiten relevante samenwerkingspartners bij elkaar aan. Stadsbeheer coördineert de samenwerking.

3.2 Handhaving

Handhaving kan op twee manieren: preventief en repressief.

  • Preventief: dit betekent bijvoorbeeld goede communicatie met horecaondernemers en het toetsen van vergunningsaanvragen om problemen vooraf te voorkomen.

  • Repressief: dit houdt in dat er sancties volgen als de regels niet worden nageleefd.

3.3 Handhavingsarrangement

In het handhavingsarrangement wordt per overtreding van de APV, de Alcoholwet en de Wet op de Kansspelen uitgewerkt welke bestuurlijke maatregel wordt opgelegd bij welke overtreding.

Afhankelijk van de ernst van de overtreding en de tijd die sinds de laatste overtreding is verstreken, bepaalt de burgemeester hoe er gehandhaafd wordt.

In bijzondere (verzwarende of verlichtende) omstandigheden kan de burgemeester afwijken van wat in het handhavingsarrangement is opgenomen.

Overtredingen tijdens voorlopige exploitatievergunning

Als er tijdens de looptijd van een voorlopige exploitatievergunning een overtreding of incident plaatsvindt, kan er een waarschuwing worden gegeven of een maatregel worden opgelegd. Dit kan zelfs betekenen dat de voorlopige vergunning meteen wordt ingetrokken.

Overtredingen en incidenten worden meegenomen bij de beslissing over de definitieve exploitatievergunning. Dergelijke overtredingen kunnen ervoor zorgen dat de exploitatievergunning uiteindelijk wordt geweigerd.

Handhavingstappen

  • Bij dezelfde overtreding binnen één jaar volgt de volgende stap in het handhavingsproces.

  • Bij dezelfde overtreding na één jaar, maar binnen vijf jaar, wordt de vorige stap in het handhavingsproces herhaald.

  • Bij een overtreding na vijf jaar begint het handhavingsproces opnieuw bij de eerste stap.

ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING

Artikel

Overtreding

Bestuurlijke maatregel(en)

1:6, eerste lid, onder a

Schijnbeheer

De vergunninghouder heeft geen feitelijk zeggenschap over en geeft geen leiding aan het horecabedrijf.

Intrekken exploitatievergunning.

1:6, eerste lid, onder c

Exploiteren niet volgens aan de vergunning verbonden voorschriften

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Waarschuwing.

3e constatering:

Intrekken exploitatievergunning.

De burgemeester kan nieuwe voorschriften aan de exploitatievergunning verbinden of een exploitatieplan eisen.

2:28, eerste lid

Exploitatie zonder (geldige) vergunning

Exploiteren van een openbare inrichting zonder geldige en vereiste exploitatievergunning.

1e constatering:

Waarschuwing en exploitant moet de exploitatie onmiddellijk stoppen.

2e constatering:

Last onder dwangsom of last onder bestuursdwang.

2:30 onder c

Slecht levensgedrag

Betrokkenheid van exploitanten of leidinggevenden bij criminaliteit. Bijvoorbeeld vuurwapenbezit, handel in verdovende middelen of bij witwassen, underground banking en mensenhandel vormen een risico voor de openbare orde. Ook als die betrokkenheid zich alleen buiten de inrichting afspeelt. De gemeente verwacht dus van een exploitant dat hij niet in enig opzicht van slecht levensgedrag is. Naast criminele betrokkenheid kunnen ook andere handelingen aanleiding geven om tot het oordeel slecht levensgedrag te komen.

Exploitant:

Intrekken exploitatievergunning.

Leidinggevende:

Wijzigen exploitatievergunning door verwijderen leidinggevende.

Als bij herhaling blijkt dat verschillende leidinggevenden die de exploitant aanstelt van slecht levensgedrag zijn, dan kan de burgemeester besluiten de exploitatievergunning in te trekken. Ook kunnen er omstandigheden zijn waarin de gemeente aanleiding ziet om een tussentijds Bibob-onderzoek te doen naar de onderneming.

2:31, eerste lid

Afschrift exploitatievergunning is niet aanwezig

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Last onder dwangsom.

2:31, tweede lid

Wijziging leidinggevende zonder melding

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Waarschuwing.

3e constatering:

Last onder dwangsom.

2:31, derde lid

Wijzigen exploitant zonder melding

De exploitant is verplicht elke wijziging in de zeggenschap (bijvoorbeeld doordat een vennoot toetreedt tot de vennootschap of een eenmanszaak een BV wordt met aandeelhouders) door te geven en een nieuwe vergunning aan te vragen.

1e constatering:

Waarschuwing en verplichting om binnen twee weken een nieuwe exploitatievergunning aan te vragen.

2e constatering:

Intrekken exploitatievergunning.

2:31, derde lid

Wijzigen exploitatievorm (activiteit) zonder nieuwe exploitatievergunning

Activiteiten die in een horecabedrijf plaatsvinden die niet zijn vergund. In de exploitatievergunning is opgenomen welke activiteiten in een horecabedrijf wel en welke niet zijn toegestaan.

1e constatering:

Waarschuwing (exploitant moet de activiteit onmiddellijk stoppen).

2e constatering:

Schorsen exploitatievergunning 3 maanden.

3e constatering:

Intrekken exploitatievergunning.

2:31, derde lid

Illegale uitbreiding van het horecabedrijf

Exploitatie buiten de op de vergunning opgenomen vierkante meters of in het geheel illegaal terras.

1e constatering:

Last onder dwangsom.

2e constatering:

Verbeuring dwangsom.

3e constatering:

Verbeuring dwangsom.

4e constatering:

Verbeuring dwangsom.

5e constatering:

Intrekken exploitatievergunning.

2:31, zevende lid

Afwezigheid leidinggevende

Een leidinggevende is aanwezig wanneer het bedrijf is geopend voor publiek. Een bedrijf is open voor publiek, wanneer iedereen feitelijk het bedrijf kan binnengaan of wanneer er bezoekers in het bedrijf zijn (ook als de deur dicht is).

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Waarschuwing.

3e constatering:

Schorsen exploitatievergunning 2 weken.

4e constatering:

Schorsen exploitatievergunning 1 maand.

5e constatering:

Intrekken exploitatievergunning.

2:32, tweede lid, onder a

Overlast

Het kan gaan om geluidsoverlast door bijvoorbeeld muziek, vertrekkende bezoekers en samenscholing voor de deur/ingang, maar ook om intimidatie van buurtbewoners, wildplassen en braken in de omgeving van het horecabedrijf of de paracommerciële instelling.

Bij (klachten van) overlast moet in ieder geval duidelijk zijn:

  • Dat het gaat om ‘objectiveerbare’ overlast. Dat wil zeggen dat gemiddeld genomen de meeste mensen dit als overlast ervaren. Deze overlast moet worden waargenomen (en als zodanig geregistreerd) door politieambtenaren, toezichthouders van DCMR, of medewerkers van de unit Vergunningen, Toezicht en Handhaving.

  • Dat de overlast te herleiden is tot het horecabedrijf of paracommerciële instelling waarop de klachten betrekking hebben.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Verbieden incidentele festiviteit gedurende 3 maanden (college) en/of sluitingstijden opleggen.

3e constatering:

Verbieden incidentele festiviteit gedurende 6 maanden (college) en/of sluiten voor 1 maand.

4e constatering:

Verbieden incidentele festiviteit (college) gedurende 1 jaar en/of sluiten voor 3 maanden.

5e constatering:

Intrekken exploitatievergunning.

2:32, tweede lid, onder a

Geweld

Geweldsincidenten waarin een handgemeen of ongewenste intimiteiten plaatsvinden, in de directe nabijheid van of vanuit het horecabedrijf.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Sluiting inrichting voor 1 maand.

3e constatering:

Sluiting inrichting voor 3 maanden.

4e constatering:

Sluiting inrichting 6 maanden en intrekken exploitatievergunning.

Is het personeel op negatieve wijze betrokken of kan de exploitant nalatigheid worden verweten (voor, tijdens of na het geweldsincident), dan kan een handhavingsstap worden overgeslagen en kan de burgemeester besluiten de exploitatievergunning in te trekken.

2:32, tweede lid, onder a

Ernstig geweld

Incidenten met wapens en/of explosieven, grootschalige vechtpartijen, ernstige zedendelicten, (onvrijwillige) toediening van bedwelmende middelen (uit Lijst I van de Opiumwet) en/of ernstig gewonde of dodelijke slachtoffers in de directe nabijheid van of vanuit het horecabedrijf.

1e constatering:

  • 1.

    Sluiting inrichting voor 2 weken.

  • 2.

    Intrekken sluitingsbevel; of luiten inrichting 3 maanden.

2e constatering:

  • 1.

    Sluiting inrichting voor 2 weken.

  • 2.

    Intrekken sluitingsbevel; of sluiten inrichting 6 maanden en intrekken exploitatievergunning.

Is het personeel op negatieve wijze betrokken of kan de exploitant nalatigheid worden verweten (voor, tijdens of na het geweldsincident), dan kan een handhavingsstap worden overgeslagen en kan de burgemeester besluiten de exploitatievergunning in te trekken.

2:32, tweede lid, onder b

Ongewenste en/of illegale activiteiten

Onder andere:

  • Heling.

  • Illegale kansspelen.

  • Underground banking.

  • Aanwezigheid (vuur)wapen.

  • Drugsgebruik en -handel (volgens lijst I en II van de Opiumwet).

  • Mensenhandel.

1e constatering:

Sluiting inrichting voor 3 maanden.

Als de feitelijke situatie daarvoor aanleiding geeft, kan de burgemeester besluiten om hiervan af te wijken en te volstaan met een waarschuwing of een handhavingsstap over te slaan in het arrangement.

2e constatering:

Sluiting inrichting voor 6 maanden en intrekken exploitatievergunning.

2:32, tweede lid, onder f

Overtreden kwaliteitseisen terras

Ondernemers zijn niet alleen verantwoordelijk voor de exploitatie en de afmeting van het terras, maar ook voor naleving van de overige regels die gaan over de kwaliteit van het terras. Zo houden we de openbare ruimte aantrekkelijk, open en uitnodigend.

1e constatering:

Schriftelijke aanzegging van een last onder dwangsom.

2e constatering:

Verbeuring last onder dwangsom.

3e constatering:

Verbeuring last onder dwangsom.

4e constatering:

Verbeuring last onder dwangsom.

5e constatering:

Wijzigen exploitatievergunning in zoverre dat geen terras meer mag worden geëxploiteerd.

ALCOHOLWET

Artikel

Overtreding

Bestuurlijke maatregel

3

Bedrijf exploiteren zonder (rechtsgeldige) vergunning.

1e constatering:

Waarschuwing en exploitant moet de uitvoering van het horecabedrijf onmiddellijk staken.

2e constatering:

Opleggen last onder dwangsom of last onder bestuursdwang.

8

Leidinggevende voldoet niet langer aan een of meerdere eisen.

Tijdelijk of volledig intrekken vergunning afhankelijk van de vereisten waar niet aan wordt voldaan.

10

Inrichting voldoet niet langer aan een of meer gestelde inrichtingseisen.

Tijdelijk of volledig intrekken vergunning afhankelijk van de vereisten waar niet aan wordt voldaan.

12, eerste en tweede lid

Verstrekken alcoholhoudende drank in een niet op de vergunning vermelde lokaliteit

Last onder dwangsom.

13, eerste lid

Verbod verstrekking alcohol horecalokaliteit/terras voor gebruik elders dan ter plaatse.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

Hoogte bestuurlijke boete ligt vast in Bijlage I van het Alcoholbesluit.

13, tweede lid

Verbod verstrekking alcohol voor gebruik ter plaatse in slijtersbedrijf.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

14, eerste lid

Verbod andere bedrijfsactiviteiten in slijtersbedrijf.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

14, tweede en vijftiende lid

Verbod kleinhandel in horecalokaliteit of op terras.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

16

Verbod automatenverkoop alcohol.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

17

Verbod verstrekken alcoholhoudende drank anders dan in gesloten verpakking.

Dit verbod geldt voor supermarkten en slijterijen.

Dit verbod geldt niet voor horecabedrijven.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

18, eerste en tweede lid

Verkoopverbod zwak-alcoholische drank anders dan in slijtersbedrijf of levensmiddelenbedrijf voor gebruik elders dan ter plaatse.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

18, derde lid

Onderscheid tussen zwak-alcoholhoudende en alcoholvrije dranken ontbreekt in ruimte van het levensmiddelenbedrijf.

Last onder dwangsom.

19, eerste lid

Verbod op bestelservice sterke drank voor ander bedrijf dan slijtersbedrijf en partijen-catering.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

19, tweede lid

Verbod bestelservice zwak-alcoholhoudende drank.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

20, eerste lid

Verkoop alcohol aan persoon < 18 jaar/leeftijd niet vastgesteld.

< 16 jaar

Eerste constatering:

Bestuurlijke boete.

Tweede constatering:

Hogere bestuurlijke boete.

< 18 jaar

Eerste constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

3e constatering binnen 12 maanden:

Ontzegging bevoegdheid tot verkoop zwak-alcoholhoudende drank en last onder bestuursdwang (conform artikel 44 Alcoholwet).

20, derde lid

Leeftijdsgrens niet duidelijk aangegeven bij toegang horeca-/slijtersbedrijf.

Last onder dwangsom.

20, vierde lid

Aanwezigheid dronken personen of onder invloed van drugs toelaten in horeca- en slijtersbedrijf.

1e constatering:

Proces-verbaal en last onder bestuursdwang.

2e constatering:

Schorsing vergunning voor maximaal 12 weken (artikel 32 Alcoholwet).

20, vijfde lid

Onder invloed (dronken of drugs) aan het werk zijn in horeca- of slijtersbedrijf.

1e constatering:

Proces-verbaal en last onder bestuursdwang (werkzaamheden betreffende medewerker(s) staken).

2e constatering:

Schorsing vergunning voor maximaal 12 weken (artikel 32 Alcoholwet).

20a

Verbod bij verkoop op afstand een overeenkomst te sluiten met een minderjarige.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

21

Alcohol verstrekken wat tot verstoring openbare orde, veiligheid of zedelijkheid leidt.

Proces-verbaal en last onder bestuursdwang (staken alcoholverkoop).

22, eerste en tweede lid

Verbod alcoholhoudende drank te verstrekken in tankstations e.d.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

24, eerste en tweede lid

Geen leidinggevende of vereiste persoon aanwezig in horeca- en slijtersbedrijf.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

3e constatering:

Schorsing vergunning (voor laagdrempelige inrichtingen kan gekozen worden een (hogere) bestuurlijke boete op te leggen).

24, derde lid

Verkoop alcohol door personen < 16 jaar.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

25, eerste lid

Verbod aanwezigheid alcoholhoudende drank behoudens uitzondering.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

25, tweede lid

Verbod nuttiging alcoholhoudende drank ter plaatse, in niet zijnde horecabedrijf, behoudens uitzondering.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

25, derde lid

Verbod alcoholhoudende drank in vervoermiddel, behoudens enkele uitzonderingen.

Last onder dwangsom.

29, derde lid

Vergunning, aanhangsel e.d. niet aanwezig in inrichting.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete.

30

Vergunninghouder heeft geen melding gedaan van wijziging in inrichting.

Intrekking vergunning (na legalisatieonderzoek).

1 week zienswijzetermijn, intrekking volgt alleen als na verstrijken termijn geen melding van wijzingen is gedaan.

30a, eerste lid

Geen melding nieuwe leidinggevende of doorhaling gedaan.

Intrekking vergunning (na legalisatieonderzoek).

1 week zienswijzetermijn, intrekking volgt alleen als na verstrijken termijn geen melding van wijzingen is gedaan.

31, eerste lid

Gevaar voor openbare orde, veiligheid of zedelijkheid door voorgedane feiten.

Intrekking vergunning (na legalisatieonderzoek).

31, tweede lid

Handelen in strijd met vergunningvoorschriften of regels uit Alcoholwet.

Schorsing vergunning of intrekking vergunning.

31, derde lid

Resultaat Wet bibob en minimaal 3x weigering bijschrijving persoon op aanhangsel.

Schorsing vergunning of intrekking vergunning.

35, tweede lid

Niet voldoen aan beperkingen/voorschriften die gekoppeld zijn aan de ontheffing.

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Bestuurlijke boete + last onder bestuursdwang.

35, vierde lid

Ontheffing niet aanwezig.

Bestuurlijke boete.

45

<18-jarige heeft alcohol op publiek toegankelijke plaats.

Proces-verbaal en inbeslagname drank.

45a

Verbod op wederverstrekking (het kopen van alcohol door iemand >18 jarige die is bestemd voor <18 jarige.

Proces-verbaal.

OVERIGE BIJ PARACOMMERCIËLE INSTELLINGEN

Artikel

Overtreding

Bestuurlijke maatregel

2:34b APV

Schenktijden

Last onder dwangsom.

€ 500,- met een maximum van € 2500,-.

2:34c, eerste lid APV

Overschrijding aantal bijeenkomsten

Last onder dwangsom.

€ 2.000,- met een maximum van € 6.000,-.

2:34c, tweede lid APV

Bijeenkomst is niet gemeld

Last onder dwangsom.

€ 2.000,- met een maximum van € 6.000,-.

4, vijfde lid Alcoholwet

Ontheffing niet aanwezig.

Last onder dwangsom.

€ 250,- met een maximum van € 1250,-

9 Alcoholwet

Geen reglement vastgesteld, of voldoet niet aan eisen lid 2.

Last onder dwangsom.

€ 250,- met een maximum van € 1250,-

9, derde lid Alcoholwet

Geen registratie van barvrijwilligers die instructie hebben gehad.

Last onder dwangsom.

€ 250,- met een maximum van € 1250,-

9, derde en vierde lid Alcoholwet

Reglement / registratie niet in de inrichting aanwezig.

Last onder dwangsom.

€ 250,- met een maximum van € 1250,-

WET OP DE KANSSPELEN

Artikel

Overtreding

Bestuurlijke maatregel

30b

Aanwezig zijn van kansspelautomaten zonder (rechtsgeldige) vergunning

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Last onder bestuursdwang door middel van het in beslag nemen van de kansspelautomaten.

30c

Aanwezig zijn van kansspelautomaten in strijd met de voorwaarden in dit artikel (o.a. hoogdrempelig)

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Last onder bestuursdwang door middel van het in beslag nemen van de kansspelautomaten.

30g

Minderjarige (onder 18 jaar) kansspelautomaat laten bespelen in horecagelegenheid

1e constatering:

Waarschuwing.

2e constatering:

Intrekken aanwezigheidsvergunning.

Ondertekening

Capelle aan den IJssel, 11 maart 2025.

het college van burgemeester en wethouders,

de secretaris,

mr. A.H.P. van Gils

de burgemeester,

drs. J.J. Manusama

de burgemeester,

drs. J.J. Manusama