Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR735972
Naar de door u bekeken versie
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR735972/1
Nota Terrassenbeleid 2024
Geldend van 26-02-2025 t/m heden
Intitulé
Nota Terrassenbeleid 2024Een ander licht op terrassen
Gemeente Doetinchem
Dit beleid is vastgesteld op: 13 februari 2025
Samenvatting
Doetinchem wil een veilige, levendige en aantrekkelijke stad zijn. Een stad waar ruimte is voor elkaar, om te wonen, werken en verblijven. Een voorwaarde om dit te kunnen realiseren is een aantrekkelijke en overzichtelijke openbare ruimte. De terrassen in deze gemeente vervullen daarin een belangrijke rol. Het is daarom van belang dat over het terrasgebruik in de openbare ruimte afspraken worden gemaakt en nagekomen zodat de doelstellingen worden behaald. Hierdoor wordt de kwaliteit van het gebruik van de openbare ruimte verbeterd. Iedereen heeft er belang bij dat de veiligheid, levendigheid en aantrekkelijkheid van het terrasgebruik toeneemt. Een duidelijke visie hierin vormt het draagvlak voor dit beleid.
Stadsvisie
De stadsvisie is een soort wensbeeld voor de inrichting en het gebruik van de binnenstad. Bij het opstellen van deze visie is het noodzakelijk om de diverse functies van de binnenstad te inventariseren. Er wordt dan onder andere gekeken naar welke functies we willen behouden en welke we willen veranderen.
Bij die inventarisatie brengen we in beeld in welke mate en omvang deze functies worden benut. Daarnaast kijken we naar de regelgeving die aan het gebruik van die functies ten grondslag liggen.
Het wensbeeld dat met de stadsvisie ontstaat kent een aantal uitgangspunten die overeenkomen met dat van het terrassenbeleid. Dit is de verdeling in het gebruik van de openbare ruimte en het stellen van normen aan omvang en kwaliteit van materialen die in deze ruimten worden gebruikt. Het uiteindelijke doel daarvan is het behouden, dan wel het verbeteren van de uitstraling en daarmee het imago van de gevestigde horecabedrijven.
Verdeling openbare ruimte
De openbare ruimte in de binnenstad is multifunctioneel. Verschillende partijen maken dagelijks gebruik van die ruimte. Soms vindt dat gebruik op verschillende tijden plaats, maar soms ook op hetzelfde moment. De gebruikers zijn onder andere: bewoners, winkeliers, horecaondernemers en organisatoren van evenementen. Al deze groepen maken zelf gebruik van die ruimte, maar ontvangen ook bezoekers. Ook moet de openbare ruimte door verschillende doelgroepen beroepshalve kunnen worden gebruikt. Hierbij denken we aan het expeditieverkeer door leveranciers en beroepsvervoerders, maar ook de hulpdiensten (politie, brandweer en ambulance).
Bij gelijktijdig gebruik is het noodzakelijk dat er naar behoefte een redelijke verdeling plaatsvindt. In de stadsvisie worden hiervoor op macroniveau kaders vastgelegd. In het terrassenbeleid zijn deze kaders vertaald naar concrete richtlijnen. Zo zijn er richtlijnen voor de ruimtelijke verdeling voor gevel- en eilandterrassen, maar ook richtlijnen voor de perioden van terrasgebruik en het gebruik in samenhang met andere activiteiten die voor de stad belangrijk zijn.
Uitstraling
Het straatbeeld van de binnenstad is belangrijk voor het imago van de binnenstad.
Iedereen heeft er baat bij dat dit imago positief is en blijft. De gemeente is zich hiervan bewust en neemt daarin haar deel van de verantwoordelijkheid. Zij doet dit door te investeren op kwalitatief hoogwaardige materialen bij de inrichting van de binnenstad en een goed onderhoud ervan.
Eenzelfde verantwoordelijkheid en inzet wordt ook van de andere partijen verwacht.
Van de winkeliers wordt verwacht dat zij hun panden niet ontsieren met schreeuwerige reclames en dat zij de bruikbaarheid van de weg belemmeren door het uitstallen van goederen of reclameborden. Van organisatoren van evenementen wordt verwacht dat zij met het tijdelijke gebruik van de openbare ruimte het winkelend publiek niet hinderen. Het allerbelangrijkste is dat de veiligheid van eenieder die in de stad verblijft, of deelneemt aan een evenement onder alle omstandigheden gewaarborgd blijft.
Ook van horecaondernemers wordt verwacht dat zij hun verantwoordelijkheid nemen. Deze verantwoordelijkheid richt zich vooral op de uitstraling van het horecabedrijf. Het terras is hiervan een wezenlijk onderdeel. Het straatbeeld wordt bepaald door het collectief en ieder individueel bedrijf draagt daaraan bij. Om die reden is het van belang dat er in het terrassenbeleid duidelijke kaders worden gesteld voor de uitstraling van het terras. Hierbij denken we aan materiaalgebruik, het gebruik van kleuren en de grootte van het terrasmeubilair.
Onder terrasmeubilair worden niet alleen tafels en stoelen, maar ook windschermen, parasols en zonneschermen verstaan. Deze nota richt zich op de eerste plaats op het gebruik van los terrasmeubilair. Voor vaste objecten die als terrasmeubilair worden gebruikt, gelden naast deze terrasregels ook nog de beleidsregels van de omgevingsvergunning. Om de regelgeving voor vast meubilair enigszins te vereenvoudigen, zijn in deze beleidsnotitie algemene kaders opgenomen waaraan vast terrasmeubilair in beginsel moet voldoen. Dit houdt in dat voor terrasmeubilair dat binnen dit kader past, geen afzonderlijke welstandstoets nodig is. Een afzonderlijke omgevingsvergunning blijft wel noodzakelijk.
Veiligheid
Het is van groot belang dat dit terrassenbeleid en de uitwerking ervan voldoende waarborgen bieden voor de veiligheid van allen die in de binnenstad verblijven.
Noodzaak nieuw beleid
Het openbaar gebied wordt steeds intensiever gebruikt. Dit blijkt uit de inventarisatie van het huidig terrasgebruik. De neiging tot ‘privatisering’ van het openbaar gebied neemt daarmee toe. Dit is herkenbaar door het ongeoorloofd vergroten van de terrassen en het plaatsen van illegale bouwwerken. Hieronder vallen ook de vaste terrasschotten, parasols en overkappingen die zonder een vergunning zijn aangebracht. Soms wordt er overmatige reclame gevoerd en blijkt dat er behoefte is om het terras aan te kleden met allerlei uitstallingen. Om ongewenste ontwikkelingen daarin te voorkomen, is het van belang dat daarover afspraken in richtlijnen worden vastgelegd. Zonder duidelijke richtlijnen bestaat de kans dat het uiterlijk aanzien en de overzichtelijkheid van terrassen en daarmee de openbare ruimte wordt geschaad.
Als terras- en reclameobjecten niet op het eigen terras worden geplaatst, maar in de vrije doorgang, heeft dit gevolgen voor de doorloop voor het winkelend publiek en/of voertuigen van de hulpdiensten. Schreeuwend kleurgebruik, goedkope materialen, slecht onderhoud en verkeerde opslag van meubilair, doen afbreuk aan de kwaliteit van de openbare ruimte. Het open karakter, de overzichtelijkheid en de aantrekkelijkheid van de openbare ruimte komen daarmee onder druk te staan.
Ongewenst handelen van de individuele ondernemer vertroebelt het collectieve beeld en schaadt daarmee het imago van anderen. Om ongewenste ontwikkelingen te voorkomen, zijn er duidelijke afspraken nodig. Om ervoor te zorgen dat die afspraken ook worden nageleefd, ontkomen we er niet aan om duidelijke kaders vast te leggen in beleidsregels. Hiermee wordt recht gedaan aan één van de doelstellingen van het beleid, de vereenvoudiging van de regelgeving, en aan de wens van de horecaondernemers om meer eigen verantwoordelijkheid te nemen.
1. Inleiding
Al vanaf 1995 kennen we in Doetinchem beleidsregels voor het gebruik van de openbare ruimte voor de exploitatie van terrassen. De basisdoelstelling voor dat terrassenbeleid is het zo optimaal mogelijk verdelen en gebruik van de openbare ruimte, zonder afbreuk te doen aan elk van de te onderscheiden functies.
De vorige versie van het terrassenbeleid is vastgesteld in 2013. In de loop der jaren kwamen er andere onderwerpen ter sprake en ontstonden er nieuwe vragenstukken. Duidelijk werd dat er behoefte was aan een geactualiseerd terrassenbeleid waarin deze nieuwe ontwikkelingen verwerkt zijn. Op die manier is het voor iedereen duidelijk welke regels van toepassing zijn. In deze versie van het terrassenbeleid zijn deze ontwikkelingen verwerkt.
Uitgangspunt bij dit terrassenbeleid is de oorspronkelijke functie van het openbaar gebied te borgen en waar nodig te herstellen. De voetganger moet veilig en met voldoende ruimte van voetgangersgebied of het trottoir gebruik kunnen maken. De doorgangsruimte voor voetgangers en hulpdiensten bij terrassen moet onder alle omstandigheden gegarandeerd blijven en de kwaliteit van de openbare ruimte moet gehandhaafd blijven en waar mogelijk worden verbeterd.
2. Doelstellingen
Het terrasgebruik is voortdurend in ontwikkeling. Ingegeven door de stijgende behoefte om buiten te recreëren, is ook het gebruik van het terras niet stil blijven staan. Ook in Doetinchem is deze trend waarneembaar. Dit is de belangrijkste reden waarom de afspraken over het gebruik van de openbare ruimte opnieuw tegen het licht zijn gehouden en op een aantal onderdelen zijn herzien.
De doelstellingen voor het terrassenbeleid kunnen als volgt worden samengevat:
- •
Er is voldoende ruimte voor alle gebruikers met aandacht voor veiligheid;
- •
Het terras heeft een goede uitstraling. Terrassen zijn open en er is een terughoudend gebruik van terrasobjecten. Er heerst geen verplichte uniformiteit, maar er is wel eenheid in kwaliteit.
- •
Heldere regels worden gehanteerd om overlast te vermijden;
- •
De geldende regels en (on)mogelijkheden zijn voor iedereen helder.
De in het verleden gestelde doelstellingen voor het terrassenbeleid blijven daarmee in feite nog steeds bestaan. Deze herijking, aan de hand van ervaringen, is van belang om de uitgangspunten en beleidsregels helder en duidelijk in beeld te krijgen en te behouden. De nota Terrassenbeleid 2024 draagt daaraan bij. Partijen die hierin een rol van betekenis spelen kunnen op deze wijze goed worden geïnformeerd.
3. Juridisch kader
Op de inrichting en het gebruik van een terras kunnen verschillende wetten en regels van toepassing zijn. De belangrijkste daarvan worden hierna toegelicht.
3.1 Apv
De juridische basis voor de inrichting en het gebruik van terrassen is geregeld in artikel
2:28A van de Algemene plaatselijke verordening. Daarnaast gelden er nog enkele andere regels uit de Apv. Zoals het plaatsen van losse voorwerpen op de openbare weg. In de regel worden dit ‘uitstallingen’ genoemd. Voor ‘uitstallingen’ bij winkelbedrijven geldt het Uitvoeringsbesluit ‘Vaststelling nadere regels voor het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg in strijd met de publieke functie ervan’. Dit uitvoeringsbesluit is door het college van burgemeester en wethouders op grond van artikel 2:10, lid 3 vastgesteld. Deze regels gelden in beginsel ook voor het plaatsen voorwerpen op een terras.
3.2 Omgevingswet
Voor het plaatsen van vaste voorwerpen op een terras gelden de regels van De Omgevingswet.
Hierin is vastgelegd dat het terras moet passen binnen het Omgevingsplan en dat er voor het aanbrengen van vast terrasmeubilair, zoals terrasschermen, parasols en andere overkappingen een vergunning nodig is. Met deze regels kunnen andere ongewenste ontwikkelingen door het gebruik van terrassen worden voorkomen.
De Omgevingswet geldt ook voor terrassen bij horecabedrijven. De in de Omgevingswet opgenomen regels voor de exploitatie van een terras gaan voornamelijk over het geluid. Het college van burgemeester en wethouders kan op grond van deze wet nadere voorschriften opleggen. De geluidsregels uit de Omgevingswet zijn niet van toepassing op stemgeluid van terrasbezoekers. Een uitzondering hiervoor geldt bij zogeheten ‘tuinterrassen’.
3.3 Alcoholwet
Voor de verkoop en het gebruik van alcoholhoudende drank is volgens de Alcoholwet een vergunning nodig. Het verstrekken van alcoholhoudende drank op een terras is in de Alcoholwetvergunning opgenomen en maakt daarmee deel uit van de gehele horeca-inrichting.
3.4 Welstandsnota
Voor de verkoop en het gebruik van alcoholhoudende drank is volgens de Alcoholwet een vergunning nodig. Het verstrekken van alcoholhoudende drank op een terras is in de Alcoholwetvergunning opgenomen en maakt daarmee deel uit van de gehele horeca-inrichting.
3.5 Leges- en precarioverordening
De legestarieven voor de afgifte van een terrasvergunning zijn opgenomen in de Legesverordening. Voor het in gebruik nemen van gemeentegrond is de horecaexploitant ieder jaar een precariobelasting verschuldigd. De tarieven hiervoor zijn opgenomen in de Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting.
3.6 Evenementenbeleid
In de welstandsnota wordt aangegeven aan welke uiterlijke kaders een terras en met name het terrasmeubilair moet voldoen
4. Uitgangspunten van het terrassenbeleid
4.1 Algemene uitgangspunten
Zoals in de inleiding al is aangegeven kunnen terrassen een wezenlijke bijdrage leveren aan de levendigheid in de binnenstad en de aantrekkelijkheid van de openbare ruimte. Belangrijk is wel dat tenminste wordt voldaan aan een aantal basiscriteria. Deze basiscriteria vormen de kaders van het terrassenbeleid en kunnen worden ondergebracht in drie groepen.
- 1.
Waar zijn welke terrassen toegestaan?
- 2.
Waaraan moet een terrasinrichting voldoen?
- 3.
Onder welke voorwaarden is de exploitatie van een terras toegestaan?
Het vastleggen van afspraken over het terrasgebruik is een nadrukkelijk vereiste.
Niet alleen in ruimtelijke zin, maar ook over de wijze van inrichting en duur van de terrasexploitatie. Terrasgebruik mag niet leiden tot een verstoring van de balans tussen genot en ergernis.
Het terrassenbeleid in de gemeente Doetinchem kent al vanaf 1995 kwaliteitseisen.
Deze kwaliteitseisen bestaan uit richtlijnen waaraan een terras en het daarop aanwezige terrasmeubilair tenminste moet voldoen. De kwaliteit van het meubilair draagt bij aan de meerwaarde van het horeca-aanbod en het imago van de stad. De horecaondernemer is in beginsel vrij om naar eigen inzicht invulling te kunnen geven aan de inrichting van het terras. De voorgeschreven bepalingen hebben voornamelijk betrekking op praktische uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid van de beleidsregels. De beleidsregels voor het plaatsen van vaste objecten, zoals windschermen, parasols en overkappingen zijn in deze notitie in een afzonderlijke paragraaf opgenomen. Voor deze objecten blijft een afzonderlijke vergunning vereist met een zelfstandig toetsingskader.
Naast het vastleggen van deze afspraken is ook de handhaving ervan belangrijk. In deze notitie zijn daarvoor bepalingen opgenomen die aansluiten op het handhavingsbeleid zoals dit is vastgelegd in de Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2024-2028.
4.2 Waar mogen terrassen staan?
De plaats waar een terras kan en mag worden ingericht en geëxploiteerd is gebonden aan een aantal randvoorwaarden. De mogelijkheden zijn beperkt en afhankelijk van de omstandigheden ter plaatse. De kaders die hiervoor gelden zijn hieronder weergegeven.
4.2.1 Soorten terrassen
In de gemeente Doetinchem kennen we drie soorten terrassen in de openbare ruimte en één soort op eigen terrein. Hieronder volgen eerst de drie soorten terrassen in de openbare ruimte:
- •
gevelterrassen (een direct aan de gevel van de bijbehorende horeca-inrichting gelegen terras);
- •
eiland- of pleinterrassen (een los van de gevel gelegen terras dat voor of in de directe nabijheid van het betreffende horecapand is gelegen);
- •
plintterrassen (enkel toegestaan binnen de in figuur 1 blauw gemarkeerde stukken). Deze worden beschouwd als een eilandterras.
Figuur 1. Gebied voor plintterrassen
Binnenterrassen
Naast de terrassen in de openbare ruimte, bestaat er nog één soort terras. Dit terras heet een binnenterras en is gesitueerd op een eigen binnenterrein. Het gaat om terrassen die achter een horecagelegenheid liggen en grenzen aan niet-openbare terreinen, zoals een tuin van een derde, gebouwen of een particulier parkeerterrein. Om bij die terrassen te komen, is het noodzakelijk om door de horecagelegenheid te lopen. Voor deze soort terrassen geldt een aanvullende regel.
Artikel 22.70 van de Bruidsschat (het tijdelijke deel van het omgevingsplan) geeft namelijk aan dat bij het bepalen van geluidsniveaus het stemgeluid van personen op een terrein dat onderdeel is van een inrichting buiten beschouwing blijft, tenzij dit terrein kan worden aangemerkt als binnenterrein. Dit houdt in dat stemgeluid op binnenterrassen meetelt in het geluidsniveau.
Voor binnenterrassen dient een melding ‘milieubelastende activiteit’ ingediend te worden. Hierbij moet de exploitant onder andere aantonen dat wordt voldaan aan de geluidsnormen die gelden. Een akoestisch onderzoek moet dit aantonen. Vervolgens wordt gekeken of er maatwerkvoorschriften vastgesteld kunnen worden. Dit wordt per situatie bekeken. De maatwerkvoorschriften zijn maatwerk en kunnen dus per situatie verschillen. Er kunnen ook situaties zijn waarin het vaststellen van maatwerkvoorschriften geen mogelijkheid is.
4.2.2 De gebiedsindeling van het terrassenbeleid
De kwaliteitseisen voor terrassen zijn gebiedsafhankelijk. Daarom zijn er verschillende kwaliteitsniveaus die gelden voor elk van de afzonderlijk genoemde gebieden.
De gebieden binnen de gemeente Doetinchem waarin de terrassen zich onderscheiden, zijn als volgt te verdelen:
- •
Gebieden met ‘verhoogde horecaconcentratie’ in het voetgangersgebied, bestaande uit de Grutstraat, de Omdraai, het Simonsplein, de Waterstraat en de Veemarkt;
- •
Overig deel van het Voetgangersgebied van het stadscentrum;
- •
Het overig deel van de openbare ruimte, gelegen binnen de bebouwde kom;
- •
De gebieden in de openbare ruimte, gelegen buiten de bebouwde kom en terrassen in het privaat domein (eigen terrein).
4.2.3 Uitwerking van de algemene voorwaarden voor alle terrassen
Voor alle terrassen gelden de volgende algemene voorwaarden:
- •
De plek en afmetingen van het terras worden in de terrasvergunning vastgelegd.
- •
Hierbij is de doorgang die voor het publiek en overige gebruikers moet worden vrijgehouden bepalend.
- •
Het ruimtelijk karakter van de straat en/of plein zijn medebepalend.
- •
Op een overzichtstekening (bijlage I) zijn de gebieden vastgelegd waar de afzonderlijke (type)terrassen zijn toegestaan.
- •
Een gevelterras is niet breder dan de gevelbreedte van het horecabedrijf waartoe het behoort. De diepte ervan is afhankelijk van de omstandigheden ter plaatse en wordt, met inachtneming van deze algemene voorwaarden, per horecabedrijf afzonderlijk vastgesteld.
- •
Voor de doorgang van voetgangers moet altijd een loopstrook van tenminste 1,5 meter breed worden vrijgehouden.
- •
Hulpverlenende voertuigen en het expeditieverkeer moeten altijd onbelemmerd kunnen passeren.
- •
Op de routekaart (bijlage II) is aangegeven welke weggedeelten altijd moeten worden vrijgehouden.
- •
De beschikbare ruimte voor een eilandterras en/of gevelterras geldt telkens voor een periode van vijf jaren. Als er met de betrokken horecaondernemer een kortere periode is overeengekomen, is dat in de terrasvergunning vermeld.
- •
Als er meerdere gegadigden zijn voor eenzelfde deel van een eilandterras of als twee tegenover elkaar gelegen gevelterrassen conflicteren met de algemene voorwaarden, beslist het bevoegd bestuursorgaan over de verdeling van de beschikbare ruimte. De verdeling van het terrasgedeelte wordt toegekend naar rato van het bedrijfsvloeroppervlak van de horecabedrijven, tenzij met de betrokken ondernemers anders is overeengekomen. Bij de verdeling van de ruimte voor gevelterrassen worden ook andere aspecten gewogen die van belang zijn voor de openbare orde en veiligheid.
4.2.4 Verdeling van terrasruimte
Het kan voorkomen dat er een plek leeg is waar geen terras wordt geëxploiteerd, waar dit wel mogelijk zou kunnen zijn. Dit kan het geval zijn wanneer een pand leeg staat. Met inachtneming van de volgende regels, kan het mogelijk zijn om de betreffende plek (tijdelijk) in gebruik te nemen:
- -
De lege plek moet zijn gelegen voor een pand met horecabestemming;
- -
Het betreffende pand moet (tijdelijk) leeg staan;
- -
De tijdelijke terrasvergunning kan worden afgegeven tot het moment dat er een nieuwe ondernemer in het betreffende pand trekt;
- -
De ondernemer die het terras exploiteert moet een horecapand naastgelegen aan de betreffende lege plek bezitten en exploiteren en goed zicht hebben op dit terras vanuit het binnen gedeelte van de inrichting en het eigen terras;
- -
Alle gegadigden (buren) moeten van de mogelijkheid op de hoogte zijn en instemmen met de verdeling van de lege plek.
De instemming ziet er als volgt uit. De gegadigden (buren) laten per brief of per e-mail aan apv@doetinchem.nl weten of zij gebruik willen maken van de lege plek. Het is ook mogelijk dat hier een getekende verklaring voor wordt aangeleverd bij de aanvraag van de tijdelijke terrasvergunning. Als zij geen gebruik willen maken van de lege plek, is dat gelijk de toestemming voor de andere partij om de lege plek tijdelijk in gebruik te nemen. Op het moment dat meerdere partijen gebruik willen maken van de lege plek, zal een verdeling worden gemaakt.
4.2.5 Aanvullende voorwaarden terras-concentratiegebieden
Voor gebieden waar een concentratie van horecabedrijven aanwezig is, kan een breder gevelterras worden toestaan. De gebieden waarvoor deze uitzondering geldt, zijn in bijlage I van deze notitie opgenomen en in kaart gebracht.
4.2.6 Terrassen buiten de genoemde plekken
Zoals net genoemd staan de plekken waar terrassen zijn toegestaan genoemd in bijlage I. De afgelopen jaren bleek dat er behoefte is aan terrassen op plekken die niet in dit beleid zijn genoemd. Afhankelijk van de situatie ter plekke, is regelmatig een terras wel mogelijk. Om in te spelen op deze behoefte, wordt hieronder het toetsingskader weergegeven waaraan al dit soort aanvragen standaard kunnen worden getoetst.
Toetsingskader:
- 1.
De locatie moet een horecabestemming hebben.
- 2.
Op de locatie moet een horecabedrijf zitten met een exploitatievergunning of Alcoholwetvergunning.
- 3.
Het terras moet ruimtelijk aanvaardbaar zijn. De omgeving moet voor hulpdiensten en andere gebruikers goed bereikbaar en toegankelijk zijn. Hierbij wordt gelet op de activiteiten (zoals detailhandel) in de naastgelegen panden.
- 4.
Onder voorbehoud van het komende beeldkwaliteitsplan, waarin de stedenbouwkundige visie voor de binnenstad nader wordt uitgewerkt. Er moet flexibiliteit voor vergroening zijn, wat kan inhouden dat terrassen hiervoor aangepast moeten worden. Dit geldt voor de binnenstad van Doetinchem.
- 5.
De toezichthouder Apv/bijzondere wetten kijkt in samenwerking met collega’s van landmeten ter plekke hoe groot het terras kan zijn.
- 6.
Het terras moet voldoen aan dit terrassenbeleid.
4.3 De terrasinrichting
De inrichting van een terras moet tenminste voldoen aan de hieronder vermelde vereisten.
4.3.1 Kwaliteitseisen van het terras
Het beleid gaat uit van een bepaald basisniveau waaraan alle terrassen moeten voldoen. Dit zijn de basiskwaliteitseisen. Deze basiskwaliteit geldt ongeacht de locatie.
De basiskwaliteit bestaat uit drie algemene voorwaarden:
1. Evenwicht in gebruik en gegarandeerde vrije doorgang
Er moet een duidelijke balans zijn in het gebruik van de openbare ruimte. Dat wil zeggen dat er voor iedere gebruiker voldoende plek moet zijn. Er is dus altijd afstemming nodig met de andere gebruikers van de openbare weg. Voor de diverse gebruikersgroepen moet een vrije doorgang altijd gewaarborgd zijn.
2. Een open structuur en cultuur
Een open terrasstructuur en –cultuur draagt bij aan de levendigheid en overzichtelijkheid van de stad. Het publieke karakter wordt daarmee versterkt en er bestaat meer mogelijkheid tot interactie tussen horecapubliek en winkelend publiek. Een overzichtelijk terras bevorderd ook de veiligheid. De mate van die overzichtelijkheid en de relatie van het terras en de openbare ruimte zijn bepalend voor de meerwaarde.
3. Een gastvrije uitstraling
Niet alleen het horecabedrijf, maar ook de omgeving is gebaat bij een uitnodigende uitstraling van een terras. Kwalitatief goed en verzorgd meubilair draagt bij aan de kwaliteit van de openbare ruimte. Eigen keuzes daarin moeten mogelijk blijven, want ook variatie is belangrijk voor de levendigheid. Maar dit alles moet wel passen binnen redelijke grenzen.
4.3.2 Toepassing van de voorwaarden
Deze basiskwaliteitseis geldt voor alle terrassen in het openbaar gebied binnen de gemeente Doetinchem. Voor terrassen in het openbaar gebied in het voetgangersgebied gelden aanvullende voorwaarden. Voor terrassen in het horecaconcentratiegebied gelden enkele uitzonderingen op die aanvullende voorwaarden.
4.3.3 Kwaliteit van het meubilair
Het is belangrijk dat een terras een zekere mate van kwaliteit uitstraalt. Dat is niet alleen in het belang van de individuele ondernemer, maar ook voor de andere ondernemers. In beginsel is de horecaondernemer vrij in de materiaalkeuze. Om ontsiering van de omgeving door een te grote verscheidenheid te voorkomen, is het nodig om enkele richtlijnen te hanteren. Deze richtlijnen zijn:
- •
Terrasmeubilair is gemaakt van duurzaam materiaal.
- •
Terrasmeubilair is veilig in het gebruik en is goed onderhouden.
- •
Op terrasmeubilair zit geen handelsreclame.
Gebruik van afwijkende terrasmaterialen of -modellen is alleen met instemming van het bevoegd bestuursorgaan toegestaan. Dit bestuursorgaan kan daartoe advies inwinnen bij de welstandscommissie.
4.3.4 Inrichting van het terras
Voor de inrichting van het terras gelden de volgende beleidsregels.
- •
Al het terrasmeubilair bevindt zich binnen het vergunde terrasgebied.
- •
De hoeveelheid terrasmeubilair is afgestemd op de beschikbare ruimte. Daarbij is rekening gehouden met de veiligheid van het publiek.
- •
Het gebruik van terrasschermen en/of windbrekers is beperkt.
- •
Het terras is zo ingericht dat zowel de horecaondernemer als de toezichthouders voldoende zicht hebben op de gebruikers van het terras.
4.3.5 Beleidskaders voor vast terrasmeubilair
1. Vast terrasmeubilair
Vast terrasmeubilair is verbonden met de plek waar het staat. Dat kan door de functie ervan, bijvoorbeeld het afperken van het terras, maar ook door een verankering in de grond, zichtbaar worden gemaakt.
Voorbeelden van vast terrasmeubilair kunnen zijn: terrasschermen, windschermen, terrasoverkappingen, steunen voor terrasoverkappingen, parasols, plantenbakken, verlichting.
De algemene regels voor vast terrasmeubilair zijn:
- •
Vast terrasmeubilair is alleen toegestaan als daarvoor de vereiste omgevingsvergunning is verleend.
- •
Vast terrasmeubilair moet eenvoudig te verwijderen zijn.
- •
De bevestigingswijze mag geen gevaar opleveren voor andere gebruikers.
2. Terrasoverkapping
- •
Een terrasoverkapping is een vanuit een gevelconstructie uitklapbaar of uitschuifbaar scherm dat in een helling van de gevel naar beneden loopt.
- •
Een losstaande constructie dicht op de gevel is mogelijk als een schermconstructie aan de gevel om bouwtechnische of architectonische reden niet kan. Deze reden moet aantoonbaar zijn.
- •
Een vaste terrasoverkapping is niet groter dan 1,5 meter vanuit de voorgevel.
- •
Een terrasoverkapping, of een constructie daarvoor, moet passen in het totale gevelbeeld.
- •
Het gevelscherm is vrij van de grond. Terrasafschermende (zij)flappen onder de overhangende constructie van de overkapping mogen niet. De ruimte tussen de arm en de kap mag wel dicht zijn. De afdichting is van hetzelfde materiaal als dat van de kap.
- •
Elk scherm is eenduidig van vorm, van uitvoering en van kleurgebruik. Als bij één pand sprake is van meerdere schermen, dan is er onderlinge afstemming in kleur, constructie en uitvoering.
- •
Bij een combinatie van een ondiep scherm met parasols geldt een afstemming van de parasols op de vorm en de kleur van het gevelscherm.
- •
Het gebruik van zonnepanelen op de kap is mogelijk als:
- o
de terrasoverkapping blijft voldoen aan de voorgaande voorwaarden;
- o
er geen aparte constructie voor nodig is;
- o
het geen hinder geeft voor de omgeving, bijvoorbeeld door weerspiegeling en schittering.
- o
3. Terrasscherm/windscherm
- •
Een terrasscherm is niet hoger dan 1,8 meter en is vanaf 1 meter boven de weg transparant.
- •
Een plantenbak of een bank waarmee een terrasruimte wordt afgeschermd, mag niet hoger zijn dan 1 meter boven de weg. Tussen de openbare ruimte en het terras staan geen terrasschermen, tenzij deze alleen op de hoek staan, vanwege de wenselijke open onderlinge relatie. Hetzelfde geldt voor plantenbakken die dienen als terrasscherm.
- •
Een terras heeft aan niet meer dan twee zijden terrasschermen of plantenbakken, tenzij deze alleen op de hoek staan. De terrasschermen geven zo vooral de scheiding tussen twee terrassen aan.
4. Reclame
- •
Op terrasoverkappingen staat geen reclame. De vermelding van de bedrijfsnaam is wel mogelijk.
- •
Op de terrasschermen staat geen reclame. De vermelding van de bedrijfsnaam is wel mogelijk op het niet-transparante deel van het terrasscherm, met een maximale hoogte van 0,2 meter over maximaal 5% van het totale oppervlak van het niet-transparante deel van het terrasscherm.
5. Verlichting
- •
De verlichting op het terras is sfeerverlichting die zich alleen richt op het terras.
- •
De verlichting veroorzaakt geen hinder voor de omgeving.
6. Excessen
Vast terrasmeubilair mag niet ‘in ernstige mate in strijd zijn met redelijke eisen van welstand’. De terrassen in de openbare ruimte vormen een visitekaartje van de gemeente. De gemeente werkt samen met de gezamenlijke horeca om buitensporigheden tegen te gaan. Excessen zijn buitensporigheden die ook voor niet-deskundigen duidelijk zijn. De excessencriteria geven vooral aan wat niet mag.
- •
Het visueel of fysiek afsluiten van het terras van de openbare ruimte.
- •
Ernstig verval of ernstige verloedering door achterstallig onderhoud.
- •
Ernstige verwaarlozing van het uiterlijk.
- •
Armoedig materiaalgebruik.
- •
Te opdringerige reclames.
- •
Een te grove inbreuk op wat in de omgeving gebruikelijk is.
4.4 Algemene en bijzondere gebruiksregels voor terrassen
Voor de wijze waarop het gebruik van de terrassen is geoorloofd gelden de hieronder vermelde beleidsregels.
4.4.1 Terrasseizoen
Het hele jaar door kunnen er terrassen worden geëxploiteerd. Gedurende het terrassenseizoen kan zowel het gevelterras als het eilandterras worden geëxploiteerd. Dit seizoen duurt van 1 maart tot en met 7 november1. Gedurende de overige maanden kan enkel een gevelterras worden geëxploiteerd. Als in die overige maanden ook een eilandterras geëxploiteerd wil worden, is daar een terrasvergunning voor een zogeheten winterterras voor nodig. Dit dient los van de vergunning voor het gevelterras aangevraagd te worden.
Winterterrassen dienen uiterlijk zes weken voor aanvang van het winterseizoen (8 november) aangevraagd te worden.
Voor het gevelterras wordt voor het gehele jaar precario in rekening gebracht. Voor het eilandterras tijdens het terrassenseizoen wordt voor de periode van 1 maart tot en met 7 november precario in rekening gebracht. Voor het eilandterras in de overige maanden (winterterras) wordt gedurende deze maanden precario in rekening gebracht. Op het moment dat terrassen tijdelijk wegmoeten (vanwege bijvoorbeeld evenementen), wordt er geen precario in mindering gebracht.
Van terrassen die niet het hele jaar worden gebruikt is al het meubilair verwijderd gedurende de winterperiode van 8 november tot 1 maart.
Het is de aanbeveling dat gedurende de winterperiode gebruik gemaakt wordt van duurzame terrasverwarming.
4.4.2 Uitzondering tijdens grote evenementen
Als er evenementen plaatsvinden, kan er een uitzondering gelden op de gebruiksperiode. Deze evenementen waarvoor dit geldt, zijn opgenomen in de jaarlijks vastgestelde evenementenkalender. De burgemeester neemt daartoe een afzonderlijk besluit. De criteria in artikelen 1:8 en 2:28A, lid 2 van de Apv zijn bij de beoordeling hiervan van belang. De terrassen worden in dat geval verwijderd of verkleind, zodat er voor het evenement of het daarop afkomende publiek voldoende ruimte overblijft. Deze uitzonderingsmogelijkheid is in de terrasvergunning opgenomen.
4.4.3 Terrastijden
Voor terrassen geldt dagelijks een sluitingstijd van 02:00 uur tot 06:00 uur (artikel 2:29, derde lid Apv).
Een afwijkende sluitingstijd voor een terras kan worden vastgelegd in de individuele vergunning. Dit kan het geval zijn bij terrassen in woongebieden, waar een sluitingstijd van 02:00 uur voor overlast kan zorgen. De afwijkende sluitingstijd ligt dan in lijn met hetgeen in het omgevingsplan is vastgelegd over de horecacategorieën.
4.4.4 Gedragsregels
De horecaondernemer is verantwoordelijk voor zijn klanten. Hij ziet erop toe dat zijn terrasbezoekers geen overlast veroorzaken. Het publiek wordt met gedragsregels duidelijk gemaakt wat de horecaondernemer onder behoorlijk gedrag verstaat. Deze gedragsregels zijn zichtbaar op het terras aanwezig.
4.4.5 Gebruik geluidsinstallatie
De exploitatie van een terras mag niet leiden tot overlast voor de omgeving. Muziek op een terras is alleen toegestaan als daarvoor een afzonderlijke evenementenvergunning verleend. De regels van de Omgevingswet moeten altijd worden nageleefd. De horecaondernemer houdt daar rekening mee en zorgt ervoor dat de muziek binnen zachter staat als de deuren of ramen van het horecabedrijf geopend zijn.
4.4.6 Karren op het terras
Tijdens de openingstijden van het terras zijn karren voor bestek en borden (en vergelijkbare spullen) toegestaan. Deze karren dienen verrijdbaar te zijn en tijdens de sluitingstijden van het terras afgesloten en/of binnen in het pand te zijn. Er mag geen reclame op de karren staan (bedrijfslogo uitgezonderd). Ook mogen de karren niet worden gebruikt als terrasafscheiding.
Voor foodtrucks geldt het Standplaatsenbeleid. Voor standplaatsen dient een afzonderlijke vergunning te worden aangevraagd. In de binnenstad van Doetinchem zijn in beginsel incidentele standplaatsen toegestaan, zolang zij voldoen aan het Standplaatsenbeleid. Dit houdt in dat standplaatsen niet op of (direct) naast een terras geëxploiteerd mogen worden.
Bars zijn niet toegestaan op het terras. Schenken mag enkel in het binnen gedeelte van de inrichting plaatsvinden. Een uitzondering hierop kan gemaakt worden tijdens evenementen, waarbij de bars vallen onder een evenementenvergunning die wordt aangevraagd door de organisatie van het evenement.
4.4.7 Brandveiligheid
De brandveiligheidseisen voor het vast terrasmeubilair zijn opgenomen in de omgevingsvergunning. In het belang van de brandveiligheid moet aan de volgende brandveiligheidseisen worden voldaan.
- •
Op terrassen is alleen de daarvoor goedgekeurde elektrische terrasverwarming toegestaan.
- •
De terrasverwarming mag nooit onder of dichtbij beplanting staan.
- •
Mobiele gasgestookte verwarmingselementen zijn niet toegestaan.
- •
Open vuur (met uitzondering van kaarslicht) is op een terras verboden.
4.4.8 Veiligheid
Na sluitingstijd wordt terrasmeubilair dagelijks opgeruimd of vastgezet. Zo wordt het terrasmeubilair beschermd tegen diefstal of vernieling. Daarnaast wordt ook de openbare orde en veiligheid voor ondernemers, publiek en hulpdiensten gewaarborgd.
4.5 Voorzieningen
4.5.1 Nieuwe voorzieningen
De aanleg van een stroomvoorziening en/of verankeringen t.b.v. parasols is in beginsel mogelijk. Wel is het van belang dat hiervoor een afzonderlijke toestemming is verleend. De beoordeling van een dergelijk verzoek is afhankelijk van de risico’s die bij de aanleg van deze voorziening aanwezig zijn. In alle gevallen wordt een Klikmelding2 gedaan. Geen toestemming wordt verleend als de aanleg van de voorzieningen een beletsel vormt voor de aanwezige voorzieningen voor het algemeen belang, beplanting of bebouwing, of voor het onderhoud daarvan. De voorzieningen moeten worden uitgevoerd volgens de daarvoor geldende veiligheidseisen.
4.5.2 Bestaande voorzieningen
Bij het indienen van een terrasaanvraag moet altijd een opgave worden gedaan van de voorzieningen welke t.b.v. het terras aanwezig zijn. De horecaondernemer is niet alleen verantwoordelijk voor het melden van de aanwezige voorzieningen, maar ook voor staat van onderhoud van de voorzieningen.
4.5.3 Kostenverhaal
De kosten die bij de uitvoering van werken door of namens de gemeente worden gemaakt, worden bij de horecaondernemer in rekening gebracht.
4.6 Geldigheidsduur
Vergunningen hebben een maximale looptijd van vijf jaar. De huidige periode loopt van 1 maart 2021 tot 1 maart 2026. Op 1 maart 2026 gaat de nieuwe termijn in en die loopt tot 31 december 2030. Hier is bewust gekozen voor een looptijd van 4 jaar en 10 maanden, zodat daarna de looptijden van de vergunningen hele jaren bedragen en gelijklopen met de precariobelastingen per volledig kalender jaar. Op 1 januari van elk jaar worden de bedragen voor de precariobelasting namelijk gewijzigd. Vanaf 2031 kan een looptijd van 5 volledige jaren worden gehanteerd.
Terrasvergunningen die gedurende de looptijd van (maximaal) 5 jaar worden afgegeven, gelden voor het restant van die periode.
De vergunning is ‘persoonsgebonden’. Dit betekent dat de vergunning wordt afgegeven aan de horecaondernemer. Wanneer het horecabedrijf door een andere ondernemer wordt overgenomen of als de ondernemingsvorm wijzigt, moet er een nieuwe terrasvergunning worden aangevraagd. Het recht op het gebruik van het gedeelte van de weg blijft in beginsel gedurende de in die vergunning vermelde periode gelden.
5. Controle en handhaving
De belangen in dit terrassenbeleid zijn in deze nota uitvoerig uiteengezet. De openbare veiligheid heeft de hoogste prioriteit. De samenhang en de diversiteit van de belangen, die elkaar bij dit gebruik van de openbare ruimte raken, vragen om een intensieve controle en toezicht op de naleving van de regelgeving.
Het naleven van de richtlijnen voor terrassen is en blijft op de eerste plaats een verantwoordelijkheid van iedere horecaondernemer.
De wijze waarop de gemeente het toezicht en de handhaving op de regelgeving toepast, is vastgelegd in de Uitvoerings- en Handhavingsstrategie.
6. Ingangsdatum en overgangsbepalingen
Dit beleid treedt in werking op de dag na publicatie ervan op de website www.overheid.nl.
Iedere vergunningaanvraag die na vaststelling van deze beleidsregels wordt ingediend, wordt aan dit beleid getoetst.
Bestaande terrasinrichtingen die niet voldoen aan de in dit beleid opgenomen criteria, worden binnen de vergunningsperiode aangepast. De termijn die hiervoor wordt geboden, wordt in ieder besluit afzonderlijk opgenomen.
De ondernemer zorgt ervoor dat voor alle vaste objecten van zijn terras een omgevingsvergunning is verleend.
Als een nieuwe omgevingsvergunning is vereist dient de horecaondernemer daarvoor op de voorgeschreven wijze een aanvraag in.
Bij het indienen van een vergunningsaanvraag voegt de ondernemer een inrichtingsplan van het terras toe. Hierop zijn alle vaste objecten weergegeven. Op het inrichtingsplan zijn ook de ondergrondse kabels en leidingen weergegeven.
Ondertekening
Bijlage I. Overzichtstekeningen terrasgebieden in Doetinchem
1. Gebied met horecaconcentratie in stadscentrum: Grutstraat Omdraai Simonsplein Veemarkt Waterstraat |
2. Overig gebied stadscentrum / voetgangersgebied: Adelaarstraat Boliestraat Catharinastraat Catharinaplein Hamburgerstraat Heezenstraat Hoge Molenstraat Korte Kapoeniestraat Nieuwstad Synagogestraat Van Capellestraat De Veentjes Walstraat |
3. Overige gebieden binnen de bebouwde kom: Dr. Huber Noodtstraat Grotestraat (Wehl) Glazenmakerswegje Houtkampstraat Keppelseweg Potgieterstraat Raadhuisstraat Rozengaardseweg Rijksweg (Gaanderen) Terborgseweg Wijnbergseweg |
4. Overige terrassen: Ds. Van Dijkweg Keppelseweg (Wehl) Nieuwestraat (Wehl) Rekhemseweg Weemstraat (Wehl) |
Figuur 2. Gebied met horecaconcentratie - centrum Doetinchem en Veemarkt
Figuur 3. Overig gebied stadscentrum / voetgangersgebied
Figuur 4. Overige gebieden binnen de bebouwde kom
Figuur 5. Overige terrasgebieden
Bijlage II. Calamiteitenroute binnenstad Doetinchem
Bijlage III. Terrassen in de gemeente Doetinchem
Figuur 6. Terrassen in Doetinchem per 1 januari 2023
Bijlage IV. Legesverordening en precariobelasting
De tarieven voor leges en precariobelasting worden jaarlijks geïndexeerd. Deze bedragen veranderen dus elk jaar. Om een inschatting van de bedragen te geven, worden hieronder de bedragen voor het jaar 2024 benoemd.
Legesverordening
Voor de afgifte van een terrasvergunning wordt in de Legesverordening het volgende tarief toegepast: ‘Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verkrijgen van een terrasvergunning €129,20,-‘. (Tarieventabel 2024)
Voor het plaatsen van een reclamebord is geen afzonderlijke vergunning vereist, mits wordt voldaan aan de daarvoor geldende algemene regels.
Precariobelasting
Voor het gebruik van de openbare weg wordt jaarlijks precariobelasting in rekening gebracht. Hierbij worden drie soorten tarieven gehanteerd. Een tarief voor terrassen in de gebieden met horecaconcentratie, een tarief voor terrassen die gelegen zijn in het voetgangersgebied van de binnenstad en een tarief voor terrassen in de overige gebieden. Deze tarieven zullen jaarlijks worden aangepast aan het prijsindexcijfer.
De tarieven voor het jaar 2024 bedragen:
- •
terras in de gebieden met horecaconcentratie €31,95 per m2;
- •
terras overige deel in het voetgangersgebied €25,10 per m2;
- •
overige terrassen €19,20 per m2.
De tarieven worden vanaf 2031 (zie paragraaf 4.6) in rekening gebracht voor de periode van 1 januari tot en met 31 december.
Overige kosten
De bij de behandeling van een terrasaanvraag te maken overige kosten, zoals het doen van een ‘Klikmelding’ worden afzonderlijk in rekening gebracht.
Ditzelfde geldt voor de werkzaamheden die vanwege de gemeente moeten worden uitgevoerd voor de aanleg van voorzieningen voor een terras.
Omgevingsvergunning
Voor het plaatsen van vast terrasmeubilair is een omgevingsvergunning nodig. De legeskosten van het aanvragen van deze omgevingsvergunning bedragen in 2024 €600,-.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl