Regeling vervallen per 01-01-2015

Verordening burgerparticipatie Wet Maatschappelijke Ondersteuning

Geldend van 01-07-2007 t/m 31-12-2014

Intitulé

Verordening burgerparticipatie Wet Maatschappelijke Ondersteuning

De raad van de gemeente Sittard-Geleen,

gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 17 april 2007, gemeenteblad 2007, nummer 042

gelet op het bepaalde in artikel 150 van de Gemeentewet en op artikel 11 van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning

gelet op het raadsbreed aangenomen amendement

besluit:

vast te stellen de Verordening burgerparticipatie Wmo.

Artikel 1 - Begripsbepalingen

In deze Verordening wordt verstaan onder:

  • 1.

    Wmo: Wet Maatschappelijke Ondersteuning.

  • 2.

    Gemeente: gemeente Sittard-Geleen.

  • 3.

    College: college van Burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen.

  • 4.

    Gemeenteraad: gemeenteraad van Sittard-Geleen.

  • 5.

    Burgerparticipatie Wmo: de gestructureerde wijze waarop de gemeente de zelforganisaties van belanghebbenden betrekt in de beleidsvorming, uitvoering en evaluatie van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning.

  • 6.

    Wmo-Raad: de door het college en de gemeenteraad als zodanig erkende en in deze gemeente actief zijnde vertegenwoordigers van zelforganisaties van belanghebbenden op het gebied van de Wmo. Deze vertegenwoordigers worden voorgedragen door de zelforganisaties, en bestaat uit telkens 1 lid én 1 plaatsvervangend lid van de zelforganisaties als bedoeld in de bij deze verordening behorende lijst.

  • 7.

    Bestuur Wmo-raad: democratisch gekozen bestuur, uit de leden van de Wmo-raad, en bestaande uit: 4 vertegenwoordigers uit de al bestaande Adviesraden, te weten het Sociaal Overleg, de Adviesraad Ouderenbeleid, de Adviesraad Chronisch Zieken en Gehandicapten en het Platform Allochtonen Sittard-Geleen breed; en 4 vertegenwoordigers uit de leden van de zelforganisaties van belanghebbenden en 1 onafhankelijke voorzitter.

Artikel 2 - Doelstellingen

De burgerparticipatie Wmo heeft de volgende doelstellingen:

  • 1.

    het bewerkstelligen dat belanghebbenden bij de Wmo door zelforganisaties vanuit een onafhankelijke positie optimaal betrokken zijn bij voorbereiding, vaststelling, uitvoering en evaluatie van het Wmo-beleid.

  • 2.

    het bijdragen aan de totstandkoming en/of verbetering van het Wmo-beleid.

Artikel 3 - Beleidsterreinen

  • 1. Het gemeentelijk beleid met betrekking tot de Wmo bestaande uit:

    • a.

      Beleidsvoorbereiding;

    • b.

      Vaststelling;

    • c.

      Uitvoering;

    • d.

      Evaluatie.

Artikel 4 - Werkwijze

  • 1. In het kader van de burgerparticipatie Wmo vragen college en/of gemeenteraad de Wmo-Raad tijdig advies over alle voorgenomen besluiten, op een zodanige wijze dat de Wmo-Raad minimaal 6 weken heeft om advies uit te brengen. In spoedeisende gevallen wordt de reden van het spoedeisende karakter door het college of de gemeenteraad toegelicht. In spoedeisende gevallen zal het college en/of de gemeenteraad overleg plegen met de voorzitter en/of het bestuur van de Wmo-Raad.

  • 2. De Wmo-Raad is tevens gerechtigd uit eigen beweging advies uit te brengen aan het college en/of de gemeenteraad.

  • 3. Het advies van de Wmo-Raad wordt aan het college en de gemeenteraad aangeboden. In het geval dat het college in een voorstel aan de gemeenteraad afwijkt van dit advies, wordt tevens aangegeven op welke gronden van het advies van de Wmo-raad is afgeweken. De Wmo-Raad wordt terstond over het ingenomen standpunt geïnformeerd.

  • 4. Het college voorziet de Wmo-Raad tijdig van alle en begrijpelijke informatie, noodzakelijk om naar behoren te kunnen functioneren. Het betreft hier alle informatie die noodzakelijk is om beleid en uitvoering te begrijpen én om te kunnen reageren op plannen voor ontwikkelingen en wijzigingen. De informatie wordt desgevraagd digitaal aangeleverd, zodat deze in speciale leesvorm (braille, grootletterschrift, daisy-rom) kan worden omgezet.

  • 5. Tussen het college en het bestuur van de Wmo-Raad vindt minimaal 2 maal per jaar een structureel overleg plaats, waarvoor beide partijen kunnen agenderen.

  • 6. Tussen de gemeenteraad en de Wmo-raad vindt minimaal één maal per jaar structureel overleg plaats

  • 7. Tussen de gemeente en het bestuur van de Wmo-Raad vindt structureel ambtelijk overleg plaats, maximaal 12 maal per jaar, waarvoor beide partijen kunnen agenderen.

  • 8. Van overleg en afspraken met het bestuur van de Wmo-Raad doet het college binnen 10 werkdagen schriftelijke verslag aan de Wmo-Raad.

  • 9. Het college wijst een vaste contactambtenaar aan als aanspreekpunt voor het bestuur van de Wmo-Raad. De gemeente draagt tevens zorg voor de vergaderlocatie en plaatsing van de betreffende aankondigingen en bepaalde mededelingen op de gemeentelijke infopagina van het betreffende weekblad.

  • 10. De samenwerking tussen de gemeente en de Wmo-Raad wordt jaarlijks geëvalueerd.

Artikel 5 - Faciliteiten

  • 1. De gemeenteraad stelt aan de Wmo-Raad jaarlijks middelen ter beschikking, zoals deze ook aan andere adviesraden ter beschikking worden gesteld, zodat deze redelijkerwijze in staat kan worden geacht om in het kader van de uitvoering van deze verordening zijn taken naar behoren uit te voeren.

  • 2. Voor niet-reguliere activiteiten kan de Wmo-Raad bij het college een doel- of projectsubsidie aanvragen.

Artikel 6 - Slotbepalingen

  • 1. De Wmo-Raad heeft het recht om zelfstandig te beslissen aangaande de keuze van rechtspersoonlijkheid, de vast te stellen statuten en het huishoudelijk reglement.

  • 2. De onafhankelijke voorzitter wordt gekozen door de Wmo-Raad.

  • 3. De voorzitter van de Wmo-Raad is tevens voorzitter van het bestuur van de Wmo-Raad.

  • 4. Wanneer één of meerdere van de 4 bestaande adviesraden geen vertegenwoordiger afvaardigen in het bestuur van de Wmo-Raad, bepaalt de Wmo-Raad de invulling van deze vacante plaatsen.

  • 5. In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet met betrekking tot de Wmo beslist het college in overleg met het bestuur van de Wmo-Raad

  • 6. Beklag over de uitvoering van deze Verordening kan worden gedaan bij het college en de gemeenteraad.

  • 7. Deze verordening wordt aangehaald als Verordening burgerparticipatie Wmo.

  • 8. Deze verordening kan niet eenzijdig worden ingetrokken noch worden gewijzigd door het college en de raad dan nadat overleg heeft plaatsgevonden met het bestuur van de Wmo-Raad.

  • 9. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 juli 2007.

Ondertekening

Aldus besloten door de raad van de gemeente Sittard-Geleen in zijn vergadering van 31 mei 2007

De griffier
Drs F.T.H.A.Coenen
De voorzitter
Drs G.J.M.Cox

Bijlage 1

Lijst van zelforganisaties

De raad bestaat ondermeer uit representatieve vertegenwoordigers van de doelgroepen, zoals beschreven in § 1, lid 1 onder g van de Wmo, voorzover in de gemeente Sittard-Geleen in belangenorganisaties van:

  • ·

    mensen met lichamelijke beperking [LG]

  • ·

    mensen met een verstandelijke beperking [VG]

  • ·

    mensen met een chronische ziekte [CZ]

  • ·

    mensen met een psychische beperking [GGZ]

  • ·

    mensen met een zintuiglijke beperking [ZG]

  • ·

    ouderen

  • ·

    jongeren en ouders

  • ·

    dak- en thuislozen

  • ·

    verslaafden

  • ·

    vrouwenopvang

  • ·

    vrijwilligers en mantelzorgers

  • ·

    allochtonen

  • ·

    cliëntenraden

en andere belangenorganisaties die in aanraking [kunnen] komen met de Wmo. Ook kunnen individuele leden toetreden, die benoemd worden op basis van hun specifieke deskundigheid.