Besluit over het bindend adviesrecht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten, de participatie bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten en het delegeren van bepaalde taken onder de Omgevingswet

Geldend van 10-04-2024 t/m heden

Intitulé

Besluit over het bindend adviesrecht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten, de participatie bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten en het delegeren van bepaalde taken onder de Omgevingswet

De raad van de gemeente Twenterand;

gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders over het bindend adviesrecht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten, de participatie bij buitenplanse omgevingsactiviteiten en het delegeren van bepaalde taken onder de Omgevingswet;

gelet op artikel 2.8, artikel 4.14, lid 5, artikel 16.15a, onder b en artikel 16.55, lid 7, van de Omgevingswet;

besluit:

vast te stellen het volgende besluit over het bindend adviesrecht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten, de participatie bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten en het delegeren van bepaalde taken onder de Omgevingswet:

Artikel 1 Aanwijzing lijst van gevallen waarvoor een bindend advies is vereist

De volgende lijst van gevallen van een buitenplanse omgevingsactiviteit worden aangewezen als gevallen waarbij de gemeenteraad een bindend advies – gebaseerd op artikel 16.15a, onder b, van de Omgevingswet – geeft aan het college van burgemeester en wethouders:

  • a)

    Projecten voor het realiseren van meer dan 4 woningen/appartementen met daarbij behorende voorzieningen gelegen buiten de bebouwde kom, zoals nader is aangeduid in de bij dit besluit behorende bijlage bebouwde kom.

  • b)

    Projecten voor het realiseren van meer dan 11 woningen/appartementen met daarbij behorende voorzieningen gelegen binnen de bebouwde kom, zoals nader is aangeduid in de bij dit besluit behorende bijlage bebouwde kom.

  • c)

    Projecten voor het realiseren van antenne-installaties hoger dan 40 meter.

  • d)

    Projecten voor het realiseren of vergroten van een grootschalig zonneveld (groter dan 1 hectare) en/of een opstelling van windturbines (hoger dan 35 meter) gelegen buiten de bebouwde kom, zoals nader is aangeduid bij dit besluit behorende bijlage bebouwde kom.

  • e)

    Projecten voor het realiseren en/of vergroten van een installatie voor duurzame energie buiten de bebouwde kom, zoals nader is aangeduid in de bij dit besluit behorende bijlage bebouwde kom, én als een dergelijk project wordt gerealiseerd en/of vergroot buiten een geldend bouwvlak van een (agrarisch) bedrijf.

  • f)

    Projecten voor het wijzigen van de functie van onbebouwde gronden en/of het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde en/of gebouwen buiten de bebouwde kom, zoals nader is aangeduid in de bij dit besluit behorende bijlage bebouwde kom, én als een dergelijk project meer is dan 500 vierkante meter brutovloeroppervlakte, niet zijnde projecten voor het realiseren van woningen/appartementen.

  • g)

    De hierboven genoemde gevallen zijn niet van toepassing als een project in overeenstemming is met een door de gemeenteraad vastgesteld kader (zoals bijvoorbeeld een visie, beleidsnota) of als een project in strijd is met instructie(regel)s.

Artikel 2 Participatie bij buitenplanse omgevingsactiviteiten

Participatie van en overleg met derden, gebaseerd op artikel 16.55, lid 7, van de Omgevingswet, is verplicht voorafgaand voor elke aanvraag om een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit waarvoor het college van burgemeester en wethouders het bevoegd gezag is.

Artikel 3 Delegatie

De volgende bevoegdheden worden gedelegeerd aan het college van burgemeester en wethouders:

  • 1.

    Het vaststellen van delen van het omgevingsplan voor zover het gaat om:

    • 1.1.

      Het verwerken van onherroepelijke omgevingsvergunningen;

    • 2.1.

      Het verwerken van wijzigingen van juridisch-technische aard;

    • 3.1.

      Het verwerken van wijzigingen die noodzakelijk zijn als gevolg van hogere wet- of regelgeving;

    • 4.1.

      Het wijzigen van de plaats en richting van werkingsgebieden met maximaal 5 meter.

  • 2.

    Het nemen van een voorbereidingsbesluit.

Artikel 4 Bekendmaking en inwerkingtreding

Dit besluit wordt bekendgemaakt en treedt in werking de dag na bekendmaking.

Ondertekening

Vriezenveen, 5 maart

De raad voornoemd,

de griffier,

drs. M. Frensel

de voorzitter,

mr. J.C.F. Broekhuizen

Bijlage: Bebouwde kom (zalmkleurig gearceerd is binnen de bebouwde kom; daarbuiten is buiten de bebouwde kom)

afbeelding binnen de regeling