Verordening fysieke leefomgeving Laren 2023

Geldend van 03-04-2026 t/m heden

Intitulé

Verordening fysieke leefomgeving Laren 2023

De raad van de gemeente Laren:

gelezen het voorstel d.d. 31 oktober 2023 van het college van burgemeester en wethouders over Verordening fysieke leefomgeving Laren 2023 en wijziging APV Laren 2023;

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet, de artikelen 2.21, eerste en tweede lid, en 3.148, tweede lid, van het Activiteitenbesluit milieubeheer juncto artikel 8.2.2 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, artikel 10.32a van de Wet milieubeheer juncto artikel 4.6, eerste lid, onder f van de Invoeringswet Omgevingswet, artikel 3.16 van de Erfgoedwet en artikel 2a van de van de Wegenverkeerswet 1994;

BESLUIT:

De Verordening Fysieke Leefomgeving Laren 2023 vast te stellen.

Verordening fysieke leefomgeving Laren 2023

INHOUD

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1.1 Begripsbepalingen

Artikel 1.2 Toepassingsbereik

Artikel 1.3 Doel van deze verordening

Artikel 1.4 Wijze van meten

Artikel 1.5 Meest recente versie

Hoofdstuk 2 Aanwijzingen in de fysieke leefomgeving [vervallen]

Afdeling 2.1 Bebouwde kom

Artikel 2.1 Bebouwde kom

Afdeling 2.2 Cultureel erfgoed

Paragraaf 2.2.1 Gemeentelijk erfgoedregister

Artikel 2.2 Gemeentelijk erfgoedregister

Paragraaf 2.2.2 De aanwijzing tot beschermd gemeentelijk monument

Artikel 2.3 De aanwijzing tot beschermd gemeentelijk monument

Artikel 2.4 Termijn aanwijzingsbesluit

Artikel 2.5 Bekendmaking en registratie

Artikel 2.6 Wijzigen van de aanwijzing

Artikel 2.7 Intrekken en vervallen van de aanwijzing

Paragraaf 2.2.3 De aanwijzing tot gemeentelijk beschermd dorpsgezicht

Artikel 2.8 De aanwijzing tot gemeentelijk beschermd dorpsgezicht

Artikel 2.9 Termijn aanwijzingsbesluit en registratie in erfgoedregister

Artikel 2.10 Wijziging, intrekking en vervallen van de aanwijzing als gemeentelijk beschermd dorpsgezicht

Hoofdstuk 3 Activiteiten in de fysieke leefomgeving

Afdeling 3.1 Inleidende bepalingen

Paragraaf 3.1.1 Algemene bepalingen

Artikel 3.1 Toepassingsbereik

Artikel 3.2 Normadressaat

Artikel 3.3 Specifieke zorgplicht

Artikel 3.4 [Gereserveerd]

Paragraaf 3.1.2 Bepalingen ten aanzien van vergunningen en ontheffingen

Artikel 3.5 [vervallen]

Artikel 3.6 [vervallen]

Artikel 3.7 [vervallen]

Artikel 3.8 [vervallen]

Artikel 3.9 [vervallen]

Artikel 3.10 [vervallen]

Artikel 3.11 [vervallen]

Afdeling 3.2 Bouwactiviteiten, aanlegactiviteiten, sloopactiviteiten

Paragraaf 3.2.1 Graven, kabels en leidingen

Artikel 3.12 [vervallen]

Artikel 3.13 [vervallen]

Artikel 3.14 [vervallen]

Artikel 3.15 [vervallen]

Artikel 3.16 [vervallen]

Artikel 3.17 [vervallen]

Artikel 3.18 [vervallen]

Artikel 3.19 [vervallen]

Artikel 3.20 [vervallen]

Artikel 3.21 [vervallen]

Artikel 3.22 [vervallen]

Artikel 3.23 [vervallen]

Afdeling 3.3 Milieubelastende activiteiten

Paragraaf 3.3.1 Festiviteiten en geluidhinder

Artikel 3.24 [vervallen]

Artikel 3.25 [vervallen]

Artikel 3.26 [vervallen]

Artikel 3.27 [vervallen]

Artikel 3.28 [vervallen]

Paragraaf 3.3.2 Overige milieubelastende activiteiten

Artikel 3.29 [vervallen]

Artikel 3.30 [vervallen]

Afdeling 3.4 Activiteiten op of bij wegen of bij wateren in beheer bij de gemeente of op openbare plaatsen

Paragraaf 3.4.1 Bepalingen met betrekking tot ligplaatsen

Artikel 3.31 [vervallen]

Artikel 3.32 [vervallen]

Artikel 3.33 [vervallen]

Artikel 3.34 [vervallen]

Artikel 3.35 [vervallen]

Paragraaf 3.4.2 Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen

Artikel 3.36 [vervallen]

Artikel 3.37 [vervallen]

Artikel 3.38 [vervallen]

Artikel 3.39 [vervallen]

Artikel 3.40 [vervallen]

Artikel 3.41 [vervallen]

Artikel 3.42 [vervallen]

Paragraaf 3.4.3 Oplaadinfrastructuur

Artikel 3.43 [vervallen]

Paragraaf 3.4.4 Dorpsschoon en handelsreclame

Artikel 3.44 [vervallen]

Artikel 3.45 Parkeren van reclamevoertuigen

Paragraaf 3.4.5 Voertuigen

Artikel 3.46 Voertuigen van autobedrijf en dergelijke

Artikel 3.47 Te koop aanbieden van voertuigen

Artikel 3.48 Defecte voertuigen

Artikel 3.49 Voertuigwrakken

Artikel 3.50 Kampeermiddelen en andere voertuigen

Artikel 3.51 Grote voertuigen

Artikel 3.52 Parkeren van uitzichtbelemmerende voertuigen

Artikel 3.53 Parkeren van voertuigen met stank verspreidende stoffen

Artikel 3.54 [vervallen]

Artikel 3.55 [vervallen]

Paragraaf 3.4.6 Kampeermiddelen

Artikel 3.56 [vervallen]

Artikel 3.57 [vervallen]

Paragraaf 3.4.7 Standplaatsen

Artikel 3.58 [vervallen]

Artikel 3.59 [vervallen]

Artikel 3.60 [vervallen]

Paragraaf 3.4.8 Crossterreinen en gemotoriseerd en ruiterverkeer in natuurgebieden

Artikel 3.61 [vervallen]

Artikel 3.62 [vervallen]

Paragraaf 3.4.9 Afvoer hemelwater

Artikel 3.63 [vervallen]

Artikel 3.64 [vervallen]

Artikel 3.65 [vervallen]

Artikel 3.66 [vervallen]

Artikel 3.67 [vervallen]

Afdeling 3.5 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed

Artikel 3.68 [vervallen]

Artikel 3.68A [vervallen]

Artikel 3.69 [vervallen]

Afdeling 3.6 Activiteiten met betrekking tot planten

Paragraaf 3.6.1 Bewaren van houtopstanden

Artikel 3.70 [vervallen]

Artikel 3.71 [vervallen]

Artikel 3.72 [vervallen]

Artikel 3.73 [vervallen]

Artikel 3.74 [vervallen]

Artikel 3.74A [vervallen]

Artikel 3.75 [vervallen]

Artikel 3.76 [vervallen]

Artikel 3.77 [vervallen]

Artikel 3.78 [vervallen]

Hoofdstuk 4 Beheer en onderhoud [vervallen]

Afdeling 4.1 Oplaadinfrastructuur

Artikel 4.1 Oplaadinfrastructuur [Gereserveerd]

Afdeling 4.2 Overige bepalingen

Artikel 4.2 Toestand van sloten en andere wateren en niet openbare riolen en putten buiten gebouwen

Hoofdstuk 5 Procedureregels [vervallen]

Afdeling 5.1 Voorbereiding van besluiten

Artikel 5.1 Waardestellend onderzoek beschermd gemeentelijk monument

Afdeling 5.2 Advies

Paragraaf 5.2.1 Advies bij aanwijzing beschermd gemeentelijk monument

Artikel 5.2 Advies bij aanwijzing beschermd gemeentelijk monument

Paragraaf 5.2.2 Advies bij aanwijzing gemeentelijk beschermd dorpsgezicht

Artikel 5.3 Advies bij aanwijzing gemeentelijk beschermd dorpsgezicht

Paragraaf 5.2.3 Advies bij omgevingsvergunning monument

Artikel 5.4 Advies bij omgevingsvergunning monument

Afdeling 5.3 Overige bepalingen

Artikel 5.5 [Gereserveerd]

Hoofdstuk 6 Toezicht en handhaving

Artikel 6.1 Toezichthouders

Artikel 6.2 Strafbaarstelling

Hoofdstuk 7 Overgangsrecht [vervallen]

Artikel 7.1 Overgangsrecht

Hoofdstuk 8 Slotbepalingen

Artikel 8.1 Nadere regels

Artikel 8.2 Intrekken verordeningen

Artikel 8.3 Inwerkingtreding

Artikel 8.4 Citeertitel

Bijlage 1. Begrippenlijst

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1.1 Begripsbepalingen

Bijlage 1 bij deze verordening bevat de algemene begripsbepalingen voor de toepassing van deze verordening.

Artikel 1.2 Toepassingsbereik

  • 1. Deze verordening gaat over:

    • a.

      de fysieke leefomgeving en;

    • b.

      activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving.

  • 2. De fysieke leefomgeving omvat in ieder geval:

    • a.

      bouwwerken;

    • b.

      infrastructuur;

    • c.

      watersystemen;

    • d.

      water;

    • e.

      bodem;

    • f.

      lucht;

    • g.

      landschappen;

    • h.

      natuur;

    • i.

      cultureel erfgoed;

    • j.

      werelderfgoed.

  • 3. Als gevolgen voor de fysieke leefomgeving worden in ieder geval aangemerkt gevolgen die kunnen voortvloeien uit:

    • a.

      het wijzigen van onderdelen van de fysieke leefomgeving of het gebruik daarvan;

    • b.

      het gebruik van natuurlijke hulpbronnen;

    • c.

      activiteiten waardoor emissies, hinder of risico’s worden veroorzaakt;

    • d.

      het nalaten van activiteiten.

  • 4. Als gevolgen voor de fysieke leefomgeving worden ook aangemerkt gevolgen voor de mens, voor zover deze wordt, of kan worden beïnvloed door of via onderdelen van de fysieke leefomgeving.

Artikel 1.3 Doel van deze verordening

Deze verordening is, met het oog op duurzame ontwikkeling, de bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het leefmilieu gericht op het in onderlinge samenhang;

  • a. bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit, ook vanwege de intrinsieke waarde van de natuur, en

  • b. doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften.

Artikel 1.4 Wijze van meten

[Gereserveerd]

Artikel 1.5 Meest recente versie

Bij het toepassen van artikelen uit deze verordening die verwijzen naar documenten buiten deze verordening, wordt steeds uitgegaan van de meest recente versie van die documenten, tenzij anders is aangegeven.

Hoofdstuk 2 Aanwijzingen in de fysieke leefomgeving

[vervallen]

Hoofdstuk 3 Activiteiten in de fysieke leefomgeving

Afdeling 3.1 Inleidende bepalingen

Paragraaf 3.1.1 Algemene bepalingen

Artikel 3.1 Toepassingsbereik

Dit hoofdstuk gaat over activiteiten met gevolgen voor de fysieke leefomgeving.

Artikel 3.2 Normadressaat

Aan dit hoofdstuk wordt voldaan door degene die de activiteit verricht, tenzij anders bepaald. Diegene draagt zorg voor de naleving van de regels over de activiteit.

Artikel 3.3 Specifieke zorgplicht

Degene die een activiteit verricht als bedoeld in dit hoofdstuk en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de doelen, met het oog waarop de regels in de betreffende paragraaf zijn gesteld, is verplicht:

  • a. alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen;

  • b. voor zover deze niet kunnen worden voorkomen: die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken; en

  • c. als die gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt: die activiteit achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van diegene kan worden gevraagd.

Artikel 3.4

[Gereserveerd]

Paragraaf 3.1.2 Bepalingen ten aanzien van vergunningen en ontheffingen

Artikel 3.5 Beslistermijn

[vervallen]

Artikel 3.6 Voorschriften en beperkingen

[vervallen]

Artikel 3.7 Persoonlijk karakter van vergunning of ontheffing

[vervallen]

Artikel 3.8 Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing

[vervallen]

Artikel 3.9 Termijnen

[vervallen]

Artikel 3.10 Weigeringsgronden

[vervallen]

Artikel 3.11

[vervallen]

Afdeling 3.2 Bouwactiviteiten, aanlegactiviteiten, sloopactiviteiten

Paragraaf 3.2.1 Graven, kabels en leidingen

Artikel 3.12

[vervallen]

Artikel 3.13

[vervallen]

Artikel 3.14

[vervallen]

Artikel 3.15

[vervallen]

Artikel 3.16

[vervallen]

Artikel 3.17

[vervallen]

Artikel 3.18

[vervallen]

Artikel 3.19

[vervallen]

Artikel 3.20

[vervallen]

Artikel 3.21

[vervallen]

Artikel 3.22

[vervallen]

Artikel 3.23

[vervallen]

Afdeling 3.3 Milieubelastende activiteiten

Paragraaf 3.3.1 Festiviteiten en geluidhinder

Artikel 3.24 Begripsbepaling

[vervallen]

Artikel 3.25 Aanwijzing collectieve festiviteiten

[vervallen]

Artikel 3.26 Melding incidentele festiviteiten

[vervallen]

Artikel 3.27 Geluidhinder in de openlucht

[vervallen]

Artikel 3.28 Overige geluidhinder

[vervallen]

Paragraaf 3.3.2 Overige milieubelastende activiteiten

Artikel 3.29 Opslag voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen en dergelijke

[vervallen]

Artikel 3.30 Oplaten van ballonnen

[vervallen]

Afdeling 3.4 Activiteiten op of bij wegen of bij wateren in beheer bij de gemeente of op openbare plaatsen

Paragraaf 3.4.1 Bepalingen met betrekking tot ligplaatsen

Artikel 3.31

[vervallen]

Artikel 3.32

[vervallen]

Artikel 3.33

[vervallen]

Artikel 3.34

[vervallen]

Artikel 3.35

[vervallen]

Paragraaf 3.4.2 Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen

Artikel 3.36 Voorwerpen op of aan een openbare plaats

[vervallen]

Artikel 3.37 Afbakeningsbepalingen en uitzonderingen

[vervallen]

Artikel 3.38 Vrij te stellen categorieën

[vervallen]

Artikel 3.39 (Omgevings)vergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg

[vervallen]

Artikel 3.40 Maken of veranderen van een uitweg

[vervallen]

Artikel 3.41 Hinderlijke beplanting of gevaarlijk voorwerp

[vervallen]

Artikel 3.42 Voorzieningen voor verkeer en verlichting

[vervallen]

Paragraaf 3.4.3 Oplaadinfrastructuur

Artikel 3.43 Oplaadinfrastructuur

[vervallen]

Paragraaf 3.4.4 Dorpsschoon en handelsreclame

Artikel 3.44 Verbod hinderlijke of gevaarlijke reclame

[vervallen]

Artikel 3.45 Parkeren van reclamevoertuigen

  • 1. Het is niet toegestaan een voertuig dat is voorzien van een aanduiding van handelsreclame op de weg te parkeren met het kennelijk doel om daarmee handelsreclame te maken.

  • 2. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod.

  • 3. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Paragraaf 3.4.5 Voertuigen

Artikel 3.46 Voertuigen van autobedrijf en dergelijke

  • 1. Onder verhuren als bedoeld in dit artikel wordt mede verstaan:

    • a.

      het gebruiken van een voertuig voor het geven van lessen; of

    • b.

      het gebruiken van een voertuig voor het vervoeren van personen tegen betaling.

  • 2. Tot de voertuigen als bedoeld in dit artikel worden niet gerekend:

    • a.

      voertuigen waaraan herstel- of onderhoudswerkzaamheden worden verricht die in totaal niet langer dan een uur duren, voor zo lang als die werkzaamheden duren; of

    • b.

      voertuigen voor persoonlijk gebruik van de persoon als bedoeld in het derde lid.

  • 3. Het is niet toegestaan voor de persoon die er zijn bedrijf, nevenbedrijf of gewoonte van maakt om voertuigen te stallen, te herstellen, te slopen, te verhuren of te verhandelen om:

    • a.

      drie of meer voertuigen die aan hem toebehoren of zijn toevertrouwd op de weg te parkeren binnen een straal van 100 meter van een van deze voertuigen;

    • b.

      de weg als werkplaats voor voertuigen te gebruiken.

  • 4. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod.

  • 5. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Artikel 3.47 Te koop aanbieden van voertuigen

  • 1. Het is niet toegestaan een voertuig op een door het college aangewezen weg te parkeren met het kennelijke doel het te koop aan te bieden of te verhandelen.

  • 2. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod.

  • 3. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Artikel 3.48 Defecte voertuigen

Een voertuig waarmee niet kan of mag worden gereden door gebreken die niet eenvoudig te verhelpen zijn, mag niet langer dan drie achtereenvolgende dagen op de weg worden geparkeerd.

Artikel 3.49 Voertuigwrakken

  • 1. Het is niet toegestaan om een voertuig dat rijtechnisch onvoldoende is onderhouden en dat in een kennelijk verwaarloosde toestand verkeert op de weg te parkeren.

  • 2. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens de Wet milieubeheer of het Besluit activiteiten leefomgeving.

Artikel 3.50 Kampeermiddelen en andere voertuigen

  • 1. Het is niet toegestaan een kampeerwagen, caravan, magazijnwagen, keetwagen, aanhangwagen of ander voertuig dat voor recreatie of anderszins voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt:

    • a.

      langer dan op drie achtereenvolgende dagen zonder wezenlijke tijdsonderbreking binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben;

    • b.

      op een door het college aangewezen plaats te parkeren, waar dit volgens het college schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente.

  • 2. Het college kan plaatsen of tijden aanwijzen waar, respectievelijk gedurende welke tijd het bepaalde in het eerste lid, aanhef en onder a, niet van toepassing is.

  • 3. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder a.

  • 4. Het eerste lid is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de provinciale omgevingsverordening.

Artikel 3.51 Grote voertuigen

  • 1. Het is niet toegestaan een voertuig te parkeren dat inclusief de lading een lengte heeft van meer dan 6 meter of een hoogte van meer dan 2,4 meter.

  • 2. Het verbod geldt niet voor de door het college aangewezen weggedeelten en/of tijdstippen.

  • 3. Het verbod is ook niet van toepassing op campers, kampeerauto’s, caravans en kampeerwagens, die niet langer dan drie achtereenvolgende dagen op de weg worden geplaatst of gehouden.

  • 4. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod.

  • 5. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Artikel 3.52 Parkeren van uitzichtbelemmerende voertuigen

  • 1. Het is niet toegestaan een voertuig dat inclusief de lading een lengte heeft van meer dan 6 meter of een hoogte van meer dan 2,4 meter, op de weg te parkeren bij een gebouw dat gebruikt wordt voor bewoning of ander dagelijks gebruik op een manier dat daardoor het uitzicht van de bewoners of gebruikers vanuit dat gebouw op een hinderlijke manier wordt verstoord of zij op een andere manier hinder of overlast ervaren.

  • 2. Het verbod is niet van toepassing gedurende de tijd die nodig is en gebruikt wordt voor het uitvoeren van werkzaamheden waarvoor de aanwezigheid van het voertuig ter plaatse nodig is.

Artikel 3.53 Parkeren van voertuigen met stank verspreidende stoffen

  • 1. Het is niet toegestaan een voertuig met stank verspreidende stoffen daar te parkeren waar bewoners of gebruikers van nabijgelegen gebouwen of terreinen daarvan hinder of overlast kunnen ondervinden.

  • 2. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens het Besluit activiteiten leefomgeving of het Omgevingsplan.

Artikel 3.54 Aantasting groenvoorzieningen door voertuigen

[vervallen]

Artikel 3.55 Overlast van fietsen of bromfietsen

[vervallen]

Paragraaf 3.4.6 Kampeermiddelen

Artikel 3.56 Recreatief nachtverblijf buiten kampeerterreinen

[vervallen]

Artikel 3.57 Aanwijzing kampeerplaatsen

[vervallen]

Paragraaf 3.4.7 Standplaatsen

Artikel 3.58 Definitie

[vervallen]

Artikel 3.59 Standplaatsvergunning en weigeringsgronden

[vervallen]

Artikel 3.60 Toestemming rechthebbende

[vervallen]

Paragraaf 3.4.8 Crossterreinen en gemotoriseerd en ruiterverkeer in natuurgebieden

Artikel 3.61 Crossterreinen

[vervallen]

Artikel 3.62 Beperking verkeer in natuurgebieden

[vervallen]

Paragraaf 3.4.9 Afvoer hemelwater

Artikel 3.63 Lozingsverbod hemelwater

[vervallen]

Artikel 3.64

[vervallen]

Artikel 3.65

[vervallen]

Artikel 3.66

[vervallen]

Artikel 3.67

[vervallen]

Afdeling 3.5 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed

Artikel 3.68 Verbodsbepalingen en vergunning beschermd gemeentelijk monument

[vervallen]

Artikel 3.68A Voorbescherming

[vervallen]

Artikel 3.69 Verbodsbepaling en aanvraag vergunning gemeentelijk beschermd dorpsgezicht

[vervallen]

Afdeling 3.6 Activiteiten met betrekking tot planten

Paragraaf 3.6.1 Bewaren van houtopstanden

Artikel 3.70 Begripsbepaling

[vervallen]

Artikel 3.71 Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden

[vervallen]

Artikel 3.72 Aanvraag vergunning

[vervallen]

Artikel 3.73 Weigeringsgronden

[vervallen]

Artikel 3.74 Bijzondere vergunningsvoorschriften

[vervallen]

Artikel 3.74A Meldplicht

[vervallen]

Artikel 3.75 Herplant-/instandhoudingsplicht

[vervallen]

Artikel 3.76 Schadevergoeding

[vervallen]

Artikel 3.77 Bestrijding van boomziekten

[vervallen]

Artikel 3.78 Afstandsgrenzen van bomen, heesters en heggen

[vervallen]

Hoofdstuk 4 Beheer en onderhoud

[vervallen]

Hoofdstuk 5 Procedureregels

[vervallen]

Hoofdstuk 6 Toezicht en handhaving

Artikel 6.1 Toezichthouders

Behoudens het bepaalde in artikel 18.6 van de Omgevingswet, zijn met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening de toezichthouders belast die bij besluit van het college dan wel de burgemeester zijn aangewezen.

Artikel 6.2 Strafbaarstelling

  • 1. Overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening en de op grond van artikel 3.6 daarbij gegeven voorschriften en beperkingen wordt gestraft met een hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie.

  • 2. Het eerste lid is niet van toepassing als in het onderwerp is voorzien door de Wet op de economische delicten.

Hoofdstuk 7 Overgangsrecht

[vervallen]

Hoofdstuk 8 Slotbepalingen

Artikel 8.1 Nadere regels

Het college is bevoegd ter uitvoering van het bepaalde in deze verordening nadere regels vast te stellen.

Artikel 8.2 Intrekken verordeningen

  • 1. De Monumentenverordening Laren 2012 wordt ingetrokken.

  • 2. De Verordening op de afvoer van hemelwater Laren wordt ingetrokken.

Artikel 8.3 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op het tijdstip dat de eerste wijziging van het Omgevingsplan Laren in werking treedt.

Artikel 8.4 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald “Verordening fysieke leefomgeving Laren 2023, eerste wijziging”

Bijlagen bij de Verordening fysieke leefomgeving Laren

Ondertekening

Vastgesteld door de raad in zijn openbare vergadering van 20 december 2023.

mw. E. Boers

griffier a.i.

drs. N. Mol

voorzitter

Bijlage 1. Begrippenlijst

  • 1.

    [vervallen]

  • 2.

    Bebouwde kom: het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994;

  • 3.

    [vervallen]

  • 4.

    [vervallen]

  • 5.

    [vervallen]

  • 6.

    [vervallen]

  • 7.

    [vervallen]

  • 8.

    [vervallen]

  • 9.

    [vervallen]

  • 10.

    College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Laren;

  • 11.

    [vervallen]

  • 12.

    [vervallen]

  • 13.

    [vervallen]

  • 14.

    [vervallen]

  • 15.

    [vervallen]

  • 16.

    Handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen en/of diensten, waarmee kennelijk wordt beoogd een commercieel belang te dienen;

  • 17.

    [vervallen]

  • 18.

    [vervallen]

  • 19.

    [vervallen]

  • 20.

    [vervallen]

  • 21.

    [vervallen]

  • 22.

    [vervallen]

  • 23.

    Motorvoertuig: dat wat daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

  • 24.

    [vervallen]

  • 25.

    [vervallen]

  • 26.

    [vervallen]

  • 27.

    Openbare plaats: dat wat daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties;

  • 28.

    Openbare ruimte: een plaats die krachtens de bestemming of vast gebruik openstaat voor het publiek, met uitzondering van gebouwen of besloten plaatsen als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de Grondwet;

  • 29.

    Openbare weg: openbare weg als bedoeld in de Wegenwet;

  • 30.

    Parkeren: dat wat daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

  • 31.

    [vervallen]

  • 32.

    [vervallen]

  • 33.

    [vervallen]

  • 34.

    [vervallen]

  • 35.

    [vervallen]

  • 36.

    Voertuig: dat wat daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van kleine wagens zoals kruiwagens en kinderwagens, en rolstoelen;

  • 37.

    Weg: dat wat daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994.