Verordening op de heffing en invordering van liggeld pleziervaartuigen Maassluis 2024

Geldend van 01-01-2024 t/m heden

Intitulé

Verordening op de heffing en invordering van liggeld pleziervaartuigen Maassluis 2024

De Raad van de gemeente Maassluis;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 5 december 2023 tot het vaststellen van de tarieven belastingen en heffingen 2024, zaaknummer 576976;

gelet op het bepaalde in artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b van de Gemeentewet;

besluit:

vast te stellen de volgende verordening:

Verordening op de heffing en invordering van liggeld pleziervaartuigen Maassluis 2024

(Verordening liggeld pleziervaartuigen Maassluis 2024)

Artikel 1. Belastbaar feit

Onder de naam liggeld pleziervaartuigen wordt een recht geheven terzake van

  • -

    het gebruik overeenkomstig de bestemming met een pleziervaartuig of woonschip van voor de openbare dienst bestemde gemeentewateren in de binnen- en buitenhaven en de vlieten alsmede

  • -

    van voor de openbare dienst bestemde werken of inrichtingen, die bij de gemeente in beheer of onderhoud zijn alsook

  • -

    het genot van diensten door het gemeentebestuur met betrekking tot een pleziervaartuig of woonschip verstrekt.

Artikel 2. Begripsbepalingen

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    Doorvaart: een pleziervaartuig of woonschip dat de Maassluise haven doorkruist en binnen 1 dag weer verlaat;

  • b.

    Liggeld: het liggeld pleziervaartuigen als bedoeld in artikel 1;

  • c.

    Haven: de wateren binnen de gemeente Maassluis, die voor de scheepvaart open staan en voor de openbare dienst bestemde kaden, aanlegsteigers, meerpalen, boeien en andere soortgelijke werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of onderhoud zijn;

  • d.

    Vlieten:

    • 1.

      het openbaar water van de Noordvliet en Zuidvliet ten noorden van de P.C. Hooftlaan tot aan de grens met de gemeente Midden-Delfland;

    • 2.

      het openbaar water van de Noordvliet ten zuiden van de P.C. Hooftlaan tot aan de Monstersche Sluis.

  • e.

    Pleziervaartuig: een vaartuig dat is bestemd voor de pleziervaart met een bootlengte van minimaal 2,5 meter en maximaal 11 meter, al dan niet uitsluitend of mede door mechanische kracht voort te bewegen met uitsluiting van

    • 1.

      Rubberen boten, kano’s, kajaks, vlotten, zeil- en surfplanken en soortgelijke drijvende voorwerpen;

    • 2.

      een pleziervaartuig dat tijdelijk of blijvend de mogelijkheid en/of de geschiktheid heeft verloren om te varen of te drijven en;

    • 3.

      een pleziervaartuig dat in aanbouw is en casco’s.

  • f.

    Schip: elk vaartuig met inbegrip van een watervliegtuig, een draagvleugelboot, een luchtkussenvoertuig, een boorinstallatie, een werkeiland of soortgelijk object, een baggermolen, een drijvende kraan, een elevator, een ponton, een drijvend werktuig, een drijvend voorwerp of een drijvende inrichting;

  • g.

    Gebruik van de haven: het in artikel 1 bedoelde gebruik van voor de openbare dienst bestemde gemeentewateren alsmede van voor de openbare dienst bestemde werken of inrichtingen;

  • h.

    Gemeentewateren: de wateren die binnen de grenzen van de gemeente Maassluis zijn gelegen en die de binnen- en buitenhaven omvatten;

  • i.

    Jaarligplaats: een ligplaats in de haven van 1 januari tot en met 31 december;

  • j.

    Ligplaats: een plaats in de vlieten van 1 mei tot en met 30 april;

  • k.

    Passantensteiger: de door het college aangewezen steiger gelegen in de haven en bestemd voor het gebruik door pleziervaartuigen of woonschepen;

  • l.

    Box: een ligplaats aan een steiger;

  • m.

    Passanten: pleziervaartuigen of woonschepen die zich korter dan 14 dagen in de haven bevinden;

  • n.

    Woonschip: een schip, uitsluitend of in hoofdzaak als woning gebezigd of tot woning bestemd;

  • o.

    Tabel: de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende tarieventabel;

  • p.

    Termijn: een in de tabel genoemde tijdsduur waarin het gebruik van de haven of de vlieten plaatsvindt;

  • q.

    Vaarseizoen: dat deel van het kalenderjaar dat loopt van 16 april tot 16 oktober;

  • r.

    Winterligplaats: een plaats in de haven buiten het vaarseizoen;

  • s.

    Zomerligplaats: een plaats in de haven binnen het vaarseizoen.

Artikel 3. Belastingplicht

Belastingplichtig is de schipper, de reder, de eigenaar van het pleziervaartuig of woonschip, degene aan wie het pleziervaartuig of woonschip in gebruik is gegeven of degene die als vertegenwoordiger van één van dezen optreedt.

Artikel 4. Maatstaf van heffing en tarieven

De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel en met inachtneming van het bepaalde in artikel 6; de bedoelde tarieven omvatten:

  • -

    tarief per overnachting

  • -

    tarief winterligplaats

  • -

    tarief zomerligplaats

  • -

    tarief jaarligplaats

  • -

    tarief ligplaats vlieten

Artikel 5A. Tarieventoepassing m.b.t. de haven en steiger

  • a.

    het liggeld voor een ligplaats aan een steiger wordt geheven per box;

  • b.

    het liggeld voor een ligplaats aan een kademuur wordt, met betrekking tot een zomer-, winter-, of jaarligplaats, geheven naar de oppervlakte van het pleziervaartuig of woonschip, uitgedrukt in vierkante meters;

  • c.

    in het geval de afmetingen van het pleziervaartuig van een passant of woonschip te groot zijn om gebruik te kunnen maken van een box, wordt een ligplaats aan de kademuur toegewezen. In dat geval wordt het liggeld geheven naar de lengte van het pleziervaartuig of woonschip, uitgedrukt in meters;

  • d.

    Voor de toepassing van de tarieven wordt:

    • De oppervlakte van een pleziervaartuig gesteld op het product van de lengte over alles en de grootste breedte, zoals deze blijken uit de bij het pleziervaartuig behorende meetbrief;

    • De lengte van een pleziervaartuig gesteld op de lengte zoals die blijkt uit de bij het pleziervaartuig behorende meetbrief;

    • Een gedeelte van een eenheid van oppervlakte of lengte niet in aanmerking genomen;

  • e.

    Indien geen meetbrief wordt overgelegd, wordt bij de toepassing van de tarieven de lengte c.q. oppervlakte ambtshalve bepaald;

  • f.

    Een box mag maximaal door één pleziervaartuig of woonschip tegelijkertijd worden gebruikt.

Artikel 5B Tarieventoepassing m.b.t. ligplaatsen in de vlieten

  • a.

    het liggeld voor een ligplaats in de vlieten wordt gegeven per jaar, van 1 mei tot en met 30 april. Na betaling wordt er een ligplaatssticker afgegeven;

  • b.

    het liggeld voor een ligplaats in de vlieten wordt op basis van de lengte van een ligplaats geheven, respectievelijk 9 of 12 meter;

  • c.

    voor het innemen van een ligplaats op de noord- en zuidvliet geldt een vergunningsplicht. Zonder geldige vergunning en geldige ligplaatssticker mag er geen ligplaats in de vlieten ingenomen worden.

Artikel 6. Vrijstellingen

Liggeld pleziervaartuigen wordt niet geheven terzake van:

Het gebruik van de haven:

  • a.

    Met een pleziervaartuig in directe dienst van een gemeente of ander openbaar lichaam;

  • b.

    Met een pleziervaartuig of woonschip waarvan het gebruik van de haven zich uitsluitend beperkt tot een doorvaart van of naar een van de jachthavens of van of naar een wateroppervlak binnen deze gemeente waarvoor door de gemeente bij overeenkomst een vergoeding is bedongen;

  • c.

    Met een pleziervaartuig van ondergeschikte betekenis, zoals een roeiboot en een kano.

Artikel 7. Verschuldigdheid

Het liggeld is verschuldigd tussen het tijdstip van aankomst om 12.00 uur dat van de haven gebruik wordt gemaakt tot de dag van vertrek, 12.00 uur.

Indien het pleziervaartuig niet vóór 12.00 uur is vertrokken, is opnieuw liggeld verschuldigd.

Artikel 8. Wijze van heffing en tijdstip van betaling

  • 1. Indien een jaarligplaats of een ligplaats is aangewezen wordt het liggeld geheven bij wijze van aanslag;

  • 2. Voor elke situatie anders dan omschreven onder lid 1 wordt het liggeld geheven bij wege van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waaronder mede wordt begrepen een nota of andere schriftuur.

  • 3. Indien het liggeld wordt geheven bij wege van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving als bedoeld in lid 2 dient betaling middels een pinbetaling plaats te vinden.

Artikel 9. Tijdstip van betaling

  • 1. In afwijking van artikel 9 eerste lid van de Invorderingswet 1990 moet het liggeld worden betaald, ingeval een schriftelijke kennisgeving wordt uitgereikt: op het moment van het uitreiken van de kennisgeving;

  • 2. In afwijking van artikel 9 eerste lid van de Invorderingswet moet het liggeld worden betaald ingeval een aanslag wordt toegezonden: binnen een maand na de dagtekening.

  • 3. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in voorgaande leden gestelde termijnen.

Artikel 10. Herhaald gebruik binnen termijn; verlenging termijn

  • 1. Indien met een pleziervaartuig binnen de termijn meer dan één maal gebruik van de haven wordt gemaakt, geldt als tijdstip, bedoeld in artikel 7, uitsluitend het tijdstip waarop het eerste gebruik van de haven binnen de termijn een aanvang neemt.

  • 2. Indien het gebruik van de haven met een pleziervaartuig wordt voortgezet nadat de termijn is verstreken, vangt een nieuwe termijn aan en neemt met betrekking tot de laatstbedoelde termijn het gebruik van de haven opnieuw een aanvang.

Artikel 11. Kwijtschelding en restitutie

  • 1. Op geheven liggeld wordt geen kwijtschelding verleend.

  • 2. Bij tussentijdse beëindiging wordt geen restitutie verleend.

Artikel 12. Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de rechten.

Artikel 13. Overgangsrecht

De ‘Verordening liggeld pleziervaartuigen Maassluis 2023’ van 20 december 2022 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 14, tweede lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 14. Inwerkingtreding

  • 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2024.

  • 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2024.

Artikel 15. Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening liggeld pleziervaartuigen Maassluis 2024’.

Ondertekening

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Maassluis, gehouden op 19 december 2023,

de griffier,

J. Vinke

de voorzitter,

drs. G.G.J. Rensen

Bijlage 1 Tarieventabel behorende bij de Verordening liggeld pleziervaartuigen Maassluis 2024

Tarieven m.b.t. een plaats in de haven of aan de passantensteiger

Aanlegplaats

Heffingsgrondslag

per

Tarief passanten per overnachting

Tarief winterligplaats

Tarief zomerligplaats

Tarief jaarligplaats

aan een steiger

Gebruik box

box

€ 10,00

-

-

-

aan een kademuur

Lengte vaartuig

m1

€ 1,00

-

-

-

aan een steiger

Gebruik box

box

-

€ 250,00

-

-

aan een kademuur

Oppervlakte vaartuig

m2

-

€ 6,25

€ 6,25

€ 10,00

Toelichting:

  • 1.

    Lengte van het vaartuig is lengte over alles in m1 = strekkende meter;

  • 2.

    Oppervlakte van het vaartuig is lengte over alles x breedte over alles in m2 = vierkante meter;

  • 3.

    Genoemde tarieven zijn inclusief BTW;

  • 4.

    Met “vaartuig” wordt een pleziervaartuig of woonschip bedoeld.

Tarieven m.b.t. een plaats in de vlieten

Het tarief voor een 9-meter ligplaats bedraagt:

€ 177,15

Het tarief voor een 12-meter ligplaats bedraagt:

€ 235,75

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Maassluis, gehouden op 19 december 2023,

de griffier,

J. Vinke

de voorzitter,

drs. G.G.J. Rensen