Beleidsregels standplaatsen gemeente Reimerswaal

Geldend van 19-12-2023 t/m heden

Intitulé

Beleidsregels standplaatsen gemeente Reimerswaal

Gelet op de artikelen 5:17 en 5:18 van de Algemene plaatselijke verordening en titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht;

overwegende dat het wenselijk is om de beleidsregels omtrent standplaatsvergunningen te actualiseren;

besluit:

vast te stellen het “Beleidsregels standplaatsen gemeente Reimerswaal”.

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

  • -

    Apv

:

de Algemene plaatselijke verordening gemeente Reimerswaal;

  • -

    standplaats

:

de standplaats als bedoeld in artikel 5:17 van de Apv;

  • -

    standplaatsvergunning

:

de vergunning als bedoeld in artikel 5:18 van de Apv;

  • -

    standplaatslocatie

:

aanduiding voor een plaats waarvoor een standplaatsvergunning kan worden verleend en de standplaats kan worden geëxploiteerd;

  • -

    vaste standplaats

:

een vaste locatie die door de vergunninghouder wordt ingenomen op de door het college toegewezen dag met een wekelijkse regelmaat (één keer in de week, één keer in de twee weken of één keer in de vier weken/maand) voor maximaal 20 kalenderjaren;

  • -

    seizoensgebonden standplaats

:

standplaats die op een vastgestelde locatie tijdens de maanden juni, juli, augustus, november, december en januari kan worden ingenomen;

  • -

    incidentele standplaats

:

een locatie die door de vergunninghouder sporadisch en niet stelselmatig wordt ingenomen met een maximale duur van één dag;

  • -

    dagdeel

:

een periode van maximaal 4 uur exclusief een opbouwtijd van maximaal één uur en een afbouwtijd van maximaal één uur. De dagdelen zijn: van 08:00 tot 12:00 uur, 13:00 tot 17:00 uur en van 18:00 tot 22:00 uur;

  • -

    weg

:

de weg als bedoeld in artikel 1.1 van de Apv.

Artikel 2. Aanvraag vergunning

Er dient gebruik gemaakt te worden van een digitaal formulier van de gemeentelijke website om een aanvraag voor een standplaatsvergunning in te dienen.

Artikel 3. Locatie standplaatsen

De standplaatsen zijn inzichtelijk gemaakt in de bijgevoegde kaart bij deze beleidsregels.

Artikel 4. Vereisten standplaatshouder

Degene die een aanvraag indient, moet ingeschreven zijn bij de Kamer van Koophandel.

Artikel 5. Voorschriften en beperkingen

  • 1. Het college kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een standplaatsvergunning.

  • 2. De vergunninghouder is verplicht de aan de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen na te leven.

Artikel 6. Afgeven vaste standplaatsvergunningen

  • 1. Er worden slechts twee vaste standplaatsvergunningen per dag per kern verleend.

  • 2. Een vergunninghouder met een vaste standplaatsvergunning mag één dag per week voor de toegewezen kern een standplaats innemen.

  • 3. Voor de kernen Kruiningen en Yerseke worden geen vaste standplaatsvergunningen verleend.

Artikel 7. Afgeven seizoensgebonden standplaatsvergunningen

  • 1. Er wordt slechts één seizoensgebonden standplaatsvergunning voor de duur van maximaal drie maanden per kern verleend.

  • 2. Voor de kernen Kruiningen en Yerseke worden geen seizoensgebonden standplaatsvergunningen verleend.

  • 3. Aanvragen worden op volgorde van binnenkomst beoordeeld.

Artikel 8. Afgeven incidentele standplaatsvergunningen

  • 1. Er wordt slechts één incidentele standplaatsvergunning per maand per kern verleend.

  • 2. Een incidentele standplaatsvergunning kan maximaal vijf keer per persoon of bedrijf per jaar verleend worden.

  • 3. Voor de kernen Kruiningen en Yerseke worden geen vaste standplaatsvergunningen verleend.

  • 4. Aanvragen worden op volgorde van binnenkomst beoordeeld.

Artikel 9. Warenmarkt

Vergunningen worden niet afgegeven voor de dag waarop in de betreffende dorps- of stadskern de warenmarkt, als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet, plaatsvindt.

Artikel 10. Verdeling vaste standplaatsvergunning via selectie

  • 1. Bij het beschikbaar komen van een vaste standplaatsvergunning zal het college deze verdelen via selectie.

  • 2. Bij de verdeling via selectie maakt het college door een openbare kennisgeving in het elektronisch gemeenteblad bekend dat de vaste standplaatsvergunning voor de duur van 20 jaar beschikbaar komt, en dat gegadigden vóór de in de kennisgeving genoemde datum een aanvraag kunnen indienen.

  • 3. Als een aanvraag vóór de indieningsdatum is ingediend maar onvolledig is, krijgt de aanvrager een termijn van twee weken om zijn aanvraag aan te vullen. Als er meer onvolledige aanvragen zijn, wordt de betreffende aanvragers op dezelfde dag mededeling gedaan van de gelegenheid om hun aanvraag aan te vullen.

  • 4. Bij de beoordeling van de aanvragen kent het college punten toe aan de hand van de volgende criteria en tot het daarbij vermelde maximumaantal:

    • a.

      het assortiment van de gegadigde vormt een gewenste toevoeging aan het marktassortiment (30 punten);

    • b.

      de kwaliteit van de uitstraling van de uitstalling van de gegadigde (20 punten);

    • c.

      de kennis, ervaring en eventuele opleiding van de gegadigde met betrekking tot het assortiment (20 punten);

    • d.

      het maatschappelijk verantwoord ondernemen door de gegadigde (20 punten);

    • e.

      referenties: de aanvrager heeft geen problemen met andere gemeentes of marktorganisatoren, bijvoorbeeld betalingsachterstanden of disciplinaire problemen (10 punten).

  • 5. Het college verleent de vaste-standplaatsvergunning aan de gegadigde met het op basis van de beoordeling hoogste aantal punten.

  • 6. Als meer gegadigden hetzelfde aantal punten krijgen toegekend, vindt de verdeling van de vergunning tussen hen plaats via loting door middel van een trekking, waarvoor zij worden uitgenodigd.

Paragraaf 3. Nadere bepalingen bij vergunningverlening

Artikel 11. Algemene bepalingen standplaatsvergunning

  • 1. Het college zal een vaste standplaatsvergunning verlenen voor de duur van maximaal 20 jaar en voor de op de vergunning vermelde standplaats.

  • 2. Het college kan in bijzondere gevallen tijdelijk een andere standplaats aanwijzen.

  • 3. De vergunninghouder kan zich in de werkzaamheden laten bijstaan door een of meer personen.

  • 4. Het dagdeel waarvoor vergunning verleend is, dient wekelijks ingenomen te worden, met uitzondering van vakantie- of ziekte redenen. Hiervoor mag maximaal zes weken achtereenvolgend geen gebruik worden gemaakt van de standplaats.

Artikel 12. Overschrijven vaste standplaatsvergunning

  • 1. Als de vergunninghouder niet langer zelf van de vaste standplaatsvergunning gebruik wil maken, overleden is of onder curatele gesteld is, kan het college op aanvraag van de vergunninghouder, zijn erven of curator de vergunning overschrijven op naam van zijn echtgenoot, geregistreerde partner of andere persoon met wie hij duurzaam samenwoont of samenwoonde, of zijn kind. Als de over te schrijven vergunning is verleend voor een branche of artikelgroep, kan overschrijving alleen gebeuren voor die branche of artikelgroep.

  • 2. Als de in het eerste lid bedoelde overschrijving niet kan worden gedaan, kan het college de vaste standplaatsvergunning op aanvraag van de vergunninghouder, zijn erven of curator overschrijven op naam van een medewerker van de vergunninghouder of een mede-eigenaar van diens bedrijf. Als de over te schrijven vergunning is verleend voor een branche of artikelgroep, kan overschrijving alleen gebeuren voor die branche of artikelgroep.

  • 3. De overschrijving van de vaste standplaatsvergunning geldt voor de resterende vergunningsduur. Na het einde van de duur van de vergunning komt deze beschikbaar.

  • 4. In geval van overlijden of ondercuratelestelling van de vergunninghouder wordt de aanvraag tot overschrijving binnen twee maanden nadien ingediend.

  • 5. Het college wijst de aanvraag tot overschrijving af als niet wordt voldaan aan het bij of krachtens dit beleid bepaalde.

  • 6. Als de nieuwe vergunninghouder al over een vaste standplaatsvergunning voor de betrokken standplaats beschikt, kan het college deze intrekken.

Artikel 13. Persoonlijk innemen vaste standplaats; vervanging

  • 1. De vergunninghouder neemt de op de vaste standplaatsvergunning vermelde standplaats persoonlijk in.

  • 2. In geval van vakantie of bijzondere omstandigheden kan het college erin toestemmen dat een vervanger de standplaats inneemt. Een aanvraag om toestemming vermeldt de reden en verwachte duur van de afwezigheid van de vergunninghouder en de naam van de beoogde vervanger.

Artikel 14. Toonplicht vergunning of toestemming

Degene die een standplaats inneemt of wil innemen, is op eerste verzoek van een toezichthouder verplicht aan te tonen dat hij daartoe gerechtigd is.

Artikel 15. Tijden in acht nemen

  • 1. De standplaats mag per dagdeel worden ingenomen om goederen of diensten aan te bieden met inachtneming van de bepalingen van de Winkeltijdenwet.

  • 2. Het is niet toegestaan meer dan een uur voor de aanvang en meer dan een uur na afloop van het dagdeel een standplaats in te (doen) nemen voor de op- en afbouw van de standplaats.

Artikel 16. Standplaats schoonhouden

De vergunninghouder is verplicht de door hem ingenomen standplaats en de naaste omgeving daarvan na afloop van de werkzaamheden schoon achter te laten.

Artikel 17. Minimale afstand standplaatsen tot schoollocaties en of sportvelden

  • 1. Het college weigert alle aanvragen voor standplaatsvergunningen voor de verkoop van etenswaren in een straal van 50 meter rondom middelbare scholen.

  • 2. Het college weigert alle aanvragen voor standplaatsvergunningen voor de verkoop van etenswaren in een straal van 50 meter rondom sportvelden.

Artikel 18. Overgangsregeling

  • 1. Verleende vergunningen als bedoeld in artikel 5:18 Apv blijven na de inwerkingtreding van deze beleidsregels gelden, totdat het college deze ambtshalve hebben gewijzigd of ingetrokken.

  • 2. Bij de ambtshalve wijziging van een vaste standplaatsvergunning kan het college in afwijking van artikel 11, eerste lid, een kortere duur van de vergunning bepalen, afhankelijk van de omstandigheden van het geval.

Artikel 19 Inwerkingtreding

  • 1. De voormalige beleidsregel ‘’vliegende winkels en standplaatsvergunningen gemeente Reimerswaal, 1e wijziging’’ wordt ingetrokken.

  • 2. Deze beleidsregel treedt in werking op 19 december 2023.

Artikel 20 Citeertitel

Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als “Beleidsregels standplaatsen gemeente Reimerswaal”.

Ondertekening

Vastgesteld door burgemeester en wethouders van de gemeente Reimerswaal op 7 december 2023.

Kaart standplaatsen gemeente Reimerswaal

Hansweert:

afbeelding binnen de regeling

Krabbendijke:

afbeelding binnen de regeling

Rilland:

afbeelding binnen de regeling

Waarde:

afbeelding binnen de regeling