Regeling vervalt per 31-12-2024

Subsidieregeling Impuls Jongerencultuur Amersfoort

Geldend van 06-10-2023 t/m 30-12-2024

Intitulé

Subsidieregeling Impuls Jongerencultuur Amersfoort

Burgemeester en Wethouders van Amersfoort;

gelezen de nota Uitvoeringsagenda kunst & cultuur 2023-2026 d.d. 20 december 2022, nummer 171909;

gelet op de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene Subsidieverordening Amersfoort;

overwegende dat het gewenst is activiteiten te stimuleren die bijdragen aan actieve cultuurparticipatie en/of het creëren van fysieke ruimte(s) voor, door en/of met jongeren in de leeftijd van 14 tot en met 27 jaar

besluit vast te stellen de volgende regeling:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    Asv: Algemene subsidieverordening Amersfoort;

  • b.

    college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amersfoort;

  • c.

    jongeren: personen in de leeftijdscategorie 14 tot en met 27 jaar;

  • d.

    actieve cultuurparticipatie: het actief meedoen aan kunst en cultuur in de vrije tijd, ofwel buiten werk of school;

  • e.

    receptieve cultuurparticipatie: ontvangend deelnemen aan kunst en cultuur;

  • f.

    project: een proces met een duidelijke begin- en einddatum, waarbij binnen deze tijd de doelen worden gerealiseerd.

Artikel 2. Doel

Het bevorderen van actieve cultuurparticipatie van jongeren in de gemeente Amersfoort.

Artikel 3. Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen

Het college verstrekt uitsluitend subsidie voor:

  • a.

    projecten door en/of met jongeren;

  • b.

    het realiseren/verbeteren van fysieke ruimte, waar na realisatie actieve cultuurparticipatie plaatsvindt voor, door en/of met jongeren.

Artikel 4. Eisen aan de aanvrager

  • 1. Subsidie kan enkel worden aangevraagd door:

    • a.

      Natuurlijke personen;

    • b.

      Rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid;

  • 2. Indien de aanvrager een natuurlijk persoon betreft kan enkel subsidie worden aangevraagd voor een activiteit als bedoeld in artikel 3 onder a.

  • 3. Indien de aanvrager een rechtspersoon betreft kan subsidie enkel worden aangevraagd door rechtspersonen zonder winstoogmerk.

Artikel 5. Indieningstermijn aanvraag

  • 1. In afwijking van artikel 8, eerste lid, van de Asv, dient een aanvrager als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a de subsidieaanvraag in tussen 6 oktober 2023 en 23 september 2024.

  • 2. In afwijking van artikel 8, eerste lid, van de Asv, dient een aanvrager als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder b:

    • a.

      de subsidieaanvraag voor aanvraagronde 1 in van 6 oktober tot 6 november 2023;

    • b.

      de subsidieaanvraag voor aanvraagronde 2 in van 12 februari tot 18 maart 2024;

    • c.

      de subsidieaanvraag voor aanvraagronde 3 in van 30 september tot 21 oktober 2024.

Artikel 6. Eisen aan de aanvraag

In afwijking van artikel 9, derde lid, van de Asv verstrekt het college slechts subsidie als:

  • a.

    de aanvraag is ingediend via het elektronisch aanmeldformulier Impuls Jongerencultuur op amersfoort.nl/subsidies;

  • b.

    het elektronisch aanmeldformulier door de aanvrager digitaal ondertekend is, volgens de instructie op de website;

  • c.

    er een schriftelijke toestemming van de ouder(s)/voogd is bijgevoegd, indien de aanvraag door een natuurlijk persoon onder de 18 jaar wordt ingediend;

  • d.

    de aanvraag vergezeld gaat van een projectplan conform het aanvraagformat op amersfoort.nl/subsidies van maximaal 3 A4;

  • e.

    de aanvraag vergezeld gaat van een begroting van maximaal 1 A4 conform het begrotingsformat op amersfoort.nl/subsidies, met een specificatie en onderbouwing van de bedragen;

  • f.

    de aanvraag van een rechtspersoon vergezeld gaat van een uittreksel van de Kamer van Koophandel en indien van toepassing de statuten, indien de aanvrager voor het eerst subsidie aanvraagt aan het college of als de gegevens zijn gewijzigd.

Artikel 7. Subsidiabele kosten

In aanvulling op artikel 10 van de Asv verstrekt het college in ieder geval geen subsidie voor:

  • a.

    kosten ten behoeve van het opstellen van de aanvraag;

  • b.

    kosten die worden gemaakt voordat de aanvraag is ontvangen;

  • c.

    kosten die uit anderen hoofde worden gesubsidieerd;

  • d.

    verrekenbare of compensabele belastingen, heffingen of lasten;

  • e.

    kosten van rente, bankdiensten, financieringen, gerechtelijke procedures, boetes en sancties;

  • f.

    legeskosten indien de aanvrager een bestuursorgaan is;

  • g.

    kosten van activiteiten die redelijkerwijs kunnen worden gedekt uit de opbrengsten die met de activiteiten verband houden;

  • h.

    kosten om te voldoen aan wettelijke verplichtingen of aan gangbare minimumkwaliteitseisen;

  • i.

    kosten van reguliere werkzaamheden van de aanvrager;

  • j.

    kosten gemaakt na beëindiging van activiteiten met uitzondering van accountantskosten;

  • k.

    kosten van in natura geleverde diensten en goederen;

  • l.

    kosten van gelieerde rechtspersonen die onderling in rekening worden gebracht;

  • m.

    fooien, geschenken, gratificaties en bonussen;

  • n.

    kosten voor representatie, personeelsactiviteiten, overboekingen, annuleringen en outplacementtrajecten;

  • o.

    kosten betaald aan vrijwilligers, met uitzondering van vergoedingen voor werkelijk gemaakte onkosten.

Artikel 8. Hoogte subsidie

  • 1. De subsidie van de gemeente Amersfoort bedraagt ten hoogste:

    • a.

      €3.000,- indien de subsidie wordt aangevraagd door een natuurlijk persoon als bedoeld in artikel 4, eerste lid, sub a;

    • b.

      €30.000,- indien de subsidie wordt aangevraagd door een rechtspersoon als bedoeld in artikel 4, eerste lid, sub b.

  • 2. Een subsidieaanvraag van minder dan €1.000,- wordt geweigerd.

Artikel 9. Subsidieplafond

  • 1. Het college stelt het subsidieplafond voor aanvragen vast op € 370.000,-.

  • 2. Het subsidieplafond is onderverdeeld in deelplafonds per aanvrager:

    • a.

      Het deelsubsidieplafond voor aanvragers als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a bedraagt €50.000,-;

    • b.

      Het deelsubsidieplafond voor aanvragers als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder b bedraagt €320.000,-. Hierbij is het deelsubsidieplafond als volgt verdeeld over de drie aanvraagrondes:

      • i.

        aanvraagronde 1: €120.000,-;

      • ii.

        aanvraagronde 2: €120.000,-;

      • iii.

        aanvraagronde 3: €80.000,-.

  • 3. Als na beoordeling van alle aanvragen na een aanvraagronde blijkt dat een deel van het deelsubsidieplafond niet is benut, dan wordt het deelsubsidieplafond van de volgende aanvraagronde verhoogd met dit resterende onbenutte bedrag.

  • 4. Als na sluiting van de indieningstermijn als bedoeld in artikel 5, eerste lid blijkt dat een deel van het deelsubsidieplafond niet is benut, dan wordt het deelsubsidieplafond van aanvraagronde 3 verhoogd met dit resterende onbenutte bedrag.

  • 5. Het college kan een subsidieplafond verlagen als:

    • a.

      het plafond wordt vastgesteld voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd, en

    • b.

      de subsidieaanvragen waarop het subsidieplafond betrekking heeft, moeten worden ingediend voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd.

  • 6. Bij de bekendmaking van een subsidieplafond dat kan worden verlaagd overeenkomstig het vorige lid, wordt gewezen op de mogelijkheid van verlaging en de gevolgen daarvan voor reeds ingediende aanvragen.

  • 7. Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld. Bij de verleningsbeschikking wordt daarop gewezen.

Artikel 10. Weigeringsgronden

Overeenkomstig artikel 12, eerste lid, onderdeel f, van de Asv beslist het college afwijzend op de aanvraag als:

  • a.

    aan de aanvraag van een rechtspersoon in totaal minder dan 7 punten worden toegekend van de 10 te behalen punten;

  • b.

    aan de aanvraag op het beoordelingscriterium genoemd in artikel 11, vijfde lid, onderdeel a, b en c minder dan 1 van de 2 te behalen punten wordt toegekend;

  • c.

    de begroting niet sluitend is;

  • d.

    door verstrekking van subsidie het subsidieplafond zou worden overschreden en de aanvraag daardoor slechts gedeeltelijk zou kunnen worden gehonoreerd;

  • e.

    de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien, die in strijd zijn met het algemeen belang of de openbare orde;

  • f.

    aannemelijk is dat de activiteiten ook zonder subsidie zonder belangrijke vertraging zouden worden uitgevoerd;

  • g.

    de activiteit onder de reguliere werkzaamheden/activiteiten van de organisatie valt;

  • h.

    er op grond van deze regeling al twee keer subsidie is verleend voor een activiteit van de aanvrager;

  • i.

    er sprake is van een activiteit van politieke, religieuze of levensbeschouwelijke aard;

  • j.

    de activiteit in opdracht van een derde wordt uitgevoerd, of een wervend karakter heeft;

  • k.

    er sprake is van een benefiet- of ledenwervingsactivititeit;

  • l.

    de activiteit bepaalde doelgroepen uitsluit;

  • m.

    er gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld en/of de gelden niet doelmatig en doeltreffend besteed zullen worden;

  • n.

    de aanvraag de productie betreft van een kunstwerk van permanente aard op openbare gronden;

  • o.

    de activiteit betrekking heeft op receptieve cultuurparticipatie;

  • p.

    de activiteit waarvoor subsidie is aangevraagd al is gestart of afgerond voordat er subsidie is vastgesteld;

  • q.

    indien de aanvrager al tweemaal subsidie heeft ontvangen onder deze regeling.

Artikel 11. Wijze van verdeling

  • 1. Voor aanvragers als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a geldt dat verstrekking van subsidie plaatsvindt op volgorde van ontvangst van complete aanvragen die voor subsidie in aanmerking komen, totdat het voor de betrokken subsidie vastgestelde subsidieplafond is bereikt.

  • 2. Om te bepalen of een subsidie als bedoeld in het voorgaande lid voor subsidie in aanmerking komt, dient deze voldoende aan te sluiten bij het doel van deze regeling. Dit wordt beoordeeld aan de hand van de criteria zoals in het vijfde lid van dit artikel beschreven, waarbij geldt dat ieder punt voldoende moet zijn.

  • 3. Als de aanvrager als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a op grond van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst van de aanvraag de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen.

  • 4. Voor aanvragers als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder b geldt dat verstrekking van subsidie plaatsvindt in de volgorde van de door het college aangebrachte rangschikking, totdat het voor de betrokken subsidie vastgestelde subsidieplafond is bereikt.

  • 5. De tijdig ingediende en complete aanvragen van aanvragers als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder b worden beoordeeld aan de hand van de onderstaande criteria:

    • a.

      zakelijke kwaliteit;

    • b.

      aansluiting bij het doel van de regeling;

    • c.

      aansluiting op de behoeftes en belevingswereld van jongeren;

    • d.

      deelnemers en deelnemersbereik;

    • e.

      toegankelijkheid.

    Ieder criterium, genoemd in het derde lid, wordt beoordeeld met onvoldoende (0 punten), voldoende (1 punt), of goed (2 punten).

  • 6. Rangschikking van deze aanvragen vindt plaats aan de hand van de beoordeling van de criteria waarbij de aanvraag met het hoogste aantal punten als eerste in de rangschikking eindigt en de aanvraag met de minste punten als laatste.

  • 7. Als twee of meer aanvragen een gelijk aantal punten verkrijgen en hun plaats in de rangschikking zodanig is dat de som van de toe te kennen maximale subsidiebedragen het subsidieplafond overstijgt, vindt rangschikking van de aanvragen plaats de volgende wijze:

    • a.

      aan de hand van het behaalde aantal punten op het criterium als bedoeld in artikel 11, vijfde lid onder b;

    • b.

      indien het aantal behaalde punten op dat criterium gelijk is, vindt rangschikking plaats aan de hand van het behaalde aantal punten op het criterium als bedoeld in artikel 11, vijfde lid onder c;

    • c.

      indien het aantal behaalde punten op dat criterium gelijk is, vindt rangschikking plaats aan de hand van het behaalde aantal punten op het criterium als bedoeld in artikel 11, vijfde lid onder a;

    • d.

      indien het aantal behaalde punten op dat criterium gelijk is, vindt rangschikking plaats aan de hand van het behaalde aantal punten op het criterium als bedoeld in artikel 11, vijfde lid onder d;

    • e.

      indien het aantal behaalde punten op dat criterium gelijk is, vindt rangschikking plaats aan de hand van het behaalde aantal punten op het criterium als bedoeld in artikel 11, vijfde lid onder e;

    • f.

      indien het behaalde aantal punten op dat criterium gelijk is, vindt er een loting plaats om de rangorde te bepalen.

Artikel 12. Bevoorschotting

  • 1. Subsidies tot €5.000,- worden direct na verlening betaald.

  • 2. Subsidies van €5.000,- en hoger worden na verlening voor 90% bevoorschot.

Artikel 13. Verplichtingen

In aanvulling op de verplichtingen op grond van de Asv is de subsidieontvanger verplicht:

  • a.

    de verkregen subsidie ook daadwerkelijk in te zetten voor de uitvoering van de activiteit;

  • b.

    de activiteit uit te voeren binnen 12 maanden na ontvangst van de subsidieverlening;

  • c.

    subsidieontvanger draagt zorg voor de benodigde vergunningen;

  • d.

    de aan de activiteit verbonden uitgaven gedurende 12 maanden na uitvoering te bewaren en te overleggen indien daarom wordt verzocht in het kader van een steekproef.

Artikel 14. Aanvraag tot vaststelling

  • 1. Overeenkomstig artikel 6, tweede lid, van de Asv stelt het college subsidies tot €5.000,- zonder voorafgaande verlening vast.

  • 2. In afwijking van artikel 19, tweede lid, van de Asv dient de subsidieontvanger de aanvraag tot vaststelling binnen drie maanden na uitvoering activiteit via het online E-formulier via de website van de gemeente Amersfoort in.

Artikel 15. Slotbepalingen

  • 1. Deze subsidieregeling treedt in werking op 6 oktober 2023.

  • 2. Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: subsidieregeling Impuls Jongerencultuur Amersfoort.

  • 3. Deze subsidieregeling eindigt per 31 december 2024.

Ondertekening

Vastgesteld in de vergadering van 19 september 2023.

De secretaris,

De burgemeester,

Toelichting subsidieregeling

Jongeren hebben in de coronaperiode veel moeten missen, ook op cultureel vlak. Dat terwijl cultuurdeelname positieve effecten heeft op ons welzijn. In het kader van herstel is er daarom in het bijzonder oog voor cultuurparticipatie door jongeren. Cultuurparticipatie verbindt jongeren met elkaar, draagt bij aan hun veerkracht en aan hun persoonlijke ontwikkeling.

Het rijk heeft middels de specifieke uitkering (SPUK) Impuls Jongerencultuur extra middelen beschikbaar gesteld om activiteiten en vormen van eigentijdse cultuurbeoefeningen door jongeren te stimuleren, waaronder ook cross-overs naar andere domeinen zoals sport en welzijn. Dit sluit ook aan bij de Uitvoeringsagenda Kunst en Cultuur 2023-2026, waarin staat dat het college kunst en cultuur voor iedereen beschikbaar wil maken, en dus ook voor jongeren.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1 Begripsbepalingen

sub a: de geldende Algemene subsidieverordening van de gemeente Amersfoort is van toepassing op de subsidieaanvraag. Op het moment van publiceren van deze subsidieregeling wordt de Algemene subsidieverordening Amersfoort geactualiseerd. De datum van aanvraag is bepalend voor welke verordening geldend is voor de subsidieontvanger.

sub c: De primaire leeftijdsgroep is personen in de leeftijdscategorie 14 tot en met 27 jaar. Uit de aanvraag moet blijken dat dit de doelgroep is. Activiteiten die een brede doelgroep bedienen, worden niet geweigerd als duidelijk is onderbouwd dat de activiteit hoofdzakelijk voor de leeftijdscategorie 14 tot en met 27 jaar is.

sub d: actieve cultuurparticipatie houdt in dat de mensen die meedoen aan een project daadwerkelijk zelf kunst of cultuur gaan maken. Het gaat om alle vormen van actief beoefenen en artistiek ontwikkelen van of anderszins betrokken zijn bij cultuur in de vrije tijd, zoals zelf muziek maken, zelf fotograferen, zelf films maken, zelf dansen, zelf een evenement organiseren. Onder actieve cultuurparticipatie vallen bijvoorbeeld community arts, kunstbeoefening in de vrije tijd en amateurkunst. Receptieve cultuurparticipatie valt nadrukkelijk niet binnen de reikwijdte van deze definitie.

sub e: receptieve cultuurparticipatie is het bezoeken of beschouwen van kunst en cultuur. Voorbeelden hiervan zijn het luisteren naar muziek, het kijken naar voorstellingen en het bezoeken van een theater, bioscoop of museum.

sub f: een project is per definitie eenmalig. Dit betekent dat repeterende en doorlopende activiteiten hier buiten vallen.

Artikel 2 Doel

-

Artikel 3 Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen

Alleen de activiteiten die in dit artikel zijn benoemd komen voor subsidiëring in aanmerking. Aanvragen die op andere activiteiten zien niet en worden afgewezen.

sub a: projecten die gericht zijn op actieve cultuurparticipatie en worden georganiseerd door en/of met jongeren komen in aanmerking voor subsidiëring.

sub b: hieronder wordt onder meer verstaan: het (ver)bouwen van repetitieruimtes, muziekstudio’s, broedplaatsen en andere plekken waar jongeren zich organiseren om (nieuwe) vormen van kunst en cultuur te maken. Met het doel om in de toekomst actieve cultuurparticipatie onder jongeren te stimuleren en te faciliteren.

Artikel 4 Eisen aan de aanvrager

lid 2: natuurlijke personen kunnen geen subsidie aanvragen voor het realiseren/verbeteren van fysieke ruimtes.

lid 3: een stichting of vereniging die activiteiten uitvoert en een ideële doelstelling nastreeft en géén winstoogmerk heeft.

Artikel 5 Indieningstermijn aanvraag

lid 1: natuurlijke personen kunnen doorlopend een aanvraag indienen van 6 oktober 2023 tot 23 september 2024. Dit betekent dat de aanvragen voor 23 september 2024 volledig ingediend moeten zijn. Aanvragen die op of na 23 september worden ingediend, worden niet in behandeling genomen.

lid 2: voor rechtspersonen zijn er drie aanvraagrondes. Aanvragen die voor de ingangsdatum van de aanvraagronde en na de sluitingsdatum van de aanvraagronde worden ingediend, worden niet in behandeling genomen.

Artikel 6 Eisen aan de aanvraag

Sub a: aanvragen die op een andere wijze dan voorgeschreven worden ingediend, worden niet in behandeling genomen.

Sub b: aanvragen die niet op de juiste wijze digitaal zijn ondertekend, worden niet in behandeling genomen.

sub c: bij aanvragers tot 18 jaar ondertekent een ouder/voogd de aanvraag als hoofdaanvrager. De jongere onder 18 jaar wordt medeaanvrager van de aanvraag. Hiermee ligt de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de subsidieaanvraag en de financiële gevolgen hiervan bij de ouder/voogd. Door als hoofdaanvrager te fungeren, geeft de ouder/voogd toestemming voor het uitvoeren van het project door de medeaanvrager.

Aanvragers van 18 jaar tot 23 jaar hebben de mogelijkheid een ouder/voogd als hoofdaanvrager de aanvraag te laten ondertekenen.

sub e: een begroting van de activiteit bestaat uit een raming van de lasten, zonder opname van een post onvoorzien, en van de baten, zoals publieksinkomsten, subsidies en sponsoring met vermelding van de instanties of organisaties, waar subsidie is aangevraagd of waar een sponsorbijdrage wordt verwacht of is gekregen. De sluitende begroting moet op maximaal één A4 staan. Dit is exclusief de onderbouwing van de bedragen in de begroting.

sub f: wanneer de rechtspersoon voor het eerst een subsidieaanvraag doet binnen een culturele subsidieregeling van Amersfoort of zijn statuten sinds de vorige keer zijn gewijzigd, dient de aanvrager de statuten bij te voegen.

Artikel 7 Subsidiabele kosten

Kosten die in een van de categorieën vallen, zijn niet subsidiabel. Deze kosten kunnen er wel zijn en moeten in dat geval ook in de begroting worden genoemd, maar moeten op een andere wijze gefinancierd worden.

Artikel 8 Hoogte subsidie

lid 1, sub a: natuurlijke personen kunnen maximaal € 3.000,- aanvragen per aanvraag.

lid 1, sub b: rechtspersonen kunnen maximaal € 30.000,- aanvragen per aanvraag.

lid 2: wanneer uit de begroting blijkt dat na aftrek van niet-subsidiabele kosten het subsidiebedrag lager is dan € 1.000,-, wordt de subsidie geweigerd.

Artikel 9 Subsidieplafond

leden 1 tot en met 4: het subsidieplafond van € 370.000,- is voor de periode van de subsidieregeling, dus de kalenderjaren 2023 en 2024. Er geldt een deelsubsidieplafond voor natuurlijke personen van € 50.000,- en voor rechtspersonen van € 320.000,-. Het deelsubsidieplafond voor rechtspersonen is verdeeld over de drie aanvraagrondes:

  • -

    € 120.000,- voor aanvraagronde 1

  • -

    € 120.000,- voor aanvraagronde 2

  • -

    € 80.000,- voor aanvraagronde 3

Het deelsubsidieplafond voor aanvraagronde 2 wordt opgehoogd met het restant van het budget voor aanvraagronde 1. Het deelsubsidieplafond voor aanvraagronde 3 wordt opgehoogd met het restant van het budget van aanvraagronde 2.

Wanneer het bedrag van € 50.000,- voor natuurlijke personen na de sluitingsdatum van 23 september 2024 niet volledig is benut, wordt het resterende bedrag overgeheveld naar aanvraagronde 3 voor rechtspersonen.

Het totale deelsubsidieplafond voor aanvraagronde 3 bedraagt dus € 80.000 + resterende bedrag aanvraagronde 2 + resterende bedrag voor aanvragen van natuurlijke personen.

leden 5 tot en met 7:

Dit artikel komt er op neer dat een subsidieplafond alleen kan worden verlaagd door het college als het oorspronkelijke subsidieplafond is vastgesteld voordat de raad de begroting voor het betrokken jaar heeft vastgesteld en de aanvragen ook voor de vaststelling van de begroting moesten zijn ingediend. Op deze manier is het helder voor aanvragers of het plafondbedrag definitief vast staat of nog naar beneden kan worden bijgesteld.

Artikel 10 Weigeringsgronden

Naast de gronden opgenomen in de Asv worden subsidieaanvragen die voldoen aan één van de hier opgesomde redenen geweigerd.

sub a en b: er zijn voor rechtspersonen maximaal 10 punten te behalen per aanvraag. Een aanvraag moet minimaal 7 punten behalen, waarbij de criteria ‘zakelijke kwaliteit’, ‘aansluiting bij het doel van de regeling’ en ‘aansluiting op de behoeftes en belevingswereld van jongeren’ elk in ieder geval 1 punt moeten krijgen. Anders wordt de aanvraag afgewezen.

sub c: de ingediende begroting dient sluitend te zijn: de totale inkomsten zijn gelijk aan de totale uitgaven.

sub o: het organiseren van een evenement of festival waar jongeren slechts bezoeker zijn, valt onder receptieve cultuurparticipatie. Deze aanvragen worden geweigerd. Bijvoorbeeld; het organiseren van een dansfeest of muziekfestival. Als de organisatie van een evenement of festival wordt gedaan door en/of met jongeren, dan sluit het wel aan bij het doel van deze regeling, dan is er sprake van actieve cultuurparticipatie.

sub q: op het moment dat een aanvrager reeds tweemaal een subsidie heeft ontvangen onder deze subsidieregeling, wordt iedere volgende aanvraag van deze aanvrager geweigerd.

Artikel 11 Wijze van verdeling

leden 1 tot en met 3: aanvragen van natuurlijke personen worden behandeld op volgorde van binnenkomst. Wanneer de aanvraag compleet is, wordt beoordeeld of de aanvraag aansluit bij het doel van de regeling en de activiteit subsidiabel is. Om tot het oordeel te komen dat de aanvraag in aanmerking komt voor verlenen, wordt de aanvraag op de volgende onderdelen bekeken:

  • c.

    zakelijke kwaliteit;

  • d.

    aansluiting bij het doel van de regeling;

  • e.

    aansluiting op de behoeftes en belevingswereld van jongeren;

  • f.

    deelnemers en deelnemersbereik;

  • g.

    toegankelijkheid.

Wanneer blijkt dat een aanvraag niet compleet is, wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld om de aanvraag aan te vullen. De datum waarop de aanvraag door de aanvulling compleet is, geldt dan als ontvangstdatum voor de volgorde van verstrekking.

Leden 4 tot en met 6: aanvragen van rechtspersonen worden gerangschikt aan de hand van een kwalitatieve beoordeling. Alle complete en geldige aanvragen worden in de beoordeling meegenomen. Rechtspersonen worden niet in de gelegenheid gesteld om hun aanvraag aan te vullen wanneer deze niet compleet is.

a. Zakelijke kwaliteit

Uit de begroting blijkt dat de kosten en inkomsten op de begroting realistisch, onderbouwd en uitgelegd zijn.

Aan de hand van het projectplan en de begroting wordt beoordeeld in hoeverre de aanvrager vanuit financieel en organisatorisch perspectief in staat is om de activiteit uit te voeren. Hierbij wordt nagegaan of de kosten en inkomsten op de begroting realistisch, onderbouwd en uitgelegd zijn.

b. Aansluiting bij het doel van de regeling

Aan de hand van het projectplan wordt beoordeeld in hoeverre de activiteit aansluit bij het doel van de regeling. Hierbij wordt beoordeeld op welke wijze de activiteit actieve deelname van jongeren aan kunst en cultuur vereist.

c. Aansluiting op de behoeftes en belevingswereld van jongeren

Uit de aanvraag blijkt op welke wijze de activiteit aansluit op de behoeftes en belevingswereld van jongeren.

d. Deelnemers en deelnemersbereik

Uit de aanvraag blijkt wie de beoogde deelnemers zijn en wat het deelnemersbereik is.

e. Toegankelijkheid

Onder de brede noemer toegankelijkheid wordt beoordeeld hoe de aanvrager participatie van jongeren mogelijk maakt. Dus bijvoorbeeld hoe drempels voor potentiële deelnemers worden verlaagd en dat potentiële deelnemers gemakkelijk toegang moeten kunnen krijgen.

Per criterium zijn er 2 punten te behalen. De punten worden gebaseerd op de volgende verdeling:

0 punten: onvoldoende

1 punt: voldoende

2 punten: goed

Leden 6-7: de aanvragen van rechtspersonen worden op basis van hun aantal behaalde punten van hoog naar laag gerangschikt. Wanneer twee of meer aanvragen een gelijk aantal punten behaalt, vindt rangschikking van de aanvragen plaats op basis van behaalde punten per criterium in de volgende volgorde:

  • 1.

    aansluiting bij het doel van de regeling

  • 2.

    aansluiting op de behoeftes en belevingswereld van jongeren

  • 3.

    zakelijke kwaliteit

  • 4.

    deelnemers en deelnemersbereik

  • 5.

    toegankelijkheid

Als het aantal punten op alle criteria gelijk is, vindt er een loting plaats.

Artikel 12 Bevoorschotting

lid 1: subsidies lager dan € 5.000 worden direct vastgesteld. Voor natuurlijke personen geldt dus dat de subsidie direct wordt vastgesteld en het gehele subsidiebedrag ineens wordt uitbetaald.

lid 2: Voor subsidies hoger dan € 5.000 geldt dat 90% van de toegekende subsidie wordt uitbetaald bij verlening van de subsidie, de overige 10% kan na de uitvoering van het project worden uitgekeerd, na indiening van de financiële en inhoudelijke verantwoording.

Artikel 13 Verplichtingen

De subsidieontvanger dient aan de verplichtingen te voldoen. Het niet voldoen aan de verplichtingen dan wel het niet uitvoeren van de activiteit kan tot intrekking van de subsidie leiden.

sub a: indien de activiteit om welke reden dan ook niet uitgevoerd kan worden, dient de aanvrager de gemeente hier zo snel mogelijk van op de hoogte te stellen. In overleg met de aanvrager wordt gekeken op welke manier de activiteit wel kan plaats vinden om zo aan de verplichting te voldoen.

sub b: de subsidieontvanger draagt er zorg voor dat het project c.q. de activiteit binnen 12 maanden afgerond is.

Artikel 14 Aanvraag tot vaststelling

lid 2: een aanvraag tot vaststelling houdt in dat er een ondertekende aanbiedingsbrief met een inhoudelijk- en financieel verslag van het project wordt ingediend. De ondertekende aanbiedingsbrief wordt gericht aan het college. Het inhoudelijk verslag is een beknopte beschrijving van de uitvoering van de gerealiseerde activiteiten. Uit deze beschrijving moet blijken of en in hoeverre aan de subsidievoorwaarden is voldaan. In het financiële verslag staat een overzicht van de inkomsten en uitgaven die aansluiten bij de posten in de begroting naast de werkelijk gemaakte kosten. En een toelichting indien dit afwijkt.

Een aanvraag tot vaststelling dient binnen 3 maanden na uitvoering van de gesubsidieerde activiteit worden ingediend.

Artikel 15 Slotbepalingen

-