Subsidieregeling versterken sociale basis gemeente Kampen 2023

Geldend van 31-05-2023 t/m heden

Intitulé

Subsidieregeling versterken sociale basis gemeente Kampen 2023

Het college van burgemeester en wethouders van Kampen;

gelezen het voorstel met kenmerk 33960-2023;

gelet op artikel 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Kampen;

besluit vast te stellen de

Subsidieregeling versterken sociale basis gemeente Kampen 2023

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:

  • -

    algemene voorziening: een voorziening die direct beschikbaar is, waarvoor geen of een beperkte indicatiestelling nodig is en die een snelle, regelarme en adequate oplossing biedt voor de hulpvraag van de inwoner;

  • -

    ASV: Algemene subsidieverordening gemeente Kampen;

  • -

    bouwstenen: de bouwstenen uit het ‘Uitvoeringsplan Versterken sociale basis’ zijn “positieve gezondheid en het participatiewiel”, “normaliseren” en “versterken informele ondersteuning”;

  • -

    college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Kampen;

  • -

    maatschappelijke opgaven: de opgaven uit het ‘Uitvoeringsplan Versterken sociale basis’ zijn “Jeugd”, “Structurele ondersteuning” en “Samenwerken in de wijk”;

  • -

    maatschappelijk resultaat: de beoogde resultaten per maatschappelijke opgave;

  • -

    maatwerkvoorziening: specifieke en individuele ondersteuning bij zelfredzaamheid of participatie;

  • -

    sociale basis: laagdrempelig aanbod van activiteiten en ondersteuning aan inwoners in de eigen buurt, wijk of stad.

Artikel 2 Toepasselijkheid ASV en toepassingsbereik.

  • 1.

    De ASV is van toepassing, tenzij daarvan in deze subsidieregeling nadrukkelijk van wordt afgeweken.

  • 2.

    Het bepaalde in deze subsidieregeling is enkel van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 5 bedoelde activiteiten.

Artikel 3 Doel

De subsidieregeling heeft als doel het realiseren van een sterke sociale basis in de gemeente Kampen.

Artikel 4 Subsidieontvanger

Subsidie kan worden verstrekt aan rechtspersonen en maatschappen.

Artikel 5 Subsidiabele activiteiten

Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan de onderstaande maatschappelijke resultaten van de sociale basis in de gemeente Kampen:

  • 1.

    Maatschappelijke opgave Jeugd:

    • 1.1

      Alle mensen die dichtbij huis hulp en/of ondersteuning bieden aan onze inwoners hebben een goed overzicht van het beschikbare aanbod in de sociale basis.

    • 1.2

      Ouders en jeugdigen kunnen hun hulpvraag (eventueel met ondersteuning) formuleren.

    • 1.3

      Ouders en jeugdigen weten waar ze terecht kunnen met hun hulpvraag.

    • 1.4

      Hulpvragen van ouders en jeugdigen worden sneller gesignaleerd doordat hulp en ondersteuning dichtbij huis georganiseerd is (vroegsignalering).

    • 1.5

      Meer ouders en jeugdigen ervaren de voorzieningen in hun wijk of buurt als laagdrempelig.

    • 1.6

      Ouders en jeugdigen met een hulpvraag vinden dat zij voldoende worden ondersteund in het begeleidingsproces.

    • 1.7

      Ouders en jeugdigen beoordelen de hulp en ondersteuning in de sociale basis tenminste met een 7.

    • 1.8

      Meer jeugdigen maken gebruik van een laagdrempelige algemene voorziening in de sociale basis dan van een maatwerkvoorziening.

    • 1.9

      We creëren meer zorg dichtbij huis vanuit de behoefte van de jeugdigen en de ouders om grotere problematiek te voorkomen (vooral eind basisschool, kinderen van 10 en 11, en jongeren).

    • 1.10

      Meer maatjes en jongerencoaches in de gemeente Kampen.

    • 1.11

      Meer vrijwilligers en leden bij (sport)verenigingen.

    • 1.12

      Meer hybride voorzieningen in de gemeente Kampen waarbij georganiseerde en ongeorganiseerde hulp en ondersteuning in de sociale basis samenkomen.

  • 2.

    Maatschappelijke opgave Structurele ondersteuning:

    • 2.1

      Alle mensen die dichtbij huis hulp en/of ondersteuning bieden aan inwoners hebben een goed overzicht van het beschikbare aanbod in de sociale basis.

    • 2.2

      Hulpvragen worden sneller gesignaleerd en opgepakt doordat hulp en ondersteuning dichtbij huis georganiseerd is (vroegsignalering).

    • 2.3

      Inwoners weten waar ze terecht kunnen met hun hulpvraag en kunnen die (eventueel met ondersteuning) formuleren:

      • 1.

        inwoners zijn op de hoogte van de mogelijkheid om gebruik te maken van cliëntondersteuning;

      • 2.

        bij geldzorgen of financiële problemen weten meer inwoners de weg naar financiële dienstverlening in Kampen te vinden.

  • 3.

    Maatschappelijke opgave Samenwerken in de wijk:

    • 3.1

      Alle mensen die dichtbij huis hulp en/of ondersteuning bieden aan onze inwoners hebben een goed overzicht van het beschikbare aanbod in de sociale basis.

    • 3.2

      Inwoners kunnen hun vraag of idee (eventueel met ondersteuning) formuleren.

    • 3.3

      Inwoners weten waar ze terecht kunnen met hun vraag of idee voor hun wijk, buurt of straat.

    • 3.4

      Meer bewonersinitiatieven in de wijk of per straat, ter vermindering van eenzaamheid en ter bevordering van samenredzaamheid.

    • 3.5

      Faciliteren dat in iedere wijk samen met inwoners wordt gewerkt aan een laagdrempelig platform waar alledaagse vragen, aanbod, klussen of hulp aangeboden worden.

    • 3.6

      Vrijwilligers blijven langer actief als vrijwilliger.

    • 3.7

      Meer inwoners voelen zich gezond en veerkrachtig.

    • 3.8

      Meer hybride voorzieningen in de gemeente Kampen waarbij georganiseerde en ongeorganiseerde hulp en ondersteuning in de sociale basis samenkomen.

Artikel 6 Indieningsvereisten

  • 1.

    In aanvulling op artikel 6 van de ASV:

    • a.

      beschrijft de aanvrager in het activiteitenplan (per activiteit):

      • i.

        de bijdrage aan maatschappelijke opgave en resultaten;

      • ii.

        de locatie(s) waar de activiteit wordt uitgevoerd;

      • iii.

        het verwachte aantal unieke inwoners dat met de activiteit bereikt wordt;

      • iv.

        de wijze waarop de activiteit gemonitord wordt; en

    • b.

      maakt de aanvrager in de begroting (per activiteit) de kostenopbouw inzichtelijk.

  • 2.

    De aanvraag kan in de periode van 1 juni 2023 tot en met 30 september 2023 worden ingediend.

Artikel 7 Subsidievereisten

  • 1.

    Om voor een subsidie tot en met € 10.000,- in aanmerking te komen gelden de volgende vereisten:

    • a.

      de activiteit draagt in voldoende mate bij aan de maatschappelijke resultaten;

    • b.

      de activiteit sluit voldoende aan bij de behoefte van inwoners of de wijk; en

    • c.

      de kosten van de activiteit staan in redelijke verhouding tot de gestelde doelen of redelijkerwijs te verwachten resultaten van de activiteit;

    • d.

      de activiteit is fysiek, sociaal en financieel voldoende toegankelijk voor inwoners van de gemeente Kampen; en

    • e.

      de organisatie die de activiteit uitvoert heeft voldoende binding met (inwoners van) de gemeente Kampen.

  • 2.

    Om voor een subsidie hoger dan € 10.000,– in aanmerking te komen gelden de volgende vereisten:

    • a.

      de activiteit draagt in voldoende mate bij aan de maatschappelijke resultaten;

    • b.

      de activiteit sluit voldoende aan bij de behoefte van inwoners of de wijk;

    • c.

      de kosten van de activiteit staan in redelijke verhouding tot de gestelde doelen of redelijkerwijs te verwachten resultaten van de activiteit;

    • d.

      de activiteit sluit in voldoende mate aan bij de bouwstenen;

    • e.

      de organisatie die de activiteit uitvoert heeft voldoende binding met (inwoners van) de gemeente Kampen;

    • f.

      de activiteit is fysiek, sociaal en financieel voldoende toegankelijk voor inwoners van de gemeente Kampen;

    • g.

      de activiteit draagt in voldoende mate bij aan preventie;

    • h.

      er wordt voldoende samengewerkt met andere organisaties in de sociale basis;

    • i.

      de activiteit is ‘uniek’ in de bijdrage aan het resultaat, type activiteit en locatie in de gemeente Kampen; en

    • j.

      de resultaten en effecten zijn voldoende meetbaar en aantoonbaar.

  • 3.

    Aan de vereisten genoemd in het eerste en tweede lid wordt een score van maximaal 100 punten toegekend.

  • 4.

    Per vereiste, zoals genoemd in het eerste lid, kunnen maximaal 20 punten worden verdeeld.

  • 5.

    Per vereiste, zoals genoemd in het tweede lid, kunnen maximaal 10 punten worden verdeeld.

  • 6.

    Om voor subsidie in aanmerking te komen geldt:

    • a.

      een minimum van 60 punten voor het totaal van de in het eerste of tweede lid genoemde subsidievereisten; en

    • b.

      een minimum van 16 punten voor de in het eerste lid genoemde vereisten en voor de vereisten a t/m c afzonderlijk en een minimum van 6 punten voor de overige vereisten; of

    • c.

      een minimum van 8 punten voor de in het tweede lid genoemde vereisten en voor de vereisten a t/m e afzonderlijk en een minimum van 4 punten voor de overige vereisten.

Artikel 8 Subsidiabele kosten

  • 1.

    Voor subsidie komen de redelijk gemaakte kosten in aanmerking die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit als bedoeld in artikel 5.

  • 2.

    Loonkosten van werknemers zijn subsidiabel, voor zover die bestaan uit brutoloon conform de voor de aanvrager relevante CAO, vakantiegeld, 13e maand en de wettelijk verplichte werknemersverzekeringen en – premies voor de werkgever.

  • 3.

    Niet-subsidiabel zijn in ieder geval:

    • a.

      kosten die niet in redelijke verhouding staan tot de gestelde doelen of redelijkerwijs te verwachten resultaten van de activiteit;

    • b.

      de aan de subsidie-aanvrager in rekening gebrachte BTW die door hem kan worden teruggevorderd of op enigerlei wijze aan hem kan worden terugbetaald of gecompenseerd.

Artikel 9 Subsidievorm en subsidiehoogte

  • 1.

    De subsidie wordt per kalenderjaar verstrekt.

  • 2.

    De hoogte van de subsidie bedraagt maximaal 100% van de subsidiabele kosten.

Artikel 10 Subsidieplafond

Het college stelt jaarlijks het subsidieplafond vast.

Artikel 11 Wijze van verdeling

  • 1.

    Verstrekking van subsidie vindt plaats in volgorde van de door het college aangebrachte rangorde.

  • 2.

    De rangorde wordt per activiteit bepaald door toepassing van de in artikel 7 genoemde subsidievereisten met de daaraan toegekende punten. De activiteit met de in totaal hoogste score komt in de rangorde bovenaan te staan.

  • 3.

    Als activiteiten een gelijk aantal punten hebben, wordt door loting de rangorde bepaald.

Artikel 12 Weigeringsgronden

In aanvulling op artikel 9 van de ASV wordt een subsidie geweigerd als de aanvraag niet voldoet aan de subsidievereisten, zoals genoemd in artikel 7, zesde lid.

Artikel 13 Bevoorschotting

  • 1.

    Organisaties ontvangen een voorschotbedrag ter hoogte van 100% van het verleende subsidiebedrag.

  • 2.

    Subsidie tot € 50.000 wordt in één keer in januari een uitbetaald.

  • 3.

    Subsidie van meer dan € 50.000 wordt in gelijke delen in januari, april, juli en oktober uitbetaald.

Artikel 14 Eindverantwoording

In aanvulling op de vereisten genoemd in artikel 13, 14 en 15 van de ASV geldt:

  • a.

    voor subsidie tot en met € 10.000,- is de mogelijkheid van toepassing dat subsidie wordt verleend en ambtshalve achteraf vastgesteld. De subsidieontvanger hoeft geen aanvraag tot vaststelling in te dienen;

  • b.

    voor subsidie van meer dan € 10.000,- bevat het inhoudelijk verslag een beschrijving in welke mate de activiteit heeft bijgedragen aan het resultaat waarvoor de subsidie is verstrekt, zoals genoemd in artikel 5, en een beschrijving van de ervaring van inwoners van de gemeente Kampen met de gesubsidieerde activiteit;

  • c.

    voor subsidie van meer dan € 10.000,- bevat het financieel verslag of jaarrekening een onderverdeling naar:

    • i.

      personeelskosten;

    • ii.

      huisvestingskosten;

    • iii.

      activiteitenkosten;

    • iv.

      indirecte kosten/overhead;

    • v.

      eventuele opbrengsten van de activiteit;

    • vi.

      alle overige opbrengsten.

Artikel 15 Overgangsrecht

  • 1.

    Op ingediende aanvragen, verleende subsidies en nog in te dienen verantwoordingen, aan te vragen subsidievaststellingen en daarop te nemen besluiten, alsmede in verband met voorgaande mogelijke bezwaar- en beroepsprocedures, blijven de subsidieregelingen sport, grip op groeien in zelfstandigheid, mantelzorg, crisisopvang, welzijnswerk, maatschappelijk werk, preventie, jeugdwerk, sociaal-cultureel werk, sociale betrokkenheid en maatschappelijke dienstverlening van kracht.

  • 2.

    Op ingediende aanvragen, verleende subsidies en nog in te dienen verantwoordingen, aan te vragen subsidievaststellingen en daarop te nemen besluiten, alsmede in verband met voorgaande mogelijke bezwaar- en beroepsprocedures, blijft de Subsidieregeling versterken sociale basis gemeente Kampen (2021) van kracht.

Artikel 16 Slotbepalingen

  • 1.

    De Subsidieregeling versterken sociale basis gemeente Kampen wordt ingetrokken.

  • 2.

    Deze regeling treedt in werking op de eerste dag na bekendmaking.

  • 3.

    Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling versterken sociale basis gemeente Kampen 2023.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de collegevergadering van 16 mei 2023.

Burgemeester en wethouders van de gemeente Kampen,

N.J. Middelbos,

secretaris

S. de Rouwe,

burgemeester

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In dit artikel worden de gehanteerde begrippen in deze Nadere regels toegelicht.

Artikel 2 Toepasselijkheid ASV en toepassingsbereik

In de Algemene Subsidieverordening (ASV) gemeente Kampen staat de lokale regelgeving ten aanzien van subsidies. In deze nadere regels wordt op sommige onderdelen afgeweken van de ASV.

Dit artikel beschrijft de relatie tussen deze nadere regels en de ASV. In het geval dat een thema of onderdeel niet is benoemd in deze nadere regels, zijn de artikelen uit de ASV leidend.

Artikel 3 Doel

Dit artikel beschrijft het bereik waar de subsidies ‘versterken sociale basis’ aan moeten bijdragen.

Zo dienen de activiteiten ten goede te komen aan inwoners van de gemeente Kampen. Daarnaast dragen de activiteiten bij aan de maatschappelijke opgaven en resultaten, zoals beschreven

in het Uitvoeringsplan Versterken Sociale Basis.

Artikel 4 Subsidieontvanger

Rechtspersonen en maatschappen kunnen een subsidieaanvraag indienen. Inwoners (natuurlijke personen) kunnen met hun ideeën of initiatieven voor de wijk terecht bij de Wijkverbinders.

Artikel 5 Subsidiabele activiteiten

In dit artikel staan alle resultaten waar de gesubsidieerde activiteiten aan kunnen bijdragen.

De maatschappelijke resultaten zijn onderverdeeld naar de drie opgaven:

  • 1.

    Jeugd: De gemeente Kampen versterkt de sociale basis voor jeugd en hun ouders. We hebben hierbij aandacht voor jongeren van alle leeftijden, van het jonge kind tot jongvolwassenen (vanaf -9 maanden tot 27 jaar).

  • 2.

    Structurele ondersteuning: we onderzoeken wat nodig is om inwoners die structureel ondersteuning nodig hebben in de sociale basis te ondersteunen en begeleiden. Denk hierbij aan het bieden van een zinvolle daginvulling, maatschappelijk fit worden en het bieden van (lichte) vormen van begeleiding bij uitdagingen in het leven.

  • 3.

    Samenwerken in de wijk: het verbinden van informele en formele ondersteuning in de wijken. Dit betekent dicht bij de inwoner zijn (laagdrempelig) en elkaar als (maatschappelijke) organisaties beter weten te vinden. Deze samenwerking richt zich vooral op kwetsbare inwoners die niet vanzelfsprekend bij andere bestaande sociale verbanden (zoals verenigingen) terecht komen.

Subsidie wordt alleen verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan één of meerdere van de genoemde maatschappelijke resultaten.

Artikel 6 Indieningsvereisten

Dit artikel beschrijft wat de subsidieaanvrager in de subsidieaanvraag moet verwerken. Kort samengevat gaat het om een activiteitenplan en een begroting. Per onderdeel zal kort toegelicht worden wat wordt bedoeld:

  • a.

    Activiteitenplan

    • i.

      Opgaven en resultaten: In het artikel ‘Subsidiabele activiteiten’ staan de verschillende opgaven en resultaten waar de activiteit aan kan bijdragen. Het is aan de aanvrager om te bepalen welke opgave en resultaten goed aansluiten bij de voorgestelde activiteit. Het is ook mogelijk dat de activiteit aan meer dan één maatschappelijke opgave of resultaat bijdraagt.

    • ii.

      Locatie: Hiermee kan worden vastgesteld of de activiteit daadwerkelijk ten goede komt aan de inwoners van de gemeente Kampen. Daarnaast is de locatie van belang voor de spreiding van activiteiten over de verschillende wijken en kernen in de gemeente Kampen.

    • iii.

      Bereik doelgroep: Deze eis maakt het mogelijk om het bereik af te zetten tegen het gevraagde subsidiebedrag.

    • iv.

      Monitoring: Gedurende en aan het einde van het subsidieproces dient inzichtelijk te worden in hoeverre is bijgedragen aan de opgestelde resultaten. Dit kan alleen als vooraf goed wordt nagedacht over de wijze van monitoring.

  • b.

    De gemeente Kampen vraagt de exploitatiebegroting op om inzicht te krijgen in de kosten van de activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd. Dit kunnen de volgende kostensoorten zijn:

    • Personeelskosten: Salaris voor medewerkers van de organisatie die direct betrokken zijn bij de uitvoering van de activiteiten en/ of kosten voor het tijdelijk inhuren van een (externe) begeleider of trainer van de activiteit. Of een vrijwilligersvergoeding voor direct betrokken vrijwilligers.

    • Huisvestingskosten: Kosten voor locatie die nodig zijn om de activiteiten te kunnen uitvoeren, inclusief kosten voor bijvoorbeeld gas en licht (niet zijnde afschrijvingskosten).

    • Activiteitenkosten: Kosten voor materialen en communicatie(materialen) die nodig zijn om de activiteiten te kunnen uitvoeren.

    • indirecte kosten/overhead: Kosten van de organisatie die niet direct met de activiteit te maken hebben, maar voor de ondersteuning van de organisatie zelf.

    • eventuele opbrengsten van de activiteit: bijvoorbeeld een eigen bijdrage om deel te kunnen nemen aan een activiteit.

    • alle overige opbrengsten: bijvoorbeeld opbrengsten uit andere subsidies of wervingen.

Artikel 7 Subsidievereisten

Hieronder volgt de toelichting op de verschillende eisen:

  • 1.

    Bijdrage aan maatschappelijke resultaten: Artikel 5 toont de verschillende opgaven en resultaten waar een activiteit aan kan bijdragen. Het is de aan de aanvrager om te bepalen welke opgave en resultaten goed aansluiten bij de voorgestelde activiteit en dit te onderbouwen.

  • 2.

    Subsidiabele kosten: Van belang is bijvoorbeeld dat het aangevraagde subsidiebedrag in verhouding staat tot de (verwachte) omvang van de doelgroep die met de activiteit bereikt wordt.

  • 3.

    Aansluiting bij de behoefte van inwoners of de wijk: Inwoners (of een groep inwoners in een wijk) hebben verschillende behoeften ten aanzien van de sociale basis. De subsidieaanvrager laat aan de hand van deze eis zien hoe ze rekening houdt met deze verschillen. Bijvoorbeeld door inwoners te betrekken bij het opstellen van de aanvraag of eventuele huidige ervaring van inwoners met de activiteit.

  • 4.

    Toegankelijkheid (fysiek, sociaal en financieel): toegankelijkheid is een belangrijk uitgangspunt van de sociale basis en heeft meerdere facetten. Sociale toegankelijkheid gaat over de mate waarin inwoners sociaal veilig kunnen deelnemen aan een activiteit. Zo is een activiteit waarbij pestgedrag plaatsvindt geen sociaal veilige omgeving. Fysieke toegankelijkheid heeft betrekking op mogelijkheden voor inwoners om op de locatie van de activiteit te komen. Denk hierbij aan rolstoelvriendelijkheid van de locatie of activiteit. De financiële toegankelijkheid gaat over een eventuele financiële drempel om te kunnen deelnemen aan een activiteit, waaronder een eigen bijdrage. Hoe wordt dit geborgd bij de activiteit.

  • 5.

    Binding organisatie met (inwoners van) de gemeente Kampen: We vinden het belangrijk dat de organisatie binding heeft met de gemeente Kampen, zodat ze voldoende kennis en inzicht heeft van de specifieke Kamper situatie. De binding kan blijken uit bijvoorbeeld eerdere uitvoering van activiteiten in Kampen, het hebben van een netwerk, de locatie van de activiteiten etc.

  • 6.

    Bijdrage aan de bouwstenen: Het gaat hier om het de bouwstenen: positieve gezondheid en het participatiewiel, normaliseren en versterken van informele ondersteuning. Het is de bedoeling dat organisaties in de sociale basis vanuit deze bouwstenen handelen en werken. Dit betekent bijvoorbeeld ook dat eigen regie van inwoners of de samenredzaamheid van de wijk een belangrijk uitgangspunt is. Wij vragen de aanvrager dit te onderbouwen.

  • 7.

    Bijdrage aan preventie: Door vroegtijdig te signaleren en ondersteuning te beiden willen we voorkomen dat problemen verergeren en inwoners een beroep moeten doen op zogenaamde maatwerkvoorzieningen. Hoe draagt de aangevraagde activiteit hieraan bij?

  • 8.

    Samenwerking met andere organisaties: Samenwerking tussen organisaties en professionals is een voorwaarde voor een goed functionerende sociale basis. De gemeente Kampen probeert met deze eis samenwerking te stimuleren, wellicht bij het ontwikkelen van nog niet bestaande initiatieven. Samenwerking met informele organisaties zoals sportverenigingen, kerken, bewonersorganisaties, ouderenbonden vinden we belangrijk. Welke samenwerking is of wordt gezocht met andere organisaties.

  • 9.

    Unieke bijdrage activiteit: Om dubbeling in activiteiten te voorkomen willen we weten wat de unieke bijdrage van een activiteit aan de sociale basis is. Bijvoorbeeld op basis van de bijdrage aan maatschappelijke resultaten, type activiteit en locatie in de gemeente Kampen.

  • 10.

    Monitoring: Tijdens en aan het einde van de uitvoering van de activiteit dient de aanvrager de bijdrage aan de resultaten inzichtelijk te maken. Dit kan alleen als vooraf goed is nagedacht over de wijze van monitoring. Van belang is het meetbaar en aantoonbaar maken.

Artikel 8 Subsidiabele kosten

(geen toelichting nodig)

Artikel 9 Subsidievorm en subsidiehoogte

(geen toelichting nodig)

Artikel 10 Subsidieplafond

De hoogte van het subsidieplafond staat in het separate plafondbesluit genoemd. Een verhoging op

een later moment is mogelijk met een wijziging van het plafondbesluit. Als het beschikbare budget in

de begroting wordt verlaagd, wordt door middel van het begrotingsvoorbehoud ook het subsidieplafond overeenkomstig verlaagd.

Artikel 11 Wijze van verdeling

Voor subsidies tot € 10.000 gelden de volgende minimum te bepalen punten:

Vereiste a t/m c 16 (x 3)

Vereiste d en e 6 (x 2)

Totaal 60 punten

Voor subsidies van meer dan € 10.000 gelden de volgende minimum te behalen punten:

Vereiste a t/m e 8 (x 5)

Vereiste f t/m i 4 (x 5)

Totaal 60 punten

Artikel 12 Weigeringsgronden

Het college heeft een aantal mogelijkheden om een subsidieaanvraag te weigeren. Een deel van deze mogelijkheden is vastgelegd in artikel 9 van de ASV. Aanvullend hierop kan een subsidie door het college worden geweigerd als een aanvrager niet voldoende punten heeft behaald gebaseerd op de eisen uit artikel 7.

Artikel 13 Bevoorschotting

(geen toelichting nodig)

Artikel 14 Eindverantwoording

In artikel 13, 14 en 15 van de ASV staat beschreven waar een organisatie aan moet voldoen bij het indienen van aanvraag tot vaststelling. In dit artikel staat een aantal aanvullende eisen genoemd.

De eisen kunnen verschillen afhankelijk van de hoogte van de subsidie.

Organisaties die meer dan € 10.000 aan subsidie ontvangen, maken in hun financiële verantwoording

in ieder geval onderscheid tussen:

  • a.

    personeelskosten: Salaris voor medewerkers van de organisatie die direct betrokken zijn bij de uitvoering van de activiteiten en/ of kosten voor het tijdelijk inhuren van een (externe) begeleider of trainer van de activiteit. Of een vrijwilligersvergoeding voor direct betrokken vrijwilligers;

  • b.

    huisvestingskosten: Kosten voor locatie die nodig zijn om de activiteiten te kunnen uitvoeren, inclusief kosten voor bijvoorbeeld gas en licht (niet zijnde afschrijvingskosten);

  • c.

    activiteitenkosten: Kosten voor materialen en communicatie(materialen) die nodig zijn om de activiteiten te kunnen uitvoeren;

  • d.

    indirecte kosten/overhead: Kosten van de organisatie die niet direct met de activiteit te maken hebben, maar voor de ondersteuning van de organisatie zelf;

  • e.

    eventuele opbrengsten van de activiteit: bijvoorbeeld een eigen bijdrage om deel te kunnen nemen aan een activiteit;

  • f.

    alle overige opbrengsten: bijvoorbeeld opbrengsten uit andere subsidies of wervingen.

Artikel 15 Overgangsrecht

Omdat op grond van bestaande regelingen nog besluiten moeten worden genomen, wordt in dit artikel voorzien in overgangsrecht. Dit houdt in dat de bestaande regelingen van kracht blijven op ingediende aanvragen, verleende subsidie enzovoorts.

Artikel 16 Slotbepalingen

(geen toelichting nodig)