Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting 2023

Geldend van 31-12-2022 t/m heden

Intitulé

Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting 2023

De raad van de gemeente Texel

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 8 november 2022;

gehoord de raadscommissie van 30 november en 1 december 2022;

gelet op artikel 223 van de Gemeentewet

Besluit:

vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting 2023;

in te trekken de Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting 2022.

Artikel 1 Begripsomschrijving

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder woning: een gemeubileerde woning als bedoeld in artikel 223 van de Gemeentewet.

Artikel 2 Belastbaar feit en belastingplicht

  • 1. Onder de naam ‘forensenbelasting’ wordt een directe belasting geheven van de natuurlijke personen, die, zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben, er op meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor zich of hun gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden.

  • 2. Of iemand in de gemeente hoofdverblijf heeft, wordt naar de omstandigheden beoordeeld.

Artikel 3 Vrijstellingen

Niet belastingplichtig is degene die ter tijdelijke waarneming van een openbare betrekking of ter bijwoning van de vergaderingen van een vertegenwoordigend lichaam, waarvan hij het lidmaatschap bekleedt, dan wel ingevolge last of bevel van de overheid, buiten de gemeente van zijn hoofdverblijf vertoeft.

Artikel 4 Maatstaf van heffing

  • 1. De belasting wordt geheven naar de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen zoals die voor het belastingobject waarvan de woning deel uitmaakt, voor het tijdvak waarbinnen het belastingjaar valt, is vastgesteld.

  • 2. In afwijking van het eerste lid wordt de belasting geheven naar de waarde, indien de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen voor het belastingobject waarvan de woning deel uitmaakt voor het belastingjaar is vastgesteld met toepassing van artikel 16, onderdeel e, van de Wet waardering onroerende zaken.

  • 3. In geval geen heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen is vastgesteld, wordt de belasting geheven naar de waarde.

  • 4. De vaststelling van de waarde bedoeld in het tweede en derde lid geschiedt overeenkomstig de artikelen 220 tot en met 220d van de Gemeentewet, met dien verstande dat daarbij artikel 16, onderdeel e, van de Wet waardering onroerende zaken niet wordt toegepast.

  • 5. In afwijking van het in de vorige leden bepaalde wordt tevens een belasting geheven van caravans met een vaste standplaats voor meerdere jaren.

Artikel 5 Tarief

  • 1. Bij een heffingsmaatstaf als bedoeld in artikel 4 lid 1 tot en met lid 4 bedraagt de belasting 0,2867% van deze heffingsmaatstaf, met dien verstande dat het te betalen bedrag minimaal € 557,00 is en niet meer zal bedragen dan € 1.734,00.

  • 2. Bij een heffingsmaatstaf als bedoeld in artikel 4 lid 5 bedraagt het tarief per vaste standplaats € 500,00.

Artikel 6 Belastingjaar

Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 7 Wijze van heffing

De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.

Artikel 8 Termijnen van betaling

  • 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald binnen 30 dagen na de dagtekening van het aanslagbiljet.

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen via automatische incasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslag moet worden betaald in maximaal tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.

  • 3.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Artikel 9 Aanmeldingsplicht

De belastingplichtige bedoeld in artikel 2 is gehouden, voordat hij voor de 1e maal een gemeubileerde woning beschikbaar gaat houden, dit schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester & wethouders aangewezen gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d van de Gemeentewet.

Artikel 10 Overgangsrecht

De ‘Verordening forensenbelasting 2022, 15 december 2021 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 11, eerste lid, genoemde datum van ingang van inwerkingtreding van de verordening, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 11 Inwerkingtreding

  • 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking.

  • 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2023.

Artikel 12 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening forensenbelasting 2023”.

Ondertekening

Vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Texel,

14 december 2022.

Voorzitter, Griffier,

M.C. Uitdehaag M. de Porto