Beleidsregels Eenmalige energietoeslag 2022.2 gemeente Oss

Geldend van 23-11-2022 t/m 14-03-2022

Intitulé

Beleidsregels Eenmalige energietoeslag 2022.2 gemeente Oss

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oss;

Gezien het voorstel met registratienummer 5001878

overwegende dat:

  • het college het wenselijk vindt om aan te geven in welke situaties en onder welke voorwaarden huishoudens in aanmerking kunnen komen voor een eenmalige energietoeslag;

  • het daarom wenselijk is voor dit doel aanvullende beleidsregels vast te stellen op de bestaande beleidsregels bijzondere bijstand.

gelet op:

  • titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht;

  • artikel 35 van de Participatiewet;

besluit

vast te stellen de beleidsregels Eenmalige energietoeslag 2022.2 gemeente Oss.

Artikel 1: Begripsbepalingen

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

  • a.

    wet: Participatiewet;

  • b.

    college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oss;

  • c.

    inkomen: totaal van het inkomen, bepaald volgens de regels van de artikelen 31 tot en met artikel 33 van de wet.

  • d.

    peildatum: de eerste dag van de volledige maand voorafgaand aan de aanvraagdatum;

  • e.

    referteperiode: volledige maand vanaf de peildatum

Artikel 2: Doelgroep eenmalige energietoeslag

  • 1. De eenmalige energietoeslag van € 1.300,- is bedoeld voor een huishouden met een laag inkomen en wordt ambtshalve of op aanvraag als bijzondere bijstand verleend.

  • 2. Voor de toepassing van deze regeling wordt het vermogen niet in aanmerking genomen.

  • 3. Een huishouden (alleenstaande of gezin) heeft een laag inkomen als gedurende de referteperiode het in aanmerking te nemen inkomen niet hoger is dan 130 % van de toepasselijke bijstandsnorm.

  • 4. Tot een huishouden wordt niet gerekend de persoon die op de peildatum:

    • a.

      in een inrichting verblijft als bedoeld in artikel 1 aanhef en onderdeel f van de wet;

    • b.

      jonger is dan 21 jaar en geen aanvullende bijzondere bijstand voor het voeren van een zelfstandig huishouden ontvangt of;

    • c.

      is ingeschreven in de basisregistratie personen als ingezetene met enkel een briefadres;

  • 5. Recht op een energietoeslag bestaat voor:

    • a.

      de hoofdbewoner die het contract met de energieleverancier heeft afgesloten; of

    • b.

      de medebewoner als deze een commerciële prijs betaalt voor de bewoning als onderhuurder of kostganger, niet zijnde een inwonend meerderjarig kind van de hoofdbewoner.

Artikel 3: Ambtshalve toekenning

  • 1. Huishoudens die voldoen aan de doelgroepomschrijving van artikel 2, en:

    • a.

      algemene bijstand ontvangen; of

    • b.

      een uitkering ontvangen op grond van de Bbz-2004, IOAW en IOAZ; of

    • c.

      in beeld zijn in het kader van bijzondere bijstand of minimaregeling,

  • ontvangen de eenmalige energietoeslag ambtshalve uiterlijk op 1 november 2022.

  • 2. De ambtshalve toekenning heeft ook betrekking op huishoudens die algemene bijstand ontvangen van de Sociale Verzekeringsbank op grond van artikel 47a van de wet.

Artikel 4: Aanvraag

  • 1. Huishoudens die niet in aanmerking komen voor een ambtshalve toekenning van de energietoeslag kunnen vanaf 1 mei 2022 een aanvraag indienen met gebruikmaking van het aanvraagformulier.

  • 2. De aanvraag voor de tegemoetkoming wordt digitaal ingediend via www.oss.nl\energietoeslag. In afwijking van deze digitale aanvraag is een schriftelijke aanvraag mogelijk indien naar het oordeel van het college bijzondere omstandigheden in het individuele geval hiertoe aanleiding geven.

  • 3. Een aanvraag voor de eenmalige energietoeslag over 2022 kan worden ingediend tot en met 31 januari 2023.

Artikel 5: Hardheidsclausule

Als de aanvrager niet in aanmerking komt voor een eenmalige energietoeslag kan het college, gelet op alle omstandigheden, in het individuele geval beoordelen of de aanvrager in afwijking van de beleidsregels alsnog in aanmerking komt voor een eenmalige energietoeslag, indien dringende redenen hiertoe noodzaken.

Artikel 6. Inwerkingtreding en duur beleidsregels

  • 1. Deze beleidsregels treden in werking met ingang van de dag na bekendmaking in het Gemeenteblad op overheid.nl en werken terug tot 15 maart 2022.

  • 2. Met de inwerkingtreding van deze beleidsregels vervallen de beleidsregels Eenmalige energietoeslag 2022.1 gemeente Oss.

  • 3. Deze beleidsregels vervallen op 1 februari 2023.

Artikel 7. Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als:

Beleidsregels Eenmalige energietoeslag 2022.2 gemeente Oss.

Ondertekening

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oss in de vergadering van 15 november 2022.

Burgemeester en wethouders van Oss,

De secretaris,

Drs. H. Mensink

De burgemeester,

Drs. W. J. L. Buijs-Glaudemans

Toelichting

Algemeen deel

De beleidsregel Eenmalige energietoeslag 2022.2 (de toevoeging .2 om het verschil aan te geven met de eerder in 2022 vastgestelde beleidsregels) staat niet op zich zelf, maar is gebaseerd op artikel 35 van de Participatiewet. Dit betekent dat wie niet aan de voorwaarden van de wet voldoet, bijvoorbeeld omdat die persoon op de peildatum geen rechthebbende is of omdat een uitsluitingsgrond geldt, geen aanspraak kan maken op de energietoeslag. Soms kan dat een hardheid inhouden. Daar voorziet artikel 5 in. In artikel 2 wordt de doelgroep nader omschreven. Met vermogen wordt geen rekening gehouden. Voor het begrip ‘inkomen’ en ‘referteperiode’ is aansluiting gezocht bij het beleid dat daarvoor al in de gemeente geldt in de eigen beleidsregels bijzondere bijstand. Daar voorziet artikel 1 in.

Een ambtshalve toekenning is mogelijk als vaststaat dat de persoon op de peildatum recht heeft. Dit kan worden aangenomen bij huishoudens die algemene bijstand ontvangen of een andere uitkering voor levensonderhoud van de gemeente, namelijk Bbz-2004, IOAW of IOAZ. Daaraan de gemeente andere groepen aan toe voegen, bijvoorbeeld personen die periodiek bijzondere bijstand ontvangen of een bijdrage op grond van gemeentelijke minimaregeling. Of dat mogelijk is zal afhangen van de vraag of de aanwezige gegevens voldoende zijn om vast te stellen dat zij op voorhand ook zullen voldoen aan de doelgroepomschrijving van artikel 2 en andere voorwaarden uit de Participatiewet.

In de eerder vastgestelde beleidsregels Eenmalige energietoeslag 2022 is bepaald:

  • Hoogte energietoeslag € 800,-;

  • Voor Osse inwoners met een inkomen tot 120% van de bijstandsnorm;

  • Studenten (onder 27 jaar) zijn uitgesloten;

  • Uiterste aanvraagdatum 30 november 2022.

In de beleidsregels Eenmalige energietoeslag 2022.1 is bepaald:

  • Hoogte energietoeslag € 1.300,- (een verhoging van € 500,-);

  • Studenten zijn niet uitgesloten, voor hen gelden dezelfde voorwaarden als voor inwoners die niet studeren;

  • Voor Osse inwoners met een inkomen tot 130% van de bijstandsnorm;

  • Uiterste aanvraagdatum 31 maart 2023.

In de beleidsregels Eenmalige energietoeslag 2022.2 is bepaald:

  • Uiterste aanvraagdatum nader vaststellen op 31 januari 2023.

Alle inwoners die eerder al € 800,- hebben ontvangen krijgen de extra € 500,- ambtshalve. Er is geen aparte aanvraag nodig. Inwoners die daarna voor het eerst een aanvraag indienen ontvangen meteen € 1.300,-.

Omdat de aanvraagtermijn is verlengd tot in 2023 kan daarmee ook na 2022 nog rechtmatig worden uitbetaald. Aanvragen kan echter tot uiterlijk 1 februari 2023 (=laatste dag aanvragen op 31 januari 2023). Voor de eenmalige energietoeslag over 2023 komen aparte beleidsregels.

Toelichting per artikel

Artikel 1: Begripsbepalingen

Het inkomensbegrip is identiek aan dat van de reguliere bijzondere bijstand en Osse minimaregelingen. Daarin is bijvoorbeeld bepaald dat bepaalde middelen niet als inkomen meetellen. Denk met name aan belastingtoeslagen, kinderbijslag of specifieke doeluitkeringen.

De peildatum en referteperiode bepalen wanneer aan de voorwaarden voor de energietoeslag is voldaan. De peildatum markeert het toets moment en de referteperiode is de periode waarover het inkomen in aanmerking wordt genomen. De peildatum is 1e dag van de volledige maand voorafgaand aan de aanvraag. De referteperiode is een volledige maand vanaf de peildatum.

Vraagt de inwoner aan op 20 oktober 2022 dan is de peildatum 1 september. En de referteperiode september 2022. Als het inkomen over september 2022 niet hoger is dan 130% van de toepasselijke bijstandsnorm bestaat er recht op de energietoeslag. Tenminste als aan de overige voorwaarden is voldaan.

Voor de eerste groep (bij de start) van ambtshalve beoordeling gaan we uit van het bestand van de inwoners zoals we die kennen op 16 maart 2022.

Artikel 2: Doelgroep eenmalige energietoeslag

De regeling heet Eenmalige energietoeslag, maar is in de beleidsregel gemakshalve energietoeslag genoemd.

Uitvoerbaarheid

Vanwege de uitvoerbaarheid is gekozen voor een vast bedrag ongeacht leefvorm of woonsituatie. De eenmalige energietoeslag is € 1.300,- en is een onbelaste uitkering. Om dezelfde reden geldt geen vermogenstoets.

Laag inkomen

Alleen huishoudens met een laag inkomen hebben recht op de energietoeslag. Het inkomen mag niet hoger zijn dan 130% van de toepasselijke bijstandsnorm. Gezien de bijzondere situatie en het eenmalige karakter van de energietoeslag is daarbij afgeweken van het reguliere beleid binnen de bijzondere bijstand en minimaregelingen in de gemeente Oss. Daarvoor geldt 120% als inkomensgrens.

Voor inwoners die in een schuldhulptraject zitten kan er mogelijk recht bestaan op een energietoeslag als het feitelijk beschikbare inkomen hierdoor ligt op 95% van de bijstandsnorm (het zogenaamde Vtlb-bedrag). Veelal maakt deze groep al gebruik van de minimaregelingen.

Begrip huishouden

Er is een afbakening van het begrip huishouden. Personen die daarvan zijn uitgezonderd kunnen niet zelfstandig een beroep doen op een energietoeslag. Achterliggende gedachte is dat het moet gaan om inwoners die direct geconfronteerd worden met hogere energiekosten. Om die reden zijn uitgezonderd van het recht op energietoeslag:

Inwoners in een inrichting

In de energiekosten is dan voorzien door de instelling. Daaronder worden ook gerekend de inwoners die verblijven in de crisisopvang.

Personen die beschermd wonen of begeleid wonen kunnen wel aanspraak maken op de energietoeslag als er sprake is van scheiding van wonen en zorg. Zij betalen dan zelf voor het wonen veelal in de vorm van een all-in huur. Daarin zijn energiekosten opgenomen.

Jongeren tot 21 jaar

De jongeren tot 21 jaar vallen onder de onderhoudsplicht van de ouders. Bij financiële problemen kan de jongere individuele bijzondere bijstand aanvragen. Uitzondering is gemaakt voor de jongere tot 21 jaar die aanvullende bijzondere bijstand voor het voeren van een zelfstandig huishouden ontvangt. Daarbij is al vastgesteld dat geen beroep op de ouders mogelijk is.

Studenten met studiefinanciering

Studenten zijn voor hun levensonderhoud aangewezen op studiefinanciering. Zij kunnen net als andere inwoners te maken krijgen met hogere energielasten. Het gaat dan om uitwonende studenten die zelfstandig wonen met een eigen energiecontract of een (kamer)huurcontract hebben en daarvoor een commerciële prijs betalen. Studenten komen onder dezelfde voorwaarden in aanmerking voor een energietoeslag als niet-studenten. Dat houdt overigens ook in dat er geen energietoeslag mogelijk is voor studenten onder 21 jaar. Zie kopje hierboven.

Dak- en thuislozen

Inwoners met alleen een briefadres hebben geen energielasten en komen daarom niet in aanmerking voor een energietoeslag. Datzelfde geldt voor personen die een uitkering ontvangen waarbij een verlaging van 20% is toegepast wegens het ontbreken van woonkosten.

Hoofdbewoner en medebewoners

De hoofdbewoner is degene die de energierekening krijgt en moet betalen. De hoofdbewoner heeft als woningeigenaar of huurder recht op de energietoeslag. Medebewoners die geen commerciële huurprijs betalen komen niet in aanmerking voor een energietoeslag (zie definitie artikel 2 beleidsregels kostendelers 2015.1). Dit betreft vooral de inwonende meerderjarige kinderen of anderen die op niet commerciële basis in dezelfde woning verblijven. Zij hebben geen directe energiekosten.

Wel recht op de energietoeslag hebben de medebewoners die daar op basis van een commerciële relatie wonen. Denk aan kamerbewoners, onderhuurders of kostgangers of jongeren onder 21 jaar (zie hiervoor).

Artikel 3: Ambtshalve toekenning

Uitgangspunt is om de groep ambtshalve toekenning zo groot mogelijk te maken. Zij ontvangen de energietoeslag automatisch met een begeleidende brief.

Een formele aanvraag met formulier en uitvraag van gegevens blijft dan achterwege.

Het gaat daarbij om de groep inwoners die een uitkering levensonderhoud ontvangen volgens de Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz-2004. Daarnaast krijgen inwoners die alleen in beeld zijn bij de uitvoering bijzondere bijstand en minimaregeling daar waar mogelijk automatisch een energietoeslag. Als niet alle gegevens aanwezig zijn om het recht op energietoeslag ambtshalve te kunnen beoordelen zal alsnog een aanvraag nodig zijn.

Artikel 4: Aanvraag

Een aanvraag voor de eenmalige energietoeslag over 2022 kan worden ingediend tot en met 31 januari 2023.

Artikel 5: Hardheidsclausule

Er zijn situaties denkbaar waarbij de aanvrager op de peildatum weliswaar niet voldeed aan de voorwaarden voor de energietoeslag, maar de (enige) uitsluitingsgrond slechts van korte duur was. In dergelijke situaties kan in afwijking van de beleidsregel toch een energietoeslag verleend worden.

De hardheidsclausule artikel 16 van de Participatiewet voorziet hier niet in.