Subsidieregeling voorschoolmaatschappelijk werk en schoolmaatschappelijk werk Rotterdam 2023

Geldend van 31-03-2022 t/m heden

Intitulé

Subsidieregeling voorschoolmaatschappelijk werk en schoolmaatschappelijk werk Rotterdam 2023

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam,

gelezen het voorstel van de concerndirecteur van het cluster Maatschappelijke Ontwikkeling van 22 maart 2022, registratienummer M2202-5319; 22bo2626.

gelet op de artikelen 3, 4 en 6, derde lid, van de Subsidieverordening Rotterdam 2014;

overwegende, dat het noodzakelijk is om een subsidieregeling op te stellen ten aanzien van de aanvraag en verdeling van middelen voor voorschoolmaatschappelijk werk op de kinderopvang en schoolmaatschappelijk werk op het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs;

besluit:

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • -

    aanbieder: instelling, die vsmw of smw aanbiedt, of schoolbestuur dat zelf smw aanbiedt en dit inzet voor de doelgroep 0 tot en met 22-jarigen;

  • -

    college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam;

  • -

    mbo: middelbaar beroepsonderwijs;

  • -

    po: primair onderwijs;

  • -

    smw: schoolmaatschappelijk werk op po, vo en mbo in de vorm van kortdurende hulpverlening, toeleiding naar hulp en ondersteuning aan de leerkracht en in de klas, of tijdelijke uitbreiding inzet uren schoolmaatschappelijk werk bij calamiteiten;

  • -

    ve: voorschoolse educatie;

  • -

    vo: voortgezet onderwijs, praktijkonderwijs;

  • -

    voorschool: instelling voor kinderopvang;

  • -

    vsmw: voorschoolmaatschappelijk werk op de kinderopvang in de vorm van kortdurende hulpverlening of toeleiding naar hulp en ondersteuning aan de pedagogisch medewerkers en in de groep;

  • -

    (v)smw-xtra: tijdelijk extra voorschoolmaatschappelijk en schoolmaatschappelijk werk bij calamiteiten in de kinderopvang en op het po en vo.

Artikel 2 Toepassingsbereik

Deze subsidieregeling is uitsluitend van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 3 bedoelde activiteiten.

Artikel 3 Te verrichten activiteiten

Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan het bieden of regelen van zorg- en hulpverlening aan kinderen en ouders op Rotterdamse locaties van een voorschool of school.

Artikel 4 Doelgroep

Subsidie kan worden verstrekt aan aanbieders op de Rotterdamse voorscholen of scholen.

Artikel 5 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen

De subsidie heeft uitsluitend betrekking op kosten van activiteiten die op uurbasis worden geleverd binnen de zorg- en hulpverleningsstructuur waarvan de functionaris vsmw of smw deel uitmaakt.

Artikel 6 Maximale subsidie per aanvraagcategorie

De maximale subsidie bedraagt:

  • a.

    voor de uitvoering van vsmw op de voorschool: € 70,11 per uur met een maximum van € 1.402,20 per ve-groep per jaar;

  • b.

    voor de uitvoering van smw in het po en vo: € 8.805,81 per po-school, aangevuld met een bedrag van € 33,04 per feitelijke po-leerling of een bedrag van € 17.595,98 per vo-locatie;

  • c.

    voor de uitvoering van smw op het mbo:

    Grafisch Lyceum Rotterdam:

    € 45.551

    Hout- en Meubileringscollege:

    € 25.045

    ROC Albeda College:

    € 508.683

    ROC Zadkine:

    € 386.421

    Scheepvaart & Transport College:

    € 61.786

    Yuverta college:

    € 21.627

  • d.

    voor de uitvoering van aanvullende uren smw voor internationale schakelklassen in het po en vo: € 50.000 voor maximaal 40 weken per kalenderjaar;

  • e.

    voor de uitvoering van (v)smw-xtra: € 50.000 voor maximaal vier uur per week gedurende maximaal vier maanden.

Artikel 7 Subsidieplafond

  • 1. Voor subsidieverlening op grond van deze regeling geldt voor de periode van 1 januari 2023 tot en met 31 december 2023 een subsidieplafond van € 6.466.612. Dit bedrag is uitgesplitst naar de volgende deelplafonds:

    • a.

      € 889.440 ten behoeve van de uitvoering van vsmw op de voorschool;

    • b.

      € 4.528.059 ten behoeve van de uitvoering van smw in het po en vo;

    • c.

      € 1.049.113 ten behoeve van de uitvoering van smw op het mbo.

  • 2. Niet benutte middelen van een deelplafond kunnen geheel of gedeeltelijk worden toegevoegd aan één of meerdere andere deelplafonds die zijn uitgeput.

  • 3. Het college kan de hoogte van het subsidieplafond binnen het in het eerste lid genoemde jaar wijzigen.

Artikel 8 Wijze van verdeling

  • 1. Verstrekking van subsidie vindt plaats op volgorde van ontvangst van complete aanvragen, totdat het voor de betrokken subsidie vastgestelde deelplafond is bereikt.

  • 2. Als de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van ontvangst van de aanvraag de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen.

Artikel 9 De aanvraag voor vsmw en inzet uren smw

  • 1. Een subsidieaanvraag door een aanbieder kan worden ingediend tot en met 31 mei 2022.

  • 2. Een subsidieaanvraag wordt ingediend via het digitale subsidieportaal van de gemeente Rotterdam op www.rotterdam.nl/subsidies en onder gebruikmaking van het daar beschikbaar gestelde aanvraagformulier.

  • 3. In de aanvraag vsmw maakt de aanvrager in ieder geval inzichtelijk:

    • a.

      de hoeveelheid groepen en periode waarop de aanvraag betrekking heeft;

    • b.

      in welk gebied en op welke locaties de werkzaamheden worden uitgevoerd; en

    • c.

      hoe wordt voldaan aan de in artikel 10 genoemde verplichtingen.

  • 4. In de aanvraag smw maakt de aanbieder in ieder geval inzichtelijk:

    • a.

      welke afspraken zijn gemaakt met de besturen van Rotterdamse scholen over de cofinanciering van smw; en

    • b.

      hoeveel uren smw worden aangevraagd en hoe wordt voldaan aan de in artikel 10 bedoelde verplichtingen.

Artikel 10 Verplichtingen subsidieontvanger en eigen bijdrage

  • 1. Voor de subsidieontvanger gelden de volgende verplichtingen:

    • a.

      de door de aanbieder in te zetten functionaris vsmw heeft een afgeronde hbo-opleiding maatschappelijk werk en dienstverlening, sociaal pedagogische hulpverlening of een andere relevante hbo-opleiding op sociaal terrein, aangevuld met een afgeronde basiscursus vsmw;

    • b.

      de door de aanbieder in te zetten functionaris smw heeft een afgeronde hbo-opleiding maatschappelijk werk en dienstverlening, sociaal pedagogische hulpverlening of een andere relevante hbo-opleiding op sociaal terrein;

    • c.

      de aanbieder maakt afspraken met de besturen van Rotterdamse scholen over de cofinanciering van smw;

    • d.

      de aanbieder voldoet aan de kwaliteitseisen die aan de uitvoering van smw en vsmw zijn gesteld.

  • 2. De schoolbesturen van het po, vo en mbo leveren in 2023 een eigen bijdrage ter hoogte van de volgende percentages van de totale inzet van smw op de desbetreffende scholen:

    • a.

      voor het po 25%;

    • b.

      voor het vo 65%;

    • c.

      voor het mbo 50%.

  • 3. Een lagere eigen bijdrage van een schoolbestuur leidt tot een evenredige vermindering van de subsidie.

Artikel 11 Verantwoording en monitoring

  • 1. De aanbieder van smw of vsmw levert als onderdeel van de inhoudelijke verantwoording de definitieve en volledige gegevens volgens het verantwoordingsformat gelijktijdig aan met de eindrapportage en eventuele tussentijdse rapportages.

  • 2. De subsidieontvanger neemt bij de eindrapportage en eventuele tussentijdse rapportages een overzicht op van de gerealiseerde resultaten ten opzichte van de totaal gesubsidieerde resultaten en een prognose voor de resterende periode, waarbij wordt beschreven:

    • a.

      in hoeverre de resultaten hebben geleid tot gewenste effecten en daardoor hebben bijgedragen aan het maatschappelijk resultaat;

    • b.

      op welke wijze monitoringsitems leiden tot leren en verbeteren van resultaten ten behoeve van het maatschappelijk resultaat.

  • 3. De subsidieontvanger doet zo spoedig mogelijk schriftelijk melding aan het college indien:

    • a.

      niet alle monitoringsitems kunnen worden geleverd;

    • b.

      het aanleveren van bepaalde monitoringsitems volgens de subsidieontvanger niet bijdraagt aan het doel om inzicht te geven in de resultaten, het bereik, de effecten van de activiteiten en het algehele leereffect;

    • c.

      volgens de subsidieontvanger relevante monitoringsitems ontbreken.

Artikel 12 Inwerkingtreding.

  • 1. Deze subsidieregeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het gemeenteblad waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2024.

  • 2. Deze regeling blijft van toepassing op subsidies verstrekt op grond van deze regeling en op volledige aanvragen om subsidie die zijn ingediend voor de vervaldatum van deze subsidieregeling.

Artikel 13 Citeertitel

Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling voorschoolmaatschappelijk werk en schoolmaatschappelijk werk Rotterdam 2023.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de vergadering van 22 maart 2022.

De secretaris,

V.J.M. Roozen

De burgemeester,

A. Aboutaleb

Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIR): 010-417 2514 of bir@rotterdam.nl

Toelichting

Algemene toelichting

De jeugd beweegt zich op drie zogenaamde leefdomeinen; thuis, (voor)school (en later: werk) en vrije tijd. Het behalen van een diploma of startkwalificatie biedt een belangrijke basis voor actieve maatschappelijke participatie. Daarom is het belangrijk schooluitval te voorkomen en kinderen en jongeren voor het onderwijs te behouden en te zorgen voor zelfredzaamheid in de maatschappij.

Het Schoolmaatschappelijk Werk is een kernpartner in het Schoolondersteuningsteam. Samen met collega’s uit de domeinen Onderwijs, Jeugdgezondheidszorg en Veiligheid vormen zij het Schoolondersteuningsteam. De inzet van kernpartners in en om de school, is gericht op het ondersteunen van de school in het tijdig signaleren van belemmeringen van leerlingen en hier adequaat op te kunnen interveniëren. Deels door onderwijsprofessionals tools in handen te geven om de leerling te kunnen begeleiden tijdens de schoolloopbaan, deels door zelf kortdurend hulp te verlenen of door te geleiden naar de juiste hulp.

Sinds 2017 is in de kinderopvang in Rotterdam het voorschoolmaatschappelijk werk ingevoerd met eenzelfde taak als in het onderwijs om zo vroeg mogelijk belemmeringen in de ontwikkeling van jonge kinderen te signaleren en hierbij te ondersteunen.

De Subsidieregeling voorschoolmaatschappelijk werk en schoolmaatschappelijk werk 2023 heeft haar grondslag in de artikelen 3, 4 en 6, lid 4, van de Svr 2014. Titel 4.2 van de Awb is eveneens van toepassing. Het bepaalde in deze regeling is op een beperkt aantal onderdelen aanvullend op c.q. afwijkend van het bepaalde in de Svr. Voor zover er geen andere bepalingen zijn opgenomen, zijn alle bepalingen van de Svr onverkort van toepassing, bijvoorbeeld op het gebied van de vaststelling van de subsidie, de geldende subsidieverplichtingen, etcetera.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1 Begripsbepalingen

Dit artikel bevat de definities van een aantal begrippen in de nadere regels die voor het begrip van deze regeling van belang zijn.

Artikel 2 Toepassingsbereik

Het college wil vanuit een integrale blik kinderen en jongeren op voorschoolse voorzieningen en op school adequaat en tijdig laten helpen waar dat nodig is. De voorschoolmaatschappelijk werker c.q. de schoolmaatschappelijk werker is de ‘linking-pin’ naar de wijkteams. Hij of zij bepaalt aan de hand van een risicotaxatie of toeleiding naar andere vormen van hulp nodig is.

Artikel 3 Te verrichten activiteiten

Het is de wens van het college om uitsluitend subsidie te verstrekken voor in Rotterdam aan de kinderopvang of school verbonden activiteiten.

Artikel 4 Doelgroep

Deze regeling is gericht op aanbieders van vsmw en smw op de kinderopvang en in het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en Middelbaar beroepsonderwijs.

Artikel 5 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen

De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de kosten van de vermelde activiteiten op uurbasis, Hierbij gaat het om de ondersteuning van de locaties waarbinnen de functionaris vsmw of smw werkt.

Artikel 6 Berekening maximale subsidie per aanvraagcategorie

De maximale subsidie per aanvraagcategorie wordt als volgt berekend. Dit kan nimmer de in artikel 7 vermelde subsidiedeelplafonds te boven gaan.

VSMW:

Voor vsmw geldt dat in de aanvraag voor 2023 het aantal ve-groepen en de periode waarin de taken op de ve-locatie worden verricht inzichtelijk gemaakt moeten worden. Deze taken zijn inclusief registratie en voorbereiding, doch exclusief bijvoorbeeld deskundigheidsbevordering. De vergoeding van het vsmw is € 70,11 per uur met een maximum van € 1.402,20 per ve-groep per jaar, wat overeenkomt met 20 declarabele uren per ve-groep per jaar.

De maximale kostprijs bedraagt 1350 uur x € 70,11 = € 94.648,50 per fte per jaar. De vaststelling van de subsidie na afloop van het jaar 2023 zal uiteindelijk plaatsvinden op basis van de verantwoorde en door het college goedgekeurde uren.

SMW:

De Rotterdamse scholen voor po en vo die smw-aanbieden, dienen de te verwachten declarabele uren inzichtelijk te maken waarbinnen zij de schoolgebonden taken in 2023 willen verrichten, inclusief registratie en voorbereiding, doch exclusief bijvoorbeeld deskundigheidsbevordering. De beschikbare bedragen bestaan uit een bedrag per school (BRIN-nummer volgens DUO) van maximaal 125,6 declarabele uren (€ 8.805,81) per primair onderwijs-school, alsmede een bedrag van € 33,04) per leerling voor reguliere basisscholen en scholen voor speciaal basisonderwijs (SBO). Voor het voortgezet onderwijs geldt een bedrag van maximaal 251 declarabele uren (€17.597,61) per locatie met een eigen BRIN-nummer. Bij het voortgezet onderwijs geldt geen bedrag per leerling. Dit zijn maximale bedragen. De daadwerkelijke hoogte van de bijdrage van de gemeente is afhankelijk van de eigen bijdrage van de schoolbesturen. De maximale kostprijs bedraagt 1350 uur x € 70,11 = € 94.648,50 per fte per jaar. De vaststelling van de subsidie na afloop van het jaar 2023 zal uiteindelijk plaatsvinden op basis van de verantwoorde en door het college goedgekeurde uren.

MBO

De mbo-instellingen die smw aanbieden, dienen het benodigde aantal fte inzichtelijk te maken dat in 2023 schoolgebonden taken verricht, inclusief registratie en voorbereiding, doch exclusief bijvoorbeeld deskundigheidsbevordering. De beschikbare bedragen voor het MBO bestaan uit een vast bedrag per instelling, in te zetten voor een afgesproken hoeveelheid fte. De instelling moet uit eigen middelen tenminste hetzelfde bedrag bijdragen.

Internationale schakelklassen:

Voor de internationale, door de gemeente geverifieerde schakelklassen op het po en vo, stelt het college maximaal € 50.000 beschikbaar. Dit bedrag is aanvullend op de in cofinanciering door de onderwijsinstelling verstrekte middelen, voor maximaal 40 weken per kalenderjaar.

(V)SMW-Xtra

Voor tijdelijk extra (voor)schoolmaatschappelijk werk bij calamiteiten in de kinderopvang, het po en vo, stelt het college in 2023 maximaal € 50.000, - beschikbaar voor (v)smw-Xtra. (V)smw-Xtra heeft als doel ve-locaties of scholen in geval van onvoorziene situaties extra in hun zorgtaken te ondersteunen door het tijdelijk toekennen van aanvullende uren (v)smw tot een maximum van vier extra uren (v)smw per week gedurende maximaal vier maanden tegen het geldende uurtarief.

Het gaat hierbij om een acute toename van zorgleerlingen/kinderen of calamiteit op scholen/ve-locaties. Per calamiteit wordt beoordeeld of dit toegekend wordt. De voorwaarde die gesteld wordt is dat de ve-locatie of school aantoonbaar maakt zelf te zoeken naar een structurele oplossing. Na maximaal vier maanden wordt de inzet geëvalueerd en wordt gekeken of verlenging nodig is.

Artikel 7 Subsidieplafond

Tegen de achtergrond van de eindigheid van de voor 2023 beschikbare middelen, heeft het college voor respectievelijk vsmw en smw een subsidieplafond vastgesteld. Dit valt uiteen in een drietal deelplafonds, dat is vermeld in het eerste lid onder a., b. en c.

Artikel 8 De wijze van verdeling

Het derde lid van artikel 4 van de Subsidieverordening Rotterdam 2014 geeft het college de bevoegdheid om verdeelregels vast te stellen. In deze Subsidieregeling worden de aanvragen gehonoreerd voor zover deze compleet zijn. Hierbij moet de aanvraag tevens voldoen aan de overige eisen van de regeling en kan het budgetplafond niet overschreden worden.

De aanvrager krijgt op grond van artikel 4:5 Awb, eerste lid, onderdeel c, de gelegenheid om de aanvraag binnen een bepaalde termijn aan te vullen. Lid 2 van dit artikel regelt dat de datum waarop de aanvulling op de aanvraag is ontvangen, vervolgens als datum van ontvangst geldt.

Artikel 9 De aanvraag voor vsmw en inzet uren smw

De aanbieder moet voor een geldige aanvraag op grond van deze regeling, gebruik maken van het formulier dat op het digitale subsidieportaal van de gemeente Rotterdam te vinden is.

Hierbij worden afzonderlijke subsidieaanvraagcategorieën onderscheiden, te weten VSMW, SMW en MBO.

Artikel 10 Verplichtingen subsidieontvanger en eigen bijdrage

Aanbieders op het gebied van smw en vsmw die subsidie aanvragen dienen aan verplichtingen op het gebied van kwaliteit te voldoen. Voor aanbieders op het gebied van smw geldt dat het percentage van de eigen bijdragen die zij moeten voldoen (cofinanciering), verschilt per schooltype. Het leveren van een eigen bijdrage geldt niet voor het vsmw.

Artikel 11 Verantwoording en monitoring

Het college hecht er aan inzicht te verkrijgen in de resultaten, het bereik en de effecten van de activiteiten. Hierbij hoort onder andere een plicht van de subsidieontvanger om tijdig de registratie en monitoringsgegevens bij het college in te dienen.

Artikel 12 Inwerkingtreding

De inwerkingtreding is op de eerste dag na bekendmaking van deze regeling.

Voor het geval een procedure doorloopt in 2024 is het tweede lid een bepaling over het overgangsrecht opgenomen.

Artikel 12 Citeertitel

Het college biedt de mogelijkheid om deze regeling voluit of verkort te citeren.