Subsidieregeling amateurkunst, cultuurparticipatie en erfgoed provincie Groningen 2022 - 2024

Geldend van 24-03-2022 t/m heden

Intitulé

Subsidieregeling amateurkunst, cultuurparticipatie en erfgoed provincie Groningen 2022 - 2024

Gedeputeerde Staten van Groningen maken bekend dat zij op 15 maart 2022, nr. A. 15., team BELCULT, dossiernummer K 24838 het volgende besluit hebben genomen:

Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen:

Overwegende dat:

  • -

    de Subsidieregeling amateurkunst, cultuurparticipatie en erfgoed provincie Groningen één van de instrumenten is in het Uitvoeringsprogramma cultuur 2021-2024, vastgesteld door Gedeputeerde Staten bij besluit van 6 oktober 2020;

  • -

    wij streven naar kunst en cultuur voor iedereen, een bruisend en vernieuwend aanbod van cultuur in Stad en Ommeland stimuleren en inzetten op ontwikkeling, behoud en versterking van het erfgoed, landschap en leefomgeving;

  • -

    we deze ambities willen bereiken via vier strategieën: Een sterke basis en vernieuwing, Samenleven met cultuur, Overal cultuur en Thuis in Groningen;

  • -

    we met de inzet van deze Subsidieregeling en het bijbehorende budget initiatieven willen ondersteunen die op originele wijze bijdragen aan één of meerdere van de strategieën en zich richten op het stimuleren van actieve cultuurparticipatie, amateurkunst, erfgoed, archeologie en de Nedersaksische taal.;

  • -

    de Corona crisis extra steun voor culturele instellingen nodig maakt en om die reden voor aanvragen die in 2022 worden ingediend een hoger subsidiemaximum van 70% wordt ingevoerd. Het doel van deze verhoging is: mogelijkheden bieden voor culturele instellingen om een nieuwe impuls aan hun programmering te geven, met inzet van culturele zzp’ers en flexkrachten. Deze tijdelijk regeling is gericht op de amateursector, (im-)materieel erfgoed en archeologie. Deze verhoging vervalt automatisch in 2023, wanneer het normale subsidiemaximum van 50% weer van toepassing wordt.

Gelet op:

  • -

    Titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht;

  • -

    Artikel 3, derde lid, van de Kaderverordening subsidies provincie Groningen 2017;

  • -

    De Procedureregeling subsidies provincie Groningen 2018;

  • -

    Uitvoeringsplan cultuur 2021-2024 en het Uitvoeringsprogramma cultuur 2021-2024.

Besluiten:

I. Vast te stellen de:

Subsidieregeling amateurkunst, cultuurparticipatie en erfgoed provincie Groningen 2022 - 2024.

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    actieve cultuurparticipatie: het actief meedoen aan kunst en cultuur;

  • b.

    amateurkunst: een activiteit op het gebied van muziek, dans, toneel, beeldende kunst of audiovisuele kunst of literatuur, beoefend in de vrije tijd, die voor de kunstbeoefenaar geen primaire inkomstenbron oplevert.

  • c.

    Awb: Algemene wet bestuursrecht;

  • d.

    Collectie Groningen: Groninger taal, tradities, landschap, materieel erfgoed en gebouwd erfgoed en archeologie;

  • e.

    culturele instelling: culturele stichting of vereniging zonder winstoogmerk;

  • f.

    erfgoed, bestaande uit:

    • -

      Immaterieel erfgoed: sporen uit het verleden in het heden, in de vorm van gebruiken, verhalen, streektaal, tradities en gewoonten;

    • -

      Materieel erfgoed: sporen uit het verleden in het heden, die zichtbaar en tastbaar aanwezig zijn, zoals voorwerpen in musea, archeologische vondsten, archieven, monumenten en landschappen;

  • g.

    erfgoedinstelling: een instelling zonder winstoogmerk die zich bezighoudt met collectievorming, presentatie en educatie van erfgoed.

  • h.

    Kaderverordening: Kaderverordening subsidies provincie Groningen 2017;

  • i.

    Procedureregeling: Procedureregeling subsidies provincie Groningen 2018;

  • j.

    provincie: provincie Groningen;

  • k.

    erfgoedparticipatie: actieve deelname van een erfgoedgemeenschap zoals het publiek, inwoners en/of vrijwilligers aan een activiteit gericht op erfgoed of archeologie.

Artikel 2 Doel

Deze regeling heeft tot doel het stimuleren van vernieuwende activiteiten die gericht zijn op:

  • a.

    actieve deelname aan amateurkunst en/of;

  • b.

    het vergroten van de actieve participatie van inwoners die nu niet of nauwelijks deelnemen aan kunst en cultuur en/of;

  • c.

    erfgoed en archeologie gericht op participatie en/of;

  • d.

    het behouden en bevorderen van het gebruik van de Nedersaksische taal.

Artikel 3 Doelgroep

Subsidie kan worden aangevraagd door culturele- en erfgoedinstellingen zonder winstoogmerk.

Artikel 4 Subsidievorm

Gedeputeerde Staten verstrekken op grond van deze regeling subsidies in de vorm van een geldbedrag.

Artikel 5 Subsidiabele activiteiten

Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten gericht op:

  • a.

    actieve cultuurparticipatie, waarbij het gaat om vernieuwende activiteiten geïnitieerd vanuit culturele instellingen met (artistiek) inhoudelijke invulling die de toegang tot cultuur voor (groepen) inwoners die nu niet of nauwelijks actief participeren, aantoonbaar vergroot.

  • b.

    amateurkunst, waarbij het gaat om incidentele vernieuwende activiteiten gericht op het stimuleren van actieve deelname en ontwikkeling van amateurkunstenaars;

  • c.

    het gebied van erfgoed/ archeologie behorend tot de Collectie Groningen die een duidelijk vernieuwend karakter hebben en gericht zijn op participatie en de kennis, beleving en waardering van het erfgoed / de archeologie vergroten;

  • d.

    vernieuwende culturele activiteiten die zich richten op het behouden en bevorderen van het gebruik van de Nedersaksische taal.

Artikel 6 Weigeringsgronden

Onverminderd de artikelen 4:25 en 4:35 Awb en de artikelen 2.5 en 2.6 van de Procedureregeling wordt de subsidie in ieder geval geweigerd indien:

  • a.

    het aangevraagde subsidiebedrag lager is dan € 2.500,-;

  • b.

    voor eenzelfde soort project reeds drie keer subsidie is verstrekt op grond van deze regeling en de Subsidieregeling amateurkunst, cultuurparticipatie en erfgoed provincie Groningen vastgesteld op 2 maart 2021.

Artikel 7 Subsidievereisten

Om voor subsidie als bedoeld in artikel 5 in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten:

  • a.

    er moet sprake zijn van inhoudelijke kwaliteit, hetgeen beoordeeld wordt aan de hand van de (artistieke) visie, inhoudelijke samenhang, zeggingskracht, authenticiteit, vernieuwing, vakmanschap en aansluiting bij behoefte;

  • b.

    de activiteit overstijgt de lokale belangen;

  • c.

    de activiteit richt zich op een doelgroep die voor een substantieel deel uit de provincie Groningen komen;

  • d.

    de activiteit vindt in de provincie Groningen plaats;

  • e.

    de activiteit wijkt nadrukkelijk af van de reguliere activiteiten van de aanvrager;

  • f.

    naast bovenstaande wordt aan de subsidieaanvrager die voor eenzelfde soort project voor de tweede of derde keer subsidie aanvraagt als extra vereiste gesteld dat er ontwikkeling van het project zichtbaar moet zijn;

  • g.

    voor provincie-overstijgende activiteiten dienen andere provincies ook een financiële bijdrage te leveren.

  • h.

    Wanneer een activiteit duidelijk in één gemeente in de provincie plaatsvindt dan is een financiële bijdrage van deze gemeente een vereiste.

Artikel 8 Subsidiabele kosten

Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie komen alle kosten die worden gemaakt voor activiteiten zoals genoemd in artikel 5 voor subsidie in aanmerking.

Artikel 9 Niet subsidiabele kosten

Onverminderd artikel 1.5 van de Procedureregeling komen de volgende kosten in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking. Kosten voor:

  • a.

    de reguliere activiteiten en exploitatie(s) van een instelling;

  • b.

    activiteiten die al op een andere wijze worden gefinancierd;

  • c.

    activiteiten die plaatsvinden in het kader van het regulier onderwijs en opleiding, inclusief wetenschappelijk onderzoek;

  • d.

    activiteiten op het terrein van cultuuronderwijs;

  • e.

    professioneel uitvoerende kunstenaars;

  • f.

    activiteiten die betrekking hebben op het programmeren van podia;

  • g.

    cursusaanbod, bijvoorbeeld van uitvoerende amateurkunstinstellingen, kunstencentra, zzp'ers en andere lesaanbieders;

  • h.

    investeringen in goederen of huisvesting;

  • i.

    publicaties, cd's, dvd's en equivalenten.

Artikel 10 Indieningsvereisten

  • 1. Een aanvraag voor subsidie wordt ingediend door middel van een vastgesteld aanvraagformulier.

  • 2. Onverminderd artikel 2.1, lid 1 en 2 van de Procedureregeling bevat een aanvraag:

    • a.

      een plan waaruit blijkt dat de activiteit realistisch is;

    • b.

      een plan waaruit blijkt dat de activiteit financieel en organisatorisch haalbaar is;

    • c.

      een PR- of communicatieplan waaruit blijkt dat er sprake is van een realistische publieksbenadering.

Artikel 11 Subsidiehoogte

  • a. De hoogte van de subsidie bedraagt minimaal € 2.500,- en maximaal € 40.000 euro.

  • b. De subsidie, verleend in 2022, bedraagt (in verband met de coronacrisis) maximaal 70% van de subsidiabele kosten.

  • c. De subsidie, verleend vanaf het jaar 2023, bedraagt maximaal 50% van de subsidiabele kosten.

Artikel 12 Subsidieplafond

Gedeputeerde Staten stellen jaarlijks het subsidieplafond vast en maken dit bekend in het Provinciaal Blad.

Artikel 13 Beslistermijn subsidieaanvraag

Gedeputeerde staten beslissen binnen 8 weken nadat de in artikel 14 genoemde ronde is gesloten.

Artikel 14 Behandeling subsidieaanvraag

  • 1. Aanvragen kunnen gedurende het gehele kalenderjaar worden ingediend.

  • 2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid worden aanvragen per ronde in behandeling genomen en beoordeeld.

  • 3. Er zijn 5 ronden per kalenderjaar waarvan de sluitingsdata zijn: 1 februari, 1 april, 1 juni, 1 september en 1 november.

  • 4. Het aantal ronden kan minder dan vijf zijn in geval het subsidieplafond voor het betreffende kalenderjaar is bereikt.

Artikel 15 Verdeelcriteria

  • 1. Binnen de in artikel 14 genoemde ronden wordt subsidie verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen. Indien een subsidieaanvraag nog niet volledig is, geldt voor het bepalen van de onderlinge rangschikking voor de verdeling van de subsidie de dag waarop de subsidieaanvraag volledig is als datum van binnenkomst.

  • 2. Dreigt het subsidieplafond op enige dag te worden overschreden, dan vindt rangschikking van de op die dag binnengekomen volledige subsidieaanvragen plaats door middel van loting.

Artikel 16 Verplichtingen van de subsidieontvanger

Onverminderd de verplichtingen die volgen uit de Procedureregeling worden de volgende verplichtingen aan de subsidieontvanger opgelegd:

  • a.

    het project wordt uitgevoerd overeenkomstig de beschikking tot subsidieverlening en de ingediende aanvraag.

  • b.

    inhoudelijke en/ of financiële wijzigingen gedurende de looptijd van de projectuitvoering, die het detailniveau overstijgen, worden schriftelijk en onverwijld voorgelegd aan Gedeputeerde Staten.

  • c.

    de aanvrager dient een inhoudelijke eindrapportage van de activiteit in bij Gedeputeerde Staten, met daarin een overzicht van de bereikte resultaten passend bij de doelen van de regeling.

  • d.

    de activiteiten worden binnen twee jaar na subsidieverstrekking verricht.

  • e.

    de activiteiten of de producten die voortkomen uit deze regeling zijn publiekelijk toegankelijk.

Artikel 17 Intrekking en overgangsrecht

  • 1. De Subsidieregeling amateurkunst, cultuurparticipatie en erfgoed provincie Groningen wordt ingetrokken.

  • 2. De Subsidieregeling amateurkunst, cultuurparticipatie en erfgoed provincie Groningen blijft van kracht voor subsidies die op basis van die subsidieregeling zijn aangevraagd.

Artikel 18 Inwerkingtreding

Deze regeling wordt bekendgemaakt in het Provinciaal Blad en treedt in werking de dag na publicatie en eindigt van rechtswege met ingang van 1 januari 2025.

Artikel 19 Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling amateurkunst, cultuurparticipatie en erfgoed provincie Groningen 2022 - 2024.

Ondertekening

Groningen, 15 maart 2022

Gedeputeerde Staten voornoemd:

F.J. Paas, voorzitter.

J. Schrikkema, secretaris

Toelichting behorende bij de Subsidieregeling amateurkunst, cultuurparticipatie en erfgoed provincie Groningen 2022 tot en met 2024

Algemeen

Deze subsidieregeling is vastgesteld op grond van de Kaderverordening subsidies provincie Groningen 2017 (Kaderverordening) en de Procedureregeling subsidies provincie Groningen 2018 (Procedureregeling). Dit betekent dat een aantal aspecten van de verstrekking van subsidies niet in de subsidieregeling zijn vastgelegd, maar in de Kaderverordening en Procedureregeling. In de Procedureregeling staat onder meer waar de aanvraag moet worden ingediend, wat de beslistermijnen zijn voor Gedeputeerde Staten en algemene verplichtingen voor de subsidieontvanger, zoals de meldingsplicht.

Voor een goed begrip van deze subsidieregeling is dus bestudering van de Kaderverordening en Procedureregeling noodzakelijk. Ook de Algemene wet bestuursrecht bevat algemene bepalingen die onverkort van toepassing zijn op subsidies, verstrekt op grond van deze subsidieregeling.

Artikelsgewijs

Artikel 2a en 2b: zowel bij cultuurparticipatie als amateurkunst gaat het erom dat de deelnemer actief meedoet aan een kunstdiscipline; danst, toneel speelt, muziek maakt, beeldend bezig is, filmt of in een film acteert. Het gaat niet om het passief beleven van kunstuitingen, zoals kijken naar een film, toneelstuk of dansuitvoering of alleen het bezoeken van een tentoonstelling. De nadruk ligt op actief meedoen.

Artikel 2c en 5c: Bij de doelstelling erfgoed en archeologie is de participatie van belang. We willen hiermee bereiken dat erfgoedgemeenschappen, bestaande uit bijvoorbeeld publiek, inwoners, en/of vrijwilligers betrokken worden bij het erfgoed om de kennis, waardering en beleving van het Gronings erfgoed te vergroten. De actieve betrokkenheid van de gemeenschap kan zowel in de ontwikkelingsfase als de uitvoeringsfase van een project plaatsvinden.

Artikel 3: eenmanszaken, zzp'ers, ondernemingen met een winstoogmerk zijn uitgesloten van deze regeling.

Artikel 5 Subsidiabele activiteiten

De activiteit heeft betrekking op amateurkunst en/ of cultuurparticipatie en/ of erfgoed en/ of Nedersaksische taal. Activiteiten van uitvoerende professionele kunstenaars kunnen worden ingediend bij de Kunstraad en zijn uitgesloten van subsidiëring op grond van deze regeling.

Vernieuwing kan betrekking hebben op:

  • Nieuwe doelgroepen en/ of;

  • Samenwerkingen die nog niet eerder hebben plaatsgevonden en/ of;

  • Een activiteit die nog niet eerder heeft plaatsgevonden en/of;

  • Een werkwijze die nog niet eerder is ingezet en/ of;

  • Een project dat een voorbeeld kan zijn voor anderen om van te leren;

Artikel 5 a: Het gaat om groepen inwoners die niet of nauwelijks met cultuur in aanraking komen. Het kan dan bijvoorbeeld gaan om jongeren, ouderen, inwoners met een beperking etc. Het gaat nadrukkelijk om culturele initiatieven vanuit culturele organisaties, waarbij zij de verbinding maken met andere domeinen zoals welzijn, zorg, leefbaarheid.

Artikel 7 Subsidievereisten

Lid b: De activiteit overstijgt de lokale belangen. Daarmee bedoelen we dat de activiteit een duidelijke regionale, provinciale uitstraling heeft. Dat betekent dat bijvoorbeeld de deelnemers uit meerdere gemeenten afkomstig zijn en/of de activiteit een breed publiek trekt uit een groot deel van de provincie of daarbuiten, of op regionaal of provinciaal niveau georganiseerd is.

Lid e: onder reguliere activiteiten verstaand we activiteiten die betrekking hebben op de eigen, reguliere activiteiten en exploitatie(s) van een organisatie en/of activiteiten die al op een andere wijze worden gesubsidieerd.

Artikel 9 Niet subsidiabele kosten

Sub d: activiteiten gericht op cultuuronderwijs zijn uitgesloten van deze Regeling. Deze activiteiten ondersteunt de provincie via het project "Cultuureducatie met Kwaliteit". Hiervoor kunt u contact opnemen met CMK Groningen van de stichting Kunst & Cultuur (K&C).

Sub e: kosten van uitvoerende professionele kunstenaars / artiesten die bijvoorbeeld meedoen in de amateurvoorstelling zijn niet subsidiabel. Activiteiten op het terrein van de professionele uitvoerende kunsten kunnen worden ingediend bij de Kunstraad en zijn uitgesloten van subsidiëring op grond van deze regeling.

Kosten van professionals die ondersteunend zijn aan de amateurs, zoals regisseurs, dirigenten en ook direct gerelateerd kunnen worden aan de amateuractiviteiten zijn wel subsidiabel.

Artikel 10 Indieningsvereisten

Lid 2 sub b: Voor de activiteiten die aangevraagd worden in de periode waarin er corona-maatregelen gelden moet in de aanvraag duidelijk gemaakt worden op welke manier wordt omgegaan en wordt voldaan aan de geldende veiligheidseisen ten behoeve van de volksgezondheid en op welke manier de activiteit publiek en/of digitaal toegankelijk is. Daarbij kan gedacht worden aan het uitwerken van verschillende scenario's waarbij rekening wordt gehouden met diverse coronamaatregelen.

Artikel 11 Subsidiehoogte

De subsidie bedraagt normaliter 50% van de totale subsidiabele kosten, maar ten gevolge van de coronacrisis heeft Gedeputeerde staten besloten dat het percentage opgehoogd kan worden tot 70% van de totale subsidiabele kosten voor subsidies die in 2022 worden verleend. Dit is geregeld in lid b. Met ingang van 2023 valt het percentage weer terug naar 50% van de totale subsidiabele kosten omdat de verwachting is dat dan de crisis voorbij is en culturele instellingen weer toekunnen met dit normale percentage.