Regeling vervallen per 01-01-2023

Verordening persoonlijk minimabudget Hardinxveld-Giessendam

Geldend van 04-03-2022 t/m 31-12-2022 met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2022

Intitulé

Verordening persoonlijk minimabudget Hardinxveld-Giessendam

De gemeenteraad

Gezien het voorstel van het college van 16 november 2021;

Gelet op artikel 8 lid 1 onderdeel b en 36 van de Participatiewet;

BESLUIT:

vast te stellen de navolgende:

Verordening persoonlijk minimabudget Hardinxveld-Giessendam.

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1.1. Begripsomschrijvingen

Bij de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    de wet: de Participatiewet;

  • b.

    inkomen: totaal van het inkomen als bedoeld in artikel 32 van de wet. Algemene bijstand wordt, in afwijking van artikel 32 van de wet voor de beoordeling van het recht op PMB als inkomen gezien;

  • c.

    peildatum: de datum waartegen een persoon om individuele inkomenstoeslag verzoekt;

  • d.

    referteperiode: de periode van twaalf maanden voorafgaand aan de peildatum;

  • e.

    persoonlijk minimabudget (PMB): de individuele inkomenstoeslag zoals bedoeld in artikel 36 van de wet;

  • f.

    de van toepassing zijnde norm geldend voor de gehele referteperiode:

    • 1.

      de norm die geldt op de peildatum, zoals staat vermeld in artikel 21 onder a van de wet voor een alleenstaande of alleenstaande ouder;

    • 2.

      de norm die geldt op de peildatum, zoals staat vermeld in artikel 21 onder b van de wet voor de gehuwden gezamenlijk;

    • 3.

      de norm die geldt op de peildatum, zoals staat vermeld in artikel 23, eerste en derde lid van de wet bij verblijf in een inrichting als bedoeld in artikel 1 onder f, 1 en 2 van de wet.

Hoofdstuk 2. Persoonlijk minimabudget

Artikel 2.1. Indienen verzoek

Een verzoek als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de wet wordt ingediend middels een gestandaardiseerd aanvraagformulier ‘PMB’.

Artikel 2.2. Langdurig laag inkomen

Een persoon heeft een langdurig laag inkomen, zoals bedoeld in artikel 36 eerste lid van de wet, als gedurende de referteperiode van twaalf maanden het in aanmerking te nemen inkomen niet hoger is dan 110% van de van toepassing zijnde norm.

Artikel 2.3. Hoogte van de toeslag

  • 1.

    Het persoonlijk minimabudget bedraagt per kalenderjaar 35% van de van toepassing zijnde norm.

  • 2.

    Als één van de gehuwden is uitgesloten van het recht op persoonlijk minimabudget ingevolge de artikelen 11 of 13, eerste lid, van de wet, komt de rechthebbende echtgenoot in aanmerking voor een persoonlijk minimabudget naargelang de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden.

  • 3.

    Voor de toepassing van het eerste of tweede lid is de situatie op de peildatum bepalend. De bedragen van het persoonlijk minimabudget worden naar boven afgerond op het eerstvolgende veelvoud van € 5.

Hoofdstuk 3. Slotbepalingen

Artikel 3.1. Overgangsrecht

  • 1.

    De voorgaande versie van de verordening, de Verordening persoonlijk minimabudget Drechtsteden, vastgesteld d.d. 3 december 2019, wordt ingetrokken met ingang van de inwerkingtreding van deze verordening, met dien verstande dat zij van toepassing blijft ten aanzien van een op grond daarvan genomen besluit totdat het college, onder intrekking van dit besluit, een nieuw besluit op grond van deze verordening heeft genomen.

  • 2.

    Aanvragen die zijn ingediend vóór inwerkingtreding van deze verordening en waarop nog geen besluit is genomen ten tijde van de inwerkingtreding van deze verordening, worden afgehandeld op grond van deze verordening.

  • 3.

    Bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten genomen op grond van de Verordening persoonlijk minimabudget Drechtsteden worden afgehandeld op grond van de Verordening persoonlijk minimabudget Drechtsteden.

Artikel 3.2. Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2022.

Artikel 3.3. Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening persoonlijk minimabudget Hardinxveld-Giessendam.

Ondertekening

Aldus besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad van 20 januari 2022,

de griffier, de voorzitter,

mevr. A. van der Ploeg dhr. D.A. Heijkoop