Subsidieregeling culturele en recreatieve activiteiten gemeente Oldambt

Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 01-01-2023

Intitulé

Subsidieregeling culturele en recreatieve activiteiten gemeente Oldambt

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oldambt;

gelet op de wens om regels te stellen met betrekking tot het verstrekken van subsidies voor culturele activiteiten en recreatie;

gelet op titel 4.2 (subsidies) van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), artikel 156, derde lid van de Gemeentewet en de bepalingen van de Algemene subsidieverordening gemeente Oldambt 2019.

Besluit vast te stellen de:

Subsidieregeling culturele en recreatieve activiteiten gemeente Oldambt.

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1.1 Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    Asv: Algemene subsidieverordening gemeente Oldambt

  • b.

    Awb: Algemene wet bestuursrecht

  • c.

    basisbedrag: bedrag dat dient voor de dekking van de vaste kosten met uitzondering van de niet-subsidiabele kosten

  • d.

    college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oldambt

  • e.

    cultuur: de levenswijze van een groep mensen zoals die zich op verschillende manieren manifesteert en tot uitdrukking komt in waarden, normen, gewoontes, regels, tradities, rituelen, symbolen en kunst

  • f.

    dans: een gezelschap van personen dat de danskunst beoefent, zoals dansverenigingen

  • g.

    gemeente: gemeente Oldambt

  • h.

    kunst: het product van creatieve menselijke uitingen in onder meer de volgende disciplines: beeldende kunst, muziek, drama, dans, erfgoed, film, literatuur en media

  • i.

    muziek: een gezelschap van personen dat zich bezighoudt met instrumentale muziek, zoals muziekverenigingen en orkesten

  • j.

    zang: een gezelschap van personen dat de zangkunst, zijnde vocale muziek, beoefent, zoals zangverenigingen en zangkoren

Artikel 1.2 Toepassingsbereik

Het bepaalde in deze subsidieregeling is uitsluitend van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in hoofdstuk 2 genoemde activiteiten.

Hoofdstuk 2. De activiteiten

Paragraaf 2.1 Algemeen

Artikel 2.1.1 Doelstelling

Het doel van deze subsidieregeling is het stimuleren van culturele activiteiten die van belang zijn voor de inwoners en/of culturele sector van de gemeente.

Artikel 2.1.2 Doelgroep

  • 1.

    Voor subsidie komen uitsluitend rechtspersonen zonder winstoogmerk in aanmerking.

  • 2.

    Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten op het gebied van kunst, cultuur en recreatie welke in deze regeling staan beschreven.

Artikel 2.1.3 Regionale activiteiten

Regionale activiteiten komen in aanmerking voor subsidie als tenminste één andere gemeente of de kunstraad of de provincie ook subsidie verstrekt.

Paragraaf 2.2 Muziek, zang en dans

Artikel 2.2.1 Activiteiten

  • 1.

    Subsidies op grond van deze paragraaf kunnen uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten op het gebied van:

    • a.

      muziek,

    • b.

      zang, of

    • c.

      dans

  • 2.

    De activiteiten dienen te voldoen aan de volgende criteria:

    • a.

      De activiteiten zijn laagdrempelig en makkelijk toegankelijk en vinden plaats in de gemeente Oldambt;

    • b.

      De begroting dient voor tenminste 50% uit andere inkomsten en/of subsidies, bijvoorbeeld andere fondsen of crowdfunding te bestaan;

    • c.

      Uit de begroting moeten blijken dat er een financiële noodzaak is voor een aanvraag;

    • d.

      De activiteit is origineel óf vernieuwend en heeft voldoende artistiek - inhoudelijke kwaliteit.

  • 3.

    De subsidie wordt jaarlijks verstrekt.

  • 4.

    Het totale subsidiebedrag wordt bij verlening als voorschot verstrekt.

  • 5.

    De hoogte van de subsidie wordt niet jaarlijks geïndexeerd.

Artikel 2.2.2 Zelfstandige eenheden binnen muziek

Onder muziek uit artikel 2.2.1 eerste lid onder a worden muziekverenigingen en orkesten verstaan die uit één zelfstandige eenheid of meerdere zelfstandige eenheden bestaan. Deze zelfstandige eenheden zijn te onderscheiden:

  • a.

    blaasorkesten zoals harmonieën, fanfares, brassbands, bigbands, blaaskapellen;

  • b.

    mars- en showorkesten, bestaande uit slagwerk en/of blaasinstrumenten, zoals drumfanfares, showbands, drum- en malletbands, tamboer-, fluit-, lyra-, pijper- en jachthoornkorpsen;

  • c.

    accordeonorkesten;

  • d.

    majorette-, twirl- en color guard groepen.

Artikel 2.2.3 Berekening van de subsidie

  • 1.

    Voor activiteiten in de zin van artikel 2.2.1 eerste lid onder a, wordt gerekend met een basisbedrag dat afhankelijk is van het aantal zelfstandige eenheden en bedraagt:

    • a.

      bij een vereniging met één zelfstandige eenheid maximaal € 1.000,-.

    • b.

      bij een vereniging met twee zelfstandige eenheden maximaal € 1.500,-.

    • c.

      bij een vereniging met drie of meer zelfstandige eenheden maximaal € 2.000,-.

  • 2.

    Voor activiteiten zoals genoemd in artikel 2.2.1 eerste lid onder a bedraagt het bedrag per lid

  • € 20,-.

  • 3.

    De subsidie bedraagt, voor activiteiten zoals genoemd in artikel 2.2.1 eerste lid onder b en c, maximaal € 1.000,- per aanvraag.

Artikel 2.2.4 Nationale wedstrijden

  • 1.

    Bij deelname aan een nationale wedstrijd kan een vereniging, orkest, band of korps hiervoor een aanvraag doen.

  • 2.

    De aanvraag dient te voldoen aan artikel 2.2.1 tweede lid onder b en c juncto artikel 3.1.

Artikel 2.2.5 Subsidieplafond

Het subsidieplafond voor activiteiten zoals beschreven in deze paragraaf bedraagt jaarlijks: € 31.000,-.

Paragraaf 2.3 Kunst en cultuur

Artikel 2.3.1 Activiteiten

  • 1.

    Subsidies op grond van deze paragraaf kunnen uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten op het gebied van (beeldende) kunst, literatuur, festivals, theatervoorstellingen of film.

  • 2.

    De activiteit voegt iets bijzonders toe aan het culturele aanbod in Oldambt en voldoet minimaal aan een van de volgende voorwaarden:

    • a.

      experimenteel van aard;

    • b.

      geeft een nieuwe invulling aan het reguliere aanbod;

    • c.

      pakt braakliggend cultureel terrein aan;

    • d.

      draagt bij aan een goed cultureel imago van Oldambt;

    • e.

      spreekt een groot en/of breed publiek aan.

  • 3.

    De hoogte van de subsidie bedraagt maximaal € 1.500,- per aanvraag.

  • 4.

    De subsidie wordt jaarlijks verstrekt.

  • 5.

    Het totale subsidiebedrag wordt bij verlening als voorschot verstrekt.

  • 6.

    De hoogte van de subsidie wordt niet jaarlijks geïndexeerd.

Artikel 2.3.2 Subsidieplafond

Het subsidieplafond voor activiteiten zoals beschreven in deze paragraaf bedraagt jaarlijks: € 12.018,-.

Paragraaf 2.4 Cultuur en recreatie

Artikel 2.4.1 Activiteiten

  • 1.

    Subsidies op grond van deze paragraaf kunnen uitsluitend worden verstrekt voor A-evenementen (kleine evenementen) en aan (culturele) verenigingen, stichtingen en non-profit instellingen die activiteiten uitvoeren op het gebied van cultuur en recreatie in de breedste zin van het woord voor de bewoners van de gemeente Oldambt van jong tot oud.

  • 2.

    De activiteiten dienen te voldoen aan de volgende criteria:

    • a.

      De activiteiten zijn laagdrempelig en makkelijk toegankelijk en vinden plaats in de gemeente Oldambt;

    • b.

      De begroting dient voor tenminste 50% uit andere inkomsten en of subsidies te bestaan;

    • c.

      Uit de begroting moeten blijken dat er een financiële noodzaak is voor een aanvraag;

    • d.

      De activiteit is origineel óf vernieuwend en heeft voldoende artistiek – inhoudelijke kwaliteit.

  • 3.

    De hoogte van de subsidie bedraagt maximaal € 2.500,- per aanvraag.

  • 4.

    De subsidie wordt jaarlijks verstrekt.

  • 5.

    Het totale subsidiebedrag wordt bij verlening als voorschot verstrekt.

  • 6.

    De hoogte van de subsidie wordt niet jaarlijks geïndexeerd.

Artikel 2.4.2 Subsidieplafond

Het subsidieplafond voor activiteiten zoals beschreven in deze paragraaf bedraagt jaarlijks: € 55.706,-.

Paragraaf 2.5 Jubileumsubsidie

Artikel 2.5.1 Jubileumsubsidie

Een jubileumsubsidie kan worden aangevraagd ter gelegenheid van het 25-, 50-, 75-, 100- en elk veelvoud van het 25-jarig bestaan van een instelling. De aanvrager dient statutair gevestigd te zijn in de gemeente Oldambt.

Artikel 2.5.2 Subsidieplafond

De subsidie bedraagt € 2, - per jubileumjaar met een maximum van € 250, -.

Paragraaf 2.6 Nationale dodenherdenking

Artikel 2.6.1 Activiteiten

  • 1.

    Activiteiten in het kader van de nationale dodenherdenking op 4 mei komen in aanmerking voor een subsidie. 

  • 2.

    Per stads- of dorpskern wordt slechts één aanvraag per herdenking gehonoreerd.

  • 3.

    De activiteiten zijn openbaar voor alle bewoners.

Artikel 2.6.2 Berekening van de subsidie

Voor het organiseren van een herdenking op 4 mei worden de kosten gesubsidieerd die betrekking hebben op de herdenking. 

Artikel 2.6.3 Subsidieplafond Het subsidieplafond voor nationale herdenkingen valt onder het subsidieplafond cultuur en recreatie uit artikel 2.4.2. Artikel 2.6.4 Wijze van verdeling

  • 1.

    Indien er in een stads- of dorpskern meerdere aanvragers zijn en samenwerking niet mogelijk is geldt de volgende verdeling:

  • 2.

    De verstrekking van de subsidie vindt plaats in volgorde van de door het college aangebrachte rangschikking.

  • 3.

    Bij de rangschikking van de aanvragen bepaalt het college voorrang op basis van:

    • a.

      bestaande Oranjevereniging of Herdenkingscomité organiseren de activiteiten;

    • b.

      de mate waarvan het activiteitenaanbod is gericht op alle inwoners van de stad of het dorp;

    • c.

      de mate van een speciaal activiteitenaanbod voor jongeren.

Hoofdstuk 3. Kosten en wijze van verdeling

Artikel 3.1 Subsidiabele kosten

  • 1.

    De kosten die redelijkerwijs direct zijn toe te rekenen aan de activiteitenuit hoofdstuk 2 zijn subsidiabel.

  • 2.

    Niet subsidiabel zijn in ieder geval de volgende kosten:

    • a.

      Oprichtingskosten van stichtingen en verenigingen;

    • b.

      Reis- en verblijfkosten;

    • c.

      Consumptie- en cateringkosten;

    • d.

      Kosten voor prijzen, bekers, medailles etc.;

    • e.

      Onvoorziene kosten;

    • f.

      Vrijwilligersvergoedingen en kosten;

    • g.

      Overheadkosten.

Artikel 3.2 Wijze van verdeling

  • 1.

    Honorering van aanvragen die in aanmerking komen voor subsidie en die niet worden geweigerd, geschiedt in volgorde van indiening, totdat het vastgestelde subsidieplafond is bereikt.

  • 2.

    Als de aanvrager krachtens artikel 4:5 Awb de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van indiening van de aanvraag de datum waarop de aanvraag volledig is aangevuld.

  • 3.

    Indien het college op de dag dat het subsidieplafond wordt bereikt, meer dan één aanvraag voor een subsidie ontvangt die per kalenderjaar wordt verstrekt, stelt het de onderlinge rangschikking van die aanvragen vast door volgorde van binnenkomst.

  • 4.

    Dit artikel is niet van toepassing op paragraaf 2.6.

Hoofdstuk 4. Besluitvorming

Artikel 4.1 Aanvraag

De aanvraag wordt ingediend op een daarvoor vastgesteld online aanvraag- en activiteitenformulier.

Artikel 4.2 Aanvraagtermijn

  • 1.

    Een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt, wordt ingediend uiterlijk 1 oktober voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft.

  • 2.

    Andere aanvragen om subsidie worden uiterlijk ingediend 8 weken voordat de aanvrager voornemens is te beginnen met de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.

Artikel 4.3 Beslistermijn

  • 1.

    Het college beslist op een aanvraag om een subsidie als bedoeld in artikel 8, eerste lid Asv, uiterlijk op 31 december van het jaar waarin de aanvraag is ingediend.

  • 2.

    Het college beslist op een aanvraag om een subsidie als bedoeld in artikel 8, tweede en derde lid Asv, binnen 8 weken nadat de volledige aanvraag is ingediend.

Artikel 4.4 Weigeringsgronden

Onverminderd het bepaalde in de Asv kan subsidieverlening worden geweigerd wanneer:

  • a.

    er een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat een activiteit niet of niet geheel zal plaatsvinden;

  • b.

    een aanvrager naar verwachting niet kan of gaat voldoen aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;

  • c.

    er niet op een behoorlijke wijze rekening en verantwoording wordt afgelegd omtrent de verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten, voor zover deze voor de vaststelling van een subsidie van belang zijn;

  • d.

    het een activiteit betreft met een commercieel karakter of waarbij sprake is van winstoogmerk;

  • e.

    de aanvraag het betreffende subsidieplafond overschrijdt of zal overschrijden.

Artikel 4.5 Verplichtingen

Conform Asv.

Artikel 4.6 Verantwoording en vaststelling

Conform Asv.

Hoofdstuk 5. Slotbepalingen

Artikel 5.1 Hardheidsclausule

  • 1.

    Het college kan in bijzondere gevallen besluiten – ten gunste van de aanvrager – af te wijken van de bepalingen van deze subsidieregeling, indien toepassing van deze subsidieregeling, leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.

  • 2.

    In alle gevallen waarin deze subsidieregeling niet voorzien besluit het college.

Artikel 5.2 Overgangsbepaling

  • 1.

    Deze bepalingen zijn niet van toepassing op subsidies die vóór de inwerkingtreding van deze regeling zijn verleend.

  • 2.

    Subsidieaanvragen die zijn ingediend in het jaar 2022 voor het jaar 2023 worden volgens deze regeling beoordeeld.

Artikel 5.3 Inwerkingtreding

De Subsidieregeling culturele en recreatieve activiteiten gemeente Oldambt treedt – na behoorlijk te zijn bekendgemaakt – in werking op 1 januari 2023.

Artikel 5.4 Citeertitel

Deze subsidieregeling kan worden aangehaald als Subsidieregeling culturele en recreatieve activiteiten gemeente Oldambt.

Ondertekening

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oldambt d.d. 1 februari 2022.

De secretaris, De burgemeester,

B. Aukema C.Y. Sikkema