Verordening op de heffing en de invordering van leges gemeente Westerkwartier 2022

Geldend van 01-01-2022 t/m heden

Intitulé

Verordening op de heffing en de invordering van leges gemeente Westerkwartier 2022

De raad van de gemeente Westerkwartier;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 23 november 2021;

gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet en de artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet;

B E S L U I T:

vast te stellen de “Verordening op de heffing en de invordering van leges gemeente Westerkwartier 2022”.

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    ’dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

  • b.

    ’week’: een aaneengesloten periode van zeven dagen;

  • c.

    ’maand’: het tijdvak dat loopt van de eerste dag in een kalendermaand tot en met de eerste dag in de volgende kalendermaand;

  • d.

    'kalenderjaar': de periode van 1 januari tot en met 31 december.

Artikel 2 Belastbaar feit

Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor:

  • a.

    het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

  • b.

    het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;

  • c.

    een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

Artikel 4 Vrijstellingen

Leges worden niet geheven voor:

  • a.

    diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald;

  • b.

    diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend;

  • c.

    diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening of gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning of wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning, voor zover die aanvraag betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een inrichting als bedoeld in artikel 2.1 eerste lid onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;

  • d.

    het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlening van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1 eerste lid, onderdeel i, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover het een activiteit betreft bedoeld in artikel 2.2a van het Besluit omgevingsrecht (omgevingsvergunning beperkte milieutoets);

  • e.

    diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening van een vergunning of ontheffing voor het plaatsen van een mobiele onderzoeksunit die wordt gebruikt voor het doen van bevolkingsonderzoek als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet op het bevolkingsonderzoek, voor welk onderzoek op grond van die wet vergunning is verleend.

Artikel 5 Maatstaven van heffing en tarieven

  • 1. De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2. Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 6 Wijze van heffing

De leges worden geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving bedoeld in artikel 6:

    • a.

      mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 14 dagen na de dagtekening van de kennisgeving.

  • 2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 9 Vermindering of teruggaaf

Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst, besluit of handeling wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst, besluit of handeling in die tarieventabel opgenomen bepaling.

Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden

Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen:

  • a.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • b.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft:

    • 1.

      hoofdstuk 2 (reisdocumenten);

    • 2.

      hoofdstuk 3 (rijbewijzen);

    • 3.

      onderdeel 1.4.5 (papieren verstrekking uit de basisregistratie personen);

    • 4.

      onderdeel 1.9.1 (verklaring omtrent het gedrag);

    • 5.

      hoofdstuk 16 (kansspelen);

een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.

Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de leges.

Artikel 12 Overgangsrecht

De Legesverordening gemeente Westerkwartier 2021, vastgesteld in de raadsvergadering van 2 december 2020 en gewijzigd bij besluit van het college van burgemeester en wethouders d.d. 15 december 2020, en door de raad d.d. 29 september 2021 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijven op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 13 Inwerkingtreding

  • 1. Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die waarop zij bekend is gemaakt.

  • 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022.

Artikel 14 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als ‘’Legesverordening gemeente Westerkwartier 2022’’.

Ondertekening

Aldus besloten in de openbare vergadering

van de raad van de gemeente Westerkwartier,

d.d. 15 december 2021.

A. van der Tuuk, voorzitter

J.L. de Jong, griffier

Bijlage Tarieventabel, behorende bij de Legesverordening gemeente Westerkwartier 2022

Titel 1 Algemene dienstverlening

 
 
 
 

Hoofdstuk 1 Algemeen

 

1.1

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van informatie, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen,

 

1.1.1

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van informatie door middel van (foto)kopie of scan in een A3 of A4 format en in digitale vorm, nihil. In afwijking hiervan bedraagt het tarief per bladzijde € 0,20 als de te verstrekken informatie meer dan tien bladzijden bedraagt en voor het verstrekken van de informatie handelingen moeten worden verricht zoals het scannen of bewerken van documenten.

 

1.1.2

door middel van kaarten of tekeningen, per kaart of tekening in een A0, A1 of A2 format

€ 10,15

1.1.3

Stukken of uittreksels, welke op aanvraag van de aanvrager moeten worden opgemaakt, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina

€ 0,20

1.1.4

Het tarief bedraagt voor een beschikking op aanvraag voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen

€ 50,75

 
 
 

Hoofdstuk 2 Burgerlijke stand

 

1.2

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap tijdens de openingstijden in één van de gemeentehuizen van de gemeente in Grootegast, Marum, Leek en Zuidhorn, telkens tussen 09:00 uur – 17:00 uur.

 

1.2.1

Maandag tot en met vrijdag

€ 345,10

1.2.1.2

Zaterdag

€ 609,00

1.2.1.3

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of een registratie van een partnerschap in de Borg Nienoord te Leek, telkens van 09:00 tot 17:00 uur:

 

1.2.1.4

Maandag tot en met vrijdag

€ 669,90

1.2.1.5

Zaterdag

€ 964,25

1.2.1.6

In afwijking van het genoemde in 1.2.1, bedraagt het tarief voor voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap op dinsdag en woensdag om 09:30 uur, zonder toespraak en met maximaal 6 personen, inclusief getuigen.

€nihil

1.2.1.7

In afwijking van het genoemde in 1.2.1, bedraagt het tarief voor voltrekking van een budgethuwelijk of budgetregistratie van een partnerschap op maandag tot en met donderdag van 10.00 tot 12.00 uur in het gemeentehuis in Leek of Zuidhorn, zonder toespraak en met maximaal 10 personen, inclusief de getuigen

€ 101,50

1.2.2

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap anders dan in de genoemde locaties in 1.2 en 1.2.1.3, telkens tussen 09:00 uur – 17:00 uur

 

1.2.2.1

Maandag tot en met vrijdag

€ 429,35

1.2.2.2

Zaterdag

€ 672,95

1.2.3

Bij omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk worden de in 1.2.1 tot en met 1.2.2.2 vallende tarieven toegepast als gebruik wordt gemaakt van de trouwzaal of een locatie buiten de gemeentehuizen.

 

1.2.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot benoeming van een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand voor het sluiten van één huwelijk of registratie van één partnerschap

€ 163,50

1.2.5

Voor de voltrekking van een huwelijk of een registratie van een partnerschap op een ander tijdstip dan maandag tot en met zaterdag tussen 09:00 – 17:00 uur, geldt een toeslag van 50 procent boven op het tarief genoemde tarieven in de voorgaande artikelen.

 

1.2.6

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap of omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk in een bijzonder huis op grond van artikel 64, Boek 1, van het Burgerlijk Wetboek

€ 72,95

1.2.7

Voor het annuleren van een voltrekking van een huwelijk, registratie van een partnerschap of omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk

€ 37,20

1.2.8

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van een trouwboekje of partnerschapsboekje

€ 22,30

1.2.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het kalligraferen van een huwelijksboekje voor:

 

1.2.8.2

Een huwelijk of partnerschap

€ 29,40

1.2.8.3

Het bijschrijven van een kind, per kind

€ 11,15

1.2.9

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

 
 
 
 

Hoofdstuk 3 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

 

1.3

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag:

 

1.3.1

van een nationaal paspoort:

 

1.3.1.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 75,80

1.3.1.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 57,30

1.3.2

van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in subonderdeel 1.3.1 (zakenpaspoort):

 

1.3.2.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 75,80

1.3.2.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 57,30

1.3.3

van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort):

 

1.3.3.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 75,80

1.3.3.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 57,30

1.3.4

van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen

€ 57,30

1.3.5

van een Nederlandse identiteitskaart:

 

1.3.5.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 68,50

1.3.5.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 36,95

1.3.6

Vervangende identiteitskaart voor personen met uitreisverbod

€ 33,35

1.3.7

voor een spoedlevering van een in de onderdelen 1.3.1 tot en met 1.3.6 genoemd document, zijnde een toeslag op de in die onderdelen genoemde bedragen:

€ 51,60

 
 
 

Hoofdstuk 4 Rijbewijzen

 

1.4.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs

€ 41,60

1.4.2

Het tarief genoemd in onderdeel 1.4.1 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met

€ 34,10

 
 
 
 
 
 

Hoofdstuk 5 Verstrekking uit de basisregistratie personen

 

1.5.1

Voor de toepassing van dit hoofdstuk, wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens over één persoon waarvoor:

 

a) de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd en/of

 

b) de voor basisregistratie personen geldende bevolkingsadministratie moet worden geraadpleegd

 

1.5.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.5.2.1

tot het verstrekken van gegevens, per verstrekking

€ 10,15

1.5.3

In afwijking van de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het schriftelijk verstrekken van gegevens bedoeld in artikel 17, tweede lid, van het Besluit basisregistratie personen

€ 7,60

1.5.4

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doornemen van de basisregistratie personen, voor ieder daaraan besteed kwartier

€ 17,75

1.5.5

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van een bewijs van Nederlanderschap

€ 10,15

1.5.6

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van een bewijs van opneming in de basisregistratie

€ 10,15

1.5.7

tot het verstrekken van een bewijs van in leven zijn

€ 10,15

1.5.8

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van gegevens d.m.v. een selectie uit het geautomatiseerde persoonsbestand, per selectie

€ 152,25

 
 
 

Hoofdstuk 6 Overige publiekzaken

 

1.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.6.1

tot het legaliseren van een handtekening

€ 5,05

1.6.2

het waarmerken van enig stuk

€ 5,05

1.6.3

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om afgifte van een verklaring omtrent het gedrag geldt het maximumtarief zoals dat is vastgesteld bij of krachtens de Wet justitiële gegevens

 

1.6.4

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van het Nederlanderschap door naturalisatie of via optie als bedoeld in de Rijkswet op het Nederlanderschap geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit Optie- en Naturalisatiegelden 2002

 
 
 
 

Hoofdstuk 7 Bestuursstukken

 

1.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.7.1.1

een afschrift van de gemeentebegroting

€ 25,35

1.7.1.2

een afschrift van het programmarekening- en verslag

€ 25,35

 
 
 

Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie

 

1.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een afschrift van of uittreksel uit:

 

1.8.1.1

de gemeentelijke basisregistratie adressen of de gemeentelijke basisregistratie gebouwen, bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, per adres of object

€ 10,15

1.8.1.2

de legger bedoeld in artikel 27 van de Wegenwet

€ 10,15

1.8.1.3

een inschrijving in het rijksmonumentenregister die aan de gemeente verzonden is, als bedoeld in artikel 3.3, vijfde lid, van de Erfgoedwet

€ 10,15

1.8.1.4

het gemeentelijk erfgoedregister, bedoeld in artikel 3.16 van de Erfgoedwet, per aangewezen cultureel erfgoed

€ 10,15

1.8.1.5

het gemeentelijke beperkingenregister of de gemeentelijke beperkingenregistratie, bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder a en b, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken, dan wel tot het verstrekken van een aan die registratie ontleende verklaring, als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder c, van die wet

€ 10,15

1.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van kopieën van:

 

1.8.2.1

het gemeentelijke adressenbestand of delen daarvan, per adres

€ 0,25

1.8.2.2

het gemeentelijke relatiebestand adres-kadastraal perceel of delen daarvan, per gelegde relatie

€ 0,10

1.8.2.3

het gemeentelijke adrescoördinatenbestand of delen daarvan, per adrescoördinaat

€ 0,10

 
 
 

Hoofdstuk 9 Gemeentearchief

 

1.9.1

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doen van naspeuringen in de in het gemeentearchief berustende stukken, voor ieder daaraan besteed kwartier

€ 17,75

1.9.2

Het tarief bedraagt voor een (digitale) AO kopie

€ 0,20

 
 
 

Hoofdstuk 10 Leegstandwet

 

1.10

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.10.1

tot het verlenen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet

€ 45,65

1.10.1.1

tot het verlengen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van woonruimte als bedoeld in artikel 15, negende lid, van de Leegstandwet

€ 30,45

1.10.2

Indien aanvragen als bedoeld in de subonderdelen 1.10.1. en 1.10.1.1 gelijktijdig worden ingediend en woonruimten in hetzelfde gebouw, zoals een flat, een school of een kantoor betreffen, worden de in die subonderdelen bedoelde leges slechts eenmaal geheven.

 
 
 
 

Hoofdstuk 11 Kansspelen

 

1.11.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen:

 

1.11.1.1

voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat

€ 56,50

1.11.1.2

voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer kansspelautomaten, voor de eerste kansspelautomaat

€ 56,50

1.11.1.2.1

en voor iedere volgende kansspelautomaat

€ 34,00

1.11.1.3

voor één kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd

€ 226,50

1.11.1.4

voor twee of meer kansspelautomaten, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd, voor de eerste kansspelautomaat

€ 226,50

1.11.1.4.1

en voor iedere volgende kansspelautomaat

€ 136,00

1.11.2

De subonderdelen 1.11.1.1 en 1.11.1.2 zijn van overeenkomstige toepassing, indien de vergunning geldt voor een tijdvak, korter dan twaalf maanden of langer dan twaalf maanden maar ten hoogste vier jaar, met dien verstande dat de daar genoemde bedragen naar evenredigheid van het verschil in looptijd van de vergunning verlaagd onderscheidenlijk verhoogd worden.

 

1.11.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning)

€ 10,15

 
 
 

Hoofdstuk 12 Telecommunicatie

 

1.12.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van:

 

1.12.1.1

een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, van de Telecommunicatiewet

€ 304,50

1.12.1.2

een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering werkzaamheden als bedoeld in artikel 4.1 van de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur 2022 gemeente Westerkwartier (AVOI 2022)

€ 304,50

1.12.1.3

indien het betreft werkzaamheden, bedoeld in 1.12.1.1 en 1.12.1.2, in tegel-, klinker- en sierbestratingen, alsmede gesloten verhardingen, voor zover de werkzaamheden plaatsvinden in of op openbare gemeentegrond, per strekkende meter sleuf verhoogd met

€ 1,10

1.12.1.4

indien het betreft werkzaamheden, bedoeld in 1.12.1.1 en 1.12.1.2, in bermen, groenstroken en dergelijke, voor zover de werkzaamheden plaatsvinden in of op openbare gemeentegrond, per strekkende meter sleuf verhoogd met

€ 1,10

1.12.1.5

indien met betrekking tot een melding overleg moet plaatsvinden tussen gemeente, andere beheerders van openbare grond en de aanbieder van het netwerk, verhoogd met

€ 203,00

1.12.1.6

indien de aanvraag genoemd in 1.12.1.3 en 12.1.1.4 meer dan 1.000 meter bedraagt, is het tarief per meter boven de 1.000 meter

€ 0,55

1.12.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding waarvoor geen instemmingsbesluit noodzakelijk is als bedoeld in artikel 4.2 van de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur 2022 gemeente Westerkwartier (AVOI 2022)

€ 45,75

 
 
 

Hoofdstuk 13 Verkeer en vervoer

 

1.13

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.13.1

tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990

€ 35,50

1.13.2

tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 9.1 van de Regeling voertuigen

€ 35,50

1.13.3

tot het verstrekken van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW)

€ 17,75

1.13.4

Het tarief genoemd in onderdeel 1.13.3 wordt vermeerderd met de kosten voor een medische keuring als er sprake is van een medische keuring door een arts.

€ 51,75

 
 
 

Hoofdstuk 14 Diversen

 

1.14.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor het mogen schieten met Carbid

€ 10,15

1.14.2

tot het verkrijgen van een in dit hoofdstuk niet genoemde vergunning of ontheffing, afgegeven ter uitvoering van een algemeen bindende bepaling

€ 35,50

 
 
 
 
 
 

Titel 2 Omgevingsvergunningen

 

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

 

2.1.1

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

 

2.1.1.1

aanlegkosten:

 
 

de aannemingssom, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012), voor het uit te voeren werk of voor zover deze ontbreekt, een raming van de kosten die voortvloeien uit de aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het aanleggen) van de werken of de werkzaamheden, de omzetbelasting daarin niet begrepen, en indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van de werken of de werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin niet begrepen;

 

2.1.1.2

bouwkosten:

 
 

de aannemingssom, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012;), voor het uit te voeren werk of voor zover deze ontbreekt een raming van de kosten die voortvloeien uit aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het bouwen) van de bouwwerken, de omzetbelasting daarin niet begrepen, en indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin niet begrepen;

 

2.1.1.3

Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

 

2.1.2

In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.

 

2.1.3

In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.

 
 
 
 

Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag

 

2.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

2.2.1

tot het houden van vooroverleg in verband met het verkrijgen van een indicatie of een voorgenomen project in het kader van de Wabo vergunbaar is

€ 76,10

 
 
 

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning

 

2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.

 

2.3.1

Bouwactiviteiten

 

2.3.1.1

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten, bedraagt het tarief:

2,70%

2.3.1.1.1

van de bouwkosten, met een minimum van

€ 152,25

2.3.1.2

Welstandsadvies

 
 

Onverminderd het bepaalde in subonderdeel 2.3.1.1 wordt het berekende bedrag verhoogd met het bedrag van de kosten beoordeling van het bouwplan uit het oogpunt van welstand.

 

2.3.1.3

Verplicht advies agrarische commissie

 
 

Onverminderd het bepaalde in subonderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat subonderdeel bedoelde aanvraag een advies van de agrarische commissie nodig is en wordt beoordeeld:

€ 76,10

 
 
 

2.3.1.4

Achteraf ingediende aanvraag

 
 

Onverminderd het bepaalde in subonderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien de in dat subonderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de bouwactiviteit van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges:

100%

 
 
 

2.3.2

Aanlegactiviteiten

 
 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 203,00

2.3.3

Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een bouwactiviteit

 
 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1 en het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

2.3.3.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):

€ 203,00

2.3.3.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking of tijdelijke afwijking):

€ 203,00

2.3.3.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking):

€ 2.030,00

2.3.3.4

indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan):

€ 913,50

2.3.3.5

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving):

€ 355,25

2.3.3.6

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving):

€ 355,25

2.3.3.7

indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit):

€ 355,25

2.3.4

Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een bouwactiviteit

 
 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

2.3.4.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):

€ 355,25

2.3.4.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking of tijdelijke afwijking):

€ 355,25

2.3.4.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking):

€ 2.030,00

2.3.4.4

indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan):

€ 913,50

2.3.4.5

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving):

€ 446,60

2.3.4.6

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving):

€ 446,60

2.3.4.7

indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit):

€ 355,25

2.3.5

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid

 
 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 304,50

2.3.6

Activiteiten met betrekking tot monumenten of beschermde stads- of dorpsgezichten

 

2.3.6.1

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een rijks-, provinciaal of gemeentelijk monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, of artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wabo in samenhang met de provinciale erfgoedverordening of Erfgoedverordening gemeente Westerkwartier 2020, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

2.3.6.1.1

voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een monument:

€ 203,00

2.3.6.1.2

voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

€ 203,00

2.3.6.2

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder h, of artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wabo in samenhang met de provinciale erfgoedverordening of Erfgoedverordening gemeente Westerkwartier 2020, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 203,00

2.3.7

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht

 
 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 203,00

2.3.8

Aanleggen of veranderen weg

 
 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder d, van de Wabo in samenhang met de provinciale verordening of artikel 2:11 van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Westerkwartier 2021, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 50,75

2.3.9

Uitweg/inrit

 
 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo in samenhang met artikel 2:12 van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Westerkwartier 2021, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 50,75

2.3.10

Kappen

 
 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo in samenhang met artikel 4:11 van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Westerkwartier 2021, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 50,75

2.3.11

Opslag van roerende zaken

 
 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op de opslag van roerende zaken in een bepaald gedeelte van de provincie, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder j of k, van de Wabo in samenhang met de provinciale verordening of artikel 2:10, tweede lid, van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Westerkwartier 2021, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

2.3.11.1

indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken,:

€ 50,75

2.3.11.2

indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen:

€ 50,75

2.3.12

Natura 2000-activiteiten

 
 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder a, van het Besluit omgevingsrecht (Natura 2000-activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 50,75

2.3.13

Flora- en fauna-activiteiten (bescherming van soorten)

 
 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder b, van het Besluit omgevingsrecht (flora- en fauna-activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 203,00

2.3.14

Andere activiteiten

 
 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:

 

2.3.14.1

behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 50,75

2.3.14.2

behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

2.3.14.2.1

als het een gemeentelijke verordening betreft: het bedrag dat op grond van deze tarieventabel voor de betreffende vergunning of ontheffing verschuldigd is als de activiteit zou worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning. Als de activiteit in geen enkel geval kan worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning bedraagt het tarief:

€ 50,75

2.3.14.2.2

als het een provinciale of waterschapsverordening betreft: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. Indien een begroting als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

2.3.15

Omgevingsvergunning in twee fasen

 
 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.15.1

voor het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;

 

2.3.15.2

voor het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.

 

2.3.16

Beoordeling bodemrapport

 
 

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld:

 

2.3.16.1

voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport

€ 101,50

2.3.16.2

voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport

€ 101,50

 

Het tarief uit 2.3.16.2 wordt verminder met € 50,00 wanneer het onderzoek wordt ingediend in de meest recente (digitale) versie van het van het zogenaamde SIKB-formaat.

 

2.3.17

Advies

 

2.3.17.1

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

2.3.17.2

Indien een begroting als bedoeld in subonderdeel 2.3.17.1 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

2.3.18

Verklaring van geen bedenkingen

 

2.3.18.1

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo:

 

2.3.18.1.1

indien de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven:

€ 203,00

2.3.18.1.2

indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven, het bedrag dat het bestuursorgaan in rekening brengt.

 
 
 
 

Hoofdstuk 4 Vermindering

 

2.4.2

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning is voorafgegaan door een aanvraag om vooroverleg of beoordeling van een conceptaanvraag als bedoeld in hoofdstuk 2, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de ter zake van het vooroverleg of de beoordeling van de conceptaanvraag geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning bedoeld in hoofdstuk 3.

 

2.4.3

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op meer dan vijf activiteiten, bestaat aanspraak op vermindering van leges, met uitzondering van het legesdeel in verband met adviezen of verklaringen van geen bedenkingen als bedoeld in de onderdelen 2.3.17 en 2.3.18. De vermindering bedraagt:

 

2.4.3.1

bij 5 tot 10 activiteiten:

4%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges;

 

2.4.3.2

bij 10 tot 15 activiteiten:

6%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges;

 

2.4.3.3

bij 15 of meer activiteiten:

8%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges.

 
 
 
 

Hoofdstuk 5 Teruggaaf

 

2.5.1

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 
 

Als een aanvrager zijn aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 en 2.3.7, intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

 

2.5.1.1

indien de aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van 4 weken na het in behandeling nemen ervan

50%

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

 

2.5.1.2

indien de aanvraag wordt ingetrokken na 4 weken en binnen 8 weken na het in behandeling nemen ervan

40%

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

 

2.5.2

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

2.5.2.1

Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 en 2.3.7, intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 12 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt:

30%

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

2.5.2.2

indien de aanvraag wordt ingetrokken op verzoek van de gemeente, in het belang van de procedure, bedraagt de teruggaaf

100%

2.5.2.2.1

De minimumbedragen onder 2.5.5 zijn niet van toepassing op artikel 2.5.2.2

 

2.5.3

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

2.5.3.1

Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 of 2.3.7 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

30%

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

2.5.3.2

Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.3.1 wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.

 

2.5.4

Teruggaaf als gevolg van de buiten behandeling stelling van een aanvraag voor de omgevingsvergunnging voor bouw-, aanleg-, of sloopactiviteiten

 

2.5.4.1

Als de gemeente een aanvraag voor omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 of 2.3.7 buiten behandeling stelt, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits de tweede aanvraag voor dezelfde vergunning is verleend.

50%

2.5.5

Minimumbedrag voor teruggaaf

 

2.5.5.1

Een bedrag minder dan € 50 wordt niet teruggegeven.

 

2.5.5.2

Geen teruggaaf legesdeel advies op grond van het onderdeel 2.3.17 of verklaring van geen bedenkingen op grond van het onderdeel 2.3.18.

 

Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning

 

2.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het geheel of gedeeltelijk intrekken van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.33, tweede lid, onder b, van de Wabo, tenzij onderdeel 2.5.2 van toepassing is:

€ 101,50

 
 
 

Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

 

2.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:

€ 101,50

 
 
 
 
 
 

Hoofdstuk 8 Bestemmingsplanwijzigingen zonder activiteiten

 

2.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening

€ 3.045,00

2.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening

€ 2.030,00

 
 
 

Hoofdstuk 9 In deze titel niet benoemde beschikking

 

2.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een andere, in deze titel niet benoemde beschikking:

€ 50,75

 
 
 

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn en niet vallend onder titel 2

 
 
 
 

Hoofdstuk 1 Horeca

 

3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van:

 

3.1.1

een aanvraag tot het verlenen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank- en Horecawet

€ 253,75

3.1.3

een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de Drank- en Horecawet

€ 20,30

3.1.4

een melding als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet

€ 50,75

3.1.5

een aanvraag tot het wijzigen van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede lid, van de Drank- en Horecawet

€ 50,75

3.1.6

een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet

€ 50,75

 
 
 

Hoofdstuk 2 Geluidshinder

 

3.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing, als bedoeld in artikel 4:6 van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Westerkwartier 2021

€ 20,30

 
 
 

Hoofdstuk 3 Organiseren evenementen of markten

 

3.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.25, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordeninggemeente Westerkwartier 2021 (evenementenvergunning), indien het betreft:

 

3.3.1.1

een evenement met een niet- (of nauwelijks) belastend profiel (A-evenement)

€ 20,30

3.3.1.2

een evenement met een belastend profiel (B-evenement)

€ 50,75

3.3.1.3

een evenement met een risicoprofiel (C-evenement)

€ 101,50

 
 
 

Hoofdstuk 4 Seksbedrijven

 

3.4.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

3.4.1.1

tot het verlenen of verlengen van een vergunning als bedoeld in artikel 3.3 van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Westerkwartier 2021

 

3.4.1.1.1

voor een escortbedrijf

€ 862,75

3.4.1.1.2

voor andere prostitutiebedrijven dan bedoeld in subonderdeel 3.4.1.1.1

€ 862,75

3.4.1.1.3

voor andere seksbedrijven dan bedoeld in de subonderdelen 3.4.1.1.1 en 3.4.1.1.2

€ 862,75

3.4.2

tot het wijzigen van een in subonderdeel 3.4.1.1 bedoelde vergunning in verband met een wijziging van:

 

3.4.2.1

een escortbedrijf

€ 609,00

3.4.2.2

andere prostitutiebedrijven dan bedoeld in subonderdeel 3.4.1.1.1

€ 609,00

3.4.2.3

andere seksbedrijven dan bedoeld in de subonderdelen 3.4.1.1.1 en 3.4.1.1.2

€ 609,00

 
 
 
 
 
 

Hoofdstuk 5 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

 

3.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een andere, in deze titel niet benoemde vergunning of ontheffing of tot het nemen van een andere beschikking

€ 40,60

 
 
 

Behorende bij raadsbesluit van 15 december 2021

 
 
 
 

De raadsgriffier van de gemeente Westerkwartier,

J.L. de Jong