Verordening op de heffing en invordering van een eenmalig rioolaansluitrecht 2022

Geldend van 22-12-2021 t/m heden

Intitulé

Verordening op de heffing en invordering van een eenmalig rioolaansluitrecht 2022

De raad van de gemeente Weert;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders

van 16 november 2021;

gelet op de artikelen 229 eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet;

BESLUIT

vast te stellen de

Verordening op de heffing en invordering van een eenmaligrioolaansluitrecht 2022

Artikel 1. Definities

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    gemeentelijke riolering:

  • het gedeelte van de riolering dat bij de gemeente in eigendom en/of beheer is voor de inzameling en het transport van afvalwater, met inbegrip van de daartoe behorende rioolgemalen en persleidingen alsmede werken en installaties van overeenkomstige aard, inclusief de perceel-aansluitleiding en het aansluitpunt; alsmede het voor de openbare dienst bestemde gemeentewater;

  • b.

    aansluiting van een eigendom:

  • onder aansluiting van een eigendom wordt verstaan het leggen door de gemeente van een buisleiding van het in aanwezige openbare afvoerstelsel tot aan het eigendom ten behoeve waarvan de aansluiting geschiedt, ertoe dienende om voor dat eigendom een directe of indirecte lozing op de gemeentelijke riolering mogelijk te maken.

  • c.

    standaard rioolaansluiting:

  • Onder standaard rioolaansluiting wordt verstaan het maken van een aansluiting van PVC buis met een doorsnede van 125 millimeter en een lengte tot 5 meter;

  • d.

    bijzondere rioolaansluiting:

  • onder bijzondere rioolaansluiting verstaan een rioolaansluiting waarvan de maten afwijken van de standaardaansluiting zoals genoemd in artikel 1 onder c;

  • e.

    perceel:

  • een gebouwde roerende of onroerende zaak - of een gedeelte daarvan - die blijkens indeling en inrichting bestemd is om als een afzonderlijk geheel door een particuliere huishouding als woning te worden gebruikt of door een niet particuliere huishouding als niet-woning te worden gebruikt.

Artikel 2. Belastbaar feit

Onder de naam eenmalig rioolaansluitrecht wordt een recht geheven ter zake van het tot stand brengen van een directe of indirecte aansluiting van een perceel op de gemeentelijke riolering.

Artikel 3. Belastingplicht

  • 1. Het recht ter zake van het tot stand brengen van een directe of indirecte aansluiting van een perceel op de gemeentelijke riolering, zoals genoemd in artikel 2, wordt geheven van de aanvrager van de dienst dan wel van degene voor wie de dienst wordt verleend;

  • 2. Het recht ter zake van het tot stand brengen van een directe of indirecte aansluiting van een perceel op de gemeentelijke riolering, zoals genoemd in artikel 2, wordt niet geheven:

    • a.

      als de lasten die zijn verbonden aan de totstandkoming van die aansluiting zijn of worden voldaan krachtens overeenkomst;

    • b.

      als de lasten die zijn verbonden aan de totstandkoming van die aansluiting zijn of worden voldaan krachtens baatbelasting;

    • c.

      als het een perceel betreft dat is gelegen in de gemeentelijke uitbreidingsplannen voor woningbouw en/of industrie en dat is of wordt uitgegeven door of namens de gemeente.

Artikel 4. Maatstaf van heffing en tarieven

  • 1. Het recht voor een standaard aansluiting bedoeld in artikel 1, onderdeel c, voor een woning bedraagt per eigendom € 1.754,00 (2021 € 1.730,00).

  • 2. Het recht voor een standaard aansluiting bedoeld in artikel 1, onderdeel c, voor een niet-woning bedraagt per eigendom € 2.506,00 (2021 € 2.471,00).

  • 3. Onverminderd het bepaalde in dit artikel, bedraagt het tarief voor een bijzondere aansluiting: het bedrag van voorafgaand aan het realiseren van de aansluiting aan de aanvrager meegedeelde werkelijke kosten, blijkend uit een begroting die door of namens het College van burgemeester en wethouders is opgesteld. Indien een begroting is uitgebracht, wordt de aansluiting gerealiseerd vanaf het moment dat de aanvrager een schriftelijk akkoord heeft gegeven.

Artikel 5. Wijze van heffing

Het recht wordt bij wege van aanslag geheven.

Artikel 6. Termijnen van betaling

  • 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later.

  • 2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn.

Artikel 7. Kwijtschelding

Bij de invordering van het eenmalig rioolaansluitrecht wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 8. Inwerkingtreding en overgangsrecht

  • 1. De "Verordening eenmalig aansluitrecht 2021", vastgesteld door de raad der gemeente Weert in de openbare vergadering van 15 december 2020, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na de bekendmaking.

  • 3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022.

  • 4. Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening eenmalig rioolaansluitrecht 2022".

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 15 december 2021,

de raadsgriffier,

mr. M.H.R.M. Wolfs-Corten

de raadsvoorzitter,

mr. R.J.H. Vlecken