Verordening op de heffing en de invordering van de Marktgelden 2022. Hilversum

Geldend van 01-01-2022 t/m heden

Intitulé

Verordening op de heffing en de invordering van de Marktgelden 2022. Hilversum

Raadsbesluit

De raad van de gemeente Hilversum,

Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 21 september 2021;

gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a en b van de Gemeentewet;

besluit:

vast te stellen de:

Verordening op de heffing en de invordering van de Marktgelden 2022

Artikel 1

Begripsomschrijving

Deze verordening verstaat onder:

Kwartaal: een kalenderkwartaal;

Maand: een kalendermaand;

Week: een periode van zeven achtereenvolgende dagen;

Dag: een periode van 24 uren, aanvangende te 00.00 uur;

Seizoen: een periode waarin een seizoensgebonden artikel wordt verkocht.

Artikel 2

Belastbaar feit

Onder de naam "marktgelden” worden rechten geheven voor het gebruik, inclusief daarmee verband houdende handelingen zoals reclame- en promotieactiviteiten, of het genot van door het gemeentebestuur verstrekte diensten ten behoeve van enig gedeelte van openbare gebouwen, terreinen, pleinen en straten welke ingevolge de Marktverordening voor het houden van markten zijn aangewezen.

Artikel 3

Belastingplicht

De marktgelden zijn verschuldigd door degene, aan wie de in artikel 2 bedoelde standplaats is toegewezen of, bij gebreke, degene die hem vervangt.

Artikel 4

Maatstaf van heffing

1. Voor de toepassing van de tarieven worden gedeelten van een dag of een kwartaal voor een gehele dag, onderscheidenlijk een geheel kwartaal gerekend.

2. Dagtarieven vinden toepassing ten aanzien van dag plaatsen en vaste plaatsen die voor een seizoen ter beschikking worden gesteld.

3. Kwartaaltarieven vinden toepassing ten aanzien van vaste plaatsen die voor een kalenderjaar ter beschikking worden gesteld.

Artikel 5

Belastingtarief

De rechten bedragen:

1. Voor een dagplaats, per vierkante meter,

a. per dag op weekmarkt € 0,75

b. per dag op zaterdagmarkt € 0,85

2. Voor een vaste plaats per seizoen, per vierkante meter,

a. per dag op week- en zaterdagmarkt € 1,60

b. per dag op weekmarkt € 0,75

c. per dag op zaterdagmarkt € 0,85

3. Voor een vaste plaats per kwartaal, per vierkante meter,

a. per dag op week- en zaterdagmarkt € 20,80

b. per dag op weekmarkt € 9,75

c. per dag op zaterdagmarkt € 11,05

4. Voor een seizoenplaats per kwartaal, per vierkante meter,

a. per dag op week- en zaterdagmarkt € 20,80

b. per dag op weekmarkt € 9,75

c. per dag op zaterdagmarkt € 11,05

5. Aan ieder standplaatshouder (incl. meeloper) wordt reclame/promotiegeld

in rekening gebracht. Het onder lid 1, 2, 3 en 4 van dit artikel bedoelde markt-

geld wordt verhoogd met € 0,05 per vierkante meter per dag voor reclame/ promotiedoeleinden.

Artikel 6

Wijze van heffing

1. De rechten welke per dag gelden worden geheven bij wege van gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder wordt begrepen een nota of andere schriftuur.

2. De rechten welke per kwartaal gelden worden geheven bij wege van aanslag.

Artikel 7

Tijdstip ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

1. De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

2. Indien de belastingplicht voor een vaste standplaats in de loop van het kwartaal aanvangt, is voor het lopende kwartaal het tarief gelijk aan het tarief voor dagplaatsen, berekend over zoveel dagen als in het kwartaal nog de vaste standplaats kan worden ingenomen, met dien verstande dat niet meer wordt geheven dan het voor een kwartaal verschuldigde bedrag.

3. Indien de belastingplicht in de loop van het kwartaal eindigt, wordt voor het kwartaal ontheffing verleend over zoveel derde gedeelten van de over een kwartaal verschuldigde bedragen, als na het tijdstip van beëindiging van de belastingplicht in het kwartaal nog volle maanden overblijven.

Artikel 8

Termijnen van betaling

1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de rechten welke per dag geheven worden bij het innemen van de standplaats worden voldaan.

2. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 zijn de rechten welke per kwartaal worden geheven invorderbaar, in één termijn, welke vervalt binnen 30 dagen na de dagtekening van het aanslagbiljet.

3. Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, van de Invorderingswet 1990

met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete is het eerste

lid van overeenkomstige toepassing, voor zover deze gelijktijdig wordt opgelegd met de vaststelling

van de aanslag.

4. In afwijking in zoverre van voorgaande leden met betrekking tot de vaste standplaatsen, geldt in

geval het totaalbedrag van de op één aanslag verschuldigde bedrag door middel van automatische betalingsincasso van de betaalrekening van de belastingschuldige kan worden afgeschreven. Dat

de aanslag moet worden betaald in één termijn en vervalt binnen 30 dagen na de dagtekening van

het aanslagbiljet.

5. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het voorgaande gestelde termijnen.

Artikel 9

Kwijtschelding

Bij de invordering van marktgelden wordt géén kwijtschelding verleend.

Artikel 10

Inwerkingtreding en citeertitel

1. De "Verordening Marktgelden 2021", vastgesteld bij raadsbesluit van 11 november 2020, wordt ingetrokken met ingang van de in het vierde lid genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

3. In afwijking in zoverre van het in het voorgaande leden bepaalde, blijft, indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in het vierde lid genoemde datum van ingang

van de heffing, de ingetrokken verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaats-

vindende belastbare feiten voor zover ter zake daarvan de heffing van marktgelden in die periode plaatsvindt.

4. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022.

5. Deze verordening wordt aangehaald als de "Verordening Marktgelden 2022".

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 10 november 2021.

de griffier, de burgemeester,

P.M.H. van Ruitenbeek P.I. Broertjes

Ondertekening