Terrassenbeleid Koningin Julianaplein

Geldend van 24-11-2021 t/m heden

Intitulé

Terrassenbeleid Koningin Julianaplein

Gewijzigd op 01/11/2021

naar aanleiding van raadsbesluit 21.0006602

1. Inleiding

Met het opstellen van dit beleid willen wij voor de toekomst vastleggen onder welke omstandigheden en onder welke voorwaarden terrassen geëxploiteerd kunnen worden op het Koningin Julianaplein. Er worden regels gesteld, zodat iedereen weet wat er van hen wordt verwacht. Hiermee willen we komen tot een zekere ordening van de openbare ruimte en dat de openbare ruimte de kwaliteit bezit die de gemeente nastreeft.

2. Visie

Een terras is in beginsel de verantwoordelijkheid van de ondernemer. Een terras is echter ook mede bepalend voor de uitstraling van de openbare ruimte. De gemeente heeft de verantwoordelijkheid de kwaliteit van de openbare ruimte te waarborgen en te bevorderen. Met name daar waar het de bijzondere kwaliteiten van onze kernen betreft.

De gemeentelijke visie en het samenspel tussen de ondernemer en overheid kan als volgt worden omschreven: “Ruimte geven waar het kan en richting geven waar het moet!”

3. Juridisch kader

3.1. Algemene wet bestuursrecht

Op grond van artikel 4:81 Awb kan een bestuursorgaan beleidsregels vaststellen met betrekking tot een hem toekomende bevoegdheid. Ingevolge artikel 2:28 van de vigerende Algemene plaatselijke verordening gemeente Vaals (Apv) komt aan de burgemeester de bevoegdheid toe een vergunning te verlenen ten behoeve van de exploitatie van een horecabedrijf inclusief terras. De onderhavige beleidsregels hebben specifiek betrekking op de voorschriften die kunnen worden gesteld aan de exploitatie van een terras, deel uitmakend van een horecabedrijf.

In artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is bepaald dat het bevoegd gezag bij de voorbereiding van een besluit de nodige kennis vergaart omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen. Deze beleidsregels geven een nadere invulling van deze bepaling. Aldus is voor de aanvrager duidelijk welke gegevens moeten worden overgelegd bij het indienen van de aanvraag, zodat de burgemeester hierop een besluit kan nemen.

De hardheidsclausule als bedoeld in artikel 4:84 Awb is uiteraard ook hier van toepassing. Dit betekent dat van deze beleidsregels wordt afgeweken indien bijzondere omstandigheden tot gevolg hebben dat toepassing van de beleidsregels voor een belanghebbende gevolgen heeft die onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen. In de praktijk geldt de hardheidsclausule als een bevoegdheid van de burgemeester om van de voorschriften en voorwaarden af te wijken.

3.2 Algemeen plaatselijke verordening

Op grond van artikel 2:28, eerste lid van de Apv is het verboden een horecabedrijf te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester. In artikel 1:8 alsmede artikel 2:28, Apv staan de weigeringsgronden die in acht moeten worden genomen bij het besluit op een aanvraag om een exploitatievergunning. De onderhavige beleidsregels hebben o.a. betrekking op de geldigheidsduur, openingstijden en kwaliteit van de inrichting van de terrassen.

3.3 Relatie tot andere gemeentelijke beleidsregels

Het terrassenbeleid heeft onder andere betrekking op de indeling, aankleding en uitstraling van terrassen. Voor zover het (omgevingsvergunningplichtige) bouwwerken betreft, wordt het toetskader gevormd door het bestemmingsplan en de welstandsnota. Gaat het om andere terrasgerelateerde zaken niet zijnde bouwwerken of niet zijnde omgevingsvergunningplichtige bouwwerken, dan geeft het voorliggende beleid nadere invulling aan de criteria die gelden. Aldus kunnen de welstandsnota en het voorliggende beleid niet met elkaar op gespannen voet komen te staan: zij bevatten elk criteria die betrekking hebben op twee verschillende beleidsvelden.

4. Beleid

4.1 Algemeen

In bijlage 1 treft u een gebiedsweergave van het Koningin Julianaplein aan met daarop aangegeven de delen in de openbare ruimte waar géén terrassen toegestaan zijn. Hiermee geeft het College invulling van de visie “ruimte geven waar het kan en richting geven waar het moet”. Immers, door aan te geven waar geen terrassen toegestaan zijn, heeft de exploitant de vrijheid om de wel toegestane ruimte op de voor hem optimale wijze te benutten.

Op locaties waar blijkt dat een onevenwichtige verhouding dreigt te ontstaan tussen het door één of meerdere terrassen ingenomen terrasoppervlak in relatie tot de omgeving kan de burgemeester het terrasoppervlak beperken, voorwaarden verbinden aan de terrasvergunning of besluiten in zijn geheel geen terras toe te staan. Een terrasvergunning is altijd maatwerk!

4.2 Terrassen in het voetgangersgebied

De publieke ruimte wordt intensief gebruikt. Belangrijk uitgangspunt is dat de publieke ruimte voor iedereen toegankelijk is en moet blijven. Dat betekent dat met name de voetgangers zich veilig, en niet gehinderd door objecten, door de openbare ruimte moeten kunnen voortbewegen. Maar ook hulpdiensten moeten ongehinderd op alle plekken kunnen komen.

4.3 Verschijningsvorm

Terrassen zijn onder te verdelen in drie verschillende soorten. Terrassen die direct zijn gelegen aan de gevel van een horecagelegenheid (gevelterras) en terrassen die aan de straat (straatterras) of op een bijzondere locatie zoals bijvoorbeeld een plein zijn gelegen (pleinterras).

Gevelterras: Een terras direct aansluitend aan de voorgevel (en in uitzonderlijke gevallen de zijgevel). Bij de Maastrichterlaan is bijvoorbeeld sprake van een gevelterras.

Straatterras: Een terras uitsluitend met een vrije doorloop langs de gevel of door het terras. De doorloop wordt in voorkomende gevallen bepaald door de ter plaatse aanwezige infrastructuur en de vereiste ongehinderde doorgang.

Pleinterras: Een terras op een bijzondere locatie zoals het Koningin Julianaplein, het Prins Willem Alexanderplein en het Wilhelminaplein. Bij het pleinterras ligt de terraslocatie recht tegenover of ter hoogte van de gevel van de bijbehorende inrichting dan wel in de onmiddellijke nabijheid van die inrichting.

4.4 Ensembles

In een situatie waar enkele terrassen van verschillende horecagelegenheden met een visuele samenhang min of meer aaneensluitend zijn gelegen, is er sprake van een zogenaamd „ensemble‟. Omdat bij ensembles sprake is van een visuele samenhang dient de visuele verschijning van de terrassen op elkaar te zijn afgestemd. Op het Koningin Julianaplein is sprake van pleinterrassen die samen weer een ensemble vormen.

4.5 Terrasseizoen

De terrassen mogen het hele jaar door worden geëxploiteerd.

4.6 Terrasmeubilair

De gemeente besteedt veel aandacht aan de inrichting en het gebruik van de openbare ruimte. Terrasmeubilair is toegestaan, mits aan alle onderstaande voorwaarden wordt voldaan:

  • a.

    het uiterlijk van het meubilair op elkaar is afgestemd;

  • b.

    het niet (nagel)vast aan of in de grond wordt bevestigd;

  • c.

    derden geen hinder van het meubilair ondervinden;

  • d.

    het meubilair geen belemmering vormt voor het schoonmaken en –houden van de openbare ruimte;

  • e.

    het meubilair is gemaakt van duurzame en onderhoudsvriendelijke materialen met een kwalitatief hoogwaardige uitstraling;

Daarnaast zijn streefbeelden van mogelijk terrasmeubilair op het Koningin Julianaplein toegevoegd (bijlage 2). Van belang is om te benadrukken dat de in 4.6 lid a genoemde afstemming diversiteit en individualiteit niet uitsluit.

4.7 Terrasschotten

In de periode dat terrassen mogen worden geplaatst is het weer niet altijd aangenaam. Het is echter niet de bedoeling dat terrassen veranderen in volledig met schotten omgeven ruimtes met een altijd zomers binnenklimaat. “Buiten zitten” moet ook echt “buiten zitten” blijven. Om er toch voor te zorgen dat bezoekers uit de wind kunnen zitten, is het onder voorwaarden toegestaan om terrasschotten te plaatsen.

Voor terrasschotten op het Koningin Julianaplein geldt het navolgende:

  • a.

    het terrasschot mag geplaatst worden zo diep als het gevelterras tot een maximum van 4 meter;

  • b.

    het terrasschot wordt niet parallel aan de weg geplaatst;

  • c.

    het terrasschot mag maximaal 2 meter hoog zijn en dient geheel transparant uitgevoerd te worden;

  • d.

    het dicht maken van de opening tussen de bovenkant van het zijschot en de onderkant van de zonwering c.q. luifel is niet toegestaan;

  • e.

    op het plein is enkel reclamevoering van de inrichtingsnaam toegestaan op maximaal 5% van de oppervlakte van het terrasschot;

  • f.

    het terrasschot is eenvoudig verplaatsbaar en verwijderbaar.

Materiaal en kleur:

  • g.

    het terrasschot dient een kwalitatief hoogwaardige uitstraling te hebben. Zo is een frame van metaal met een vulling van (plexi)glas toegestaan. Het toepassen van plastic zeilen is niet toegestaan. Het toepassen van andere materialen van hoogwaardige kwaliteit is mogelijk mits dit niet ten koste gaan van de beoogde ensemblewaarde, dit ter beoordeling van de stadsbouwmeester

h. om eenheid in kleur te bewerkstelligen om zo de aandacht meer op panden en gevels te richten dient de kleurstelling van het terrasschot te worden uitgevoerd in de kleur RAL 7005 of een benadering van deze kleur, dit ter beoordeling van de stadsbouwmeester;

4.8 Accessoires

Binnen de vergunde terrasoppervlakte is het toegestaan om terrasgerelateerde accessoires te plaatsen die een esthetisch geheel vormen met het terrasmeubilair.

4.8.1 Plantenbakken

Plantenbakken mogen een maximale oppervlakte van 0,2 m2 hebben waarbij de plantenbak inclusief beplanting niet hoger mag zijn dan ca. 1 meter. Plantenbakken mogen geen afschermende werking hebben en dienen daarom zowel qua situering als qua vorm zicht te blijven geven op het terras.

Aanvullend zijn plantenbakken enkel toegestaan mits:

  • a.

    het conische plantenbakken betreffen;

  • b.

    deze niet zijn voorzien van reclame;

  • c.

    zij verplaatsbaar zijn;

  • d.

    zij zijn geplaatst binnen de grenzen van het terras.

4.8.2 Menuborden

Ook menuborden mogen maximaal 1 meter hoog zijn en ze mogen niet bevestigd worden aan de gevel, bomen, lantaarnpalen e.d. Menuborden mogen alleen worden geplaatst binnen de terrasgrenzen.

4.8.3 Serveermeubel

Een serveermeubel moet qua verschijning passen binnen de totale inrichting van het terras en mag geen tappunt (water, bier, etc.) bevatten. Op een dergelijk meubel is ook geen reclamevoering toegestaan. Het serveermeubel moet worden opgesteld binnen de terrasgrenzen. Verder is het op een terras niet toegestaan om geluidsboxen, vlonders of vloerbedekking te plaatsen.

4.8.4 Verwarming

Verwarming aan de gevel is niet toegestaan; verwarming die in de luifel of het zonnescherm is verwerkt, is wel toegestaan . Ook het gebruik van vrijstaande terrasverwarming (zoals gaspaddestoelen) is toegestaan.

4.8.5 Verlichting

Verlichting op het terras is toegestaan onder de voorwaarden dat de verlichting niet voorzien is van reclame-uitingen en de verlichting niet hinderlijk is naar de omgeving.

4.8.6 Mantelbuizen

Bekabeling van het terras op het Koningin Julianaplein is uitsluitend toegestaan via ondergrondse mantelbuizen.

4.9 Bereiden spijzen en (alcoholische) dranken op het terras

Op een terras mogen geen spijzen en (alcoholische) dranken worden bereid (zoals bijvoorbeeld barbecues en biertappen). Van dit verbod kan worden afgeweken in het geval het terras deel uitmaakt van een vergund evenement.

4.10 Zonneschermen

Op het Koningin Julianaplein zijn geen markiezen toegestaan.

Voor zonneschermen en luifels aan de gevel van een horeca-inrichting geldt dat:

  • a.

    ze mogen niet worden voorzien van steunpalen en geleidingsbuizen die doorlopen tot op/in de bestrating;

  • b.

    Zonneschermen en luifels hebben een functioneel- en semi-permanent karakter. Ze moeten dus inrol- of inklapbaar zijn.

  • c.

    Voor zonneschermen en luifels geldt dat eveneens aan het bepaalde in Bijlage 3 wordt voldaan. Daarenboven geldt dat op het plein enkel reclamevoering van de inrichtingsnaam is toegestaan op de volant van het zonnescherm. Indien geen volant wordt gevoerd is reclame toegestaan op de bovenzijde van het zonnescherm tot max. 5% per segment.

Detaillering, materiaal en kleur:

  • d.

    Zonneschermen en luifels worden uitgevoerd in tentdoek of gelijkwaardig materiaal;

  • e.

    Alle zichtbare constructiedelen van het scherm zijn bedekt met tentdoek of gelijkwaardig materiaal;

  • f.

    Kleuren zijn terughoudend en harmoniëren met de kleurstelling van de gevel van het pand en de onderliggende puien .

Vorm en positionering:

  • g.

    De architectonische detaillering van de gevelopening vormt het uitgangspunt voor de keuze voor zonnescherm of luifel;

  • h.

    De breedte van de zonneschermen op de eerste bouwlaag is maximaal gelijk aan die van de onderliggende (glas-)pui.

  • i.

    De vrije hoogte onder een zonnescherm of luifel is minimaal 2,20 meter.

  • j.

    Het dicht maken van de opening tussen de onderkant van de zonwering c.q. luifel en de bovenkant van het terrasschot is niet toegestaan.

4.11 Parasols

Om de identiteit van de individuele horecaonderneming te waarborgen en overlap naar belendende terrassen of overkapping van de doorgang en rijbaan te voorkomen, wordt gekozen voor een maximale maatvoering, het vrijhouden van zichtlijnen en het waarborgen van afstanden in uitgeklapte toestand van de parasols.

De parasols dienen aan de navolgende voorwaarden te voldoen:

  • a.

    De parasols moeten ’s nachts en op sluitingsdagen worden ingeklapt;

  • b.

    Een parasol in uitgeklapte toestand mag de ongehinderde doorgang, buurterras en/of rijbaan nooit overdekken/overlappen en niet groter zijn dan het vergunde terras;

  • c.

    De parasols mogen in uitgeklapte toestand geen grotere maatvoering hebben dan ongeveer 4 bij 4 meter. Het aantal parasols blijft altijd afhankelijk van het toegewezen terrasoppervlak.

  • d.

    De maximale hoogte van de parasol is tot maximaal de 1e verdiepingsvloer van de onderhavige horeca inrichting;

  • e.

    De parasols zijn in één lijn opgesteld (ten behoeve van ongehinderde zichtlijnen);

  • f.

    De parasols zijn vervaardigd van tentdoek of gelijkwaardig materiaal;

  • g.

    De uniforme hoogte tot de onderkant van het parasoldoek in uitgeklapte toestand bedraagt voor iedere parasol 2.20 meter;

  • h.

    Een tint parasol per terras, passend bij de luifel / markies;

  • i.

    Voor parasols geldt dat eveneens aan het bepaalde in Bijlage 4 wordt voldaan.

Daarenboven geldt dat op het plein enkel reclamevoering van de inrichtingsnaam is toegestaan op de volant van de parasols. Indien geen volant wordt gevoerd is reclame toegestaan op de bovenzijde van de parasol tot max. 5% per segment.

Tot slot geldt voor het Tuchterrasse dat enkel vierkante c.q. rechthoekige parasols zijn toegestaan.

4.12 Terrassen tijdens evenementen en infrastructurele werkzaamheden

Wanneer een groot evenement plaatsvindt of door de gemeente (infrastructurele) werkzaamheden worden uitgevoerd is terrasvoering niet altijd mogelijk. De terrasvergunning wordt dan ook verleend onder de voorwaarde dat in die gevallen, bij eerste aanzegging van de burgemeester (en dat is minimaal twee weken van tevoren) het terras moet worden verwijderd gedurende de periode van het evenement (eventueel inclusief op-en afbouw van het evenement) of gedurende de (infrastructurele) werkzaamheden.

4.14 Openingstijden terras

De openingstijden van de terrassen zijn gelijk aan die van de inrichting.

4.15 Opruimen en schoonhouden terras en directe omgeving

Indien het terrasmeubilair gedurende langere tijd (langer dan 6 weken) niet wordt gebruikt moet het meubilair geheel opgeruimd en verwijderd worden. Het verkleinen van het terras buiten de maanden met terrasweer, behoort tot de mogelijkheden.

De exploitant van het terras moet het terras en de directe omgeving daarvan in nette staat houden gedurende de tijden dat van het terras gebruik wordt gemaakt. Afval moet regelmatig worden verwijderd van het terras en de directe omgeving daarvan. In ieder geval na sluiting van het terras aan het einde van de dag. Het afval mag niet in de goot en/of het riool worden gedeponeerd.

4.16 Terras tijdens markt

Op basis van de positionering en inrichting van de markt zal bekeken worden in hoeverre het mogelijk is om terrassen tijdens marktdagen toe te staan.

4.17 Opstellen terras

Het terrasmeubilair dient elke dag tussen 08:00 uur en 10:00 uur opgesteld te worden.

De ondernemer zorgt ervoor dat na sluitingstijd het terrasmeubilair op een deugdelijke manier wordt opgeslagen zodat vernieling en/of vervreemding wordt voorkomen. Gestapeld opslaan van het terrasmeubilair is op het plein niet toegestaan. De ondernemer dient het terrasmeubilair in het pand op te slaan danwel de terrasopstelling (gezekerd) op te slaan waar het terras tijdens openingstijden staat. Een en ander binnen het aangewezen terrasoppervlakte. De wijze van opruimen van het terras dient vooraf te worden overlegd bij de vergunningaanvraag. Vrijstaande terrasverwarming (zoals gaspaddestoel) dient na sluitingstijd inpandig opgeslagen te worden.

5. Overgangsbepalingen

Een bestaande gevestigde horeca-inrichting met een geldige exploitatievergunning op het moment van inwerkingtreding van deze beleidsregels heeft het recht op voortzetting van de exploitatie van dat terras op de wijze zoals die in de vergunning is vastgelegd, voor de duur van de geldigheid van die vergunning.

Vanaf het moment dat dit nieuwe beleid is vastgesteld zijn deze nieuwe regels van toepassing voor aanvragen voor nieuwe vergunningen en wijzigingen van bestaande terrassen binnen (aflopende) exploitatievergunningen.

6. Procedure

Aanvraag

In het algemeen geldt dat de aanvrager zodanige gegevens moet overleggen dat de aanvraag kan worden beoordeeld. De aanvraag wordt ingediend door middel van een daartoe opgesteld ondertekend aanvraagformulier en gaat vergezeld van:

  • -

    een situatietekening van het terras op de schaal 1:100 met details zoals bomen, bebouwing (in de omgeving), lichtmasten en terrasschotten. Tevens dienen de maten van de verschillende details te worden aangegeven.

  • -

    Kleurenfoto’s van terrasmeubilair, zonneschermen, parasols (inclusief afmetingen) en eventuele opstallen.

  • -

    Nadere informatie over de wijze van opslag van het terrasmeubilair regulier, én bij vakantie, grootschalige evenementen etc.

De overlegde gegevens maken integraal onderdeel uit van de vergunning. Gegevens die al in het bezit zijn van de gemeente en voldoende actueel zijn om de aanvraag te kunnen beoordelen (bijvoorbeeld de situatietekening, de inschrijving bij de Kamer van Koophandel en de drank- en horecawetvergunning of exploitatievergunning), hoeven niet (opnieuw) te worden overgelegd.

Welstandsaspecten van terrasonderdelen

Wat welstandsaspecten betreft van terrasonderdelen, niet zijnde bouwwerken of niet zijnde omgevingsplichtige bouwwerken, wint de burgemeester advies in bij de stadsbouwmeester.

Leges

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een exploitatievergunning worden legeskosten in rekening gebracht conform de tarieventabel van de legesverordening (ook indien de vergunning wordt geweigerd).

Precario

Op grond van artikel 228 van de Gemeentewet bestaat de mogelijkheid dat de gemeente precariobelasting heft. Hiervan wordt gebruik gemaakt ter zake van de aanwezigheid van een terras op gemeentegrond. Voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven gemeentegrond wordt precariobelasting geheven. Hieronder valt ook het plaatsen van een terras. Het precariotarief is afhankelijk van de locatie. Van precariobelasting wordt geen kwijtschelding verleend.

Naleving

Dit beleid kan uiteraard alleen het gewenste effect hebben wanneer de regels ook worden nageleefd.

7. Citeertitel

Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als ‘Terrassenbeleid Koningin Julianaplein 2016’.

8. Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden in werking de eerste dag na die waarop zij zijn bekendgemaakt.

Ondertekening