Verordening van de raad van de gemeente Meppel houdende bepalingen over havengelden

Geldend van 01-01-2022 t/m heden

Intitulé

Verordening van de raad van de gemeente Meppel houdende bepalingen over havengelden

De raad van de gemeente Meppel,

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 augustus 2021 met nummer [1470756 /1535287];

gelet op de artikel(en) 216, 219 en 229, eerste lid, aanhef en onder a en b van de Gemeentewet;

b e s l u i t :

vast te stellen de:

Verordening van de raad van de gemeente Meppel houdende bepalingen over havengelden (Verordening havengelden gemeente Meppel)

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    Abonnement: recht op onbeperkt gebruik binnen een periode van een week, een maand, een kwartaal of een jaar

  • b.

    Binnenschip: schip, niet zijnde een zeeschip en niet zijnde een pleziervaartuig;

  • c.

    Beroepsvaartuig: vaartuig dat beroepsmatig wordt gebruikt.

  • d.

    College: het college van burgemeester en wethouders;

  • e.

    Dag: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur;

  • f.

    Exploitant: eigenaar, beheerder of ieder ander die zeggenschap heeft over het gebruik van het schip;

  • g.

    Gemeentelijk vaarwater: het in eigendom aan de gemeente toebehorende of bij haar in onderhoud of beheer zijnde openbaar vaarwater;

  • h.

    Gevaarlijke stoffen: stoffen die gevaar voor explosie, brand, corrosie, vergiftiging, bedwelming of straling kunnen opleveren, zoals vermeld in de IMO Code voor het vervoer van verpakte gevaarlijke stoffen over zee (International Maritime Dangerous Goods Code), de Code voor de bouw en uitrusting van schepen die gevaarlijke chemicaliën in bulk vervoeren (International Bulk Chemical Code), de Internationale Code voor de bouw en uitrusting van schepen die vloeibaar gemaakte gassen in bulk vervoeren (International Gas Carrier Code) en het in de bijlage bij het Europees Verdrag inzake het internationaal vervoer van gevaarlijke goederen over binnenwateren opgenomen Reglement (ADN), met uitzondering van eetbare oliën;

  • i.

    Haven: wateren die in het beheer zijn van de gemeente en die voor de scheepvaart openstaan, alsmede alle daartoe behorende kaden, kunstwerken, meergelegenheden, trappen, scheepshellingen, dokken, scheepsreparatiewerven en los- en laadplaatsen zoals aangegeven op de kaart in de bijlage;

  • j.

    Historisch vaartuig: een vaartuig dat aanvankelijk is gebouwd als bedrijfsvaartuig, dat een leeftijd heeft van minimaal 50 jaar en dat qua uiterlijk zoveel mogelijk in oorspronkelijke staat van bouw en uitrusting wordt gehouden en in gebruik is voor permanente bewoning;

  • k.

    Kade: de voor de openbare dienst bestemde plaats ingericht voor het aanleggen of aangelegd houden van vaartuigen en/of voor het opslaan van goederen ter lading en/ of gelost uit voer- of vaartuigen;

  • l.

    Kalenderjaar: een aaneengesloten periode van twaalf maanden, die begint op 1 januari en eindigt op 31 december;

  • m.

    Kampeerterrein: de kampeerplaats aan het Westeinde gelegen in de haven

  • n.

    Kegelschip: een schip dat gevaarlijke of schadelijke stoffen vervoert en volgens wettelijk voorschrift overdag één of meer blauwe kegels moet voeren;

  • o.

    Kwartaal: een tijdvak van drie aaneengesloten kalendermaanden;

  • p.

    Kortstondig gebruik haven: Vaartuigen, niet zijnde pleziervaartuigen die kortstondig gebruik maken van één van de gemeentelijke havens teneinde te kunnen keren;

  • q.

    Laadvermogen: het in tonnen uitgedrukte laadvermogen, zoals blijkt uit de bij het vaartuig behorende meetbrief;

  • r.

    Lichterschip: een vaartuig dat een gedeelte van de lading van een groter schip vervoert, omdat dit schip, in afgeladen toestand, anders niet de los- en laadplaats kan bereiken;

  • s.

    Ligplaatsvergunninghouder: een houder van een vergunning om op een, in de vergunning gespecificeerde locatie, ligplaats te mogen nemen;

  • t.

    Maand: het tijdvak dat loopt van de eerste dag in een kalendermaand tot en met de laatste dag van die kalendermaand;

  • u.

    Meetbrief: het document als bedoeld in artikel 12c van de Binnenschepenwet;

  • v.

    Overnachting: een aaneengesloten tijdvak van 24 uren beginnende om 16:00 uur

  • w.

    Passagiersschip: een vaartuig dat een middel van openbaar vervoer is, of hoofdzakelijk gebezigd wordt voor het bedrijfsmatig vervoer van personen;

  • x.

    Pleziervaartuig: een vaartuig in particulier bezit dat is bestemd of wordt gebruikt voor sportbeoefening of vrijetijdsbesteding;

  • y.

    Scheepsafval: afval, met inbegrip van residuen, niet zijnde ladingresiduen, en sanitair afval, dat ontstaat tijdens de bedrijfsvoering van een schip en dat valt onder de reikwijdte van bijlagen I, IV, V en VI van het Internationaal Verdrag ter voorkoming van verontreiniging door schepen, met Protocollen en Bijlagen met Aanhangsels, en met het op 17 februari 1978 te Londen tot stand gekomen Protocol bij dat Verdrag met Bijlage en Aanhangsels, alsmede ladinggebonden afval, zijnde al het materiaal dat aan boord bij de stuwage en verwerking van de lading als afval overblijft, met inbegrip van stuwmateriaal, schoorpalen, laadborden, verpakkingsmateriaal, houten platen, papier, karton, draad en stalen banden;]

  • z.

    Schip: elk vaartuig met inbegrip van een watervliegtuig, een draagvleugelboot, een luchtkussenvoertuig, een boorinstallatie, een werkeiland of soortgelijk object, een baggermolen, een drijvende kraan, een elevator, een ponton, een drijvend werktuig, een drijvend voorwerp of een drijvende inrichting;

  • aa.

    Schipper: degene die de feitelijke leiding over een binnenschip voert;

  • bb.

    Tankschip: schip, gebouwd of aangepast en gebruikt voor het vervoer van onverpakte vloeibare lading in zijn laadruimten;

  • cc.

    Ton: een massa van 1.000 kilogram;

  • dd.

    Vaartuig: elk drijvend lichaam dat wegens zijn drijfvermogen wordt gebruikt dan wel bestemd of geschikt is voor het vervoer te water van personen of goederen of voor het dragen van of vervoeren van al dan niet met het drijvende lichaam één geheel uitmakende voorwerpen.

  • ee.

    Week: een aaneengesloten periode van zeven dagen, beginnende op de dag waarin het gebruik een aanvang neemt;

  • ff.

    Woonschip: een vaartuig, daaronder begrepen een object te water, dat uitsluitend of in hoofdzaak wordt gebruikt als, of te oordelen naar zijn constructie of inrichting uitsluitend of in hoofdzaak bestemd is tot, een als hoofdverblijf geldend dag- of nachtverblijf van één of meer personen;

Artikel 1.2 Belastbaar feit

Overeenkomstig hetgeen in de volgende artikelen is bepaald, worden rechten geheven onder de naam van:

  • a.

    havengeld, voor het met vaartuigen gebruik maken van één van de gemeentelijke havens;

  • b.

    liggeld, voor het gebruiken van een door burgemeester en wethouders op een daartoe strekkend schriftelijk verzoek, aangewezen ligplaats in één van de gemeentelijke havens;

  • c.

    kadegeld, voor het tijdelijk gebruik maken van een voor de openbare dienst bestemde kade of wal van één van de gemeentelijke havens met materieel om goederen uit vaartuigen te lossen of in vaartuigen te laden;

  • d.

    opslaggeld, voor het gebruik van een voor de openbare dienst bestemde kade of wal van één van de gemeentelijke havens in verband met de tijdelijke opslag van goederen, materialen of andere voorwerpen, waaronder onder meer begrepen mobiele kranen, laadtrechters, jakobsladders en transportbanden.

  • e.

    kampeergeld, voor door het gemeentebestuur verstrekte diensten voor het gebruik van het camperterrein

Artikel 1.3 Belastingplicht

De in artikel 1.2 genoemde rechten worden geheven als volgt:

  • a.

    havengeld van de kapitein, de gezagvoerder, de schipper, de reder, de eigenaar of de bevrachter van het vaartuig dat gebruik maakt van één van de gemeentelijke havens;

  • b.

    liggeld van de kapitein, de gezagvoerder, de schipper, de reder, de eigenaar of de bevrachter van het vaartuig dat een vaste ligplaats is aangewezen in één van de gemeentelijke havens;

  • c.

    kadegeld van degene die van een voor de openbare dienst bestemde kade of wal van één van de gemeentelijke havens gebruik maakt om goederen te ontvangen of te verzenden;

  • d.

    opslaggeld van degene die op een voor de openbare dienst bestemde kade of wal goederen, materialen of andere voorwerpen tijdelijk opslaat.

  • e.

    kampeergeld van degene die de eigenaar, bezitter, gebruiker of bestuurder is van een camper die gebruik maakt van het camperterrein

Hoofdstuk 2 Tariefstructuur

Artikel 2.1 Tarieftoepassing

Voor de toepassing van de tarieven wordt een gedeelte van een dag, een maand en per kwartaal een vierkante meter (m2), strekkende meter of een ton als een volle eenheid gerekend.

Artikel 2.2 Wijze van berekening

  • 1. Het haven-, lig-, kade- en opslaggeld wordt geheven, zodra het gebruik van het gemeentelijk vaarwater, van kaden en loswallen of enig in artikel 1.2 genoemd werk aanvangt.

  • 2. Het havengeld wordt voor schepen die in de gemeente goederen laden en/of lossen geheven naar de overslag van goederen per reis voor een periode als benoemd in de tarieventabel.

  • 3. Het havengeld wordt voor passagiersschepen die in de gemeente passagiers in nemen of aan wal zetten geheven per strekkende meter scheepslengte voor een periode als benoemd in de tarieventabel.

  • 4. Het havengeld wordt voor beroepsvaartuigen welke zijn uitgerust voor het verrichten van sleepdiensten en voor vissersschepen geheven per strekkende meter scheepslengte voor een periode als benoemd in de tarieventabel.

  • 5. Het havengeld wordt voor beroepsvaartuigen welke niet vallen onder schepen zoals bedoeld in lid 2, 3 en 4 geheven per strekkende meter scheepslengte per reis

  • 6. Als overslag van goederen wordt aangenomen de overslag volgens de geldige laadbrief.

  • 7. Als de geldende laadbrief niet aanwezig is, of bij weigering om deze te tonen, of als deze niet de vereiste gegevens vermeldt, wordt het maximale laadvermogen van het schip aangenomen als overgeslagen tonnen. Het maximale laadvermogen blijkt uit de meetbrief. Als deze niet aanwezig is, wordt het laadvermogen ambtshalve vastgesteld.

  • 8. De maatstaf voor de berekening van havengelden en liggelden is de scheepslengte uitgedrukt in aantal strekkende meters of de oppervlakte uitgedrukt in vierkante meters en het aantal dagen dat van de haven gebruik gemaakt wordt.

  • 9. De maatstaf voor de berekening van de opslaggelden is het aantal vierkante meters ingenomen grondoppervlakte.

  • 10. Ter bepaling van de door de opgeslagen goederen ingenomen grondoppervlakte wordt de ruimte tussen de goederen mede geacht door die goederen te zijn ingenomen.

  • 11. Als het havengeld is betaald volgens het tarief per keer, en een ligplaats wordt ingenomen na afloop van de termijn waarvoor het havengeld is betaald, wordt opnieuw havengeld geheven volgens het tarief per keer.

  • 12. De maatstaf voor het kampeergeld is de in gebruik genomen camperplaats per nacht

Artikel 2.3 Vrijstellingen

  • 1. Geen havengeld en/of liggeld en/of schutgeld en/of opslaggeld wordt geheven van:

    • a.

      Vaartuigen, in directe dienst van de gemeente of werkend in opdracht van de gemeente;

    • b.

      Rijksvaartuigen, uitsluitend bestemd voor de openbare dienst;

    • c.

      Hospitaalschepen, of vaartuigen, die als zodanig dienstdoen;

    • d.

      Vaartuigen, gebruikt voor het uitbaggeren van de havens en de vaargeul;

    • e.

      Lichterschepen, als vaartuigen bij laag water of als gevolg van averij verplicht zijn hun lading door middel van deze schepen te lossen;

  • 2. Geen liggeld wordt geheven van:

    • a.

      Vaartuigen die in het bezit zijn van een vergunning of ontheffing anders dan voor een historisch schip of een woonschip of een bedrijfsvaartuig met vaste ligplaats.

    • b.

      Vaartuigen waarvan de schipper aantoont, dat wegens ernstige familieomstandigheden van de haven gebruik wordt gemaakt, mits niet wordt geladen en/of gelost;

    • c.

      Vaartuigen, die ten gevolge van ijsgang of weersgesteldheden of lage waterstand zijn gedwongen in de haven te verblijven, mits niet wordt geladen of gelost;

    • d.

      Vaartuigen, voor de periode dat ze ten gevolge van ijsgang of weersgesteldheid of lage waterstand zijn gedwongen langer in de haven te verblijven nadat is geladen en/of gelost;

  • 3. Geen havengeld wordt geheven van vaartuigen, die in het bezit zijn van een vergunning of een ontheffing.

  • 4. Geen opslaggeld wordt geheven als en voor zolang de waterstand van het Meppelerdiep zodanig is, dat de op de kade geplaatste voorwerpen en/of goederen niet kunnen worden afgevoerd, na het tijdstip waarop volgens de havenmeester vóór de opslag gedane verklaring, die goederen zouden worden afgevoerd.

Hoofdstuk 3 Heffing

Artikel 3.1 Wijze van heffing beroepsvaart

  • 1. Het havengeld en/of kadegeld zoals benoemd in Hoofdstuk 1 van de tarieventabel (bijlage 1) dat per keer berekend wordt, wordt geheven door voldoening op aangifte.

  • 2. Aangifte geschiedt door bij aanvang van het gebruik maken van de haven digitaal in te loggen bij een bedrijf waarmee de gemeente Meppel een contract heeft afgesloten voor deze dienst.

  • 3. In afwijking van het in lid 1 genoemde, kan met toestemming van de havenmeester het haven- en kadegeld worden geheven bij wege van gedagtekende nota of andere schriftuur waarop het gevorderde bedrag wordt vermeld.

  • 4. Het havengeld, kadegeld, opslaggeld en de abonnementen voor haven- en/of kadegeld worden geheven bij wege van gedagtekende nota of andere schriftuur waarop het gevorderde bedrag wordt vermeld.

Artikel 3.2 Wijze van heffing bijzondere schepen, historische schepen, woonschepen, camperplaatsen en pleziervaartuigen

  • 1. De rechten zoals benoemd in Hoofdstuk 2 van de tarieventabel worden geheven bij wege van aanslag (bijzondere schepen, historische schepen, woonschepen)

  • 2. De rechten zoals benoemd Hoofdstuk 3 en 4 van de tarieventabel (bijlage 1) worden geheven bij wege van voldoening op aangifte (passantenligplaatsen, vaste ligplaatsen pleziervaartuigen en camperplaatsen). De belasting wordt geheven door middel van een mondelinge dan wel een schriftelijke gedagtekende kennisgeving. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

  • 3. De belastingplichtige is verplicht, zodra hij met een vaartuig ligplaats neemt, daarvan onverwijld kennis te geven aan de havenmeester.

Artikel 3.3 Termijnen van betaling

  • 1. De rechten moeten worden voldaan op het moment van aanbieding van de nota, een mondelinge dan wel een schriftelijke gedagtekende kennisgeving of andere schriftuur.

  • 2. In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990, moeten de aanslagen worden betaald in vier gelijke termijnen waarbij de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand van dagtekening van het aanslagbiljet en de tweede en volgende termijnen telkens een maand later.

  • 3. In afwijking van het tweede lid moeten de aanslagen die binnen het van toepassing zijnde belastingjaar worden opgelegd met een dagtekening 1 september en later, worden betaald in drie gelijke termijnen.

  • 4. In afwijking van het tweede en derde lid moeten aanslagen zolang en voor zover de totaal verschuldigde bedragen daarvan door middel van automatische incasso kunnen worden afgeschreven, worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand vermeld in de dagtekening van de aanslag nog maanden in het kalenderjaar resteren, met dien verstande dat;

    • a.

      het aantal termijnen ten hoogste tien bedraagt indien de aanslag binnen het van toepassing zijnde belastingjaar wordt geïnd;

    • b.

      voor aanslagen die met een dagtekening na 1 september van het van toepassing zijnde belastingjaar worden opgelegd bedraagt het aantal termijnen drie;

    • c.

      de eerste termijn vervalt één maand na dagtekening van het aanslagbiljet en de tweede en volgende termijnen telkens een maand later.

  • 5. Indien de automatische incasso als bedoeld in het vierde lid gedurende twee maanden niet mogelijk is, vervalt voor het betreffende aanslagbiljet de mogelijkheid tot automatische incasso en gelden de termijnen als bedoeld in het tweede en derde lid.

  • 6. Automatische incasso is alleen mogelijk voor aanslagen waarvan het aanslagbedrag niet meer dan € 5.000,- bedraagt. Aanslagen hoger dan € 5.000,-- moeten worden betaald binnen de in lid 2 gestelde termijnen.

  • 7. De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Artikel 3.4 Kwijtschelding

Bij de invordering van haven-, lig-, kade- en opslaggelden wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 3.5 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van haven- en opslaggelden.

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 4.1 Intrekking oude regeling

De Verordening op de heffing en de invordering van binnenhavengeld 2021, zoals vastgesteld bij besluit van 12 november 2020, wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2022, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 4.2 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2022.

Artikel 4.3 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening havengelden gemeente Meppel.

Ondertekening

Aldus besloten in de openbare vergadering van

de raad van de gemeente Meppel,

gehouden op: 28 oktober 2021

De voorzitter,

de griffier,

Bijlage 1: Tarieventabel

Hoofdstuk 1 Beroepsvaartuigen

 
 

(exclusief btw)

 
 
 
 
 
 

1.1

Vrachtschepen die niet laden en/of lossen, per ton laadvermogen: Per reis; per 7 dagen:

€ 0,12

 

1.2

Vrachtschepen die wel laden en/of lossen, per ton laadvermogen Per reis; per 7 dagen halve lading of meer

€ 0,18

 

1.3

Vrachtschepen die wel laden en/of lossen, per ton laadvermogen Per reis; per 7 dagen minder dan halve lading

€ 0,12

 
 
 
 
 

1.4

Abonnement per maand per ton

€ 0,43

 

1.5

Abonnnement per kwartaal per ton

€ 1,03

 
 
 
 
 

1.6

Containerschepen, per geladen of geloste container

N.V.T.

 
 
 
 
 

1.7

Green Award Over 1.1 t/m 1.6 Brons

-5%

 

1.8

Green Award Over 1.1 t/m 1.6 Zilver

-10%

 

1.9

Green Award Over 1.1 t/m 1.6 Goud

-15%

 

1.10

Green Award Over 1.1 t/m 1.6 Platina

-20%

 
 
 
 
 

1.11

Zeeschepen, per ton laadvermogen: Per reis; per 7 dagen: halve lading of meer

€ 0,34

 

1.12

Zeeschepen, per ton laadvermogen: Per reis; per 7 dagen minder dan halve lading

€ 0,17

 
 
 
 
 

1.13

Kortstondig gebruik van een gemeentelijke haven: vaartuigen, niet zijnde pleziervaartuigen, die kortstondig gebruik maken van één van de gemeentelijke havens teneinde te kunnen keren, betalen het tarief zoals bepaald in 1.1 tot en met 1.12

Tarief volgens 1.1. tot en met 1.12

 
 
 
 
 

1.14

Riviercruiseschepen Per meter lengte; per dag:

€ 1,31

 
 
 
 
 
 

Vaartuigen, niet nader in de tabel omschreven

 
 

1.15

per reis, per dag per meter

€ 0,42

 

1.16

per reis per 7 dagen per meter

€ 1,30

 

1.17

per reis per 14 dagen per meter

€ 2,13

 
 
 
 
 
 

Passagiersschepen, vissersschepen en sleepboten per strekkende meter

 
 

1.18

tot 7 dagen

€ 0,85

 

1.19

tot 14 dagen

€ 1,33

 

1.20

per maand

€ 0,43

 

1.21

per kwartaal

€ 1,21

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Hoofdstuk 2 Bijzondere vaartuigen

Excl. BTW

Incl. BTW

 
 
 
 

2.1

Bedrijfsvaartuig met vaste ligplaats per vierkante meter oppervlakte, per jaar

€ 12,77

€ 15,45

2.2

Historisch vaartuig per vierkante meter oppervlakte per jaar

€ 7,93

€ 9,60

 
 
 
 

2.3

Woonschepen per strekkende meter per week

 
 

2.3.1

van 0 tot 12 meter

€ 2,53

€ 3,06

2.3.2

van 12-18 meter

€ 3,78

€ 4,58

2.3.3

van 18-24 meter

€ 4,97

€ 6,02

2.3.4

meer dan 24 meter

€ 6,16

€ 7,46

 
 
 
 

Hoofdstuk 3 Passantenligplaatsen

Excl. BTW

Incl. BTW

 
 
 
 

3.1

Pleziervaartuigen per meter lengte

 
 

3.1.1

1 overnachting

€ 1,16

€ 1,40

 
 
 
 

Hoofdstuk 4 Vaste ligplaatsen pleziervaartuigen

Excl. BTW

Incl. BTW

 
 
 
 

4.1

Buitenhaven, ligboxen in het water;

 
 

4.1.1

per jaar

€ 142,98

€ 173,00

4.1.2

per seizoen

€ 71,49

€ 86,50

 
 
 
 

4.2

Buitenhaven, ligplaats op de wal

 
 

4.2.1

per jaar

€ 71,49

€ 86,50

4.2.2

per seizoen

€ 35,70

€ 43,20

 
 
 
 

4.3

Schuttevaerhaven en Pr. Hendrikkade per vierkante meter oppervlakte ligbox

 
 

4.3.1

per maand

€ 2,35

€ 2,85

4.3.2

per jaar

€ 19,84

€ 24,00

 
 
 
 

4.4

Schuttevaerhaven, vaartuigen > 4,50 meter, grenzend aan

 
 

particuliere kade per vierkante meter oppervlakte vaartuig

 

4.4.1

per maand

€ 2,35

€ 2,85

4.4.2

Per jaar

€ 19,84

€ 24,00

 
 
 
 

4.5

Westeinde, per vierkante meter oppervlakte ligbox

 
 

4.5.1

per maand

€ 3,51

€ 4,25

4.5.2

per zomerseizoen

€ 13,55

€ 16,40

4.5.3

per winterseizoen

€ 11,70

€ 14,15

4.5.4

per jaar

€ 24,05

€ 29,10

 
 
 
 

4.6

Westeinde, vaartuigen > 15.00 meter per vierkante meter oppervlakte vaartuig

 
 

4.6.1

Per winterseizoen

€ 11,70

€ 14,15

 
 
 
 

4.7

Stadsgrachten en haven Rogat per vierkante meter oppervlakte vaartuig

 
 

4.7.1

per maand

€ 2,40

€ 2,90

4.7.2

per winterseizoen

€ 7,36

€ 8,91

 
 
 
 

4.8

Jan van den Boschkade per vierkante meter oppervlakte vaartuig

 
 

4.8.1

per zomerseizoen

€ 8,18

€ 9,90

 
 
 
 
 
 
 
 

4.9

Drijvende steiger

 
 

4.9.1

per steiger; per jaar

€ 74,13

€ 89,70

 
 
 
 

Hoofdstuk 5 Voorziening ten behoeve van de haven

Excl. BTW

Incl. BTW

 
 
 
 

5.1

Het tarief bedraagt:

 
 

5.2

Afname krachtstroom (380 watt) per gemeten KwH

€ 0,25

€ 0,30

5.3

voor het gebruik van de wasmachine per keer

€ 2,69

€ 3,25

5.4

voor het gebruik van de droogtrommel per keer

€ 2,69

€ 3,25

5.5

inworp drinkwater- en doucheautomaat

€ 0,41

€ 0,50

 
 
 
 

Hoofdstuk 6 Overnachting kampeerterrein Westeinde per plaats

 
 
 

Excl. BTW

Incl. BTW

6.1

1 overnachting

€ 9,92

€ 12,00

Bijlage 2 Kaart van de haven