EVENEMENTENBELEID MIDDEN-GRONINGEN

Geldend van 16-11-2021 t/m heden

Intitulé

EVENEMENTENBELEID MIDDEN-GRONINGEN

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Midden-Groningen heeft op 9 november 2021 het Evenementenbeleid Midden-Groningen vastgesteld.

Sinds 1 januari 2018 bestaat de gemeente Midden-Groningen, ontstaan uit de gemeenten Hoogezand-Sappemeer, Menterwolde en Slochteren. Als gevolg van deze samenvoeging wordt op verschillende terreinen het beleid geharmoniseerd, zo ook op het gebied van evenementen.

Ieder jaar wordt in onze jonge gemeente een groot aantal evenementen georganiseerd. De omvang en aard van deze evenementen variëren sterk, van kleine buurtbarbecues en optochten tot grotere evenementen als sportwedstrijden, festivals, wandelvierdaagse en de Oranjebraderie.

Dergelijke evenementen zijn belangrijk voor onze inwoners en ondernemers. Zo zorgen evenementen voor een afwisselend cultureel aanbod, verhogen de sociale betrokkenheid van inwoners en zorgen voor een economisch impuls of omzetverhoging voor lokale ondernemers.

Evenementen zorgen dus voor dynamiek in de gemeente. Inwoners kunnen echter ook overlast ervaren van evenementen, te denken valt aan geluidsoverlast, verkeershinder e.d. Het is daarom belangrijk om helder te maken wat wel en niet mag rondom evenementen.

Deze beleidsnota bevat nadere beleidsregels op de bepalingen in de ‘Algemene Plaatselijke Verordening Midden-Groningen 2020’ en de ‘Wijzigingsverordening APV Midden-Groningen 2020 -2021-I’, hierna beide kortheidshalve genoemd: ‘APV’. Ook worden de bepalingen in de APV verduidelijkt zodat voor inwoners en ondernemers die een aanvraag doen voor een evenement, duidelijk is welk beleid de gemeente hanteert bij het verlenen van de vergunning.

Bij het maken van de beleidsregels is de balans gezocht tussen deregulering en veiligheid. De gemeente heeft te maken met verschillende rollen en belangen. Deze belangen zijn soms tegenstrijdig, aan de ene kant de wens van het gemeentebestuur om zo veel mogelijk ruimte te geven voor evenementen. Aan de andere kant het bewaken van de belangen van omwonenden van een evenement en de controle op een veilig verloop van een evenement.

De gemeente wil niet meer regelen dan nodig is vanuit de verantwoordelijkheid voor veiligheid. We schenken organisatoren van evenementen vertrouwen, de primaire verantwoordelijkheid voor een evenement ligt bij de organisatie. Daarom biedt de gemeente deregulering: verruiming van vergunningvrije evenementen, meerjarige vergunningen en eenvoudige aanvraagprocedures.

We hopen dat door deze versoepelingen het organiseren van evenementen gestimuleerd wordt. Evenementen zijn namelijk belangrijk voor onze gemeente, ze dragen bij aan de leefbaarheid en saamhorigheid en zijn aantrekkelijk vanuit toeristisch en economisch perspectief.

In het evenementenbeleid bevat totaal zes hoofdstukken. Na de inleiding staat in hoofdstuk 2 wat volgens de Algemene Plaatselijke Verordening Midden-Groningen 2020 wordt verstaan onder een evenement. In hoofdstuk 3 worden de verschillende categorieën evenementen verduidelijkt en welke evenementen vergunningplichtig, meldingplichtig of meldingvrij zijn. Ook wordt aangegeven hoe een vergunning of melding voor het houden van een evenement aangevraagd c.q. ingediend moet worden. Het vierde hoofdstuk gaat in op de eisen die de gemeente stelt om de veiligheid van evenementen te borgen en overlast te beperken dan wel te voorkomen In hoofdstuk 5 wordt wet- en regelgeving beschreven die van toepassing kan zijn op evenementen. Hoofdstuk 6 betreft het slotwoord.

1 Inleiding

2 Wat is een evenement volgens de regelgeving?

2.1

De gemeentelijke APV

In de gemeente Midden-Groningen geldt voor het houden van een evenement een vergunningplicht. Uitzondering hierop zijn kleine evenementen, hiervoor geldt een meldingplicht in plaats van een vergunningplicht. Wat onder dergelijke meldingplichtige evenementen wordt verstaan, wordt uitgelegd in paragraaf 3.1 van deze beleidsnota.

Het wettelijk kader voor evenementen wordt in de eerste plaats geboden door de APV. In hoofdstuk 2, afdeling 3 van de APV (artikel 2:24 e.v.) wordt het begrip ‘evenement’ als volgt omschreven:

1.In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van:

  • a.

    bioscoopvoorstellingen;

  • b.

    markten (zoals weekmarkten en snuffelmarkten);

  • c.

    kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;

  • d.

    het in een inrichting in de zin van de Drank en Horecawet gelegenheid geven tot dansen;

  • e.

    betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

  • f.

    activiteiten zoals het optreden als straatartiest of straatfotograaf.

2.Onder evenement wordt mede verstaan:

  • a.

    een herdenkingsplechtigheid;

  • b.

    een braderie;

  • c.

    een optocht, niet zijnde een betoging, op de weg;

  • d.

    een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg;

  • e.

    een straatfeest of buurtbarbecue op één dag (klein evenement).

Een evenement is dus een ruim begrip, bijna elke publiek toegankelijke verrichting van vermaakt moet als evenement wordt aangemerkt. Het maakt niet uit of het evenement op particulier terrein of op gemeentegrond plaatsvindt. Het maakt ook niet uit of het evenement binnen of buiten plaatsvindt.

Festiviteit in een inrichting

Een festiviteit in een inrichting, zoals een horecagelegenheid, is door middel van de APV van een evenement uitgezonderd, er is dan ook geen evenementenvergunning nodig. In artikel 4:1 van de APV staat de definitie van het begrip incidentele festiviteit: festiviteit of activiteit die gebonden is aan één of een klein aantal inrichtingen.

Dit biedt de houder van een inrichting de mogelijkheid om een incidentele festiviteit te organiseren die buiten de gebruiksvergunning valt. De voorschriften hiervoor staan opgenomen in artikel 4:3 van de APV.

2.2

Andere wet- en regelgeving

2.2.1

Landelijke wet- en regelgeving

De basis voor het verlenen van een vergunning en het stellen van regels en voorschriften met betrekking tot evenementen ligt in de APV. Omdat de diversiteit van evenementen groot is, zijn ook veel andere, landelijke, regelingen op evenementen van toepassing. Te denken valt aan:

  • Activiteitenbesluit milieubeheer);

  • Besluit brandveilig gebruik (BGBOP);

  • Alcoholwet;

  • Wegenverkeerswet;

  • Zondagswet.

Een uitgebreide uitleg omtrent wetgeving dat verbonden is aan evenementen is te vinden in hoofdstuk 5 van deze beleidsnota.

2.2.2

Bestemmingsplan

Naast het aanvragen van een evenementenvergunning dient voor sommige evenementen een omgevingsvergunning ‘handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening’ te worden aangevraagd. Dit geldt niet voor evenementen die incidenteel en kortdurend van aard zijn, en daarom ondergeschikt aan het hoofdgebruik. Dergelijke ondergeschikte evenementen zijn niet in strijd met het bestemmingsplan, ongeacht de bestemming en de daarbij behorende gebruiksvoorschriften (tenzij de desbetreffende bestemming dit natuurlijk uitdrukkelijk verbiedt).

3. Categorieën evenementen en procedures

Evenementen zijn er in vele soorten en maten. Voor lang niet alle evenementen is het nodig een vergunning aan te vragen omdat deze niet of nauwelijks van invloed zijn op openbare orde en veiligheid. In het kader van deregulering is voor bepaalde evenementen geen vergunning nodig maar kan worden volstaan voor een melding. Onder bepaalde voorwaarden is voor evenementen ook geen melding nodig, dit zijn zogenaamde meldingvrije evenementen. Als een evenement vergunningplichtig is, zijn er vaak, afhankelijk van de activiteiten, overige vergunningen of ontheffingen nodig. Evenementen in Midden-Groningen worden dus ingedeeld in drie categorieën:

  • meldingplichtige evenementen

  • meldingvrije evenementen

  • vergunningplichtige evenementen

Als voor het houden van een evenement een melding of vergunning nodig is, kan gebruik worden gemaakt van het aanvraagformulier op de gemeentelijke website. Dit formulier is integraal, overige vergunningen en ontheffingen die eventueel voor het evenementen nodig zijn (en waar de gemeente het bevoegd gezag is) kunnen in één keer aangevraagd worden. Als er onduidelijkheden of vragen zijn, kan contact worden opgenomen met de gemeentelijke vergunningverlener.

Wanneer een aanvraag tijdig en volledig is ingediend (zie paragraaf 3.3), wordt door de gemeente beslist of een evenement meldingplichtig of vergunningplichtig is.

3.1

Meldingplichtige evenementen

In het kader van deregulering hoeft voor evenementen die slecht een geringe invloed hebben op de openbare orde en veiligheid geen vergunning te worden aangevraagd, maar volstaat een melding bij de gemeente. Om te bepalen of er kan worden volstaan met een melding is in de APV (artikel 2:25A lid 1) een aantal criteria uitgewerkt:

  • a.

    het aantal aanwezigen op enig moment niet meer bedraagt dan 300 personen;

  • b.

    het evenement wordt, inclusief op- en afbouw, gehouden tussen 9.00 en 24.00 uur en duurt maximaal 1 dag;

  • c.

    het evenement niet plaatsvindt op de rijbaan of anderszins een belemmering vormt voor het verkeer, tenzij daarvoor een ontheffing is verleend;

  • d.

    slechts maximaal 5 objecten worden geplaatst waaronder een (1) tent met een oppervlakte van minder dan 50 m² per object en overige objecten met een oppervlakte van maximaal 15 m2. Het totaal aan objecten mag niet meer bedragen dan 75 m2

  • e.

    het evenement niet plaatsvindt binnen een door de burgemeester aangewezen gebied;

  • f.

    sprake is van een aanwijsbare organisator;

  • g.

    op zondag tot en met donderdag geen muziek ten gehore wordt gebracht na 22:00 uur

  • h.

    het geluidsniveau maximaal 70 dB(A) en85dB(C) bedraagt;

  • i.

    het evenement plaatsvindt op één locatie en niet op het water;

  • j.

    er geen reclame wordt gemaakt om belangstellenden buiten de directe doelgroep aan te trekken

Wanneer aan één van de voorwaarden niet wordt voldaan, kan niet worden volstaan met een melding en is een evenementenvergunning nodig. Indien er vergunningen en/of ontheffingen nodig zijn van bijvoorbeeld de Alcoholwet of een verkeersbesluit dan is een evenement altijd vergunningplichtig.

3.2

Meldingvrije evenementen

In een aantal gevallen is een evenement vrij van vergunning of melding. Naast de voorwaarden die genoemd staan in paragraaf 3.1 (artikel 2:25A lid 1 APV), moet aan de volgende twee aanvullende voorwaarden uit artikel 2:25A lid 3 van de APV worden voldaan:

  • a.

    het aantal aanwezigen op enig moment maximaal 100 personen bedraagt;

  • b.

    het evenement plaatsvindt in de buitenlucht op eigen terrein;

Wanneer aan één van de voorwaarden niet wordt voldaan, is voor het houden van het evenement een melding danwel een vergunning nodig.

3.3

A-,B-, of C-evenement (vergunningplicht)

Als een evenement niet voldoet aan de criteria voor meldingplichtige en meldingvrije evenementen, is het vergunningplichtig. Met behulp van de risicoscan van Veiligheidsregio Groningen worden vergunningplichtige evenementen ingedeeld in de volgende categorieën:

  • A-evenement - regulier evenement (laag risico)

  • B-evenement - aandacht evenement (beperkt risico)

  • C-evenement – risicovol evenement (hoog risico)

Criteria die de aard en risico van een evenement bepalen en waaruit blijkt of een evenement belastend is voor de omgeving waar het plaats zal vinden zijn onder andere de geluidsproductie, de bezoekers, de duur en de omvang van de locatie.

Op basis van de door de organisator ingevulde informatie en aangeleverde stukken beoordeelt de gemeente aan de hand van de risicoscan om welke categorie evenement het gaat en welke vorm van advisering door de hulpdiensten nodig is. Advisering kan bijvoorbeeld plaatsvinden in de vorm van een vooroverleg. Per categorie wordt een specifieke procedure gevolgd. Bij C-evenementen vindt standaard een voorbereidend overleg met betrokken partners plaats. Bij A- en B-evenementen is dit afhankelijk van de specifieke situatie. Er kan echter altijd van worden afgeweken als de situatie daar aanleiding toe geeft, er is sprake van maatwerk.

3.4

Vergunning voor meerdere jaren voor A-evenementen

Om de administratieve lasten voor organisatoren van evenementen te verminderen, bestaat de mogelijkheid om voor een evenementen met een laag risico en een lage impact op de omgeving (een zogenaamd A-evenement) een meerjarige evenementenvergunning aan te vragen. Voor deze aanvraag kan gebruik worden gemaakt van het aanvraagformulier op de gemeentelijke website.

De voorwaarden voor een meerjarige vergunning staan genoemd in artikel 2:25B van de APV:

  • a.

    het vaststaat dat er sprake is van een evenement dat al tenminste drie jaren achtereen in exact dezelfde opzet heeft plaatsgevonden;

  • b.

    in de jaren zoals bedoeld onder a. geen problemen zijn geweest bij de uitvoering, toezicht en handhaving;

Een meerjarige vergunning kan voor maximaal drie jaren worden verleend. De organisator van een evenement met een meerjarige vergunning meldt het houden van het evenement jaarlijks, tenminste acht weken voorafgaand aan het evenement, via het aanvraagformulier op de gemeentelijke website. Na ontvangst van de melding handelt de gemeente deze zo spoedig mogelijk na ontvangst af. Wanneer de melding tijdig en volledig is, verstuurt de gemeente een acceptatiebrief.

De meerjarige vergunning geldt niet voor eventueel andere aan te vragen vergunningen of ontheffingen.

De burgemeester kan meerjarige vergunning intrekken indien:

  • a.

    een jaar geen gebruik wordt gemaakt van de vergunning

  • b.

    de organisator het houden van het evenement niet binnen de gestelde termijn heeft gemeld

  • c.

    zich wijzigingen voordoen die betrekking hebben op de organisatie, activiteiten, de locatie of de omvang van het evenement

3.5

Hoe, waar en wanneer evenement aanvragen/melden?

Als voor een evenement een melding of vergunning nodig is, dient de organisator het aanvraagformulier op de gemeentelijke website te vullen. Het aanvraagformulier dient tijdig ingediend te worden (zie onderstaande tabel), zodat benodigde adviezen tijdig aangevraagd en verstrekt kunnen worden en er voldoende ruimte is om te voldoen aan wettelijk voorgeschreven publicatie-, bekendmakings- en bezwaartermijnen.

Categorie evenement

Indieningstermijn voorafgaand aan het evenement

Meldingplichtig evenement

4 weken

Meerjarige vergunning A-evenement (melding)

8 weken

A-evenement

8 weken

B-evenement

8 weken

C-evenement

8 weken

Bij een B- of C-evenement dient door de organisator altijd een veiligheidsplan met bijlagen zoals plattegrond, draaiboek, verkeersplan, certificaten etc. opgesteld te worden. Meer informatie hierover staat in paragraaf 4.4.

Bij (grotere) evenementen is het mogelijk dat er meerdere vergunning(en) en/of ontheffing(en) nodig zijn, voor bijvoorbeeld:

  • het plaatsen van reclameborden of verwijzingsborden;

  • het organiseren van een evenement op zondag of een feestdag (Zondagswet);

  • het tijdelijk schenken van alcohol;

  • het gebruik van wegen en paden bij een wieler- of hardloopwedstrijd;

  • het maken van muziek of hard geluid op straat;

  • het ontbranden van vuurwerk.

Het is in dit geval raadzaam en wenselijk om contact op te nemen met de gemeente, voordat er een vergunning wordt aangevraagd. Voor een zogenaamd C-evenement moet altijd tijdig contact met de gemeente worden opgenomen. In de vooroverleggen worden de te regelen acties besproken en wordt afgestemd welke documenten bij de aanvraag en de vergunning(en) zijn vereist.

De gemeente hanteert waar mogelijk een integrale benadering. Dit betekent dat de organisator van een evenement binnen de aanvraag voor een evenementenvergunning ook overige vergunningen en/of ontheffingen kan aanvragen (indien de gemeente het bevoegd gezag is). Na ontvangst van het aanvraagformulier en de bijbehorende stukken wordt door de vergunningverlener onder andere bepaald om welke categorie evenement het gaat, welke ontheffingen en/of vergunningen nodig zijn en welke interne en externe partijen betrokken moeten worden.

3.6

Niet in behandeling nemen van een melding/aanvraag

Indien een melding/aanvraag niet binnen de in paragraaf 3.4 genoemde termijn ingediend is, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen. De burgemeester kan besluiten de aanvraag alsnog in behandeling te nemen.

De melding/aanvraag kan niet in behandeling worden genomen indien de benodigde bijlagen ontbreken. In dat geval wordt de aanvrager een hersteltermijn geboden voor het aanvullen van de ontbrekende gegevens en en/of bijlagen. Als de aanvrager binnen de hersteltermijn niet of niet-correct de benodigde gegevens aanlevert, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen.

3.7

Beslistermijn

3.7.1

Beslistermijn meldingplichtige evenementen

Na ontvangst van een melding handelt de gemeente deze zo spoedig mogelijk na ontvangst af. Wanneer de melding tijdig en volledig is, verstuurt de gemeente een acceptatiebrief. De burgemeester kan voorwaarden stellen voor een ordelijk en veilig verloop van een evenement. Een meldingplichtig evenement kan verboden worden indien daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. De aanvrager wordt hierover geïnformeerd.

3.7.2

Beslistermijn vergunningplichtige evenementen

Nadat alle adviezen van interne en externe partijen (zie paragraaf 3.7) zijn gewogen en vertaald naar vergunningsvoorwaarden door de gemeente, kan de burgemeester besluiten om een evenementenvergunning te verlenen. Dit gebeurt uiterlijk acht weken na ontvangst van de aanvraag. Deze termijn kan met ten hoogste acht weken worden verlengd. De beslistermijn op de aanvraag wordt opgeschort met ingang van de dag na die waarop de burgemeester de aanvrager verzoekt de aanvraag aan te vullen, tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gegeven termijn ongebruikt is verstreken.

Als er naast een evenementenvergunning nog andere vergunningen en/of ontheffingen nodig zijn worden deze direct meegenomen. Indien mogelijk worden alle benodigde vergunningen en/of ontheffingen gelijktijdig met de evenementenvergunning verleend en bekendgemaakt.

De gemeente is verplicht om de vergunning voor een evenement op de eerstvolgende mogelijkheid na de beslissing bekend te maken. Bekendmaking vindt plaats door toezending aan de aanvrager en wordt meegedeeld aan degenen die zienswijzen hebben ingediend. Ook wordt de vergunning aan adviseurs zoals beschreven in paragraaf 3.8 gezonden. Tevens wordt in het gemeenteblad en op de gemeentelijke website gepubliceerd dat de vergunning is verleend.

Nadat alle adviezen zijn gewogen, kan de burgemeester ook besluiten om een evenementenvergunning te weigeren. In de APV zijn in artikel 1:8 de algemene weigeringsgronden opgenomen. Weigering is mogelijk in het belang van de openbare orde en veiligheid, de volksgezondheid en de bescherming van het milieu. Daarnaast kan op basis van artikel 2:25 lid 4 onder a en b van de APV een vergunning geweigerd worden indien:

  • het evenement zich niet verdraagt met het karakter of de bestemming van de plaats waar het wordt gehouden;

  • vanwege meerdere vergunningaanvragen voor een opeenvolgende periode voor eenzelfde locatie of buurt, waardoor de woon- en leefsituatie in de omgeving of de openbare orde onvoldoende kunnen worden gewaarborgd.

Indien mogelijk worden een evenementenvergunning en de daarmee samenhangende besluiten gelijktijdig verleend en bekend gemaakt. Voor deze situatie kan gebruik worden gemaakt van de coördinatieregeling zoals genoemd in paragraaf 3.5.3 van de Awb. Overigens wordt de evenementenvergunning verleend door de burgemeester en de meeste overige vergunningen/ontheffingen door het college.

3.8

Advisering evenementenveiligheid

Om zorgt te dragen dat evenementen veilig verlopen, wordt er veel aandacht besteed aan een goede voorbereiding van evenementen. Van de organisator wordt complete informatie over de maatregelen voor veiligheid en de opzet van het evenement verlangd. De aanvrager overlegt daarvoor de benodigde informatie in de vorm een veiligheidsplan met bijlagen. Wat er in ieder geval in het veiligheidsplan moet staan, staat in paragraaf 4.4.1.

Voor alle vergunningplichtige evenementen geldt dat advies kan worden gevraagd aan diverse interne en externe partijen zoals de Veiligheidsregio Groningen en de politie. Aan wie advies wordt gevraagd hangt mede af van de aard en belastendheid van het evenement.

Externe partijen:

  • Veiligheidsregio Groningen

    • Geneeskundige hulpverleningsorganisatie in de regio (GHOR)

    • Brandweer Groningen

  • Politie

  • Omgevingsdienst Groningen

Interne partijen:

  • Team Veiligheid en Vergunningen

  • Team IBOR (Beheer Openbare Ruimte)

Het advies van de interne en externe partijen wordt gebaseerd op de door de evenementenorganisatie geleverde stukken. Het is daarom belangrijk dat de aanvraag voor een evenementenvergunning tijdig en compleet aangeleverd wordt. De adviezen kunnen aanleiding zijn dat vanwege de openbare orde, de veiligheidsaspecten, de volksgezondheid of het milieu een vergunning wordt geweigerd of dat de evenementenvergunning onder voorwaarden wordt verleend.

3.9

Online evenementenkalender

Alle vergunde en gemelde evenementen die door de gemeente zijn afgehandeld, worden opgenomen in de evenementenkalender op de gemeentelijke website: www.midden-groningen.nl.

Door al deze evenementen te vermelden kan een groot publiek snel overzichtelijk zien welke evenementen plaatsvinden in de gemeente. Daarnaast kan het een betere handhaving van de openbare orde en veiligheid betekenen, doordat altijd bekend is wat zich op welke plaats afspeelt.

3.10

Evaluatie

Na afloop van een evenement kan de gemeente initiatief nemen om samen met de vergunninghouder en de betrokken medewerkers het evenement te evalueren. De gemeente kan een evaluatievoorschrift opnemen in de vergunning, maar kan het ook achteraf besluiten. De uitkomsten van evaluaties worden meegenomen bij het eventueel opnieuw organiseren van het evenement.

Bij C-evenementen vindt altijd een evaluatie plaats. Deze evaluatieplicht wordt als voorschrift opgenomen in de vergunning. De gemeente neemt ook bij C-evenementen het initiatief om het evenement te evalueren.

3.11

Leges

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een evenementenvergunning worden leges in rekening gebracht. Voor evenementen waar alleen een melding nodig is, worden geen leges in rekening gebracht. De leges verschillen per categorie evenement en zijn te vinden in de legesverordening Midden-Groningen.

4. Evenementen: openbare orde en veiligheid

Evenementen brengen risico's met zich mee en kunnen overlast veroorzaken. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de maatregelen om de veiligheid te borgen en overlast te beperken dan wel te voorkomen. Om overlast tegen te gaan is met name het handhaven van eindtijden en geluidsnormen bij evenementen van belang. De meest effectieve vorm van handhaving is preventie. Hulpmiddelen hierbij zijn bijvoorbeeld communicatie, het geven van informatie en een goede kwaliteit van vergunningverlening.

4.1

Toezicht en handhaving

Zoals eerder aangegeven maakt de gemeente gebruikt van de risicoscan van de Veiligheidsregio om in te schatten wat de risico’s van een evenement kunnen zijn. Aan de hand van deze risicoscan wordt bepaald welke adviseringvorm van de hulpdiensten nodig is.

Als vervolg op deze afstemming bij de behandeling van de aanvraag voeren de gemeente met de politie en de brandweer steekproefsgewijs controles ter plekke uit bij de voorbereiding van evenementen voor respectievelijk constructieve veiligheid en brandveiligheid. Daarnaast wordt er door de drie organisaties ook tijdens de evenementen steekproefsgewijs gecontroleerd. Ook het zichtbaar aanwezig zijn van handhavers draagt bij aan het voorkomen van overtredingen. Aandacht voor respecteren van de geluidsnormen en de eindtijden zijn dan belangrijk.

Het toezicht en de handhaving worden uitgevoerd door de gemeente Midden-Groningen, politie en brandweer. Deze partijen werken intensief samen en verdelen de taken als volgt:

  • Gemeente (incl. Boa’s en ODG): Toezicht op naleving van geluidsnormen en vergunningsvoorschriften (waaronder de ontheffing Alcoholwet), bestuursrechtelijk optreden, beheer openbare ruimte en handhaving van eindtijden.

  • Politie: Handhaving van openbare orde, strafrechtelijk optreden.

  • Brandweer: Toezicht op brandveiligheid, de bereikbaarheid en de vrije doorgang voor hulpverleningsvoertuigen.

4.1.1

Handhaving en sancties

Wanneer een bevoegde ambtenaar van gemeente of politie een overtreding van de in de vergunning opgenomen voorschriften constateert, wordt de overtreder hierop gewezen. De overtreder is verplicht om de activiteit(en) waarmee de voorschriften worden overtreden, onmiddellijk te staken.

Worden na een eerste aanzegging nog steeds voorschriften overtreden dan kunnen er bestuursrechtelijk en/of strafrechtelijk sancties worden opgelegd. Een opgelegde sanctie kan invloed hebben op de beoordeling van een volgende evenementenvergunningaanvraag van deze organisatie.

4.2

Openbare orde

4.2.1

Informeren van de omgeving

Een goede communicatie richting de omgeving kan overlast voorkomen. De organisator van een evenement informeert vooraf zelf de omgeving. Geruime tijd voor het plaatsvinden van het evenement stuurt de organisator van het evenement een bewonersbrief. Deze brief bevat ten minste de volgende informatie:

  • datum/data en tijd(en) evenement;

  • datum/data en tijd(en) op- en afbouw;

  • telefoonnummer van de organisatie waar informatie verkrijgbaar is (zowel tijdens evenement als de op- en afbouw);

  • eventuele verkeersmaatregelen (locaties en tijden van o.a. afsluitingen);

Wanneer een evenement tot klachten leidt, is de organisator verantwoordelijk voor het afhandelen daarvan.

4.2.2

Geluidsvoorschriften en tijden

Evenementen brengen vaak lawaai met zich mee. (Muziek)geluid is voor omwonenden het meest prominent aanwezige aspect van evenementen. Dit kan leiden tot irritaties en slaapverstoring. Om onevenredige geluidhinder door muziek te voorkomen geldt een aantal regels. Deze zijn gebaseerd op het ‘Geluidsplan Slochteren’ en de ‘Nota evenementen met een luidruchtig karakter’ van de Inspectie Milieuhygiëne Limburg. De laatstgenoemde geeft een vrij algemeen objectieve norm van wat onduldbare geluidshinder is.

Vooral bij grote evenementen is het onontkoombaar dat inwoners een zekere mate van hinder ondervinden en dienen te accepteren. Inwoners mogen echter wel van de gemeente verwachten dat er duidelijke grenzen worden gesteld en eventuele overlast als gevolg van evenementen zoveel mogen wordt beperkt. Om onevenredige geluidhinder door muziek te voorkomen, is een aantal regels opgesteld voor het organiseren van evenementen. Deze hebben betrekking op het maximaal toelaatbare geluidsniveau en de tijdsduur van het muziekgeluid. Daarbij is voor vergunningplichtige evenementen ook onderscheid gemaakt tussen eendaagse en meerdaagse evenementen.

Geluidseenheden

Om geluid bij evenementen te beoordelen, wordt beoordeeld in twee eenheden: dB(A) en dB(C). Bij de eerste wordt het gemeten geluid gewogen voor de frequentieafhankelijke gevoeligheid van het menselijk gehoor. Het menselijk gehoor is met name minder gevoelig voor lage frequenties (bastonen). Geluid wordt in bepaalde mate tegengehouden door muren, ramen en deuren, dit hangt af van het materiaal en van de toonhoogte: lage tonen dringen veel sterker door in woningen dan hoge tonen. Met de dB(C)-weging wordt meer rekening gehouden met de invloed van bastonen. Het opnemen van aanvullende grenswaarden in dB(C) biedt een betere bescherming tegen laag frequent geluid, zoals de bastonen uit muziekboxen. Algemeen aanvaard is dat de norm voor dB(C) 15 dB hoger mag liggen dan de norm voor dB(A).

Wijze van meten

Controle op of berekeningen van de in de voorschriften vastgelegde geluidsniveaus, moet geschieden overeenkomstig de “Handleiding meten en rekenen industrielawaai, 1999” (verder: Handleiding). Ook de beoordeling van de meetresultaten moet overeenkomstig deze handleiding plaatsvinden. Hierbij wordt het geluidsniveau beoordeeld op de gevel van de dichtstbijzijnde/meest geluidgevoelige woning/object. Voor een standaard woning met twee bouwlagen wordt in de dagperiode op 1,5 meter hoogte van het grondoppervlak gemeten, in de avond- en nachtperiode op 5 meter. Bij de beoordeling wordt het geluidsniveau tenminste 1 minuut gemeten. Metingen worden onder alle weersomstandigheden uitgevoerd. Er wordt geen 10 dB toeslag voor herkenbaar muziekgeluid toegepast. Het gemiddelde geluidsniveau dat gedurende tenminste 1 minuut gemeten wordt, heet het gemeten equivalent geluidsniveau (LAeq, meet).

De ‘Nota evenementen met een luidruchtig karakter’ hanteert als uitgangspunt dat het gemiddelde geluidsniveau binnen woningen ten gevolge van een evenement niet hoger mag zijn dan 50 dB(A) Als uit wordt gegaan van een geluidwering van gevels van 20 dB dat leidt dit tot een toelaatbaar geluidsniveau op de gevels van woningen van 70 dB(A) en 85 dB(C).

Eindtijden en geluidsniveaus

Om voldoende nachtrust voor omwonenden te garanderen, worden er eindtijden gehanteerd voor harde muziek bij evenementen. Door de week, wanneer mensen moeten werken of naar school moeten, geldt een vroeger tijdstip dan in het weekeind. Na dit tijdstip moet de muziek uit bij evenementen die buiten of in tenten plaatsvinden. Voor reguliere horeca waarvoor een evenement een ontheffing van de geluidsnormen volgens het Activiteitenbesluit Wet Milieubeheer is verleend, gelen vanaf dit tijdstip weer de geluidsnormen van het Activiteitenbesluit.

Bepaalde evenementen hebben een collectief karakter, voorbeelden hiervan zijn Koningsdag en -nacht en oud en nieuw. Het kan ook gaan om bepaalde culturele of recreatieve evenementen die een positieve uitstraling hebben voor een heel dorp of de hele gemeente. Deze evenementen, vaak met muziek, vinden meestal plaats in de open lucht of in een tent. Bij deze collectieve festiviteiten is een hogere geluidsbelasting toegestaan, de direct omwonenden zullen hier vrijwel zeker hinder van ondervinden. Het maatschappelijk belang van dergelijke feesten is echter zodanig groot dat deze hogere geluidsbelasting te rechtvaardigen is.

In onderstaande tabel staat per type evenement aangegeven welke gemeten equivalente geluidsniveaus ten hoogste zijn toegestaan en welke eindtijden er gelden.

Soort evenement1

Gemeten equivalent geluidsniveau (LAeq, meet)

Eindtijden

Meldingvrij evenement

70 dB(A) en 85 dB(C)

9.00 t/m 24.00 uur1

Meldingplichtig evenement

70 dB(A) en 85 dB(C)

9.00 t/m 24.00 uur2

Vergunningplichtig evenement (A, B en C-evenement)

Eendaags evenement

70dB(A) en 85 dB(C)

Zondag- t/m donderdagavond tot 24.00 uur

Vrijdag- en zaterdagavond tot 02.00 uur

Meerdaags evenement

65 dB(A) en 80 dB(C)

1. Bij evenementen op zondag of een feestdag kan de Zondagswet van toepassing zijn (zie paragraaf 5.9)

2. Zondag t/m donderdagavond is na 22.00 uur geen muziek toegestaan.

Uitzonderingen

Gemeten equivalent geluidsniveau (LAeq, meet)

Toegestane tijden

Oud & Nieuw

Geen norm

Variabel

Koningsnacht en -dag (26 & 27 april)

70 dB(A) en 85 dB(C)

Variabel

Handhaving

In een evenementenvergunning worden geluidsnormen opgenomen voor een bepaald evenement. Handhavingsmaatregelen zijn gericht op het houden of herstellen van de situatie binnen de gewenste normen. De maatregelen zijn uiteraard niet gericht op het straffen van de organisator.

4.2.3

Afval en schade aan groenvoorzieningen

Evenementen in het openbaar gebied veroorzaken vaak een enorme hoeveelheid afval. De organisator van een evenement is verantwoordelijk voor het voorkomen van milieutechnische schade. Na afloop van het evenement moet het terrein vrij van afval en in oorspronkelijke staat opgeleverd worden.

Schade aan groenvoorzieningen moet zoveel mogelijk voorkomen worden. Ter bescherming van het groen kunnen voorschriften aan de vergunning verbonden worden. In bepaalde gevallen kunnen activiteiten of zelfs het hele evenement geweigerd worden. In het locatieprofiel kunnen specifieke randvoorwaarden worden opgenomen om zorg te dragen voor groen.

4.3

Natura 2000

Een deel van de natuur binnen de gemeente Midden-Groningen heeft Europese bescherming: een Natura 2000-gebied. In de gemeente Midden-Groningen is het Zuidlaardermeer een Natura-2000 gebied. In dit gebied worden maatregelen getroffen om de kwaliteit en de soortenrijkdom van de natuur te verbeteren. In en rond dit gebied zijn geen evenementen toegestaan die de natuur schade toebrengen. Op onderstaande kaart staat welk gebied is aangewezen als Natura2000-gebied. Een uitgebreide kaart staat op www.Natura2000.nl.

foto

Bron: Natura2000.nl

Bij een (muziek)evenement, moet een vergunning op grond van de Wet Natuurbescherming worden aangevraagd. Dit dient te gebeuren bij de provincie Groningen. Deze vergunning staat los van een melding of evenementen vergunning.

4.4

Veiligheid

Zoals aangegeven in paragraaf 3.8 dient de organisator van een B- of C-evenement naast een compleet ingevuld aanvraagformulier ook een veiligheidsplan bij de aanvraag voor een evenementenvergunning in te dienen. Dit heeft te maken met het borgen van de openbare veiligheid, de bescherming van de volksgezondheid en het beperken van de (mogelijke) overlast.

4.4.1

Veiligheidsplan

De organisator is eerstverantwoordelijk voor de veiligheid op het evenemententerrein. De organisator dient zelf in staat te zijn alle kleine voorzienbare calamiteiten te bestrijden. Voor een A-evenement is geen veiligheidsplan nodig. Bij een B- of C-evenement dient door de organisator altijd een veiligheidsplan met bijlagen zoals plattegrond, draaiboek, verkeersplan, certificaten etc. opgesteld te worden.

Adviesverlenende instanties dienen het veiligheidsplan goed te keuren alvorens een vergunning verleend wordt. Zonder goedkeuring van de adviesverlenende instanties wordt er door de burgemeester géén vergunning verleend. Dit om risico’s op veiligheidsgebied zoveel mogelijk te beperken of tegen te gaan.

Het veiligheidsplan dient in ieder geval te bevatten:

  • soort evenement;

  • op welke dagen en tijdstippen het evenement plaatsvindt;

  • wat het programma is (inclusief draaiboek);

  • aantal verwachte deelnemers of bezoekers;

  • locatie(s) waarop het evenement plaatsvindt;

  • informatie over de organisatie;

  • contactpersonen (en hun telefoonnummers) tijdens het evenement;

  • de taakverdeling tijdens het evenement;

  • risicoanalyse (bijvoorbeeld brandveiligheid, veiligheid, ongevallen, verkeer, weersomstandigheden);

  • welke risico’s zijn er bij het evenement en wat wordt eraan gedaan om deze te voorkomen of te beperken?;

  • communicatiestructuur en -protocol (o.a. alarmering en informeren);

  • verkeersplan;

  • plattegronden en situatietekeningen;

  • inzet beveiliging, welk bedrijf, hoeveel gecertificeerde beveiligers worden ingezet, welke taken en verantwoordelijkheden.

4.4.2

Bewaking/beveiliging

Afhankelijk van de aard en de omvang van het evenement dient de organisator beveiliging aan te stellen die toezicht uitoefent op het evenement. Beveiliging van evenementen dient uitgevoerd te worden door gecertificeerde en gekwalificeerde medewerkers van door het Ministerie van Justitie erkende beveiligingsbedrijven. Bij C-evenementen wordt in ieder geval beveiliging voorgeschreven, tenzij de politie anders adviseert. Bij A- en B-evenementen vindt een afweging plaats op basis van het advies van de politie en voorgaande ervaringen.

De kosten voor de beveiligingswerkzaamheden zijn voor rekening van de organisator. In de vergunning worden, indien van toepassing, voorwaarden gesteld met betrekking tot het aantal aan te stellen beveiligers. De algemeen meest gehanteerde richtlijn is één gecertificeerde beveiliger op 250 bezoekers. Indien het karakter van het evenement daar aanleiding toe geeft of indien gevaar van buiten dreigt, kan deze norm op advies van de politie zowel naar boven als naar beneden worden bijgesteld.

4.4.3

Verkeersveiligheid

Evenementen kunnen belangrijke consequenties hebben voor het verkeer in de directe omgeving. Tijdens een evenement kunnen (delen van) wegen worden afgesloten en kan verkeer worden omgeleid. Ook kan het grote aantal bezoekers de verkeersdoorstroming stremmen of tot parkeerdruk leiden. De organisator dient daarom in het veiligheidsplan ook een verkeersplan op te nemen.

Verkeersplan

In het verkeersplan moeten de maatregelen worden uitgewerkt, die de organisator neemt om de bereikbaarheid voor bezoekers (OV, auto en fiets) en voor de hulpdiensten te waarborgen. Zo is bijvoorbeeld de organisator in de eerste plaats verantwoordelijk voor de inzet van gecertificeerde verkeersregelaars. Aan de vergunning worden voorwaarden verbonden die betrekking hebben op afzetting van wegen, tijdelijke verkeersbesluiten, voorzien in en toezicht op parkeergelegenheid, bereikbaarheid van hulpdiensten, voorlichting over verkeersomleidingen, etc.

Bij evenementen waar gebruik wordt gemaakt van de openbare weg wordt de voorwaarde gesteld dat er minimaal 4,5 meter vrije doorgangsruimte is. Dit om de doorgang van hulpverleningsvoertuigen te garanderen. Obstakels (bijv. kramen en attracties) op de rijbaan moeten zo geplaatst worden dat deze 4,5 meter vrije doorgangsruimte gewaarborgd wordt.

Afsluiten van wegen

In de evenementenaanvraag geeft de organisator aan of men het wenselijk vindt om wegen af te sluiten. De gemeente maakt vervolgens een eigen afweging, zo nodig in overleg met de adviseurs van politie, brandweer en GHOR.

Bij de afweging of een weg wordt afgesloten wordt gekeken naar de verkeersveiligheid, de bereikbaarheid voor hulpdiensten, mogelijke alternatieven voor het doorgaand verkeer, de uitstraling van het evenement voor de gemeente en regio, en de omwonenden en ondernemers in het betreffende gebied. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in drie categorieën wegen:

  • 1.

    erftoegangswegen: wegen in een verblijfsgebied

  • 2.

    gebiedsontsluitingswegen: verkeersaders ter ontsluiting van een gebied

  • 3.

    stroomwegen: verkeersaders met een maximum toegestane snelheid van 70/80/100/120 /130 km/u

Afsluiting van een weg ten behoeve van een evenement kan in elk geval niet plaatsvinden, indien de verkeersveiligheid en/of doorstroming van het verkeer in het geding is, bijvoorbeeld:

  • als gevolg van tijdelijke situaties (werk in uitvoering)

  • als er geen redelijk alternatief is voor doorgaand verkeer, hulpverleningsdiensten of het openbaar vervoer.

Voor het afsluiten van wegen verleent de gemeente naast een evenementenvergunning ook de noodzakelijke ontheffing op grond van de Wegenverkeerswetgeving.

4.4.4

Vuurwerk

De ontbranding van vuurwerk is aan regels verbonden. In het Vuurwerkbesluit is bepaald dat voor het tot ontbranding brengen van vuurwerk op locatie toestemming nodig is van de provincie waar het vuurwerk wordt afgestoken. In sommige gevallen is alleen een melding bij de provincie voldoende.

Aan de toestemming zullen door de provincie voorschriften verbonden worden in het belang van de bescherming van mens en milieu. Tijdens een vergunningprocedure vraagt de provincie Groningen om een verklaring van geen bedenkingen bij de gemeente Midden-Groningen.

Alleen een officieel vuurwerkbedrijf kan bij de provincie Groningen een melding doen of een ontbrandingstoestemming aanvragen.

Op de website van de provincie Groningen is meer informatie te vinden: https://www.provinciegroningen.nl/vergunningen/professioneel-vuurwerk/

5. Juridisch kader

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op het juridisch kader dat relevant is voor de in deze nota bedoelde evenementen. Naast de APV is een veelheid van wet- en regelgeving van toepassing op het organiseren van evenementen. Hieronder worden kort ingegaan op een aantal van deze wet- en regelgeving die van toepassing kunnen zijn op evenementen. De opsomming die in dit hoofdstuk besproken wordt heeft niet de pretentie volledig te zijn.

5.1

Activiteitenbesluit milieubeheer

Vaak vallen evenementenlocaties onder het Activiteitenbesluit (Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer). Op basis van het Activiteitenbesluit gelden standaard geluidsnormen voor de normale bedrijfsvoering van bedrijven, waaronder horecabedrijven. Er wordt onderscheid gemaakt tussen evenementen die zich in de openbare ruimte afspelen en evenementen die zich afspelen op het terrein van een inrichting (bedrijven zoals een horecagelegenheid).

Op basis van het Activiteitenbesluit kan de gemeente een vrijstellingsmogelijkheid van de geldende geluidnormen voor festiviteiten door (horeca)inrichtingen vastleggen in een verordening. De gemeente Midden-Groningen heeft de vrijstellingsmogelijkheden vastgelegd in APV. Daarin wordt onderscheid gemaakt tussen incidentele festiviteiten behorend tot de inrichting (artikel 4.3 APV) en collectieve festiviteiten (festiviteiten en activiteiten die aansluiten bij landelijk maatschappelijk belang zoals bijvoorbeeld Koningsdag) (artikel 4.2 APV).

5.2

Algemene wet bestuursrecht (Awb)

De Algemene wet bestuursrecht (Awb) is de kaderwet voor het aanvragen en afgeven van

beschikkingen zoals de evenementenvergunningen. De wet stelt regels aan:

  • het omgaan met vergunningsaanvragen en bezwaren (o.a. ten aanzien van de bekendmaking);

  • het hierover beslissen door bestuursorganen.

De wet biedt een algemeen kader. Zo zijn op het verlenen van een vergunning door de burgemeester van een gemeente de bepalingen van hoofdstuk 3 en 4 van

de Awb van toepassing.

5.3

Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen (BGBOP)

Per 1 januari 2018 is het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen (BGBOP) van kracht. Dit besluit geeft regels over het brandveilig gebruik van voor mensen toegankelijke plaatsen, voor zover dit niet in andere wetgeving is geregeld. Daarnaast bevat dit besluit regels over de zogenoemde basishulpverlening op die plaatsen.

Indien voor het gebruik nemen of gebruiken van een plaats een evenementenvergunning is vereist, is geen gebruiksmelding vereist, mits voor de vergunning gegevens als bedoeld in artikel 2.3 BGBOP worden aangeleverd. In geval er sprake is van een melding van een evenement en er zijn meer dan 150 personen gelijktijdig aanwezig dan wordt deze melding ook als een gebruiksmelding beschouwd en wordt gekeken naar de brandveiligheid.

5.4

Bouwbesluit en Wabo

Als een evenement gehouden wordt in een gebouw (of deel van een gebouw dat is bestemd om afzonderlijk te worden gebruikt) of verblijfruimte (waaronder in sommige gevallen ook semi permanente tenten) moet er een relatie worden gelegd naar het bouwbesluit en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Voor gebouwen dient vaak op basis van het bouwbesluit een gebruiksmelding gedaan te worden. In een aantal andere gevallen (gebouwen/constructies) dient er een vergunning op grond van de Wabo te worden verleend. De aanvraag of melding kan gedaan worden via het Omgevingsloket online: www.omgevingsloket.nl.

5.5

Alcoholwet

Bij veel evenementen kan het publiek zwakalcoholhoudende dranken kopen voor direct gebruik ter plaatse. Als het evenement niet plaatsvindt in een reguliere horeca-inrichting of wanneer sprake is van een bedrijfsmatig karakter (er is sprake van het anders dan om niet verstrekken van alcoholische drank) is een ontheffing op basis van artikel 35 van de Alcoholwet nodig.

Deze ontheffing kan alleen worden verleend voor bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard en voor maximaal 12 aaneengesloten dagen. Voorwaarde is dat de drankverstrekking gebeurt onder de directe leiding van een persoon, die:

  • niet onder curatele staat;

  • niet van slecht levensgedrag is;

  • minimaal 21 jaar oud is;

  • beschikt over het diploma Sociale Hygiëne.

De Alcoholwet bepaalt dat er geen vergunning of ontheffing nodig is als:

  • er een besloten feest wordt gehouden, waar

  • geen entree wordt gevraagd en waar

  • gratis alcohol wordt geschonken.

Er moet voldaan worden aan alle drie vereisten.

5.6

Gemeentewet

De bevoegdheid van de burgemeester in het kader van het toezicht op evenementen is gebaseerd op artikel 174 Gemeentewet.

Artikel 174 van de Gemeentewet luidt als volgt:

  • 1.

    de burgemeester is belast met het toezicht op de openbare samenkomsten en vermakelijkheden alsmede op de voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven.

  • 2.

    de burgemeester is bevoegd bij de uitoefening van het toezicht, bedoeld in het eerste lid, de bevelen te geven die met het oog op de bescherming van veiligheid en gezondheid nodig zijn.

  • 3.

    de burgemeester is belast met de uitvoering van verordeningen voor zover deze betrekking hebben op het in het eerste lid bedoelde toezicht.

In het derde lid van dit artikel is aangegeven dat de burgemeester belast is met de uitvoering van verordeningen, voor zover deze betrekking hebben op het toezicht op de openbare samenkomsten en vermakelijkheden alsmede op de voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven. Het begrip “toezicht” is ruimer dan alleen de handhaving van de openbare orde. Het gaat hier ook om de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de burger in incidentele gevallen en op bepaalde plaatsen.

5.7

Wegenverkeerswet

Gelet op de bepalingen in de Wegenverkeerswet 1994 en het daarop gebaseerde Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) en het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW), is het mogelijk om (gedeelten van) wegen, straten en/of pleinen, die in het beheer en eigendom van de gemeente zijn af te sluiten ten behoeve van een evenement.

In sommige gevallen is voor een dergelijke verkeersmaatregel, een verkeersbesluit op basis van die wetgeving nodig. Voor evenementen is ook bepaald dat een ontheffing nodig is van het verbod voor het houden van wedstrijden met voertuigen op de openbare weg.

5.7.1

Regeling verkeersregelaars 2009

Om verkeersstromen bij tijdelijke wegafzettingen, zoals tijdens evenementen, in goede banen te leiden, kunnen beroeps- en/of evenementenverkeersregelaars ingezet worden. In de Regeling verkeersregelaars 2009 worden de eisen omschreven waaraan verkeersregelaars moeten voldoen.

5.8

Wet op de kansspelen

Op grond van de Wet op de kansspelen is het verboden een bijeenkomst (waaronder een evenement) te organiseren, waar gelegenheid tot het deelnemen aan het klein kansspel wordt gegeven. Als klein kansspel worden aangemerkt het kienspel, vogelpiekspel, rad van avontuur en andere vergelijkbare spelen. Het college kan hiervoor een ontheffing of vergunning (afhankelijk van het soort kansspel) verlenen.

5.9

Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen

De veiligheid van attractie en speeltoestellen, zoals springkussens en draaimolens, is geregeld in het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen (WAS). Er mogen alleen attractie- en speeltoestellen bij evenementen geplaatst worden met een geldig certificaat, afgegeven door één van de keuringsinstellingen die de overheid heeft aangewezen.

5.10

Zondagswet

Voor evenementen op zondag moet rekening worden gehouden met de Zondagswet. Het is verboden evenementen te houden op zondag vóór 13:00 uur. De burgemeester kan hiervoor een ontheffing verlenen. Evenementen waarbij geluid wordt geproduceerd dat op meer dan 200 meter hoorbaar is, zijn op zondag verboden. Wel kan de burgemeester na 13.00 uur hiervoor ontheffing verlenen.

6. Tot slot

In deze beleidsnota wordt regelmatig verwezen naar voorschriften en regels (nationale) wetgeving, Algemene maatregelen van bestuur of verordeningen. Het is mogelijk dat deze regels en voorschriften na vaststelling van deze nota worden aangepast of vervallen. Het mag duidelijk zijn dat de regels van toepassing zijn zoals zij na wijziging komen te luiden dan wel indien ze vervallen, niet meer gelden.

Het evenementenbeleid treedt in werking op de eerste dag na bekendmaking.

Ondertekening

Aldus vastgesteld op 9 november 2021 door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Midden-Groningen.