Regeling vervallen per 01-01-2024

Subsidieregeling couleur locale Rotterdam 2022

Geldend van 20-07-2022 t/m 31-12-2023

Intitulé

Subsidieregeling couleur locale Rotterdam 2022

[Deze publicatie betreft een rectificatie omdat in bijlage I: Afwegingskader en bijbehorende instructie beoordeling als bedoeld in artikel 6, vierde lid, criterium 13 per abuis niet was opgenomen. De oorspronkelijke publicatie is op 22 juli 2021 bekendgemaakt, beschikbaar via Gemeenteblad 2021, 238317.]

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam,

gelezen het voorstel van de directeur Welzijn, Zorg en Jeugdhulp van het cluster Maatschappelijke Ontwikkeling van 13 juli 2021, M2106-462;

gelet op de artikelen 3, 4, 6 en 8 van de Subsidieverordening Rotterdam 2014;

besluit:

Artikel 1 Begripsbepalingen

  • 1. Op deze subsidieregeling zijn de begripsbepalingen uit de Subsidieverordening Rotterdam 2014 van toepassing.

  • 2. In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:

  • couleur locale: gebiedsgebonden activiteiten ten behoeve van het verwezenlijken van de doelstellingen van het beleidsplan Heel de stad;

  • gebied: gebied als bedoeld in artikel 2 van de Verordening op de Wijkraden 2022;

  • generatie zonder achterstanden/jeugd: Rotterdammers van 4 tot 23 jaar;

  • kwetsbare Rotterdammer: Rotterdammer die vanwege een licht verstandelijke beperking of psychische of psycho-sociale problematiek dan wel huiselijk geweld in een kwetsbare situatie terecht is gekomen;

  • kwetsbare wijkbewoner: Rotterdammer die niet tot een van de overige prioriteitsdoelgroepen behoort en een hulpvraag heeft die betrekking heeft op een van de leefdomeinen, die bepalend zijn of een individu zelfredzaam is en volwaardig kan deelnemen aan de samenleving;

  • ouderen: Rotterdammers van 65 jaar en ouder;

  • prioriteitsdoelgroep: doelgroep waaraan prioriteit wordt gegeven in het beleidsplan Heel de stad en in de welzijnsopdracht, te weten langer thuis wonende ouderen, generatie zonder achterstanden/jeugd, kwetsbare Rotterdammers, en daaraan toegevoegd de doelgroep kwetsbare wijkbewoners;

  • Rotterdammer: persoon die staat ingeschreven bij de gemeente Rotterdam;

  • talenthouse methodiek: methodiek waarbij het kind of jongere participeert bij de vormgeving van de activiteiten gericht op talentontwikkeling;

  • wijknetwerk: netwerk in wijken van informele en formele en organisaties waaronder de welzijnsaanbieder, de aanbieders van geïndiceerde ondersteuning, het wijkteam, huisartsen, scholen, centra voor jeugd en gezin, wijkagenten, bewoners, vrijwilligersorganisaties, particuliere instellingen, verenigingen van religieuze en levensbeschouwelijke organisaties en ondernemers.

Artikel 2 Toepassingsbereik

Het bepaalde in deze subsidieregeling is uitsluitend van toepassing op de verstrekking van eenmalige en jaarlijkse subsidies door het college voor de in artikel 3 bedoelde activiteiten.

Artikel 3 Subsidiabele activiteiten

  • 1. Het college verstrekt in het kader van deze subsidieregeling uitsluitend subsidie voor couleur locale die plaatsvinden in de kalenderjaren 2022 en 2023 en die betrekking hebben op een van de vier prioriteitsdoelgroepen.

  • 2. Subsidie voor de doelgroep generatie zonder achterstanden/jeugd wordt uitsluitend verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan ten minste een van de drie factoren uit de Wijkprogrammering Jeugd, te weten:

    • a.

      het bijdragen aan het versterken van de sociaal-emotionele vaardigheden van jeugdigen;

    • b.

      het bijdragen aan het bevorderen van het schoolsucces van jeugdigen;

    • c.

      het bijdragen aan het versterken van een positief pedagogisch klimaat, bijvoorbeeld stimuleren van sport- en cultuurdeelname, tegengaan en voorkomen van zwakke binding met de buurt en criminaliteit.

  • 3. Subsidie voor de doelgroep kwetsbare Rotterdammers wordt uitsluitend verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan ten minste een van de vier doelstellingen, zoals geformuleerd in het beleidsplan Heel de stad, te weten:

    • a.

      het bevorderen van een sociaal netwerk rondom kwetsbare Rotterdammers;

    • b.

      de inzet op collectieve (gezondheids) preventie;

    • c.

      het bieden van ondersteuning bij eenvoudige problematiek of het bieden van informatie en advies;

    • d.

      het vergroten van de participatie.

  • 4. Subsidie voor de doelgroep langer thuiswonende ouderen wordt uitsluitend verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan ten minste een van de zeven doelstellingen, zoals geformuleerd in het beleidsplan Heel de stad, te weten:

    • a.

      het bevorderen van een gezonde leefstijl van ouderen;

    • b.

      meedoen en participeren;

    • c.

      het vergroten van digitale vaardigheden;

    • d.

      het bestrijden van eenzaamheid;

    • e.

      het ondersteunen van ouderen om langer thuis te wonen;

    • f.

      het bevorderen van een dementie vriendelijke wijk;

    • g.

      het ontlasten van mantelzorgers.

  • 5. Subsidie voor de doelgroep kwetsbare wijkbewoners wordt uitsluitend verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan ten minste een van de drie doelstellingen, zoals geformuleerd in het beleidsplan Heel de stad, te weten:

    • a.

      de inzet op collectieve (gezondheids) preventie;

    • b.

      het bieden van ondersteuning bij eenvoudige problematiek of het bieden van informatie en advies;

    • c.

      het vergroten van de participatie.

Artikel 4 Aanvraag en aanvraagtermijn jaarlijkse subsidie

  • 1. Een aanvraag om een subsidie wordt digitaal ingediend via www.rotterdam.nl/subsidies en uitsluitend door middel van de daarvoor ter beschikking gestelde digitale aanvraagformulieren.

  • 2. Een aanvraag om een jaarlijkse subsidie wordt uiterlijk op 1 oktober voorafgaand aan het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft, ingediend.

  • 3. Wanneer de aanvrager op grond van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt de datum waarop de aanvraag volledig is aangevuld als datum van ontvangst van de aanvraag.

Artikel 5 Subsidieplafond

Voor deze subsidieregeling gelden voor de kalenderjaren 2022 en 2023 per gebied de hieronder genoemde subsidieplafonds. Voor de subsidieplafonds voor het kalenderjaar 2023 geldt het voorbehoud dat voldoende middelen voor couleur locale door de gemeenteraad op de begroting beschikbaar worden gesteld.

GEBIED

Verdeling subsidieplafonds couleur locale in euro’s

2022

Verdeling subsidieplafonds

couleur locale in euro’s

2023

Centrum

40.409

40.409

Charlois

226.765

226.765

Delfshaven

718.952

718.952

Feijenoord

591.104

591.104

Hillegersberg-Schiebroek

62.091

62.091

Hoek van Holland

37.066

37.066

Hoogvliet

150.857

150.857

IJsselmonde

352.362

352.362

Kralingen-Crooswijk

360.435

360.435

Noord

608.407

608.407

Overschie

34.981

34.981

Pernis

7.372

7.372

Prins Alexander

49.538

49.538

Rozenburg

5.906

5.906

Artikel 6 Verdeelregels subsidie

  • 1. Na afloop van de aanvraagtermijn, bedoeld in artikel 4, tweede lid, worden eerst de aanvragen beoordeeld die tot die datum zijn ingediend, ongeacht de volgorde van binnenkomst.

  • 2. Verlening van subsidie vindt plaats in volgorde van de door het college aangebrachte rangschikking, totdat het subsidieplafond voor het betreffende gebied is bereikt.

  • 3. Bij de rangschikking kent het college punten toe aan de hand van de volgende criteria:

    • a.

      in hoeverre in de subsidieaanvraag concreet wordt beschreven met welke partners in het wijknetwerk wordt samengewerkt en in hoeverre in de subsidieaanvraag concreet wordt beschreven hoe deze samenwerking wordt ingevuld;

    • b.

      de mate waarin de activiteiten aansluiten bij de prioriteiten uit het gebied, zoals omschreven in de wijkanalyse, de Wijkprogrammering 0 tot 100, de wijkagenda, het wijkactieplan, het wijkprofiel of het Nationaal Programma Rotterdam Zuid;

    • c.

      of de ingezette interventie is beschreven in een van de kennisbanken van de volgende organisaties: MOVISIE, RIVM, Nederlands Jeugdinstituut, Nederlands Centrum Jeugdgezondheid, Trimbos-instituut, GGD dan wel het criterium of er gebruik wordt gemaakt van de Talenthouse-methodiek;

    • d.

      de mate waarin uit de aanvraag blijkt dat aanvrager kennis of deskundigheid heeft van de doelgroep en de problematiek of mogelijke problematiek bij de doelgroep, waarbij dit aanbod eventueel ingekocht kan zijn bij de integrale welzijnsaanbieder of stedelijk kan zijn ingekocht.

    • e.

      [vervallen]

  • 4. Beoordeling en rangschikking van de aanvragen geschiedt aan de hand van het afwegingskader en de bijbehorende instructie, dat als bijlage I onderdeel uitmaakt van deze subsidieregeling.

  • 5. Indien na honorering van de aanvragen die tot en met 1 oktober 2021 respectievelijk 1 oktober 2022 zijn ontvangen het subsidieplafond voor een gebied nog niet is bereikt, kunnen voor het kalenderjaar 2022 respectievelijk het kalenderjaar 2023 nog eenmalige subsidies worden aangevraagd. Verstrekking van subsidie vindt dan plaats op volgorde van ontvangst van complete aanvragen totdat het subsidieplafond voor het betreffende gebied is bereikt. Bij de beoordeling van die aanvragen zijn het derde en vierde lid van overeenkomstige toepassing.

Artikel 7 Aanvullende weigeringsgronden

Er wordt in ieder geval geen subsidie verstrekt op grond van deze subsidieregeling indien:

  • a.

    de aanvrager geen rechtspersoon is;

  • b.

    de aanvraag geen betrekking heeft op couleur locale in een gebied en de aanvraag is ook niet toegespitst op dat gebied;

  • c.

    de aanvrager per gebied meerdere aanvragen heeft ingediend;

  • d.

    bij een aanvraag die ziet op meerdere activiteiten uit de begroting niet herleidbaar is wat elke activiteit kost;

  • e.

    door de aanvrager een hoofdzakelijk dezelfde aanvraag met hoofdzakelijk dezelfde doelstellingen voor hoofdzakelijk dezelfde doelgroepen wordt aangevraagd voor meer dan drie gebieden;

  • f.

    de subsidieaanvrager geen in het gebied gewortelde organisatie is;

  • g.

    de activiteiten niet voor iedereen vrij toegankelijk zijn vanwege afkomst, religie, seksuele voorkeur of lidmaatschap;

  • h.

    de activiteiten niet passen binnen de kaders van het beleidsplan Heel de stad, te weten gericht op preventie, het voorkomen van problematiek, het vereenvoudigen of stabiliseren van problematiek, het vergroten van zelfredzaamheid, samenredzaamheid, activering of participatie of het wegnemen van achterstanden;

  • i.

    de aanvraag een of meerdere thema‘s bevat over armoede en schulden, waarbij de inzet is gericht op het verzachten van de gevolgen van armoede en niet is gericht op preventie, ondersteunen bij enkelvoudige problematiek of voorkomen van problematiek;

  • j.

    de aanvraag een of meerdere thema‘s bevat over taal, waarbij de inzet geen informeel taalaanbod betreft;

  • k.

    de aanvraag een of meerdere thema‘s bevat over beweegactiviteiten, tenzij:

    • 1°.

      het geen betaalde beweegactiviteit betreft met lidmaatschap op regelmatige basis bij een sportvereniging;

    • 2°.

      de beweegactiviteit een vroegsignalerende functie heeft;

    • 3°.

      deze vroegsignalerende functie van de activiteit expliciet is beschreven door de samenwerking met en de toeleiding naar relevante partners; en

    • 4°.

      het aanbod is gericht op preventie, voorkomen problematiek, het vergroten van zelf- of samenredzaamheid, activering, participatie of het wegnemen van achterstanden zoals bedoeld in het beleidsplan Heel de Stad.

  • l.

    de aanvraag een of meerdere thema‘s bevat over vrijetijdsactiviteiten, tenzij:

    • 1°.

      de vrijetijdsactiviteit een vroegsignalerende functie heeft;

    • 2°.

      deze vroegsignalerende functie van de activiteit expliciet is beschreven door de samenwerking met en de toeleiding naar relevante partners; en

    • 3°.

      het aanbod is gericht op preventie, voorkomen problematiek, het vergroten van zelf- of samenredzaamheid, activering en participatie of het wegnemen van achterstanden zoals bedoeld in het beleidsplan Heel de Stad.

  • m.

    de subsidieaanvraag valt onder de reikwijdte van andere gemeentelijke subsidieregeling of een ander gemeentelijk beleid;

  • n.

    het bestaande aanbod, te weten de integrale gebiedsopdracht welzijn of de activiteiten van het wijknetwerk, voldoende voorziet in de doelstelling en de doelgroepen waarvoor subsidie wordt aangevraagd;

  • o.

    de subsidieaanvraag jongerenwerk, tienerwerk, kinderwerk, mentoringstrajecten of huiswerkbegeleiding omvat, zoals ingekocht of gesubsidieerd door de gemeente Rotterdam;

  • p.

    de subsidieaanvraag activiteiten omvat waarvoor stedelijke voorzieningen primair verantwoordelijk zijn;

  • q.

    uit de subsidieaanvraag niet blijkt dat sprake is van een samenwerking met relevante partners of wijknetwerkpartners;

  • r.

    de activiteiten niet aansluiten bij de prioriteiten van het gebied, zoals omschreven in de wijkanalyse, de Wijkprogrammering 0 tot 100, de wijkagenda, het wijkactieplan, het wijkprofiel of het Nationaal Programma Rotterdam Zuid;

  • s.

    het totaal aantal punten dat bij toepassing van bijlage I bij criterium 15 en 16 gezamenlijk wordt behaald minder dan 12 bedraagt;

  • t.

    de aanvraag activiteiten omvat die via een andere financiering volledig bekostigd worden of hadden kunnen worden.

Artikel 8 Overgangsrecht

Op aanvragen om subsidie die zijn ontvangen voor de inwerkingtreding van de Eerste wijziging Subsidieregeling couleur locale Rotterdam 2022, wordt beslist met toepassing van het recht dat gold op het moment van de ontvangst van de aanvraag.

Artikel 9 Aanvullende subsidieverplichting Jeugd

[vervallen]

Artikel 9 Inwerkingtreding

Deze subsidieregeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Gemeenteblad waarin zij wordt geplaatst en vervalt op 1 januari 2024, maar blijft van toepassing voor reeds verleende subsidies.

Artikel 10 Citeertitel

Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling couleur locale Rotterdam 2022.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de vergadering van 13 juli 2021.

De secretaris,

V.J.M. Roozen

De burgemeester,

A. Aboutaleb

BIJLAGE I Afwegingskader en bijbehorende instructie beoordeling als bedoeld in artikel 6, vierde lid.

De beoordeling van de subsidieaanvragen vindt plaats aan de hand van het afwegingskader dat in deze bijlage is opgenomen. De vragen hieronder verwijzen naar de vragen opgenomen in het afwegingskader.

De aanvragen worden beoordeeld door de gebiedsadviseur Jeugd, de gebiedsadviseur Welzijn Volwassenen en een beoordelaar van de gebiedsorganisatie. Om in aanmerking te komen voor een subsidie in het kader van de Subsidieregeling couleur locale Rotterdam 2022 dient de subsidieaanvrager in ieder geval te voldoen aan de criteria 1 tot en met 6, 8 tot en met 16, 18 tot en met 21 opgenomen in het afwegingskader (dit zijn de afwijzingsgronden voor subsidiëring). Indien bij deze afwijzingsgronden geen sprake is van een unaniem oordeel (door de drie beoordelaars) dan geldt als definitieve beoordeling het oordeel met de meeste stemmen. 

Voor de criteria 15, 16, 22 en 23 worden punten toegekend. In het afwegingskader wordt de toekenning van het aantal punten toegelicht. De punten van de drie beoordelaars worden bij elkaar opgeteld en in de laatste kolom bij “Totaal aantal punten drie beoordelaars” opgenomen. Bij de criteria 9, 10 en 11 wordt voor de definitieve beoordeling afgestemd met de betreffende beleidsafdeling. Voor criterium 13 wordt vooraf afgestemd met de integrale welzijnsaanbieder voor de definitieve beoordeling.

Subsidieaanvragen ingediend uiterlijk op 1 oktober 2022:

Voor ieder gebied is in de subsidieregeling een subsidieplafond opgenomen (zie artikel 5). Indien in een bepaald gebied het totaalbedrag van de aanvragen die uiterlijk 1 oktober 2022 zijn ingediend dit subsidieplafond overschrijdt, honoreert het college die subsidieaanvragen, die na toetsing aan het afwegingskader de meeste punten behalen en voor het overige voldoen aan deze subsidieregeling, totdat het subsidieplafond is bereikt.

Subsidieaanvragen ingediend na 1 oktober 2022:

Aanvragen voor eenmalige subsidies die na 1 oktober 2022 worden ingediend, worden op volgorde van binnenkomst behandeld. Voor zover de aanvragen aan de subsidieregeling voldoen en het budget nog toereikend is, worden de aanvragen gehonoreerd. Subsidieaanvragen voor jaarlijkse subsidies, die na 1 oktober 2022 worden ingediend, worden niet in behandeling genomen, aangezien de indieningstermijn voor jaarlijkse subsidies dan is verstreken.

 

CRITERIUM

BEOORDELAAR

JEUGD

BEOORDELAAR VOLWASSENEN

BEOORDELAAR GEBIED

DEFINITIEVE BEOORDELING

1.

Aanvraag per gebied:

Heeft de aanvraag betrekking op couleur locale in een gebied en is de aanvraag ook toegespitst op dat gebied?

☐ JA

☐ NEE

☐ JA

☐ NEE

☐ JA

☐ NEE

☐ JA, ga door naar criterium 2.

☐ NEE

AFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

2.

Per gebied één aanvraag per aanvrager:

Indien er subsidie voor verschillende activiteiten per gebied wordt aangevraagd door dezelfde aanvrager, dan dient dit samengebundeld te worden in één aanvraag per gebied. Uit de begroting dient herleidbaar te zijn wat elke activiteit kost.

Wordt voldaan aan beide criteria?

☐ JA

☐ NEE

☐ JA

☐ NEE

☐ JA

☐ NEE

☐ JA, ga door naar criterium 3.

☐ NEE

AFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

3.

Maximaal drie gebieden:

Wordt in maximaal drie gebieden hoofdzakelijk dezelfde aanvraag ingediend met hoofdzakelijk dezelfde doelstellingen voor hoofdzakelijk dezelfde doelgroepen?

☐ JA

☐ NEE

☐ JA

☐ NEE

☐ JA

☐ NEE

☐ JA, ga door naar criterium 4.

☐ NEEAFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

4.

Lokale aanbieder: Betreft het een in een gebied gewortelde organisatie?

Deelvragen:

1. Komt de meerderheid van de professionals en vrijwilligers uit het gebied waar men actief is?

2. Zijn de initiatiefnemers bekend met de wijk/het gebied en de specifieke behoeften van Rotterdammers in die specifieke wijk en is het aanbod ook zodanig ontwikkeld?

3. Is men bekend bij en bekend met relevante wijkpartners?

(Let op: hier is sprake

van 3 deelvragen: indien minimaal 2 van de 3 deelvragen met JA wordt beantwoord wordt voldaan aan dit criterium).

☐ JA

☐ NEE

☐ JA

☐ NEE

☐ JA

☐ NEE

☐ JA, ga door naar criterium 5.

☐ NEEAFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

5.

Openbare activiteiten:

Zijn de activiteiten voor iedereen vrij toegankelijk ongeacht afkomst, religie, seksuele voorkeur, lidmaatschap?

Bij activiteiten voor specifieke doelgroepen zijn de activiteiten openbaar voor de betreffende doelgroep.

☐ JA ☐ NEE

☐ JA ☐ NEE

☐ JA ☐ NEE

☐ JA, ga door naar criterium 6. ☐ NEEAFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

6.

Aansluiting Heel de stad Passen de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd binnen de kaders van het beleidsplan Heel de stad?

- gericht op (collectieve) preventie, - het voorkomen van problematiek, - het vereenvoudigen (stabiliseren) van problematiek,

- het vergroten van zelfredzaamheid, samenredzaamheid,

- activering/participatie of het wegnemen van achterstanden.

☐ JA , te weten:

☐ gericht op (collectieve) preventie

☐ het voorkomen van problematiek

☐ het vereenvoudigen (stabiliseren) van problematiek

☐ het vergroten van zelfredzaamheid, samenredzaamheid,

☐ activering/participatie en/of het wegnemen van achterstanden.

☐ NEE

☐ JA , te weten:

☐ gericht op (collectieve) preventie

☐ het voorkomen van problematiek

☐ het vereenvoudigen (stabiliseren) van problematiek

☐ het vergroten van zelfredzaamheid, samenredzaamheid,

☐ activering/participatie en/of het wegnemen van achterstanden.

☐ NEE

☐ JA , te weten:

☐ gericht op (collectieve) preventie

☐ het voorkomen van problematiek

☐ het vereenvoudigen (stabiliseren) van problematiek

☐ het vergroten van zelfredzaamheid, samenredzaamheid,

☐ activering/participatie en/of het wegnemen van achterstanden.

☐ NEE

☐ JA, te weten:

☐ gericht op (collectieve) preventie

☐ het voorkomen van problematiek

☐ het vereenvoudigen (stabiliseren) van problematiek

☐ het vergroten van zelfredzaamheid, samenredzaamheid,

☐ activering/participatie en/of het wegnemen van achterstanden.

Ga door naar criterium 7.

☐ NEEAFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

7.

Passende regelgeving:

Valt de subsidieaanvraag onder de reikwijdte van andere

gemeentelijke subsidie-regelgeving of beleid te weten; Armoede & Schulden, Taal, Beweegactiviteiten of Vrijetijdsactiviteiten?

☐ JA, namelijk:

☐ Armoede & Schulden

☐ Taal

☐ Beweegactiviteiten

☐ Vrijetijdsactiviteiten

☐ NEE

☐ JA, namelijk:

☐ Armoede & Schulden

☐ Taal

☐ Beweegactiviteiten

☐ Vrijetijdsactiviteiten

☐ NEE

☐ JA, namelijk:

☐ Armoede & Schulden

☐ Taal

☐ Beweegactiviteiten

☐ Vrijetijdsactiviteiten

☐ NEE

☐ JA, namelijk:

☐ Armoede & Schulden, ga door naar criterium 8.

☐ Taal, ga door naar criterium 9.

☐ Beweegactiviteiten, ga door naar criterium 10.

☐ Vrijetijdsactiviteiten, ga door naar criterium 11.

☐ NEE

Ga door naar criterium 12.

8.

Armoede & Schulden

In de aanvraag is sprake van thema(‘s) over Armoede & Schulden, waarbij:

1. de inzet niet is gericht op het verzachten van de gevolgen van armoede;

2. de inzet gericht is op preventie, ondersteunen bij enkelvoudige problematiek of voorkomen van problematiek.

Bij subsidiabele activiteiten valt te denken aan cursussen, spreekuren en formulierenteams.

Bij niet-subsidiabele activiteiten valt te denken aan een voedselbank, ruilwinkel of kledingbank.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 en 2. Ga door naar criterium 12.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 en 2.

AFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

9.

Taal

In de aanvraag is sprake van thema(‘s) over Taal, waarbij de inzet informeel taalaanbod betreft.

Bij subsidiabele activiteiten valt te denken aan conversatielessen en taalcafés.

☐ De inzet betreft informeel taalaanbod.

☐ De inzet betreft geen informeel taalaanbod.

☐ De inzet betreft informeel taalaanbod.

☐ De inzet betreft geen informeel taalaanbod.

☐ De inzet betreft informeel taalaanbod.

☐ De inzet betreft geen informeel taalaanbod.

☐ De inzet betreft informeel taalaanbod. Ga door naar criterium 12.

☐ De inzet betreft geen informeel taalaanbod.

AFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

10.

Beweegactiviteiten

In de aanvraag is sprake van thema (‘s) over Beweegactiviteiten, waarbij:

1. het geen betaalde beweegactiviteit betreft met lidmaatschap op regelmatige basis bij een sportvereniging (sport);

2. in de aanvraag de vroegsignalerende functie van de activiteit expliciet is beschreven door de samenwerking met en de toeleiding naar relevante partners als sportaanbieders, Centrum voor Jeugd en Gezin, welzijnsaanbieder, Indigo, Avant Sanare, taalaanbieders etc;

3. het aanbod is gericht op preventie, voorkomen problematiek, het vergroten van zelf- en/of samenredzaamheid, activering/participatie of het wegnemen van achterstanden zoals bedoeld in het beleidsplan Heel de Stad. Dit moet ook in het plan van de aanvrager terugkomen.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 t/m 3.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 t/m 3.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 t/m 3.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 t/m 3.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 t/m 3.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 t/m 3.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 t/m 3. Ga door naar criterium 12.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 t/m 3.

AFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

11.

Vrijetijdsactiviteiten

In de aanvraag is sprake van thema (‘s) over Vrijetijdsactiviteiten, waarbij:

1. in de aanvraag de vroegsignalerende functie van de activiteit expliciet is beschreven door de samenwerking met en de toeleiding naar relevante partners als cultuuraanbieders, Centrum voor Jeugd en Gezin, welzijnsaanbieder, Indigo, Avant Sanare, taalaanbieders;

2. het aanbod is gericht op preventie, voorkomen problematiek, het vergroten van zelf- en/of samenredzaamheid, activering/participatie of het wegnemen van achterstanden zoals bedoeld in het beleidsplan Heel de Stad. Dit moet ook in het plan van de aanvrager terugkomen.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 en 2. Ga door naar criterium 12.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 en 2.

AFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

12.

Andere passende regelgeving: Valt de subsidieaanvraag onder de reikwijdte van andere

gemeentelijke subsidie-regelgeving of ander gemeentelijk beleid bijvoorbeeld Onderwijs, Bewonersinitiatieven, Stedelijk welzijn, Preventief Jeugdbeleid, CityLab010, Sport, Kunst & Cultuur, Zorgverzekeringswet, Wet Langdurige Zorg, Wet maatschappelijke ondersteuning, enz.? Deze opsomming is niet limitatief.

☐ JA

☐ NEE

☐ JA

☐ NEE

☐ JA

☐ NEE

☐ JAAFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

☐ NEE, ga door naar criterium 13.

13.

Bestaand aanbod

Criteria: 1. In het bestaande aanbod, bijv. met de integrale welzijnsopdracht of de activiteiten van het wijknetwerk (Centrum voor Jeugd en Gezin, Bibliotheek, is niet voldoende voorzien in de doelstelling(en) en de doelgroepen waarvoor subsidie wordt aangevraagd.

2. De aanvraag betreft geen Jongerenwerk, Tienerwerk, Kinderwerk, mentoringtrajecten of Huiswerkbegeleiding zoals ingekocht of gesubsidieerd door de gemeente.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 en 2.

☐ Er wordt voldaan aan criterium 1 en 2. Ga door naar criterium 14.

☐ Er wordt niet voldaan aan criterium 1 en 2.

AFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

14.

Activiteiten stedelijke voorzieningen Betreffen het activiteiten waarvoor stedelijke voorzieningen, zoals wijkteam, VraagWijzer, Expertiseteam Financiën (ETF), Kredietbank Rotterdam (KBR), cluster Werk & Inkomen (W&I) primair verantwoordelijk zijn?

Deze opsomming is niet limitatief

☐ JA, te weten:

☐ wijkteam☐ VraagWijzer/CJG☐ W&I☐ KBR/ETF

☐ anders, te weten:

☐ NEE

☐ JA, te weten:

☐ wijkteam☐ VraagWijzer/CJG☐ W&I☐ KBR/ETF

☐ anders, te weten:

☐ NEE

☐ JA, te weten:

☐ wijkteam☐ VraagWijzer/CJG☐ W&I☐ KBR/ETF

☐ anders, te weten:

☐ NEE

☐JAAFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

Te weten:

☐ wijkteam

☐ VraagWijzer/CJG

☐ W&I

☐ KBR/ETF

☐ anders, te weten:

☐ NEE, ga door naar criterium 15.

15.

Samenwerking wijknetwerk Blijkt uit de subsidieaanvraag dat er wordt samengewerkt met relevante (wijknetwerk)partners? Voor de samenwerking en de onderbouwing daarvan in de aanvraag kunnen extra punten worden toegekend. Geef een beoordeling van de samenwerking.

☐ JA, beoordeling van de samenwerking:

☐ slecht (0 punten) ☐ onvoldoende (1 punt)☐ voldoende (2 punten)

☐ goed

(3 punten)

☐ uitmuntend

(4 punten)

☐ NEE

☐ JA, beoordeling van de samenwerking:

☐ slecht (0 punten) ☐ onvoldoende (1 punt)☐ voldoende (2 punten)

☐ goed

(3 punten)

☐ uitmuntend

(4 punten)

☐ NEE

☐ JA, beoordeling van de samenwerking:

☐ slecht (0 punten) ☐ onvoldoende (1 punt)☐ voldoende (2 punten)

☐ goed

(3 punten)

☐ uitmuntend

(4 punten)

☐ NEE

☐ JA, ga door naar criterium 16.

Totaal punten drie beoordelaars:

☐ NEEAFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

16.

Aansluiting bij thema’s en prioriteiten van de betreffende wijk, het gebied Sluiten de activiteiten aan bij de prioriteiten van het gebied? Denk hierbij aan prioriteiten uit de wijkanalyse, Impact in de Wijk

(Wijkprogrammering 0-100), de wijkagenda, het wijkactieplan, het

wijkprofiel of het Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ). Voor deze aansluiting en de onderbouwing daarvan in de aanvraag kunnen extra punten worden toegekend. Geef een beoordeling van deze aansluiting.

☐ JA, beoordeling van de aansluiting:

☐ slecht (0 punten) ☐ onvoldoende (1 punt)☐ voldoende (2 punten)

☐ goed

(3 punten)

☐ uitmuntend

(4 punten)

☐ NEE

☐ JA, beoordeling van de aansluiting:☐ slecht (0 punten) ☐ onvoldoende (1 punt)☐ voldoende (2 punten)

☐ goed

(3 punten)

☐ uitmuntend

(4 punten)

☐ NEE

☐ JA, beoordeling van de aansluiting:☐ slecht (0 punten) ☐ onvoldoende (1 punt)☐ voldoende (2 punten)

☐ goed

(3 punten)

☐ uitmuntend

(4 punten)

☐ NEE

☐ JA

Totaal punten drie beoordelaars:

☐ NEEAFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

Is het totaal aantal punten van de drie beoordelaars samen bij criteria 15 (Samenwerking wijknetwerk) en criteria 16 (Aansluiting bij thema’s) minder dan 12 punten?

☐ JA, AFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

Is het totaal aantal punten van de drie beoordelaars samen bij criteria 15 (Samenwerking wijknetwerk) en 16 (Aansluiting bij thema’s) 12 punten of meer?

☐ JA, ga door naar criterium 17.

17.

Prioritaire doelgroepen Op welke doelgroep(en) zijn de activiteiten primair gericht?

Meerdere antwoorden zijn mogelijk.

Generatie zonder achterstanden/Jeugd

Kwetsbare Rotterdammers

Langer thuiswonende ouderen

Kwetsbare wijkbewoners

☐ Generatie zonder achterstanden/Jeugd

☐ Kwetsbare Rotterdammers

☐ Langer thuiswonende ouderen

☐ Kwetsbare wijkbewoners

☐ Generatie zonder achterstanden/Jeugd

☐ Kwetsbare Rotterdammers

☐ Langer thuiswonende ouderen

☐ Kwetsbare wijkbewoners

☐ Generatie zonder achterstanden/Jeugd

☐ Kwetsbare Rotterdammers

☐ Langer thuiswonende ouderen

☐ Kwetsbare wijkbewoners

☐ Generatie zonder achterstanden/Jeugd Ga door naar criterium 18, en vul daarna nog criterium 22 en 23 in.

☐ Kwetsbare Rotterdammers Ga door naar criterium 19, en vul daarna nog criterium 22 en 23 in.

☐ Langer thuiswonende ouderen Ga door naar criterium 20 en vul daarna nog criterium 22 en 23 in.

☐ Kwetsbare wijkbewoners Ga door naar criterium 21 en vul daarna nog criterium criterium 22 en 23 in.

18.

Doelgroep: Generatie zonder achterstanden/Jeugd Dragen de activiteiten voor deze doelgroep bij aan minimaal één van de drie hieronder genoemde factoren uit de Wijkprogrammering Jeugd? Meerdere antwoorden zijn mogelijk.

Factor 1: het bijdragen aan het versterken van de sociaal-emotionele vaardigheden van jeugdigen;

Factor 2: het bijdragen aan het bevorderen van het schoolsucces van jeugdigen. Let op: hieronder valt geen huiswerkbegeleiding en vervangend lesaanbod.

Factor 3: het bijdragen aan het versterken van een positief pedagogisch klimaat (stimuleren van beweeg- en vrijetijdsactiviteiten, tegengaan en voorkomen van zwakke binding met de buurt en preventie van jeugdcriminaliteit).

☐ NEE

☐ JA, namelijk:

☐ factor 1

☐ factor 2

☐ factor 3

☐ NEE

☐ JA, namelijk:

☐ factor 1

☐ factor 2

☐ factor 3

☐ NEE

☐ JA, namelijk:

☐ factor 1

☐ factor 2

☐ factor 3

☐ NEE

AFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

☐ JA, namelijk:

☐ factor 1

☐ factor 2

☐ factor 3

Ga door naar criterium 22.

19.

Doelgroep: Kwetsbare Rotterdammers Dragen de activiteiten voor deze doelgroep bij aan minimaal één van de vier hieronder genoemde doelstellingen? Meerdere antwoorden zijn mogelijk.

Doelstelling 1: het bevorderen van een sociaal netwerk rondom kwetsbare Rotterdammers.

Doelstelling 2: Inzet op collectieve (gezondheids) preventie.

Doelstelling 3: Bieden van ondersteuning bij eenvoudige problematiek of het bieden van informatie en advies.Doelstelling 4: Vergroten van de participatie.

☐ JA, namelijk:

☐ doelstelling 1

☐ doelstelling 2

☐ doelstelling 3

☐ doelstelling 4

☐ NEE

☐ JA, namelijk:

☐ doelstelling 1

☐ doelstelling 2

☐ doelstelling 3

☐ doelstelling 4

☐ NEE

☐ JA, namelijk:

☐ doelstelling 1

☐ doelstelling 2

☐ doelstelling 3

☐ doelstelling 4

☐ NEE

☐ JA, namelijk:

☐ doelstelling 1

☐ doelstelling 2

☐ doelstelling 3

☐ doelstelling 4

Ga door naar criterium 22.

☐ NEEAFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

20.

Doelgroep: Langer thuiswonende ouderen

Dragen de activiteiten voor deze doelgroep bij aan minimaal één van de zeven hieronder genoemde doelstellingen? Meerdere antwoorden zijn mogelijk.

Doelstelling 1: het bevorderen van een gezonde leefstijl van ouderen.

Doelstelling 2: meedoen en participatie.

Doelstelling 3: vergroten van digitale vaardigheden.

Doelstelling 4: bestrijden van eenzaamheid.

Doelstelling 5: Ondersteunen van ouderen om langer thuis te wonen.

Doelstelling 6: het bevorderen van een dementie vriendelijke wijk.

Doelstelling 7: ontlasten van mantelzorgers.

JA, namelijk:

☐ doelstelling 1

☐ doelstelling 2

☐ doelstelling 3

☐ doelstelling 4

☐ doelstelling 5

☐ doelstelling 6

☐ doelstelling 7

☐ NEE

JA, namelijk:

☐ doelstelling 1

☐ doelstelling 2

☐ doelstelling 3

☐ doelstelling 4

☐ doelstelling 5

☐ doelstelling 6

☐ doelstelling 7

☐ NEE

JA, namelijk:

☐ doelstelling 1

☐ doelstelling 2

☐ doelstelling 3

☐ doelstelling 4

☐ doelstelling 5

☐ doelstelling 6

☐ doelstelling 7

☐ NEE

JA, namelijk:

☐ doelstelling 1

☐ doelstelling 2

☐ doelstelling 3

☐ doelstelling 4

☐ doelstelling 5

☐ doelstelling 6

☐ doelstelling 7

Ga door naar criterium 22.

☐ NEE

AFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

21.

Doelgroep: Kwetsbare wijkbewoners Dragen de activiteiten voor deze doelgroep bij aan minimaal één van de drie hieronder genoemde doelstellingen? Meerdere antwoorden zijn mogelijk.

Doelstelling 1: Inzet op collectieve (gezondheids) preventie.Doelstelling 2: Bieden van ondersteuning bij eenvoudige problematiek of het bieden van informatie en advies.Doelstelling 3: Vergroten van de participatie.

☐ JA, namelijk:

☐ doelstelling 1

☐ doelstelling 2

☐ doelstelling 3

☐ NEE 

☐ JA, namelijk:

☐ doelstelling 1

☐ doelstelling 2

☐ doelstelling 3

☐ NEE

☐ JA, namelijk:

☐ doelstelling 1

☐ doelstelling 2

☐ doelstelling 3

☐ NEE

☐ JA, namelijk:

☐ doelstelling 1

☐ doelstelling 2

☐ doelstelling 3

Ga door naar criterium 22.

☐ NEE AFWIJZINGSGROND: De aanvraag komt niet in aanmerking voor subsidiëring op grond van deze subsidieregeling.

22.

Bewezen effectieve inzet

Is de ingezette interventie beschreven in een van de kennisbanken van de volgende organisaties;

1. MOVISIE

Databank effectieve sociale interventies.

2. RIVM

Loket gezond leven.

3. Nederlands Jeugdinstituut (NJI)

Databank effectieve jeugdinterventies.

4. Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ)

Interventiebibliotheek.

5. Trimbos-instituut

Overzicht erkende interventies.

6. GGD Geneeskundige Hulpverleningsorganisaties in de Regio (GHOR)

GGD Appstore.

Of wordt gebruik gemaakt van de Talenthouse-methodiek?

☐ JA, 1 punt

☐ NEE

☐ JA, 1 punt

☐ NEE

☐ JA, 1 punt

☐ NEE

☐ JA

Totaal punten drie beoordelaars:

☐ NEE

Ga door naar criterium 23.

23.

DeskundigheidBlijkt uit de aanvraag dat de aanvrager kennis of deskundigheid heeft van de doelgroep en de (mogelijke) problematiek (scholing/training vrijwilligers/selectiecriteria bij werving)? Dit aanbod is eventueel ingekocht bij de integrale welzijnsaanbieder of er is sprake van stedelijk ingekocht aanbod.

Voor aantoonbaar aanwezige deskundigheid kunnen extra punten worden toegekend. Geef een beoordeling van deze deskundigheid.

☐ JA, beoordeling van de deskundigheid:☐ slecht (0 punten) ☐ onvoldoende (1 punt)☐ voldoende (2 punten)

☐ goed

(3 punten)

☐ uitmuntend

(4 punten)

☐ NEE

☐ JA, beoordeling van de aansluiting:☐ slecht (0 punten) ☐ onvoldoende (1 punt)☐ voldoende (2 punten)

☐ goed

(3 punten)

☐ uitmuntend

(4 punten)

☐ NEE

☐ JA, beoordeling van de aansluiting: ☐ slecht (0 punten) ☐ onvoldoende (1 punt)☐ voldoende (2 punten)

☐ goed

(3 punten)

☐ uitmuntend

(4 punten)

☐ NEE

☐ JA

☐ NEE, deskundigheid is niet aangetoond 0 punten.

Totaal punten drie beoordelaars:

EINDBEOORDELING:

☐ Deze aanvraag wordt afgewezen op grond van criterium …

☐ Deze aanvraag heeft … punten behaald.

1. Toelichting Puntentelling

De puntentelling is als volgt:

Slecht: uit de informatie van de aanvrager blijkt dat de aanvraag nauwelijks beantwoordt aan het gevraagde in het afwegingskader.

Onvoldoende: uit de informatie van de aanvrager blijkt dat de aanvraag onvoldoende beantwoordt aan het gevraagde in het afwegingskader.

Voldoende: uit de informatie van de aanvrager blijkt dat de aanvraag in voldoende mate beantwoordt aan het gevraagde in het afwegingskader.

Goed: uit de informatie van de aanvrager blijkt dat de aanvraag grotendeels beantwoordt aan het gevraagde in het afwegingskader.

Uitmuntend: uit de informatie van de aanvrager blijkt dat de aanvraag volledig beantwoord aan het gevraagde van de gemeente.

2. Toelichting Sport versus Beweegactiviteiten

Sport (activiteiten) zien wij vanuit couleur locale als betaalde beweegactiviteiten, via een lidmaatschap, op regelmatige basis, bij een sportvereniging (vaak in competitie verband van de betreffende sportbond). Welzijn en dus ook couleur locale hebben een toeleidende rol naar deze sportactiviteiten en sportclubs.

Daarnaast kunnen voor bewoners beweegactiviteiten worden georganiseerd. Niet primair als sportactiviteit, maar voor de (mentale) gezondheid of ter ontmoeting. De aanbieder kan de beweegactiviteit inzetten als middel om bewoners te trekken naar de locatie of als middel om een ander welzijnsdoel uit het beleidsplan Heel de Stad te bereiken. De beweegactiviteit dient altijd een vroegsignalerende functie te hebben welke ook beschreven moet worden en de beweegactiviteit mag niet gezien kunnen worden als sportactiviteit. Voordat de aanvraag definitief beoordeeld wordt dient met de beleidsafdeling Sport te worden afgestemd.

3. Toelichting Cultuur versus Vrijetijdsactiviteiten

Culturele activiteiten zien wij vanuit couleur locale als het bezoeken van of deelname aan musea, dans, theater, beeldende kunst, muziek etc, met en door professionele kunst(enaars). Bij vrijetijdsactiviteiten kan het om gelijke activiteiten gaan, maar de professionele inzet die gesubsidieerd kan worden is de welzijnsprofessional met vrijwillige inzet vanuit Kunst & Cultuur en onder aanvullende voorwaarden dat de activiteit een vroegsignalerende functie vervult, deze vroegsignalerende functie expliciet beschreven staat als samenwerking met en doorleiding naar relevante partners en dat het aanbod ook gericht is op de welzijnsdoelen uit het beleidsplan Heel de stad. Voordat de aanvraag definitief beoordeeld wordt dient met de beleidsafdeling Cultuur te worden afgestemd.

Opgemerkt wordt dat professionele inzet van kunstenaars voor vrijetijdsactiviteiten niet vanuit couleur locale worden gesubsidieerd. Cofinanciering met de afdeling Kunst & Cultuur is wel mogelijk. Natuurlijk zijn onkostenvergoedingen wel mogelijk, net als een waardering voor de vrijwillige inzet. Bij beweegactiviteiten wordt professionele inzet wel toegestaan. Als reden is dat beweegactiviteiten die niet goed worden uitgevoerd schadelijk voor de gezondheid kunnen zijn. Deskundigheid en goede instructies zijn daarom belangrijk.

BIJLAGE II Uitzonderingen op verplichte VOG voor vrijwilligers bij welzijn als bedoeld in artikel 8, vierde lid.

[vervallen]

Dit gemeenteblad is uitgegeven op 14 juli 2021 en ligt op dins-, woens- en donderdagen van 9.00 tot 13.00 uur ter inzage bij het Bestuurlijk Informatiecentrum Rotterdam (BIR), locatie Wachtruimte Timmerhuis, Halvemaanpassage 1 (trap op, melden bij Informatiebalie)

(Zie ook: www.bis.rotterdam.nl – Regelgeving of Gemeentebladen chronologisch)

Toelichting bij de Subsidieregeling couleur locale Rotterdam 2022

Algemene toelichting

Op 28 januari 2021 is het beleidsplan Heel de Stad https://rotterdam.raadsinformatie.nl/document/9675711/2/21bb1119

vastgesteld. Met dit beleidsplan wordt verder gegaan op de ingeslagen weg van samenwerking tussen zorg en welzijn, de wijk en het wijknetwerk als de maat voor ondersteuning en het stimuleren van actieve Rotterdammers bij het organiseren van aanbod voor hun medebewoners. Couleur locale vervult hier nog meer dan voorheen een belangrijke functie in het wijknetwerk.

De basisinfrastructuur welzijn wordt gebiedsgericht ingekocht. Hier wordt uitgegaan van integrale opdrachten per gebied, dit houdt in welzijn voor jeugd en welzijn voor volwassenen in één opdrachtomschrijving.

Op grond van het beleidsplan Heel de Stad bestaat de mogelijkheid van subsidiering van activiteiten op het gebied van couleur locale en stedelijk welzijn. Nieuw in 2022 is dat in alle gebieden het budget voor lokale initiatieven wordt geïntroduceerd. Dit budget voor lokale initiatieven valt onder de gebiedsopdracht, wordt regelarm weggezet en levert een bijdrage aan het wijkwelzijn met een grote mate van betrokkenheid van Rotterdammers.

Couleur locale blijft de subsidieregeling voor de kleinere betekenisvolle organisaties die in de wijken en buurten, waar ze ontstaan zijn, hun bijdrage leveren aan de sociale cohesie en laagdrempelige ondersteuning bieden bij eenvoudige problematiek.

In ieder gebied en in vele wijken bestaan deze kleinere organisaties die een bijdrage leveren aan de leefbaarheid, zich inzetten voor kwetsbare Rotterdammers, die waardevolle activiteiten voor bewoners organiseren of die een vernieuwende aanpak bieden. Deze organisaties draaien meestal op een beperkt aantal beroepskrachten met vele Rotterdammers als vrijwilliger. Dit type organisatie maakt zelfstandig nauwelijks kans bij grootschalige inkoop. Ook is er een risico dat het specifieke karakter verloren gaat wanneer de dienstverlening bij een andere aanbieder ondergebracht wordt.

De worteling van deze zogenaamde “couleur locale” in het gebied is groot. Het uitgangspunt is dat de couleur locale activiteiten biedt, die een bijdrage leveren aan de doelstellingen van Heel de Stad. Deze inzet draagt bij aan: (collectieve) preventie, het voorkomen van problematiek, het vereenvoudigen (stabiliseren) van problematiek, het vergroten van de zelfredzaamheid, samenredzaamheid, het activeren/laten participeren of het wegnemen van achterstanden.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1Begripsbepalingen

In artikel 1 worden de begrippen gedefinieerd die terugkomen in deze subsidieregeling. De begrippen die in de Subsidieverordening Rotterdam 2014 (hierna SvR 2014) zijn gedefinieerd worden niet herhaald in deze subsidieregeling.

couleur locale

Naast het stedelijk welzijn, de integrale gebiedsopdracht en het budget voor locale initiatieven is er een budget voor de kleinere betekenisvolle organisaties die in de wijken en buurten, waar ze ontstaan zijn, hun bijdrage leveren aan de sociale cohesie en de laagdrempelige ondersteuning bieden bij eenvoudige problematiek. In ieder gebied en in vele wijken zijn deze kleinere organisaties die een bijdrage leveren aan de leefbaarheid, zich inzetten voor kwetsbare Rotterdammers, die waardevolle activiteiten voor Rotterdammers organiseren of die een vernieuwende aanpak bieden. Deze organisaties draaien meestal op een beperkt aantal beroepskrachten met vele Rotterdammers als vrijwilliger. Dit type organisatie maakt zelfstandig nauwelijks kans bij grootschalige inkoop.

Ook is er een risico dat het specifieke karakter verloren gaat wanneer de dienstverlening bij een andere aanbieder ondergebracht wordt.

De worteling van deze zogenaamde “couleur locale” in het gebied is groot. Het uitgangspunt is dat de couleur locale activiteiten biedt, die een bijdrage leveren aan de doelstellingen van het beleidsplan Heel de Stad.

Deze inzet draagt bij aan: (collectieve) preventie, het voorkomen van problematiek, het vereenvoudigen (stabiliseren) van problematiek, het vergroten van de zelfredzaamheid, samenredzaamheid, het activeren/laten participeren of het wegnemen van achterstanden.

gebied

De gemeente Rotterdam kent 14 gebieden. Deze zijn opgenomen in artikel 2 van de Verordening op de gebiedscommissies 2014.

kwetsbare wijkbewoner

De kwetsbare wijkbewoner is als vierde doelgroep toegevoegd aan deze subsidieregeling. Dit zijn Rotterdammers die niet tot een van de overige prioriteitsdoelgroepen behoren en een hulpvraag hebben die betrekking heeft op een van de leefdomeinen, die bepalend zijn of een individu zelfredzaam is en volwaardig kan deelnemen aan de samenleving;

Voorbeelden van leefdomeinen zijn:

  • -

    financiën: inloopspreekuur voor hulp bij het invullen van (financiële) formulieren;

  • -

    werk, opleiding en maatschappelijke participatie: vrijwilligerswerk als opstap naar een betaalde baan, stimuleren van jongeren om deel te nemen aan loopbaanoriëntatiegesprekken van Nationaal Programma Rotterdam Zuid, stimuleren van jongeren om weer terug te gaan naar school, bieden van mantelzorg, ondersteunen van mantelzorg door respijtzorg te bieden of door trainingen en/of informatie te geven;

  • -

    gezondheid: cursussen omgaan met stress, cursussen omgaan met tegenslagen, activiteiten om een gezonde leefstijl te bewerkstelligen zoals beweegactiviteiten, gezond koken enz.;

  • -

    sociaal netwerk/samenredzaamheid: ontmoetingsactiviteiten voor Rotterdammers met (vroeg)signalerend karakter.

prioriteitsdoelgroep

Het beleidsplan Heel de stad richt zich op gelijke kansen voor alle Rotterdammers en daarmee in het bijzonder op drie groepen:

De jonge generatie Rotterdammers

De jongste Rotterdammers kunnen gezond, veilig en kansrijk opgroeien. Het streven is om een generatie zonder achterstanden groot te brengen. De subsidieontvanger draagt bij aan de methodiek van de Wijkprogrammering, voorbeelden zijn:

  • a.

    het versterken van de sociaal-emotionele ontwikkeling van jeugdigen;

  • b.

    het bevorderen van het schoolsucces van jeugdigen;

  • c.

    het versterken van een positief pedagogisch klimaat (stimuleren van sport- en cultuurdeelname, tegengaan en voorkomen van zwakke binding met de buurt en criminaliteit).

Rotterdammers in een kwetsbare positie

Meer maatwerk en zorg voor daklozen en andere kwetsbare Rotterdammers die (nog) niet zelfstandig kunnen wonen en leven. Rotterdammers krijgen sneller een dak boven het hoofd zodat zij een stabiel leven kunnen opbouwen. Ook bieden we langdurige zorg en ondersteuning aan kwetsbare Rotterdammers en houden we na een ondersteuningstraject een oogje in het zeil om terugval te voorkomen.

Oudere Rotterdammers die langer thuis wonen

Over vijftien jaar is één op de vijf Rotterdammers ouder dan 65 jaar.

Ook neemt het aantal 75-plussers toe. Op deze dubbele vergrijzing bereiden we ons als stad voor. We willen dat Rotterdammers in hun eigen wijk oud kunnen worden, dichtbij hun sociale contacten. Door zorg en welzijn slimmer te organiseren, gaan we versnippering van zorg en ondersteuning tegen.

wijknetwerk

Het wijknetwerk vormt de directe omgeving van de Rotterdamse burger en bestaat uit formele organisaties en informele organisaties. In het wijknetwerk zitten veel maatschappelijke organisaties en (sport)verenigingen die samen zorgen voor een veerkrachtige samenleving. Formele (professionele) organisaties zijn bijvoorbeeld; school, jongerenwerk, wijkagent, jeugdgezondheidszorg, Centrum voor Jeugd en Gezin, huisarts, ouderenzorg, geestelijke gezondheidszorg en andere zorgaanbieders. Het informele netwerk is het (lokale) netwerk van (lokale) organisaties en (sport)verenigingen, vrijwilligers en mantelzorgers die vaak zelfstandig hulp en advies geven aan hun familie of directe omgeving. Het Wijknetwerk verschilt per wijk.

Artikel 2Toepassingsbereik

De bevoegdheid van het college om nadere regels vast te stellen is opgenomen in artikel 3, derde lid, van de SvR 2014. Deze subsidieregeling is een nadere regel en is van toepassing op activiteiten die vanaf 1 januari 2022 plaatsvinden.

Artikel 3Subsidiabele activiteiten

In het afwegingskader (zie bijlage I van de subsidieregeling) zijn vragen opgenomen op grond waarvan het college toetst of een activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd kan worden gesubsidieerd vanuit deze subsidieregeling.

Tevens is in bijlage I een instructie opgenomen over hoe de beoordeling van de aanvragen aan de hand van het afwegingskader plaatsvindt.

Voor de Wijkprogrammering Jeugd wordt verwezen naar de link Wijkprogrammering Rotterdam | Rotterdam.nl.

Artikel 4Aanvraag en aanvraagtermijn jaarlijkse subsidie

Om een kwaliteitsslag te bewerkstelligen bij de in te dienen subsidieaanvragen is voor het opstellen van het werkplan en de begroting een handreiking opgesteld. Tevens wordt aan de hand van deze handreikingen de volledigheid en duidelijkheid van de aanvragen bevorderd. Het gebruik van deze handreikingen is niet verplicht. Deze handreikingen zijn via de subsidieportal beschikbaar.

Een aanvraag heeft betrekking op couleur locale in één gebied en is ook toegespitst op dat gebied. Het is mogelijk om voor maximaal drie gebieden een aanvraag in te dienen. Indien er subsidie voor verschillende activiteiten per gebied wordt aangevraagd door dezelfde aanvrager, dan dienen deze aanvragen samengebundeld te worden in één aanvraag per gebied. Uit de begroting van deze aanvraag dient herleidbaar te zijn wat elke activiteit kost.

Het college maakt gebruik van de bevoegdheid die het heeft om op grond van artikel 6, derde lid van de SvR 2014 een andere indieningstermijn te stellen. De aanvraagtermijn voor de jaarlijkse subsidies is 1 oktober voorafgaand aan het kalenderjaar waarin de activiteiten worden uitgevoerd. Zodoende hebben potentiële subsidieaanvragers voldoende tijd om kennis te nemen van de subsidieregeling en op basis hiervan een subsidieaanvraag in te dienen. De aanvraag om een eenmalige subsidie wordt ingediend uiterlijk twaalf weken voordat de activiteiten starten.

De subsidieaanvraag wordt online ingediend via de subsidieportal www.rotterdam.nl/subsidies.

Artikel 5Subsidieplafond

Artikel 4, tweede lid, SvR2014, geeft het college de bevoegdheid om aanvullend subsidieplafonds vast te stellen. In dit artikel worden deze plafonds vastgesteld en bekend gemaakt, onder het voorbehoud dat de raad de begroting ongewijzigd vaststelt. De plafonds gelden per gebied, per kalenderjaar. Deze subsidieplafonds worden berekend door middel van de percentages couleur locale die in de jaren voorafgaand aan de Aanbesteding welzijn 2022 zijn gehanteerd en de gebiedsbudgetten behorend bij de Aanbesteding welzijn 2022.

De aanvraag wordt geweigerd voor zover door verstrekking van de aanvraag het subsidieplafond zou worden overschreden.

Deze weigeringsgrond is opgenomen in artikel 4:25, tweede lid van de Algemene wet bestuursrecht (hierna Awb). Daarom is het niet als weigeringsgrond opgenomen in de subsidieregeling.

Artikel 4:25, tweede lid van de Awb :

Een subsidie wordt geweigerd voor zover door verstrekking van de subsidie het subsidieplafond zou worden overschreden.

Het kan voorkomen dat op enig moment het budget niet meer toereikend is om het aangevraagde bedrag volledig te subsidiëren. Bijvoorbeeld als een subsidiebedrag van € 50.000,- wordt aangevraagd, de subsidieaanvraag voldoet aan de criteria om voor subsidie in aanmerking te komen.

Echter, er is nog een restbudget beschikbaar van € 30.000,-. In dit geval kan de subsidie gedeeltelijk worden geweigerd. Dit wordt gedaan in overleg met de subsidieaanvrager. Het kan namelijk zijn dat door een gedeeltelijke weigering, het laten plaatsvinden van de overige activiteiten niet realiseerbaar is voor de subsidieaanvrager.

Artikel 6Verdeelregels subsidie

Artikel 4, derde lid, van de SvR 2014, geeft het college de bevoegdheid om verdeelregels vast te stellen. De aanvragen voor een jaarlijkse subsidie worden uiterlijk 1 oktober, voorafgaand aan het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft, ingediend. Alle aanvragen die uiterlijk 1 oktober zijn ingediend worden gezamenlijk beoordeeld. Indien na de uiterlijke indieningstermijn blijkt dat het totaal aangevraagde bedrag het subsidieplafond overschrijdt worden die aanvragen die de meeste punten behalen (na toetsing aan het afwegingskader) en voor het overige voldoen aan de subsidieregeling verstrekt, totdat het subsidieplafond is bereikt.

Er kan sprake zijn van een gedeeltelijke weigering, omdat bij een volledige honorering van de aanvraag het subsidieplafond zou worden overschreden. Deze weigeringsgrond is opgenomen in artikel 4:25, tweede lid van de Awb. Daarom is het niet als weigeringsgrond opgenomen in deze subsidieregeling.

Voor de aanvragen eenmalige subsidies, die na 1 oktober worden ingediend, geldt “wie het eerst komt wie het eerst maalt”. Dus de aanvragen worden op volgorde van binnenkomst behandeld en voor zover de aanvragen aan de subsidieregeling voldoen en het budget toereikend is, worden de aanvragen gehonoreerd. Ook hier kan sprake zijn van een gedeeltelijke weigering, omdat bij een volledige honorering van de aanvraag het subsidieplafond zou worden bereikt.

Sub a:

Samenwerking met het wijknetwerk waaronder stedelijke voorzieningen als VraagWijzer, kinderwerk, tienerwerk en/of jongerenwerk zijn belangrijk voor de vroegsignalerende functie die couleur locale vervult. Ook voor couleur locale als voorliggende functie is goede samenwerking van belang. Immers, laagdrempelig aanbod van couleur locale kan mogelijk zwaardere ondersteuning voorkomen of uitstellen.

Samenwerking op het terrein van kennisoverdracht over de doelgroepen, inzetten van elkaars kennis, expertise en aanbod, doorgeleiden van Rotterdammers naar aanbod van wijkpartners zijn voorbeelden waarom een goede samenwerking van belang is.

Sub b:

Het is van belang dat de couleur locale activiteiten aansluiten bij de prioriteiten in de wijk en het gebied. Waar is het meeste behoefte aan?

In verschillende openbare documenten is te vinden wat belangrijke thema’s zijn in de gebieden en wijken en waarop ingezet kan worden. Te denken valt aan de wijkanalyse, de wijkprogrammering, de wijkagenda, het wijkactieplan, het wijkprofiel of het Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ).

Hieronder vind je de linken naar deze documenten:

Wijkprofiel

https://wijkprofiel.rotterdam.nl/

Wijkagenda

https://www.watdoetdegemeente.rotterdam.nl/begroting2019/wijken/

Wijkprogrammering

Wijkprogrammering Rotterdam | Rotterdam.nl

Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ):

https://www.nprz.nl/

Sub c:

Voor wat betreft de aanvragen die overwegend betrekking hebben op de prioritaire doelgroep Jeugd wordt zoveel mogelijk voldaan aan de uitgangspunten van de methodiek Talenthouse. Dit houdt in dat er in samenwerking met jeugdigen programmering wordt ontwikkeld en gerealiseerd. Middels activiteiten zoals muziek, dans, sport/bewegen wordt een bijdrage geleverd aan de sociaal-emotionele ontwikkeling van de jeugd en/of indirect bijgedragen aan het verbeteren van schoolprestaties en/of wordt ingezet op gedeelde normen en waarden. Ideeën van de jeugd vormen een belangrijk uitgangspunt bij de werkwijze en jeugdigen worden in het kader van wederkerigheid gestimuleerd om een actieve rol te vervullen bij de realisatie van activiteiten.

Op verschillende websites van erkende databanken (bv. www.loketgezondleven.nl) staat een schat aan informatie over gezond leven in een brede context van het begrip. Dus niet alleen beweegactiviteiten, maar ook gezondheid in relatie tot schulden. Er zijn per thema werkzame bestanddelen benoemd (onderdelen van een aanpak) waarvan men weet dat het effectief is. Er zijn ook complete interventies benoemd die kunnen worden ingezet. De verwachting is dat indien men gebruik maakt van de (bestanddelen van) interventies, dit ten goede komt aan de kwaliteit van het aanbod couleur locale.

Sub d:

Deze kennis of deskundigheid van de doelgroep kan bijvoorbeeld blijken uit de scholing/training van de professionals en de vrijwilligers, de selectiecriteria bij de werving enz.

Sub e:

Deze kennis of deskundigheid van de doelgroep kan bijvoorbeeld blijken uit de scholing/training van de professionals en de vrijwilligers, de selectiecriteria bij de werving enz.

Artikel 7Aanvullende weigeringsgronden

In dit artikel zijn de weigeringsgronden opgenomen. Naast deze weigeringsgronden gelden uiteraard de weigeringsgronden opgenomen in artikel 8 van de SvR 2014 en de weigeringsgronden opgenomen in de subsidietitel van de Algemene wet bestuursrecht (hoofdstuk 4, titel 4.2 van de Awb).

Hieronder volgt een toelichting op de weigeringsgronden opgenomen in artikel 7:

  • a.

    Spreekt voor zich.

  • b.

    Hiervan is sprake als minimaal 2 van de 3 deelvragen hieronder met ja wordt beantwoord:

    • -

      komt de meerderheid van de professionals en vrijwilligers uit het gebied waar men actief is?

    • -

      zijn de initiatiefnemers bekend met de wijk/het gebied en de specifieke behoeften van Rotterdammers in die specifieke wijk en is het aanbod ook zodanig ontwikkeld?

    • -

      is men bekend bij en bekend met relevante wijkpartners?

  • c.

    Uitsluiting of discriminerende activiteiten worden niet gesubsidieerd. Ook activiteiten die alleen toegankelijk zijn voor leden van een organisaties worden niet gesubsidieerd.

  • d.

    Activiteiten die voldoen aan ten minste één van doelstellingen van het beleidsplan Heel de Stad worden aangemerkt als welzijnsactiviteiten in het kader van het beleidsplan Heel de Stad. Met inzet gericht op (collectieve) preventie wordt bedoeld dat met (collectief) aanbod wordt voorkomen dat op een later tijdstip zwaardere ondersteuning nodig is, of dat dit kan worden uitgesteld. Met het voorkomen van problematiek wordt bedoeld dat met (collectief) aanbod Rotterdammers in staat worden gesteld vaardigheden op te doen waarmee voorkomen wordt dat problemen ontstaan. Met het stabiliseren van problematiek wordt bedoeld dat indien problemen eenmaal zijn ontstaan met (collectief) aanbod deze problematiek niet verder toeneemt. Met het vergroten van de zelfredzaamheid, samenredzaamheid wordt bedoeld dat met (collectief) aanbod Rotterdammers in staat zijn zelfstandig hun leven te leiden en familie of directe omwonenden te kunnen helpen bij eenvoudige problematiek en een grotere vrijwillige inzet, meer bewonersinitiatieven en een toename van de sociale cohesie.

  • Met activering/participeren of het wegnemen van achterstanden wordt bedoeld het laten verrichten van vrijwilligerswerk door Rotterdammers om zo een bijdrage te leveren aan de samenleving en met (collectief) aanbod alle Rotterdammers gelijke kansen te geven in de samenleving.

  • e.

    Spreekt voor zich.

  • f.

    Met het bestaande aanbod wordt bedoeld de integrale gebiedsopdracht, de couleur locale activiteiten in het gebied of de activiteiten van het wijknetwerk.

  • g.

    Voorbeelden van stedelijke voorzieningen zijn wijkteam, VraagWijzer, Expertiseteam Financiën (ETF), Kredietbank Rotterdam (KBR), cluster Werk & Inkomen (W&I) enz. Het wijkteam en de VraagWijzer bieden ondersteuning en vraagverheldering aan Rotterdammers met multi-problematiek, waarbij gezien de aard en zwaarte van de problemen professionele ondersteuning (met eventuele doorverwijzing naar specialistische ondersteuning) noodzakelijk is. (Eenvoudige) onderdelen van de ondersteuning kan geboden worden door wijknetwerkpartners. Het wijkteam en/of de VraagWijzer heeft hierbij de regie.

  • h.

    In de subsidieaanvraag staat beschreven met welke relevante (wijknetwerk)partijen wordt samengewerkt, waarom en hoe de samenwerking eruitziet. Bijvoorbeeld met de integrale welzijnsaanbieder, Vraagwijzer, maar ook scholen, (sport)verenigingen, de bibliotheek, zorgaanbieders of andere couleur locale kunnen tot de relevante wijkpartners behoren.

  • Samenwerking met het wijknetwerk waaronder stedelijke voorzieningen als VraagWijzer zijn belangrijk voor de vroegsignalerende functie die couleur locale vervult. Ook voor couleur locale als voorliggende functie is goede samenwerking van belang. Immers, laagdrempelig aanbod van couleur locale kan mogelijk zwaardere ondersteuning voorkomen of uitstellen. Samenwerking op het terrein van kennisoverdracht over de doelgroepen, inzetten van elkaars kennis, expertise en aanbod, doorgeleiden van Rotterdammers naar aanbod van wijkpartners zijn voorbeelden waarom een goede samenwerking van belang is.

  • i.

    Het is van belang dat de couleur locale activiteiten aansluiten bij de prioriteiten in de wijk en het gebied. Waar is het meeste behoefte aan in een wijk of gebied?

  • In verschillende documenten is te vinden wat de belangrijkste thema’s zijn in de gebieden en wijken en waarop ingezet kan worden.

  • Te denken valt aan de wijkanalyse, de wijkprogrammering, de wijkagenda, het wijkactieplan, het wijkprofiel of het Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ).

  • Hieronder staan de links naar deze documenten:

  • Wijkprofiel

    https://wijkprofiel.rotterdam.nl/

  • j.

    Spreekt voor zich.

  • k.

    Spreekt voor zich.

  • l.

    Spreekt voor zich.

Het college hanteert bij de beoordeling van de aanvraag het afwegingskader, bijgevoegd als bijlage I bij de subsidieregeling.

Artikel 8 Aanvullende subsidieverplichtingen

Op subsidieaanvragen die zijn ontvangen vóór de inwerkingtreding van het wijzigingsbesluit couleur locale 2022, wordt beslist met toepassing van de subsidieregeling die gold op het moment van de ontvangst van de aanvraag.

Artikel 9Aanvullende subsidieverplichting Jeugd

[vervallen]

Artikel 9Inwerkingtreding

Deze subsidieregeling treedt in werking op de dag na de dagtekening van het Gemeenteblad waarin zij wordt geplaatst en is van toepassing op activiteiten die vanaf 1 januari 2022 plaatsvinden.

Op de vaststelling en eventuele terugvordering van de subsidie die op basis van deze subsidieregeling is verstrekt, blijft naast de SVR 2014 ook deze subsidieregeling van toepassing.