Subsidieregeling Regiofonds Zuidoost-Friesland

Geldend van 06-12-2023 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-09-2021

Intitulé

Subsidieregeling Regiofonds Zuidoost-Friesland

Burgemeester en wethouders van de gemeente Heerenveen;

gelet op de Algemene subsidieverordening Heerenveen 2017;

besluiten vast te stellen de ‘Subsidieregeling Regiofonds Zuidoost-Friesland’.

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerenveen;

  • b.

    gedeputeerde staten: het college van gedeputeerde staten van de provincie Fryslân;

  • c.

    micro-onderneming: onderneming met minder dan tien werknemers en een jaarlijkse omzet of balans van minder dan twee miljoen euro;

  • d.

    Regiodeal: Regio Deal Zuidoost-Friesland – een samenwerking ter versterking van de regio tussen het Rijk, de provincie Fryslân, Wetterskip Fryslân en de gemeenten Heerenveen, Ooststellingwerf, Opsterland, Smallingerland en Weststellingwerf;

  • e.

    Regiodeal-gemeenten: de gemeenten Heerenveen, Opsterland, Ooststellingwerf, Smallingerland en Weststellingwerf.

Artikel 2. Toepassingsbereik

Deze regeling is van toepassing op de verstrekking van subsidie door het college voor de in artikel 3 bedoelde activiteiten.

Artikel 3. Activiteiten

Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor activiteiten die plaatsvinden in de Regiodeal-gemeenten die gericht zijn op ontmoeting en samenwerking in de regio en bijdragen aan de doelen en ambities van de Regiodeal.

Artikel 4. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen

  • 1. De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de kosten die noodzakelijk zijn voor de in artikel 3 bedoelde activiteiten en met die activiteiten direct verbonden zijn. Voor zover de kosten betrekking hebben op vrijwilligersuren, worden deze gewaardeerd op het geldende minimumloon voor 22 jaar en ouder per uur per vrijwilliger op basis van een volledige werkweek van 36 uur.

  • 2. De subsidie bedraagt maximaal 75% van de subsidiabele kosten bedoeld in lid 1 met een maximum van € 50.000,-.

  • 3. Kosten die door de subsidieaanvrager zijn gemaakt vóór indiening van de aanvraag komen niet voor subsidie in aanmerking.

Artikel 5. Doelgroep

  • 1. Subsidie vanaf € 3.000,- wordt uitsluitend verstrekt aan:

    • -

      verenigingen en stichtingen statutair gevestigd in een Regiodeal-gemeente;

    • -

      micro-ondernemingen gevestigd in een Regiodeal-gemeente;

    • -

      groepen van minimaal 5 natuurlijke personen woonachtig in een Regiodeal-gemeente, die aantoonbaar samenwerken.

  • 2. Subsidie tot € 3.000,- wordt uitsluitend verstrekt aan gemeenten ten behoeve van kleine initiatieven zoals fietsroutes, open dagen en denktanks.

Artikel 6. Openstelling

Het college neemt openstellingsbesluiten waarin tenminste een aanvraagperiode en subsidieplafond zijn opgenomen.

Artikel 7. Aanvraag subsidie

  • 1. De aanvraag bestaat uit een omschrijving van de aanpak, het beoogde resultaat, het beoogde effect en een begroting van de uitgaven en de inkomsten.

  • 2. De aanvraag wordt ingediend met behulp van het door het college vastgestelde aanvraagformulier.

  • 3. Per aanvrager worden per kalenderjaar maximaal drie aanvragen in behandeling genomen.

Artikel 8. Voorwaarden en verdeelsystematiek

  • 1. Het initiatief wordt gerealiseerd uiterlijk in het kalenderjaar na verlening van de subsidie. Het college kan eenmalig, voor ten hoogste de duur van vijf maanden, uitstel van deze termijn verlenen. De subsidieontvanger dient hiervoor een schriftelijk verzoek in bij het college. Dit verzoek bevat de redenen waarom uitstel gewenst en/of noodzakelijk is.

  • 2. Subsidie op basis van deze regeling mag cumuleren met andere subsidies voor zover niet meer dan 100% van het project door subsidie wordt gedekt.

  • 3. Het college rangschikt de voor subsidieverlening in aanmerking komende aanvragen zodanig dat een aanvraag hoger gerangschikt wordt naarmate die naar zijn oordeel meer voldoet aan de volgende criteria:

    • a.

      de mate waarin het initiatief een relatie heeft met de thema’s en doelen van de Regiodeal;

    • b.

      de mate waarin het initiatief bijdraagt aan de leefbaarheid van meerdere (kleine) kernen in de regio Zuidoost-Friesland en/of een regionaal gemeente overstijgend karakter heeft;

    • c.

      de mate waarin het initiatief bijdraagt aan de versterking van de regio Zuidoost-Friesland;

    • d.

      de mate waarin het initiatief innovatief en/of experimenteel is.

  • 4. Ten behoeve van de rangschikking worden maximaal 25 punten toegekend met de volgende maxima per criterium:

    • a.

      7 punten voor het criterium bedoeld in lid 3 onder a;

    • b.

      7 punten voor het criterium bedoeld in lid 3 onder b;

    • c.

      7 punten voor het criterium bedoeld in lid 3 onder c;

    • d.

      4 punten voor het criterium bedoeld in lid 3 onder d.

  • 5. Het college verdeelt het beschikbare bedrag in de volgorde van de rangschikking voor aanvragen die minimaal 10 punten hebben gescoord.

  • 6. Voor zover door verstrekking van subsidie voor aanvragen die even hoog zijn gerangschikt, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen vastgesteld door middel van loting.

  • 7. Subsidie wordt verleend onder de opschortende voorwaarde dat alle van overheidswege vereiste vergunningen voor de activiteit zijn verkregen.

Artikel 9. Adviescommissie

De Gebiedscommissie Zuidoost-Friesland adviseert over de rangschikking van aanvragen.

Artikel 10. Hardheidsclausule

Het college kan van deze regeling afwijken als daaraan vasthouden voor een subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zouden zijn tot de daarmee te dienen belangen.

Artikel 11. Slotbepalingen

  • 1. Deze regeling treedt in werking op 1 september 2021.

  • 2. Deze regeling treedt uit werking op 1 oktober 2025.

Ondertekening

Aldus besloten in de vergadering van burgemeester en wethouders d.d. 13 juli 2021.

Burgemeester en wethouders van Heerenveen,

De gemeentesecretaris,

De heer J. van Leeuwestijn

De burgemeester,

de heer T.J. van der Zwan

Toelichting

Artikel 8a: relatie met de thema’s en doelen van de Regiodeal

De Regiodeal versterkt de regionale centra en zorgt samen met de ‘Mienskip’ voor levendige kleine(re) kernen en het welzijn van de inwoners. Zo ontstaan vitale kernen. De Regiodeal zet een plus op de integrale gebiedsontwikkeling beekdalen, gaat aan de slag met een robuust watersysteem en zet in op goede bodemgesteldheid, waterkwaliteit en biodiversiteit voor een veerkrachtig landschap. Met de thema’s ‘duurzame lokale energie’ en ‘het gastvrije andere Friesland’ legt de Regiodeal verbinding tussen de dorpen en het landschap. Voor de Regiodeal onderzoekt het Fries Sociaal Planbureau de regionale welvaart in brede zin.

De Regiodeal geeft een stevige impuls aan Zuidoost-Friesland. Het is de bedoeling dat door samenwerking in de Mienskip (met de overheid) ) de dorpen en het landschap nog vitaler en sterker worden gemaakt. Zo blijft dit unieke gebied een fijne plek om te leven, te werken, te ontmoeten én te bezoeken, nu en in de toekomst. Initiatieven in het kader van het Regiofonds moeten die samenwerking tussen dorpen en gemeenten en met maatschappelijke partners stimuleren.

Binnen de Regiodeal kennen we twee belangrijke thema’s (pijlers): Vitale kernen en Veerkrachtig landschap. Binnen de pijler Vitale kernen kennen we drie actielijnen: sterke regionale kernen, levendige kleine(re) kernen en het welzijn van inwoners.

Daarnaast zijn er meerdere verbindende thema’s, zoals het ‘duurzame andere Friesland’ en het ‘gastvrije andere Friesland’. Op de website van de Regiodeal worden de doelen en thema’s van de Regiodeal uitgebreid toegelicht.

Initiatieven in het kader van het Regiofonds moeten een relatie hebben met de thema’s van de Regiodeal.

Artikel 8b: bijdragen aan de leefbaarheid van meerdere (kleine) kernen in de regio Zuidoost-Friesland en/of een regionaal gemeente overstijgend karakter

Leefbaarheid is de mate waarin de fysieke en sociale omgeving aansluiten bij de eisen en wensen die er door de mens aan worden gesteld. In de regio Zuidoost-Friesland zou je met éën project of één initiatief in meerde kleinere kernen een bijdrage kunnen leveren aan de leefbaarheid. Het gaat dan om initiatieven die het mogelijk maken dat in meerdere dorpen de leefbaarheid wordt versterkt en die elkaar aanvullen om de leefbaarheid in de regio te versterken.

Artikel 8c: bijdragen aan de versterking van de regio Zuidoost-Friesland

We willen samen de regio Zuidoost-Friesland versterken door initiatieven te stimuleren die hieraan bijdragen. Dus niet gericht op een lokale of gemeentelijke situatie, maar op de regio in brede zin.

Met zijn vele kleine dorpen is Zuidoost-Friesland een plattelandsregio met een grote verscheidenheid. Wij zijn ‘het andere Friesland’. Wat de regio bindt zijn de rijke cultuurhistorie, het landschap en onze inwoners. Het landschap en de Mienskip zijn hierin onlosmakelijk met elkaar verbonden. We hebben een gedeelde historie van turfwinning, sociale ontwikkeling en eigenzinnigheid. Het gevarieerde landschap heeft veel kwaliteiten: bossen, coulissen, zandverstuivingen, beekdalen en veenweide, waarvan veel in Nationale Landschappen. De regio scoort hoog op brede welvaart vanwege de betrokken Mienskip en het landschap. Er zijn echter ook uitdagingen, zoals de demografische ontwikkelingen en klimaatopgaven.

Artikel 8d: innovatief en experimenteel

Gekeken wordt of en in hoeverre een project uniek is voor het gebied. Het gaat dan om projecten en initiatieven die nog niet eerder zijn gesubsidieerd door een overheid en/of niet eerder zijn bedacht en vertoond. Het gaat dan om het ontwikkelen van nieuwe ideeën en dingen of als iets daar blijk van geeft.