Bomenverordening Wageningen 2021

Geldend van 25-08-2021 t/m heden

Intitulé

Bomenverordening Wageningen 2021

Op 28 juni 2021 heeft de gemeenteraad de Bomenverordening Wageningen 2021 vastgesteld.

De raad van de gemeente Wageningen;

Gelezen het voorstel aan de raad, vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 11 mei 2021;

gelet op:

  • Artikel 149 Gemeentewet

  • Wet natuurbescherming

  • Wet algemene bepalingen omgevingsrecht

Ter inzagelegging:

Dit besluit wordt met deze publicatie bekendgemaakt en ter inzage gelegd.

Referendum aanvragen:

Een referendabel besluit houdt op basis van de Referendumverordening in dat als u het niet eens bent met dit besluit van de gemeenteraad u als kiesgerechtigde inwoner van Wageningen binnen drie weken na deze bekendmaking met een geldig legitimatiebewijs een verzoek kunt indienen om hierover een referendum te houden. Het kan zijn dat naar aanleiding van het resultaat van het referendum de raad het besluit uiteindelijk intrekt. Verdere informatie over de referendumprocedure kunt u op de vinden op https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR9181?&show-wti=falsehttps://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR9181?&show-wti=falsehttps://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR9181?&show-wti=false.

Bezwaar referendabiliteit:

Indien u van mening bent dat de gemeenteraad onterecht heeft besloten over de referendabiliteit van het bovengenoemde raadsbesluit kunt u hiertegen binnen zes weken na deze bekendmaking een bezwaarschrift indienen bij de gemeenteraad, Postbus 1, 6700 AA Wageningen of via https://www.wageningen.nl/Bestuur/Beleid_en_regelgeving/Bezwaarschrift_indienen.

Inwerkingtreding:

Dit besluit treedt in werking met ingang van zes weken na de datum van deze bekendmaking.

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a. bebouwde kom: de bebouwde kom van de gemeente zoals die op grond van artikel 4.1 lid a van de Wet natuurbescherming is vastgesteld.

  • b. bevoegd gezag: bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Als het gaat om een kapvergunning, dan is dat bijna altijd het college van burgemeester en wethouders en in een enkel geval Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland.

  • c. bomenbeheerplan: een plan met daarin het huidige bomenbestand en de wensen voor de toekomst met als doel een duurzaam, toekomstbestendig en veilig bomenbestand. Een bomenbeheerplan beschrijft de keuzes voor bomenvervanging voor de komende jaren (op basis van boomgegevens zoals conditie en levensverwachting) en waarop die zijn gebaseerd.

  • d. bomeneffect-analyse: afgekort: BEA. In deze analyse staat welke gevolgen nieuwbouw of andere werken hebben voor de houtopstand. Ook staat in deze analyse op welke manier de huidige bomen kunnen blijven staan en wat daarvoor nodig is.

  • e. boom: een dood of levend houtachtig, overblijvend gewas met een omtrek van de stam van minimaal 18 centimeter op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld. Als er meer stammen zijn, geldt de omtrek van elke stam apart.

  • f. boomwaarde: de waarde van een boom in geld zoals getaxeerd volgens de meest recente richtlijnen van Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen.

  • g. college: het college van burgemeester en wethouders van Wageningen.

  • h. dendrologisch waardevol: wanneer een boom(soort) in Nederland of in de omgeving van Wageningen zeldzaam of zeer zeldzaam is.

  • i. dunning: ter bevordering van de groei van overblijvende bomen, een aantal bomen wegnemen in de opgroeiende houtopstand zonder dat het kronendak blijvend doorbroken wordt. Het gaat hierbij om bospercelen en (te) dichte laanstructuren.

  • j. hakhout: één of meer bomen of boomvormers, die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen.

  • k. hoofdgebouw: een gebouw of nieuw te bouwen gebouw dat het belangrijkste bouwwerk op een perceel is en dat als eenheid kan worden beschouwd.

  • l. houtopstand: één of meer bomen, hakhout, een houtsingel of een beplanting van een bosplantsoen.

  • m. kandelaberen: de kroon terugsnoeien tot een hoofdstam met takstompen, waardoor de boom het uiterlijk van een kandelaar, of kandelaber krijgt.

  • n. kappen: het geheel of grotendeels verwijderen van het bovengrondse deel van de houtopstand.

  • o. kapvergunning: officieel heet dit een ‘omgevingsvergunning voor het vellen van een houtopstand’.

  • p. knotten: uitgelopen takhout tot op de oude snoeiplaats verwijderen bij knotbomen als periodiek noodzakelijk onderhoud.

  • q. maaiveld: het maaiveld is het grensvlak tussen de ondergrond (zonder beplanting of bebouwing) en de lucht.

  • r. monumentale boom: boom die voorkomt op de Lijst van monumentale bomen die burgemeester en wethouders hebben vastgesteld.

  • s. noodkap: wanneer een boom moet worden gekapt omdat er acuut gevaar is.

  • t. onderhoud (regulier): werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor een veilig en vitaal bomenbestand. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om periodiek snoeiwerk, dunning en het vellen van bomen uit veiligheidsoverwegingen conform Handboek bomen (snoei regulier, achterstallig en verwaarloosd boombeeld).

  • u. rechtsopvolgers: natuurlijk persoon of rechtspersoon die goederen verkrijgt van zijn of haar voorganger.

  • v. rooien: het geheel verwijderen van het boven- en ondergrondse deel van de houtopstand.

  • w. vellen: rooien, kappen, verplanten of het verrichten van handelingen, zowel boven- als ondergronds, die de dood of ernstige beschadiging of ernstige ontsiering van de houtopstand tot gevolg kan hebben. Hieronder valt ook het kandelaberen en knotten van bomen die nog niet op deze manier onderhouden worden.

  • x. verordening: Bomenverordening 2021.

Artikel 2: Verbod om te vellen

  • 1. U mag niet zonder kapvergunning een houtopstand vellen of laten vellen.

  • 2. Het verbod uit lid 1, om zonder kapvergunning te vellen, geldt niet voor de volgende bomen en houtopstanden:

    • a.

      een boom met een omtrek van de stam van maximaal zestig centimeter gemeten op 1,3 meter boven het maaiveld. In de arboreta en in Wageningen Hoog geldt een maximale omtrek van de stam van vijftig centimeter;

    • b.

      een boom die op minder dan drie meter afstand van de gevel van het hoofdgebouw staat. U meet deze afstand vanaf het midden van de voet van de boom;

    • c.

      de uitzondering in lid a en b gelden niet voor bomen op de Lijst met monumentale bomen of bomen die geplant zijn volgens de herplantplicht zoals bedoeld in artikel 6 lid 1 en artikel 8 lid 1 van deze verordening. Deze bomen mogen niet gekapt worden zonder vergunning, ongeacht hun stamomtrek;

    • d.

      houtopstand in de openbare ruimte en het Belmonte Arboretum waarvoor het college een concreet bomenbeheerplan heeft vastgesteld en/of goedgekeurd. Het college kan nadere regels vaststellen over de inhoud en voorwaarden waaraan een bomenbeheerplan moet voldoen;

    • e.

      éénrijige beplanting bedoeld als windscherm voor landbouwgronden, voor zover bestaande uit elzen, populieren en wilgen, tenzij deze zijn geknot;

    • f.

      vrucht- en/of fruitbomen die in productieboomgaarden staan;

    • g.

      houtopstand die dient als windscherm om boomgaarden;

    • h.

      fijnsparren of andere coniferen die en bedoeld zijn als kerstbomen en die geteeld worden op speciaal daarvoor bestemde terreinen;

    • i.

      kweekgoed.

  • 3. Verder mag een houtopstand zonder kapvergunning geveld worden in de volgende gevallen:

    • a.

      als er sprake is van een ziekte (Plantenziektewet) of op last van het college op grond van artikel 5:42 BW. Daarbij gelden de bepalingen in de artikelen 6 en 8 van deze verordening;

    • b.

      als dat hoort bij het reguliere onderhoud, tenzij de houtopstand voorkomt op de Lijst van monumentale bomen.

  • 4. Buiten het bereik van deze verordening vallen houtopstanden buiten de bebouwde kom die beschermd worden door de Wet natuurbescherming.

Artikel 3: Lijst van monumentale bomen

  • 1. Het college stelt een Lijst van monumentale bomen vast. Deze lijst bevat in ieder geval bomen die voorkomen in het landelijk Register van Monumentale bomen van de Bomenstichting, aangevuld met lokale monumentale bomen. Het college kan deze lijst aanvullen met toekomstige monumentale bomen. De lijst wordt elke vijf jaar herzien.

  • 2. De boom is monumentaal als deze tenminste voldoet aan de volgende vier basiscriteria:

    • de boom is ouder dan 80 jaar;

    • de boom is vitaal;

    • de levensverwachting is langer dan 10 jaar en

    • de boom is stabiel.

  • 3. Het college kan een boom jonger dan 80 jaar aanwijzen als monumentale boom vanwege zeer specifieke kenmerken, bijvoorbeeld dendrologische of cultuurhistorische waarde.

  • 4. De lijst van monumentale bomen bevat per houtopstand minimaal de volgende gegevens:

    • a.

      redengevende beschrijving

    • b.

      soort boom

    • c.

      standplaats

    • d.

      kadastrale gegevens

    • e.

      eigendomsgegevens

    • f.

      foto’s

  • 5. Als u eigenaar bent van een houtopstand die voorkomt op de Lijst van monumentale bomen, dan moet u het college onmiddellijk schriftelijk laten weten als:

    • a.

      de houtopstand van eigenaar verandert;

    • b.

      de houtopstand geheel of gedeeltelijk verloren is gegaan op een andere manier dan door een verleende kapvergunning;

    • c.

      de houtopstand geheel of gedeeltelijk verloren dreigt te gaan.

  • 6. Het college stelt een bijdrageregeling vast voor een tegemoetkoming in de kosten die noodzakelijk zijn voor het duurzaam in stand houden van de monumentale bomen.

Artikel 4: Aanvraag kapvergunning monumentale boom

  • 1. Als u een boom wilt vellen die voorkomt op de Lijst van monumentale bomen, moet u in alle gevallen een kapvergunning aanvragen.

  • 2. Bij de aanvraag om vergunning voor de kap van een monumentale boom voegt u een onderzoeksrapport, opgesteld door een gecertificeerd European Tree Technician of Tree Worker, dat aantoont dat de voorgenomen kap voldoet aan de criteria van artikel 5 lid 4.

Artikel 5: Beoordelingscriteria

  • 1. Het bevoegd gezag kan een kapvergunning weigeren of onder voorwaarden (zie artikel 6) verlenen.

  • 2. Het bevoegd gezag weigert de kapvergunning als de boom aan een of meer van de volgende criteria en waarden voldoet, tenzij het belang bij het behoud van de boom niet opweegt tegen het belang om te kappen (op grond van lid 3):

    • de boom is gezond en heeft een levensverwachting van minimaal vijf jaar;

    • de boom is bepalend voor straat of stadsbeeld;

    • de boom is van landschappelijke betekenis;

    • de boom is van cultuurhistorische betekenis;

    • de boom heeft een bijzondere natuurwaarde;

    • de boom is van dendrologische betekenis;

    • de boom heeft een bijzondere waarden voor recreatie en leefbaarheid.

  • Het college is bevoegd hiervoor nadere regels op te stellen.

  • 3. Het bevoegd gezag verleent alleen een kapvergunning, wanneer er geen oplossing te vinden is door beheermaatregelen, als er sprake is van maatschappelijk belang, gevaar voor de veiligheid van personen of zaken, een noodtoestand en (dreigende) extreme hinder, schade of overlast of als een houtopstand schaduwwerking op zonnepanelen veroorzaakt. Het college is bevoegd hiervoor nadere regels op te stellen.

  • 4. Voor bomen die op de Lijst van monumentale bomen staan, verleent het bevoegd gezag geen kapvergunning behalve:

    • als er sprake is van een ernstige bedreiging van de openbare veiligheid (kans op letsel en schade) of een noodtoestand, terwijl tegelijkertijd het treffen van maatregelen onevenredig bezwarend is in verhouding tot het belang dat gediend is met instandhouding van de houtopstand;

    • als grote maatschappelijke belangen de kap noodzakelijk maken en het niet mogelijk is op een andere manier aan de belangen tegemoet te komen.

Artikel 6: Bijzondere vergunningsvoorschriften

  • 1. Het college verbindt aan de kapvergunning diverse voorschriften. De volgende voorschriften kunnen bijvoorbeeld aan de vergunning verbonden worden:

    • a.

      U moet binnen een bepaalde termijn en volgens de aanwijzingen in de kapvergunning herplanten. Voor Wageningen Hoog en de arboreta geldt altijd een herplantingsplicht.

    • b.

      U stort een geldbedrag in het gemeentelijk Groenfonds als u niet op dezelfde plek kunt herplanten.

    • c.

      U moet met het vellen wachten tot alle andere noodzakelijke vergunningen of ruimtelijke ordeningsprocedures onherroepelijk zijn geworden. Dit geldt bijvoorbeeld bij nieuwbouw, aanleg van werken of andere ruimtelijke herinrichting.

    • d.

      U levert een door het college goed te keuren boombeschermingsplan (zogeheten Bomen Effect Analyse) in met maatregelen hoe u de bomen en de flora en fauna in de buurt beschermt. Dit komt voor als er gebouwd of gewerkt wordt in de buurt van bomen die niet geveld worden.

  • 2. U en uw rechtsopvolgers zijn verplicht de voorschriften op te volgen.

Artikel 7: Noodkap

  • 1. Het bevoegd gezag kan in een noodsituatie toestemming geven voor noodkap. Het besluit kan onmiddellijk in werking treden en wordt binnen vijf werkdagen schriftelijk bekend gemaakt.

  • 2. Van noodkap is in ieder geval sprake als:

    • de houtopstand wegens ziekte besmettingsgevaar oplevert of

    • het gaat om een dode, terminale of onstabiele boom die direct gevaar oplevert voor bebouwing, bewoners, gebruikers van het perceel of weggebruikers.

  • 3. De noodkap moet binnen vijf werkdagen na toestemming plaatsvinden.

Artikel 8: Herplant-/instandhoudingsplicht

  • 1. Als u zonder kapvergunning een houtopstand heeft geveld of heeft laten vellen terwijl een kapvergunning wel nodig was, dan kunt u een herplantplicht opgelegd krijgen. Het college geeft aan binnen welke termijn en met welke aanwijzingen dat moet gebeuren. Herplanting vindt altijd plaats binnen het eerstvolgende plantseizoen.

  • 2. Als herplanting op dezelfde plek niet mogelijk is, kan het college u opleggen een bedrag te storten in het gemeentelijk Groenfonds.

  • 3. Het college is bevoegd om nadere regels vast te stellen over de herplant en de instandhoudingsplicht en over de hoogte van de financiële compensatie als herplant niet mogelijk is.

  • 4. Als u een monumentale boom heeft gekapt zonder kapvergunning, moet u altijd een financiële compensatie betalen. Hiervoor wordt de boomwaarde berekend volgens de laatste richtlijnen van de Nederlandse Vereniging van Beëdigd Taxateurs van Bomen.

  • 5. Het college kan ook aangeven op welke wijze en binnen welke termijn een niet-geslaagde herplant nogmaals moet worden herplant.

  • 6. Als een houtopstand waarvoor een kapverbod geldt ernstig bedreigd wordt in het voortbestaan, kan het college de eigenaar ervan verplichten maatregelen te treffen die de houtopstand in stand houden.

  • 7. Als een boom in verband met herplantplicht is geplant, geldt tien jaar een verbod om te vellen. Ook wordt er in principe minimaal tien jaar geen kapvergunning verleend.

Artikel 9: Afstand tot de erfgrenslijn

Bomen en heesters mogen geplant worden op nul meter van de erfgrenslijn zoals bedoeld artikel 5:42, tweede lid, van het Burgerlijk Wetboek.

Artikel 10: Bestrijding van boomziekten

  • 1. Als er op uw terrein één of meer bomen staan die volgens het college een boomziekte kunnen verspreiden of ziekteverspreiders zoals insecten kunnen vermeerderen, dan kan het college u schriftelijk verplichten binnen een bepaalde termijn:

    • a.

      de houtopstand te vellen;

    • b.

      de gevelde houtopstand direct te verwijderen, te vernietigen of zodanig te behandelen dat verspreiding van de boomziekte wordt voorkomen.

  • 2. U mag geen gevelde bomen of delen daarvan hebben of vervoeren als deze boom een boomziekte kan verspreiden.

  • 3. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod in het tweede lid.

  • 4. Als u niet voldoet aan de aanschrijving genoemd in het eerste lid, dan kan het college bestuursdwang toepassen. De gemeente voert de werkzaamheden dan op uw risico en kosten uit.

Artikel 11: Bescherming publieke bomen

U mag houtopstanden in de openbare ruimte zonder toestemming van de gemeente niet snoeien, beschadigen, bekladden of beplakken of er voorwerpen op aanbrengen. U mag deze ook niet zelf onderhouden.

Artikel 12: Uitzicht belemmerende beplanting

Het college kan u in een formele brief opleggen een boom, heg, struik of andere beplanting te snoeien, op te binden of weg te halen als deze op een of andere wijze gevaar oplevert.

Artikel 13: Strafbepaling

  • 1. Als aan u een voorschrift zoals bedoeld in artikel 6, 8 of 10 is opgelegd, zijn u en uw rechtsopvolgers verplicht dat voorschrift na te leven.

  • 2. Als u die verplichting niet nakomt, wordt u bestraft met een hechtenis van maximaal twee maanden of een geldboete van de tweede categorie.

  • 3. Als u handelt in strijd met een van de voorschriften in artikel 6, 8,10, 11 of 12 wordt u bestraft met een hechtenis van ten hoogste twee maanden of een geldboete van de tweede categorie.

  • 4. Los van deze strafvervolging kan het college een schadevergoeding eisen wegens schade aan bomen of houtopstanden (privaatrechtelijke vordering).

Artikel 14: Opsporing

De strafbaar gestelde feiten in deze verordening kunnen opgespoord worden door ambtenaren genoemd in artikel 141 van het Wetboek van strafvordering, en door ambtenaren die het bevoegd gezag daartoe heeft aangewezen.

Artikel 15: Toezicht

Het bevoegd gezag wijst bij besluit personen aan die belast zijn met het toezicht op naleving van deze verordening.

Artikel 16: Overgangsbepaling

Als u nog geen beslissing heeft op een kapvergunning, die is aangevraagd voor de datum dat deze verordening in is gegaan, dan wordt uw aanvraag beoordeeld naar de regeling die voor u het meest gunstig is.

Artikel 17: Citeertitel

De titel van deze verordening is: Bomenverordening Wageningen 2021.

Artikel 18. Inwerkingtreding

  • 1. Deze verordening treedt in werking op 1 juli 2021. Op datzelfde tijdstip vervalt de Bomenverordening 2010.

  • 2. De inwerkingtreding wordt uitgesteld wanneer een inleidend verzoek op basis van artikel 5, lid 5 van de Referendumverordening Wageningen 2006 wordt toegelaten.

  • 3. In afwijking van lid 1 treedt deze verordening niet in werking binnen 6 weken na de datum van de officiële publicatie.

Ondertekening

Aldus besloten in de openbare vergadering van 28 juni 2021

de voorzitter,

de griffier,

Bijlage 1

De kaart in de bijlage maakt integraal onderdeel uit van deze verordening.

Toelichting Bomenverordening 2021

Bomen en groen in de directe omgeving zijn goed voor het welzijn en de gezondheid van mensen. Ontspannen en recreëren doe je in of onder het groen. Dit is een behoefte die steeds belangrijker wordt in onze haastige maatschappij. Bomen zijn ook het natuurlijke antwoord op de toenemende luchtvervuiling. Ze filteren fijnstof uit de lucht en verbeteren daardoor de luchtkwaliteit. Bomen zijn ook een belangrijk wapen tegen de klimaatverandering. Groeiende bomen leggen CO2 vast – goed tegen het broeikaseffect – en ze brengen verkoeling in de zomer door verdamping en beschaduwing. Bomen zijn essentieel voor de leefbaarheid en dragen bij aan de beeldkwaliteit van straat, wijk en landschap. Ze zijn onderdeel van onze culturele identiteit.

Een goede bomenverordening beschermt de waarden en essentiële functies van bomen. Een bomenverordening is voor de gemeente een belangrijk hulpmiddel bij het in stand houden van een goed en gezond bomenbestand.

De bomenverordening 2021 geeft een effectieve bescherming van het bomenbestand. Bomen met een stamomtrek van meer dan zestig centimeter en hoger dan 1,30 meter mogen niet gekapt worden. In de arboreta en in Wageningen Hoog geldt een stamomtrek van vijftig centimeter of meer. Daarnaast stelt het college een lijst van monumentale bomen vast. De monumentale bomen krijgen vanwege hun bijzondere waarde een speciale status en worden extra beschermd.

Toelichting artikel 1: Definities

Artikel legt een aantal begrippen in de verordening uit:

Bevoegd gezag

Met ingang van de inwerkingtreding van de Wabo is de definitie van bevoegd gezag toegevoegd. Uit de begripsbepalingen (art. 1.1, lid 1 Wabo) blijkt dat het bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een beslissing op de aanvraag om een omgevingsvergunning wordt aangeduid als 'bevoegd gezag'. Het bevoegd gezag is belast met de vergunningverlening, maar ook met de bestuursrechtelijke handhaving van een omgevingsvergunning (art. 5.2 Wabo). In verreweg de meeste gevallen is het college van burgemeester en wethouders het bevoegd gezag. In het Besluit omgevingsrecht zijn daarop een beperkt aantal uitzonderingen. Dan zijn vanwege provinciale of nationale belangen gedeputeerde staten of een minister het bevoegd gezag.

Boom en houtopstand

Het is belangrijk om het begrip ‘boom’ af te bakenen om zo de ondergrens van bescherming aan te geven. De omtrek van de boom is de gangbaarste en helderste vorm om de boomdikte te meten. Het kapverbod en de vergunningplicht van deze verordening draait echter om het begrip ‘houtopstand’: eén of meer bomen, hakhout, een houtsingel of een beplanting van een bosplantsoen. Hierdoor wordt duidelijk dat de bescherming betrekking heeft op meer dan bomen alleen. Een boomvormer is een houtig, opgaand gewas met ontwikkeling van een of meer hoofdtakken. Een boomvormer kan uitgroeien tot een boom, een meerstammige boom of een boomachtige struik. In het spraakgebruik heeft een boom één of slechts enkele stammen. In de natuur bestaat er echter een geleidelijke overgang: heester – struik – struikachtige boom – (meerstammige) boom. Een houtsingel is een brede (4 tot maximaal 20 meter breed) landschappelijk waardevolle afscheiding, vaak tussen weilanden, die bestaat uit bomen en struiken.

Kappen

Kappen moet u in dit verband niet alleen letterlijk nemen. We bedoelen met ‘kappen’ alle handelingen die het verwijderen of het doden van de boom of houtopstand tot gevolg heeft. Ook het snoeien of weghalen van een groot deel van de kroon valt onder het begrip ‘kappen’, wanneer dat leidt tot de dood en/ of een ernstige beschadiging van de houtopstand.

Ook noemen we enkele bewerkingsmogelijkheden, zoals kandelaberen, dunnen en rooien. Het begrip ‘vellen’ is zodanig omschreven dat ook handelingen daaronder vallen die de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van houtopstand tot gevolg hebben.

Boomwaarde

Hierbij staan centraal de richtlijnen van de Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen en houtige gewassen (NVTB, Postbus 683, 7300 AK Apeldoorn, tel. 055-5999449) voor de boomwaarde in geld. De richtlijnen worden jaarlijks vastgesteld aan de hand van de prijsindexcijfers van het CBS, marktprijsgemiddelden en andere kengetallen. De richtlijnen gelden als de meest deskundige methodiek om de waarde van bomen in geld uit te drukken en deze wordt in de rechtspraak erkend. Het spreekt overigens voor zich dat bomen ook vele andere waarden dan een geldbedrag vertegenwoordigen.

Hoofdgebouw

Dit begrip is van belang omdat eigenaren houtopstand binnen drie meter van de gevel van het hoofdgebouw zonder vergunning mogen kappen. Voor de berekening van deze drie meter wordt geen rekening gehouden met de uitstekende delen zoals dakgoten, overstekken en dergelijke. Kampeermiddelen (al of niet mobiel), stacaravans, tuinhuisjes en dergelijke zijn uitgezonderd van het begrip hoofdgebouw.

Toelichting artikel 2: Verbod om te vellen

In artikel 2 staat het verbod om te vellen of te laten vellen zonder omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.2, lid 1, sub g van de Wabo. Hierna spreken we van kapvergunning. Er zijn enkele uitzonderingen op dit verbod. In die gevallen mag een eigenaar dus zonder kapvergunning vellen.

Er is geen onderscheid tussen vitale en afgestorven houtopstand. Het kan namelijk wenselijk zijn om dode bomen te bewaren vanwege hun ecologisch waardevolle functies of omdat er wettelijk beschermde diersoorten in nestelen. De gemeente kan dan ook optreden tegen iemand die een gezonde boom laat doodgaan of een dode houtopstand weghaalt.

Artikel 2, lid 2 sub 2

In artikel 2 lid 2 sub d is het Belmonte Arboretum toegevoegd. Als het college een concreet bomenbeheerplan (dat wil zeggen op basis waarvan vaststaat welke bomen geveld worden) voor de openbare ruimte of voor het Belmonte Arboretum vaststelt of goedkeurt, dan hoeft geen kapvergunning meer aangevraagd te worden. Tegen de vaststelling van het bomenbeheerplan door het college of het goedkeuringbesluit van het college kan bezwaar gemaakt worden, omdat dit een zogenaamd concretiserend besluit van algemene strekking is. Dit volgt uit de uitspraak Raad van State van 17 februari 2016 naar aanleiding van het Groenbeheerplan voor Wageningen Hoog 2013.

Artikel 2, lid 4

De Wet natuurbescherming beschermt bos van minimaal 10 are en bomenrijen van minimaal 21 bomen gelegen buiten de bebouwde kom (de zogenaamde 'houtopstanden' in de zin van de Wet natuurbescherming). Als iemand houtopstanden wil kappen die onder de Wet natuurbescherming vallen moet een kapmelding bij de provincie ingediend worden. Er zijn enkele uitzonderingen waarbij een kapmelding niet vereist is, deze staan vermeld in art. 4.1 van de Wet natuurbescherming. Zie voor meer details de artikelen 4.1 t/m 4.9 van de Wet natuurbescherming.

De Bomenverordening is wel van toepassing op houtopstanden buiten de bebouwde kom die niet beschermd worden door de Wet natuurbescherming.

Toelichting artikel 3: Lijst van monumentale bomen

De gemeente hanteert een lijst van monumentale bomen. Daarop staan bomen en andere houtopstanden die wij duurzaam willen behouden. Die mogen alleen bij hoge uitzondering gekapt worden.

Per boom of houtopstand is een redengevende beschrijving aanwezig. Daarin staat waarom deze boom of houtopstand monumentaal is. De beschrijving geeft inzicht en duidelijkheid over de natuur-, milieu-, cultuurhistorische en andere waarden en eventueel bijzondere functies van de houtopstand. Daarnaast is de redengevende beschrijving een toetsingskader voor een kapvergunning. Daardoor kan het college een beter gemotiveerd en afgewogen besluit nemen. Dit voorkomt niet alleen juridische complicaties, maar creëert ook draagvlak voor het duurzaam in stand houden van deze monumentale bomen.

Dit artikel geeft verder een aantal algemene richtlijnen waaraan een lokale monumentale boom minimaal moet voldoen. Het is belangrijk om de eigenaar en/of zakelijk gerechtigde en het kadastrale perceelsnummer te weten. Daarnaast zijn specifieke waarden belangrijke gegevens om vast te leggen.

Toelichting artikel 4: Aanvraag vergunning

De ministeriele Regeling omgevingsrecht (Mor), artikel 1.3, 1.4 en 7.5, regelt hoe iemand een kapvergunning moet aanvragen.

Voor een kapvergunning komt dat neer op de volgende vereisten:

  • a.

    In de vergunningaanvraag vermeldt de aanvrager of diens gemachtigde naam, adres,

  • woonplaats en e-mailadres.

  • b.

    De aanvrager geeft aan om welke houtopstand of houtopstanden het gaat en nummert deze.

  • c.

    Per nummer geeft de aanvrager het volgende aan:

  • - de soort houtopstand

    - de locatie van de houtopstand op het voor-, zij- of achtererf

    - de diameter van de stam in centimeters, gemeten op 1,3 meter vanaf het maaiveld

    - de mogelijkheid tot herbeplanten of het voornemen op een andere, aan te duiden locatie te herplanten. De aanvrager vermeldt dan het aantal en de soort.

Op grond van artikel 4 lid 1 moet in alle gevallen een vergunning aangevraagd worden voor het vellen van een monumentale boom, dus ook in geval van onderhoud, als de boom binnen 3 meter van een hoofdgebouw staat etc..

Toelichting artikel 5: Criteria

Het bevoegd gezag kan om verschillende redenen een kapvergunning weigeren of (onder voorschriften) verlenen.

Deze criteria in lid 2 worden nader uitgewerkt in door het college van burgemeester en wethouders vast te stellen beleidsregels.

Lid 3

Bomen hebben vele positieve eigenschappen. Toch geven ze ook aanleiding voor klachten. Het gaat dan vaak om het ervaren van hinder en overlast, wat subjectief is. Iedereen wordt geacht enige mate van hinder te accepteren. Het is moeilijk om die mate van hinder te objectiveren. Criteria kunnen helpen om de klacht op de juiste manier te behandelen. We willen ook voorkomen dat klachten die op het oog identiek lijken toch anders worden aangepakt omdat er andere criteria gelden. Dat kan ervoor zorgen dat inwoners willekeur ervaren.

Er is hinder van bomen die we moeten accepteren. Namelijk blad- en vruchtafval. Biologische processen van de boom zoals bessen(val), vruchten, stuifmeel, pluisvorming, insecten en bladval zien we niet als overlast, maar als te dulden hinder. Alleen in extreme gevallen waarin uitzonderlijk grote overlast is ontstaan, is er een grond om een boom te verwijderen. Of sprake is van zware of lichte hinder is afhankelijk van aard, ernst en duur van de hinder.

Het college heeft beleidsregels vastgesteld waarin staat dat ernstige schaduwwerking op zonnepanelen een aanleiding kan zijn voor een kapvergunning.

Lid 4

Er is niet snel sprake van groot maatschappelijk belang. Een voorbeeld kan zijn dat de kap van een boom nodig is voor de aanleg van woonwijken of wegen. Daarbij wordt altijd eerst onderzocht of er mogelijkheden zijn de boom te behouden en om de boom heen te werken. Is dat echt niet mogelijk, dan kan op grond van groot maatschappelijk belang een kapvergunning worden verleend.

Toelichting artikel 6: Bijzondere vergunningvoorschriften

De herplantvoorschriften zijn altijd concreet en precies, bijvoorbeeld naar locatie, boomsoort of grootte.

Het college kan de regels over de aard en omvang van de herplantplicht nader uitwerken in beleidsregels (artikel 8).

Er is een mogelijkheid om iemand een financiële bijdrage op te leggen. Het college bepaalt de hoogte ervan. De bijdrage gaat in het Groenfonds gemeente Wageningen en wordt gebruikt voor herplant, onderhoud of instandhouding van (monumentale) bomen en niet voor extra snoeien. In de beleidsregels wordt het Groenfonds verder uitgewerkt.

Het college kan ook concrete voorschriften opleggen op grond van de geldende natuurbeschermingsregels, Wet natuurbescherming, EU Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijnen. Bijvoorbeeld dat er buiten het broedseizoen gekapt moet worden. Of dat er zodanig geveld moet worden dat beschermde planten of paddenstoelen in de buurt behouden blijven.

Toelichting artikel 7: Noodkap

Artikel 6.2 Wabo luidt als volgt: “In gevallen waarin het onverwijld in werking treden van een beschikking als bedoeld in artikel 6.1 naar het oordeel van het bevoegd gezag nodig is, kan het in afwijking van dat artikel bepalen dat zij terstond na haar bekendmaking in werking treedt.”

Dit betekent dat een noodkap in principe altijd vooraf schriftelijk bekend moet worden gemaakt.

Toelichting artikel 8: Herplant-/instandhoudingsplicht

Het bevoegd gezag legt bij illegale kap een herplantplicht op. Als dat niet kan, dan moet er een financiële compensatie komen. Hiervoor is het Groenfonds gemeente Wageningen. Het college kan nadere beleidsregels vaststellen. Als een monumentale boom illegaal geveld wordt, is herstel van de situatie nooit mogelijk, ook niet met herplant. In die situatie legt het college altijd een financiële compensatie op.

Toelichting artikel 9: Afstand tot de erfgrens

De leden één en twee van artikel 42 Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek geeft het bekende verwijderingsrecht voor bomen binnen twee meter en heesters en hagen binnen een halve meter van de erfgrenslijn. Maar in artikel 5:42 lid 2 is bepaald dat de regeling van het Burgerlijk Wetboek geldt: "tenzij ingevolge een verordening of een plaatselijke gewoonte een kleinere afstand is toegelaten". In deze verordening wordt de erfgrensafstand tot nul gereduceerd om heesters, hagen en bomen op korte afstand van de erfgrens zo goed mogelijk te beschermen.

Toelichting artikel 10: Bestrijding van boomziekten

Dit artikel is bedoeld om besmettelijke boomziekten, zoals de iepziekte, adequaat te kunnen bestrijden. Belangrijk is dat we voorkomen dat besmetting zich verspreidt. In het vierde lid staat een bijzondere bestuursdwangbevoegdheid in aanvulling op de bestuursdwangbevoegdheid die de gemeente al heeft. Dit heeft te maken met de ernst van de zaak en de noodzaak om snel en doeltreffend op te kunnen treden.

Wanneer er sprake is van een aanschrijving van het college om een boom te kappen, dan hoeft er geen kapvergunning meer aangevraagd te worden.

Toelichting artikel 11: Bescherming publieke bomen

Het is verboden om bomen te beschadigen of te snoeien, of te gebruiken voor andere doeleinden dan waarvoor zij zijn bedoeld. Dit verbod spreekt voor zich. Als mensen overlast ervaren van gemeentebomen, kunnen zij dit melden bij de servicelijn van de gemeente. De gemeente bekijkt dan wat er mogelijk is. Het is niet toegestaan om zelf iets aan de overlast te doen.

Toelichting artikel 12: Uitzicht belemmerende beplanting

Soms is houtopstand belemmerend of hinderlijk voor wegverkeer. De gemeente kan de eigenaar dan verplichten om hier iets aan te doen, bijvoorbeeld door te snoeien, op te binden of weg te halen. Dit gaat zoveel mogelijk in overleg.

Wanneer er sprake is van een formele brief (aanschrijving) van het college om een boom te kappen, dan hoeft er geen kapvergunning meer aangevraagd te worden.

Toelichting artikel 13, 14 en 15: Strafbepaling, opsporing en toezicht

In de Wet economische delicten, artikel 1a, sub 30 is geregeld dat het strafbaar is om te vellen zonder of in afwijking van een vergunning daarvoor. In aanvulling daarop regelt artikel 13 nog voor een aantal bepalingen de strafbaarstelling.

Strafbare feiten zijn ingedeeld in 6 categorieën. De categorie bepaalt de maximale hoogte van de boete:

Tabel: Maximale geldboetes 2020

Categorie

Maximale geldboete in euro's

1e categorie

€ 435

2e categorie

€ 4.350

3e categorie

€ 8.700

4e categorie

€ 21.750

5e categorie

€ 87.000

6e categorie

€ 870.000

De handhavers openbare ruimte en BOA’s domein 1 zijn bevoegd om respectievelijk bestuursrechtelijk te handhaven en strafbare feiten op te sporen. Het college wijst hen aan als toezichthouder.

Toelichting artikel 16: Overgangsbepaling

In dit artikel regelt de overgang van de oude naar de nieuwe verordening.

Toelichting artikel 17: Citeertitel

Dit artikel spreekt voor zich.

Toelichting artikel 18: Inwerkingtreding

Dit artikel gaat over wanneer de verordening in werking treedt en spreekt voor zich.