Subsidieregeling Stimuleringsbudget Sport- en Beweegakkoord Apeldoorn

Geldend van 18-06-2021 t/m heden

Intitulé

Subsidieregeling Stimuleringsbudget Sport- en Beweegakkoord Apeldoorn

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Apeldoorn;

Gelet op titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene subsidieverordening gemeente Apeldoorn;

BESLUIT:

vast te stellen de volgende regeling:

Subsidieregeling Stimuleringsbudget Sport- en Beweegakkoord Apeldoorn

Artikel 1 Algemene bepalingen en begripsomschrijvingen

  • 1. In deze regeling wordt verstaan onder:

    • a.

      Asv: Algemene subsidieverordening gemeente Apeldoorn;

    • b.

      Awb: Algemene wet bestuursrecht;

    • c.

      adviescommissie: commissie bestaande uit vijf vertegenwoordigers uit de Regiegroep Lokaal Sport- en beweegakkoord, door het college aangewezen om de aanvragen om subsidie op grond van deze regeling te beoordelen;

    • d.

      college: college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn;

    • e.

      gemeente: gemeente Apeldoorn;

    • f.

      de-minimisverklaring: verklaring als bedoeld in de verordening (EU) N1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 inzake de-minimissteun;

    • g.

      Sport- en Beweegakkoord Apeldoorn: set afspraken tussen diverse partijen uit het sportlandschap en het maatschappelijk veld van de gemeente over hoe zij met elkaar ambities op het gebied van sport en bewegen binnen de gemeente willen realiseren.

  • 2. Tenzij in deze regeling uitdrukkelijk anders wordt vermeld, gelden de voorwaarden en bepalingen in de Asv.

Artikel 2 Doel

Deze regeling heeft tot doel het stimuleren van activiteiten of projecten die gericht zijn op het realiseren van ambities en actiepunten uit het Sport- en Beweegakkoord Apeldoorn, zodat voor alle inwoners van de gemeente sporten en bewegen mogelijk is.

Artikel 3 Subsidiecriteria

Voor subsidie komt in aanmerking een activiteit die of project dat:

  • a.

    plaatsvindt op gemeentelijk grondgebied;

  • b.

    binnen de gemeente geldt als een nieuw initiatief op het gebied van sporten en bewegen of revitalisering van een bestaand initiatief;

  • c.

    gericht is op een of meer deelakkoorden, zoals vermeld in het Sport- en Beweegakkoord Apeldoorn; en

  • d.

    een maatschappelijk doel dient.

Artikel 4 Aanvraagperiode en aanvraagvereisten

  • 1. Subsidieaanvragen worden ingediend binnen de tenderperiode van:

    • a.

      1 juli 2021 tot en met 30 juli 2021;

    • b.

      1 september 2021 tot en met 30 september 2021;

    • c.

      1 april 2022 tot en met 29 april 2022;

    • d.

      1 september 2022 tot en met 30 september 2022.

  • 2. De aanvraag wordt door middel van een daartoe door het college vastgesteld aanvraagformulier ingediend.

  • 3. De subsidieaanvraag gaat in ieder geval vergezeld van:

    • a.

      een beschrijving van de activiteit of het project en hoe deze aansluit op de ambities uit het Sport- en Beweegakkoord Apeldoorn en binnen welk deelakkoord de aanvraag past;

    • b.

      een beschrijving van hoe de activiteit of het project wordt voortgezet in de jaren nadat de subsidie is verstrekt;

    • c.

      een begroting;

    • d.

      als de aanvrager een onderneming betreft: een volledig ingevulde en rechtsgeldig ondertekende de-minimisverklaring.

Artikel 5 Subsidieplafond en verdelingsmaatstaf

  • 1. Het college stelt het subsidieplafond voor de periode genoemd in artikel 4, eerste lid:

    • a.

      onder a, vast op € 80.000,-;

    • b.

      onder b, vast op € 80.000,-;

    • c.

      onder c, vast op € 40.000,-;

    • d.

      onder d, vast op € 40.000,-.

  • 2. Indien de binnen de tenderperiode ingediende volledige subsidieaanvragen het vastgestelde subsidieplafond, genoemd in het eerste lid, te boven gaan, maakt het college voor het bepalen van de onderlinge rangschikking voor de verdeling van de subsidie, een afweging tussen de verschillende volledige aanvragen op basis van de volgende criteria:

    • a.

      de mate waarin er sprake is van een nieuw initiatief;

    • b.

      de mate waarin de ambities en doelen uit het Sport- en Beweegakkoord Apeldoorn worden gehaald;

    • c.

      de mate waarin er wordt samengewerkt tussen verschillende partijen uit zowel de wereld van sport en bewegen als het sociaal domein.

  • 3. Bij elke aanvraag om subsidie kent elk commissielid per criterium als bedoeld in het tweede lid, een score toe van 2, 4, 6, 8 of 10 punten. Voor de eindscore worden de scores van alle criteria bij elkaar opgeteld en gedeeld door het aantal commissieleden dat een beoordeling heeft ingevuld. De eindscore bepaalt de plaats op de prioriteitenlijst.

  • 4. Indien toepassing van het tweede en derde lid ertoe leidt dat aanvragen op een gelijk puntenaantal eindigen, wordt rangschikking van die aanvragen bepaald door loting.

Artikel 6 Subsidiehoogte

De hoogte van de subsidie bedraagt maximaal € 10.000,- per aanvraag.

Artikel 7 Subsidiabele en niet-subsidiabele kosten

  • 1. Subsidiabel zijn die kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college nodig zijn voor het organiseren van de activiteit of het project, waaronder in ieder geval:

    • a.

      accommodatiekosten;

    • b.

      materiaalkosten;

    • c.

      deskundigheidsbevordering;

    • d.

      verzekering;

    • e.

      contributies en abonnementen.

  • 2. De volgende kosten komen in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking:

    • a.

      kosten voor ureninzet van leden of vrijwilligers;

    • b.

      kosten voor eten en drinken, representatie, reis- en verblijfskosten, waaronder entrees;

    • c.

      onvoorziene uitgaven.

  • 3. De begroting is reëel en sluitend en bestaat uit de kosten die noodzakelijk zijn om de activiteit of het project uit te voeren.

  • 4. Als een bijdrage mogelijk is via de sportlijn van NOC*NSF of via ander gemeentelijk beleid, dan wordt deze eerst benut.

Artikel 8 Weigeringsgronden

Onverminderd het bepaalde in de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de Awb en artikel 9 van de Asv wordt de subsidie geweigerd als:

  • a.

    niet wordt voldaan aan het bepaalde in deze regeling;

  • b.

    met de activiteit of het project waarvoor subsidie wordt aangevraagd, is begonnen voordat de aanvraag is ontvangen;

  • c.

    de activiteit of het project ook zonder subsidie op grond van deze regeling kan plaatsvinden.

Artikel 9 Adviescommissie

  • 1. Het college wordt bij de beoordeling van de subsidieaanvragen geadviseerd door de adviescommissie.

  • 2. De adviescommissie:

    • a.

      toetst de aanvragen aan de criteria, genoemd in artikel 3; en

    • b.

      beoordeelt de aanvragen, op de wijze zoals beschreven in artikel 5, tweede en derde lid, indien de binnen de tenderperiode ingediende volledige subsidieaanvragen het vastgestelde subsidieplafond te boven gaan.

Artikel 10 Verplichtingen van de subsidieontvanger

Het college legt, in aanvulling op de artikelen 11 en 12 van de Asv, aan de subsidieontvanger in ieder geval de volgende verplichtingen op:

  • a.

    de subsidieontvanger stimuleert een spin-off bij andere partijen in het sport- en beweeglandschap door het beschikbaar stellen van de opgedane kennis en ervaringen;

  • b.

    de activiteit of het project wordt binnen een jaar na de subsidiebeschikking afgerond.

Artikel 11 Termijn voor beslissing op aanvraag

Het college neemt binnen 8 weken na afloop van de tenderperiode een beslissing over de volledige aanvraag.

Artikel 12 Vaststelling van de subsidie en betaling

De subsidie wordt direct vastgesteld en de betaling van het subsidiebedrag vindt in een keer plaats.

Artikel 13 Mandatering

Het college mandateert de bevoegdheden voor uitvoering van deze regeling, met uitzondering van de bevoegdheden genoemd in artikel 14, aan het afdelingshoofd Vitaal & Ondernemend Apeldoorn.

Artikel 14 Hardheidsclausule

Het college kan één of meer artikelen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing daarvan, gelet op het belang van het subsidiëren van activiteiten of projecten die bijdragen aan de vitalisering van het sport- en beweegklimaat, leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 15 Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking op de dag na de datum van bekendmaking en vervalt met ingang van 1 januari 2023.

Artikel 16 Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Stimuleringsbudget Sport- en Beweegakkoord Apeldoorn.

Ondertekening

Aldus vastgesteld op 25 mei 2021.

Het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn,

de secretaris,

T.J.H.M. Berben

de burgemeester,

A.J.M. Heerts

Toelichting

Algemene toelichting

In september 2020 is het Sport- en Beweegakkoord Apeldoorn ondertekend door ruim 70 organisaties en partijen in de gemeente Apeldoorn, die zich bezighouden met sport en bewegen. Vanuit de Rijksoverheid is in 2021 en 2022 jaarlijks resp. € 160.000 en € 80.000 beschikbaar gesteld als uitvoeringsbudget.

De gemeente Apeldoorn beheert het uitvoeringsbudget en zorgt voor een subsidieregeling op basis waarvan de beschikbare middelen kunnen worden verdeeld. Daarvoor is deze regeling vastgesteld.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 3 Subsidiecriteria

In dit artikel zijn de criteria vermeld op basis waarvan de subsidie kan worden verstrekt. De activiteit of het project moet bijvoorbeeld gericht zijn op een of meer deelakkoorden, zoals vermeld in het Sport- en Beweegakkoord Apeldoorn 1 (onderdeel c).

Om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie moet de activiteit of het project in ieder geval voldoen aan de vier criteria die zijn opgenomen in dit artikel.

Artikel 4 Aanvraagperiode en aanvraagvereisten

In het eerste lid zijn de aanvraagperiodes opgenomen. Er is gekozen voor vier aanvraagperiodes van een maand. Omdat in deze regeling gekozen is voor een tender kunnen alleen die aanvragen in behandeling worden genomen die voor het einde van de aanvraagperiode volledig zijn.

In het derde lid, onder d, is een aanvraagvereiste opgenomen die alleen van toepassing is op ondernemingen. Als de aanvrager een onderneming is dan moet er een de-minimisverklaring worden ingevuld. De aanvrager kan dan alleen voor subsidie in aanmerking komen als uit die de-minimisverklaring blijkt dat in het jaar van de aanvraag en de twee daaraan voorafgaande kalenderjaren niet meer dan € 200.000 aan de-minimissteun is ontvangen.

Artikel 5 Subsidieplafond en verdelingsmaatstaf

In het eerste lid zijn de subsidieplafonds opgenomen die per aanvraagperiode gelden. Als het subsidieplafond wordt overschreden dan worden de aanvragen die voldoen aan de vereisten in deze regeling gerangschikt. Die rangschikking komt tot stand door de betreffende aanvragen te toetsen aan de criteria die zijn opgenomen in het tweede lid en aan de aanvragen scores te verbinden.

De aanvraag met de hoogste score wordt vervolgens als hoogste in de rangschikking opgenomen en daarna de aanvraag met de op één na hoogste score totdat alle aanvragen gerangschikt zijn. Als aanvragen op een gelijk puntenaantal eindigen, wordt rangschikking van die aanvragen bepaald door loting.

In het tweede lid, onder a, moet worden getoetst aan de vraag in hoeverre er sprake is van een nieuw initiatief. Omdat er meer waarde wordt gehecht aan nieuwe initiatieven scoren die op grond van deze regeling hoger dan revitalisering van bestaande initiatieven.

In het tweede lid, onder c, is bepaald dat er getoetst wordt aan de mate waarin er wordt samengewerkt tussen verschillende partijen uit zowel de wereld van sport en bewegen als het sociaal domein. Naarmate er meer wordt samengewerkt tussen partijen uit verschillende domeinen wordt er hoger gescoord.

Artikel 6 Subsidiehoogte

In dit artikel is de maximale subsidie opgenomen die per aanvraag kan worden verleend.

Artikel 7 Subsidiabele en niet-subsidiabele kosten

In dit artikel is vastgelegd welke kosten subsidiabel (eerste lid) en niet-subsidiabel (tweede lid) zijn. Onder bijdragen van derden, in het eerste lid, moeten worden verstaan financiële bijdragen, zoals onder meer subsidie, sponsoring, fondsen en dergelijke.

Verder is in het derde lid vastgelegd dat de begroting reëel en sluitend moet zijn en moet bestaan uit de kosten die noodzakelijk zijn om de activiteit of het project uit te voeren. Dit om te voorkomen dat er teveel ‘lucht’ in de begroting zit.

Artikel 8 Weigeringsgronden

In artikel 9 van de Algemene subsidieverordening gemeente Apeldoorn zijn de algemene weigeringsgronden opgenomen. In aanvulling hierop bevat dit artikel nog enkele specifieke voor deze regeling geldende weigeringsgronden. Zo mag er bijvoorbeeld niet al met de activiteit of het project begonnen zijn, voordat de aanvraag om subsidie is ontvangen.

Artikel 9 Adviescommissie

De adviescommissie toetst allereerst de aanvragen aan de criteria, genoemd in artikel 3. Een aanvraag die niet voldoet aan het bepaalde in artikel 3 wordt afgewezen. De aanvragen die voldoen aan het bepaalde in artikel 3 worden vervolgens door de adviescommissie beoordeeld en gerangschikt op de wijze zoals omschreven in artikel 5, tweede en derde lid. Die beoordeling is alleen nodig indien de binnen de tenderperiode ingediende volledige subsidieaanvragen het vastgestelde subsidieplafond te boven gaan.

Artikel 10 Verplichtingen van de subsidieontvanger

Het beschikbaar stellen van opgedane kennis en ervaringen, als bedoeld in onderdeel a, kan aan de hand van bijvoorbeeld hand-outs, werkplannen en of presentaties geschieden.

Artikel 12 Vaststelling van de subsidie en betaling

De subsidie wordt direct vastgesteld. Het college kan steekproefsgewijs om verantwoording vragen. Daarbij is het mogelijk de subsidieontvanger fysiek of administratief te controleren of aan de verplichtingen is voldaan. Als bij de desgevraagde verantwoording of controle blijkt dat de activiteit of het project niet of niet volledig is afgerond of niet aan de verplichtingen is voldaan, kan dit leiden tot het wijzigen of intrekken van de beschikking tot subsidievaststelling, met als gevolg dat de subsidie lager of op nihil kan worden vastgesteld en gedeeltelijk of volledig wordt teruggevorderd.

Artikel 14 Hardheidsclausule

Op grond van dit artikel kan het college één of meer artikelen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing daarvan, gelet op het belang van het subsidiëren van activiteiten of projecten die bijdragen aan de vitalisering van het sport- en beweegklimaat, leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard. Dit kan echter alleen in die gevallen die niet zijn voorzien ten tijde van het vaststellen van de regeling. Wordt een geval onder de hardheidsclausule gebracht, dan heeft dit tot gevolg dat de regeling op dit punt moet worden aangepast. Het geval is immers voorzienbaar geworden.