Besluit van de raad van de gemeente Amstelveen tot vaststelling van de Verordening Dorpsraad van Nes aan de Amstel 2021

Geldend van 11-05-2021 t/m heden

Intitulé

Besluit van de raad van de gemeente Amstelveen tot vaststelling van de Verordening Dorpsraad van Nes aan de Amstel 2021

Zaaknummer: Z21-01965

De raad van de gemeente Amstelveen;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 9 maart 2021;

gelet op artikel 150 van de Gemeentewet en afdeling 3.4 Awb;

besluit vast te stellen de:

Verordening Dorpsraad van Nes aan de Amstel 2021

Paragraaf 1 Algemeen

Artikel 1

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • Nes aan de Amstel: het gebied, dat bekend staat als stemdistrict Nes aan de Amstel, als aangeduid op de kaart in bijlage A;

  • Dorpsraad: de Dorpsraad van Nes aan de Amstel;

  • Ingezetenen: zij, die hun werkelijke woonplaats in Nes aan de Amstel hebben en opgenomen zijn in het Basis Registratie Personen van de gemeente Amstelveen;

  • Gemeente: de gemeente Amstelveen;

  • Raad: de raad van Amstelveen;

  • College: het college van Amstelveen;

  • Burgemeester: Burgemeester van Amstelveen.

Paragraaf 2 Instelling

Artikel 2

  • 1.

    Er is een dorpsraad, die tot taak heeft de raad, het college en de burgemeester gevraagd of ongevraagd te adviseren omtrent alle aangelegenheden die van belang zijn voor Nes aan de Amstel.

  • 2.

    Het doel van de dorpsraad is om een goede leefomgeving te realiseren en te behouden door bij te dragen aan de gemeentelijke besluitvorming over aangelegenheden in Nes aan de Amstel.

Paragraaf 3 Samenstelling

Artikel 3

  • 1.

    De dorpsraad bestaat uit een oneven aantal leden met een minimum van vijf leden en een maximum van zeven leden.

  • 2.

    Leden van de dorpsraad kunnen zijn degenen, die op de dag van de kandidaatstelling ingezetenen zijn en uiterlijk op de dag van de instelling de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt en niet uit de verkiesbaarheid naar Nederlands recht zijn ontzet.

  • 3.

    Het lidmaatschap van de dorpsraad eindigt van rechtswege nadat een lid niet langer ingezetene is, als bedoeld in artikel 1, sub c, of als hij zijn lidmaatschap opzegt.

Artikel 4

  • 1.

    Een lid van de dorpsraad kan niet tevens zijn:

    • a.

      Burgemeester;

    • b.

      Wethouder;

    • c.

      Lid van de gemeenteraad;

    • d.

      Burgerraadslid;

    • e.

      Ambtenaar door of vanwege het gemeentebestuur aangesteld of daaraan ondergeschikt.

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder e, kan een lid van de dorpsraad tevens zijn:

    • a.

      ambtenaar van de burgerlijke stand;

    • b.

      vrijwilliger of ander persoon die uit hoofde van een wettelijke verplichting niet bij wijze van beroep hulpdiensten verricht;

    • c.

      ambtenaar werkzaam voor een school voor openbaar onderwijs.

  • 3.

    Met ambtenaren als bedoeld in het tweede lid worden voor de toepassing van dit artikel gelijkgesteld zij, die in dienst van de gemeente op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht werkzaam zijn.

Artikel 5

Een lid van de dorpsraad mag:

  • 1.

    niet als advocaat, procureur, gemachtigde of adviseur werkzaam zijn ten behoeve van de wederpartij van de gemeente, de gemeenteraad, het college, of de burgemeester in geschillen;

  • 2.

    niet als gemachtigde of adviseur werkzaam zijn ten behoeve van derden tot het aangaan van overeenkomsten met de gemeente.

Paragraaf 4 Verkiezing

Artikel 6

  • 1.

    De leden van de dorpsraad worden gekozen door degenen, die op de dag van de kandidaatstelling ingezetenen zijn en uiterlijk op de dag van de stemming de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt en niet overeenkomstig het bepaalde in artikel B5 van de Kieswet van het kiesrecht zijn uitgesloten. Artikel B3, de leden 2 en 3, van de Kieswet is van overeenkomstige toepassing. Kiesgerechtigde personen oefenen hun kiesrecht uit door op de dag van de stemming drie stemmen uit te brengen op de personen die zich kandidaat hebben gesteld. Per kandidaat kan slechts één stem worden uitgebracht.

  • 2.

    De leden worden gekozen voor vier jaar.

  • 3.

    In bijzondere gevallen kan bij besluit van de raad van het bepaalde in lid 2 van dit artikel worden afgeweken.

  • 4.

    De leden treden af met ingang van de eerste dinsdag van september in het eerste kalenderjaar na het gelijktijdig aftreden van de leden van de raad.

  • 5.

    Degene, die ter vervulling van een buiten de gewone tijd van aftreding opengevallen plaats tot lid van de dorpsraad is benoemd, treedt af op het tijdstip, waarop degene in wiens plaats hij is benoemd zou hebben moeten aftreden.

Artikel 7

  • 1.

    De gemeente stelt de dag vast voor de kandidaatstelling, deze dag is ten minste een maand voor de verkiezing van de dorpsraad. De kandidaatstelling gaat d.m.v. kandidatenlijsten. Het model van de kandidatenlijst wordt vastgesteld door het college.

  • 2.

    Per kandidatenlijst, ondertekend door ten minste vijf stemgerechtigden, kan één kandidaat worden opgegeven. De lijst dient tevens te bevatten de schriftelijke verklaring van de daarop voorkomende kandidaat, dat deze in de kandidaatstelling toestemt.

Artikel 8

  • 1.

    Bij de verkiezing van de dorpsraad wordt uitgegaan van het stemdistrict Nes aan de Amstel volgens de kaart in bijlage A. Er is een hoofdstembureau, dat tevens als centraal stembureau optreedt.

  • 2.

    Het college stelt een hoofdstembureau in dat bestaat uit vijf leden, van wie er één voorzitter en één plaatsvervangend voorzitter is. De burgemeester is voorzitter van het hoofdstembureau.

  • 3.

    De plaatsvervangend voorzitter en de andere leden, alsmede drie plaatsvervangende leden, worden door het college benoemd en ontslagen.

Artikel 9

  • 1.

    De verkiezing vindt plaats op een nader door het college te bepalen datum.

  • 2.

    Degenen, op wie de meeste stemmen zijn uitgebracht, zijn met inachtneming van het aantal beschikbare zetels tot lid van de dorpsraad gekozen.

  • 3.

    Het lot beslist indien op twee of meer kandidaten een gelijk aantal stemmen is uitgebracht.

  • 4.

    Bij tussentijds aftreden van een lid van de dorpsraad wordt zijn plaats ingenomen door degene, die van de niet-gekozenen bij de verkiezingen de meeste stemmen heeft behaald.

Artikel 10

  • 1.

    Onverminderd het bepaalde in de artikelen 3 tot en met 9 van deze verordening en met uitzondering van artikel J 10 en van de artikelen van hoofdstuk Y van de Kieswet zijn, ten aanzien van de verkiezing van de leden van de dorpsraad, alsmede ten aanzien van het begin van en de veranderingen in het lidmaatschap van de dorpsraad, de bepalingen inzake de verkiezingen van de leden van de raad, respectievelijk de bepalingen inzake het begin van en de veranderingen in het lidmaatschap van de raad voor zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

  • 2.

    Het college is bevoegd ter aanvulling van deze verordening nadere regelen vast te stellen inzake de verkiezing. Voor zover dat uit een oogpunt van aanpassing noodzakelijk is kunnen zij bij die regelen afwijken van de in het eerste lid bedoelde bepalingen.

Paragraaf 5 Installatie

Artikel 11

  • 1.

    De eerste vergadering van de nieuw gekozen dorpsraad wordt opgeroepen door de burgemeester en door hem voorgezeten, totdat de leden, nadat zij de eed of belofte hebben afgelegd, een voorzitter hebben gekozen.

  • 2.

    Ten aanzien van het afleggen van de eed of belofte is artikel 14 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.

Paragraaf 6 Organen

Artikel 12

  • 1.

    In de eerste vergadering van de nieuw gekozen dorpsraad wordt een voorzitter gekozen, die na zijn verkiezing de leiding van de vergadering overneemt van de burgemeester.

  • 2.

    De dorpsraad kiest in de eerste vergadering uit zijn leden twee gedelegeerden, die tezamen met de voorzitter het dagelijks bestuur vormen.

  • 3.

    De voorzitter van de dorpsraad is tevens voorzitter van het dagelijks bestuur.

  • 4.

    Het dagelijks bestuur wijst uit zijn midden één lid aan, dat de voorzitter bij zijn afwezigheid of ontstentenis vervangt.

Artikel 13

  • 1.

    Een lid van het dagelijks bestuur, dat zich aan kennelijk wangedrag of grove verwaarlozing van zijn taak heeft schuldig gemaakt, kan te allen tijde als zodanig door het college worden geschorst, nadat de dorpsraad een daartoe strekkend voorstel heeft gedaan.

  • 2.

    Onder grove verwaarlozing van de taak wordt mede begrepen het zonder genoegzame grond weigeren de in artikel 23, lid 2 bedoelde inlichtingen te verstrekken.

  • 3.

    Het college onderwerpt het al dan niet handhaven van het betrokken lid zodra mogelijk aan het oordeel van de raad, die na de geschorste in de gelegenheid te hebben gesteld zich tegenover een commissie, bestaande uit de voorzitters van de fracties van de raad, te verdedigen, hem als lid kan ontslaan.

  • 4.

    Indien de raad geen aanleiding vindt het lid te ontslaan, heft hij de schorsing op.

  • 5.

    Het lid dat is ontslagen op grond van dit artikel, is gedurende twee jaren, te rekenen van de dagtekening van het raadsbesluit tot ontslag van het lid, niet tot lid benoembaar.

Artikel 14

  • 1.

    De dorpsraad kan zich laten adviseren door commissies ad hoc die de dorpsraad instelt en waarvan ook niet-dorpsraadleden deel kunnen uitmaken.

  • 2.

    Het voorzitterschap van een commissie ad hoc wordt bekleed door een door de dorpsraad uit zijn midden aangewezen lid.

  • 3.

    Het dagelijks bestuur van de dorpsraad stelt een reglement van orde voor de vergaderingen van de commissies ad hoc vast, dat aan de dorpsraad en het college wordt medegedeeld.

Paragraaf 7 Wijze van vergaderen

Artikel 15

  • 1.

    De dorpsraad vergadert ten minste vier maal per jaar en voorts zo dikwijls als door de voorzitter nodig wordt geoordeeld of door ten minste drie leden met opgave van redenen schriftelijk aan de voorzitter wordt gevraagd.

  • 2.

    Ten aanzien van de wijze van vergaderen zijn de artikelen 17 tot en met 33 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing met dien verstande, dat de voorzitter van de dorpsraad in de plaats treedt van de burgemeester en het dagelijks bestuur in plaats van het college.

  • 3.

    In afwijking van het bepaalde in artikel 32 van de Gemeentewet brengt de dorpsraad, indien de stemmen over een voorstel betreffende een gevraagd dan wel ongevraagd uit te brengen advies ook na herstemming staken, de tot uiting gekomen meningen ter kennis van de raad en het college.

  • 4.

    Al wat verder het houden van de vergaderingen betreft wordt geregeld in het reglement van orde, dat de dorpsraad voor zijn vergaderingen vaststelt en dat aan het college wordt medegedeeld.

Artikel 16

  • 1.

    Het dagelijks bestuur van de dorpsraad stelt een reglement van orde voor zijn vergaderingen vast, dat aan de dorpsraad en het college wordt medegedeeld.

  • 2.

    Op de vergaderingen van het dagelijks bestuur van de dorpsraad is artikel 54 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.

Paragraaf 8 Secretaris

Artikel 17

  • 1.

    De dorpsraad, het dagelijks bestuur van de dorpsraad en de in artikel 14 bedoelde commissies ad hoc worden in de vervulling van hun taken ter zijde gestaan door een secretaris.

  • 2.

    Als secretaris fungeert een daartoe door het college aangewezen, in dienst van de gemeente Amstelveen zijnde, ambtenaar.

  • 3.

    Het college stelt, de dorpsraad gehoord hebbende, een instructie voor de secretaris vast die als bijlage B aan de verordening wordt toegevoegd.

Artikel 18

De voorzitter en de secretaris ondertekenen alle van de dorpsraad en het dagelijks bestuur uitgaande stukken.

Paragraaf 9 Vergoeding

Artikel 19

De leden van het dagelijks bestuur ontvangen voor hun werkzaamheden een vaste jaarlijkse vergoeding overeenkomstig bijlage C.

Paragraaf 10 Taken en bevoegdheden

Artikel 20

  • 1.

    De dorpsraad kan ongevraagd aan de raad, het college of de burgemeester advies uitbrengen over alle aangelegenheden, welke voor Nes aan de Amstel van belang zijn.

  • 2.

    Het college is verplicht in een zo vroeg mogelijk stadium van de besluitvorming het advies van de dorpsraad in te winnen over de in bijlage D bij deze verordening genoemde onderwerpen, voor zover het gaat om wijziging van beleid of toepassing van een discretionaire bevoegdheid.

  • 3.

    De raad kan besluiten dat het college alsnog het advies van de dorpsraad inwint over een voorstel, waaromtrent deze aanvankelijk niet is geraadpleegd.

  • 4.

    Indien het college de dorpsraad om advies vraagt, is hij verplicht de dorpsraad alle inlichtingen te verstrekken die voor een goede beoordeling van de aangelegenheid van belang zijn.

  • 5.

    Het college kan de dorpsraad een termijn stellen, waarbinnen deze zijn advies dient uit te brengen.

Artikel 21

  • 1.

    Indien het college de dorpsraad om advies vraagt over een aangelegenheid, waaromtrent aan de raad een voorstel uitgebracht moet worden, wordt het advies ter kennis gebracht van de raad.

  • 2.

    Indien een advies van de dorpsraad een afwijking van een voorstel van het college of een keuze uit verschillende mogelijkheden inhoudt, motiveert de dorpsraad zijn advies.

  • 3.

    Over adviezen aan de raad en/of het college, welke een ingrijpende verandering in Nes aan de Amstel betreffen, kan de dorpsraad tevoren de inwoners raadplegen door een openbare vergadering te beleggen dan wel op andere wijze de levende gevoelens peilen.

  • 4.

    Bij adviezen als bedoeld in het voorgaande lid voegt de dorpsraad een verslag van de desbetreffende raadpleging van de inwoners.

  • 5.

    Indien het college bij het nemen van een besluit van plan is om af te wijken van het advies van de dorpsraad, wordt vooraf overleg gepleegd met het dagelijks bestuur van de dorpsraad, indien de dorpsraad dit wenst. De redenen om af te wijken worden schriftelijk doorgeven aan de dorpsraad. In het uiteindelijke besluit wordt een afwijking van het advies van de dorpsraad met de redenen voor die afwijking in de motivering vermeld. Dit is alleen van toepassing op de onderwerpen waarover het college verplicht advies moet vragen op grond van bijlage D.

  • 6.

    Indien de raad dit wenselijk acht, dan wel de dorpsraad daarom verzoekt, kan een door de dorpsraad uit zijn midden aan te wijzen lid in de vergadering van de raad het standpunt van de dorpsraad en/of van een minderheid van de dorpsraad ter zake van het uitgebrachte advies toelichten.

  • 7.

    Het in het voorgaande lid bepaalde is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van het college en van de raadscommissie.

Artikel 22

  • 1.

    De dorpsraad maakt bij de uitoefening van zijn taak bij voorkeur gebruik van de diensten van het ambtelijk apparaat. Een daartoe strekkend verzoek wordt ingediend bij de gemeentesecretaris.

  • 2.

    De gemeentesecretaris beoordeelt of het verzoek onmiddellijk aan het betrokken diensthoofd wordt doorgezonden dan wel daartoe eerst door het college een besluit genomen dient te worden.

  • 3.

    De dorpsraad is in bijzondere gevallen bevoegd, alvorens advies uit te brengen, deskundigen buiten het gemeentelijk apparaat te raadplegen, voor zover het college vooraf de daaruit voortvloeiende kosten heeft goedgekeurd.

Artikel 23

  • 1.

    Tot de taken van het dagelijks bestuur behoren:

    • a.

      het voorbereiden van de beraadslagingen en besluiten van de dorpsraad;

    • b.

      het uitvoeren van de besluiten van de dorpsraad;

    • c.

      de zorg voor het beheer van de ten behoeve van de dorpsraad gereserveerde geldmiddelen.

  • 2.

    De leden van het dagelijks bestuur van de dorpsraad zijn tezamen en ieder afzonderlijk voor de vervulling van de taak van het dagelijks bestuur verantwoording schuldig aan de dorpsraad en geven hem ten dien aanzien alle verlangde inlichtingen.

Paragraaf 11 Geldmiddelen

Artikel 24

  • 1.

    De dorpsraad doet jaarlijks voor een nader door het college te bepalen datum schriftelijk en gemotiveerd aan het college opgave van de uitgaven die in het eerstvolgende jaar het gevolg zullen zijn van zijn functioneren.

  • 2.

    Indien het college van oordeel is dat de door de dorpsraad voorgestelde bedragen wijziging behoeven, treedt hij, alvorens zijn definitieve standpunt over de ramingen te bepalen, in overleg met de dorpsraad.

  • 3.

    Het college neemt, indien en voor zover hij met de door de dorpsraad ingediende ramingen akkoord gaat, die bedragen op in het ontwerp van de gemeentebegroting voor het dienstjaar waarop zij betrekking hebben. Het college doet de dorpsraad zo spoedig mogelijk schriftelijk en gemotiveerd mededeling van die ramingen.

Artikel 25

  • 1.

    De dorpsraad neemt bij zijn functioneren de grenzen in acht van de ramingen van de uitgaven, zoals die in de door de raad vastgestelde begroting zijn opgenomen.

  • 2.

    De dorpsraad is bevoegd tussentijds opgave te doen van bedragen als bedoeld in het eerste lid van artikel 24, die naar zijn oordeel alsnog in de gemeentebegroting behoren te worden opgenomen. Met betrekking tot een dergelijke opgave handelt het college overeenkomstig het bepaalde in artikel 24, met dien verstande dat hij zo nodig een wijziging van de gemeentebegroting bevordert.

Artikel 26

  • 1.

    De dorpsraad doet, volgens nader door het college vast te stellen regelen, aan het college opgave van de bedragen, die als gevolg van door de dorpsraad verrichte handelingen dienen te worden voldaan.

  • 2.

    Anderzijds verstrekt het college de dorpsraad alle financiële gegevens, die de dorpsraad voor de uitoefening van zijn taak nodig acht.

  • 3.

    Het college zendt de dorpsraad binnen drie maanden na afloop van elk kalenderjaar een overzicht, waarin de werkelijke bedragen van de in het eerste lid van artikel 24 bedoelde uitgaven zijn opgenomen.

Paragraaf 12 Toezicht

Artikel 27

  • 1.

    De notulen van de vergaderingen van de dorpsraad, het dagelijks bestuur en van de commissies ad hoc als bedoeld in artikel 14 worden aan de raad en aan het college ter kennisname toegezonden.

  • 2.

    De dorpsraad brengt jaarlijks voor een nader door het college te bepalen datum schriftelijk verslag van zijn werkzaamheden in het afgelopen kalenderjaar uit aan de raad.

  • 3.

    Het college en de dorpsraad verplichten zich om 1 x per jaar een formele evaluatie te houden waarin de samenwerking geëvalueerd wordt.

Paragraaf 13 Straf- en slotbepalingen

Artikel 28

  • 1.

    Bij een verkiezing van de leden van de dorpsraad is het verboden:

    • a.

      stembiljetten of volmacht bewijzen na te maken of te vervalsen met het oogmerk deze als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;

    • b.

      stembiljetten of volmacht bewijzen die men zelf heeft nagemaakt of vervalst, of waarvan men de valsheid of de vervalsing kende toen men ze ontving, opzettelijk als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken, dan wel deze in voorraad te hebben met het oogmerk om ze als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;

    • c.

      stembiljetten of volmacht bewijzen voor handen te hebben met het oogmerk deze wederrechtelijk te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;

    • d.

      een lijst als bedoeld in artikel 7 in te leveren, wetende dat zij voorzien is van de handtekeningen van personen die niet bevoegd zijn tot deelneming aan de verkiezing waarvoor de inlevering geschiedt, terwijl zonder die handtekeningen geen voldoend aantal voor een geldige lijst zou overblijven;

  • e.

    een lijst als bedoeld in artikel 7 te ondertekenen, wetende dat men niet bevoegd is tot deelneming aan de verkiezing waarvoor die lijst tot inlevering bestemd is;

  • f.

    te stemmen als gemachtigde voor een persoon, wetende dat deze overleden is;

  • g.

    zich opzettelijk voor een ander uitgevende daaraan deel te nemen.

  • 2.

    Overtreding van het bepaalde in het eerste lid wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste twee maanden of geldboete van de eerste categorie.

Artikel 29

  • 1.

    De raad gaat niet eerder over tot opheffing van de dorpsraad dan nadat deze daarover is geraadpleegd. Artikel 20, vierde en vijfde lid en artikel 21, tweede tot en met zesde lid, zijn van overeenkomstige toepassing.

  • 2.

    De dorpsraad wordt automatisch opgeheven c.q. niet ingesteld indien bij de verkiezingen geen vijf leden worden gekozen.

Artikel 30

  • 1.

    In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet beslist het college.

  • 2.

    Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening Dorpsraad van Nes aan de Amstel.

  • 3.

    Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 21 april 2021.

De griffier,

Debby de Heus

De voorzitter,

Tjapko Poppens

Bijlage A Kaart van Amstel aan de Nes (art. 1)

afbeelding binnen de regeling

Bijlage B Instructie voor de secretaris (art. 17)

Werkzaamheden secretaris van de dorpsraad Nes aan de Amstel

Artikel 1

De secretaris staat de dorpsraad, het dagelijks bestuur en de commissies ad-hoc bij de uitoefening van haar taak terzijde.

Artikel 2

De secretaris woont alle vergaderingen van de dorpsraad, het dagelijks bestuur en de commissies ad-hoc bij.

Artikel 3

  • A.

    De secretaris is belast met de voorbereiding van de vergaderingen van de dorpsraad, het dagelijkse bestuur en de commissie ad-hoc.

  • B.

    Hij groepeert de ingekomen stukken en gaat na wat verder door de dorpsraad, het dagelijks bestuur of de commissies ad-hoc behandeld dient te worden.

  • C.

    Hij onderzoekt zo nodig of er nog stukken voor de vergadering ontvangen moeten worden.

  • D.

    Hij stelt -na overleg met de voorzitter- een agenda op aan de hand van sub B verkregen inzichten.

  • E.

    Hij doet de convocatie van de vergaderingen van het dagelijks bestuur en commissies ad-hoc, voorzien van agenda, minstens 1 week tevoren.

  • F.

    Hij verzorgt de nodige aankondigingen en publicaties.

Artikel 4

  • A.

    De secretaris zorgt, dat de presentielijst bij de aanvang van elke vergadering door de aanwezige leden wordt getekend, dan wel dat de namen van de aanwezigen worden aangetekend.

  • B.

    Hij zorgt, dat de stukken, behorende tot de ter tafel te brengen onderwerpen, in de vergadering van de dorpsraad, het dagelijkse bestuur of de commissies ad-hoc aanwezig zijn.

Artikel 5

De secretaris verstrekt op verzoek van de voorzitter van de vergadering of van de vergadering de nodige inlichtingen en adviezen.

Artikel 6

De secretaris draagt en zorgt voor, dat een deugdelijke verslaglegging van de vergaderingen van de dorpsraad, het dagelijks bestuur en commissies ad-hoc plaatsvindt en de verslagen overeenkomstig het bepaalde in artikel 27 van de Verordening Dorpsraad Nes aan de Amstel, ter kennisname aan de gemeenteraad en aan burgemeester en wethouders worden toegezonden.

Artikel 7

De secretaris bewaakt de voortgang van de werkzaamheden, welke uit de vergadering van de dorpsraad, het dagelijkse bestuur en commissie ad-hoc voortvloeien.

Artikel 8

  • A.

    De secretaris draagt zorg voor de formulering van de werkzaamheden van de dorpsraad, het dagelijkse bestuur en commissies ad-hoc vastgestelde adviezen en zo nodig rapportage aan andere organen.

  • B.

    Hij ondertekent alle van de dorpsraad, het dagelijkse bestuur en commissies ad-hoc uitgaande stukken.

Artikel 9

  • A.

    De secretaris zorgt dat de stukken, behorende bij de werkzaamheden van de dorpsraad, het dagelijkse bestuur en commissies ad-hoc, in goede orde gehouden en behoorlijk bewaard worden.

  • B.

    De secretaris is betrokken bij de voorbereidingen van de dorpsraad verkiezingen.

Bijlage C Vergoedingen (art. 19)

Per 1 januari 2021 krijgen de leden van de dorpsraad een vrijwilligersvergoeding. Deze worden jaarlijks geïndexeerd en bijgesteld conform de vrijwilligersvergoeding uit de Miljoenennota en het Belastingplan.

De voorzitter ontvangt de maximale vrijwilligersvergoeding.

De leden ontvangen 2/3 van de maximale vergoeding

De leden van het dagelijks bestuur ontvangen 5/6 van maximale vergoeding.

Bijlage D Verplichte onderwerpen (art. 20)

Ingevolge het bepaalde in artikel 20, tweede lid, van de Verordening Dorpsraad Nes aan de Amstel is het college verplicht in een zo vroeg mogelijk stadium van de besluitvorming het advies van de dorpsraad in te winnen over de volgende onderwerpen.

  • Wonen, Economie en Mobiliteit

  • Duurzaamheid

  • Voorzieningen

  • Onderwijs

  • Groen, water, bodem

  • Toerisme & recreatie

  • Cultuur, cultuurhistorie en erfgoed

  • Sport, gezondheid en welzijn