Verordening bomen 2021

Geldend van 04-05-2021 t/m heden

Intitulé

Verordening bomen 2021

De raad van de gemeente Eindhoven;

gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 23 februari 2021;

gezien de Nota samenspraak Verordening bomen 2021;

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;

besluit:

I in te trekken de Verordening Tegemoetkoming waardevolle bomen 2013;

II vast te stellen de volgende verordening:

Verordening bomen 2021

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In deze verordening wordt (mede) verstaan onder:

boom:

a. Een houtig opgaand gewas zowel levend als afgestorven met een omtrek van de stam van minimaal 45 centimeter (ca. 15 centimeter in diameter) gemeten op 130 centimeter hoogte boven het maaiveld;

b. In geval van 'meerstammigheid' geldt de stamomtrek van de dikste stam;

groene kaart:

de informatieve kaart met daarop aangegeven de groenstructuur, groenarme gebieden, centrumgebied, bebouwde komgrens Wet natuurbescherming, (Particuliere) percelen groter dan 250 m2;

houtopstand:

een of meer bomen of boomvormers of andere houtachtige gewassen;

Wet Natuurbescherming:

de Nederlandse wet die de bescherming van natuurgebieden, soorten en bos regelt.

kappen: rooien of verplanten; het snoeien van meer dan 20 procent van de kroon of het wortelgestel, met inbegrip van een eerste keer kandelaberen.

Artikel 2 Omgevingsvergunning

  • 1. Voor het kappen van een houtopstand is in de volgende gevallen een omgevingsvergunning vereist:

  • a. bomen vanaf 45 cm. stamomtrek op gemeentegrond of op particuliere percelen groter dan 250 m2;

  • b. een houtopstand die voor de eerste keer wordt teruggesnoeid tot op de hoofdtakken of stam;

  • c. een houtopstand, ongeacht de stamomtrek, die is aangelegd op grond van een herplant-, compensatie en/of instandhoudingsplicht op grond van artikel 6 of een overeenkomst met het college.

  • 2. Voor het voorhanden of in voorraad hebben dan wel het vervoeren van een gekapte houtopstand of delen ervan met een plantenziekte is een omgevingsvergunning vereist, voor zover deze plantenziekte zich kan verspreiden is wel een vergunning nodig.

  • 3. In afwijking van het eerste lid is een vergunning niet nodig voor:

  • a. een houtopstand die wordt gekapt op basis van de Plantenziektewet

  • b. een aanschrijving van het college;

  • c. het uitvoeren van de volgende beheer- en onderhoudshoudsmaatregelen:

  • het periodiek oogsten van hakhout voor regulier onderhoud;

  • het verrichten van snoeiwerkzaamheden aan een houtopstand met achterstallig onderhoud;

  • het dunnen van de houtopstand;

  • het periodiek scheren, knotten, kandelaberen (met uitzondering van de eerste keer kandelaberen) als noodzakelijke beheermaatregel bij vormbomen voor regulier onderhoud;

  • d. een houtopstand beschermd op basis paragraaf 4.1 van de Wet natuurbescherming (Wnb);

  • e. een houtopstand met een levensverwachting kleiner dan 5 jaar aangetoond door middel van een boomonderzoek door een boomdeskundige.

  • 4. De burgemeester kan als een beschermde houtopstand direct gevaar oplevert of bij een vergelijkbaar of ander spoedeisend belang besluiten tot noodkap, zowel van houtopstanden in particulier eigendom als in gemeentelijk eigendom. Dit besluit wordt zo spoedig mogelijk bekend gemaakt aan belanghebbenden. Na de noodkap is alsnog een vergunning vereist, waaraan een compensatieplicht kan worden verbonden.

  • 5. Een beschermde houtopstand als bedoeld in het derde lid is een gemeentelijke of particuliere boom of houtopstand met een stamomtrek van 45 cm of meer, gemeten op een hoogte van 1.30 meter boven maaiveld met een levensverwachting die groter is dan 5 jaar op een perceel groter dan 250 m2.

  • 6. Het college stelt nadere regels voor compensatie vast over het opleggen van compensatie.

Artikel 3 Groene kaart

  • 1. Er is een groene kaart, die hier te vinden is waarop ter formatie het volgende is aangegeven:

  • a. groenstructuur;

  • b. groenarme gebieden;

  • c. centrumgebied;

  • d. gebouwde komgrens Wet natuurbescherming (Wnb);

  • e. (particuliere) percelen groter dan 250 m2.

Artikel 4 Plantenziekte

  • 1. Als zich op een terrein een houtopstand bevindt, die naar het oordeel van het college het gevaar oplevert voor verspreiding van een plantenziekte of voor vermeerdering van de ziekteverspreiders, zoals insecten, is de rechthebbende na een aanschrijving daartoe van het college, verplicht binnen de bij aanschrijving gestelde termijn:

  • a. de houtopstand te kappen;

  • b. conform de aangegeven richtlijnen de gekapte houtopstand direct zodanig te behandelen dat verspreiding van de plantenziekte wordt voorkomen conform de instructie in de aanschrijving.

Artikel 5 Beoordelingsregels

  • 1. Het college kan aan een omgevingsvergunning ten behoeve van kap, vergunningvoorschriften en beperkingen verbinden. Hiertoe kunnen behoren:

  • a. een compensatieplicht inclusief zorgplicht als bedoeld in de nadere regels voor compensatie bij deze verordening;

  • b. een voorschrift, dat pas gekapt mag worden indien andere ontheffingen, vergunningen, toestemmingen of ruimtelijke procedures onherroepelijk geworden zijn en de feitelijke en financiële voortgang van de werken voldoende zijn gewaarborgd;

  • c. een voorschrift in het kader van de Wet natuurbescherming (bebouwde komgrens Wet natuurbescherming).

  • 2. Een vergunning wordt geweigerd als de belangen van verwijdering van de houtopstand niet opwegen tegen de belangen van behoud van de houtopstand op basis van één of meer van de volgende intrinsieke waarden:

  • a. Natuurwaarde;

  • b. Landschappelijke waarde;

  • c. Cultuurhistorische waarde;

  • d. Waarde van stads- en dorpsschoon;

  • e. Waarde voor de leefbaarheid;

  • f. Beeldbepalende waarde;

  • g. Dendrologische waarde.

  • 3. Een vergunning voor het kappen van een monumentale bomen kan worden geweigerd indien een zwaarwegend maatschappelijk belang niet zwaarder weegt dan duurzaam behoud van de monumentale bomen en geen alternatief voorhanden is.

  • 4. Een vergunning voor het kappen van waardevolle bomen kan worden geweigerd indien het maatschappelijk belang niet zwaarder weegt dan het duurzaam behoud van de waardevolle bomen en geen alternatief voorhanden is.

  • 5. Een vergunning voor het kappen of snoeien van houtopstanden voor het plaatsen of de belichting van zonnepanelen, zonnecollectoren en kleine windmolens, die worden toegestaan in de bebouwde omgeving, wordt geweigerd.

Artikel 6 Aanvraag omgevingsvergunning

  • 1. Bij de aanvraag van een vergunning voor het kappen van een houtopstand moeten de volgende gegevens en bescheiden worden verstrekt:

  • a. oude en nieuwe situatietekening (incl. compensatieplan) aangevuld met foto’s;

  • b. redenen en/of argumentatie waarom kappen gewenst of noodzakelijk is en alternatieven voor behoud van de houtopstand niet voorhanden zijn.

  • 2. In geval van compensatie dienen naast de gegevens en bescheiden als genoemd in het eerste lid, ook te worden verstrekt:

  • a. een Boomonderzoek inclusief bepaalde boomwaarde bepaald door een boomdeskundige;

  • b. een Boom Effect Analyse (BEA) opgesteld door een boomdeskundige in geval de gewenste kap het gevolg is van een voorgenomen bouw van een opstal, infrastructureel werk, werkzaamheden kabels en leidingen of vergelijkbare activiteiten;

  • c. een tekening van de bouwplaats inrichting in geval van een infrastructureel werk;

  • d. een overzicht van de overige (aangevraagde) vergunningen onderdelen, ontheffingen of toestemmingen die nodig zijn voor de realisatie van een project;

  • e. compensatieplan inclusief eventueel benodigde groeiplaatsverbetering, inzicht in zowel de fysieke als financiële compensatie van de te kappen houtopstand op basis van de waarde van de houtopstand, waarbij in geval van financiële compensatie is aangetoond, dat fysieke compensatie niet mogelijk is op locatie. Fysieke compensatie aantoonbaar niet haalbaar dan pas financiële compensatie.

  • 2. Bij verwijdering van een monumentale boom of een waardevolle houtopstand moet bij de aanvraag ook worden verstrekt:

  • a. een motivatie waarom er sprake van een zwaarwegend maatschappelijk respectievelijk maatschappelijk belang;

  • b. een onderbouwing van het ontbreken van alternatieven, waarmee het verwijderen van de houtopstand zou kunnen worden voorkomen.

Artikel 7 Intrekken of wijzigen omgevingsvergunning

De verleende vergunning kan worden ingetrokken of gewijzigd als:

  • a. onjuiste of onvolledige gegevens ter verkrijging van de vergunning zijn verstrekt;

  • b. sprake is van verandering van inzichten of omstandigheden na verlening.

Artikel 8 Bescherming van houtsopstanden

  • 1. Het is verboden om houtopstanden in eigendom van de gemeente:

  • a. te beschadigen, te bekladden, te beplakken of te behangen met voorwerpen.

  • b. te snoeien, met uitzondering van door de gemeente opgedragen of toegestane boomverzorgende taken.

  • 2. Het verbod als bedoel in het eerste lid geldt niet voor voorwerpen en sfeer verhogende objecten voor zover deze worden aangebracht op grond van schriftelijke toestemming en bijbehorende voorwaarden van het college.

Artikel 9 Afstand tot de erfgrenslijn

In geval van planten op grond in eigendom van de gemeente is de plantafstand tot de erfgrenslijn voor zowel bomen als heesters vastgesteld op nihil.

Artikel 10 Handhaving

  • 1. Als de houtopstand waarvoor op basis van deze verordening een omgevingsvergunning is vereist zonder vergunning is gekapt, dan wel op andere wijze teniet is gedaan, kan het college aan de zakelijk gerechtigde van de grond waarop de houtopstand zich bevond, dan wel aan degene die uit anderen hoofde voor het treffen van voorzieningen bevoegd is:

  • a. een verplichting tot herplant inclusief zorg- en instandhoudingsplicht opleggen overeenkomstig de door het college te geven aanwijzingen binnen een daarbij te bepalen termijn. Bij de verplichting geldt de waarde van de houtopstand conform artikel 6, tweede lid als uitgangspunt;

  • b. in aanvulling op of ter vervanging van de verplichting tot herplant als genoemd onder a, een financiële bijdrage bepalen aan het Bomencompensatiefonds van de gemeente Eindhoven. De hoogte van het compensatiebedrag is gelijk aan de waarde van de houtopstand conform deze verordening vermenigvuldigd met de compensatiefactor conform de nadere regels voor compensatie;

  • c. een verplichting onder dwangsom opleggen tot herplanten overeenkomstig zijn aanwijzingen en te stellen termijn

  • 2. Als een houtopstand waarop het verbod tot kappen van toepassing is in het voortbestaan ernstig wordt bedreigd kan het college aan de zakelijk gerechtigde van de grond waarop de houtopstand zich bevindt, dan wel aan degene die uit anderen hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen om, overeenkomstig door het college te geven aanwijzingen en binnen een door het college te stellen termijn, voorzieningen te treffen waardoor die dreiging wordt weggenomen.

Artikel 11 Strafbaarheid

Overtreding van het bij of krachtens deze verordening bepaalde en gegeven voorschriften en beperkingen kan worden gestraft met een hechtenis van ten hoogste twee maanden of een geldboete van de tweede categorie.

Artikel 12 Toezichthouders

Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de bij besluit van het college dan wel door de burgemeester aan te wijzen personen.

Artikel 13 Overgangs- en slotbepalingen

  • 1. Deze verordening treedt een dag na bekendmaking in werking.

  • 2. Indien vóór het tijdstip van inwerkingtreding een aanvraag om een vergunning ingevolge de Verordening bomen 2015 is ingediend en vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening nog niet op die aanvraag is beslist, wordt daarop beslist met inachtneming van het bepaalde in deze verordening.

  • 3. Een vergunning verleend op grond van de Verordening bomen 2015 geldt als een vergunning verleend op grond van deze verordening.

  • 4. De Verordening bomen 2015 wordt ingetrokken op de dag van inwerkingtreding van de Verordening bomen 2021.

  • 5. Deze verordening wordt aangeduid als ‘Verordening bomen 2021'.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 6 april 2021

Ondertekening

Eindhoven, .

De raad van Eindhoven,

griffier

Mij bekend,

De gemeentesecretaris van Eindhoven

mitVV VV4F3CD6E5B42A9940ADD26F0CC244503F \* MERGEFORMAT