Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Cuijk houdende regels omtrent de subsidie voor het muziekonderwijs (Beleidsregel subsidiëring muziekonderwijs gemeente Cuijk 2021)

Geldend van 01-05-2021 t/m heden

Intitulé

Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Cuijk houdende regels omtrent de subsidie voor het muziekonderwijs (Beleidsregel subsidiëring muziekonderwijs gemeente Cuijk 2021)

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Cuijk;

overwegende dat:

de gemeente door middel van het verstrekken van subsidies:

  • -

    de financiële drempels voor deelname aan muziekonderwijs door jongeren wil bevorderen;

  • -

    het ledenaantal van harmonieën en fanfares in de gemeente wil bevorderen;

gelet op:

titel 4:2 en 4:3 van de Algemene wet bestuursrecht;

de door de gemeenteraad van Cuijk op 21 september 2020 vastgestelde uitgangspunten zoals vastgelegd in de “Notitie uitgangspunten regeling subsidiering muziekonderwijs”;

artikel 2 lid 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Cuijk 2010;

besluit vast te stellen de:

BELEIDSREGEL SUBSIDIËRING MUZIEKONDERWIJS GEMEENTE CUIJK 2021

Artikel 1 Begripsbepalingen

  • 1. De in artikel 1 van de Algemene subsidieverordening gemeente Cuijk 2010 vastgestelde begripsomschrijvingen worden geacht onderdeel uit te maken van deze beleidsregel.

  • 2. In deze beleidsregel wordt verder verstaan onder:

    • a.

      Aanbieder muziekonderwijs: de natuurlijke persoon of rechtspersoon, niet zijnde De Nootendop, die het muziekonderwijs aanbiedt;

    • b.

      ASV: de Algemene subsidieverordening gemeente Cuijk 2010;

    • c.

      Cursusjaar: de periode van 1 augustus tot en met 31 juli;

    • d.

      De Nootendop: Stichting De Nootendop;

    • e.

      Erkende muziekdocent: een natuurlijke persoon die door de gemeente erkend is als docent voor het geven van vocaal onderwijs of voor het instrument waarin hij doceert;

    • f.

      Hafa-instrument: een muziekinstrument vallende onder de volgende instrumentgroepen:

      • Koper (trompet, cornet, bugel, hoorn, althoorn, bariton, trombone, en bastuba);

      • Hout (klarinet, fluit, saxofoon, hobo, fagot);

      • Slagwerk (gestemd en ongestemd);

    • g.

      Muziekleerlingen: leerlingen die muziekonderwijs volgen bij een aanbieder muziekonderwijs die op 1 september van het lopende cursusjaar zes jaar of ouder zijn doch niet ouder dan 17 jaar en volgens de gemeentelijke basisadministratie ingeschreven zijn in Beers, Cuijk, Haps, Katwijk, Linden, Sint Agatha of Vianen;

    • h.

      Muziekonderwijs: onderwijs gericht op het bespelen van een muziekinstrument, niet zijnde een hafa-instrument (met uitzondering van een drumset), of gericht op vocaal onderwijs, of gericht op algemene muzikale vorming;

    • i.

      Hafa-muziekonderwijs: onderwijs gericht op het bespelen van een hafa-instrument;

    • j.

      Tijdvak 1: de periode van 1 augustus tot en met 31 januari;

    • k.

      Tijdvak 2: de periode 1 februari tot en met 31 juli.

Artikel 2 Subsidie

  • 1. Op basis van deze beleidsregel kunnen muziekleerlingen in aanmerking komen voor subsidie voor het volgen van muziekonderwijs dat verzorgd wordt door erkende muziekdocenten.

  • 2. Per muziekleerling kan per tijdvak subsidie worden aangevraagd voor het volgen van muziekonderwijs bij één aanbieder muziekonderwijs voor ten hoogste één instrument of voor het volgen van vocaal muziekonderwijs.

  • 3. Het aanvragen van deze subsidie verloopt via de aanbieder muziekonderwijs.

  • 4. Op basis van deze beleidsregel kan De Nootendop subsidie aanvragen voor het verzorgen van hafa-muziekonderwijs door erkende muziekdocenten voor het hele cursusjaar.

Artikel 3 Indienen aanvraag

  • 1. De aanvraag voor subsidie muziekonderwijs voor tijdvak 1 dient in afwijking van het gestelde in artikel 7, lid 1 van de ASV, ingediend te worden vóór 1 oktober van het lopende cursusjaar.

  • 2. De aanvraag voor subsidie muziekonderwijs voor tijdvak 2 dient in afwijking van het gestelde in artikel 7, lid 1 van de ASV, ingediend te worden vóór 1 maart van het lopende cursusjaar.

  • 3. De aanvraag voor subsidie hafa-muziekonderwijs dient ingediend te worden voor 1 juli van het betreffende cursusjaar .

  • 4. Als de aanvraag niet tijdig wordt ingediend wordt de aanvraag niet ontvankelijk verklaard.

  • 5. De subsidieaanvraag dient te worden ingediend op een door het college beschikbaar gesteld aanvraagformulier. Dit formulier met (verplichte) bijlagen kan jaarlijks vanaf 1 mei worden gedownload via de gemeentelijke website.

Artikel 4 Beslissing op subsidieaanvraag

  • 1. Het college beslist in afwijking van de ASV:

    • a.

      Vóór 12 november van het lopende cursusjaar over de subsidieaanvragen voor tijdvak 1;

    • b.

      Vóór 12 april van het lopende cursusjaar over de subsidieaanvragen voor tijdvak 2;

    • c.

      Voor 12 augustus van het lopende cursusjaar over de subsidieaanvraag van De Nootendop.

  • 2. De subsidie wordt verstrekt aan de aanbieder muziekonderwijs respectievelijk De Nootendop.

Artikel 5 Subsidievoorwaarden

  • 1. Het muziekonderwijs dient fysiek verzorgd te worden in Beers, Cuijk, Haps, Linden, Katwijk, Sint Agatha of Vianen.

  • 2. De aanbieder muziekonderwijs dient ingeschreven te staan bij de kamer van koophandel en over een btw-nummer te beschikken.

  • 3. De aanbieder muziekonderwijs is verplicht het per muziekleerling ontvangen subsidiebedrag in mindering te brengen op het lesgeld van de betreffende muziekleerling.

  • 4. Het (hafa-) muziekonderwijs dient verzorgd te worden door erkende muziekdocenten.

  • 5. De minimale lesduur van het (hafa-) muziekonderwijs bedraagt 30 minuten.

  • 6. De maximale groepsgrootte bij groepslessen bedraagt 4 personen.

  • 7. In afwijking van het voorgaande lid bedraagt de maximale groepsgrootte bij algemene muzikale vorming 8 personen.

  • 8. Bij het hafa-muziekonderwijs dient gewerkt te worden conform de landelijke normen, exameneisen en kwaliteitscriteria zoals vastgelegd in het “Raamleerplan blaasinstrumenten” van het Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst (LKCA).

Artikel 6 Erkenning als muziekdocent

  • 1. Een natuurlijke persoon kan de gemeente verzoeken hem/haar te erkennen als muziekdocent.

  • 2. Een persoon wordt door de gemeente als muziekdocent erkend indien:

    • a.

      Hij/zij beschikt over een conservatoriumdiploma voor het instrument waarin hij les geeft of voor het geven van vocaal onderwijs of hij/zij kan aantonen het muziekonderwijs op een adequaat niveau te kunnen verzorgen, en

    • b.

      Hij/zij een verklaring omtrent gedrag overlegt van maximaal 3 maanden oud.

  • 3. Van het op een adequaat niveau kunnen verzorgen als bedoeld in het tweede lid is sprake indien de aanvrager:

    • a.

      Beschikt over voldoende muzikaal-vaktechnische vaardigheden, hetgeen blijkt uit het bezit van de landelijk erkende diploma’s A t/m D voor vocaal onderwijs of het eigen instrument waarvoor les wordt gegeven, en

    • b.

      Beschikt over minimaal 3 jaar aantoonbare leservaring, bij voorkeur aan kinderen, en

    • c.

      Aantoonbaar minimaal 10 leerlingen heeft opgeleid tot landelijke diploma’s in gemiddeld 2 jaar.

Artikel 7 Maximaal toe te kennen subsidiebedragen en subsidieplafond

  • 1. Het subsidiebedrag per muziekleerling bedraagt 50% van het lesgeld, met een maximaal subsidiebedrag van € 100,-- per tijdvak.

  • 2. Er wordt een subsidieplafond gehanteerd voor subsidiëring muziekonderwijs. Dit subsidieplafond bedraagt € 14.415,- per tijdvak.

  • 3. Indien het getotaliseerde bedrag van door aanbieders muziekonderwijs aangevraagde subsidie muziekonderwijs het subsidieplafond overschrijdt wordt het subsidiebedrag per muziekleerling naar rato verlaagd tot het niveau waarop het subsidieplafond niet wordt overschreden.

  • 4. Het subsidiebedrag voor De Nootendop bedraagt € 28.830,- per cursusjaar.

Artikel 8 Weigeringsgronden

  • 1. De subsidie wordt geheel of gedeeltelijk geweigerd indien niet voldaan wordt aan de subsidievoorwaarden als bedoeld in artikel 5.

  • 2. De aanvraag voor een subsidie voor muziekonderwijs wordt voor een muziekleerling geweigerd indien voor deze leerling door ouders een bijdrage voor muziekonderwijs wordt ontvangen in het kader van bijzondere bijstand of een andere bron zoals Stichting Leergeld.

  • 3. De aanvraag voor een subsidie voor muziekonderwijs wordt voor een muziekleerling geweigerd indien het muziekonderwijs gevolgd wordt in het kader van een beroepsopleiding.

Artikel 9 Controle

  • 1. Er wordt steekproefsgewijs controle uitgevoerd op de door aanvrager ingediende aanvraag en de naleving van de voorwaarden.

  • 2. In geval van oneigenlijk gebruik of niet naleving van de voorwaarden kan aanvrager worden uitgesloten van verdere subsidiëring. De gemeente behoudt zich het recht voor om het verleende subsidiebedrag terug te vorderen.

Artikel 10 Overige bepalingen

  • 1. De subsidie verstrekt op grond van deze beleidsregel wordt aangemerkt als een budgetsubsidie.

  • 2. In afwijking van artikel 6 van de ASV wordt er met de aanbieders en De Nootendop geen prestatieovereenkomsten afgesloten.

Artikel 11 Hardheidsclausule

  • 1. Het college kan in individuele gevallen ontheffing verlenen van één of meerdere verplichtingen van deze beleidsregel.

  • 2. Indien naar het oordeel van het college in bijzondere gevallen de toepassing van een artikel in deze beleidsregel leidt tot een onbillijke situatie, dan is het college bevoegd hiervan af te wijken.

  • 3. In de gevallen waarin deze beleidsregel niet voorziet beslist het college.

Artikel 12 Citeertitel

  • 1. Deze beleidsregel kan worden aangehaald als “Beleidsregel subsidiëring muziekonderwijs gemeente Cuijk 2021”.

Artikel 13 Inwerkingtreding

  • 1. Deze beleidsregel treedt met ingang van 1 mei 2021 in werking.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van Cuijk d.d. 30 maart 2021.

De secretaris,

drs. R.H.M.A. Rongen

de burgemeester,

mr. W.A.G. Hillenaar: