Besluit van het Dagelijks bestuur van het Waterschap Aa en Maas van 9 februari 2021, kenmerk 57693, houdende nadere regels op grond van de Algemene subsidieverordening waterschap Aa en Maas

Geldend van 13-02-2021 t/m 31-12-2023

Intitulé

Besluit van het Dagelijks bestuur van het Waterschap Aa en Maas van 9 februari 2021, kenmerk 57693, houdende nadere regels op grond van de Algemene subsidieverordening waterschap Aa en Maas

Het Dagelijks bestuur van Waterschap Aa en Maas;

Gelet op artikel 3 (‘nadere regels’) van de Algemene subsidieverordening waterschap Aa en Maas;

Overwegende dat de behoefte aan recreatie op, aan en in het water de komende jaren naar verwachting zal groeien;

Overwegende dat het Waterschap Aa en Maas waar mogelijk recreatie op of aan het water en initiatieven op het gebied van educatie en burgerparticipatie, die gericht zijn op het realiseren van de ambities en opgaven zoals beschreven in het Waterbeheerplan, wil mede faciliteren;

Overwegende dat er onder burgers toenemende aandacht is voor water, landschap en cultuurhistorie;

Overwegende dat het voorgaande ook is erkend in onder meer het Waterbeheerplan en de Nota Recreatief medegebruik;

Besluit de volgende subsidieregeling vast te stellen.

Hoofdstuk 1: ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    DB: Dagelijks bestuur van het Waterschap Aa en Maas;

  • b.

    ASV: Algemene subsidieverordening van het Waterschap Aa en Maas;

  • c.

    Waterbeheerplan: het Waterbeheerplan 2016-2021 van het Waterschap Aa en Maas of de opvolger daarvan, dat beschikbaar is via www.aaenmaas.nl;

  • d.

    Activiteit: activiteit op het gebied van recreatie, educatie en burgerparticipatie die een bijdrage levert aan het realiseren van ambities en opgaven zoals beschreven in het waterbeheerplan

  • e.

    Waterschap: het Waterschap Aa en Maas;

  • f.

    Watersysteem: één of meer oppervlaktewateren die samen met de waterkeringen, werken en het grondwater één geheel vormen.

Artikel 2 subsidieplafond

Voor het tijdvak vanaf de datum van inwerkingtreding van deze nadere regels tot en met 31 december 2023, voor activiteiten vallend onder de reikwijdte van deze nadere regels, het subsidieplafond vast te stellen op € 250.000 per jaar.

Artikel 3 Subsidiehoogte

  • 1. De subsidie bedraagt maximaal € 37.500.-- per subsidieontvanger.

  • 2. Indien tevens subsidie wordt ontvangen van andere overheden, bedraagt de subsidie vanuit deze regeling ten hoogste 50% van het te subsidiëren bedrag, met een maximum van het in het eerste lid genoemde bedrag.

  • 3. Het DB kan bij de toekenning van subsidie gemotiveerd afwijken van het in artikel 3, onder lid 1 genoemde maximum subsidiebedrag.

Artikel 4 Subsidiabele kosten

  • 1. Alle projectkosten komen voor subsidie in aanmerking.

  • 2. Indien sprake is van een uurtarief zal nooit een hoger tarief dan € 100 per uur worden vergoed.

  • 3. In afwijking van het eerste lid komen de volgende kosten in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking:

    • a.

      kosten voor vrijwilligers;

    • b.

      structurele loonkosten van de aanvrager.

Artikel 5 subsidieverlening

  • 1. Vindt plaats aan natuurlijke personen, rechtspersonen of samenwerkingsverband (combinatie van rechtspersoon en of natuurlijke personen) die activiteiten, als bedoeld in artikel 7, ontplooien.

  • 2. Subsidie kan niet worden verstrekt aan rechtspersonen, waarvan het doel of de werkzaamheid in strijd is met de fundamentele rechtsbeginselen;

Artikel 6 Aanvraag

  • a. Aanvragen kunnen het gehele kalenderjaar worden ingediend.

  • b. Een aanvraag wordt gedaan middels het daarvoor bestemde aanvraagformulier.

  • c. Indien voor dezelfde activiteit eveneens bij een of meerdere bestuursorganen een subsidie is aangevraagd deelt de aanvrager dit mee in zijn aanvraag of in ieder geval zo spoedig mogelijk nadat hij de aanvraag bij het andere bestuursorgaan heeft ingediend

Artikel 7 Subsidievereisten

  • 1. Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten, als bedoeld in artikel 1, binnen het beheergebied van het waterschap of daarmee samenhang hebben, die gericht zijn op het realiseren van de ambities en opgaven zoals beschreven in het Waterbeheerplan.

  • 2. Voorzieningen voor recreatief medegebruik zijn in overeenstemming met de beleidsregels voor recreatief medegebruik*. 

  • 3. Het project is gericht op verbinding van waterdoelen en (integrale) maatschappelijke doelen

  • 4. Gerealiseerde voorzieningen zijn openbaar toegankelijk.

  • 5. Hieruit voortvloeiend levert de activiteit een bijdrage aan één of meerdere van de volgende ambities:

    • a.

      Het realiseren van (hoogwaardige) voorzieningen die een meer verantwoord recreatief medegebruik tot doel hebben (bijv.: vissteiger, kano instapplaats, laarzenpad met klaphekjes)* ten behoeve van recreatie op of aan het water.

    • b.

      Het verder ontwikkelen van watergebonden archeologische, cultuurhistorische of landschappelijke waarden;

    • c.

      Het genereren van aandacht en bewustzijn bij recreanten en bewoners voor watergebonden landschappelijke, archeologische en/of cultuurhistorische waarden;

    • d.

      Voorzieningen ter bevordering van de waterbeleving (Bijv.: picknickplek, naambordjes bij waterlopen, bankjes etc.);

    • e.

      Voorzieningen die recreant kennis laten maken met de waterschapstaken en de projecten die waterschap Aa en Maas uitvoert. (bijv.: plaatsen informatieborden).

  • 6. Om voor een subsidie in aanmerking te komen moet de activiteit voorts aan de volgende criteria voldoen.

    • a.

      De activiteit is haalbaar, dat wil zeggen technisch uitvoerbaar, en betaalbaar. Indien van toepassing dient de totale financiering van de activiteit gegarandeerd te zijn.

    • b.

      De activiteit doet geen afbreuk aan het nautisch- en / of beheer van waterstaatswerken.

    • c.

      De activiteit doet geen afbreuk aan het watersysteem (waterveiligheid, waterkwantiteit, waterkwaliteit, klimaatrobuustheid en/of ecologie).

    • d.

      De activiteit beschikt over een deugdelijke financiële onderbouwing.

    • e.

      Afhankelijk van de aard van de activiteit kan het waterschap verlangen dat er is voorzien in een plan dat inzichtelijk maakt hoe het onderhoud en/of beheer wordt vormgegeven, inclusief de partij die het onderhoud uit gaat voeren.

  • 7. De activiteit voldoet verder aan de volgende criteria.

    • a.

      De activiteit / voorzieningen voegt, op een informele manier, een educatief water-, en klimaatthema toe aan openbare evenementen & activiteiten zodat inwoners geïnformeerd worden, de betrokkenheid wordt vergroot en gedragsverandering wordt stimuleert.

    • b.

      Draagt bij een toekomstbestendige inrichting en beheer van oppervlaktewateren.

    • c.

      De activiteit draagt bij aan het vergroten van het waterbewustzijn, belevingswaarde van wateren en de zichtbaarheid / naamsbekendheid van het waterschap.

    • d.

      De activiteit heeft een toegevoegde waarde voor het watersysteem en / of draagt bij aan waterdoelen en (integrale) maatschappelijke (water)doelen.

    • e.

      De activiteit vertoont samenhang met andere activiteiten in de omgeving van onze wateren/keringen.

Artikel 8 Weigeringsgronden

In aanvulling op de weigeringsgronden die zijn weergegeven in artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 7 ASV , kan subsidie worden geweigerd indien:

  • a.

    Voor een activiteit van gelijke aard met een vergelijkbare doelstelling in het voorgaande of lopende kalenderjaar al een bijdrage is ontvangen.

  • b.

    Er geen voor realisatie van de activiteit noodzakelijke medewerking verkregen kan worden van een andere overheid.

  • c.

    Subsidieaanvrager voor de activiteit reeds subsidie ten laste van het Waterschap heeft ontvangen.

  • d.

    Activiteit voortvloeit uit een bestaande wettelijke verplichting.

  • e.

    De aanvraag is gedaan door Rijk of provincie.

  • f.

    Voor de activiteit al eerder subsidie uit deze regeling is ontvangen.

  • g.

    De aanvrager in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van deze gegevens tot een onjuiste beschikking op de aanvraag zou hebben geleid.

  • h.

    De aanvrager failliet is verklaard of aan hem surséance van betaling is verleend of ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, dan wel een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend.

  • i.

    Reeds subsidie is ontvangen of aangevraagd op grond van de provinciale subsidieregelingen ‘Buurtnatuur en buurtwater of ‘Schoolpleinen van de toekomst’ en buurtcultuurfonds, te vinden op: www.brabant.nl .

Hoofdstuk 2 Slotbepalingen

Artikel 9 Werkingsduur

Deze nadere regels treden in werking met ingang van de dag volgend op haar bekendmaking en vervalt met ingang van 1 januari 2024

Artikel 10 Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Subsidieregeling recreatief medegebruik, educatie en burger participatie waterschap Aa en Maas 2021-2023

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de vergadering van het Dagelijks bestuur van het Waterschap Aa en Maas van 9 februari 2021.

de secretaris,

drs. P. Sennema

de dijkgraaf,

drs. L.H.J. Verheijen


Noot
*

De beleidsregels zijn opgenomen in hoofdstuk 4 van de beleidsnota “recreatief medegebruik en scheepvaartverkeer, 2011 en te vinden op www.aaenmaas.nl