Verordening op de heffing en invordering van leges 2021

Geldend van 01-01-2021 t/m heden

Intitulé

Verordening op de heffing en invordering van leges 2021

De raad van de gemeente Brielle;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 17 november 2020;

gelet op: artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet en artikel 1 van de Wet van 13 oktober 2011, houdende regeling van een grondslag voor de heffing van rechten voor Nederlandse identiteitskaart (Stb. 2011, 440);

b e s l u i t :

vast te stellen de navolgende:

Verordening op de heffing en invordering van leges 2021.

Artikel 1. Definities.

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • dag: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

  • jaar: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1) e dag in het volgende kalenderjaar;

  • kalenderjaar: de periode van 1 januari tot en met 31 december;

  • maand: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1) e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n-1) e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is;

  • week: een aaneengesloten periode van zeven dagen.

Artikel 2. Belastbaar feit.

  • 1.

    Onder de naam "leges" worden rechten geheven voor:

    • a.

      het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

    • b.

      het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Paspoortwet;

      een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

  • 2.

    Hetgeen in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel is bepaald over een Nederlandse identiteitskaart voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is van overeenkomstige toepassing op een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon.

Artikel 3. Belastingplicht.

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst of van de Nederlandse identiteitskaart, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

Artikel 4. Vrijstellingen.

Leges worden niet geheven voor:

  • a.

    stukken, welke ter voldoening van wettelijke voorschriften, kosteloos moeten worden afgegeven;

  • b.

    beschikkingen op bezwaar- en verzoekschriften ter zake van een gemeentelijke belasting of retributie;

  • c.

    hulp bij het raadplegen van de onder het gemeentebestuur berustende kadastrale stukken voor rijksambtenaren en provinciale ambtenaren, in de uitoefening van hun functie;

  • d.

    inlichtingen, welke anders dan ten behoeve of in het belang van bepaalde personen, op verzoek worden verstrekt aan gezantschappen en consulaten van vreemde mogendheden;

  • e.

    stukken vereist voor vrijwillige militaire dienstneming;

  • f.

    stukken vereist voor uitbetaling van pensioenen, lijfrenten, wachtgelden, lonen of bezoldigingen;

  • g.

    stukken, houdende aanstelling, benoeming, bevordering, ontslag, toekenning van bezoldiging, vergoeding of toelage, dan wel verhoging hiervan, betrekking hebbende op enige gemeentelijke functie of dienstverrichting jegens de gemeente;

  • h.

    stukken, houdende beslissingen op een verzoek om subsidie uit de gemeentekas;

  • i.

    fotokopieën van processtukken ten behoeve van appellant/reclamant bij bezwaar- en beroepsprocedures.

  • j.

    diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald;

  • k.

    diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening of gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning of wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning, voor zover die aanvraag betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;

  • l.

    het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlening van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel i, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover het een activiteit betreft bedoeld in artikel 2.2a van het Besluit omgevingsrecht (omgevingsvergunning beperkte milieutoets);

Artikel 5. Vermindering/ontheffing.

Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling.

Artikel 6. Tarieven.

  • 1.

    De leges worden geheven naar de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2.

    Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid, van de Crisis- en herstelwet.

  • 3.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 7. Wijze van heffing.

De leges worden geheven bij wege van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekend gemaakt.

Artikel 8. Termijnen van betaling.

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 7:

    • a.

      mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 30 dagen na dagtekening van de kennisgeving.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste en tweede lid gestelde termijnen.

Artikel 9. Overdracht van bevoegdheden.

Het college van burgemeesters en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening,

indien de wijzigingen:

  • a.

    van zuiver redactionele aard zijn:

  • b.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft:

    • 1.

      hoofdstuk 6 (wet op de kansspelen);

    • 2.

      hoofdstuk 10 (rijbewijzen);

    • 3.

      hoofdstuk 13 (burgerlijke stand, bevolking);

    • 4.

      hoofdstuk 14 (gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens);

    • 5.

      hoofdstuk 15 (reisdocumenten);

    • 6.

      hoofdstuk 16 a. (verklaring omtrent gedrag);

een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijzigingen

van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.

Artikel 10. Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    De ‘Verordening op de heffing en invordering van leges 2020’ wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 3.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2021.

  • 4.

    Deze verordening wordt aangehaald als ‘Legesverordening 2021'.

Ondertekening

Aldus besloten door de gemeenteraad van Brielle

in de openbare vergadering van 16 december 2020

de griffier, B.J. Nootenboom

de voorzitter, G.G.J. Rensen

Tabel van tarieven, behorende bij de Legesverordening 2021 van de gemeente Brielle, vastgesteld bij raadsbesluit van 16 december 2020.

Inhoud:

Titel 1 Algemene dienstverlening

Hoofdstuk 1

Hoofdstuk 2

Hoofdstuk 3

Hoofdstuk 4

Hoofdstuk 5

Hoofdstuk 6

Hoofdstuk 7

Hoofdstuk 8

Hoofdstuk 9

Hoofdstuk 10

Hoofdstuk 11

Hoofdstuk 12

Hoofdstuk 13

Hoofdstuk 14

Hoofdstuk 15

Hoofdstuk 16

Hoofdstuk 17

Hoofdstuk 18

Hoofdstuk 19

Hoofdstuk 20

Algemeen

Kaarten, tekeningen

Verordeningen

Legalisatie/waarmerking

Ontheffing Sluitingsuur

Wet op de Kansspelen

Ontheffing op grond van de Winkeltijdenwet

Huisvestingsverordening

Verkeer en vervoer

Rijbewijzen

Europees medisch paspoort

Algemene vergunningen, diverse beschikkingen, ontheffingen

Burgerlijke Stand, Bevolking

Gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens

Reisdocumenten

Verklaringen omtrent personen

Verzoeken tot naturalisatie

Begroting, jaarrekening

Kabels en leidingen

Milieupassen

Titel 2 Activiteiten onder de Omgevingsvergunning.

Hoofdstuk 1

Hoofdstuk 2

Hoofdstuk 3

Hoofdstuk 4

Hoofdstuk 5

Hoofdstuk 6

Hoofdstuk 7

Hoofdstuk 8

Begripsomschrijvingen

Beoordeling conceptaanvraag

Omgevingsvergunning

Teruggaaf

Wijziging omgevingsvergunning

Voorbereiden en in procedure brengen van een bestemminsplan

Publicatiekosten

In deze titel niet benoemde beschikking

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

Hoofdstuk 1

Hoofdstuk 2

Hoofdstuk 3

Hoofdstuk 4

Hoofdstuk 5

Hoofdstuk 6

Drank- en Horecawet

Exploitatie seksinrichtingen

Exploitatie horecabedrijf

Huisvestingswet

Vergunningen voor evenementen

Vergunningen voor standplaatsen

Titel 1

Algemene dienstverlening

Tarief

2021

Tarief

2020

Hoofdstuk 1

Algemeen

1.1.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van: Fotokopieën van stukken, minuten, afschriften van of uittreksels uit stukken, geschreven, gedrukt of gekopieerd, voor zover zij in andere artikelen van deze tabel of in andere verordeningen, dan wel in andere rechtsregels niet afzonderlijk zijn genoemd, per kopie:

  • a.

    Enkelzijdig (zwart-wit):

  • -formaat A-4:

  • -formaat A-3:

€ 0,05

€ 0,06

€ 0,05

€ 0,06

  • b.

    Enkelzijdig (kleur):

  • -formaat A-4:

  • -formaat A-3:

€ 0,13

€ 0,14

€ 0,13

€ 0,14

  • c.

    Dubbelzijdig(zwart-wit):

  • -formaat A-4:

  • -formaat A-3:

€ 0,10

€ 0,11

€ 0,10

€ 0,11

  • d.

    Dubbelzijdig(kleur):

  • -formaat A-4:

  • -formaat A-3:

€ 0,28

€ 0,28

€ 0,28

€ 0,28

Hoofdstuk 2

Kaarten, tekeningen

1.2.1

a. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van kopieën van kaarten en tekening:

-formaat A-2:

-formaat A-1:

-formaat A-0:

€ 6,45

€ 9,15

€ 13,00

€ 6,35

€ 9,00

€ 12,80

b. Het tarief bedraagt ter zake van het doen van nasporingen in de archieven en verzamelingen berustende bescheiden door medewerkers, mits de hieraan bestede tijd meer dan 10 minuten bedraagt, voor ieder daaraan besteed halfuur:

€ 12,50

€ 12,30

Hoofdstuk 3

Verordeningen

1.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een afschrift van de verordening, per pagina:

€ 0,05

€ 0,05

Hoofdstuk 4

Legalisatie/waarmerking

1.4.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot:

a. Het legaliseren van een handtekening dan wel het waarmerken van afschriften van stukken:

€ 12,50

€ 12,20

b. Het verklaren, dat een portret op een stuk het portret is van degene, te wiens naam dat stuk gesteld is of in dat stuk wordt bedoeld:

€ 12,50

€ 12,20

Hoofdstuk 5

Ontheffing Sluitingsuur

1.5.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning van de in artikel 2:29 en 3:6 van de Algemene Plaatselijke Verordening Brielle opgenomen sluitingstijden:

a. indien de ontheffing geldt voor één keer:

1. voor het eerste uur of een gedeelte daarvan, per dag:

€ 46,65

€ 45,90

2. voor ieder volgend uur of een gedeelte daarvan, per dag:

€ 3,55

€ 3,50

b. indien de ontheffing een geldigheidsduur heeft van een kalenderjaar of een gedeelte daarvan, gelden de tarieven als genoemd in lid a tot een maximum per ontheffing van:

€ 217,25

€ 213,65

Hoofdstuk 6

Wet op de Kansspelen

1.6.1

Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de Kansspelen:

  • a.

    voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat:

€ 57,45

€ 56,50

  • b.

    voor een periode van twaalf maanden voor twee kansspelautomaten:

€ 80,30

€ 79,00

  • c.

    lid a en b zijn vanovereenkomstige toepassing indien de vergunning geldt voor een tijdvak korter dan 12 maanden, met dien verstande dat de in lid a en b bedoelde maximumbedragen naar evenredigheid van het verschil in looptijd van de vergunning verlaagd worden.

  • d.

    Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning):

€ 15,55

€ 15,30

Hoofdstuk 7

Ontheffing op grond van de Winkeltijdenwet

1.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet of het Vrijstellingsbesluit Winkeltijdenwet:

€ 51,85

€ 51,00

Hoofdstuk 8

Huisvestingsverordening

1.8.1

Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag:

  • a.

    tot het inschrijven in een register van woningzoekenden als bedoeld in artikel 14 van de Huisvestingswet:

€ 33,80

€ 33,25

  • b.

    tot het verkrijgen van een vergunning tot gehele of gedeeltelijke onttrekking van woonruimte aan de bestemming tot bewoning als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel a, van de Huisvestingswet:

voor oppervlakten van 1 tot en met 50 m2

voor oppervlakten van 51 tot en met 100 m2

voor oppervlakten van 101 tot en met 250 m2

voor oppervlakten van groter dan 250 m2

Bedragen optellen bij grotere oppervlakten.

€ 59,25

€ 59,25

€ 59,25

€ 29,25

€ 58,30

€ 58,30

€ 58,30

€ 58,30

  • c.

    tot het verkrijgen van een tijdelijke vergunning tot het gehele of gedeeltelijke onttrekking van woonruimte aan tijdelijke arbeidsmigranten tot bewoning als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onder a, van de Huisvestingswet:

€ 167,95

€ 165,15

  • d.

    tot het verlengen van een tijdelijke onttrekkingsvergunning voor arbeidsmigranten via de Huisvestingsweg:

€ 27,85

€ 27,40

  • e.

    tot het verkrijgen van een vergunning tot samenvoeging van woonruimte met andere woonruimte als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel b, van de Huisvestingswet:

voor oppervlakten van 1 tot en met 50 m2

voor oppervlakten van 51 tot en met 100 m2

voor oppervlakten van 101 tot en met 250 m2

voor oppervlakten van groter dan 250 m2

Bedragen optellen bij grotere oppervlakten.

€ 59,25

€ 59,25

€ 59,25

€ 59,25

€ 58,30

€ 58,30

€ 58,30

€ 58,30

  • f.

    tot het verkrijgen van een vergunning tot omzetting van zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte als bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdeel c, van de Huisvestingswet:

  • voor oppervlakten van 1 tot en met 50 m2

  • voor oppervlakten van 51 tot en met 100 m2

  • voor oppervlakten van 101 tot en met 250 m2

  • voor oppervlakten van groter dan 250 m2

  • Bedragen optellen bij grotere oppervlakten.

€ 59,25

€ 59,25

€ 59,25

€ 59,25

€ 58,30

€ 58,30

€ 58,30

€ 58,30

  • g.

    tot het verkrijgen van een splitsingsvergunning als bedoeld in artikel 33 van de Huisvestingswet:

  • voor oppervlakten van 1 tot en met 50 m2

  • voor oppervlakten van 51 tot en met 100 m2

  • voor oppervlakten van 101 tot en met 250 m2

  • voor oppervlakten van groter dan 250 m2

  • Bedragen optellen bij grotere oppervlakten.

€ 59,25

€ 59,25

€ 59,25

€ 59,25

€ 58,30

€ 58,30

€ 58,30

€ 58,30

  • h.

    tot het verkrijgen van vergunning voor het tijdelijk verhuren van leegstaande woningen via de Leegstandwet:

€ 85,70

€ 84,30

  • i.

    tot het verlengen van een vergunning voor het tijdelijk verhuren van leegstaande woningen via de Leegstandwet:

€ 28,40

€ 27,95

  • j.

    tot het verkrijgen van een urgentieverklaring, als bedoeld in artikel 2.5.1. van de Huisvestingsverordening der gemeente:

€ 39,30

€ 38,65

Hoofdstuk 9

Verkeer en vervoer

1.9.1

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een:

a. ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 voor zover noodzakelijk voor en direct samenhangend met de uitvoering van bijzondere transporten:

€ 40,40

€ 39,75

b. ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 anders dan bedoeld in artikel 13 onder a:

€ 31,10

€ 30,60

c. ontheffing als bedoeld in artikel 9.1 van de Regeling voertuigen:

€ 41,00

€ 40,35

d. gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW):

€ 41,60

€ 40,95

e. medische indicatiestelling voor het verkrijgen van de gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW).

€ 105,25

€ 103,50

Hoofdstuk 10

Rijbewijzen

1.10.1

Het tarief bedraagt voor:

a. het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen, of omwisselen van een rijbewijs:

€ 41,00

€ 40,65

b. het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van gegevens uit het Centraal Register Rijbewijzen:

€ 3,50

€ 4,70

Het tarief genoemd in de onderdelen a. en b. wordt bij een spoedlevering vermeerderd met

€ 34,10

€ 34,10

Hoofdstuk 11

Europees medisch paspoort

1.11.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een Europees medisch paspoort.

€ 3,60

€ 3,55

Hoofdstuk 12

Algemene vergunningen, diverse beschikkingen, ontheffingen

1.12.1

a. Overige beschikkingen

Het afgeven van beschikkingen krachtens wet, reglement of verordening, voor zover daarvoor qua leges geen wettelijke regeling of vrijstelling bestaat en deze verordening daarin niet voorziet:

€ 20,70

€ 20,40

b. Meldingen, kennisgevingen e.d.

Het afgeven van een schriftelijke reactie op een melding, kennisgeving of verzoek in het persoonlijk belang van de aanvrager opgemaakt:

€ 9,20

€ 9,05

Hoofdstuk 13

Burgerlijke Stand, Bevolking

1.13.1

Het verstrekken van inlichtingen uit de registers van de burgerlijke stand, voor zover nog niet aanwezig in het oud-archief:

a. buiten abonnement, per inlichting over één persoon (excl. portokosten):

€ 6,10

€ 6,00

b. in abonnement:

1. voor maximaal 10 inlichtingen per jaar:

2. voor maximaal 50 inlichtingen per jaar:

3. voor maximaal 100 inlichtingen per jaar:

4. voor maximaal 500 inlichtingen per jaar:

5. voor maximaal 1.000 inlichtingen per jaar:

€ 46,65

€ 212,75

€ 386,65

€ 1.546,00

€ 2.705,35

€ 45,90

€ 209,20

€ 380,20

€ 1.520,20

€ 2.660,15

een jaar omvat voor de toepassing van dit artikel een aaneensluitende periode van 12 maanden, aanvangende met de dag, waarop het abonnement ingaat. En voor elke volgende inlichting boven het maximum van het abonnement:

€ 6,10

€ 6,00

c. het op verzoek van particulieren/bedrijven uitreiken van folders bij geboorteaangiften en huwelijksaangiften, per soort folder per jaar:

€ 86,75

€ 85,30

1.13.2

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van:

a. een trouwboekje of partnerschapsboekje (kunststof):

€ 18,15

€ 17,85

b. een trouwboekje of partnerschapsboekje (leder):

€ 31,10

€ 30,60

c. een duplicaat-trouwboekje of partnerschapsboekje (kunststof):

€ 23,30

€ 22,95

d. een duplicaat-trouwboekje of partnerschapsboekje (leder):

€ 36,30

€ 35,70

1.13.3

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk, registratie van een partnerschap of het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk indien daarbij gebruik gemaakt wordt van de trouwzaal of een andere door de gemeente hiertoe aangewezen ruimte:

a. 1. op maandag en dinsdag van 09.00 tot 10.00 uur:

€ 0,00

€ 0,00

a. 2. op maandag en dinsdag van 10.00 tot 16.00 uur:

€ 500,00

€ 475,00

a. 3. op woensdag tot en met vrijdag van 09.00 tot 16.00 uur:

€ 500,00

€ 475,00

b. op zaterdag van 09.00 tot 16.00 uur:

€ 1.000,00

€ 950,00

c. voor het wijzigen van een reeds schriftelijk bevestigd huwelijk, registratie van het partnerschap of de omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk

€ 30,00

€ 27,50

d. Indien de voltrekking van het huwelijk, de registratie van het partnerschap of de omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk plaats vind in de Martinuskerk te Zwartewaal worden de tarieven verhoogd met:

€ 100,00

€ 100,00

e. Het tarief voor het ter beschikking stellen van een getuige door de gemeente bedraagt per getuige:

€ 27,50

€ 25,00

f. Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk, de registratie van een partnerschap, of de omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk in een bijzonder huis op grond van artikel 64, Boek 1, van het Burgerlijk Wetboek:

€ 200,00

€ 200,00

g. Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor de aanwijzing van een incidentele huwelijkslocatie als bedoeld in artikel 2 en 10 van de Regeling huwelijkslocaties van de gemeente Brielle 2012:

€ 300,00

€ 250,00

h. Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot benoeming van een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand als bedoeld in artikel 3, lid 2 onder b van Reglement burgerlijke stand Brielle 2015:

€ 300,00

€ 250,00

i. Indien de voltrekking plaatsvindt in een als gemeentehuis aangewezen locatie anders dan het stadhuis, stadskantoor of Martinuskerk te Zwartewaal wordt in afwijking van onderdeel d van dit artikel het bedrag volgens onderdeel a en b, verhoogd met de op het moment van de voltrekking geldende huurprijs voor de betreffende als gemeentehuis aangewezen (incidentele) locatie. De kosten in casu het bedrag van de verhoging worden/wordt vooraf aan het bruidspaar/te registreren partners kenbaar gemaakt.

werkelijke

kosten

Werkelijke

kosten

1.13.4

Ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

Hoofdstuk 14

Gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens

1.14.1

Voor de toepassing van dit artikel wordt onder een verstrekking verstaan:

Eén of meer gegevens omtrent een persoon, waarvoor de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens moet worden geraadpleegd.

Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens:

a. per verstrekking:

€ 15,00

€ 12,50

b. tot het afsluiten van een abonnement op het verstrekken van gegevens gedurende de periode van een jaar:

1. voor maximaal 10 verstrekkingen:

2. voor maximaal 50 verstrekkingen:

3. voor maximaal 100 verstrekkingen:

4. voor maximaal 500 verstrekkingen:

5. voor maximaal 1.000 verstrekkingen:

voor elke volgende verstrekking boven het maximum van het abonnement

€ 46,65

€ 212,75

€ 386,65

€ 1.546,00

€ 2.705,35

€ 6,10

€ 45,90

€ 209,20

€ 380,20

€ 1.520,20

€ 2.660,15

€ 6,00

c. In afwijking van de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens als bedoeld in artikel 6, zevende lid, van het Besluit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens:

€ 2,85

€ 2,85

1.14.2

Voor de toepassing van dit artikel wordt onder een verstrekking verstaan:

Eén of meer gegevens omtrent een persoon, die niet zijn opgenomen in de gemeentelijke basisadministratie.

Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens:

a. per verstrekking:

€ 15,00

€ 12,50

b.1. per verstrekking aan organisaties voor sociaal-, medisch- en/of wetenschappelijk onderzoek:

€ 0,60

€ 0,60

b.2. per verstrekking aan niet-commerciële organisaties met een publiekrechtelijke- , maatschappelijke- of filantropische functie of doelstelling ten behoeve van het bijhouden van hun leden-, cliënten of donateursadministratie:

€ 0,60

€ 0,60

b.3. per verstrekking aan organisaties op levensbeschouwelijke grondslag, die niet in de SILA participeren, ten behoeve van het bijhouden van de ledenadministratie:

€ 0,60

€ 0,60

c. tot het afsluiten van een abonnement op het verstrekken van gegevens gedurende de periode van een jaar:

1. voor maximaal 10 verstrekkingen:

2. voor maximaal 50 verstrekkingen:

3. voor maximaal 100 verstrekkingen:

4. voor maximaal 500 verstrekkingen:

5. voor maximaal 1.000 verstrekkingen:

€ 46,65

€ 212,75

€ 386,65

€ 1.546,00

€ 2.705,35

€ 45,90

€ 209,20

€ 380,20

€ 1.520,20

€ 2.660,15

1.14.3

a. Het tarief bedraagt ter zake van het op verzoek doornemen van de gemeentelijke basisadministratie, voor ieder daaraan besteed kwartier:

€ 15,55

€ 15,30

b. Het tarief bedraagt voor het op verzoek verstrekken van een overzicht van een "persoonslijst":

€ 10,35

€ 10,20

Hoofdstuk 15

Reisdocumenten

1.15.1

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt:

a. tot het verstrekken van een nationaal paspoort, een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen:

€ 56,55

€ 55,35

b. tot het verstrekken van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld onder a. (zakenpaspoort):

€ 56,55

€ 55,35

c. tot het verstrekken van een Nederlandse identiteitskaart:

€ 32,90

€ 30,70

d. toeslag spoedaanvraag per reisdocument (incl. bijschrijven kinderen):

€ 50,90

€ 49,85

1.15.2

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt:

a. tot het verstrekken van een nationaal paspoort, een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen:

€ 74,75

€ 73,20

b. tot het verstrekken van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld onder a. (zakenpaspoort):

€ 74,75

€ 73,20

c. tot het verstrekken van een Nederlandse identiteitskaart:

€ 64,00

€ 58,30

d. toeslag spoedaanvraag per reisdocument (incl. bijschrijven kinderen):

€ 50,90

€ 49,85

Hoofdstuk 16

Verklaringen omtrent personen

1.16.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

a. tot het verkrijgen van een verklaring omtrent gedrag:

€ 41,35

€ 41,35

b. tot het verkrijgen van een verklaring van in leven zijn:

€ 15,00

€ 12,50

c. tot het verkrijgen van een internationale verklaring van in leven zijn:

Ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

d. tot het verkrijgen van verlof voor uitstel van begraving/verbranding:

€ 12,50

€ 10,00

Hoofdstuk 17

Verzoeken tot naturalisatie

1.17.1

Ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot naturalisatie geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Besluit optie en naturalisatiegelden 2002 of zoals dit besluit laatstelijk is vervangen of gewijzigd.

Hoofdstuk 18

Begroting, jaarrekening

1.18.1

a. Het verstrekken van een exemplaar van de gemeentebegroting:

€ 66,55

€ 65,45

b. Het verstrekken van een exemplaar van de jaarrekening/jaarverslag:

€ 66,55

€ 65,45

Hoofdstuk 19

Kabels en leidingen

1.19.1

a. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag in verband met het verkrijgen van instemming omtrent tijdstip, plaats en werkwijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in de AVOI Brielle 2018:

€ 172,00

€ 148,20

b. indien het betreft werkzaamheden tegel-, klinker- en sierbestratingen alsmede gesloten verhardingen, voor zover de werkzaamheden plaatsvinden in of op openbare gemeentegrond per strekkende meter sleuf

- bij een tracélengte van < of gelijk aan 5000 meter

per strekkende meter:

- vermeerderd met een bedrag per strekkende meter van het gehele tracé bij een tracélengte van > 5000 meter ≤ 10000 meter:

- vermeerderd met een bedrag per strekkende meter van het gehele tracé bij een tracélengte van > 10000 meter:

€  2,00

€ 1,50

€ 1,10

€ 1,30

€ 1,30

€ 1,30

c. indien het betreft werkzaamheden in bermen, groenstroken en dergelijke, voor zover de werkzaamheden plaatsvinden in of op openbare gemeentegrond, verhoogd met het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de melding aan de melder meegedeelde kosten,

blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

d. Indien een begroting als bedoeld in c. is uitgebracht, wordt een melding in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de melder ter kennis is gebracht, tenzij de melding voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

e. indien over een melding overleg moet plaatsvinden tussen gemeente, andere beheerders van openbare grond en de aanbieder van het netwerk, verhoogd met:

€ 85,90

€ 73,95

f. indien met betrekking tot een melding onderzoek naar de status van de kabel plaatsvindt, verhoogd met het bedrag van de vooraf gaand aan het in behandeling nemen van de melding aan de melder meegedeelde kosten blijkend uit een begroting die ter zake door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

g. Indien een begroting als bedoeld in onderdeel f. is uitgebracht, wordt een melding in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de melder ter kennis is gebracht, tenzij de melding voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

h. Indien het betreft het in behandeling nemen van een storings- of graafmelding tot 25 m1:

€ 55,90

€ 55,00

Hoofdstuk 20

Milieupas

1.20.1

Het tarief voor een nieuwe milieupas voor de milieustraat van de Stadswerf bij verlies of diefstal:

€ 10,75

€ 10,60

Titel 2

Activiteiten onder de Omgevingsvergunning.

Hoofdstuk 1

Begripsomschrijvingen

2.1

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

2.1.1

aanlegkosten:

de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken 1989 (UAV), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de aanlegkosten, de omzetbelasting niet inbegrepen. Indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden wordt in deze titel onder aanlegkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor de werken of werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft;

2.1.2

bouwkosten:

de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken 1989 (UAV 1989), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt een raming van de bouwkosten, exclusief omzetbelasting, bedoeld in het normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt wordt in deze titel onder bouwkosten verstaan:

de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft;

2.1.3

sloopkosten:

de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken 1989 (UAV), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de sloopkosten, de omzetbelasting niet inbegrepen. Indien het slopen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt wordt in deze titel onder sloopkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het slopen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft;

2.1.4

Wabo:

Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

a. In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.

b. In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.

Hoofdstuk 2

Beoordeling conceptaanvraag

2.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om beoordeling van een conceptaanvraag om een omgevingsvergunning, waarbij de omgevingsvergunning slechts kan worden verleend met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3° van de Wabo, of met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder b, c of d van de Wabo of met toepassing van artikel 2.2, tweede lid van de Wabo, danwel een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1 van de Wro, tenzij in een anterieure overeenkomst anders is overeengekomen:

€ 559,35

€ 550,00

2.2.2

Het tarief voor het in behandeling nemen van een concept aanvraag, anders dan in 2.2.1 en 2.2.3 bedraagt:

€ 111,85

€ 110,00

2.2.3

Indien conceptaanvraag resulteert in een aanvraag om omgevingsvergunning, wordt een bedrag van € 50,70 in mindering gebracht op de uiteindelijke leges.

2.2.4

Indien een concept aanvraag wordt ingediend, met het verzoek om te beoordelen of een omgevingsvergunning nodig is, gelet op het bepaalde in het bestemmingsplan, gelezen in samenhang met het Besluit omgevingsrecht Bijlage II, artikel 3, dan bedraagt het tarief

a. voor dat plan op die locatie de eerste beoordeling:

€0,00

€ 0,00

b. voor daarna volgende varianten, wijzigingen of anderszins wat leidt tot een nieuwe beoordeling, binnen 2 jaar na de eerste beoordeling, van plannen op die locatie per beoordeling:

€ 58,10

€ 57,15

Hoofdstuk 3

Omgevingsvergunning

2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.

2.3.1

Bouwactiviteiten

a. Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 78,55

€ 77,25

b. Indien de bouwkosten minder dan € 7.500,- bedragen dan wordt dit bedrag vermeerderd met:

€ 193,60

€ 190,40

c. Indien de bouwkosten € 7.500,- tot € 100.000,- bedragen dan wordt dit bedrag vermeerderd met € 118,10 en 2% van de naar boven in duizendtallen van euro’s afgeronde bouwkosten:

Variabel

Variabel

d. Indien de bouwkosten meer dan € 100.000 bedragen dan bedraagt het tarief 2,2% van de naar boven, in duizendtallen van euro’s afgeronde bouwkosten:

Variabel

Variabel

2.3.2

Verplicht advies agrarische commissie

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1 bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een advies van de agrarische commissie nodig is en wordt beoordeeld:

€ 1.167,15

€ 1.147,65

2.3.3

Achteraf ingediende aanvraag

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1 bedraagt het tarief:

a. indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de bouwactiviteit:

€ 167,80

€ 165,00

b. indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt aangevangen met de bouwactiviteit alvorens beschikt is:

€ 91,55

€ 90,05

2.3.4

Aanlegactiviteiten

a. Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 182,40

€ 179,40

b. Dit bedrag wordt vermeerderd met 1,5% van de naar boven in duizendtallen van euro’s afgeronde aanlegkosten:

Variabel

Variabel

c. Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een kapactiviteit, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder g, van de Wabo en hiervoor voorwaarde zijn gesteld in het bestemmingsplan bedraagt het tarief:

€ 78,55

€ 77,25

2.3.5

Planologisch strijdig gebruik

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1:

a. indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):

€ 391,50

€ 385,00

b. indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast op grond van Bor Bijlage II artikel 4:

€ 559,35

€ 550,00

c. indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast, op grond van lid 9 artikel 4 Bijlage II van het Besluit omgevings- recht (afwijken gebruik) of toepassing wordt gegeven aan een omgevingsplan activiteit, dan wordt 2.3.5 b en e tot en met h vermeerderd met:

€ 1.678,05

€ 1.650,00

d. indien artikel 2.21, eerste lid, onder a, onder 3o, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking) of met toepassing van een kwalitatieve toets, op basis van het omgevingsplan Buitengebied:

€ 3.915,45

€ 3.850,00

e. indien een kwalitatieve toets, op basis van het omgevingsplan Buitengebied, wordt toegepast:

€ 3.559,50

€ 3.500,00

f. indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan):

€ 559,35

€ 550,00

g. indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving):

€ 559,35

€ 550,00

h. indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving):

€ 559,35

€ 550,00

i. indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit):

€ 559,35

€ 550,00

2.3.6

Vervallen

2.3.7

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

a. voor oppervlakten van 1 tot en met 500 m2

vermeerderd met een bedrag per m2 van:

€ 559,35

€ 1,40

€ 550,00

€ 1,40

b. voor oppervlakten van 501 tot en met 1,000 m2

vermeerderd met een bedrag per m2 van:

€ 707,55

€ 1,15

€ 695,75

€ 1,15

c. voor oppervlakten van 1.001 tot en met 5.000 m2

vermeerderd met een bedrag per m2 van:

€ 1.439,75

€ 0,40

€ 1.415,70

€ 0,40

d. voor oppervlakten van groter dan 5.000 m2

vermeerderd met een bedrag per m2 van:

€ 1.859,40

€ 0,25

€ 1.828,35

€ 0,25

2.3.8

Vervallen

2.3.9

Activiteiten met betrekking tot monumenten en beschermde stads- of dorpsgezichten

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot:

a. een beschermd monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wabo;

€ 59,40

€ 58,45

b. een gemeentelijk monument als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo;

€ 59,40

€ 58,45

2.3.10

Vervallen

2.3.11

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads of dorpsgezicht

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk bedraag het tarief in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo:

€ 78,55

€ 77,25

2.3.12

Aanleggen of veranderen weg

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg waarvoor op grond van artikel 2:11 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 78,55

€ 77,25

2.3.13

Uitweg/inrit

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg waarvoor op grond van artikel 2:12 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 279,65

€ 275,00

2.3.14

Kappen

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, waarvoor op grond van artikel 4.11 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 78,55

€ 77,25

2.3.15

Opslag van roerende zaken

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op de opslag van roerende zaken in de gemeente, waarvoor op grond van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:

a. indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j, van de Wabo:

€ 78,55

€ 77,25

b. indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder k, van de Wabo:

€ 78,55

€ 77,25

2.3.16

Handelingen in het kader van handelsreclame

Indien de aanvraag om omgevingsvergunning betrekking heeft op het op of aan een onroerende zaak handelsreclame te maken of te voeren met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats bedraagt het tarief:

€ 167,80

€ 165,00

2.3.17

Vervallen

2.3.18

Handelingen in het kader van de Wet natuurbescherming

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een handeling waarvoor op grond van de Wet natuurbescherming ontheffing nodig is, bedraagt het tarief:

€ 559,35

€ 550,00

2.3.19

Andere activiteiten

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:

a. behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 78,55

€ 77,25

b. behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 78,55

€ 77,25

c. als het een gemeentelijke verordening betreft:

€ 78,55

€ 77,25

d. als het een provinciale of waterschapsverordening betreft:

€ 78,55

€ 77,25

2.3.20

Omgevingsvergunning in twee fasen

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

a. voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;

b. voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft;

2.3.21

Beoordeling bodemrapport

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een (milieukundig) bodemrapport wordt beoordeeld, als bedoeld in artikel 2.1.5 van de 'Bouwverordening gemeente Brielle', indien:

a. de aanvraag uitsluitend een vooronderzoek als bedoeld in de NEN 5707, uitgave 2003 of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd, naar het historisch gebruik en naar de bodem gesteldheid betreft, per uur:

tot een maximum van:

€ 142,80

€ 2.138,30

€ 140,45

€ 2.102,60

b. de aanvraag een verkennend onderzoek volgens NEN 5740, uitgave 2009 of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd, naar de bodemgesteldheid betreft:

€ 570,10

€ 560,60

c. de aanvraag een nader onderzoek als bedoeld in de Leidraad bodembescherming betreft:

€ 570,10

€ 560,60

d. de aanvraag mede het beoordelen van een saneringsplan betreft (hierbij inbegrepen de beoordeling van een plan van aanpak en evaluatie), als bedoeld in de Wet bodembescherming:

€ 570,10

€ 560,60

e. Indien sanering dient plaats te vinden, zal een door burgemeester en wethouders aangewezen deskundige bij de sanering aanwezig zijn. De kosten hiervan bedragen per uur

€ 141,85

€ 139,50

f. Het tarief van het in behandeling nemen van een aanvraag welke krachtens wettelijk voorschrift slechts kan worden afgehandeld wanneer een archeologisch bodemrapport wordt beoordeeld bedraagt: het bedrag van de voorafgaand aan het uitvoeren aan de Aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

2.3.22

Verzoek hogere grenswaarden

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een handeling waarvoor op grond van de Wet geluidhinder het verlenen van een ontheffing hogere grenswaarden nodig is, bedraagt het tarief:

€ 1.168,40

€ 1.148,90

2.3.23

Advies

a. Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning: het bedrag van de voorafgaand aan het (definitief) in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

b. Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een omgevingsvergunning slechts kan worden verleend indien de motivering van het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat: het bedrag van de voorafgaand aan het (definitief) in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

c. Indien een begroting als bedoeld in a. en b. is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

2.3.24

Verklaring van geen bedenkingen

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo:

a. indien de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven:

€ 839,00

€ 825,00

b. indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven:

€ 1.678,05

€ 1.650,00

c. indien een ander bestuursorgaan, in het kader van de Wet natuurbescherming, een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven:

€ 2.092,80

€ 2.057,85

2.3.25

Zonnepanelen in beschermd stadsgezicht

In afwijking van artikelen 2.2.2. tot en met 2.3.24 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen en beoordelen van een vooroverleg en een aanvraag omgevingsvergunning voor slechts zonnepanelen op een dak dat is gelegen in het beschermd stadsgezicht Vesting:

€ 58,10

€ 57,15

Hoofdstuk 4

Teruggaaf

2.4.1

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning

Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door het bevoegd gezag, bestaat aanspraak op gedeeltelijke of gehele teruggaaf van de leges. De teruggaaf bedraagt :

a. indien de aanvraag wordt in getrokken binnen een termijn van 4 weken na het in behandeling nemen ervan, 90% van de betreffende aanvraag verschuldigde leges.

b. indien de aanvraag wordt in getrokken na 4 weken na het in behandeling nemen ervan, maar voor dat het besluit op de vergunning is verzonden 50% van de betreffende aanvraag verschuldigde leges.

c. bij teruggaaf van leges in gevallen als bedoeld in 2.4.1a en 2.4.1b wordt geen leges teruggaaf gegeven voor de onderdelen 2.3.9c, 2.3.10, 2.3.21, 2.3.22 en 2.3.23.

d. in afwijking van het bepaalde in 2.4.1a, 2.4.1b en 2.4.1c, indien de aanvraag op schriftelijk verzoek van het bevoegd gezag wordt ingetrokken 100% van de voor die aanvraag verschuldigde leges.

e. Indien blijkt dat een aanvraag omgevingsvergunning niet vergunningplicht is, dan worden leges in rekening gebracht overeenkomstig artikel 2.2.2.

2.4.2

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning

Als een vergunninghouder zijn omgevingsvergunning voor een project intrekt terwijl deze reeds verleend is door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges van het tarief als bedoeld in de onderdelen. De teruggaaf bedraagt 25% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

2.4.3

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning

a. Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges van het tarief als bedoeld in de onderdelen. De teruggaaf bedraagt 50% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

b. Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.4.3.a. wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.

2.4.4

Teruggaaf als gevolg van het niet in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning

Bij een besluit een aanvraag voor een omgevingsvergunning niet verder te behandelen, als bedoeld in artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges als bedoeld in de onderdelen. De teruggaaf bedraagt 50% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

2.4.5

Financiële compensatie bij nalatigheid of onjuiste wijze van handelen van de gemeente

Indien een aanvraag om een omgevingsvergunning wordt geweigerd of buiten behandeling wordt gesteld vanwege nalatigheid of door onjuiste wijze van handelen van de gemeente, dient aan de aanvrager de mogelijkheid te worden geboden om de aanvraag opnieuw in te dienen waarbij de leges van de oorspronkelijke aanvraag komen te vervallen. De leges van de nieuwe aanvraag worden in rekening gebracht.

Hoofdstuk 5

Wijziging omgevingsvergunning

2.5.1

a. In afwijking van het bepaalde in 2.3.1 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging van een omgevingsvergunning voor een activiteit, als bedoeld in artikelen 2.1 lid 1 en 2.2 lid 1 Wabo, als gevolg van een, naar omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:

€ 343,10

€ 337,40

b. Indien de bouwkosten ten gevolge van de wijziging meer bedragen dan de oorspronkelijk vastgestelde bouwkosten, dan wordt het tarief als bedoeld onder a verhoogd met het tarief als bedoeld in 2.3.1, onder b en c, dat is berekend over de meerdere bouwkosten.

2.5.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het overschrijven van een omgevingsvergunning op een andere naam:

€ 45,65

€ 44,90

Hoofdstuk 6

Voorbereiden en in procedure brengen van een bestemmingsplan

2.6

a. Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening bedraagt: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld, tenminste:

€ 5.593,50

€ 5.500,00

b. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening, dan wel een uitwerkingsplan als bedoeld in artikel 3.6 eerste lid onder b van de Wro

€ 3.559,50

€ 3.500,00

Hoofdstuk 7

Publicatiekosten

2.7

Kosten publicatie in Briels Nieuwsland of ander lokaal nieuwsblad

€ 134,10

€ 131,90

Hoofdstuk 8

In deze titel niet benoemde beschikking

2.8

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking

€ 20,45

€ 20,15

Titel 3

Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

Hoofdstuk 1

Drank- en Horecawet

3.1

a. Het verlenen van een vergunning ingevolge de "Verlofverordening 1981”:

€ 26,55

€ 26,15

b. Het verlenen van een ontheffing ingevolge de "Verordening beperking drankverstrekking 2000":

€ 25,90

€ 25,50

c. Het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning ingevolge artikel 3, eerste lid, van de Drank- en Horecawet:

€ 363,05

€ 357,00

d. Het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet:

€ 46,65

€ 45,90

e. Wijziging in het personeelsbestand en lokaliteit(en) in een bestaande vergunning bedraagt als bedoeld onder 3.1.a en 3.1.c.:

€ 31,10

€ 30,60

Hoofdstuk 2

Exploitatie seksinrichtingen.

3.2

Het tarief bedraagt ter zake het in behandeling nemen van een aanvraag:

a. tot het verkrijgen van een vergunning voor het exploiteren van een seksinrichting als bedoeld in artikel 3.4 van de Algemene Plaatselijke Verordening:

€ 309,40

€ 304,25

b. voor het verlengen c.q. reviseren van een vergunning voor het exploiteren van een seksinrichting als bedoeld in artikel 3.4 van de Algemene Plaatselijke Verordening:

€ 118,90

€ 116,95

c. tot het verkrijgen van een vergunning voor het exploiteren van een escortbedrijf als bedoeld in artikel 3.4 van de Algemene Plaatselijke Verordening:

€237,30

€ 233,35

d. voor het verlengen c.q. reviseren van een vergunning voor het exploiteren van een escortbedrijf als bedoeld in artikel 3.4 van de Algemene Plaatselijke Verordening:

€ 118,45

€ 116,50

e. Ter zake van een wijziging in het personeelsbestand in een bestaande vergunning bedraagt het tarief 50% van het tarief als bedoeld onder 3.2.a en 3.2.c.

Hoofdstuk 3

Exploitatie horecabedrijf

3.3

a. Het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor het exploiteren van:

1. een horecabedrijf ex artikel 2.28 van de Algemene Plaatselijke Verordening Brielle:

2. een paracommerciële inrichting ex art 2.34 van de Algemene Plaatselijke Verordening Brielle

€ 311,20

€ 311,20

€ 306,00

€ 306,00

b. Het verlengen c.q. reviseren van een vergunning voor het exploiteren van een horecabedrijf ex artikel 2.28 van de Algemene Plaatselijke Verordening Brielle:

€ 155,60

€ 153,00

c. Ter zake van een wijziging in het personeelsbestand en lokaliteit(en) in een bestaande vergunning bedraagt het tarief 25% van het tarief als bedoeld onder a.

Hoofdstuk 4

Huisvestingswet

3.4

Het tarief bedraagt terzake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een splitsingsvergunning als bedoeld in artikel 33 van de Huisvestingswet:

€ 59,25

€ 58,30

Hoofdstuk 5

Vergunningen voor evenementen

3.5

a. Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor een O + A evenement:

€ 15,55

€ 15,30

b. Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor een B evenement:

€ 259,30

€ 255,00

c. Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor een C evenement:

€ 259,30

€ 255,00

Hoofdstuk 6

Vergunningen voor standplaatsen

3.6

Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning om een standplaats in te nemen,

a. geldig voor één dag (tijdelijke standplaats):

€ 51,85

€ 51,00

b. geldig voor 3 maanden (seizoensgebonden standplaats):

€ 103,70

€ 102,00

c. geldig voor een jaar (jaarstandplaats):

€ 207,45

€ 204,00

Behorende bij raadsbesluit van 16 december 2020.

De griffier van Brielle,

B. Nootenboom.