Verordening van de raad van Edam-Volendam houdende de vaststelling van regels over de heffing en invordering van havengeld (Verordening havengeld Edam-Volendam 2021)

Geldend van 23-12-2020 t/m heden

Intitulé

Verordening van de raad van Edam-Volendam houdende de vaststelling van regels over de heffing en invordering van havengeld (Verordening havengeld Edam-Volendam 2021)

De raad van de gemeente Edam-Volendam;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 17 november 2020;

gelet op artikel 229, eerste lid , aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet;

b e s l u i t :

vast te stellen de :

VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN HAVENGELD EDAM-VOLENDAM 2021.

Artikel 1 Definities

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    vaartuigen: alle soorten drijvende lichamen, die worden gebezigd dan wel bestemd of geschikt zijn voor het vervoer over water van personen en/of goederen;

  • b.

    pleziervaartuigen: alle vaartuigen, bestemd voor het uitoefenen van de watersport of voor het vervoer van personen, niet zijnde bedrijfsvervoer en niet tegen betaling;

  • c.

    passagiersvaartuigen: alle vaartuigen waarop tegen betaling personenvervoer plaatsvindt.

Artikel 2 Algemene bepalingen

  • a.

    De lengte van een vaartuig wordt gemeten vanaf het meest vooruitstekende tot het meest achteruitstekende deel van het vaartuig.

  • b.

    De oppervlakte van een vaartuig wordt bepaald door vermenigvuldiging van de grootste lengte met de grootste breedte van het vaartuig, zoals deze in de geldige meetbrief zijn vermeld.

  • c.

    Voor de waterverplaatsing van een vaartuig wordt gehouden het aantal m3 zoals dat blijkt uit de bij het vaartuig behorende, mits in Nederland geldige, meetbrief of daarmee gelijk te stellen document.

  • d.

    Ontbreekt het in het vorige lid genoemde stuk dan stelt het college van burgemeester en wethouders het aantal m3 waterverplaatsing vast en wordt het havengeld naar de uitkomst daarvan geheven.

Artikel 3 Belastbaar feit

Onder de naam havengelden worden rechten geheven ter zake van het gebruik overeenkomstig de bestemming van voor de openbare dienst bestemde gemeentewateren, bezittingen, werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn en of ter zake van het genot van door het gemeentebestuur verstrekte diensten in verband met dat gebruik.

Artikel 4 Belastingplicht

  • 1. Het havengeld wordt geheven van de gezagvoerder, de schipper, de reder, de eigenaar van het vaartuig, degene die het vaartuig heeft gecharterd of degene die als vertegenwoordiger van een van dezen optreedt.

  • 2. Onder gezagvoerder en schipper wordt verstaan hij die de feitelijke leiding over het vaartuig heeft.

  • 3. Onder reder of eigenaar wordt ook verstaan hij die tijdelijk het beheer over het vaartuig heeft.

Artikel 5 Vrijstellingen

Het havengeld wordt niet geheven ter zake van het gebruik van de gemeentelijke wateren en of de ter zake van dat gebruik verstrekte diensten door of voor:

  • a.

    vaartuigen van het Rijk, de provincie Noord-Holland en de gemeente Edam-Volendam;

  • b.

    vaartuigen, die in opdracht van de gemeente worden gebruikt voor werkzaamheden ten behoeve van de in artikel 3 bedoelde wateren, bezittingen, werken en inrichtingen;

  • c.

    open roeiboten en kano's;

  • d.

    hospitaalschepen;

  • e.

    vaartuigen die ten gevolge van invriezing, ijsgang of andere weersomstandigheden gedwongen zijn langer dan 14 achtereenvolgende dagen in de haven of enig ander openbaar water in de gemeente te verblijven;

  • f.

    vaartuigen in aanbouw bij een scheepswerf in de gemeente zulks tot het tijdstip van gereedkoming;

  • g.

    vaartuigen die van de in artikel 3 bedoelde wateren, bezittingen, werken of inrichtingen geen ander gebruik maken dan om aan een in deze gemeente gevestigde scheepswerf hersteld te worden, het een en ander voor een periode van ten hoogste 14 dagen.

Artikel 6 Maatstaf van heffing en belastingtarief

  • 1. De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 7 Belastingjaar

Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 8 Wijze van heffing

  • 1. Het recht wordt geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld.

  • 2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid van dit artikel wordt het recht voor een jaarabonnement bij wege van aanslag geheven.

Artikel 9 Ontstaan van de belastingschuld

Het havengeld is verschuldigd op het tijdstip waarop het gebruik van de in artikel 3 bedoelde wateren, bezittingen, werken en inrichtingen een aanvang heeft genomen, dan wel de in dat artikel bedoelde dienst wordt verricht, met dien verstande dat bij heffing over een tijdvak het havengeld is verschuldigd bij de aanvang van het tijdvak.

Artikel 10 Ontheffing

  • 1. Indien het heffingstijdvak gelijk is aan het kalenderjaar, en de belastingplicht eindigt vóór het laatste kwartaal van het kalenderjaar, bestaat aanspraak op ontheffing van 25% van het voor het heffingstijdvak verschuldigde recht.

  • 2. Indien het heffingstijdvak gelijk is aan het kalenderkwartaal, en de belastingplicht eindigt vóór de laatste maand van het kalenderkwartaal, bestaat aanspraak op ontheffing van 1/3 deel van het voor het heffingstijdvak verschuldigde recht.

Artikel 11 Termijnen van betaling

  • 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet:

    • a.

      het op grond van artikel 8, eerste lid, verschuldigde recht worden betaald op het moment van uitreiken van de kennisgeving;

    • b.

      het op grond van artikel 8, tweede lid, verschuldigde recht worden betaald uiterlijk een maand na de dagtekening van de aanslag.

  • 2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 12 Kwijtschelding

Bij de invordering van havengeld wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 13 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. De "Verordening havengeld 2020" van 19 december 2019, wordt ingetrokken met ingang van de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2021.

  • 4. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening havengeld Edam-Volendam 2021.

Ondertekening

Aldus besloten door de gemeenteraad van Edam-Volendam in zijn openbare vergadering d.d. 17 december 2020,

de griffier,

mr. M. van Essen.

de voorzitter,

L.J. Sievers.

Tarieventabel behorende bij de verordening havengeld Edam-Volendam 2021

Algemeen

De bedragen genoemd in deze tabel zijn inclusief omzetbelasting indien deze verschuldigd is.

Tarieven haven Volendam

Hoofdstuk I Pleziervaartuigen

A

Algemeen gedeelte (niet zijnde boxen)

1

Het tarief bedraagt per strekkende meter (m1):

1.a.1

voor een dag

€ 1,80

1.a.2

met een minimum per vaartuig, per dag van

€ 10,80

1.b

voor een week

€ 9,00

1.c

bij abonnement

1.c.1

voor het kalenderkwartaal over de periode van 1 april tot en met 30 juni en 1 juli tot en met 30 september

€ 37,55

1.c.2

voor het kalenderkwartaal over de periode van 1 januari tot en met 31 maart en 1 oktober tot en met 31 december

€ 16,35

1.d

d. bij abonnement voor een kalenderjaar

€ 47,90

2

Het tarief als bedoeld in onderdeel 1.c.2 is exclusief kosten voor gebruik van stroom en water.

3

Het in onderdeel A, eerste lid, letter d, genoemde jaarabonnement, wordt op aanvraag uitsluitend verstrekt aan de in artikel 4 van de bij deze tarieventabel behorende verordening bedoelde belastingplichtige, die ten tijde van de aanvraag in de gemeentelijke basisadministratie is ingeschreven. Het jaar-abonnement wordt bovendien niet verstrekt ten aanzien van schepen langer dan 15 meter.

B

Gemeentelijke jachthavens (boxen)

1

Het tarief bedraagt per strekkende meter (m1):

1.a.1

voor een dag

€ 1,95

1.a.2

met een minimum per vaartuig, per dag van

€ 11,70

1.b

voor een week

€ 9,75

1.c

bij abonnement

1.c.1

voor het kalenderkwartaal over de periode van 1 april tot en met 30 juni en 1 juli tot en met 30 september

€ 40,65

1.c.2

voor het kalenderkwartaal over de periode van 1 januari tot en met 31 maart en 1 oktober tot en met 31 december

€ 24,35

1.d

bij abonnement voor een kalenderjaar

€ 47,70

2

Het in onderdeel B, eerste lid, letter d, genoemde jaarabonnement, wordt op aanvraag uitsluitend verstrekt aan de in artikel 4 van de bij deze tarieventabel behorende verordening bedoelde belastingplichtige, die ten tijde van de aanvraag in de gemeentelijke basisadministratie is ingeschreven.

C

Bij gebruikmaking van de gemeentelijke havens tot 17.00 uur van de dag

van aankomst is geen havengeld verschuldigd.

D

Bij gebruikmaking van de gemeentelijke havens waarbij uitsluitend doorvaart plaatsvindt is geen havengeld verschuldigd.

Hoofdstuk II Passagiersschepen en Charterschepen

A

Algemeen gedeelte

1

Het tarief bedraagt per strekkende meter (m1):

1.a.1

voor een dag

€ 1,80

1.a.2

met een minimum per vaartuig, per dag van

€ 10,80

1.b

voor een week

€ 9,00

1.c

bij abonnement

1.c.1

voor het kalenderkwartaal over de periode van 1 april tot en met 30 juni en 1 juli tot en met 30 september

€ 37,55

1.c.2

voor het kalenderkwartaal over de periode van 1 januari tot en met 31 maart en 1 oktober tot en met 31 december

€ 16,35

2

Het tarief als bedoeld in onderdeel 1.c.2 is exclusief kosten voor gebruik van stroom en water.

3

Bij gebruikmaking van de gemeentelijke havens tot 17.00 uur van de dag van aankomst is het havengeld tot 50% verschuldigd

4

Bij gebruikmaking van de gemeentelijke havens waarbij uitsluitend doorvaart plaatsvindt is geen havengeld verschuldigd.

B

Buitensteiger

1

voor het afmeren aan de "buitensteiger" bij de haven Volendam, per afmering, per dag:

1.1

in geval van een vooraf gereserveerde afmeerplaats

€ 178,25

1.2

in geval van een niet vooraf gereserveerde afmeerplaats

€ 163,45

2

voor het reserveren van een afmeerplaats aan de buitensteiger bij de haven Volendam, per reservering

€ 59,40

3

Het onder artikel 1.1 vermelde tarief wordt verminderd met het, ter zake van de in dat artikel bedoelde reservering, verschuldigde tarief als vermeld in artikel 2 van dit onderdeel.

Tarieven haven Edam

Hoofdstuk III Pleziervaartuigen

1

Het tarief bedraagt per strekkende meter (m1):

1.a.1

voor een dag

€ 1,50

1.a.2

met een minimum per vaartuig, per dag van

€ 9,00

1.b

voor een week

€ 7,50

1.c

bij abonnement

€ 35,95

1.c.1

voor het kalenderkwartaal over de periode van 1 april tot en met 30 juni en 1 juli tot en met 30 september

€ 30,70

1.c.2

voor het kalenderkwartaal over de periode van 1 januari tot en met 31 maart en 1 oktober tot en met 31 december

€ 16,35

1.d

bij abonnement voor een kalenderjaar

2

Het in onderdeel A, eerste lid, letter d, genoemde jaarabonnement, wordt op aanvraag uitsluitend verstrekt aan de in artikel 4 van de bij deze tarieventabel behorende verordening bedoelde belastingplichtige, die ten tijde van de aanvraag in de gemeentelijke basisadministratie is ingeschreven. Het jaarabonnement wordt bovendien niet verstrekt ten aanzien van schepen langer dan 15 meter.

3

In afwijking van het bepaalde in onderdeel A.1.a. van dit hoofdstuk bedraagt het tarief in het gedeelte van de haven Edam gelegen tussen de Zeesluis aan het Oorgat en de Purmerringvaart (de “binnenhavens”), per strekkende meter:

3.a

voor een dag

€ 1,25

3.b

met een minimum per vaartuig, per dag van

€ 7,50

Hoofdstuk IV Passagiersschepen en Charterschepen

1

Het tarief bedraagt per strekkende meter (m1):

1.a.1

voor een dag

€ 1,50

1.a.2

met een minimum per vaartuig, per dag van

€ 9,00

1.b

voor een week

€ 7,50

1.c

bij abonnement

1.c.1

voor het kalenderkwartaal over de periode van 1 april tot en met 30 juni en 1 juli tot en met 30 september

€ 30,70

1.c.2

voor het kalenderkwartaal over de periode van 1 januari tot en met 31 maart en 1 oktober tot en met 31 december

€ 16,35

2

In afwijking van het bepaalde in onderdeel A.1.a. van dit hoofdstuk bedraagt het tarief in het gedeelte van de haven Edam gelegen tussen de Zeesluis aan het Oorgat en de Purmerringvaart (de “binnenhavens”), per strekkende meter:

2.a

voor een dag

€ 1,25

2.b

met een minimum per vaartuig, per dag van

€ 7,50

3

Bij gebruikmaking van de gemeentelijke havens tot 17.00 uur van de dag van aankomst is het havengeld tot 50% verschuldigd.

4

Bij gebruikmaking van de gemeentelijke havens waarbij uitsluitend doorvaart

plaatsvindt is geen havengeld verschuldigd.

Hoofdstuk V Overige vaartuigen

A

Baggermolens, schuitenhuizen, sleepboten en sleepvaartuigen

Voor baggermolens, schuitenhuizen, sleepboten, houtvlotten en daarmee gelijk te stellen vaartuigen, welke door hun inrichting of voor het doel waarvoor zij worden gebruikt weinig of niet van diepgang veranderen, met uitzondering van woonschepen, bedraagt het tarief per m2 ingenomen wateroppervlakte per dag of een gedeelte daarvan € 0,34 met een minimum van € 3,40.

B

Woonschepen

Het tarief bedraagt:

1

per m2 ingenomen wateroppervlakte per week of een gedeelte daarvan € 0,41

met een minimum van € 16,15.

2

bij abonnement:

2.a

voor zover de ingenomen wateroppervlakte niet meer bedraagt dan 60 m2

voor een kalenderkwartaal

€ 170,30

voor een kalenderjaar

€ 469,90

2.b

voor zover de ingenomen wateroppervlakte meer dan 60 m2 bedraagt

voor een kalenderkwartaal

€ 249,75

voor een kalenderjaar

€ 703,80

C

Vaartuigen niet vallende onder A en B van dit hoofdstuk

1

Voor vaartuigen niet vallende onder A en B van dit hoofdstuk bedraagt het tarief per m3 waterverplaatsing voor elke reis

2

bij abonnement voor een jaar per m3 waterverplaatsing

ten hoogste iedere 2 weken eenmaal

€ 4,25

ten hoogste iedere week eenmaal

€ 7,50

ten hoogste iedere week tweemaal

€ 13,70

ten hoogste iedere week driemaal

€ 19,40

iedere week meer dan driemaal

€ 24,20

Hoofdstuk VI Kadehuur

Voor vaartuigen die uitsluitend ten behoeve van herstel in de havens of enig ander openbaar gemeentewater verblijven, kan door in de gemeente gevestigde scheepswerven ligplaats worden gereserveerd. De eigenaren of exploitanten van deze scheepswerven zijn voor dit reserveren jaarlijks een bedrag van € 29,90 per strekkende meter gereserveerde kade verschuldigd. Zij moeten overigens gedogen dat, indien de gereserveerde ruimte niet voor het gestelde doel gebruikt behoeft te worden, de gemeente deze ruimte benut voor het gebruik door vaartuigen die geen herstel behoeven.