Subsidieregeling regulier onderhoud rijksmonumenten provincie Groningen 2020 (Subsidieregeling RORG 2020)

Geldend van 21-10-2021 t/m heden

Intitulé

Subsidieregeling regulier onderhoud rijksmonumenten provincie Groningen 2020 (Subsidieregeling RORG 2020)

Gedeputeerde Staten van Groningen maken bekend dat zij op 16 juni 2020, nr. A.11, afdeling ECP, dossiernummer K21629 het volgende besluit hebben genomen:

Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen:

Overwegende dat:

  • -

    er ten aanzien van de rijksmonumenten met een woonfunctie in de aardbevingsgemeenten sprake is van een opgave onderhoud, versterking en schadeherstel;

  • -

    de taak behoort bij de verantwoordelijkheid die het ministerie van OCW, de Nationaal Coördinator Groningen, de aardbevingsgemeenten en de provincie Groningen in het Erfgoedprogramma voor het aardbevingsgebied zijn overeengekomen om budget beschikbaar te stellen voor restauratie en onderhoud van rijksmonumenten gelegen in de gemeenten die getroffen zijn door de gevolgen van de gaswinning. Dit vanuit de gedachte dat goed onderhoud de eerste stap in de versterking is;

  • -

    de provincie Groningen het van belang vindt een regierol te vervullen voor het gebiedsgerichte monumentenbeleid;

  • -

    rijksmonumenten worden aangewezen in het algemeen belang en de kosten van instandhouding, in het bijzonder het onderhoud en de restauratie, van rijksmonumenten hoger kunnen zijn dan de kosten voor instandhouding van niet-monumentale gebouwen, vanwege de hogere eisen aan architectonische uitwerking, materiaalgebruik en detaillering;

  • -

    de Subsidieregeling RORG ziet op het regulier onderhoud van Rijksmonumenten met woonfunctie in het aardbevingsgebied.

Gelet op:

  • -

    Groningen Erfgoedprogramma 2020-2023;

  • -

    Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen 2017-2021;

  • -

    Titel 4.2 Algemene wet bestuursrecht;

  • -

    Artikel 3, derde lid, van de Kaderverordening subsidies provincie Groningen 2017;

  • -

    Procedureregeling subsidies provincie Groningen 2018;

  • -

    Erfgoedwet;

  • -

    Besluit ruimtelijke ordening;

  • -

    Omgevingsverordening provincie Groningen 2016;

  • -

    Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten;

  • -

    Uitvoeringsprogramma Cultuur Provincie Groningen 2017-2020.

Besluiten:

Vast te stellen hetgeen volgt:

Subsidieregeling regulier onderhoud rijksmonumenten provincie Groningen 2020

Artikel 1 Begripsbepalingen

  • a.

    aardbevingsgemeenten: de gemeenten binnen het aardbevingsgebied zoals vastgelegd in de geldende versie van de Omgevingsverordening provincie Groningen;

  • b.

    Awb: Algemene wet bestuursrecht.

  • c.

    comfortverbetering of verfraaiing: werkzaamheden met betrekking tot het wooncomfort, decoratie en de leefbaarheid zoals het binnenklimaat of het verbeteren van functionaliteit;

  • d.

    deskundige: architect, aannemer, schilder, uitvoerder of vergelijkbare deskundige met aantoonbare kennis en expertise van sober en doelmatig onderhoud van rijksmonumenten;

  • e.

    eigenaar: natuurlijke persoon of rechtspersoon die het eigendomsrecht heeft op het rijksmonument;

  • f.

    energiebesparende maatregelen: vloer-, gevel-, dakisolatie, isolerende beglazing en het waterzijdig inregelen van de warmte-installatie;

  • g.

    gebouwd rijksmonument: een gebouw of zelfstandige bouwkundige eenheid daarvan, of een anderszins vervaardigde onroerende zaak, om zijn nationale cultuurhistorische waarde door de Rijksoverheid is aangewezen als beschermd monument en met eigen monumentnummer is opgenomen in het rijksmonumentenregister;

  • h.

    gespecificeerde offerte/factuur: een kostenraming of nota opgemaakt door een deskundige waarbij voor alle verschillende uit te voeren/uitgevoerde werkzaamheden kosten voor uren én materialen gesplitst zijn;

  • i.

    instandhouding: het sober en doelmatig behouden of herstellen van het rijksmonument, waarmee verval van het monument kan worden voorkomen.

  • j.

    Leidraad: de Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten, die beschrijft welke kosten van werkzaamheden, maatregelen en voorzieningen aan een rijksmonument subsidiabel zijn, inclusief het daarbij behorende rekenmodel volgens STABU;

  • k.

    Procedureregeling: Procedureregeling subsidies provincie Groningen 2018;

  • l.

    regulier onderhoud: sobere en doelmatige werkzaamheden die behoren tot het normale onderhoud aan het rijkmonument waarmee verval van het monument wordt voorkomen,

  • m.

    rijksmonument: monument dat is opgenomen in het rijksmonumentenregister, als bedoeld in artikel 3.3 van de Erfgoedwet;

  • n.

    rijksmonument met woonfunctie: gebouwd rijksmonument dat voor de helft of meer voor bewoning wordt gebruikt;

  • o.

    vervangende dakbedekking: noodzakelijke vervanging van de dakbedekking die geen instandhouding is volgens de Leidraad en die op grond van de Leidraad niet subsidiabel is;

  • p.

    zelfstandig bouwkundige eenheid: bouwwerk dat in zowel constructief als functioneel opzicht te onderscheiden is van de naastgelegen bouwwerken. Dat wil zeggen dat het geheel bouwkundig gescheiden moet zijn van aangrenzende bebouwing, een eigen toegang moet hebben en afzonderlijk te gebruiken moet zijn. Bij boerderijen geldt het woonhuis altijd als zelfstandige onderdeel, zelfs als het woonhuis aan de schuur is vast gebouwd;

  • q.

    zelfstandige wooneenheid: een woning in een rijksmonument met een eigen toegang, keuken, douche en toilet die afzonderlijk wordt gebruikt door een particuliere eigenaar, navolgend aangeduid als 'wooneenheid'.

Artikel 2 Doel

Het hoofddoel van deze regeling is om particuliere eigenaren van rijksmonumenten met een woonfunctie in de aardbevingsgemeenten in de provincie Groningen te stimuleren hun pand in stand te houden door regulier onderhoud uit te voeren.

Daarnaast beoogt de regeling investeringen die een bijdrage leveren aan energiebesparing bij rijksmonumenten met een woonfunctie in het aardbevingsgebied te stimuleren.

Artikel 3 Doelgroep

Subsidie kan worden aangevraagd door:

  • a.

    particuliere eigenaren van een rijksmonument met woonfunctie gelegen in een aardbevingsgemeente;

  • b.

    de natuurlijke of rechtspersoon die verantwoordelijk is voor de instandhouding van het rijksmonument, als bedoeld onder a;

  • c.

    de betreffende vereniging van eigenaren of gezamenlijk door de eigenaren van een appartement gelegen in een aardbevingsgemeente. Voor een natuurlijke persoon die een appartementsrecht heeft in een rijksmonument, geldt dat hij niet eigenstandig subsidie aan kan vragen;

  • d.

    door de eigenaren van de wooneenheden gezamenlijk;

  • e.

    de particuliere eigenaar van een zelfstandige wooneenheid in een rijksmonument indien deze eigenaar in bezit is van één zelfstandige wooneenheid in het gebouwd rijksmonument.

Artikel 4 Subsidievorm

Gedeputeerde Staten verstrekken op grond van deze regeling subsidies in de vorm van een geldbedrag.

Artikel 5 Weigeringsgronden

Onverminderd het bepaalde in artikel 4:25 en 4:35 Awb en artikel 2.5 en 2.6 van de Procedureregeling wordt de subsidie in ieder geval geweigerd indien:

  • a.

    voor de subsidiabele kosten van het project, waarop de aanvraag betrekking heeft, reeds een andere subsidie is verstrekt door Rijk of provincie Groningen voor de instandhouding van het rijksmonument;

  • b.

    voor de subsidiabele kosten van het project, waarop de aanvraag betrekking heeft, al een lening is verstrekt door het Nationaal Restauratiefonds of een andere geldverstrekker, en hierbij geen rekening is gehouden met de gevraagde subsidie RORG;

  • c.

    er in het kalenderjaar waarin de subsidieaanvraag is ingediend een subsidie op grond van de Subsidieregeling RORG 2019 of de Subsidieregeling RORG 2020 is verleend ten behoeve van werkzaamheden aan het betreffende rijksmonument of wanneer er gedurende de behandeling van de aanvraag een subsidie wordt vastgesteld naar aanleiding van een eerdere subsidieaanvraag op hetzelfde rijksmonument of wooneenheid. In het geval van een rijksmonument met meerdere zelfstandig bouwkundige eenheden gaat het hierbij om een verlening ten behoeve van werkzaamheden aan dezelfde zelfstandig bouwkundige eenheid dan wel bouwkundige eenheden.

  • d.

    het rijksmonument met woonfunctie niet is gelegen in een aardbevingsgemeente;

  • e.

    er voor de werkzaamheden of een onderdeel daarvan waarvoor subsidie is aangevraagd, een Omgevingsvergunning nodig is, welke door de betreffende gemeente niet is afgegeven.

  • f.

    er alleen subsidie wordt aangevraagd voor het nemen van energiebesparende maatregelen zonder de combinatie met een aanvraag voor regulier onderhoud;

  • g.

    er alleen subsidie wordt aangevraagd voor vervangende dakbedekking, zonder de combinatie met een aanvraag voor regulier onderhoud, tenzij uit het inspectierapport blijkt dat er geen andere werkzaamheden groot onderhoud aan het rijksmonument nodig zijn;

  • h.

    de subsidiabele kosten lager zijn dan € 1.000,-;

  • i.

    de subsidiabele kosten hoger zijn dan € 35.000,-.

  • j.

    niet is voldaan aan de bepalingen, verplichtingen en vereisten zoals die zijn gesteld in deze regeling.

Artikel 6 Subsidiabele kosten

Subsidiabele kosten zijn:

  • a.

    kosten in het kader van het regulier onderhoud van een rijksmonument met een woonfunctie uitgevoerd binnen anderhalf jaar na vaststelling van de subsidie of uitgevoerd maximaal één jaar voorafgaand aan de subsidieaanvraag. Subsidiabel zijn de kosten van werkzaamheden, maatregelen en voorzieningen die als zodanig zijn aangemerkt en gespecificeerd in de Leidraad;

  • b.

    kosten voor het nemen van energiebesparende maatregelen in het rijksmonument met woonfunctie;

  • c.

    kosten voor vervangende dakbedekking van het rijksmonument met woonfunctie, indien het vervangen van de dakbedekking aantoonbaar technisch noodzakelijk is, en het ten tijde van de aanvraag niet mogelijk is de huidige dakbedekking te restaureren zoals bedoeld in de Leidraad.

Artikel 7 Niet-subsidiabele kosten

Onverminderd artikel 1.5 van de Procedureregeling komen de volgende kosten in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking:

  • a.

    kosten die ter zake van doe-het-zelf-werk of door niet-deskundigen worden gemaakt;

  • b.

    kosten voor werkzaamheden gericht op reconstructie, tenzij deze in uitzonderlijke gevallen naar het oordeel van de Gedeputeerde Staten ter versterking van de monumentale waarden gewenst zijn;

  • c.

    kosten voor werkzaamheden die zijn gericht op comfortverbetering of verfraaiing.

  • d.

    kosten voor het uitvoeren van herstelwerkzaamheden als gevolg van schade veroorzaakt door een derde of de eigenaar van het rijksmonument met woonfunctie;

  • e.

    Kosten voor het vervangen van bestaande isolerende materialen.

Artikel 8 Subsidiehoogte

  • 1. De subsidie voor regulier onderhoud van het rijksmonument bedraagt maximaal 70% van de subsidiabele kosten;

  • 2. De subsidie voor energiebesparende maatregelen bedraagt maximaal 70% van de subsidiabele kosten met een maximum van € 1.000,-;

  • 3. De subsidie voor vervangende dakbedekking van het rijksmonument bedraagt maximaal 50% van de subsidiabele kosten;

  • 4. De hoogte van de totale subsidie is maximaal € 24.500,- per rijksmonument met woonfunctie.

Artikel 9 Subsidieplafond

Gedeputeerde Staten stellen een subsidieplafond vast voor deze regeling dat wordt gepubliceerd in het Provinciaal Blad.

Artikel 10 Subsidieaanvraag

In aanvulling op artikel 2.1 van de Procedureregeling:

  • 1.

    Aanvragen kunnen digitaal en per post worden ingediend bij Gedeputeerde Staten door middel van een door Gedeputeerde Staten vastgesteld formulier.

  • 2.

    Per rijksmonument met woonfunctie kan ten hoogste één subsidie per kalenderjaar worden vastgesteld. Indien het rijksmonument meer dan één wooneenheid omvat en aanvrager geen vereniging van eigenaren is, dan kan er per wooneenheid ten hoogste één subsidie per kalenderjaar worden vastgesteld.

  • 3.

    De subsidieaanvraag bevat in ieder geval:

    • a.

      een korte beschrijving van de werkzaamheden;

    • b.

      een begroting van het ingediende project inclusief eventuele onderdelen ten behoeve van energiebesparende maatregelen en vervangende dakbedekking, opgemaakt in het door Gedeputeerde Staten vastgestelde format;

    • c.

      indien de werkzaamheden al zijn uitgevoerd: overzichts- en detailfoto's waarop zichtbaar is dat de werkzaamheden zijn uitgevoerd;

    • d.

      overzichts- en detailfoto's waaruit de noodzaak van de werkzaamheden blijkt;

    • e.

      een door een deskundige opgestelde gespecificeerde offerte. Indien de werkzaamheden al zijn uitgevoerd is een gespecificeerde factuur vereist;

    • f.

      een toelichting op de bijgevoegde offertes en/of facturen waaruit blijkt voor welke werkzaamheden en daaraan verbonden kosten subsidie wordt gevraagd;

    • g.

      bij een aanvraag van een vereniging van eigenaren een uitdraai van de Kamer van Koophandel van de vereniging en een splitsingsakte;

    • h.

      bij een gezamenlijke aanvraag van meerdere eigenaren, een splitsingsakte;

    • i.

      indien in de aanvraag werkzaamheden zijn opgenomen waarvoor een Omgevingsvergunning vereist is, de verstrekte Omgevingsvergunning. De afweging of voor werkzaamheden een Omgevingsvergunning nodig is, kan alleen door de gemeente dan wel omgevingsdienst worden gemaakt;

    • j.

      indien er sprake is van kosten voor vervangende dakbedekking: een toelichting waarin onderbouwd wordt dat er sprake is van vervangende dakbedekking zoals bedoeld in artikel 1, onder o;

    • k.

      indien er sprake is van vervangende dakbedekking zonder dat er sprake is van instandhouding: een technisch rapport van het rijksmonument waaruit blijkt dat werkzaamheden instandhouding niet noodzakelijk zijn.

  • 4.

    Gedeputeerde Staten kunnen nader onderzoek doen naar de aanvraag. Gedeputeerde Staten kunnen bijvoorbeeld bij de aanvrager aanvullende documenten opvragen ter nadere ondersteuning van zijn aanvraag.

Artikel 11 Verdeelsystematiek

  • 1. De subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen.

  • 2. Als een subsidieaanvraag nog niet volledig is, geldt voor het bepalen van de onderlinge rangschikking voor de verdeling van de subsidie de dag waarop de subsidieaanvraag volledig is als datum van binnenkomst.

  • 3. Dreigt het subsidieplafond op enige dag te worden overschreden, dan vindt rangschikking van de op die dag binnengekomen volledige subsidieaanvragen plaats door middel van loting.

Artikel 12 Subsidievaststelling

Gedeputeerde Staten stellen de subsidie direct vast.

Artikel 13 Beslistermijn

Een beschikking tot subsidieverlening wordt gegeven binnen 13 weken na ontvangst van de subsidieaanvraag, waarbij de dag waarop de subsidieaanvraag volledig is geldt als datum van ontvangst.

Artikel 14 Hardheidsclausule

Gedeputeerde Staten kunnen in bijzondere gevallen, gelet op het belang van een doelgerichte of evenwichtige subsidieverstrekking, bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing naar hun oordeel leidt tot onbillijke of onevenredige gevolgen.

Artikel 15 Intrekking en overgangsrecht

De Subsidieregeling RORG 2019 wordt ingetrokken, met dien verstande dat deze regeling van toepassing blijft op subsidies die voor de datum van inwerkingtreding van de regeling RORG 2020 zijn aangevraagd, verleend of direct zijn vastgesteld en op daarop betrekking hebbende bezwaar- of beroepschriften.

Artikel 16 Inwerkingtreding

Deze regeling wordt bekendgemaakt in het Provinciaal Blad en treedt in werking op 1 juli 2020.

Artikel 17 Citeerregel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling RORG 2020.

Ondertekening

Groningen, 16 juni 2020

Gedeputeerde Staten voornoemd:

F.J. Paas,

voorzitter.

J. Schrikkema,

secretaris.