Subsidieregeling vrijwilligerswerk en informele zorg Veenendaal

Geldend van 01-01-2021 t/m 01-02-2022

Intitulé

Subsidieregeling vrijwilligerswerk en informele zorg Veenendaal

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veenendaal;

overwegende dat:

  • het college op 20 december 2018 Model Veenendaal 2020 heeftvastgesteld, waarin is overwogen dat:

    • versterking van de sociale basis noodzakelijk is om de preventieveaanpak en het organiseren van algemene voorzieningen, samenmet inwoners aan te laten sluiten bij de doelstellingen van Model Veenendaal 2020;

    • in de sociale basis altijd sprake is van samenwerking met vrijwilligers en een mengvorm van formeel en informeel;

    • de sociale basis aanspreekpunt is voor inwoners;

  • de gemeente de regie op de middelen voor het vrijwilligerswerk, zoals dat tot en met 2020 gecoördineerd en gefinancierd werd door Santé Partners, in eigen hand wil nemen;

gelet op

titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 2, lid 2 van de Algemene subsidieverordening gemeente Veenendaal (Asv);

BESLUIT:

vast te stellen de Subsidieregeling vrijwilligerswerk en informele zorg Veenendaal.

Artikel 1. Begripsbepalingen

Voor toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

a. Algemene voorzieningen:

een aanbod van diensten of activiteiten dat, zonder voorafgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de inwoner, toegankelijk is en dat is gericht op maatschappelijke ondersteuning;

b. Asv:

Algemene subsidieverordening gemeente Veenendaal;

c. Awb:

Algemene wet bestuursrecht;

d. Informele zorg:

de zorg en ondersteuning in het kader van vrijwillige inzet bij hulp- en ondersteuningsvragen door niet professionals en waarvoor geen vergoeding wordt ontvangen;

e. Maatschappelijkeondersteuning:

bevorderen van de sociale samenhang, de mantelzorg en vrijwilligerswerk, de toegankelijkheid van voorzieningen, diensten en ruimten voor mensen met een beperking, de veiligheid en leefbaarheid in de gemeente, alsmede voorkomenen bestrijden van huiselijk geweld, ondersteunen van de zelfredzaamheid en de participatie van personen met een beperking of met chronische psychische of psychosociale problemen zoveel mogelijk in de eigen leefomgeving;

f. Organisatie:

een rechtspersoonlijkheid bezittende organisatie die werkzaam is op het gebied van zorg, ondersteuning en welzijn en zich ten doel stelt zonder winstoogmerk activiteiten te verrichten;

g. Plan:

het bij de aanvraag in te dienen plan waarin aangeven wordt hoe aan de doelstellingen en criteria van deze subsidieregeling wordt voldaan en voorzien van een bijbehorende begroting;

h. Sociale basis:

het geheel van organisaties, bedrijven, religieuze instellingen, diensten, voorzieningen en betrekkingen die het mogelijk maken dat mensen in sociale verbanden (buurten, groepen, netwerken, gezinnen) een bijdrage kunnen leveren aan de maatschappelijke doelen van de gemeente Veenendaal;

i. Subsidieplafond:

het bedrag dat het college gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar stelt voor de verstrekking van subsidies binnen de door de raad vastgestelde begroting;

j. Vrijwillige inzet:

hulp en ondersteuning die aan een hulpvrager geboden wordt door een vrijwilliger, die zich hier zonder geldelijke beloning voor inzet, en waarbij geldt dat er voor de start van de hulp en ondersteuning niet sprake is van een persoonlijke relatie met de hulpvrager. Deze vrijwillige inzet vindt plaats binnen een georganiseerd verband (vrijwilligersorganisatie);

k. Vrijwilligersorganisatie:

een privaatrechtelijke rechtspersoon met volledigerechtsbevoegdheid (stichting of vereniging), die al dan niet inopdracht van de gemeente, zonder winstoogmerk activiteitenuitvoert met vrijwilligers, eventueel ondersteund door een ofmeerdere beroepskrachten. De uitvoerende werkzaamhedenvan de organisatie worden geheel door vrijwilligers gedaan. Inhet kader van informele zorg gaat het dan om de inzet vanvrijwilligers bij hulp- en ondersteuningsvragen;

l. Wmo:

Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. Wet inhoudende regels inzake de gemeentelijke ondersteuning op het gebied van zelfredzaamheid, participatie, beschermd wonen en opvang;

m. Wijkgericht:

gericht op een wijk zoals die op de website van de gemeenteVeenendaal staat vermeld.

Artikel 2. Doelgroep

Tot de doelgroep van deze subsidieregeling behoren vrijwilligersorganisaties die vrijwilligers inzetten bij hulp- en ondersteuningsvragen van kwetsbare inwoners van Veenendaal.

Artikel 3. Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen

  • 1.

    De activiteiten dienen bij te dragen aan versterking van de sociale basis en tot doel te hebben:

    • a.

      ondersteuning van kwetsbare inwoners;

    • b.

      vergroten van de zelfredzaamheid van inwoners;

    • c.

      versterken van de buurt en bevorderen participatie;

    • d.

      voorkomen van sociaal isolement en eenzaamheid.

  • 2.

    De activiteiten sluiten aan bij de lokale infrastructuur en zijn gericht op samenwerking met relevante partijen zoals:

    • a.

      cliëntorganisaties/ervaringsdeskundigen;

    • b.

      wijkteams;

    • c.

      welzijnsorganisaties;

    • d.

      andere vrijwilligersorganisaties;

    • e.

      de gemeente.

Artikel 4. Toetsingscriteria

  • 1.

    Voor subsidie komen uitsluitend activiteiten in aanmerking die voldoen aan de criteria opgenomen in de bijlage.

  • 2.

    Voor subsidie komen in ieder geval niet in aanmerking:

    • a.

      Activiteiten die gericht zijn op sport of cultuur;

    • b.

      Activiteiten waarvoor reeds op grond van een andere gemeentelijke subsidieregeling of anderszins bekostiging door de gemeente plaatsvindt;

    • c.

      Activiteiten of de vrijwilligersorganisaties waarvoor subsidie wordt aangevraagd en die niet breed toegankelijk zijn voor inwoners van Veenendaal;

    • d.

      Activiteiten of een programma van activiteiten die een politiek en/of religieus karakter hebben.

Artikel 5. Aanvraagperiode

  • 1.

    Subsidieaanvragen moeten ingediend zijn uiterlijk 30 september voorafgaand aan het jaarwaarop de subsidie betrekking heeft.

  • 2.

    Aanvragen die de gemeente buiten de aanvraagperiode ontvangt, worden geweigerd zonderverdere inhoudelijke beoordeling.

  • 3.

    Bij de subsidieaanvraag wordt een plan overgelegd waaruit blijkt op welke manier aan dedoelstellingen en de criteria opgenomen in de bijlage van deze subsidieregeling wordt voldaan.

  • 4.

    De subsidieaanvragen kunnen na de uiterste indieningsdatum niet worden veranderd,inhoudelijk worden gewijzigd of aangevuld, tenzij de gemeente daar ter verduidelijking van desubsidieaanvraag uitdrukkelijk om vraagt.

Artikel 6. Subsidieplafond en wijze van verdeling

  • 1.

    Het college stelt jaarlijks, na de vaststelling van de gemeentebegroting, een subsidieplafondvast voor het daarop volgende jaar, voor het subsidiëren van de activiteiten op grond van deze subsidieregeling.

  • 2.

    Het subsidieplafond voor 2021 bedraagt € 168.000,-.

  • 3.

    Het college kan een eerder vastgesteld subsidieplafond verhogen of verlagen.

  • 4.

    Hoofdstuk 3 van de Asv is inzake de procedure van aanvraag, te overleggen bijlagen en bescheiden, verlening en vaststelling alsmede inzake reserves en verplichtingen onverminderd van toepassing op de verlening, tenzij het college van burgemeester en wethouders anders bepaalt.

  • 5.

    Het college beoordeelt of de activiteiten in voldoende mate aansluiten bij de beleidsdoelstellingen en betrekt hierbij een afweging in kosten (hoeveelheid subsidie) versus opbrengst (bijdrage aan beleidsdoelstellingen). Een gedeeltelijke verlening en weigering van de subsidie is op basis van deze afweging mogelijk.

  • 6.

    Bij overschrijding van het subsidieplafond vindt de verdeling van de beschikbare subsidies in eerste instantie op inhoudelijke gronden plaats, te weten:

    • a.

      de mate waarin de gesubsidieerde vrijwilligersorganisatie en de door haar uitgevoerde activiteiten een bijdrage levert aan de beleidsdoelstellingen van Model Veenendaal 2020 en het Integraal beleidskader ‘Sterker door Verbinding’ en de uitvoeringsplannen, met name het versterken van de sociale basis;

    • b.

      de mate waarin de activiteiten bijdragen aan het versterken van de zelfredzaamheid van bewoners;

    • c.

      de mate waarin de activiteiten bijdragen aan het versterken van de zorg van bewoners voor elkaar;

    • d.

      welke bijdrage levert de vrijwilligersorganisatie en de door haar uitgevoerde activiteiten aan de versterking van preventie en maatschappelijke zorg;

    • e.

      het aantal inwoners dat wordt bereikt.

  • 7.

    De toekenningen zullen worden gepubliceerd. Hiermee wordt beoogd de transparantie te vergroten en (vrijwilligers)organisaties te stimuleren tot samenwerking.

Artikel 7. Subsidiabele kosten

  • 1.

    Subsidie is in de basis gericht op de gemaakte kosten voor de uitvoering van de activiteiten.

  • 2.

    Subsidie voor de redelijk te maken materiële kosten van uitvoering van de activiteiten.

  • 3.

    De subsidie bedraagt maximaal 50% van de subsidiabele kosten met een maximum van€ 40.000,-.

  • 4.

    Per organisatie/aanvraag kan maximaal € 40.000,- aan subsidie worden verleend.

Artikel 8. Verplichtingen

  • 1.

    Het college legt, in aanvulling op hoofdstuk 6 van de Asv, aan de subsidieontvanger de volgende verplichtingen op:

    • a.

      indien het een activiteit of programma betreft met kinderen tot 18 jaar of met kwetsbare mensen, dienen de vrijwilligers, leidinggevenden en/of coaches, te beschikken over een Verklaring Omtrent Gedrag;

    • b.

      de subsidieontvanger verleent alle medewerking aan evaluatie en monitoring van gesubsidieerde activiteiten, o.a. op basis van de verantwoordingsrapportages conform de vastgestelde formats;

    • c.

      de subsidieontvanger informeert het college onverwijld indien de continuïteit van de gesubsidieerde activiteiten in het geding is;

    • d.

      de subsidieontvanger blijft gedurende de looptijd van de subsidie voldoen aan de eisen en criteria zoals genoemd in deze subsidieregeling;

    • e.

      de subsidieontvanger is op de hoogte van en neemt, indien nodig, deel aan relevante netwerken voor informatie-uitwisseling en gebruikt lokale en landelijke knooppunten/expertisecentra bij het uitvoeren van haar dienstverlening; en,

    • f.

      de subsidieontvanger is op de hoogte van en sluit aan bij gemeentelijke en wijkgerichte ontwikkelingen op het gebied van welzijn, ondersteuning en zorg.

  • 2.

    Het college kan daarnaast bij de subsidieverlening nog overige doelgebonden verplichtingen opleggen.

Artikel 9. Voorschotten

  • 1.

    Aan de subsidieontvanger c.q. de penvoerder wordt in maandelijkse termijnen een voorschot van het verleende subsidiebedrag uitbetaald, tenzij in de toelichting of de verleningsbeschikking anders is bepaald.

Artikel 10. Besluit tot subsidievaststelling

  • 1.

    Voor subsidies op grond van deze regeling is hoofdstuk 7 van de Asv van toepassing.

Artikel 11. Afwijkingsbevoegdheid

Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van één of meerdere bepalingen van deze regeling.

Artikel 12. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2021.

Artikel 13. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling vrijwilligerswerk en informele zorg Veenendaal.

Ondertekening

Vastgesteld in de vergadering van 31 maart 2020,

mevrouw drs. A.P.W. van de Klift

gemeentesecretaris

de heer K.J.G. Kats

burgemeester