Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Vijfheerenlanden houdende regels omtrent de rekenkamer (Verordening op de Rekenkamer Vijfheerenlanden 2020)

Geldend van 01-01-2020 t/m heden

Intitulé

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Vijfheerenlanden houdende regels omtrent de rekenkamer (Verordening op de Rekenkamer Vijfheerenlanden 2020)

De raad van de gemeente Vijfheerenlanden;

Gelet op de 81a t/m 81k en 182 t/m 185 Gemeentewet;

besluit vast te stellen de Verordening op de Rekenkamer Vijfheerenlanden 2020:

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • -

    wet: Gemeentewet;

  • -

    voorzitter: voorzitter van de rekenkamer;

  • -

    college: college van burgemeester en wethouders.

  • -

    presidium: de commissie als beschreven in artikel 2 van het Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van Vijfheerenlanden 2019.

Artikel 2 Instelling en taak

  • 1. Er is een rekenkamer die door de raad is ingesteld.

  • 2. De rekenkamer bestaat uit minimaal drie en maximaal vijf leden.

  • 3. De rekenkamer onderzoekt de doelmatigheid, doeltreffendheid en de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde bestuur. Een door de rekenkamer ingesteld onderzoek naar de rechtmatigheid van het gevoerde bestuur bevat geen controle van de jaarrekening.

Artikel 3 Benoeming

  • 1. De raad benoemt de voorzitter en de overige leden van de rekenkamer op voorstel van het presidium.

  • 2. De benoeming voor een periode van zes jaar, waarna de mogelijkheid bestaat tot een eenmalige herbenoeming voor eenzelfde periode.

  • 3. Bij de samenstelling van de rekenkamer ziet de raad toe op een evenwichtige spreiding van competenties die voor het goed functioneren van de rekenkamer van belang zijn. Voor dat doel stelt de raad, op voorstel van het presidium, een profielschets op voor iedere vacature van lid van de rekenkamer.

  • 4. Het presidium voegt bij het voorstel een verklaring van elke kandidaat met:

    • a.

      de mededeling dat hij een benoeming als lid zal aanvaarden;

    • b.

      een overzicht van de openbare functies en nevenfuncties die hij bekleedt.

  • 5. Bij de start van het proces tot werving en benoeming van de voorzitter en de overige leden van de rekenkamer pleegt het presidium overleg met de rekenkamer.

  • 6. De rekenkamer wijst uit zijn midden een plaatsvervangend voorzitter aan die bij ontstentenis van de voorzitter diens taken overneemt.

  • 7. De rekenkamer is verantwoordelijk voor de continuïteit van de werkzaamheden van de rekenkamer.

  • 8. Als de voorzitter door de raad wordt ontslagen of op non-actief wordt gesteld, kan de raad voor de tijdelijke vervanging in de functie van de voorzitter een van het zesde lid van dit artikel afwijkende regeling treffen.

Artikel 4 Ontslag en non-activiteit

  • 1. Een lid van de rekenkamer kan op eigen verzoek worden ontslagen door de raad.

  • 2. Een lid van de rekenkamer kan door de raad worden ontslagen als een van de ontslaggronden zich voordoet, bedoeld in artikel 81c zesde of zevende lid, of van artikel 81d, eerste of tweede lid van de gemeentewet

  • 3. Het presidium bericht de raad als een van ontslaggronden zich voordoet, bedoeld in artikel 81c, zesde of zevende lid, of van artikel 81d, eerste of tweede lid van de gemeentewet.

  • 4. In de gevallen, bedoeld in artikel 81c, zevende lid, en in artikel 81d, tweede lid, van de gemeentewet adviseert het presidium de raad over de vraag of al dan niet moet worden overgegaan tot ontslag, respectievelijk het op non-actief stellen van het desbetreffende lid.

  • 5. Het presidium adviseert de raad tevens met betrekking tot een beslissing tot verlenging of beëindiging van een maatregel zoals bedoeld in artikel 81d, eerste of tweede lid.

Artikel 5 Budget

  • 1. De rekenkamer is bevoegd binnen een aan haar bij de begroting beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen ten behoeve van de uitvoering van haar taken.

  • 2. De rekenkamer verantwoordt de baten en lasten van het vorig begrotingsjaar in het jaarverslag aan de raad, als bedoeld in artikel 185, derde lid gemeentewet.

Artikel 6 Vergoeding voor de werkzaamheden van de leden van de rekenkamer

  • 1. Leden van de rekenkamer vallen niet onder de ambtelijke rechtspositie van de gemeente.

  • 2. Leden van de rekenkamer ontvangen een vergoeding voor hun reguliere werkzaamheden en een tegemoetkoming in de kosten, conform artikel 81k Gemeentewet. De hoogte van de vergoeding van de voorzitter bedraagt € 400,= per maand en de hoogte van de vergoeding voor leden bedraagt € 300,= per maand.

  • 3. Met reguliere werkzaamheden wordt bedoeld: het opstellen van een onderzoeksprogramma, het schrijven van conclusies en aanbevelingen (bestuurlijke boodschap), voorbereiden en bijwonen rekenkamervergaderingen, bijwonen van vergaderingen van de raad, aansturen van het secretariaat etc.

  • 4. De leden ontvangen op basis van declaratie een vergoeding van € 80,= per uur voor eventuele verrichte onderzoekswerkzaamheden.

  • 5. Met onderzoekswerkzaamheden wordt bedoeld: werkzaamheden voor het uitvoeren van een onderzoek zoals documentanalyse, het houden van interviews, het maken van gespreksverslagen van interviews etc.

  • 6. Een vergoeding van reiskosten wordt op basis van declaratie uitbetaald. De kosten voor het gebruik van het openbaar vervoer wordt vergoed voor reizen 2e klasse. Bij gebruik van eigen vervoer bedraagt de vergoeding 0,19 euro per gereden kilometer.

Artikel 7 Ambtelijke ondersteuning rekenkamer

  • 1. De rekenkamer heeft recht op een eigen secretaris. De loonkosten voor de secretaris worden bekostigd uit het budget van de rekenkamer.

  • 2. De secretaris wordt direct aangestuurd door de voorzitter van de rekenkamer.

  • 3. De secretaris wordt toegevoegd aan de griffie en valt rechtspositioneel onder de griffie.

  • 4. De gemeentelijke rechtspositie is van toepassing op deze ambtenaar, voor zover deze geen ondergeschiktheid aan een ander orgaan van de gemeente impliceert.

  • 5. De rekenkamer is, bij het ontstaan van een vacature, verantwoordelijk voor de werving en selectie van de secretaris, inclusief de bijkomende kosten hiervoor.

Artikel 8 Inhuur externe deskundigen en onderzoeksmedewerkers

  • 1. De rekenkamer kan zich bij de uitvoering van haar taken laten bijstaan door derden.

  • 2. De rekenkamer is bevoegd ten laste van haar budget zonodig externe deskundigheid, onderzoeksmedewerkers of onderzoeksbureaus in te huren.

  • 3. Externe deskundigen en onderzoeksmedewerkers kunnen, indien de rekenkamer hen daartoe de bevoegdheid toekent, alle informatie verzamelen die de rekenkamer in het belang van het onderzoek nodig acht. Zij hebben een geheimhoudingsplicht met betrekking tot die informatie en zijn alleen verantwoording verschuldigd aan de rekenkamer.

Artikel 9 Reglement van Orde

De rekenkamer stelt een reglement van orde vast voor haar vergaderingen en overige werkzaamheden. Zij zendt het reglement na vaststelling ter kennisname aan de raad.

Artikel 10 Jaarplan

  • 4. De rekenkamer stelt jaarlijks rond de jaarwisseling een jaarplan met onderzoeksprogramma vast en consulteert voorafgaand de raad over de onderzoekskeuze.

  • 5. De rekenkamer zendt het jaarplan na vaststelling ter kennisname aan de raad.

Artikel 11 Verzoek

  • 1. De raad kan de rekenkamer een gemotiveerd verzoek doen tot het instellen van een onderzoek.

  • 2. De rekenkamer bericht de raad binnen een maand of en in hoeverre de rekenkamer aan dat verzoek zal voldoen. Indien de rekenkamer niet aan het verzoek van de raad voldoet, voert zij daarvoor goede onderbouwing aan.

  • 3. In het geval dat de rekenkamer niet beschikt over (voldoende) budget om gehoor te geven aan een verzoek van de raad, treedt de rekenkamer met de raad in overleg over het verstrekken van aanvullend budget door de raad.

Artikel 12 Rapportage en terugkoppeling

  • 1. De rekenkamer informeert de raad, het college en de gemeentesecretaris/algemeen directeur over het instellen van een onderzoek.

  • 2. De rekenkamer biedt het conceptonderzoeksrapport aan de gemeentesecretaris en/of directeur van de onderzochte instanties aan ter verificatie van de feitelijke juistheid en volledigheid (ambtelijk wederhoor).

  • 3. De gemeentesecretaris reageert uiterlijk binnen drie weken schriftelijk op de feitelijke juistheid en volledigheid van het conceptrapport.

  • 4. Na ontvangst van de reactie(s) stelt de rekenkamer het concept-onderzoeksrapport vast en formuleert de rekenkamer conclusies en aanbevelingen.

  • 5. De rekenkamer biedt de conclusies en aanbevelingen aan het college van burgemeester en wethouders en/of onderzochte instanties aan voor een bestuurlijke reactie (bestuurlijk wederhoor).

  • 6. Het college reageert schriftelijk en uiterlijk binnen vier weken na verzending van de conclusies en aanbevelingen.

  • 7. De rekenkamer biedt het definitieve rapport aan de raad aan, inclusief de bestuurlijke reactie van het college en eventueel een nawoord van de rekenkamer. De rekenkamer stelt een raadsvoorstel op en formuleert de aanbevelingen zo veel mogelijk op in de vorm van amendeerbare conceptbesluiten van de raad.

  • 8. De rekenkamer licht haar rapporten in principe toe aan de raad. De raad vergadert in openbaarheid over de conclusies en aanbevelingen.

Artikel 13 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2020.

Artikel 14 Citeertitel

Dit besluit kan worden aangehaald als ‘Verordening op de Rekenkamer Vijfheerenlanden 2020’.

Ondertekening

Aldus besloten door de raad van Vijfheerenlanden

in zijn openbare vergadering van 12 december 2019

de raadsgriffier

K.I. (Krista) Goossens

de voorzitter

S. (Sjors) Fröhlich