Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Horst aan de Maas houdende regels over de heffing en de invordering van marktgelden 2020 (Verordening marktgelden gemeente Horst aan de Maas 2020)

Geldend van 20-12-2019 t/m 01-01-2021

Intitulé

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Horst aan de Maas houdende regels over de heffing en de invordering van marktgelden 2020 (Verordening marktgelden gemeente Horst aan de Maas 2020)

raadsbesluit

Bijlage van gemeentebladnummer 2019.146c.

De raad van de gemeente Horst aan de Maas;

gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 4 november 2019, gemeentebladnummer 2019.146c;

gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Gemeentewet;

b e s l u i t :

vast te stellen de volgende verordening:

Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden gemeente Horst aan de Maas 2020

Artikel 1 Begripsomschrijvingen.

Voor toepassing van de tarieventabel wordt verstaan onder:

  • a.

    Dag: een periode van 0:00 uur tot 24:00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

  • b.

    Standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt op het marktterrein is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel;

  • c.

    Vaste standplaats: een standplaats voor een periode van minimaal 3 maanden.

Artikel 2 Belastbaar feit

Onder de naam marktgeld wordt een recht geheven voor het gebruik of genot van een standplaats tot het ten verkoop aanbieden van goederen of voorwerpen van handel, op markten.

Artikel 3 Belastingplicht

Het marktgeld wordt geheven van degene die het in artikel 2 omschreven gebruik of genot heeft, danwel degene aan wie de vergunning voor het innemen van de standplaats is verstrekt.

Artikel 4 Maatstaf van heffing en belastingtarief

Het marktgeld bedraagt:

  • 1.

    In Horst voor een vaste standplaats per 3 maanden € 23,00

    verhoogd met € 18,40

    per strekkende meter frontbreedte of gedeelte daarvan

  • 2.

    In Sevenum voor een vaste standplaats per 3 maanden € 18,40

    per strekkende meter frontbreedte of gedeelte daarvan

  • 3.

    voor een standplaats per dag € 11,40

Artikel 5 Berekening van de marktgelden

Indien in de verordening tarieven voor verschillende tijdseenheden zijn opgenomen, worden de marktgelden berekend op de voor de belastingplichtige meest voordelige wijze.

Artikel 6 Belastingtijdvak

  • 1. Het belastingtijdvak is gelijk aan een periode van 3 maanden beginnende op 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober.

  • 2. Het eerste belastingtijdvak gaat in op de datum van ingang van de heffing.

Artikel 7 Wijze van heffing

  • 1. De Marktgelden worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld.

  • 2. Indien zich ten aanzien van eenzelfde belastingplichtige meerdere belastbare feiten voordoen, kunnen de marktgelden ter zake daarvan worden geheven bij wege van één gedagtekende schriftelijke kennisgeving.

Artikel 8 Ontstaan belastingschuld

  • 1. Voor de vaste standplaatsen is het recht verschuldigd op de eerste wekelijkse marktdag na aanvang van het belastingtijdvak.

  • 2. Voor de overige standplaatsen is het recht verschuldigd op het tijdstip waarop de standplaats wordt ingenomen.

Artikel 9 Termijnen van betaling

In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moeten de marktgelden worden voldaan binnen 1 maand na dagtekening van de kennisgeving.

Artikel 10 Teruggaaf

Geheel of gedeeltelijke teruggave van het marktgeld wordt verleend op aanvraag, als bedoeld in artikel 242 van de Gemeentewet.

Teruggave vindt slechts plaats, indien de belastingplichtige door overmacht, welke hem niet zijn toe te rekenen, van de standplaats geen gebruik heeft gemaakt.

De hoogte van de teruggave wordt gesteld op het aantal marktdagen, dat van de standplaats geen gebruik is gemaakt vermenigvuldigd met het aantal strekkende meter frontbreedte van de standplaats, maal het tarief.

Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de marktgelden.

Artikel 12 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. De “Verordening marktgelden gemeente Horst aan de Maas 2019”, vastgesteld bij raadsbesluit van 4 december 2018 door de gemeenteraad van de gemeente Horst aan de Maas, wordt ingetrokken met ingang van de in het vierde lid genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na de dag van de bekendmaking.

  • 3. In afwijking van het bepaalde in de voorgaande leden, blijft, indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, de ingetrokken verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover terzake daarvan de heffing van de marktgelden in die periode plaatsvindt.

  • 4. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2020.

  • 5. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening marktgelden gemeente Horst aan de Maas 2020.

Ondertekening

Aldus besloten in de openbare vergadering van 10 december 2019.

De raad voornoemd,

De voorzitter,

drs. R.F.I. Palmen

De griffier,

mr. R.J.M. Poels