Verordening op de ambtelijke bijstand aan raadsleden en fractieondersteuning 2019

Geldend van 28-05-2026 t/m heden

Intitulé

Verordening op de ambtelijke bijstand aan raadsleden en fractieondersteuning 2019

De raad van de gemeente Helmond;

gelet op artikel 33 en 147 van de Gemeentewet;

gezien het advies van de Adviescommissie Inwoners;

besluit:

  • I

    in te trekken de Verordening op de ambtelijke bijstand aan raadsleden en fractieondersteuning 2017;

  • II

    vast te stellen de Verordening op de ambtelijke bijstand aan raadsleden en fractieondersteuning 2019.

Paragraaf 1 algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    fractie: elke groepering in de gemeenteraad die ten tijde van het begin van een nieuwe zittingsperiode van de raad is geregistreerd overeenkomstig artikel G3 van de Kieswet of die is gevormd naar aanleiding van een mededeling van een lid van de raad overeenkomstig het Reglement van Orde voor de vergaderingen van de gemeenteraad;

  • b.

    fractieondersteuning: ondersteuning ten behoeve van de uitvoering van werkzaamheden van de fractie;

  • c.

    financiële bijdrage: de bijdrage waarop een fractie jaarlijks aanspraak kan maken op grond van deze verordening;

  • d.

    liquide middelen: kas- en banktegoeden;

  • e.

    percentage voor inflatie/prijscompensatie: het geldende percentage dat wordt toegepast bij de budgetten voor goederen en diensten derden ter compensatie van gestegen prijzen, zoals dit is opgenomen in de door de gemeenteraad vastgestelde Programmabegroting.

  • f.

    fractievoorzittersoverleg: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 5 van het Reglement van orde van de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad Helmond 2018.

Paragraaf 2 ambtelijke bijstand

Artikel 2

  • 1. Een raadslid kan zich wenden tot de griffier met een verzoek om:

    • a.

      feitelijke en beschikbare informatie van geringe omvang;

    • b.

      inzage in of afschrift van documenten die openbaar zijn;

    • c.

      advies, in de betekenis van het geven van een deskundig oordeel;

    • d.

      technische bijstand bij het formuleren van initiatief voorstellen, amendementen en moties of andere bijstand.

  • 2. De informatie, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a of b, wordt door de griffier, een medewerker van de griffie of op verzoek van de griffier door een ambtenaar gegeven.

  • 3. Indien een ambtenaar twijfelt of het verzoek betrekking heeft op informatie bedoeld in het eerste lid, onderdeel a of b, stelt hij de secretaris daarvan in kennis. De secretaris beslist.

  • 4. Het advies en de technische bijstand, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c en d, wordt verleend door de griffier of een medewerker van de griffie. Indien het gevraagde advies of de gevraagde bijstand niet door de griffier of een medewerker van de griffie kan worden verleend kan de griffier de secretaris verzoeken één of meer ambtenaren aan te wijzen, die het gevraagde advies of de gevraagde bijstand zo spoedig mogelijk verlenen.

Artikel 3

  • 1. Een raadslid dat informatie, advies of technische bijstand wenst kan zich wenden tot de griffier of griffie.

  • 2. De griffier wendt zich tot de betrokken ambtenaar of de leidinggevende van het betreffende organisatieonderdeel.

  • 3. Ambtelijke bijstand op verzoek van de griffier wordt verstrekt, tenzij:

    • a.

      niet aannemelijk is gemaakt dat de bijstand betrekking heeft op de werkzaamheden van de raad als zodanig;

    • b.

      dit het belang van de gemeente kan schaden;

    • c.

      dit het werkbaar evenwicht als genoemd in artikel 6 verstoort.

  • 4. De secretaris beoordeelt of ambtelijke bijstand op grond van het derde lid geweigerd wordt.

  • 5. Indien de bijstand op grond van het derde lid wordt geweigerd deelt de secretaris dit met redenen omkleed mee aan de griffier en aan het raadslid dat het verzoek heeft ingediend.

Artikel 4

Indien het verzoek om bijstand van een ambtenaar door de secretaris wordt geweigerd kan de griffier of het betrokken raadslid het verzoek voorleggen aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk over het verzoek.

Artikel 5

  • 1. Indien een raadslid niet tevreden is over door een ambtenaar verleende bijstand, doet hij of de griffier hiervan mededeling aan de secretaris.

  • 2. Indien overleg met de secretaris niet leidt tot een voor beide partijen bevredigende oplossing leggen zij de zaak voor aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk over de zaak.

Artikel 6

De secretaris ziet toe op een werkbaar evenwicht tussen het aantal malen dat een beroep wordt gedaan op het verlenen van ambtelijke bijstand als bedoeld in artikel 2, eerste lid, en de beschikbare capaciteit van de reguliere ambtelijke organisatie.

Artikel 7

De secretaris verstrekt de desbetreffende portefeuillehouder in het college desgewenst inlichtingen omtrent verzoeken als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel c en d.

Artikel 8

  • 1. De griffier houdt een register bij van de verleende ambtelijke bijstand als bedoeld in artikel 2, waarin per verzoek om bijstand aan de reguliere organisatie wordt opgenomen:

    • a.

      welk raadslid om bijstand heeft verzocht;

    • b.

      over welk onderwerp om bijstand heeft verzocht;

    • c.

      de gemeentelijke dienst of afdeling die de bijstand heeft verleend;

    • d.

      de reden waarom een verzoek is geweigerd.

  • 2. De griffier verstrekt het presidium en de secretaris regelmatig een afschrift van het verzoek uit het register.

Paragraaf 3 fractieondersteuning

Artikel 9. Aanspraak fractieondersteuning

  • 1. Fracties kunnen aanspraak maken op een financiële bijdrage als tegemoetkoming in de kosten voor ondersteuning.

  • 2. De financiële bijdrage als bedoeld in het eerste lid bestaat jaarlijks maximaal uit een voor elke fractie gelijk vast bedrag ter hoogte van € 5.000,- vermeerderd met een variabel bedrag per raadszetel ter hoogte van € 600,-.

  • 3. De bedragen genoemd in het tweede lid worden per 1 januari van elk jaar geïndexeerd met het voor dat boekjaar geldende percentage voor inflatie/prijscompensatie. Dat gebeurt voor het eerst in 2024.

  • 4. Eens in de twee jaar bepaalt het fractievoorzittersoverleg of de bedragen in het tweede lid zouden moeten worden verhoogd in verband met de groei van het aantal inwoners van de stad. Dat gebeurt voor het eerst in 2025. Op de alsdan vastgestelde bedragen is het derde lid van overeenkomstige toepassing.

  • 5. Bij de bepaling van het aantal fracties en het aantal leden per fractie is de situatie op 1 januari van elk jaar bepalend.

  • 6. Bij de vorming van nieuwe fracties als gevolg van afsplitsing ontstaat voor de nieuwe fractie pas een recht op de bijdragen genoemd in het eerste en tweede lid op 1 januari van het jaar volgend op het jaar waarin de nieuwe fractie gevormd is.

  • 7. Fracties mogen, indien in het voorafgaande jaar het budget op basis van het tweede lid niet geheel gebruikt is, 100% van het over dat jaar resterende budget alsnog gebruiken in het jaar daaropvolgend, indien een uitgave de financiële bijdrage van dat jaar overstijgt.

Artikel 10. Besteding

  • 1. Fracties besteden de tegemoetkoming als bedoeld in artikel 9 uitsluitend ter versterking van hun politieke werkzaamheden.

  • 2. De bijdrage mag in elk geval niet gebruikt worden ter bekostiging van:

    • a.

      uitgaven die op grond van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers al worden vergoed;

    • b.

      uitgaven die de fractie op andere wijze dan onder a genoemd al bekostigd krijgt;

    • c.

      uitgaven in verband met verkiezingsactiviteiten;

    • d.

      uitgaven in verband met het uitdragen van opvattingen of standpunten, daaronder begrepen kosten in verband met een eigen website of sociale media accounts;

    • e.

      betalingen aan politieke partijen, met politieke partijen verbonden instellingen of natuurlijke personen anders dan ter vergoeding van aan de fractie geleverde prestaties op basis van een gespecificeerde, reële declaratie;

    • f.

      kosten van activiteiten, gericht op de partij: partijbijeenkomsten, ledenvergaderingen, bestuursvergaderingen, vergoedingen aan personen die activiteiten voor de partij verrichten (en dus niet uitsluitend voor de fractie), activiteiten die gericht zijn op (alle) leden van een partij;

    • g.

      uitgaven ten behoeve van bedrijven of instellingen, waarover raadsleden of burgercommissieleden middellijk of onmiddellijk zeggenschap hebben;

    • h.

      uitgaven aan raadsleden of burgercommissieleden voor werkzaamheden die zij als beleidsmedewerker of anderszins in opdracht van een fractie verrichten;

    • i.

      leningen en beleggingen;

    • j.

      relatiegeschenken en cadeaus met een waarde van meer dan € 50,-.

Artikel 11. Wijziging zeteltal vanwege verkiezingen

  • 1. Indien het zeteltal van een fractie ten gevolge van verkiezingen verandert, wijzigt de bijdrage als een percentage van artikel 9, tweede lid, als volgt:

    • a.

      bij vermindering van het zeteltal: op de eerste dag van de maand waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt;

    • b.

      bij vermeerdering van het zeteltal: op de eerste dag van de maand waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt;

    • c.

      bij een nieuwe fractie wordt uitgegaan van het zetelaantal dat bij de desbetreffende verkiezingen is behaald.

  • 2. Als een fractie als gevolg van verkiezingen ophoudt te bestaan, vervalt de aanspraak op de financiële bijdrage met ingang van de datum dat de raad in de nieuwe samenstelling aantreedt

Artikel 12. Splitsing fractie en einde bestaan fractie

  • 1. Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of zich aansluiten bij een andere fractie, wordt het voor elk van deze zetels beschikbaar gestelde variabele deel van de financiële bijdrage toebedeeld aan de nieuw gevormde fractie of aan de fractie waarbij aangesloten wordt.

  • 2. Als een fractie tijdens een zittingsperiode ophoudt te bestaan, vervalt de aanspraak op de financiële bijdrage met ingang van de maand volgend op de maand waarin de fractie hiervan kennisgeving heeft gedaan.

Artikel 13. Betaling financiële bijdrage

  • 1. De verstrekking van de bijdrage vindt plaats op basis van een bij de griffier ingediende declaratie met originele rekening/factuur of op basis van facturatie.

  • 2. Elke fractie kan tot maximaal twee weken na het einde van een kalenderjaar declaraties met originele rekening/factuur indienen.

  • 3. Indien de griffie meent dat een declaratie (mogelijk) niet in aanmerking komt voor vergoeding in het kader van de verordening, wordt de indiener (fractie) hierover geïnformeerd.

  • 4. Bij voortdurende onenigheid beslist het fractievoorzittersoverleg.

Paragraaf 4 Slotbepalingen

Artikel 14.

  • 1. De Verordening op de ambtelijke bijstand en fractieondersteuning 2017 wordt ingetrokken op 1 januari 2020.

  • 2. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2020.

Ondertekening

Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 10 september 2019.

De raad voornoemd,

de voorzitter,

mevr. P.J.M.G. Blanksma van den Heuvel

de griffier,

mr. J.P.T.M. Jaspers