Beleidsregels evenementen in Roosendaal - levendigheid en leefbaarheid in balans

Geldend van 27-12-2018 t/m heden

Intitulé

Beleidsregels evenementen in Roosendaal - levendigheid en leefbaarheid in balans

Burgemeester en wethouders van de gemeente Roosendaal;

De burgemeester van de gemeente Roosendaal;

gelet op artikel 2:25 van de Algemene Plaatselijke Verordening;

overwegende dat:

  • -

    de gemeenteraad op 30 november 2017 het beleidskader Evenementen in Roosendaal heeft vastgesteld;

  • -

    aanvullend op dit kader het van belang is om beleidsregels vast te stellen;

BESLUITEN

vast te stellen de Beleidsregels evenementen in Roosendaal – levendigheid en leefbaarheid in balans.

1. Inleiding

In de gemeente Roosendaal vinden jaarlijks vele evenementen plaats. In het belang van de openbare orde en veiligheid en leefbaarheid is het gewenst voorschriften en regels te stellen aan het plaatsvinden van die evenementen. Deze regels zijn vastgelegd in de Algemene Plaatselijke Verordening, in het bijzonder de bepalingen van “afdeling 7 evenementen”

(zie bijlage 1 voor de volledige tekst). Deze regels vormen met het beleidskader “Evenementen in Roosendaal” (bijlage 5) de basis voor deze beleidsregels.

Definitie evenement en vergunningplicht

Artikel 2:24 betreft de begripsbepaling. In het kader van de gemeentelijk vergunningverlening “wordt onder een evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak”; hiervan wordt een aantal activiteiten uitgezonderd, zoals: bioscoopvoorstellingen en warenmarkten en hieraan wordt ook een aantal specifieke activiteiten toegevoegd zoals braderieën, snuffelmarkten, wegwedstrijden en optochten (zie bijlage 1 voor de volledige tekst). 1

Artikel 2:25 stelt dat het verboden is zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren en regelt de procedure hieromtrent.

Bevoegdheid burgemeester opstellen beleidsregels

Ter uitwerking van deze APV-bepalingen heeft de burgemeester de bevoegdheid om beleidsregels op te stellen. Met deze beleidsregels geeft hij aan hoe hij omgaat met de hem in de APV toevertrouwde bevoegdheden tot het beoordelen van vergunningaanvragen en het toezicht en handhaving op het plaatsvinden van evenementen. In een enkel geval kan het zo zijn dat bestuurlijke bevoegdheden tot het reguleren van evenementen zijn toevertrouwd aan het college van burgemeester en wethouders. Voor zover daarvan sprake is geeft ook het college van burgemeester en wethouders met deze nota aan hoe zij gebruik maakt van de haar toegekende bevoegdheden.

Meldingsplichtige evenementen

In artikel 2:25 van de APV is ook aangegeven in welke gevallen geen vergunning is vereist. De belangrijkste voorwaarden daarvoor zijn dat het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 250 personen, dat het evenement plaatsvindt tussen 9.00 en 23.00 uur en dat het maximaal toelaatbare geluidsniveau van 70 dB(A) en 83 dB(c) op de gevels van omringende woningen niet wordt overschreden (zie bijlage 1 voor de volledige tekst).

In het geval dat aan deze voorwaarden wordt voldaan kan worden volstaan met een melding. Het meldsysteem werkt over het algemeen naar tevredenheid. De ervaring heeft geleerd dat het meldsysteem bijdraagt aan een groot aantal activiteiten in de binnenstad. Deze zogeheten "kleine" evenementen passen echter niet altijd bij andere activiteiten in de stad. Daarnaast is geconstateerd dat in voorkomende gevallen misbruik wordt gemaakt van het meldsysteem. Dit leidt tezamen met het grote aantal kleine evenementen in voorkomend gevallen tot overlastsituaties. Dit geldt specifiek voor kleine evenementen die in de binnenstad plaatsvinden. Het is wenselijk om meer zicht op deze evenementen te krijgen zonder opnieuw een vergunningplicht in het leven te roepen. Om deze reden zijn in deze beleidsregels nadere bepalingen opgenomen voor deze categorie evenementen.

Meerjarenvergunningen

In het kader van de administratieve lastenverlichting is sinds 2013 met de “Beleidsnota meerjarige evenementenvergunningen” de mogelijkheid aanwezig om meerjarige evenementenvergunning (4 jaar met verlengingsmogelijkheid van weer 4 jaar) te verlenen. In bijlage 3 is de recente evaluatie van deze regeling opgenomen.

Kort samengevat: het doel van administratieve lastenverlichting is vooral bereikt door de verminderde leges die in rekening is gebracht. Er is echter sprake van een groot aantal zwaarder wegende argumenten tegen de mogelijkheid van meerjarige evenementenvergunningen:

  • ze staan op gespannen voet met de uiteenlopende sturingsbehoeften die de basis vormt van het nieuwe evenementenbeleid; m.n. de behoeften om meer te kunnen sturen op betere kwaliteit en kwantiteit die in verhouding staat tot de omgevingsbelasting;

  • met de invoering van de evenementenkalender en het onderliggende locatiebeleid (zie de betreffende paragraaf) is op een aantal locaties sprake van een beperkt aantal evenementenvergunningen en daarmee van schaarse vergunningen wat zich juridisch moeilijk verhoudt met het verstrekken van meerjaarse evenementenvergunningen;

  • vanuit de praktijk blijft veelvuldig de behoefte aan flexibiliteit waardoor vergunningen toch steeds aangepast moeten worden;

  • ook de reacties en bezwaren van omwonenden vragen om flexibiliteit en aanpassingsvermogen van de vergunning;

  • door het systeem van meerjarige vergunningen worden partijen niet meer automatisch uitgenodigd om na te denken over en rekening te houden met het evenement (meer specifiek de vele veiligheidsaspecten); hierdoor draagt het niet bij aan een betere bewustwording; het gevaar is aanwezig dat evenementen hierdoor ook niet meer goed in beeld zijn bij betrokkenen en belanghebbenden;

  • vanuit het veiligheidsbelang wordt geadviseerd om evenementen(vergunningen) tussentijds te kunnen evalueren om indien nodig bij te kunnen sturen; in hun gezamenlijke rapport "Meer aandacht nodig voor veiligheid en gezondheid bij publieks-evenementen" geven de landelijke Inspectie voor de Gezondheidszorg en de landelijke Inspectie Veiligheid en Justitie aan dat meerjarige evenementenvergunningen in deze niet wenselijk zijn.

    Gelet op deze evaluatie wordt de “Beleidsnota meerjarige evenementenvergunningen” met de invoering van deze beleidsregels ingetrokken. Dit betekent dat er geen nieuwe meerjarenvergunningen meer worden verstrekt en dat de lopende vergunningen na afloop niet meer verlengd worden. Daarbij zal getracht worden de administratieve lasten beperkt te houden door het verder vergemakkelijken van de aanvraag.

Evenementenbeleid

Deze beleidsregels kunnen worden gezien als een verdere uitwerking van het evenementenbeleid “Beleidskader Evenementen in Roosendaal” zoals dat door de gemeenteraad op 30 november 2017 is vastgesteld. Met deze nota “Beleidsregels Evenementen in Roosendaal” maken de burgemeester en het college, elk voor zover het hun bevoegdheden betreft, dit door de gemeenteraad vastgestelde beleidskader ook tot hun beleid. Mocht er sprake zijn van een afwijking van dit door de raad vastgestelde beleidskaders dan is dat specifiek in deze nota aangeduid.

Deze beleidsregels gelden voor alle evenementen 2 die in onze gemeente plaatsvinden. Daar waar locatie gebonden specifieke spelregels gelden zal dat in deze nota expliciet worden aangegeven.

2. De evenementenkalender

De beleidsnota “Evenementen in Roosendaal” biedt een nieuw instrument voor de evenementencoördinatie. Deze evenementenkalender biedt de gemeente de mogelijkheid om in een vroegtijdig stadium beter te kunnen sturen op het soort van, het moment van, de plaats van en het aantal evenementen. Deze sturing is vooral gericht op het vinden van een aantrekkelijke en verantwoorde balans is tussen levendigheid en leefbaarheid. Voor de toepassing van de kalender worden in deze paragraaf procedurele regels en toetsingscriteria gesteld. De uitvoering van de evenementenkalender is een taak van het evenementenloket, een samenwerking tussen gemeente (de interne citymarketingorganisatie) en VVV-Roosendaal.

Plaatsing op de evenementenkalender

Centraal staat het principe dat een evenement alleen voor vergunningverlening in aanmerking komt als het evenement een plaats heeft gekregen in de evenementenkalender.

Omgekeerd geldt niet dat een evenement na plaatsing op de evenementenkalender altijd een vergunning krijgt.

Om meer grip te krijgen op de meldingsplichtige evenementen in de compacte binnenstad 3 dienen deze net als de vergunningsplichtige evenementen als voorwaarde ook een plaats op de evenementenkalender te hebben en derhalve ook (liefst vroegtijdig) gemeld te worden conform de hierna beschreven intakeprocedure voor de evenementenkalender. Buiten de compacte binnenstad hoeven meldingsplichtige evenementen geen plaats op de evenementenkalender te hebben.

Intakeprocedure evenementenkalender

Organisatoren melden hun evenement aan bij het evenementenloket. Dit is nodig om eventueel op de evenementenkalender terecht te komen.

In de periode november tot en met december kunnen alle evenementen zich melden. Deze inschrijftermijn is bedoeld om iedereen gelijke kansen te bieden voor het soms beperkte aantal beschikbare vergunningen. Tegelijkertijd is het een middel om tot beter evenementenprogramma te komen; het moet er toe bijdragen dat evenementen op het juiste moment en op de meest geschikte locatie plaatsvinden; enerzijds vanuit het optimale sociaal-economische rendement, anderzijds vanuit beperking en verdeling van de mogelijke overlast.

foto

In januari wordt de voorlopige evenementenkalender door het evenementenloket opgemaakt en vastgesteld. Op dat moment wordt duidelijk welke evenementen voorlopig wanneer en waar plaats gaan vinden. Op dat moment wordt de kalender ook transparant en voor iedereen zichtbaar gemaakt.

Voorlopig geplaatst zijn in ieder geval de ster-events (zie hoofdstuk 3), de plus-events (zie hoofdstuk 4) en de evenementen met een nog lopende meerjarenvergunning, mits deze tijdig zijn aangemeld en het locatiebeleid (zie hoofdstuk 5) hiervoor ruimte biedt. De evenementen-kalender loopt door tot maart van het daarop volgende jaar. Evenementen in de periode januari tot maart moeten dus al in voorgaande jaar worden gemeld.

Bij de plaatsing op de evenementenkalender worden evenementen getoetst aan het locatiebeleid en de overige bepalingen die in deze beleidsregels zijn opgenomen.

Definitieve plaatsing

Na deze opmaak van de voorlopige evenementenkalender kunnen zich nog steeds evenementen melden en een plaats krijgen op de evenementenkalender, zolang er beleidsruimte is. Wie zich het eerst meldt, komt dan het eerst in aanmerking. Evenementen die reeds op de evenementenkalender zijn opgenomen, moeten de definitieve melding of vergunningaanvraag tijdig indienen om de plaatsing definitief te maken.

Een evenement dat reeds een voorlopig plaats heeft op de evenementenkalender verliest deze plek als de vergunningaanvraag en/ of melding niet tijdig 4 plaatsvindt. Een latere aanvraag/ melding zal dus als een nieuwe aanvraag/ melding worden beschouwd waarvoor opnieuw naar de beschikbare ruimte in de evenementenkalender zal worden gekeken. Daarnaast bestaat het risico dat de vergunning geweigerd wordt omdat de aanvraag te laat is ingediend.

Voor de verder vergunningprocedure wordt verwezen naar de APV en het vastgestelde Beleidskader Evenementen in Roosendaal.

Digitale toegang

Het evenementenloket biedt een digitaal portaal voor evenementenorganisaties en de gemeentelijke hulpdiensten. In dit portaal is de actuele evenementenkalender te zien met de voorlopig en definitief geplaatste evenementen.

Verder biedt dit portaal de digitale formulieren waarmee evenementen kunnen worden aangemeld voor plaatsing op de kalender, vergunningen kunnen worden aangevraagd en formele meldingen gedaan kunnen worden.

3. STER-evenementen

In lijn met de gemeentelijke citymarketing is het evenementenloket voor de promotionele taken gelinkt aan de interne citymarketingorganisatie, verantwoordelijk voor de uitvoering van de marketingstrategie rondom evenementen.

Een aanverwante verantwoordelijkheid voor de interne citymarketingorganisatie is de specifieke positionering van beeldbepalende evenementen. Deze zogenoemde “ster-events” krijgen extra aandacht, ondersteuning en promotie.

Status ster-event

Evenementen(programma’s) met een bijzondere toegevoegde waarde voor de marktpositie van Roosendaal krijgen een status als ster-event. Die toegevoegde waarde zit hem in:

  • de bovenlokale aantrekkingskracht; dankzij het evenement komen veel bezoekers naar Roosendaal die er normaliter niet zouden zijn;

  • de marktverruiming; het evenement trekt nieuwe doelgroepen aan;

  • de langdurige commerciële spin-off; het evenement leidt tot extra investeringen en bestedingen in Roosendaal, zowel direct op de dag van het evenement (bijvoorbeeld in de horeca) als indirect wanneer de kennismaking met Roosendaal leidt tot herhalingsbezoek en bestedingen, bijvoorbeeld bij winkels in de binnenstad;

  • de het beeldbepalende karakter in relatie tot de marketingstrategie.

De interne citymarketingorganisatie heeft de bevoegdheid om op basis van bovenstaande waarden een beperkt aantal ster-events aan te wijzen. Deze citymartketingorganisatie geeft vorm aan de wijze waarop en in de mate waarin extra aandacht, ondersteuning en promotie wordt verleend aan deze events. Het CMB gaat echter niet over de vergunningverlening!

Onder de ster-events kunnen zich ook perspectiefvolle evenementen bevinden die nog moeten groeien in hun economische betekenis voor Roosendaal en de citymarketing. Verder moet er op de lijst van ster-events ruimte zijn voor nieuwe (grote) onderscheidende evenementen/ festivals en eigen brand-events. De interne citymarketingorganisatie zal deze met gerichte acquisitie binnen kunnen halen en/ of zelf organiseren.

Voorts kunnen ook de ambities van het cultuurnetwerk bijdragen in de marketing. De lijst van ster-events is dus niet statisch. De citymarketingorganisatie is bevoegd om de lijst op grond van de genoemde criteria desgewenst aan te passen. Het is ten zeerste de bedoeling om de lijst in aantal te beperken (tot maximaal 10) en dus selectief te zijn. De sterrenstatus staat overigens steeds ter discussie; het CMB kan deze ook weer intrekken wanneer andere events meer betekenis hebben voor de citymarketing of het event minder betekenis heeft gekregen.

Positie als ster-event

Ster-events krijgen voorrang bij het opmaken van de evenementenkalender. Deze prioritering gaat vooral spelen als de evenementenkalender in de toekomst op bepaalde momenten en/of bepaalde plaatsen blijkt te knellen (zie ook hoofdstuk 5 locatiebeleid).

De bijzondere positie van de ster-events betekent overigens nadrukkelijk niet dat zij vrijgesteld zijn van de reguliere meldings- en vergunningsprocedures.

4. Bijzondere evenementen (plus-events)

Rondom de besluitvorming van het Beleidskader Evenementen in Roosendaal is ook expliciet om aandacht gevraagd voor de bijzondere evenementen die met de invoering van de evenementenkalender een gegarandeerde plaats zouden moeten krijgen. Om deze reden worden naast ster-events ook plus-events met prioriteit opgenomen in de evenementenkalender. De status “plus-event” wordt verleend aan de volgende events:

- de jaarlijks terugkerende evenementen rondom feestdagen: carnaval, sinterklaas, koningsdag;

- de jaarlijkse kermissen in Roosendaal en Wouw.

Het activiteitenprogramma ter versterking van het winkelklimaat in de binnenstad dat onder regie van het binnenstadsbestuur plaatsvindt (o.a.: rondom koopzondagen en in het kader van het specifieke winterprogramma (winter in Roosendaal (incl. ijsbaan)) krijgt gelet op de gestelde prioriteit voor de binnenstad ook een plaats in de evenementenkalender; in deze wordt wel de kanttekening geplaatst, dat flexibiliteit (tijd en locatie) wenselijk blijft om nog ruimte te kunnen bieden voor eventuele grotere, kansrijke en vernieuwende evenementen.

Incidentele bijzondere gelegenheden zoals bijvoorbeeld een koningsbezoek, Roosendaal 750, officiële herdenkingsbijeenkomsten, reünie korps commandotroepen, officiële huldigingen moeten mogelijk blijven. De burgemeester kan daarom bij uitzondering bepalen dat deze bijzondere gelegenheden niet meegeteld worden bij de maximering van het aantal belastende evenementen in een bepaald gebied.

Dit geldt ook voor bijzondere prominente events die incidenteel vanuit citymarketing-doeleinden in Roosendaal plaatsvinden (bijv. Glazen huis, The Passion).

Andersom kunnen evenementen met een te groot afbreukrisico geweerd worden. Het gaat daarbij om risico’s voor de openbare orde, veiligheid en leefbaarheid. Van een afbreukrisico is bijvoorbeeld sprake als de meerwaarde van een evenement of een aantal gelijktijdig geplande evenementen zich op geen enkele manier verhoudt tot de overlastsituaties en risico’s die hierdoor ontstaan.

Bij de plaatsing op de evenementenkalender zal om deze reden ook naar de omgevingsbelasting en risico’s op een bepaald moment gekeken worden. Meerdere evenementen op verschillende locaties kunnen op een bepaald moment op een negatieve manier interfereren (bijvoorbeeld door een kakafonie van geluid of door een groot bereikbaarheidsprobleem).

Het evenementenloket zal echter ook proactief dergelijke situaties proberen te voorkomen door hierover in gesprek te gaan met de organisatoren. Dat is ook aan de orde bij elkaar concurrerende evenementen. Synergiekansen (juist door bundeling van evenementen) zullen daarentegen ook gepakt moeten worden. Zowel het voorkomen van ongewenste concurrentie als het streven naar synergie kunnen aanleiding zijn om slechts één overkoepelende vergunning af te geven. Het evenementenloket zal in een haar bemiddelingsrol indien nodig of gewenst ondersteuning of advies krijgen van de interne citymarketingorganisatie.

5. Locatiebeleid

Balans tussen ruimte en omgevingsbelasting

Met het groeiende aantal evenementen neemt ook de omgevingsbelasting toe. Voor een goede balans tussen levendigheid en leefbaarheid is het dan ook zaak om weloverwogen om te gaan met de beschikbare evenementenlocaties. Tegelijkertijd bestaat er een vraag naar nieuwe geschikte festivallocaties, zoals ook naar voren komt in de motie festivalbeleid. Ook is een krachtig evenementenaanbod onmiskenbaar van belang voor een goed functionerende (binnen)stad. Het rapport “Roosendaal Gezonde Stad” onderstreept dit nog eens.

Om een goede balans te vinden tussen ruimte voor evenementen en een weloverwogen omgevingsbelasting is een locatiebeleid voor evenementen van toepassing. Uitgangspunt daarvoor is:

  • een betere verdeling van de omgevingsbelasting van evenementen over meer locaties;

  • nieuwe evenementenlocaties voor meer en doelgerichte spreiding van de omgevingsbelasting;

  • meer maatwerk per locatie inzake het (type) aanbod, de gebruiksmogelijkheden en -beperkingen en de daaraan verbonden (eventueel te maximeren) omgevingsbelasting.

Het evenement op de juiste plek

Het locatiebeleid gaat over de relatie tussen het evenementenaanbod, de evenementenlocatie en de omgeving. De uitgangspunten van het locatiebeleid in deze paragraaf bieden het aanvullend kader om de gewenste balans tussen ruimte en belasting te realiseren. Het ruimtelijke kader biedt ook mogelijkheden om een vergunning te weigeren. Bij de gebiedskeuzes zijn vooral de volgende afwegingen van belang:

  • Wat is de capaciteit van het gebied? Het betreft dan onder meer de terreinomvang, de draagkracht van de ondergrond en het herstellend vermogen van het gebied.

  • Hoe kwetsbaar/ gevoelig is het gebied, de omgeving gelet op de daarin aanwezige woon- en werkfuncties, waarden en voorzieningen?

  • Welke ruimte is beschikbaar gelet op het ruimtegebruik van andere aanwezige gebruiksfuncties, inclusief functies in de directe omgeving (wonen, handel, verkeer)?

  • Is de locatie voldoende veilig en bereikbaar voor de hulpdiensten?

  • Is de locatie toegankelijk voor iedereen, zo mogelijk dus ook voor mensen met beperkingen?

  • Welke vaste voorzieningen (zoals parkeren op het terrein of in de omgeving) zijn reeds aanwezig?

  • Is de bluswatervoorziening geborgd (zie “Beleidsregels Bereikbaarheid en Bluswatervoorziening” van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant.)?

  • Is er sprake van een goede relatie en toegevoegde waarde tussen de gebiedskarakteristieken en het evenement?

  • Biedt het gebied specifieke mogelijkheden voor het evenement? De locatie moet aantrekkelijk zijn als decor, door aanwezige voorzieningen op en rond het terrein (horeca, parkeren, stroom, water, etc.), goed bereikbaar en van voldoende omvang;

  • Zijn er mogelijkheden voor een goede kwaliteitsbeleving (zo is het voor sommige events nodig om hoge geluidsniveaus te kunnen bereiken)?

Uitwerking evenementenlocaties

In bijlage 2 is de “Uitwerking evenementenlocaties” opgenomen. Per locatie is in de vorm van gebiedsprofielen voor zover mogelijk beschreven en bepaald wat vanuit de locatie geredeneerd wel en niet mogelijk is. Daarmee is voor zover mogelijk tegemoet gekomen aan de uitgangspunten van het locatiebeleid en ook voorgesorteerd op de afwegingen die in de vorige paragraaf zijn beschreven. Het is echter geen limitatief overzicht van alle aspecten die voor de betreffende locatie van toepassing zijn.

Concreet wordt (waar nodig) per locatie benoemd:

  • Een indicatie van het gewenste evenementenaanbod (het soort evenementen).

  • De gebiedskenmerken waar rekening mee gehouden dient te worden en/ of op ingespeeld kan worden.

  • Wat de voorgestane beleidskoers is, rekening houdend met het huidige (mede)gebruik. Er zijn drie ontwikkelingsrichtingen: groei, geen verdere toename en terugdringen. Voor een aantal nieuwe locaties moeten eerst de mogelijkheden worden verkend.

  • De bijbehorende beleidsafspraken.

  • Mogelijke locatiespecifieke aandachtspunten.

  • Mogelijke locatiespecifieke veiligheidsaspecten (o.a. bereikbaarheid/ bluswatervoorziening).

  • De geluidscategorieën die van toepassing zijn.

  • Hoe de vervolgaanpak eruitziet qua faciliteiten, werkorganisatie, programmering, etc.

Het locatiebeleid beschrijft in ieder geval de volgende bestaande locaties:

  • 1.

    (oude) Markt

  • 2.

    Emilie van Loonpark

  • 3.

    Nieuwe Markt

  • 4.

    Tongerloplein

  • 5.

    Overig binnenstad

  • 6.

    Kade, Kadeplein en Stadsoevers

  • 7.

    Park Vrouwenhof

  • 8.

    Markt Wouw

  • 9.

    Kerkplein Nispen e.o.

  • 10.

    Overige dorpskernen (Heerle, Wouwse Plantage, Moerstraten)

  • 11.

    Recreatiepark De Stok

  • 12.

    Herstaco-stadion/ sfeerstrand e.o.

Het gaat niet alleen om het beschrijven en reguleren van de bestaande evenementenlocaties; vanuit de behoefte aan spreiding worden ook mogelijke nieuwe locaties in beeld gebracht:

  • 13.

    Red-Band Sportpark/ Wieler Experience

  • 14.

    Godwaldtpark en andere parken

  • 15.

    Overige (Mariadal, Landgoed Wouwse Plantage, sportparken, overdekte/ indoor locaties), het gebruik van het buitengebied, ruimte voor experimenten.

Geluidbeleid per locatie

Bij een deel van de locaties wordt er een maximaal aantal evenementen van een bepaalde categorie gesteld, bijvoorbeeld in verband met een hoge omgevingsbelasting. In de tabel “aantal belastende evenementendagen per jaar” worden deze aantallen gekwantificeerd. In deze situatie kan er dus sprake van schaarse vergunningen. De verschillende aanvragers van deze evenementenvergunning moeten gelijke kansen krijgen. Die gelijke kansen ontstaan dankzij de verbeterde procedure bij de evenementenkalender (zie hoofdstuk 2). Mochten er voor een bepaalde vergunning meer kandidaten zijn, dan wordt er op basis van deze (locatie)beleidsregels een keuze gemaakt. De kandidaten die overblijven, kunnen daarna desgewenst nog andere momenten/ locaties aangeboden krijgen. Wanneer een keuze gemaakt moet worden zal vooral naar economische en maatschappelijke meerwaarde van het evenement gekeken worden. De belangrijkste criteria zijn: het verwachte bezoekersaantal, het aantal deelnemers, de aanwezigheid van specifieke doelen, de synergie met de omgeving de bijdrage aan de profilering van en de publiciteitswaarde voor Roosendaal. Daarnaast zal ook de negatieve impact voor de openbare orde, veiligheid en leefbaarheid.

Het is wenselijk om in het centrum en andere druk belaste locaties ook een maximum te stellen aan het aantal belastende evenementendagen voor de kleinere evenementen in de binnenstad. Om deze reden zijn deze opgenomen in de maximale aantallen categorie 1 evenementen. Daarnaast is het niet de bedoeling dat evenementen waarvoor vanuit het locatiebeleid geen plaats is verhuizen naar een nabijgelegen locatie. Om deze reden zijn in de binnenstad voor alle gebieden en het gebied overig binnenstad maximale aantallen belastende evenementendagen opgenomen.

Geluidscategorieën

In het beleidskader “Evenementen in Roosendaal” zijn de volgende geluidscategorieën 5 gesteld:

Categorie 0

  • -

    Evenementen zonder muziek.

Categorie 1

  • -

    Eindtijd muziek 23.00 uur.

  • -

    Alle onversterkte muziek en al het versterkte geluid tot 70 dB(A) en 85 dB(C) op de dichtstbijzijnde gevel van een woning of ander geluidgevoelig object.

Categorie 2a

  • -

    Eindtijd muziek doordeweeks 23.00 uur; in het weekend + bepaalde feestdagen 24.00 uur.

  • -

    Al het onversterkte of versterkte geluid, van onder meer live optredende artiesten, achtergrondmuziek en pauzemuziek, verslaggeving of commentaar, tot 75 dB(A) en 90 dB(C) op de dichtstbijzijnde gevel van een woning of ander geluidgevoelig object.

Categorie 2b

  • -

    Eindtijd muziek doordeweeks 23.00 uur; in weekend + bepaalde feestdagen 24.00 uur.

  • -

    Al het onversterkte of versterkte geluid, van onder meer live optredende artiesten, achtergrondmuziek en pauzemuziek, verslaggeving of commentaar, tot 80 dB(A) en 95 dB(C) op de dichtstbijzijnde gevel van een woning of ander geluidgevoelig object.

Categorie 2c

  • -

    Eindtijd muziek 24.00 uur.

  • -

    Al het onversterkte of versterkte geluid, van onder meer live optredende artiesten, achtergrondmuziek en pauzemuziek, verslaggeving of commentaar, tot 75 dB(A) en 90 dB(C) op de dichtstbijzijnde gevel van een woning of ander geluidgevoelig object.

Categorie 3a

  • -

    Eindtijd muziek doordeweeks 22.00 uur; in weekend + bepaalde feestdagen 23.00 uur.

  • -

    Al het onversterkte of versterkte geluid, van onder meer live optredende artiesten, achtergrondmuziek en pauzemuziek, verslaggeving of commentaar, tot 80 dB(A) en 100 dB(C) op de dichtstbijzijnde gevel van een woning of ander geluidgevoelig object.

Categorie 3b

  • -

    Eindtijd muziek doordeweeks 23.30 uur; in weekend + bepaalde feestdagen 01.00 uur.

  • -

    Al het onversterkte of versterkte geluid, van onder meer live optredende artiesten, achtergrondmuziek en pauzemuziek, verslaggeving of commentaar, tot 80 dB(A) en 95 dB(C) op de dichtstbijzijnde gevel van een woning of ander geluidgevoelig object.

Categorie 3c

  • -

    Eindtijd muziek 24.00 uur; op zondag 23.00 uur.

  • -

    Al het onversterkte of versterkte geluid, van onder meer live optredende artiesten, achtergrondmuziek en pauzemuziek, verslaggeving of commentaar, tot 85 dB(A) en 100 dB(C) op de dichtstbijzijnde gevel van een woning of ander geluidgevoelig object.

Categorie 4

  • -

    Vooral voor dance-events en popfestivals.

  • -

    Alleen op de hiervoor aangewezen locaties.

  • -

    Muziek tussen 13.00 uur 22.00 uur.

  • -

    Al het onversterkte of versterkte geluid, van onder meer live optredende artiesten, achtergrondmuziek en pauzemuziek, verslaggeving of commentaar, tot 85 dB(A) en 105 dB(C) op de dichtstbijzijnde gevel van een woning of ander geluidgevoelig object.

Deze indeling is gebaseerd op de praktijkervaringen die de afgelopen jaren op verschillende locaties zijn opgedaan. Categorie 4 komt tegemoet aan de behoefte om meer ruimte te bieden aan festivals waar een hoger geluidsniveau van belang is voor een betere beleving. Vanwege het gewenste maatwerk op de verschillende locaties zijn per locatie verschillende geluidscategorieën van toepassing. Deze zijn in de gebiedsprofielen (en in de tabel) aangegeven.

Voor de binnenstad is sprake van een aantal activiteiten / evenementen waarvoor geen geluidsnormen worden vastgesteld; het betreft onversterkte muziek door muziekkappelen, fanfares en dergelijke. De geluidsbelasting wordt hier alleen gereguleerd via het stellen van een maximum aantal momenten waarop dit kan.

foto

Uitzonderingen en algemene uitgangspunten

  • In hoofdstuk 4 is reeds gesteld dat sommige bijzondere evenementen niet meetellen als belastende evenementendag. De aantallen zoals genoemd in tabel “aantal belastende evenementendagen per jaar” zijn bovendien gebaseerd op de ervaringen van de afgelopen jaren. Aan een te stringente toepassing zijn kanttekeningen te plaatsen; op een aantal locaties is bovendien geen maximum gesteld. Het hier beschreven locatiebeleid is derhalve niet honderd procent sluitend. Enige flexibiliteit, mits heel goed onderbouwd, is daarom nog mogelijk. De komende jaren zal bezien worden of deze aantallen aangepast moeten worden. In algemene zin zijn daarbij ook nog de volgende beleidsuitgangspunten van toepassing:

  • Het locatiebeleid is gericht op de bestaande locaties locatiebeleid en potentiële ontwikkellocaties, maar dat betekent niet dat op er andere locaties geen evenementen mogen plaatsvinden. Op deze locaties is het locatiebeleid niet van toepassing en zal derhalve een aparte individuele afweging plaatsvinden.

  • Mobiele evenementen zoals fietstoertochten die het verkeer niet beïnvloeden en waarvoor dus geen verkeersmaatregelen nodig zijn, vallen buiten de reikwijdte van het locatiebeleid voor evenementen.

  • Evenementen die binnen (in een inrichting) plaatsvinden tellen niet mee voor het aantal geluidsbelastende evenementen in een bepaald gebied, in geval van maximering.

  • In het locatiebeleid wordt vooralsnog per locatie waar mogelijk ook ingegaan op randvoorwaarden ten aanzien van veiligheid en gezondheid. In de praktijk is hier al veel ervaring mee opgedaan met de vergunningverlening. Desalniettemin is het ondoenlijk om per locatie standaard randvoorwaarden te stellen, omdat deze vaak samenhangen met het soort evenement, de terreininrichting, etc. Bovendien is het wenselijk om de randvoorwaarden na elke evaluatie van een specifiek evenement desgewenst bij te kunnen stellen. Op termijn zullen de gebiedsprofielen met opgedane ervaringen wellicht verder inzoomen op veiligheids- en gezondheidsaspecten.

6. De aanvraag om evenementenvergunning

De burgemeester is verantwoordelijk voor de openbare orde en veiligheid in de stad. Hij verleent middels een vergunning toestemming voor een evenement, maar kan een evenement ook ten allen tijde verbieden. De meeste bij een evenement behorende ontheffingen zoals bijvoorbeeld een ontheffing Zondagswet etc. vallen onder de bevoegdheid van het college. Om een gedegen afweging te kunnen maken of een vergunning met de bijbehorende ontheffingen verleend kan worden is het van belang dat de aanvrager voorziet in voldoende informatie. De informatie en stukken die dienen te worden overgelegd zijn afhankelijk van het evenement en de activiteiten die worden georganiseerd.

Basisgegevens:

Bij een aanvraag om evenementenvergunningen moeten in de basis altijd de volgende zaken te worden overgelegd:

  • Een volledig ingevuld en getekend aanvraagformulier evenementenvergunning

  • Een situatieschets met noordpijl

  • Plattegrond op schaal of met maatvoering waarop zijn aangegeven:

    • o

      Alle te plaatsen objecten en (veiligheids)voorzieningen;

    • o

      De vluchtwegen in geval van een calamiteit

    • o

      Bebouwing rondom het evenemententerrein;

    • o

      Gebied waar het publiek kan komen

    • o

      Legenda, waarin de getekende objecten worden omschreven;

    • o

      Noordpijl en schaalaanduiding

Daarnaast kunnen specifieke activiteiten of te plaatsen objecten aanleiding geven tot het moeten overleggen van aanvullende gegevens:

Gegevens t.b.v. een verblijfsruimte bestemd voor meer dan 150 personen

Indien tijdens het evenement gebruik wordt gemaakt van een verblijfsruimte bestemd voor meer dan 150 personen (bijvoorbeeld een bijeenkomstruimte (ook een tent) of een tribune) dient tevens te worden aangeleverd:

  • Plattegrond van iedere verblijfsruimte (bv. bijeenkomsttent, tribune) die is bestemd voor meer dan 150 mensen, waarbij het maximale aantal personen per ruimte wordt opgegeven. Per verblijfsruimte wordt aangegeven:

    • o

      de voor personen beschikbare oppervlakte ;

    • o

      waarvoor de ruimte gebruikt wordt;

    • o

      de opstelling van inventaris en van de inrichtingselementen, met aanduiding van de situering van, voor zover deze aanwezig zijn:

      • -

        1. brand- en rookwerende scheidingsconstructies;

      • -

        2. vluchtroutes;

      • -

        3. draairichting van doorgangen;

      • -

        4. nooduitgangen en vluchtroutes, met aanduiding van de breedte daarvan;

      • -

        5. vluchtrouteaanduidingen;

      • -

        6. noodverlichting;

      • -

        7. brandblusvoorzieningen en

      • -

        8. brandweeringang

Deze indieningsvereisten worden nader toegelicht in het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen.

Gegevens indien u gebruik maakt van constructies zoals bijvoorbeeld een podium, een tent of een tribune

Indien t.b.v. het evenement gebruikt wordt gemaakt van een constructie zoals bijvoorbeeld een podium, een tent of een tribune dan dienen bij de aanvraag de gegevens zoals opgenomen in de geldende Richtlijn Constructieve veiligheid bij evenementen overgelegd te worden. De richtlijn is te downloaden van de site van de vereniging bouw- en woningtoezicht.

De aanvrager kan veelal over deze gegevens beschikken via de leverancier van de constructie.

7. Veiligheids- en Calamiteitenplannen, verkeersplannen, gezondheidsplannen

Evenementen brengen risico’s met zich mee. Uitgangspunt is dat degene die uitvoering geeft aan de activiteiten die onderdeel uitmaken van een evenement verantwoordelijk is voor het onderkennen en beheersen van de aan die activiteiten verbonden risico’s. Niettegenstaande het voorgaande moet de burgemeester zich er echter altijd actief van vergewissen dat de organisator de spelende risico’s in beeld heeft en dat de door hem genomen beheersmaatregelen een afdoende waarborg voor de openbare veiligheid vormen. Indien een evenement op basis van de intake geclassificeerd wordt als een evenement met een middelhoog of hoog risico dan dient door de organisator daarom een veiligheids- calamiteitenplan bij de aanvraag te worden overgelegd.

Indien de impact van een evenement op het verkeer groot is of een evenement een dusdanig grote verkeer aantrekkende werking heeft dat dermate maatregelen nodig zijn dat niet kan worden volstaan met het gebruikelijke veiligheids-/calamiteitenplan, kan de burgemeester de aanvrager verzoeken om een apart verkeersplan.

Indien aan een evenement dusdanige gezondheidsrisico’s zijn verbonden dat dermate maatregelen benodigd zijn dat niet kan worden volstaan met het gebruikelijke veiligheids- calamiteitenplan, kan de burgemeester de aanvrager verzoeken om een apart gezondheidsplan.

Op basis van het veiligheids-/calamiteitenplan, eventuele verkeersplan en gezondheidsplan beoordeelt de burgemeester of de organisator de risico’s verbonden aan het evenement voldoende onderkent en met de door hem aangegeven maatregelen voldoende waarborgen biedt voor onder meer de bescherming van de veiligheid en gezondheid van de burgers op en rond het evenementterrein.

Indien de burgemeester, al dan niet op grond van de verkregen adviezen, van mening is dat de veiligheid of gezondheid onvoldoende gewaarborgd is en overlast onvoldoende beperkt wordt dan wordt de aanvrager verzocht het betreffende plan zodanig aan te passen dat dit wel voldoende geborgd is. Indien de aanvrager er niet in slaagt om het plan zodanig aan te passen dat de veiligheid en gezondheid voldoende geborgd zijn en overlast zoveel mogelijk beperkt wordt dan wordt de gevraagde vergunning geweigerd.

Veiligheids- en calamiteitenplan

Het veiligheids- en calamiteitenplan omvat in ieder geval:

  • een beschrijving van de organisatie

  • een beschrijving met het evenement en een risicoanalyse

  • een beschrijving van het evenemententerrein

  • de programmering van het evenement

  • de beveiliging van het evenement

  • maatregelen m.b.t. de openbare orde en veiligheid t.b.v. het evenement

  • ontruiming van het evenemententerrein

  • maatregelen m.b.t. de brandveiligheid

  • maatregelen m.b.t. de medische zorg en hygiëne

  • maatregelen m.b.t. verkeer en vervoer.

  • maatregelen m.b.t. het milieu

  • communicatielijnen inclusief actuele contactgegevens.

Er is een beknopt format van een veiligheids-/calamiteitenplan beschikbaar waarin de verschillende punten nader worden toegelicht.

Om te kunnen beoordelen of de veiligheids- en gezondheidsrisico’s van een evenement voldoende gewaarborgd zijn kan de burgemeester het veiligheids-calamiteitenplan ter advisering voorleggen aan de politie, de brandweer, de GHOR, de verkeersdeskundige en de AOV-er. Dit gebeurt in ieder geval indien sprake is van:

  • grote en/of risicovolle evenementen (tenzij hier al eerder adviezen voor zijn gegeven en er geen aanleiding bestaat om een nieuw advies te vragen);

  • nieuwe evenementen met een middel hoog of hoog risico;

  • evenementen waarover signalen zijn ontvangen dat een eerdere editie niet goed is verlopen.

Verkeersplan

Indien de impact van een evenement op het verkeer groot is of een evenement een dusdanig grote verkeer aantrekkende werking heeft dat dermate maatregelen nodig zijn dat niet kan worden volstaan met het gebruikelijke veiligheids- calamiteitenplan, kan de burgemeester de aanvrager verzoeken om een apart verkeersplan. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij:

  • een evenement dat (gedeeltelijke) afsluiting van doorgaande wegen/hoofdwegen vergt;

  • een evenement zoals bijvoorbeeld een wielerkoers die door een groot deel van de gemeente voert en daarmee een grote impact heeft op de verkeersstromen;

  • een evenement dat een dusdanig aantal bezoekers trekt dat deze bezoekersstromen nadrukkelijk geleid moeten worden of dat in de directe omgeving van het evenement niet voorzien kan worden in voldoende parkeergelegenheid.

  • een evenement bij bijzondere locaties zoals een bijvoorbeeld een ziekenhuis of een BRZO-bedrijf.

Afhankelijk van de reden dat een verkeersplan benodigd is dient in een verkeersplan o.a. inzicht te worden gegeven:

  • in de hoeveelheid bezoekers die een evenement trekt;

  • in de wijze waarop bezoekers vervoert worden naar het evenement;

  • in de maatregelen die de organisator treft om het gebruik van openbaar vervoer te bevorderen;

  • in de wijze waarop de organisator voorziet in de parkeerbehoefte;

  • over de inzet van verkeersregelaars om de verkeersstromen in goede banen te leiden;

  • over de doorgang voor de hulpdiensten;

  • in de overige benodigde verkeersmaatregelen;

  • met een kaart met daarop aangeven de verkeersmaatregelen, afsluitingen en de omleidingen.

Het verkeersplan wordt ter advisering voorgelegd aan de verkeersdeskundige, politie, brandweer, GHOR en eventueel AOV-er.

Gezondheidsplan

Indien aan een evenement dusdanige gezondheidsrisico’s zijn verbonden dat dermate maatregelen benodigd zijn dat niet kan worden volstaan met het gebruikelijke veiligheids- calamiteitenplan, kan de burgemeester de aanvrager verzoeken om een apart gezondheidsplan. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij:

  • Een hoog inspanningsevenement zoals bijvoorbeeld (grotere) sportevenementen;

  • Dance evenementen

  • Grotere festivals

  • Loopevenementen zoals mud- en obstacleruns, trailruns en colorruns (i.v.m. hygiëne).

Afhankelijk van de reden dat een gezondheidsplan benodigd is dient in een gezondheidsplan o.a. aandacht te worden besteed aan:

  • de specifieke evenement gerelateerde risico’s

  • preventieve (hygiëne) maatregelen

  • een operationeel plan waarin in ieder geval aandacht wordt besteed aan:

    • o

      de medische post

    • o

      specifieke taken en functies

    • o

      registraties

    • o

      calamiteiten

    • o

      communicatie

    • o

      weersomstandigheden (zowel warm als koud weer).

  • inzet hulpverleners

  • aanwezigheid/gebruik materialen en voorzieningen

  • hygiëne surveillance

  • overzicht relevante telefoonnummers

Het gezondheidsplan wordt ter advisering voorgelegd aan de Ghor, politie, brandweer en eventueel AOV-er.

8. Randvoorwaarden

In dit hoofdstuk worden randvoorwaarden beschreven zoals deze in algemene zin gelden of vaak in de evenementenvergunning zijn opgenomen. In de praktijk is rondom de vergunningverlening van evenementen meestal sprake van een groot aantal wettelijke regelingen of lokale voorschriften die van toepassingen. De meest voorkomende zijn opgenomen in dit hoofdstuk; het betreft echter geen volledige limitatieve opsomming.

Algemene uitgangspunten

De landelijke wetgeving en de gemeentelijke APV stellen al randvoorwaarden waaraan een individuele vergunningaanvraag getoetst wordt. Deze blijven onveranderd van toepassing. In de navolgende paragrafen worden volledigheidshalve nog randvoorwaarden genoemd zoals deze in algemene zin gelden of vaak in de evenementenvergunning worden gesteld.

Nadere bepalingen kleine (meldingsplichtige) evenementen

In algemene zin kan de burgemeester als hij tot de conclusie komt dat niet kan worden voldaan aan het evenementenbeleid een evenement op grond van artikel 2:25 van de APV alsnog verbieden. De Burgemeester zal van deze bevoegdheid in ieder geval gebruik maken in de volgende gevallen:

  • Als het kleine evenement leidt tot een onevenredige belasting van de leefomgeving. Hiervan is in ieder geval sprake indien in de directe omgeving (de betreffende straat, het plein, het park) meer dan 4 kleine evenementen per jaar plaatsvinden. Deze bepaling geldt niet voor de evenementenlocaties in de binnenstad.

  • Wanneer het gezien de aard van het evenement niet aannemelijk is dat aan de geluidsnormen ten aanzien van kleine evenementen voldaan kan worden.

  • Indien het gemelde evenement gelijktijdig met een ander evenement in het gebied plaatsvindt en deze onverenigbaar zijn dan wel een combinatie van deze evenementen onwenselijk is. Als er sprake is van een combinatie van het kleinschalige evenement met een groot evenement geldt als uitgangspunt dat dit kleinschalige evenement wordt georganiseerd onder de vlag van het grootschalige evenement.

  • Indien meer dan eenmaal geconstateerd is dat door het plaatsvinden van het evenement niet aan de voorwaarden voor een klein evenement is voldaan.

  • Indien het qua aantallen niet past in beleid (zoals aangegeven voor de benoemde locaties).

Alcohol

Alcohol mag alleen worden geschonken in een horeca-inrichting en op het terras dat vermeld is op de Drank- en horecavergunning. Het college heeft met het "Aanwijzingsbesluit verbod glaswerk evenementen" een aantal evenementen aangewezen waarbij een glasverbod voor de omliggende terrassen geldt. Deze lijst met aangewezen evenementen betreft geen statische lijst. Er kunnen, indien nodig, evenementen worden toegevoegd dan wel komen te vervallen. Daarbuiten (bijv. extra terrassen bij het evenement of tap-eilanden op het evenemententerrein) kan alleen een ontheffing worden gevraagd voor zwak-alcohol- houdende dranken.

Op de Markt in Roosendaal vinden regelmatig evenementen plaats op het middenterrein. Normaal staan hier de zomerterrassen opgesteld. Deze terrassen moeten tijdens een evenement indien nodig verwijderd worden. Het middenterrein van de Markt wordt tijdens het evenement beschouwd als evenemententerrein en niet als terras. Het plaatsen van een buitentap op het middendeel van de Markt moet in dat geval afgestemd worden met de organisatie van het evenement. Voor deze buitentap is op dat moment een ontheffing op grond van de drank- en horecawet benodigd.

De burgemeester kan voorschriften en beperkingen opnemen in de ontheffing, zoals een glasverbod, beperkte schenktijden, of voorschriften in verband met de voorkoming van alcoholverstrekking onder de 18 jaar, daarbij rekening houdend met het preventie- en handhavingsplan voor de uitvoering van de Drank- en Horecawet. In de "Beleidsregel artikel 35 Drank- en horecawet" zijn de uitgangspunten bij het verlenen van een artikel 35 ontheffing van de Drank- en Horecawet opgenomen.

Een ontheffing van de Drank- en Horecaverordening is niet nodig indien er alcohol wordt geschonken bij een buurt of straatfeest.

Communicatie

Goede communicatie is niet alleen van belang richting organisatoren, maar ook richting bewoners en bedrijven. Er ligt een taak voor de gemeente en organisatoren om hen goed en tijdig te informeren. Op die manier wordt het voor iedereen beter voorspelbaar hoe een evenement verloopt of hoe het programma er normaliter uitziet. De primaire verantwoordelijkheid ligt in deze bij de organisator.

Bij nieuwe evenementen en gewijzigde evenementen die mogelijk overlast geven moet de organisator in contact treden met de omwonenden of vertegenwoordigers daarvan. Dit dient te gebeuren voordat de reguliere communicatiekanalen door de evenementenorganisatoren worden ingezet en/of de kaartverkoop start. De gemeente kan in voorkomende gevallen ook organisatoren van bestaande evenementen hiertoe verplichten. Vervolgens wordt er bij alle evenementen door de organisator voorafgaand aan het evenement informatie verspreid onder aangrenzende en binnen het effectgebied van het evenement gelegen omwonenden, bedrijven en belanghebbenden. Hierin wordt ten minste aangegeven:

  • wat voor evenement het betreft,

  • wanneer het evenement plaatsvindt (inclusief evt. opbouw- en afbouwwerkzaamheden),

  • de aanvang- en eindtijd van het evenement,

  • welke overlast te verwachten valt,

  • welke voorzorgsmaatregelen er worden getroffen en

  • hoe men in contact kan treden met de organisator als er sprake is van overlast of in geval van vragen (zowel telefonisch als digitaal).

De gemeente eist van de organisator om niet alleen tijdens de opbouw, maar vooral ook tijdens het evenement en tijdens de afbouw permanent telefonisch en digitaal bereikbaar te zijn om informatie te kunnen verstrekken, klachten in ontvangst te nemen en indien nodig meteen maatregelen te kunnen nemen. In geval van evenementen met een grote impact kan de gemeente besluiten om ook haar eigen communicatiekanalen in te zetten om burgers te informeren.

Bibob

Het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester hebben de "Beleidsregel voor de toepassing van de wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur” vastgesteld. Ingevolge deze beleidsregel kan de burgemeester evenementen aanwijzen waarbij een Bibob-toets verplicht wordt gesteld. Ten tijde van de vaststelling van deze beleidsregels is de aanwijzing beperkt tot vechtsportgala's. Ook in bijzondere gevallen zoals omschreven in de beleidsregel kan een Bibob-toets onderdeel uitmaken van de vergunningprocedure.

Standplaatsenbeleid

Het kan wenselijk zijn om tijdens een evenement diensten aan te bieden dan wel goederen of waren te verkopen gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel. Indien deze activiteiten tijdens het evenement en op het evenemententerrein plaatsvinden, is geen sprake van een standplaats zoals genoemd in de APV en dienen deze activiteiten meegenomen te worden in de aanvraag om evenementenvergunning. In de standplaatsvergunningen voor losse standplaatsen is opgenomen dat een standplaats in geval van een evenement niet ingenomen mag worden.

Terrassenbeleid

In algemeen zin geldt dat terrassen (m.u.v. van de vaste gevelterrassen) in principe moeten wijken voor terrassen, tenzij terrashouders hierover goede afspraken kunnen maken met de houder van de evenementenvergunning en dit geen bezwaar oplevert voor de openbare orde en veiligheid. In bijlage 2 is dit terrassenbeleid voor een aantal locaties nader uitgewerkt. Voorts wordt dit geregeld in de gemeentelijke Terrassennota.

Vuurwerk

Onderscheid wordt gemaakt in het ontsteken van vuurwerk als onderdeel van een evenement en het geven van een vuurwerkshow.

Voor het afsteken van vuurwerk tijdens een evenement is toestemming van de Provincie Noord-Brabant noodzakelijk. Hiertoe moet de organisatie contact opnemen met de OMWB. Indien nodig moeten wegafzettingen e.d. als gevolg van het afsteken van het vuurwerk worden meegenomen in de aanvraag om evenementenvergunning.

Een vuurwerkshow is een evenement waarvoor een evenementenvergunning moet worden aangevraagd. Daarnaast is ook in dit geval toestemming nodig van de Provincie Noord-Brabant.

Activiteiten in het luchtruim

Bij evenementen kan om diverse redenen sprake zijn van het gebruik van het luchtruim; denk bijvoorbeeld aan speciale landingen van een helikopter, het opstijgen van een luchtballon, het gebruik van drones en het oplaten van ballonen en vliegers. Voor dergelijk gebruik van het luchtruim gelden diverse regels. In bijlage 4 zijn deze kort samengevat.

9. Toezicht en handhaving

Het vinden van een goede balans tussen de levendigheid van en door evenementen en de leefbaarheid voor bewoners en andere belanghebbenden is gebaat bij duidelijkheid over de kaders en spelregels. Als deze eenmaal goed zijn bepaald is het vervolgens aan alle betrokkenen zich hieraan te houden. Samenwerking met en overleg tussen organisator, ondernemers, bewoners en de gemeente is cruciaal. De gemeente heeft een belangrijke rol als bewaker van de spelregels. Nadruk hierbij ligt vooral bij het bewaken van de belangen van de omwonenden. Zij worden geconfronteerd met de (bij)effecten van een evenement.

De gemeente is verantwoordelijk voor de controle of aan de vergunningsvoorwaarden van het evenement wordt voldaan. Er wordt direct opgetreden als er sprake is van een onveilige situatie of gevaar voor de openbare orde. Daarnaast worden er corrigerende instructies gegeven indien er overtredingen zijn in voorwaarden met betrekking tot bijvoorbeeld op- en afbouwtijden, verstrekking van alcoholhoudende drank aan minderjarigen, geluidsovertredingen, opruimen van afval e.d.

In het traject tot het komen van een vergunning voor een evenement wordt door alle betrokken partijen, waaronder politie, gemeente, brandweer e.a. een inschatting gemaakt van de benodigde voorwaarden. Daarbij speelt de verantwoordelijkheid die een organisator neemt een grote rol. Daarnaast wordt op basis van signalen uit de omgeving, voor en tijdens het evenement de inzet geïntensiveerd waar nodig. In alle gevallen zal het evenement geëvalueerd worden en de conclusies worden meegenomen en vertaald naar maatregelen in vervolgaanvragen die een organisator in de toekomst doet. Bij een positieve evaluatie kan dit leiden tot een vermindering van toezicht en handhaving en in negatieve evaluaties tot een intensivering van toezicht en handhaving.

De inzet van toezichthouders wordt bepaald op basis van het profiel van het evenement, de evaluaties van voorgaande evenementen van de organisator, samenloop met andere activiteiten en/ of evenementen.

Het toezicht op de van toepassing zijnde geluidsnormen wordt geïntensiveerd ten opzichte van voorgaande jaren. In het voortraject van de vergunning wordt expliciet gesproken met de organisator welke maatregelen genomen worden bij klachten uit de omgeving en/of overschrijding van de normen. Daarnaast worden overschrijdingen van geluidnormen geregistreerd en volgen handhavingssancties. Ook de geluidsregistraties maken onderdeel uit van de evaluatie van het evenement en de resultaten worden meegenomen in de afweging van toekomstige evenementen door dezelfde organisator. Als een goed samenspel is tussen organisator, omgeving en gemeente ontstaat er een goede balans voor zowel de bezoekers van het evenement als de leefbaarheid in de omgeving en wordt eventuele hinder en overlast tot een minimum beperkt.

Wat doen we:

  • Concrete vergunningsvoorwaarden afgestemd met organisator en omgeving

  • Controle op nakomen verantwoordelijkheden organisator (monitoring)

  • Maatregelen na evaluatie verwerken in toestemming volgend jaar

10. Pilotperiode en evaluatie

Met de vaststelling van deze regels is ook het nieuwe beleidskader van toepassing.

Op dat moment start ook de inrichting nieuwe werkorganisatie met het nieuwe evenementenloket en de dynamische samenwerking met het evenementenplatform. Dit geschiedt in samenhang met de citymarketingorganisatie.

Op dat moment wordt ook de vervolgopgave (de werkagenda voor de komende jaren zoals opgenomen in de bijlage van het beleidskader) opgepakt. Het jaar 2018 wordt daarmee vooral een jaar van opstarten en ook een overgangsjaar, waarin de nieuwe instrumenten geïntroduceerd worden. Onderdeel hiervan is derhalve ook de communicatie van de nieuwe aanpak naar belanghebbenden. De opstart is gericht op een volledige toepassing van het nieuwe beleid m.i.v. 2019. Dat geldt zeker voor de gemaximeerde aantallen evenementen in het locatiebeleid, omdat de eerste formele intakeprocedure via de evenementenkalender pas eind 2018 plaats kan vinden.

De integrale aanpak gaat echter ook over de verdere uitwerking en uitvoering van het beleid en de daarin verwoorde ambities en afspraken. Tussentijds zal het beleid (het beleidskader en deze beleidsregels) worden geëvalueerd met de hulpdiensten en in het evenementenplatform. Eind 2019, na een vol jaar ervaring met het gebruik van de evenementenkalender, zal een formele evaluatie plaatsvinden. Deze evaluatie betreft:

  • Een brede evaluatie in het evenementenplatform;

  • Een doelgerichte evaluatie met de hulpdiensten over de effectiviteit van de getroffen maatregelen (nieuwe instrumenten) vooral inzake de aanpak en borging van de veiligheid en gezondheid;

  • Een interne evaluatie waarbij vooral het locatiebeleid centraal zal staan

De jaren 2018 en 2019 zijn daarmee een pilotperiode voor de implementatie van het nieuwe evenementenbeleid.

De Beleidsnota meerjarige evenementenvergunningen, vastgesteld op 24 september 2013, wordt ingetrokken.

Deze beleidsregels treden in werking op de derde dag na bekendmaking in het Gemeenteblad

Aldus besloten door burgemeester en wethouders van Roosendaal op 17 april 2018,

de secretaris,     de burgemeester,

Ondertekening

Aldus besloten door burgemeester van Roosendaal op 17 april 2018,

de burgemeester,

Bijlage 1 Algemene Plaatselijke Verordening Afd. 7 Evenementen 6

Artikel 2:24 Begripsbepaling

  • 1.

    In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van:

    • a.

      bioscoopvoorstellingen;

    • b.

      markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet;

    • c.

      kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;

    • d.

      het in een inrichting in de zin van de Drank- en Horecawet gelegenheid geven tot dansen;

    • e.

      betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

    • f.

      activiteiten als bedoeld in artikel 2:9 en 2:39 van deze verordening

  • 2.

    Onder evenement wordt mede verstaan:

    • a.

      een herdenkingsplechtigheid;

    • b.

      een braderie;

    • c.

      een optocht, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:3 van deze verordening, op de weg;

    • d.

      een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg;

    • e.

      een straatfeest of buurtbarbecue;

    • f.

      een snuffelmarkt.

  • 3.

    In deze afdeling wordt verstaan onder snuffelmarkt: een markt in een voor het publiek toegankelijk gebouw waar hoofdzakelijk tweedehands en incourante goederen worden verhandeld of diensten worden aangeboden vanaf een standplaats. Onder een snuffelmarkt wordt niet verstaan een markt of jaarmarkt als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder h, van de Gemeentewet.

Artikel 2:25 Evenement

  • 1.

    Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren.

  • 2.

    In afwijking van artikel 1:8 tweede lid, kan een vergunning ook worden geweigerd als een aanvraag voor een nieuw of gewijzigd evenement minder dan veertien weken voor de beoogde activiteit is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is.

  • 3.

    Geen vergunning is vereist voor een evenement, indien:

    • a.

      het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 250 personen;

    • b.

      het evenement tussen 9.00 en 23.00 uur plaats vindt;

    • c.

      geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 09.00 uur of na 23.00 uur en op zondag voor 13.00 uur of na 23.00 uur;

    • d.

      het maximaal toelaatbare geluidsniveau van 70 dB(A) en 83 dB(c) op de gevels van omringende woningen niet wordt overschreden.

    • e.

      het evenement geen belemmering vormt voor het verkeer en de hulpdiensten;

    • f.

      slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 50 m2 per object en zich hier minder dan 50 personen gelijktijdig in/op verblijven;

    • g.

      er een organisator is; en

    • h.

      de organisator ten minste 14 dagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester

    • i.

      het geen vechtsportwedstrijden of –gala’s betreft, waaronder in ieder geval wordt begrepen kooigevechten, kickboksevenementen, freefightevenementen en daarmee vergelijkbare activiteiten en al dan niet in wedstrijdverband georganiseerde evenementen waarbij de menselijke waardigheid in het geding is.

  • 4.

    De burgemeester kan binnen 14 dagen na ontvangst van de melding besluiten een evenement als bedoeld in lid 2 te verbieden dan wel daaraan nadere voorwaarden verbinden, indien er aanleiding is te vermoeden dat door het evenement de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt.

  • 5.

    Het college kan nadere regels stellen in het belang van de openbare orde, openbare veiligheid, volksgezondheid en het milieu.

  • 6.

    Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994.

  • 7.

    Het bepaalde in het tweede lid is niet van toepassing op een evenement dat plaatsvindt in een door de burgemeester aangewezen gebied.

  • 8.

    Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

  • 9.

    Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 weigert de burgemeester een vergunning als de organisator van een evenement als bedoeld in artikel 2:25 lid 2 sub i van slecht levensgedrag is.

Artikel 2:26 Ordeverstoring.

Het is verboden bij een evenement de orde te verstoren.

Bijlage 2 Uitwerking evenementenlocaties

In deze bijlage zijn de verschillende evenementenlocaties uitgewerkt in zo concreet mogelijke gebiedsprofielen. Per locatie zijn de belangrijkste en van toepassing zijnde bepalingen en aandachtspunten opgenomen. Het betreft echter nog geen limitatieve opsomming van alle aspecten die van toepassing zijn. De komende jaren zullen de gebiedsprofielen in praktische zin waar nodig worden aangevuld. De gebiedsprofielen hebben zoals opgenomen geldingskracht bij de uitvoering van het locatiebeleid.

1. De (Oude) Markt

De Markt is van oudsher het kloppende hart van Roosendaal. De St. Jan, het Raadhuis, de karakteristieke gevels, de aanwezige horeca en de terrassen geven een gezellige sfeer aan het plein. Op de Markt worden elk jaar diverse evenementen georganiseerd, zoals de Kermis, Ice World Roosendaal, Beach Event, Hap Stap Festival, de Halve Marathon, Koningsdag en de carnavalsoptocht die op de Markt begint en eindigt. Daarnaast is de Markt regelmatig het decor voor plechtigheden, defilés, huldigingen.

Beleidsuitgangspunten en nadere aandachtspun ten:

  • Rondom de Markt bevinden zich ook woningen, winkels, bedrijven en instanties waar rekening mee gehouden dient te worden (o.a. bereikbaarheid, toegankelijkheid, woongenot).Vooral door de aanwezige woonfunctie is het wenselijk om het aantal evenementen op de Markt beperkt te houden. Men wordt het hele jaar door al blootgesteld aan eventuele geluidshinder afkomstig van de horeca. Daarnaast is ook sprake van meerdaagse evenementen als de ijsbaan en de kermis. Ook het groeiend aantal evenementen in de directe omgeving (Emile van Loonpark, Tongerloplein) zorgt voor meer belasting van dit gebied. De belasting betreft vooral geluidsoverlast (muziek, op- en afbreken) en verminderde bereikbaarheid. Omdat de Markt tegelijkertijd een prominente evenementenlocatie is die voor veel traffic (economisch en sociaal) zorgt is het behoud van een rijk en gevarieerd evenementenprogramma op deze locatie van belang. Het afwegen van deze beide belangen leidt tot de keuze voor geen verdere toename van de omgevingsbelasting. Om deze reden geldt voor de belastende evenementencategorieën een maximum aantal belastende evenementendagen (zie “aantal evenementendagen per jaar”).

  • De Markt is een horecaplein; om deze reden heeft een foodmarkt hier weinig toegevoegde waarde, zeker als op initiatief of verzoek van de aanwezige horecabedrijven reeds vergelijkbare evenementen plaatsvinden.

  • De bereikbaarheid van winkels en horeca dient voor voetgangers altijd geregeld te zijn.

  • De openingstijden van de aanwezige bewaakte fietsenstalling dienen beter aan te sluiten op het evenementenprogramma.

  • De centraal op het terrein gelegen zomerterrassen dienen te wijken voor evenementen;

  • De Markt (incl. Bloemenmarkt) is gereserveerd voor de najaarskermis (inclusief opbouw en afbreken).

  • De aanwezigheid van synergie voor de aanwezig horecabedrijven is een pre. De horeca-exploitatie van het evenement is en blijft echter een zakelijk onderhandelpunt tussen de organisator en de aanwezige horecabedrijven en kan ook aan de organisator worden vergund.

Soort

  • -

    (Prominente) stadsevents voor een overwegend breed publiek.

  • -

    Activiteiten van omliggende horeca.

  • -

    locatie najaarskermis.

 

Gebiedskenmerk

  • -

    Horecaplein met representatieve functie en monumentaal karakter.

  • -

    Stroom- , watervoorzieningen en afwatering aanwezig.

  • -

    Voorziening voor plaatsen van en vlaggenmasten beschikbaar

Oppervlakte:

  • -

    ca. 3000 m2 tussen Raadhuis en boom bij Parrotia

  • -

    ca. 1500 m2 tussen boom bij Parrotia en VVV

  • -

    ca. 1750 m2 vanaf Raadhuis tot en met Bloemenmarkt.

 

Beleidskoers

Maximum stellen van het aantal belastende events op basis huidige niveau:

  • -

    geen toename van de omgevingsbelasting

  • -

    desalniettemin ruimte voor enkele vernieuwende evenementen met toegevoegde waarde.

 

Beleidsafspraken

  • -

    geen kakofonie (muziek/ geluidsbron evenement gaat voor)

  • -

    reservering locatie voor kermis

  • -

    liever geen ruimte voor foodmarkt, tenzij door/ vanuit lokale horeca

  • -

    ruimte voor nieuwe innoverende evenementen

  • -

    geen gelijktijdige muziekevenementen met de andere evenementen(locaties) in de binnenstad, tenzij deze op elkaar zijn afgestemd.

 

Locatiespecifieke aandachtspunten

  • -

    Aanwezigheid open afwateringsgoot (afdekken indien nodig)

  • -

    Trouw- en andere plechtigheden in het Raadhuis irt evenementen

  • -

    Bereikbaarheid ondernemers en bewoners

  • -

    Autoluw gebied

 

Locatiespecifieke veiligheidsaspecten

  • -

    Vrijhouden voldoende calamiteitenroutes en bluswatervoorzieningen

  • -

    Vrijhouden vluchtwegen

  • -

    vrijhouden cameratoezicht

  • -

    werking calamiteitenverlichting

 

Geluidscategorieën

  • Geluidscategorieën

    Max. aantal even.dagen / jaar

    1

    17

    2a

    16

    2b

    1

    2c

    1

    3b

    7

 

excl. carnavalsweekend

Vervolgaanpak

Nadere afspraken maken over:

  • -

    bereikbaarheid parkeervoorzieningen bewoners

  • -

    openstelling bewaakte fietsenstalling

  • -

    aanwezigheid/ opruimen centrale terrassen.

 

2. Emile van Loonpark

In het rapport Roosendaal Gezonde Stad is het Emile van Loonpark aangemerkt als groene trekker en ook opgenomen als te ontwikkelen “mandje”. Het moet weer een echt stadspark worden van hoogwaardige kwaliteit, met het daarbij passend gebruik, verblijf en nieuw te ontwikkelen horeca(terras). Voor meer reuring in de stad en in het park (en daarmee minder ongewenst gebruik) wordt de komst van meer evenementen van belang geacht. Vooruitlopend op de eventuele ontwikkeling van dit mandje is de afgelopen jaren geëxperimenteerd met een klein muziekfestival “Roosendaal Swingt” en recentelijk met het bevrijdingsfestival op het gazon voor de kiosk in het park. Het experiment is zeker geslaagd; echter wel met de constatering dat het terrein weinig draagkracht heeft en ook erg vochtig is. Vooralsnog vormt de huidige inrichtingssituatie het uitgangspunt voor de beleidsmatige positionering en inkadering van deze locatie.

Beleidsuitgangspunten en nadere aandachtspunten:

  • Met de huidige terreincondities is het lastig om evenementen te organiseren. Om deze reden is het verstandig het aanbod in dit park vooralsnog te beperken. De Parkenvisie geeft aan dat het grondwater vrij hoog staat, waardoor het gras bij betreding makkelijk beschadigt. Daarom wordt geopteerd voor “liever geen grote evenementen” in dit park; bij droog weer is het mogelijk om verder te experimenteren met kleinschalige evenementen.

  • De beperkte ruimte zorgt voor beperking van de omvang van evenementen op deze plek.

  • De terreingeschiktheid voor evenementen is derhalve een belangrijk punt om op te nemen in het programma van eisen bij een eventuele ontwikkeling van het Emile van Loonpark.

  • Een deel van de omwonenden woont ook aan de evenementenlocatie (oude) Markt. De omgevingsbelasting van beide locaties moet daarom in samenhang beschouwd worden. Om dezelfde reden moet bij de programmering rekening gehouden worden met het programma van de (oude) Markt en een kakofonie van meerdere geluidsbronnen voorkomen worden. Daarom geldt voor de belastende evenementencategorieën een maximum aantal belastende evenementendagen (zie tabel “aantal belastende evenementendagen per jaar”).

Soort

(experiment met) kleinere evenementen in een groene setting.

Gebiedskenmerk

  • -

    De locatie is onderdeel van historisch stadspark met weinig fysieke ruimte voor evenementen. Het betreft de kiosk en het daarvoor gelegen gazon.

  • -

    In de nabijheid zijn stroom- , water en afvoervoorzieningen beschikbaar.

  • -

    Bij het park is ook een parkeerterrein aanwezig.

oppervlakte: ca. 1000 m2 (incl. kiosk)

 

Beleidskoers

Geen verdere toename van / inperken van de omgevingsbelasting (in afwachting van evt. herontwikkeling van het EvLoonpark); dit in samenhang met de locatie (oude) Markt. Maximum aantal belastende evenementendagen stellen.

  • -

    doorgaan met experimenten / kleinere evenementen bij kiosk

  • -

    tzt (in kader evt. herontwikkeling) herpositioneren van de locatie

 

Beleidsafspraken

  • -

    alleen events met max. 1000 bezoekers

  • -

    geen ruimte voor foodmarkt, tenzij door/ vanuit lokale (horeca)ondernemers

  • -

    gelijktijdig geen evenementen op Markt i.v.m. geluidsbelasting omgeving

 

Locatiespecifieke aandachtspunten

  • -

    Terreingesteldheid (slecht bij natte periodes)

  • -

    Beperkte toegankelijkheid t.b.v. opbouw- en afbouwwerkzaamheden

  • -

    Geen water en stroomvoorzieningen ter plekke (wel bij entree Markt).

 

Locatiespecifieke veiligheidsaspecten

  • -

    park minder toegankelijk voor hulpdiensten en gesloten vanaf 23.00 uur,

  • -

    beperkte bereikbaarheid/ toegankelijkheid park voor hulpdiensten

  • -

    beperkte verlichting in het park aanwezig

 

Geluidscategorieën

  • Geluidscategorieën

    Max. aantal even.dagen / jaar

    1

    3

    2a

    6

Vervolgaanpak

  • -

    Tzt. onderzoeken technische mogelijkheden om park geschikter te maken voor evenementen (bij voorbereiding van evt. herontwikkeling van het park)

  • -

    Kijken naar toegankelijkheid park na 23.00 uur (i.v.m. huidige verbod)

3. Nieuwe Markt

De Nieuwe Markt is sinds de recente herinrichting een sfeervol winkelplein met een fontein, sfeerverlichting, grote plantenbakken, bomen en fraaie zitelementen. De Nieuwe Markt heeft naast een nieuw en aantrekkelijk uiterlijk een ondergrondse parkeergarage waardoor het gebied makkelijk te bereiken is. De Nieuwe Markt is primair een winkelplein; dit betekent dat de winkelfunctie in dit gebied voorrang krijgt.

Op maandag wordt het hele plein ingenomen door de maandagmarkt. Zaterdags biedt het oostelijke deel van het plein bovendien ruimte voor de zaterdagmarkt. Door de situering en het karakter van de Nieuwe Markt vinden er naast deze wekelijkse warenmarkten veel (kleinere) winkelklimaat ondersteunende activiteiten en evenementen plaats (vooral tijdens de koopzondagen).

De herinrichting en het huidige gebruik vormen wel een beperking voor grote evenementen. Het plein is echter uitermate geschikt voor kleinere, sfeer verhogende en liefst vooral winkelklimaat ondersteunende evenementen; als de fontein wordt uitgezet (echter liever niet, want deze is juist gerealiseerd ten behoeve van de winkelfunctie en dus alleen als het evenement meer toegevoegde waarde heeft) is er meer ruimte voor grotere evenementen.

Beleidsuitgangspunten en nadere aandachtspunten:

  • Het is wenselijk om het plein meer te gebruiken opdat wordt bijgedragen aan meer traffic en een sfeervol, gezellig en aantrekkelijk winkelgebied. Het gaat niet alleen om meer winkelklimaat ondersteunende activiteiten, maar ook om evenementen. Deze kunnen immers ook een extra reden zijn om naar de Nieuwe Markt te komen en daarmee het aantal bezoekers aan het winkelgebied te vergroten.

  • Synergie tussen de activiteiten en evenementen en de aanwezige winkels is gewenst. Evenementen die het winkelen verstoren zijn hier ongewenst. Om deze reden is het wenselijk dat de binnenstadsorganisatie met hun eigen activiteitenprogramma primair invulling kan geven aan het programma op deze locatie en hiervoor ruimte wordt gegeven op de evenementenkalender (zie “plusevenementen”).

  • De bereikbaarheid van winkels en horeca dient voor voetgangers altijd geregeld te zijn. Met de recente invoering van een wekelijkse koopzondag is de winkelplein-functie 7 dagen per week van toepassing.

  • De warenmarkten zijn verplaatsbaar; aan een verplaatsing moeten echter wel goede reden ten grondslag liggen. In alle andere gevallen moet rekening gehouden worden met de aanwezige markten. Het gebied moet op maandagochtend ook vroeg weer beschikbaar zijn voor de maandagmarkt.

  • Aan de Nieuwe Markt zijn veel woningen gelegen. De bewoners van deze woningen zijn gewend aan de winkelklimaat ondersteunende activiteiten met “relatief beperkte overlast”; gelet op bovenstaande zal het aantal overlastmomenten echter toenemen en incidenteel ook sprake kunnen zijn van grotere evenementen met meer belasting voor de omgeving.

  • De nieuwe dure bestrating, de plantenbakken en de zitelementen moeten gevrijwaard blijven van beschadigingen. De aanwezigheid van deze elementen beperkt bovendien de bruikbare oppervlakte voor evenementen. Het zal daarom lastig zijn om hier een groot evenement te faciliteren.

Soort

  • -

    Winkelklimaat ondersteunende activiteiten en evenementen.

  • -

    incidentele andere evenementen

Gebiedskenmerk

Winkelplein met sfeerelementen (zitelementen, fontein, plantenbakken, etc.)

  • -

    Stroom- , watervoorzieningen en afwatering aanwezig.

Oppervlakte:

  • -

    westzijde paviljoen:

    ca. 3800 m2 bruto (incl. elementen)

    ca. 1000 m2 netto (fontein- gebied)

  • -

    oostzijde paviljoen:

    ca. 1500 m2 bruto (incl elem./ bomen)

 

Beleidskoers

Ontwikkelen; maximum aantal belastende dagen stellen echter met uitbreidingsruimte tov huidige programma.

  • -

    uitbreiden programma winkelklimaat ondersteunende activiteiten.

  • -

    ruimte voor enkele kleinere en incidenteel grotere evenementen (tot maximaal 2500 bezoekers)

 

Beleidsafspraken

  • -

    ruimte bieden op de evenementenkalender voor het activiteitenprogramma van de binnenstadsorganisatie gericht op ondersteuning en versterking van het winkelklimaat

  • -

    de winkelfunctie gaat voor

  • -

    rekening houden met aanwezige warenmarkten / evt. te verplaatsen

  • -

    geen gelijktijdige muziekevenementen met de andere evenementen(locaties) in de binnenstad, tenzij deze op elkaar zijn afgestemd

 

Locatiespecifieke aandachtspunten

  • -

    Aanwezigheid objecten en gebruikte bestratingsmaterialen

  • -

    Warenmarkten

Locatiespecifieke veiligheidsaspecten

  • -

    Bereikbaarheid/toegankelijkheid hulpdiensten

  • -

    Uitgang vluchtwegen parkeergarage

  • -

    Constructieve belasting parkeergarage

  • -

    Calamiteitenroutes over plein

 

Geluidscategorieën

  • Geluidscategorieën

    Max. aantal even.dagen / jaar

    1

    35

    2a

    5

Vervolgaanpak

Nadere afspraken maken over:

  • -

    uitbreiden programma winkel ondersteunende activiteiten

  • -

    bereikbaarheid parkeervoorzieningen Tussen de Markten

  • -

    experimenteren met kleinere en grotere evenementen

 

4. Tongerloplein

Het Tongerloplein is de laatste jaren uitgegroeid is tot het cultuurplein van Roosendaal. Het plein is speciaal voor deze functie ingericht met dansvloer, zijtribune en podium. Op het Tongerloplein worden diverse evenementen georganiseerd, zoals de Tongerlopleingeluiden, Roosendaal Danst, Festival Plein 7, Roosendaal Zingt Kerst, Tongerloboule en de nostalgische kermis. T ’plein biedt organiserende verenigingen en instanties overkoepelende faciliteiten die nodig zijn om culturele activiteiten en evenementen op het plein te realiseren.

De aan het plein liggende horecabedrijven en in een aantal gevallen ook Schouwburg De Kring participeren veelal in het evenementenprogramma. Ook de naastgelegen museumtuin wordt regelmatig betrokken bij de evenementen van het Tongerloplein; hier gelden wettelijk echter andere lagere geluidsnormen.

Beleidsuitgangspunten en nadere aandachtspunten:

  • Het besloten Tongerloplein is (vergeleken met andere locaties) relatief gunstig gelegen ten opzichte van de bestaande woningen, waardoor de ervaren omgevingsbelasting ook relatief laag is.

  • De beperkte omvang van het terrein stelt wel grenzen aan de omvang van het evenement.

  • De culturele functie van het plein biedt een goede interactie met de omliggende horeca, Schouwburg De Kring en het Tongerlohuys museum. De relatie met de achterzijde van de evenementenlocatie St. Jan kan nog verbeterd worden. De Stichting Platform Cultuurplein Tongerlo (T’plein) verzorgt het grootste deel van het culturele evenementenprogramma. Men ziet desondanks nog kansen en uitdagingen voor verdere versterking van de culturele functie op en rond dit plein.

  • De aanwezige horeca werkt nauw samen met de T’plein organisatie. In de praktijk kan daardoor flexibel worden omgegaan met de plaatsing van terrassen tijdens evenementen.

  • De bereikbaarheid van een private garage is een steeds terugkerend probleem dat nog een oplossing behoeft.

  • Ook met het (potentieel) laden en lossen bij de Biggelaar moet rekening gehouden worden.

Soort

  • -

    grotendeels culturele activiteiten en evenementen

  • -

    ruimte voor kleinere evenementen

  • -

    locatie voor (nostalgische) kermis

 

Gebiedskenmerk

Specifiek ingericht cultuur- / evenementenplein (met podium, dansvloer, zijtribune)

  • -

    Stroom- , watervoorzieningen en afwatering aanwezig

  • -

    Horeca in directe omgeving

Oppervlakte: plein (incl. voorterrein schouwburg): ca. 1000 m2

 

Beleidskoers

  • -

    verder ontwikkelen culturele programma (zie ook cultuurvisie) 

  • -

    echter wel grenzen stellen aan toename van de omgevingsbelasting

 

Beleidsafspraken

  • -

    reservering locatie voor (nostalgische) kermis

  • -

    geen gelijktijdige muziekevenementen op verschillende locaties in de binnenstad, tenzij deze op elkaar zijn afgestemd

 

Locatiespecifieke aandachtspunten

Bereikbaarheid parkeergarage, (toekomstige fietsenstalling?), privé garage en laad-en losplaats.

 

Locatiespecifieke veiligheidsaspecten

Bereikbaarheid hulpdiensten

Geluidscategorieën

  • Geluidscategorieën

    Max. aantal even.dagen / jaar

    1

    30

    2a

    2

    2b

    1

    2c

    1

    3b

    7

excl. carnavalsweekend

Vervolgaanpak

Voortzetten huidige aanpak door T’Plein

 

5. Overige binnenstad (compacte binnenstad)/ de binnenstad als totaalgebied

Ook buiten de genoemde gebieden kunnen in de binnenstad evenementen plaatsvinden. Veelal zijn dit kleine events. Met het stellen van een maximale gebiedsbelasting voor de evenemententerreinen in de binnenstad zou mogelijk uitgeweken worden naar deze naastgelegen straten in de binnenstad waardoor de feitelijke omgevingsbelasting als nog toeneemt. Om deze reden wordt ook voor het overige binnenstadsgebied (de compacte binnenstad gelegen binnen en aan de nieuwe ring) een maximum aantal belastende evenementendagen per jaar gesteld. Daarnaast geldt een maximum van 4 belastende evenementendagen per specifieke locatie.

Hiermee wordt ook tegemoet gekomen aan de behoefte om ook de belasting veroorzaakt door kleinere (vaak meldingsplichtige) evenementen controleerbaar te maken.

Voor de zone “overige binnenstad” is gezien de diversiteit van dit gebied geen specifieke gebiedsbeschrijving opgenomen.

Geluidscategorieën

  • Geluidscategorieën

    Max. aantal even dagen / jaar

    1

    10

excl. carnavalsweekend

Voor de binnenstad geldt als totaalgebied wel nog extra ruimte voor maximaal 10 evenementendagen voor evenementen/ activiteiten met onversterkte muziek door muziekkapellen, dweilorkestjes, e.d.. Hiervoor gelden geen geluidsnormen. Hiertoe behoort ook het carnavalsweekend. Met betrekking tot carnaval geldt deze ruimte alleen voor carnavaleske muziek.

6. Kade, Kadeplein en Stadsoevers

De laatste decennia heeft dit gebied ruimte geboden aan een breed evenementenaanbod. Evenementen als De Draai van de Kaai, de Volksronde, de Kermisronde, de Jeugdronde, de intocht van St. Nicolaas, de Oranjevrijmarkt met Koninginnedag en de Roosendaalse kermis zijn niet weg te denken uit dit gebied. De transitie van het gebied door de huidige ontwikkeling van Stadsoevers heeft reeds gevolgen gehad voor de mogelijkheden voor grotere evenementen in dit gebied (verdwijnen van de wipwei als evenementenlocatie en het kleiner worden van het Kadeplein vanwege het terugbrengen van het water (de Vliet) in het gebied. Daarnaast zal de verdere ontwikkeling van Stadsoevers (woonwijk) ook gevolgen kunnen hebben voor de omgevingsbelasting. Tegenover deze fysieke beperkingen staat echter het toekomstige perspectief om gebruik te maken van de nieuwe mogelijkheden die (zullen) worden geboden voor de bestaande en mogelijk ook nieuwe evenementen:

  • het Kadeplein wordt een veel groener en sfeervol plein; het biedt daardoor ook aantrekkelijk decor voor sommige events; met verplaatsbare boombakken kan het plein desgewenst nog steeds functioneren als evenemententerrein voor grotere evenementen en met een fontein die daarvoor uitgezet kan worden;

  • ten zuiden van het EKP-gebouw biedt een nieuw stadspodium ook een aantrekkelijke gelegenheid voor evenementen;

  • in de zwaaikom komt een nieuwe sloepenhaven; deze biedt ook gelegenheid voor evenementen op en aan het water;

  • aan de oostzijde van de zwaaikom komen 2 pleinen met mobiele inrichtingselementen, opdat deze ruimtes ook kunnen worden ingezet voor evenement;

  • de Oostelijke Havendijk blijft geschikt als parcours voor de verschillende wielerkoersen.

  • het perspectief dat in noordoostelijke deel van Stadsoevers zal worden geboden komt terug in gebied 11.

Beleidsuitgangspunten en nadere aandachtspunten:

  • Het Kade(plein)gebied is het lokale / regionale centrum voor de wielersport. Gelet op de aanwezige ambities om Roosendaal beter te positioneren als centrum van de wielerregio West-Brabant wordt ruimtelijk rekening gehouden met het behoud van de wielerevents in dit gebied (o.a. het gebruik van Oostelijke Havendijk als onderdeel parcours).

  • De Roosendaalse Kermis is het grootste evenement van Roosendaal en behoort landelijk tot de top 5 van kermissen. Met de nieuwe pleinen en voorzieningen die in Stadsoevers zullen worden geboden kan en zal een groot deel van de kermis met grote attracties in het gebied plaats blijven vinden. De kermisperiode ligt voor de komende jaren vast.

  • In het gebied staat het voormalige EKP-gebouw nog leeg. In het kader van dit locatiebeleid is het interessant om de (mede)gebruiksmogelijkheden als evenementenlocatie van dit gebouw te verkennen.

  • Aan het Kadeplein en in de directe omgeving zijn veel woningen gelegen; de omwonenden zijn bekend met de ‘overlast’ van het huidige evenementenprogramma, waardoor er vanuit dit gebied relatief weinig klachten worden geuit. Mede gelet op de inrichting van de aangrenzende nieuwe woonwijk (Stadsoevers-west) is het echter verstandig om de omgevingsbelasting niet te vergroten. Met betrekking tot de belastende evenementendagen wordt gekozen voor het stellen van een maximum op basis van het huidige aantal belastende evenementendagen.

  • Bij de organisatie van evenementen dient zoveel mogelijk rekening gehouden te worden met het aanwezige Kellebeek-college en met de toegankelijkheid van de aanwezige bedrijven.

Soort

  • -

    grotere evenementen (Draai van de Kaai) op meerdere locaties

  • -

    wielersportevenementen.

  • -

    locatie voor najaarskermis en koningsdag

 

Gebiedskenmerk

  • -

    Meerdere locaties die gezamenlijk en ook individueel ruimte bieden voor evenementen.

  • -

    Kade en Kadeplein hebben een horecafunctie die mogelijk nog verder zal toenemen

  • -

    Het gebied is nog in ontwikkeling, maar blijft met de nodige afstemming en waar mogelijk beschikbaar voor de evenementen.

Het betreft:

  • -

    Kade (winkel-/ horecastraat), o.a. start-/ finish voor wielerevents: 300m

  • -

    Kadeplein i.o. : ca. 3000 m2 (incl. Turfberg/ excl. Vliet)

  • -

    zwaaikom i.o. : ca. 3500 m2 (incl. sloepenhaven)

  • -

    suikerplein i.o.: ca. 1700 m2

  • -

    stadspodium (voorplein EKP): ca. 1700 m2

 

Beleidskoers

Herontwikkelen als evenementenlocatie met vooralsnog ruimte voor experimentele vernieuwing en uitbreiding van het programma; echter wel verantwoord met een maximum aantal belastende evenementendagen met:

  • -

    structureel ruimte voor wielerprogramma en kermis

  • -

    sfeervolle inrichting met mobiele groen- en zitelementen voor kleinere events

  • -

    unieke mogelijkheden zwaaikom en aanliggend suikerplein.

  • -

    Geen toename van de omgevingsbelasting op Kade/ Kadeplein.

 

Beleidsafspraken

  • -

    reservering van deze locatie voor kermis en wielerkoersen

  • -

    voor het Kadeplein afbakening van het aantal belastende evenementendagen op basis van het huidige niveau. (zie tabel aantal evenementendagen per jaar).

  • -

    de mogelijke afbakening van de max. omgevingsbelasting behoeft op dit moment voor het overige gebied nog geen regels.

 

Locatiespecifieke aandachtspunten Kadeplein/EKP (beide zijden)

  • -

    Obstakels Kadeplein

  • -

    Vervallen parkeermogelijkheden bij evenement

  • -

    Fietsparkeren

  • -

    Aanwezigheid kerk (Zondagswet)

  • -

    Parkeren bewoners douanier

  • -

    Oneffenheid EKP terrein

 

Locatiespecifieke veiligheidsaspecten Kadeplein/EKP (beide zijden)

  • -

    Vluchtwegmogelijkheden

  • -

    Aanwezigheid water

  • -

    Bereikbaarheid hulpdiensten

  • -

    Bereikbaarheid Lage Brug

  • -

    Calamiteitenroute

 

Categorieën kadeplein/ EKP (beide zijden)

  • Geluidscategorieën

    Max. aantal even.dagen / jaar Kadeplein

    Max. aantal even.dagen / jaar EKP-terrein/ Stadsoevers

    1

    7

    geen max.

    2a

    2

    geen max.

    2b

    x

    geen max.

    2c

    x

    geen max.

    3a

    x

    geen max.

    3b

    7

    geen max.

    3c

    2

    geen max.

Vervolgaanpak

  • -

    Zorgen voor realisatie voldoende water-/ stroomvoorzieningen.

  • -

    Onderzoeken mogelijkheden (samen met betrokkenen organisaties in gebied):

    • medegebruiksmogelijkheden van het water /haven voor events,

    • inrichtingsmaatregelen voor wielerparcours (Oostelijke Havendijk)

  • -

    Op termijn bezien of ook in andere gebiedsdelen afbakening geluidsbelasting nodig is.

  • -

    Bezien of vaste oversteek over water kadeplein gemaakt kan worden.

 

7. Park Vrouwenhof

Het park geldt als één van de mooiere historische plekjes van Roosendaal. Het recreatief gebruik van het Vrouwenhof (skaten, schaatsen, wandelen) is de afgelopen jaren toegenomen mede dankzij het groeiende evenementenaanbod en het weer in gebruik genomen openluchttheater. Het park biedt meerdere locaties: het westelijk gelegen festivalterrein, het openluchttheater, de ijsbaan en de centraal gelegen verharde terrein voor sports (skaten, basketbal). Daarnaast is ook het zuidelijke "ecologische" gedeelte te gebruiken.

Sinds 2002 wordt jaarlijks op de woensdagavonden in de maanden juli en augustus het Zomerfestival van Vlaanderen georganiseerd (tegenwoordig bekend als Palm Parkies). Ook vindt naast een groeiend aantal evenementen jaarlijks het Blommenkinders Festival in het park plaats.

Eind 2014 is de Stichting Openluchttheater Vrouwenhof opgericht. Sindsdien wordt ook het door hen opgeknapte openluchttheater weer goed gebruikt. De stichting wil het jaarlijkse programma geleidelijk uitbreiden en goed uit kunnen voeren en heeft daar recent een plan voor ontwikkeld. Dit jaar wordt een groot deel van dit plan uitgevoerd. Deze gelegenheid is/ wordt aangegrepen om ook de festivalterreinen technisch en functioneel te verbeteren voor het gebruik als evenemententerrein; het betreft onder andere drainage van het westelijke terrein, (indien financieel haalbaar) een vaste stroomvoorziening (waarmee bovendien het hinderlijke geluid van stroomaggregaten beperkt wordt) en aanvullende verlichting (indien gewenst).

Beleidsuitgangspunten en nadere aandachtspunten:

  • Het Park Vrouwenhof ligt weliswaar op relatief korte afstand van het centrum en de daar aanwezige (parkeer)voorzieningen; de relatie met de binnenstad verdient echter zeker nog aandacht.

  • Aan de westzijde van het park wordt het park begrensd door de achtertuinen van woningen. In relatie tot deze woonfunctie worden randvoorwaarden gesteld de omgevingsbelasting. Met name de zware geluidsbelasting en parkeeroverlast vormen de belangrijkste aandachtspunten voor de omgeving. Hiertoe is (op basis van het huidige programma) een maximale aantal belastende evenementendagen gesteld (zie tabel aantal evenementen-dagen per jaar). In het Vrouwenhof kunnen evenementen tot een eindtijd van 23.00 uur gegund worden.

  • De voorkeur gaat uit naar evenementen die een relatie hebben met de groene en sfeervolle setting van het park.

  • In het recente verleden is ook gebleken dat ook de draagkracht van het terrein zijn beperkingen heeft. Meerdere keren veranderde het festivalterrein in een modderbad. Ter verbetering van de draagkracht zijn onlangs verbeteringswerkzaamheden uitgevoerd. De verwachting is dat het terrein nu meer draagkracht biedt; hierbij is uitgegaan van de huidige terreinbelasting.

  • In het plan van de Stichting Openluchttheater Vrouwenhof wordt o.a. gevraagd naar parkeerruimte voor de verschillende activiteiten in het park. Inmiddels is hierover het standpunt ingenomen dat er geen parkeerfaciliteiten getroffen worden; de evenementen moeten het liefst lokaal gericht moeten zijn en qua opzet uitgaan van bezoekers die met de fiets of te voet komen, dan wel bereid zijn de auto te parkeren in de parkeergarage Nieuwe Markt die 24/7 open is.

  • In de verdere planvorming voor het Vrouwenhof wordt bezien in hoeverre de faciliteiten voor evenementen (o.a. stroom en water) verbeterd kunnen worden.

  • De voormalige parkeerlaan rechts van de centrale ingang heeft geen specifieke functie meer; vanuit het parkgebruik als evenemententerrein is deze oude oprijlaan naar het landgoed inzetbaar als backstage en/ of specifieke voorzieningen (zoals tijdelijke invalidenparkeerplaatsen of bijv. ontvangst van de pers).

  • Om het medegebruik van het historische deel van het park (m.u.v. openluchttheater) te beperken en het hoofdterrein te ontlasten zal het gebruik van de ijsbaan en het zuidelijk gelegen "ecologische" terrein als mogelijk alternatief worden bevorderd.

Soort

Omvangrijk en gedifferentieerd evenementenprogramma met duidelijke relatie met parkomgeving en/ of aanwezig openluchttheater.

  • -

    jaarlijks programma van de Stichting Openluchttheater Vrouwenhof passend bij het openluchttheater.

  • -

    ruimte voor incidentele evenementen (lokaal georiënteerd/ geen zware belasting voor omgeving en terrein)

 

Gebiedskenmerk

Het Park Vrouwenhof biedt meerdere locaties voor evenementen:

  • -

    het westelijk gelegen hoofdveld: ca. 6500 m2

  • -

    de ijsbaan: ca. 3500 m2

  • -

    skateplein: ca. 1000 m2 (incl. objecten)

  • -

    zuidelijke "ecologische" terrein: ca. 800 m2 (evt. nog uit te breiden)

  • -

    openluchttheater: ca. 750 m2 (incl. podium)/ tribune biedt 750 zitplaatsen.

Het park biedt daarmee veel ruimte en een aantrekkelijke setting voor festivals.

Het openluchttheater en het hoofdveld hebben stroom-/ water en afwatervoorzieningen.

 

Beleidskoers

  • -

    Verbeteren evenementenfunctie.

  • -

    Maximum aantal belastende events op basis van huidige aantal ter beperking van de omgevingsbelasting voor festivalterrein aan Nispensestraat (zie tabel aantal evenementendagen per jaar).

  • -

    Voorkeur voor events met een relatie met de groene parksetting.

  • -

    Wel ruimte voor uitbreiding programmering in openluchttheater (staat los van normering festivalterrein).

  • -

    intern spreiden van de druk door inzet van ijsbaan en zuidelijke "ecologische terrein.

 

Beleidsafspraken

  • -

    Gebied beter geschikt maken als evenementenlocatie

  • -

    Geen parkeren toestaan

  • -

    Wel mogelijkheden voor specifiek gebruik van parklaan (rechts vanaf centrale entree) als backstage voor organisatie en tijdelijke invalidenparkeerplaatsen.

Locatiespecifieke aandachtspunten

  • -

    Zeer beperkte parkeermogelijkheden

  • -

    Beperkte toegankelijkheid ijsbaan en ecologische zone voor op- en afbouw

  • -

    Fietsparkeren

  • -

    Bereikbaarheid horeca garanderen

 

Locatiespecifieke veiligheidsaspecten

Bereikbaarheid hulpdiensten

Aandacht voor verlichting bij evenementen

Vrijhouden calamiteitenroute

 

Geluidscategorieen

  • Geluidscategorieën

    Max. aantal even.dagen / jaar even.terrein Nispensestraat + skatebaan

    Max. aantal even.dagen/ jaar overig (openluchttheater)

    1

    9

    Geen max.

    2a

    9

    Geen max.

Vervolgaanpak

Verder uitvoeren technische maatregelen om park geschikter te maken voor evenementen in het Kader van uitvoering Programma Vitale Wijken en Dorpen. Daarbij treffen van voorzieningen (ovb. stroom, etc.).

Afspraken maken met betrokken organisaties over de ruimtelijke invulling/ voortgang van het huidige evenementenprogramma.

8. Markt Wouw

In Wouw wordt met name de Markt ingezet voor evenementen. Incidenteel wordt er gebruik gemaakt van het Torenplein of het Catharinapark. De Markt in het centrum van Wouw heeft een historisch karakter en is uniek vanwege het groene karakter.

De druk van het groeiende evenementenprogramma (o.a. de Wouwse Muziekfeesten (incl. Smakelijk Wouw), de Geraniummarkt, de Kermis en sinds vorig jaar Wouw on Ice en Wouw on the Beach) leidt tot de behoefte aan een evenemententerrein met voldoende draagkracht en goede stroom-, water- en afvoervoorzieningen.

Recentelijk is het terrein voorzien van een nieuwe grasmat en zijn voorzieningen aangebracht om het gebied geschikter te maken als evenemententerrein; zoals een grasbetonstenen-verharding van de entrees van het terrein, vaste ankerpunten voor de kerstboom of de grote pop van de Wouwse Boerin, een plaats voor een oliebollenkraam, een betere stroom- en watervoorziening en beter gelegen afvoerpunten. Het drukke programma zorgt, zeker in combinatie te nat of te droog weer, nog steeds voor overbelasting van de grasmat. Om deze reden zal het alternatieve gebruik van het Torenplein voor bepaalde evenementen bezien worden.

Beleidsuitgangspunten en nadere aandachtspunten:

  • Rondom de Markt zijn andere functies (wonen, detailhandel en horeca) die gerespecteerd moeten worden in de sfeer van bereikbaarheid, toegankelijkheid en aanvaardbare omgevingsbelasting (geluid). Recente ervaringen zijn aanleiding om voor de belastende evenementencategorieën een maximum aantal belastende evenementendagen te stellen (zie tabel “aantal belastende evenementendagen”) en ook de eindtijd terug te brengen.

  • Meer interactie tussen horeca op en rond de Markt en de evenementen is wenselijk.

  • De Markt moet ook beschikbaar blijven voor ander gebruik (o.a. speelveld) en groen blijven vanwege het unieke karakter en het beschermde dorpsgezicht.

  • De verbetering als evenementenlocatie is uitgevoerd in het kader van het Programma Vitale Dorpen en Wijken, als onderdeel van de actie “Wouw en toerisme”, waarvoor een budget is vrijgemaakt. Ondanks de uitvoering van dit verbeteringsplan zal nog steeds rekening gehouden moeten worden met de niet onbeperkte draagkracht van het terrein. Ook om deze reden is verdere uitbreiding van het programma ongewenst, zeker als daarmee de grasmat zwaarder wordt belast. Incidenteel kan afhankelijk van het evenement desnoods worden uitgeweken naar het Torenplein of het Catharinapark. Evenementen op het Torenplein worden meegeteld met het aantal evenementendagen op de Markt.

  • Daarom worden vanuit het behoud van de groene grasmat ook eisen gesteld aan het gebruik van het terrein; zeker wanneer sprake is van meerdaagse evenementen.

    Voor het betreden met voertuigen dient voortaan alleen gebruik gemaakt te worden van de aangelegde entrees van het terrein

Soort

  • -

    Omvangrijk en gedifferentieerd evenementenprogramma (vooral lokaal georiënteerd).

  • -

    Kermislocatie

 

Gebiedskenmerk

Historisch groen dorpsplein: ca. 1250 m2 (netto tussen bomen, excl. terras Mijn Keuken) Op het gazon zijn stroom-/ water - en afvoervoorzieningen aanwezig.

Beleidskoers

  • -

    Geen toename van het aantal belastende evenementendagen (maximale omgevingsbelasting op basis van het huidige niveau)

  • -

    Kwalitatief verbeteren als evenementenlocatie

  • -

    Incidenteel uitwijken naar alternatieve locaties (Torenplein en Catharinapark).

  • -

    Eindtijd evenementen beperken

  • -

    Voorkomen te langdurige zware belasting van het terrein.

 

Beleidsafspraken

  • -

    verbeteren interactie met omliggende horeca

  • -

    blijvende aandacht voor terreinconditie en gebruik van het terrein ter voorkoming van overbelasting

Locatiespecifieke aandachtspunten

  • -

    Draagkracht terrein

  • -

    Aanwezigheid kerk, restaurant

  • -

    Eindtijd evenementen

 

Locatiespecifieke veiligheidsaspecten

n.v.t.

Geluidscategorieën

 

  • Geluidscategorieën

    Max. aantal even.dagen / jaar (incl. Torenplein)

    1

    16

    2a

    11

Vervolgaanpak

Afspraken maken met organisatoren over het gebruik van het evenemententerrein

9. Kerkplein Nispen e.o.

Ook Nispen is een actief dorp waar jaarlijks veel activiteiten en evenementen worden georganiseerd, zoals Nispen Blues, het Beach Event, de Wielerronde van Nispen en de braderie. De meeste (buiten) evenementen vinden plaats op het Kerkplein in het centrum van Nispen. Het Kerkplein in Nispen is onder wandelaars, fietsers en andere toeristen een gekende pleisterplaats en anderzijds voor het winkelend publiek een parkeerplaats. Het Kerkplein is het kloppend hart van het dorp. In 2015 werd het geheel vernieuwde Kerkplein geopend. Achter de kerk is een openluchttheater ingericht met verplaatsbare elementen en een aantal parkeerplaatsen, opdat het gebied multifunctioneel gebruikt kan worden en daardoor ook plaats kan bieden aan iets grotere evenementen.

Beleidsuitgangspunten en nadere aandachtspunten:

Met de inrichting van het Kerkplein e.o. zijn de gewenste aanpassingen aangebracht. Tegelijkertijd zijn belanghebbenden en betrokkenen goed verenigd. Horeca, detailhandel, cultuur vinden elkaar bij organisatie van evenementen en houden rekening met de verkeersfunctie. Het kerkplein ligt namelijk ook op een kruispunt van doorgaande wegen.

Soort

Omvangrijk en gedifferentieerd evenementenprogramma:

  • -

    vast programma (grotendeels dorp gerelateerd)

  • -

    ruimte voor incidentele evenementen (lokaal georiënteerd/ geen zware belasting voor omgeving en terrein)

 

Gebiedskenmerk

  • -

    Het kerkplein ligt aan een kruispunt van doorgaande wegen in het hart van Nispen.

  • -

    De fysieke ruimte voor evenementen is beperkt : 750 - 1000 m2

  • -

    Achter de kerk biedt het openluchttheater 150 zitplaatsen.

  • -

    Incl. het omliggende terrein: ca. 650 m2

 

Beleidskoers

Beperkt ontwikkelen / voortzetten huidige aanpak

Beleidsafspraken

Gebied behoeft geen nadere regulering.

Vervolgaanpak

Volgen voortzetting van de huidige aanpak door de lokale partijen.

10. Overige dorpskernen (Heerle, Wouwse Plantage, Moerstraten)

Ook de dorpskernen van Heerle, Wouwse Plantage en Moerstraten bieden meerdere malen per jaar ruimte aan vooral lokale evenementen (carnaval, wielerkoersen, Heerl’k Heerle).

Ook deze locaties hebben hun specifieke sterke en zwakke punten; deze worden meestal lokaal goed aangegrepen of creatief opgelost.

Dit betekent niet dat er in dit kader daarom geen aandacht naar deze locaties uit zal gaan. Als organisatoren van evenementen zich melden met vragen zal bezien worden hoe deze beantwoord kunnen worden.

Soort

Gedifferentieerd lokaal evenementenprogramma:

  • -

    vast programma (dorp gerelateerd)

  • -

    ruimte voor incidentele evenementen (lokaal georiënteerd/ geen zware belasting voor omgeving en terrein)

 

Gebiedskenmerken

Het betreft vooral de volgende dorpscentra:

  • -

    Heerle: Herelsestraat (plein noordelijk van de kerk): 1200 m2 tot max. 2800 m2

  • -

    Heerle: Beukenveld - grasveld (ook formele circuslocatie) : 4300 m2

  • -

    Wouwse Plantage: Plantagebaan in dorp: 300m

  • -

    Moerstraten: Moerstraatseweg (kerkplein: ca.400m2 ; schoolplein: ca.500m2)

 

Beleidskoers

Voortzetten huidige lokale aanpak

Beleidsafspraken

Gebieden behoeven geen nadere regulering.

Vervolgaanpak

Volgen voortzetting van de huidige aanpak door de lokale partijen.

11. Recreatiepark De Stok / Parkeerterrein/ evenementenhal

Recreatiepark De Stok is een concentratiegebied van een groot aantal leisurebedrijven ten Noorden van Rosada. Het grote geasfalteerde parkeerterrein in Recreatiepark De Stok is in 2006 gerealiseerd. De volledige capaciteit van het terrein bedraagt ruim 600 parkeerplaatsen. Het parkeerterrein dient op piekmomenten als overflow parkeerterrein voor de bezoekers van Rosada Fashion Outlet. Tijdens de Roosendaalse Kermis wordt het terrein ingezet als salonwagenterrein voor exploitanten van de kermis. Het gebied doet ook dienst als circusterrein en is meerdere malen gebruikt door grotere dance-events.

Beleidsuitgangspunten en nadere aandachtspunten:

  • Het parkeerterrein biedt vanwege de ligging mogelijkheden voor evenementen/ festivals met een zwaardere geluidsbelasting.

  • Het medegebruik van Rosada en andere gebruikers is een aandachtpunten, maar geen randvoorwaarde; het incidentele gebruik als evenemententerrein gaat voor.

  • Het vooralsnog ontbreken van goede alternatieve festivallocaties is reden om de functie in afwachting van alternatieve locaties te handhaven. Gelet op de aanwezige ondernemersbelangen in het gebied worden jaarlijks nog max. 2 grote events, waarvan max. 1 een 2-daags festival, toegestaan. Uitgangspunt daarbij is max. 4000 bezoekers per dag. Over het moment en de consequenties dient tijdig contact te worden gezocht met Rosada en Ondernemersvereniging De Stok. Vanwege de reeds aanwezige parkeerdruk worden feestdagen uitgesloten. De verkeersafwikkeling en het parkeren moeten daarbij goed geregeld worden.

  • De geluidsoverlast van zware evenementen als Daylight vormt een belemmering voor het uitbaten van sommige horecavoorzieningen in het gebied.

  • Met het gebruik als evenemententerrein door grote evenementen naast de reeds bestaande drukte in het gebied (Rosada en De Stok) vragen de bereikbaarheid voor de hulpdiensten en de aanwezigheid van vluchtroutes om bijzondere aandacht.

  • In het gebied worden op andere locaties ook events georganiseerd: vooral Evenementenhal De Stok (Metsjpoint) biedt grotere events (o.a. Roosendaal.nl) en beurzen. Met de vaststelling van het bestemmingsplan Recreatiepark De Stok mogen hier per jaar 24 evenementen plaats vinden (12 eendaagse en 12 meerdaagse evenementen van maximaal drie dagen). Daarmee heeft Roosendaal sinds het verdwijnen van Leijsdream weer een evenementenhal.

  • Het gebied biedt een aantrekkelijk perspectief voor evenementen en activiteiten die aansluiten op het aanwezige leisure-aanbod en op (het collectieve) initiatief van de zittende ondernemers plaats vinden (denk bijvoorbeeld aan een open dag).

  • Het gebied is formeel aangewezen als circuslocatie.

Soort

Beperkt evenementenprogramma op parkeerterrein:

  • -

    ruimte voor max. 2 grote (dance)events (waarvan max. 1 meerdaags van maximaal 2 dagen) + ruimte voor circus

Diverse overdekte evenementen (max. 24, waarvan 12 meerdaags (max. 3 dagen) in evenementhal (Metsjpoint): o.a. rommelmarkten, beurzen, muziekfeesten).

 

Gebiedskenmerk

Recreatiegebied met groot aantal leisurebedrijven, waaronder Metsjpoint (Evenementenhal De Stok), Skydive, Hooihuis en Sieben Recreatie.

In het gebied ligt een groot geasfalteerd parkeerterrein dat incidenteel inzetbaar is voor grote events: ca. 15.000 m2

 

Beleidskoers

  • -

    Vooralsnog handhaven van het huidige maximale aantal grote festivals; (op termijn) saneren als festivallocatie (als er voldoende alternatieve locaties zijn).

  • -

    daarbij aandacht voor de bereikbaarheid (ook voor hulpdiensten) en vluchtmogelijkheden.

  • -

    Wel ontwikkelruimte voor het recreatiegebied ondersteunende evenementen door gevestigde ondernemers.

 

Beleidsafspraken

Gebruik parkeerterrein voor grote events onder voorwaarden:

  • -

    niet op feestdagen, bij gebruik als circusterrein en tijdens kermis (vanwege gebruik als salonwagenterrein)

  • -

    zorgen voor verkeersafwikkeling, bereikbaarheid (hulpdiensten), vluchtrouting en parkeeroplossing

  • -

    tijdige afstemming met Ondernemersvereniging De Stok (incl. Rosada)/ ook wb programmering Metsjpoint.

  • -

    parkeerterrein is circuslocatie (1x/jaar, max. 6 speeldagen)

 

Locatiespecifieke aandachtspunten

  • -

    Parkeren evenement

  • -

    Fietsparkeren

  • -

    Bereikbaarheid

  • -

    Parkeren ondernemers

 

Locatiespecifieke veiligheidsaspecten

  • -

    Bereikbaarheid hulpdiensten

  • -

    Vluchtroutes

Geluidscategorieën

  • Geluidscategorieën

    Max. aantal even.dagen / jaar 11a parkeerterrein

    Max. aantal even.dagen / jaar 11b evenementenhal

    Max. aantal even.dagen / jaar 11c overig

    1

    8

    NVT

    geen max

    2a

    X

    NVT

    geen max

    2b

    X

    NVT

    geen max

    2c

    X

    NVT

    geen max

    3a

    3 (max 2 events)

    NVT

    geen max

Vervolgaanpak

  • -

    Onderzoeken alternatieve festivallocaties (zie 12 t/m 14).

  • -

    Afspraken eindtijden evenementen in evenementenhal maken.

  • -

    Eigen afstemmingsagenda door ondernemers recreatiepark De Stok

 

12. Herstaco-stadion/ sfeerstrand e.o.

Het Herstaco-stadion en het aanliggende parkeerterrein zijn in principe logische locaties voor de organisatie van kleine en grote evenementen. De afgelopen jaren heeft er ook een aantal evenementen plaatsgevonden (o.a. Brabant Party, Lost Memories outdoor festival). Het gebied is via de passerelle over het spoor goed bereikbaar voor treinreizigers en beloopbaar ten opzichte van de binnenstad; het biedt goede faciliteiten en een groot (betaald) parkeerterrein; het terrein ligt op afstand van woonwijken en is ingericht op de ontvangst van een relatief groot publiek. Daarmee ontstaat de vraag waarom de actuele vraag naar ruimte voor festivals en popconcerten hier nog niet ingevuld wordt.

In het aangrenzende gebied de Oostelijke Havendijk (op het voormalige Wubbenterrein) is een stadsstrand ingericht. Het “Sfeerstrand Roosendaal” omvat drie delen: een kinderspeelplaats, een loungebar en een terrein voor (kleinschalige) evenementen. Het idee daarbij is ook lekker chillen en genieten van leuke optredens. Daarbij ligt interactie met het water (de Vliet), de nabij gelegen grafittihal De Loods en het Nationaal Voetbalmuseum (de voetbalexperience in het Herstaco-stadion) voor de hand.

Beleidsuitgangspunten en nadere aandachtspunten:

  • Met name de wet- en regelgeving rondom de toe te staan geluidbelasting (Activiteitenbesluit, APV) is momenteel bepalend voor het niet goed kunnen functioneren als festivallocatie (het stadion en de bijbehorende parkeerplaats worden als inrichting beschouwd die onder het Activiteitenbesluit vallen). De potenties van deze locatie (ook voor grotere festivals met categorie 4), zeker in combinatie met het Sfeerstrand zijn aanleiding om de juridische mogelijkheden nader te onderzoeken. Elders in het land worden dergelijke locaties regelmatig gebruikt voor zwaardere evenementen. De OMWB zal de mogelijkheden onderzoeken. Uiteraard zal samenwerking met en medewerking van Herstaco nodig zijn.

  • Aan de noordzijde van het stadion ligt de suikerfabriek en een vooralsnog lege bedrijfskavel (16 ha.). Bezien moet worden of dit gebied perspectief/ belemmeringen oplevert voor de verdere ontwikkeling als evenementen- / festivallocatie.

  • De ontwikkeling van Stadsoevers betekent wel dat de woonfunctie dichterbij komt te liggen.

  • Evenementen mogen geen grote beperkingen opleveren voor de bedrijven op de nabijgelegen bedrijventerreinen. Zeker bij grotere events zal het incidenteel nodig zijn om afspraken te maken met de ondernemers op Borchwerf(-West) over bereikbaarheid van de bedrijven en het evt. gewenste medegebruik van parkeerlocaties.

  • Bij de programmering rekening houden met huidige gebruikers zoals voetbalclub RBC.

Soort

Vernieuwend evenementenprogramma:

  • -

    ruimte voor grotere publieksevenementen (ook zwaardere categorieën)/ potentieel festivalterrein (Herstaco en bijbehorend parkeerterrein)

  • -

    ruimte voor kleinschalig evenementen programma (Sfeerstrand)

  • -

    gecombineerd ruimtegebruik voor grotere festivals.

 

Gebiedskenmerk

Het betreft voormalige industrieterrein dat is/ wordt omgezet in leisuregebied; inde huidige situatie biedt het Herstaco-stadion ca 5000 zitplaatsen en een grasmat van ca. 9000 m2. Het omliggende parkeerterrein heeft een oppervlakte van in totaal ca.17.500 m2 (zuid. parkeerterrein: ca. 7000 m2; oost. parkeerterrein: 8000 m2.

Het stadion biedt volop faciliteiten.

Het sfeerstrand heeft oppervlakte van ca. 10.000 m2.

Het bestemmingsplan geeft een max. aantal van 5000 bezoekers aan.

 

Beleidskoers

Ontwikkelen / ovb (juridische) haalbaarheid:

  • -

    Herstaco-stadion e.o. als evenementen-/ festivallocatie

  • -

    Sfeerstrand voor lichtere evenementen

 

Beleidsafspraken

  • -

    categorie 4 (indien mogelijk) toestaan voor Herstaco-stadion e.o. en dan juridisch regelen.

 

Vervolgaanpak

  • -

    Onderzoeken (juridische) mogelijkheden als festivallocatie .

  • -

    Afspraken maken met betrokkenen (Sfeerstrand, Herstaco, Suikerunie) over voortgang/ uitbreiding van het huidige evenementenprogramma en perspectief als festivallocatie.

  • -

    Zodra meer duidelijkheid bestaat verder uitwerken gebiedsprofiel

 

13. Red Band Sportpark / Wieler Experience

Met het vertrek van THOR naar Sportpark Vierhoeven is de gemeente op zoek gegaan naar een nieuwe bestemming van deze locatie. Het winnende idee van een wedstrijd (CityChallenges.nl), een wielerexperience, is inmiddels gerealiseerd. Het betreft een totaalconcept voor wielerbeleving met een geasfalteerde wielerbaan van 1 kilometer, een mountainbike-parcours van 1 kilometer en een pumptrack; een kort en snel parcours met bulten en kombochten voor mini-BMX, waar ook skaters terecht kunnen. Bij de verdere multifunctionele uitwerking van het gebruik (en exploitatieopzet) wordt ook de mogelijkheid van evenementen op deze locatie bezien.

Beleidsuitgangspunten en nadere aandachtspunten:

  • Bij de uitwerking van het multifunctionele wielerexperience-plan is ook de vraag naar festivallocaties interessant. Het gebied heeft gelet op de omvang, ligging, faciliteiten (o.a. parkeren) zeker potentie als evenemententerrein/ festivallocatie. Deze optie/ potentie zal echter nog onderzocht moeten worden. Een groot deel van het centrale groene grasveld gelegen binnen de oude atletiekbaan blijft nog intact en is daardoor wellicht beschikbaar.

  • Er dient rekening gehouden te worden met omwonenden (Buijenstraat).

  • Als ingericht wielerpark wordt sowieso ruimte geboden voor specifieke wielerevents.

Soort

Mogelijk te ontwikkelen (wieler)evenementenprogramma

  • -

    ruimte voor publieksevenementen / potentieel festivalterrein?

 

Gebiedskenmerk

Het betreft voormalig atletiekbaan gelegen aan de noordoostelijke stadsrand. De locatie is goed bereikbaar vanaf de nieuwe Nelson Mandelaweg, de verbindingsweg tussen Borchwerf en Majoppeveld.

Binnen de hier geplande Wieler Experience is nog een deelterrein beschikbaar: ca.3500 m2 (evt. uit breiden met deel asfaltparcours tot 7000 m2).

 

Beleidskoers

Ontwikkelen indien mogelijk / haalbaar

Beleidsafspraken

Sowieso ruimte voor wielerevents

Gebied behoeft op dit moment geen nadere regulering.

 

Vervolgaanpak

  • -

    Potentie festivallocatie onderzoeken en meenemen in planuitwerking wielerexperience

  • -

    Perspectief evenementen- / festivallocatie bespreken met betrokkenen.

  • -

    Zodra meer duidelijkheid omtrent mogelijk gebruik als evenementenlocatie bestaat gebiedsprofiel verder uitwerken

 

14. Godwaldtpark

Het Godwaldtpark is eind jaren ’70 aangelegd als wijkpark voor de wijk Kortendijk met veel recreatievoorzieningen. Het park ligt echter opvallend decentraal aan de rand van de wijk. In de (concept) Parken Visie wordt gesteld dat het park hierdoor eigenlijk alleen een duidelijke functie voor de directe omgeving heeft. Door het beperkte gebruik is door de jaren heen het grootste deel van de recreatieve voorzieningen verdwenen. Het park wordt de laatste jaren nog enigszins gebruikt voor sportactiviteiten door omwonenden (voetbal) en de aangelegen school (sport). Daarnaast is het park voor omwonenden erg in trek voor het uitlaten van viervoeters. Het park ontbeert echter een duidelijke functie. Het toevoegen van een specifiek evenementenprogramma kan de waarde van het park vergroten; tegelijkertijd ontstaat daarmee een alternatieve locatie voor evenementen op zwaar belaste locaties als het Vrouwenhof. Het recent experiment om het Oktoberfest hier een keer te organiseren heeft laten zien dat de locatie goede mogelijkheden heeft.

Beleidsuitgangspunten en nadere aandachtspunten:

  • Het park vraagt in feite om meer functioneel gebruik; daarbij zou ook aan de komst van evenementen gedacht kunnen worden. Het park is ruim 8 ha groot omvat vele open ruimtes, aanpassingen zijn mogelijk zonder grote aantasting van de ruimtelijke kwaliteit. Aan de noordzijde van het park is een behoorlijke parkeervoorziening aanwezig.

  • Het park grenst wel aan stadswijk; er dient derhalve wel rekening gehouden te worden met omwonenden van de Diamantdijk en Carneooldijk.

Soort

Mogelijk te ontwikkelen specifieke evenementenlocatie (ook voor kleinere festivals)

 

Gebiedskenmerk

Park met 5 min of meer open ruimten (elk tussen 2500 en 4000 m2). Het park heeft een totale bruto-oppervlakte van ca. 8,5 ha, waarvan ca 3 ha bruikbare gazonruimte.

Beleidskoers

Onderzoeken ontwikkelingsmogelijkheden

  • -

    experimenteren met kleinere evenementen/ festivals die geen afbreuk doen aan de omgevingskwaliteit

Beleidsafspraken

Gebieden behoeven op dit moment geen nadere regulering.

Vervolgaanpak

  • -

    Bij gelegenheid partijen deze optie voorleggen,

  • -

    Bij draagvlak plan maken voor inrichting als evenementenlocatie

  • -

    Zodra meer duidelijkheid omtrent mogelijk gebruik als evenementenlocatie bestaat gebiedsprofiel verder uitwerken

15. Overige evenementenlocaties

In deze notitie zijn niet alle evenementlocaties beschreven. Voor de evenementen op al de overige locaties gelden de algemene uitgangspunten en het daarbij horende maatwerk. Maatwerk betekent dat soms nader beleid nodig zal zijn voor specifieke locaties of incidentele afspraken gemaakt zullen moeten worden. Onderstaand wordt ingezoomd op een aantal nog niet beschreven (potentiële) evenementenlocaties:

Mariadal

De kloostertuin van Mariadal biedt een fraai decor voor bijzondere evenementen, dat bleek bijvoorbeeld tijdens de Samenloop voor Hoop in 2014. Mariadal is ook een “mandje” in het rapport “Roosendaal, Gezonde Stad”. Daarin wordt Mariadal gezien als een potentiële attractie van bovenregionale betekenis en de kloostertuin vooral als een toegankelijke groene ruimte waarin ook hierin passende evenementen plaats kunnen vinden. Inmiddels zijn de plannen voor Mariadal en de kloostertuin bekend en kan de optie om deze in te zetten als evenementenlocatie bezien worden.

Landgoed Wouwse Plantage

Het landgoed is in het verleden vele malen een prachtig decor geweest voor kleinere en grotere evenementen; denk aan de landgoeddagen, Harvest Fair, Fantastyval, Brabantse kasteeldagen, Brabantse Wal dag, enz.. De afgelopen jaren vinden echter nog nauwelijks openbare activiteiten plaats op deze nieuwe unieke plek. Tegelijkertijd wordt nog steeds nagedacht over de toekomst van het landgoed en is de terugkeer van een bijzonder evenementenprogramma op deze plek aannemelijk. Een en ander en hoe hier mee om te gaan is primair afhankelijk van de plannen van de eigenaren van het landgoed. Voorts is sprake van een natuurgebied waarvoor beperkingen gelden.

Sportparken

Het medegebruik van sportparken en daarbij horende parkeerterreinen voor evenementen is vaak lastig door de aanwezige sportcompetities en specifieke beheer in dienst van de sport. Vanuit de sportverenigingen worden er vaak eigen activiteiten georganiseerd, waardoor de kalender op de sportparken al redelijk vol is. Desalniettemin is het denkbaar dat verenigingen vanuit de exploitatie van de complexen ook nadenken over inkomsten uit evenementen tijdens de seizoenssluiting. Vooralsnog is hiervan (behoudens schooltoernooien) nauwelijks sprake.

Overdekte evenementen

De reguliere programmering en de events in hiervoor bestemde overdekte inrichtingen (Sint-Jan, Schouwburg De Kring, In de Roos, wijkcentra, etc.) zijn goed geregeld en worden verder niet specifiek uitgelicht in deze evenementennota. Dit neemt niet weg dat deze programmering wel degelijk onderdeel vormt van de evenementencoördinatie en mogelijk ook -promotie.

Gebruik van het buitengebied

Om enigszins uitvoering te kunnen geven aan de motie festivalbeleid zijn reeds meerdere locaties genoemd die daarvoor van belang (kunnen) zijn. Het vaak grootschalige karakter van festivals en daarmee de grote impact voor de omgeving betekenen dat hiervoor in het binnenstedelijke gebied te weinig fysieke ruimte beschikbaar is en ook de directe omgeving te gevoelig is. Het is logisch dat hiervoor uitgeweken wordt naar het buitengebied. Ook daar liggen overigens beperkingen, waardoor gekozen zal moeten worden voor incidentele locaties (max. 1x/ jaar per locatie), liefst met een groot draagvlak vanuit de omgeving.

Experimenten

Er moet ook ruimte zijn om te experimenten (mits verantwoord). Het (mede)gebruik van bijvoorbeeld parkeergarages voor vernieuwende events klinkt aantrekkelijk, maar moet wel op een verantwoorde en legale manier geregeld kunnen worden. Het is erg lastig om voor allerlei afwijkende situaties een beleid te definiëren zonder daarmee het experimentkarakter aan banden te leggen.

Opmerkingen bij dit locatiebeleid

Het hier beschreven locatiebeleid is niet 100% sluitend. In algemene zin zijn daarom nog de volgende beleidsuitgangspunten van toepassing:

  • a.

    Op incidentele evenementen op andere dan de genoemde locaties is het locatiebeleid niet van toepassing en zal derhalve een aparte afweging plaatsvinden.

  • b.

    Mobiele evenementen zoals fietstoertochten die niet van invloed op het normale verkeer en waarvoor daarom geen verkeersmaatregelen nodig zijn vallen ook buiten de reikwijdte van het locatiebeleid voor evenementen.

  • c.

    Evenementen die binnen (in een inrichting) plaatsvinden tellen niet mee bij de maximering van het aantal belastende evenementen in een bepaald gebied.

  • d.

    Bijzondere gelegenheden zoals een koningsbezoek, WK-voetbal, Roosendaal 750, officiële herdenkingsbijeenkomsten, reünie korps commandotroepen, officiële huldigingen hoeven ook niet te worden meegeteld bij de maximering van het aantal belastende evenementen in een bepaald gebied.

  • e.

    Bijzondere prominente events die incidenteel vanuit citymarketingdoeleinden in Roosendaal plaatsvinden (bijv. Glazen huis, The Passion) hebben ook en bijzonder positie en hoeven ook niet te worden meegeteld bij de maximering van het aantal belastende evenementen in een bepaald gebied.

Toelichting bij tabel “aantal belastende evenementendagen per jaar”.

In de navolgende tabel is per locatie aangegeven hoeveel evenementendagen van een bepaalde geluidscategorie per jaar maximaal worden toegestaan. De aantallen zijn gebaseerd op de ervaringen van de afgelopen jaren en zullen bij de evaluatie indien gewenst of nodig worden aangepast.

foto

Bijlage 3 Evaluatie meerjarige evenementenvergunning

Aanleiding evaluatie

Eind 2013 en 2014 zijn de eerste meerjarige evenementenvergunningen verleend. De eerste meerjarige vergunningen liepen tot en met 2017. Op grond van het huidige beleid zal het voor 2018 nodig zijn nieuwe vergunningen te verlenen of bestaande vergunningen te verlengen. De in 2017 vastgestelde evenementennota geeft aanleiding tot het evalueren van de meerjarige vergunning.

Hoewel tussentijds ook is gekeken naar de ervaringen met de meerjarige evenementenvergunning kan het systeem pas nu, na afloop van de eerste vergunningperiode, goed geëvalueerd worden. Bij deze evaluatie dienen zowel de ervaringen als de ontwikkelingen in de afgelopen betrokken te worden. Hierbij valt te denken aan diverse ongevallen c.q. incidenten die zich in het binnen- en buitenland hebben voorgedaan. Maar ook de ontwikkelingen m.b.t. de schaarse vergunning en het in 2017 vastgestelde evenementenbeleid dat o.a. de behoefte aan vernieuwing en uniciteit op het gebied van evenementen beschrijft.

Meerjarige evenementenvergunningen

Gebleken is dat niet alle evenementen zich lenen voor een meerjarige vergunning. Dit geldt in ieder geval voor inspanningsevenementen (bijvoorbeeld de halve marathon) maar zeker ook voor evenementen die plaatsvinden over een groter gebied (bijvoorbeeld Carnaval of een wielerronde). We zien dat men name bij deze laatste categorie toch altijd wel wijzigingen in het evenement plaatsvinden. Daarnaast zijn er ook evenementen die ieder jaar wijzigen.

De bevindingen in het rapport van de veiligheids- en gezondheidsinspecties

Door diverse incidenten in binnen- en buitenland tijdens evenementen speelt veiligheid bij evenementen een steeds grotere rol. In hun rapport “Meer aandacht nodig voor veiligheid en gezondheid bij publieks-evenementen” hebben de Inspectie voor de Gezondheidszorg en de Inspectie Veiligheid en Justitie, naar aanleiding van enkele incidenten, gezamenlijk bekeken hoe gemeenten omgaan met risico’s op veiligheids- en gezondheidsgebied bij evenementen. Naast een aantal andere aandachtspunten zijn de inspecties kritisch op meerjarige evenementenvergunningen. Zij geven hierover het volgende aan:

“Verschillende gemeenten hebben in hun APV de mogelijkheid opgenomen om meerjarige vergunningen te verlenen. In de ogen van de Inspecties nemen deze gemeenten daarmee een groot risico. Immers zij kunnen daardoor de risico’s voor de veiligheid en gezondheid niet telkens opnieuw afwegen voor de nieuwe editie van dat publieksevenement. Ook ervaringen rond de vorige editie wegen de gemeenten dan niet mee.”

Belangrijke kritiekpunt is dat, door het verlenen van meerjarige vergunningen, het zgn. “lerend vermogen” beperkt wordt. Vergunningen worden voor meerdere jaren verleend en worden dus niet jaarlijks aangepast of bijgesteld op basis van ervaringen die zijn opgedaan. Dit hoeven niet perse ervaringen met het desbetreffende evenement te zijn. Ervaringen opgedaan met een specifiek evenement kunnen nadrukkelijk ook leerpunten opleveren voor andere evenementen en reden tot bijstelling zijn voor meerdere vergelijkbare evenementen of situaties.

Wijzigingen i.r.t. meerjarige evenementenvergunningen

De meerjarige evenementenvergunning vergoot de kans dat ongemerkt wijzigingen in het evenement plaatsvinden. Hoewel op het meldingsformulier gevraagd wordt naar relevante wijzigingen t.a.v. het evenement is het vaak een kwestie van interpretatie of wijzigingen ook daadwerkelijk gemeld worden. Wat vanuit de expertise van een vergunningverlener (of een van de adviserende diensten) relevante wijzigingen zijn kunnen in de ogen van een evenementenorganisator zaken van ondergeschikt belang zijn. Vraag is ook of van een evenementenorganisator verwacht mag worden om hier een juiste afweging te maken. Immers veel evenementen worden georganiseerd door organisaties bestaande uit vrijwilligers zonder specifieke expertise op dit gebied. Wijzigingen die niet op voorhand door een organisator worden doorgegeven kunnen alleen worden geconstateerd aan de hand van toezicht op het evenement. Aangezien toezicht op evenementen (m.u.v. de grote evenementen) slechts zeer beperkt plaatsvindt bestaat het risico dat onveilige situaties niet (op voorhand) worden onderkend. Door de hulpdiensten is de zorg uitgesproken dat evenementen, in de jaren dat de vergunning geldig is, als gevolg van telkens (kleine) wijzigingen uiteindelijk toch substantieel wijzigen waardoor een (vanuit veiligheidsoogpunt) geheel andere situatie kan ontstaan dan vergund en bekend bij de gemeente en hulpdiensten.

De meerjarige evenementenvergunning draagt daarnaast naar verwachting ook niet bij aan bewustwording op het gebied van veiligheid e.d. aangezien een evenementenorganisator zich hier slechts eenmaal per vier jaar in hoeft te verdiepen. Ook vanuit de hulpdiensten wordt dit punt als belangrijk aangegeven.

Indien een organisator wijzigingen t.a.v. een evenement aangeeft dan moet de vergunning worden aangepast middels een wijzigingsvergunning. Voor enkele evenementen geldt zelfs dat in de afgelopen vier jaar meerdere wijzigingsvergunningen zijn verleend waardoor een onoverzichtelijke situatie kan ontstaan voor de aanvrager maar ook voor de gemeentelijke handhavers of andere toezichthoudende partijen.

Ook als een evenement in principe ongewijzigd plaatsvindt kan het gebeuren dat in meerjarige vergunningen en de daarbij behorende documenten gegevens zijn opgenomen die niet meer actueel zijn. Hierbij valt te denken aan namen, instanties, telefoonnummers en procedures in bijvoorbeeld calamiteitenplannen. Als deze wijzigingen niet worden doorgegeven kan het gebeuren dat gemeente, organisatie of hulpdiensten in geval van calamiteiten niet over betrouwbare gegevens beschikken. Dit kan leiden tot veiligheidsrisico’s.

Wijzigingen in regelgeving

De op evenementen van toepassing zijnde regelgeving is aan verandering onderhevig.

Het risico bestaat daardoor dat meerjarige vergunningen om die reden niet meer actueel zijn. Dit zou kunnen leiden tot aansprakelijkheidsrisico’s.

De (administratieve) lastenverlichting van de aanvrager

De meerjarige vergunning is destijds in het leven geroepen om een lastenverlichting te realiseren voor aanvragers van evenementenvergunningen. De meerjarige vergunning biedt een lastenverlichting op financieel gebied doordat slechts eenmaal per 4 jaar leges behoeven te worden betaald. Overigens blijft het financiële voordeel voor veel evenementenorganisatoren beperkt. De legesverordening van de gemeente Roosendaal kent immers al een vrijstelling voor een groot deel van de organisatoren (artikel 4 legesverordening) waardoor in veel gevallen nu al alleen voor de bijbehorende ontheffing betaald hoeft te worden (in 2018 geldt zelfs een vrijstelling voor iedereen). De meerjarige evenementenvergunning biedt daarnaast een zekere administratieve lastenverlichting nu men, mits zich geen relevante wijzigingen voordoen, kan volstaan met het indienen van een melding waarin wordt aangegeven wanneer het evenement in het betreffende kalenderjaar zal plaats vinden. Het is niet nodig elk jaar opnieuw een vergunning aan te vragen. Het verminderende effect op de administratieve lasten van de meerjarige vergunning voor de organisator moet echter niet worden overschat. De basisdocumenten voor de vergunningaanvraag heeft de organisator tegenwoordig veelal digitaal beschikbaar. Hij hoeft die documenten alleen aan te passen op de wijzigingen die gaan gelden voor de eerstvolgende editie van het evenement.

Effect van het jaarlijkse meldingssysteem

In de meerjarige evenementenvergunningen is de voorwaarde opgenomen dat evenementen jaarlijks voor 1 december gemeld moeten worden voor het daaropvolgende kalenderjaar. Indien dit niet gebeurd kan de evenementenvergunning worden ingetrokken. Doel van dit voorschrift is om vroegtijdig een overzicht van evenementen in het daaropvolgende jaar te verkrijgen. In de praktijk komt het regelmatig voor dat evenementenorganisatoren te laat melden dan wel alleen melden indien zij door Team Vergunning nog eens op hun meldingsplicht gewezen worden. In geen van deze gevallen is de vergunning ook daadwerkelijk ingetrokken. Telkens zijn de melding, ondanks het soms zeer late moment waarop deze worden ingediend, toch afgehandeld. Het jaarlijks meldingssysteem heeft daarmee op dit punt niet volledig tot het gewenste resultaat geleid.

Daarnaast vervalt door het meldingensysteem de mogelijkheid van een jaarlijks afstemmingsmoment tussen alle (adviserende) partijen.

De administratieve lastenverlichting bij de gemeente

Bij het in het leven roepen van de meerjarige evenementenvergunning is ook aangenomen dat er een tijdsbesparing bij de gemeente zou optreden nu niet meer jaarlijks voor elk evenement een vergunning verleend hoefde te worden. In de praktijk blijkt er inderdaad sprake te zijn van een tijdsbesparing al lijkt deze minder groot te zijn dan verwacht.

  • Bepaalde aanvragers moeten nog steeds jaarlijks herinnerd worden aan het feit dat er een melding ingediend moet worden.

  • Meldingen moeten nog steeds geregistreerd worden in het vergunningensysteem.

  • Er moet nog steeds gecontroleerd worden of de gewenste datum beschikbaar is en of het terrein beschikbaar is in relatie tot werkzaamheden, omleidingen etc.

  • In bepaalde gevallen (bij de grotere evenementen) moet nog steeds de nodige afstemming plaatsvinden.

  • De beschikbaarheid van de locatie moet nog steeds schriftelijk bevestigd worden.

  • De melding van het evenement wordt gepubliceerd zodat een ieder er kennis van kan nemen.

  • Regelmatig moeten stukken opnieuw verstrekt worden aan adviserende diensten/partners.

Eens in de paar jaar moeten grote aantallen vergunningen opnieuw nagelopen en opnieuw verleend dan wel verlengd worden. 2018 is zo’n jaar. Hiermee is in de capaciteitsplanning 2018 reeds rekening gehouden.

De meerjarige vergunning in relatie tot het hanteren van een evenementenkalender en het hebben van schaarse vergunningen

Eind 2016 (2 november 2016) heeft de afdeling bestuursrecht van de Raad van State een uitspraak gedaan inzake de zgn. “schaarse vergunning”. Van een schaarse vergunning is sprake indien het aantal uit te geven vergunningen beperkt is en de vraag in potentie groter is dan het aanbod. Door het nieuwe evenementenbeleid zal naar verwachting een schaarste ontstaan op bepaalde specifiek aangewezen evenementenlocaties. Gelet op de jurisprudentie bestaat het risico dat de meerjarige vergunning een rechterlijke toets niet zal doorstaan omdat deze zich niet verhoudt met het gegeven dat ook andere partijen de mogelijkheid moeten hebben om in aanmerking te komen voor een evenementenvergunning.

De meerjarige vergunning in relatie tot de gewenste kwaliteitsimpuls/ vernieuwing van het evenementenprogramma en de aanwezig druk op een aantal evenementenlocaties

Uit het “Beleidskader Evenementen In Roosendaal” dat eind 2017 is vastgesteld door de Raad blijkt dat de behoefte bestaat om het evenementenaanbod te verbijzonderen, verbeteren en verbreden. Er bestaat behoefte aan ruimte voor festivals en een behoefte om te kunnen sturen op een evenwichtig en verantwoord evenementenbeleid. Om dit te kunnen bewerkstelligen is flexibiliteit benodigd. Het kunnen insprinen op de markt, ontwikkelingen en behoeften. Door meerjarige vergunningen te verlenen zal het evenementenprogramma voor meerdere jaren worden vastgelegd. Dit geldt zeker op de populairdere evenementenlocaties. Hierdoor zal niet tot nauwelijks ruimte zijn voor de gewenste vernieuwing, verbijzondering en verbreding. Sturing is slechts eenmaal per 4 jaar mogelijk.

De meerjarige vergunning in relatie tot de geboden rechtsbescherming voor derden belanghebbenden

Om in aanmerking te komen voor een meerjarige evenementenvergunning moet een evenement tenminste éénmaal eerder hebben plaatsgevonden. De ervaring heeft geleerd dat één editie van een evenement eigenlijk onvoldoende inzicht biedt in het evenement en de evenementenorganisator. In de praktijk is gebleken dat het feit dat een evenement éénmaal zonder klachten of incidenten heeft plaatsgevonden niet betekend dat dit in de daarop volgende edities ook het geval zal zijn. De afgelopen jaren hebben ook uitgewezen dat omwonenden van evenementen steeds mondiger worden als het gaat om de overlast die zij als gevolg van evenementen ervaren. Steeds vaker blijkt dat de grenzen van wat men acceptabel acht worden bereikt. Is een meerjarige vergunning echter eenmaal onherroepelijk geworden dan zijn er voor een omwonenden geen mogelijkheden meer zijn of haar bezwaren tegen het evenement mee te laten wegen bij volgende edities. Men zit dan meerdere jaren met het evenement “opgescheept”. De rechtsbescherming van de omwonenden is hierdoor beperkt.

Gevolgen meerjarige evenementenvergunning voor hulpdiensten, toezichthoudende partijen en stakeholders

Tot slot is ook gebleken dat het werken met meerjarige vergunning niet alleen aanpassing vergt van de gemeentelijk organisatie. Ook onze adviserende diensten en diensten met een toezichthoudende taak moeten toegerust zijn op het werken met een meerjarig vergunningensysteem. Dit vergt van hen namelijk ook dat zij verleende vergunningen voor deze periode bewaren, hierover communiceren met hun achterban en ook de juiste calamiteitenplannen voorhanden hebben. Regelmatig zijn stukken in de afgelopen jaren opnieuw verstrekt omdat zij bij de desbetreffende dienst niet meer beschikbaar bleken. Dit leidt ook bij deze diensten tot een risico dat wellicht niet de laatste versie van een document beschikbaar is. Hulpdiensten werken vaak voor meerdere gemeenten of zelfs regiobreed. Een van de hulpdiensten geeft specifiek aan dat het voor hen niet is bij te houden of en wat er is aangepast.

Conclusies

De meerjarige vergunning heeft geleid tot een financiële lastenverlichting voor de aanvragers van evenementen. Het verminderde effect op de administratieve lastenverlichting voor de organistoren is beperkt. Daarbij kan worden gesteld dat het algemeen belang dat is gediend met een actuele en adequate vergunning met bijbehorende documenten zwaarder dient te wegen dan een beperkte vermindering van administratieve lasten.

Voor de gemeente geldt dat in de afgelopen jaren toch nog regelmatig contact nodig was met diverse partijen als gevolg van het ontbreken van meldingen, wijzigingen en vragen. De meerjarige vergunning staat ook op gespannen voet met “de schaarse vergunning”, de steeds grotere rol van veiligheid en gezondheid bij evenementen en de rechtsbescherming van omwonenden van een evenement.

In de evenementennota wordt de wens geuit om het evenementenaanbod te verbijzonderen, verbeteren en verbreden. Daarnaast bestaat een behoefte aan een juiste balans tussen levendigheid en leefbaarheid. De meerjarige evenementenvergunning beperkt de mogelijkheden hiertoe.

Aanbevelingen

Aanbevolen wordt:

  • Niet langer een systeem van meerjarige evenementenvergunningen te hanteren.

  • Om toch een zekere lastenverlichting voor aanvragers van evenementen te realiseren de mogelijkheid te onderzoeken om de leges zodanig aan te passen dat de financiële lastenverlichting zoveel mogelijk behouden wordt. 2018 Kan benut worden om hier onderzoek naar te doen. Doordat in 2018 geen leges worden geheven voor evenementenvergunning zullen de evenementenorganisatoren hierdoor niet of nauwelijks benadeeld worden.

Bijlage 4 Activiteiten in het luchtruim

Luchtvaart

Gedeputeerde Staten (GS) van Noord-Brabant hebben beleidsregels vastgesteld voor de ontheffingen voor tijdelijk en uitzonderlijk gebruik van luchtvaart in Noord-Brabant. De Provincie kan op basis daarvan ontheffingen verlenen voor het tijdelijk gebruiken van terreinen, voor het opstijgen en landen van bijvoorbeeld helikopters en luchtballonen (zogenaamde TUG-ontheffingen).

Er bestaan drie soorten TUG-ontheffingen:

  • Locatiegebonden ontheffing

    De locatiegebonden ontheffing betreft, zoals de naam al zegt, een ontheffing die is verbonden aan een bepaalde locatie voor meerdere starts en landingen op één dag, maar wel met een maximum van 12 dagen per jaar en per terrein.

  • Generieke ontheffing

    De generieke ontheffing is geldig binnen de Provincie Noord-Brabant, met een melding 24 uur van te voren, voor maximaal 2x2-vliegbewegingen (= 2 vluchten) per dag, voor maximaal 12 dagen per jaar per terrein en af te geven voor maximaal 12 maanden.

  • Combinatie generieke en locatiegebonden ontheffing

    Een combinatie van de locatiegebonden en generieke ontheffing is bijvoorbeeld mogelijk wanneer een aantal vliegbewegingen zijn gewenst, maar vooralsnog onbekend is wanneer deze vluchten zullen plaatsvinden. Deze ontheffing is geldig voor maximaal 24 vluchten per jaar die vrij kunnen worden gebruikt over een aantal dagen met een maximum van 12 dagen.

Vliegen met drones

Voor het vliegen met drones gelden regels. Ook met een kleine speelgoeddrone bent u ‘gebruiker van het luchtruim’ en gelden de luchtverkeersregels. De gemeente Roosendaal ligt binnen de straal van de ‘no fly zone’ van vliegbasis Woensdrecht. Dit betekent dat u in onze gemeente niet met drones mag vliegen. Doet u dit wel, dan riskeert u een boete of een inbeslagname van de drone.

De regels voor het vliegen met drones

  • U mag niet binnen een straal van 3 kilometer van no fly zones vliegen. De gemeente valt binnen deze straal en daardoor is vliegen met drones in onze gemeente niet toegestaan.

  • Dat u in onze gemeente als particulier niet mag vliegen met drones, betekent niet dat u nergens anders mag vliegen met uw drone. Op www.veiligvliegen.nl leest u aan welke regels u moet voldoen en waar zich in Nederland nog meer no fly zones bevinden.

Commercieel gebruik van drones

Voor het beroepsmatig vliegen met drones, bijvoorbeeld om in opdracht foto’s te maken of om inspecties te doen heeft u een certificaat nodig en moet u aan specifieke regels voldoen. Meer informatie daarover is te vinden op www.rijksoverheid.nl/drones.

Handhaving

Handhaving van de regels voor het vliegen met drones ligt bij team Toezicht en Handhaving van de gemeente, de politie en de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) . Voor het niet naleven van de regels kan een boete worden gegeven en kan de drone in beslag worden genomen.

Meer informatie

Meer informatie over veilig vliegen met drones vindt u op de website van de Rijksoverheid.

Ballonnen oplaten

Jarenlang was het gebruikelijk dat er geen vergunning nodig was voor het oplaten van ballonnen tijdens een evenement of bij andere activiteiten in het de openbare ruimte. Dit is echter geen vanzelfsprekendheid meer. Om milieubelasting te voorkomen wordt steeds vaker afgeraden om ballonen op te laten. In deze geldt het volgende:

  • Geen vergunning is nodig als de doorsnee van de (speelgoed)ballonnen minder is dan 75 cm en het aantal ballonnen niet meer bedraagt dan 1000 stuks.

  • Voor het oplaten van meer dan 1.000 speelgoedballonnen is volgens de Luchtvaartwet een vergunning nodig die aangevraagd dient te worden bij de Luchtverkeersleiding Nederland.

    De regels zijn te vinden in de landelijke regeling kabelvliegers en kleine ballons.

  • Voor het oplaten van wensballonnen, geluksballonnen zijn aparte voorschriften van toepassing die zijn opgesteld door de Voedsel en Warenautoriteit (VWA).


Noot
1

Voor een verdere uitleg wat wordt verstaan onder het begrip evenement geldt als toetsingskader ook jurisprudentie en met name de uitleg zoals die is gegeven in de toelichting op de modelverordening van de VNG.

Noot
2

zoals gedefinieerd in de paragraaf “Definitie evenement en vergunningplicht”

Noot
3

De compacte binnenstad is het gebied gelegen tussen en aan de binnenstadsring gevormd door de straten: Laan van Brabant, Hendrik Gerard Dirckxstraat, Stationsstraat, Vughtstraat, Kloosterstraat, Burgemeester Prinsensingel, Nispensestraat, Laan van Luxemburg, Laan van Limburg.

Noot
4

Voor een vergunning voor reeds bestaande evenementen geldt een uiterlijke indieningstermijn van 8 weken; voor nieuwe evenementen is dat een termijn van 14 weken (zie APV). Het is echter verstandig om een vergunning veel eerder aan te vragen.

Noot
5

Toelichting:

- Als we het hebben over dB staan de letters (A) en (C) voor het toegepaste filter in de geluidsmeting. Het menselijk oor is gevoelig voor tonen tot een bepaald niveau (ca. 55-60 dB). De meeste mensen ervaren de lage tonen als grootste overlast. Het A-filter werkt niet goed bij metingen tijdens muziek met veel lage tonen. Daarom wordt hiervoor het C-filter gehanteerd.

- De “weekend”-eindtijden betreffen vrijdag- + zaterdagavond (dus niet de zondag!)

- De feestdagen worden concreet aangeduid in de beleidsregels.

- Als veiligheidsmaatregel kan een later tijdstip bepaald worden, om getrapt af te kunnen bouwen. 

Noot
6

Het betreft hier de artikelen uit APV d.d. maart 2018; hierbij dient te worden opgemerkt dat de APV met regelmaat wordt aangepast.