Verordening ter uitvoering van het bepaalde in de artikelen 3, 4, 1e en 3e lid en 7, 2e lid Zondagswet

Geldend van 14-02-1954 t/m heden

Intitulé

Verordening ter uitvoering van het bepaalde in de artikelen 3, 4, 1e en 3e lid en 7, 2e lid Zondagswet

De raad stelt vast:

Verordening ter uitvoering van het bepaalde in de artikelen 3, 4, 1e en 3e lid en 7, 2e lid Zondagswet

Artikel 1

Het bepaalde in artikel 2 van de Zondagswet geldt mede voor 15 augustus (Maria Hemelvaart) en 1 november (Allerheiligen).

Artikel 2

De burgemeester is bevoegd ontheffing te verlenen van het verbod, bedoeld in artikel 2, 1e lid van de Zondagswet van 13 uur tot 24 uur op alle zondagen en daarmede door de wet gelijkgestelde dagen, wanneer deze ontheffing uit hoofde van een sociaal of cultureel belang of op grond van tradities door hem noodzakelijk wordt geacht, voetbal-, andere sportwedstrijden of vermakelijkheden worden gegeven of muziekuitvoeringen worden gegeven.

Artikel 3

De burgemeester is bevoegd ontheffing te verlenen van het verbod, bedoeld in artikel 4, 1e lid van de Zondagswet op alle zondagen en daarmede door de wet gelijkgestelde dagen, wanneer deze ontheffing uit hoofde van een sociaal of cultureel belang of op grond van tradities door hem noodzakelijk wordt geacht.

Artikel 4

Deze verordening treedt in werking op 14 februari 1954. Deze verordening onmiddellijk na vaststelling doen afkondigen. Zijnde deze verordening aan Gedeputeerde Staten van Limburg volgens hun bericht van 27 februari 1954, 4e afdeling, no. B 4810, in afschrift medegedeeld. En is afkondiging van deze verordening geschied waar het behoort, 12 februari 1954.

Ondertekening

Aldus vastgesteld door de raad der gemeente Kerkrade in zijn openbare vergadering van 12 februari 1954.
De voorzitter, de secretaris,