Verordening intergemeentelijke commissie Bezwaarschriften gemeenten Bernheze en Maasdonk 2010

Geldend van 12-06-2010 t/m heden

Intitulé

Verordening intergemeentelijke commissie Bezwaarschriften gemeenten Bernheze en Maasdonk 2010

De raad, het college en de burgemeester van de gemeente Bernheze;

ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft;

gezien het bijbehorende voorstel van burgemeester en wethouders van 9 februari 2010;

gelet op (artikel 7:13 van) de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en (artikel 149) van de Gemeentewet;

b e s l u i t e n :

  • 1.

    een intergemeentelijke commissie Bezwaarschriften gemeenten Bernheze – Maasdonk in te stellen;

  • 2.

    de onderstaande Verordening intergemeentelijke commissie Bezwaarschriften gemeenten Bernheze

    en Maasdonk 2010 vast te stellen.

  • 3.

    het college opdracht te geven zo spoedig als mogelijk uitvoering te geven aan dit besluit.

Titeldeel 1 Verordening intergemeentelijke commissie Bezwaarschriften gemeenten Bernheze en Maasdonk 2010.

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen;

  • b.

    commissie: vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften.

Artikel 2 Inleidende bepaling commissie

Er is een gezamenlijke commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raden, de colleges en de burgemeesters van de gemeenten Bernheze en Maasdonk.De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van:

  • a.

    een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet waardering onroerende zaken;

  • b.

    personele aangelegenheden;

  • c.

    sociale zaken, met uitzondering van bezwaarschriften op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).

Artikel 3 Samenstelling van de commissie
  • 1 De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden.

  • 2 De voorzitter en de leden worden door de colleges van Bernheze en Maasdonk benoemd, geschorst en ontslagen.

  • 3 De colleges benoemen een aantal plaatsvervangende leden.

  • 4 De commissie regelt de vervanging van de voorzitter.

Artikel 4 Secretarissen
  • 1 De secretarissen van de commissie zijn door de colleges aangewezen ambtenaren.

  • 2 De colleges wijzen tevens een of meer plaatsvervangers van de secretarissen aan.

Artikel 5 Zittingsduur
  • 1 De voorzitter en de leden van de commissie worden benoemd voor een termijn van vier jaar. Het is mogelijk twee keer herbenoemd te worden.

  • 2 De voorzitter en de leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het college.

  • 3 De aftredende of ontslag nemende voorzitter of leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien.

Artikel 6 Ingediend bezwaarschrift
  • 1 Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend.

  • 2 Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt binnen zeven werkdagen in handen

    van het secretariaat van de commissie gesteld.

Artikel 7 Bemiddeling

De commissie onderzoekt of de zaak in der minne kan worden geschikt alvorens de zaak in behandeling wordt

genomen. De secretaris verricht daartoe de nodige handelingen.

Artikel 8 Uitoefening bevoegdheden

De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de Awb worden voor de toepassing van deze

verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie:

  • a.

    artikel 2:1, tweede lid;

  • b.

    artikel 6:6, wat betreft het de indiener stellen van een termijn;

  • c.

    artikel 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door decommissie;

  • d.

    artikel 7:4, tweede lid;e. artikel 7:6, vierde lid.

Artikel 9 Vooronderzoek
  • 1 De voorzitter van de commissie is bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen.

  • 2 De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist.

Artikel 10 Hoorzitting
  • 1 De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belang-hebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen.

  • 2 De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Awb.

  • 3 Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hijdaarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan.

Artikel 11 Uitnodiging zitting
  • 1 De voorzitter nodigt de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten minste twee weken voor de zitting schriftelijk uit.

  • 2 Binnen drie dagen na de uitnodiging kunnen de belanghebbenden of het verwerend orgaanonder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen.

  • 3 De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt uiterlijk één week voor het tijdstip vande zitting aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan meegedeeld.

  • 4 De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staanvan de termijnen die genoemd zijn in het eerste tot en met het derde lid.

Artikel 12 Quorum

Voor het houden van een zitting is vereist dat de meerderheid van het aantal leden, onder wie in elk geval

de voorzitter, of zijn plaatsvervanger, aanwezig is.

Artikel 13 Niet-deelneming aan de behandeling

De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift

indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Zij laten zich zo nodig vervangen.

Artikel 14 Openbaarheid zitting
  • 1 De zitting van de commissie is openbaar.

  • 2 De deuren kunnen worden gesloten indien de voorzitter van de commissie of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet.

  • 3 Indien de commissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegenopenbaarheid van de zitting verzetten, vindt de zitting plaats achter gesloten deuren.

  • 4 De zitting van de commissie vindt in ieder geval achter gesloten deuren plaats wat betreftbezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van de Wmo.

Artikel 15 Schriftelijke verslaglegging
  • 1 Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 Awb vermeldt de namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid.

  • 2 Het verslag houdt een zakelijke vermelding in van wat over en weer is gezegd en wat verderter zitting is voorgevallen.

  • 3 Indien de zitting geheel of gedeeltelijk achter gesloten deuren plaatsvond, of indien be- langhebbenden, respectievelijk hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag hiervan melding.

  • 4 Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag kunnenworden gehecht.

  • 5 Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de commissie.

Artikel 16 Nader onderzoek
  • 1 Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies wordt opgesteld, nader onderzoekwenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de anderecommissieleden dit onderzoek houden.

  • 2 De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden toegezonden.

  • 3 De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden kunnen binneneen week na verzending van de nadere informatie aan de voorzitter van de commissie eenverzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op zo'nverzoek.

  • 4 Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben opde hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

Artikel 17 Raadkamer en advies
  • 1 De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies.

  • 2 De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies.

  • 3 Indien bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter.

  • 4 Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt indien die minderheiddat verlangt.

  • 5 Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift.

  • 6 Indien in het bezwaarschrift een verzoek om proceskostenvergoeding is opgenomen omvathet advies tevens een beoordeling van dat verzoek.Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de commissie ondertekend.

Artikel 18 Uitbrengen advies en verdaging
  • 1 Het advies wordt, onder medezending van het verslag, bedoeld in artikel 15 en eventueeldoor de commissie ontvangen nadere informatie en nader verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen.

  • 2 Indien naar het oordeel van de voorzitter van de commissie de termijn van 12 weken, genoemd in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt hij het verwerend orgaan tijdig de beslissing te verdagen.

  • 3 Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en de belanghebbenden een afschrift.

Artikel 19 Jaarverslag

De commissie brengt jaarlijks vóór 1 juli verslag uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar.

Artikel 20 Intrekking oude regeling

Bij inwerkingtreding van deze verordening wordt de Verordening behandeling Bezwaarschriften 2006, zoals nadien gewijzigd, ingetrokken.

Artikel 21 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de achtste dag na de bekendmaking ervan.

Artikel 22 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening intergemeentelijke commissie Bezwaarschriften gemeenten Bernheze en Maasdonk 2010.

Ondertekening

Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Bernheze in zijn openbare vergadering van 27 mei 2010.
DE RAAD VOORNOEMD,
de griffier,
de voorzitter,
J.H.M. van den Oever
A.A.M.M. Heijmans